Gemeenteblad van Amsterdam
| Datum publicatie | Organisatie | Jaargang en nummer | Rubriek |
|---|---|---|---|
| Amsterdam | Gemeenteblad 2025, 448328 | algemeen verbindend voorschrift (verordening) |
Zoals vergunningen, bouwplannen en lokale regelgeving.
Adressen en contactpersonen van overheidsorganisaties.
U bent hier:
| Datum publicatie | Organisatie | Jaargang en nummer | Rubriek |
|---|---|---|---|
| Amsterdam | Gemeenteblad 2025, 448328 | algemeen verbindend voorschrift (verordening) |
Besluit van de raad van de gemeente Amsterdam tot wijziging van de Referendumverordening Amsterdam
de Referendumverordening Amsterdam als volgt te wijzigen:
In artikel 1, wordt de volgende definitie toegevoegd:
wijzigingsverzoek: verzoek van initiatiefnemers om over te stappen op een andere referendumvorm namelijk van een referendum over een alternatief burgervoorstel op een referendum over een ontwerpraadsbesluit of voorgenomen collegebesluit óf van een referendum over een ontwerpraadsbesluit of voorgenomen collegebesluit op een referendum over een alternatief burgervoorstel.
In artikel 8 worden twee nieuwe leden toegevoegd, luidende:
Artikel 16, vierde lid, komt te luiden:
In artikel 17 worden twee nieuwe leden toegevoegd, luidende:
Artikel 18, derde en vierde lid, komen te luiden:
Een afvaardiging van de raad kan namens de raad in overleg treden met de initiatiefnemers om een compromis te bereiken. De termijn van besluitvorming kan met maximaal twee maanden worden uitgesteld in geval de raad van oordeel is dat er concreet uitzicht bestaat op een compromis tussen een afvaardiging van de raad en de initiatiefnemers. Indien de raad en de initiatiefnemers tot overeenstemming komen, trekken de initiatiefnemers hun inleidende verzoek in. De initiatiefnemers besluiten bij meerderheid.
De raad plaatst een alternatief burgervoorstel waarvoor een inleidend verzoek is ingewilligd zo snel mogelijk maar in ieder geval binnen twee maanden op de agenda van zijn vergadering. De initiatiefnemers worden in de voorbereiding van de besluitvorming gehoord als bedoeld in artikel 16, eerste lid.
Artikel 19, eerste lid, komt te luiden:
Wanneer de termijn voor herstel als bedoeld in artikel 16 nog niet is verstreken of een inleidend verzoek wordt ingewilligd, wordt de besluitvorming over het ontwerpraadsbesluit zoals dat luidt na verwerking van eventuele aangenomen amendementen dan wel het voorgenomen collegebesluit waarop het verzoek zich richt, aangehouden tot maximaal twee maanden nadat het referendum heeft plaatsgevonden dan wel tot onherroepelijk vaststaat dat geen referendum wordt gehouden.
Artikel 23, derde lid, komt te luiden:
Artikel 24, eerste lid, komt te luiden:
Artikel 27 Ondersteuning wijzigingsverzoek
Artikel 8, leden 1 t/m 8 zijn van toepassing, waarbij voor ‘inleidend verzoek’ ‘wijzigingsverzoek’ gelezen moet worden.
In artikel 29, derde lid, komt te luiden:
Artikel 30, derde en vierde lid, komen te luiden:
Een afvaardiging van de raad kan namens de raad in overleg treden met de initiatiefnemers om een compromis te bereiken. De termijn van besluitvorming kan met maximaal twee maanden worden uitgesteld in geval de raad van oordeel is dat er concreet uitzicht bestaat op een compromis tussen een afvaardiging van de raad en de initiatiefnemers. Indien de raad en de initiatiefnemers tot overeenstemming komen, trekken de initiatiefnemers hun inleidende verzoek in. De initiatiefnemers besluiten bij meerderheid.
De raad plaatst een alternatief burgervoorstel waarvoor een inleidend verzoek is ingewilligd zo snel mogelijk maar in ieder geval binnen twee maanden op de agenda van zijn vergadering. De initiatiefnemers worden in de voorbereiding van de besluitvorming gehoord als bedoeld in artikel 29, eerste lid.
Artikel 31, derde en vierde lid, komen te luiden:
Een afvaardiging van de raad kan namens de raad in overleg treden met de initiatiefnemers om een compromis te bereiken. De termijn van besluitvorming kan met maximaal twee maanden worden uitgesteld in geval de raad van oordeel is dat er concreet uitzicht bestaat op een compromis tussen een afvaardiging van de raad en de initiatiefnemers. Indien de raad en de initiatiefnemers tot overeenstemming komen, trekken de initiatiefnemers hun inleidende verzoek in. De initiatiefnemers besluiten bij meerderheid.
Artikel 37, tweede lid, komt te luiden:
Indien de raad een alternatief raadsvoorstel heeft geformuleerd als bedoeld in artikel 32, stelt het centraal stembureau vast hoeveel stemmen voor het alternatief raadsvoorstel, het volksinitiatief en geen van beide zijn uitgebracht, alsmede het aantal blanco en ongeldige stemmen en het aantal stemmen bij volmacht. Het voorstel dat de meeste stemmen heeft, wordt geacht de voorkeur van de kiesgerechtigde te hebben.
Artikel 43, derde lid, onder d, komt te luiden:
Aldus vastgesteld in de raadsvergadering van 8 oktober 2025.
De voorzitter
Femke Halsema
De raadsgriffier
Jolien Houtman
Deze wijziging behoeft geen nadere toelichting.
Een inleidend verzoek moet ondersteund worden door 1.000 ondersteuningsverklaringen. De ondersteuningsverklaringen kunnen worden ingediend op een door de raad verstrekt formulier. Doorgaans is er voorafgaand aan het indienen van een inleidend verzoek contact tussen initiatiefnemers en de raadsgriffie. De raadsgriffie is het aanspreekpunt voor initiatiefnemers.
De ondersteuningsverklaringen worden gecontroleerd op geldigheid, bijvoorbeeld of de ondersteuningsverklaring is afgegeven door een kiesgerechtigde en/of niet dubbel is ingediend. Nadat de termijn voor het indienen van een ondersteuningsverklaring is geëindigd wordt er een proces-verbaal opgemaakt. Dit proces-verbaal wordt bij de besluitvorming over het inleidende verzoek betrokken. In het geval dat het aantal benodigde geldige ondersteuningsverklaringen binnen de termijn is ontvangen, dan eindigt de mogelijkheid van het indienen van een ondersteuningsverklaring. De ondersteuningsverklaringen die zijn ingediend bij een inleidend verzoek komen te vervallen nadat het inleidende verzoek is ingewilligd.
Speciale aandacht is nodig voor een onderbouwd voorstel die vereist is als onderdeel van een inleidend verzoek voor het alternatief burgervoorstel. Inherent aan deze referendumvorm is dat de initiatiefnemers zich hebben verdiept in het onderwerp waarover men met een alternatief burgervoorstel wil komen. Deze verdieping komt tot uiting in het schrijven van een onderbouwd voorstel. Wanneer dit onderbouwde voorstel is opgesteld of bijna is uitgewerkt kunnen initiatiefnemers een verzoek om ambtelijke ondersteuning doen om het onderbouwde voorstel te checken dan wel aan te vullen op basis van gegevens/informatie die de ambtelijke ondersteuning kan leveren. Het is enkel mogelijk om ambtelijke ondersteuning te vragen wanneer er al een concept onderbouwd voorstel aanwezig is. Doorgaans is er voorafgaand aan het indienen van een inleidend verzoek contact tussen initiatiefnemers en de raadsgriffie. De raadsgriffie is het aanspreekpunt voor initiatiefnemers.
Wanneer een inleidend verzoek niet voldoet aan de vormvereisten dan krijgen de initiatiefnemers eenmalig de gelegenheid om alsnog aan de vormvereisten te voldoen. Aan deze herstelmogelijkheid is geen strikte termijn gekoppeld maar deze termijn kan niet oneindig zijn. Het ligt daarom in de rede om uit te gaan dat de gelegenheid tot herstel niet meer dan twee maanden kan duren.
Deze wijziging behoeft geen nadere toelichting.
Deze wijziging behoeft geen nadere toelichting.
Deze wijziging behoeft geen nadere toelichting.
Deze wijziging behoeft geen nadere toelichting.
Deze wijziging behoeft geen nadere toelichting.
Een wijzigingsverzoek moet ondersteund worden met 1.000 ondersteuningsverklaringen op een door de raad beschikbaar gesteld formulier (elektronisch en/of analoog), en moet een motivering worden gegeven voor het overstappen op een andere referendumvorm.
Het ‘opnieuw’ vragen van 1.000 ondersteuningsverklaringen is nodig omdat duidelijk moet zijn dat voldoende kiesgerechtigden hun ondersteuning geven aan de door de initiatiefnemers beoogde wijziging.
Doorgaans is er voorafgaand aan het indienen van een wijzigingsverzoek contact tussen initiatiefnemers en de raadsgriffie. De raadsgriffie is het aanspreekpunt voor initiatiefnemers.
De ondersteuningsverklaringen worden gecontroleerd op geldigheid, zodat kan worden vastgesteld of de ondersteuningsverklaring is afgegeven door een kiesgerechtigde en of er niet dubbel is ingediend. De ondersteuningsverklaringen die zijn ingediend bij een inleidend verzoek komen te vervallen nadat het inleidende verzoek is ingewilligd. Dit betekent dat opnieuw 1.000 ondersteuningsverklaringen ingediend moeten worden.
De ondersteuningsverklaringen die zijn ingediend voor een inleidend verzoek en/of een wijzigingsverzoek tellen niet mee als ondersteuningsverklaring voor een definitief verzoek. Dit betekent dat de kiesgerechtigde voor het inleidende verzoek een ondersteuningsverklaring kan indienen, later ook voor een wijzigingsverzoek, en weer later voor een definitief verzoek.
Nadat de termijn voor het indienen van een ondersteuningsverklaring is geëindigd wordt er een proces-verbaal opgemaakt. Dit proces-verbaal wordt bij de besluitvorming over het wijzigingsverzoek betrokken. In het geval dat het aantal benodigde geldige ondersteuningsverklaringen binnen de termijn is ontvangen, dan eindigt de mogelijkheid van het indienen van een ondersteuningsverklaring. De ondersteuningsverklaringen die zijn ingediend bij een wijzigingsverzoek komen te vervallen nadat het wijzigingsverzoek is ingewilligd.
Aanvullend hierop wordt ingegaan op een onderbouwd voorstel dat vereist is als onderdeel van een inleidend verzoek voor een volksinitiatiefvoorstel. Bij deze referendumvorm verdiepen initiatiefnemers zich in het onderwerp waarvoor men een volksinitiatief wil indienen. Deze verdieping komt tot uiting in het schrijven van een onderbouwd voorstel. Wanneer dit onderbouwde voorstel is opgesteld of bijna is uitgewerkt kunnen initiatiefnemers een verzoek om ambtelijke ondersteuning doen om het onderbouwde voorstel te checken dan wel aan te vullen op basis van gegevens/informatie die de ambtelijke ondersteuning kan leveren. Het is enkel mogelijk om ambtelijke ondersteuning te vragen wanneer er al een concept onderbouwd voorstel aanwezig is. Doorgaans is er voorafgaand aan het indienen van een inleidend verzoek contact tussen initiatiefnemers en de raadsgriffie. De raadsgriffie is het aanspreekpunt voor initiatiefnemers.
Wanneer een inleidend verzoek niet voldoet aan de vormvereisten dan krijgen de initiatiefnemers eenmalig de gelegenheid om alsnog aan de vormvereisten te voldoen. Aan deze herstelmogelijkheid is geen strikte termijn gekoppeld maar deze termijn kan niet oneindig zijn. Het ligt daarom in de rede om uit te gaan dat de gelegenheid tot herstel niet meer dan twee maanden kan duren.
Deze wijziging behoeft geen nadere toelichting.
Deze wijziging behoeft geen nadere toelichting.
Deze wijziging behoeft geen nadere toelichting.
De voorzitter van de raad is verantwoordelijk voor het uitbrengen van een referendumkrant. Een papieren versie van de referendumkrant wordt uiterlijk twee weken voor het houden van het referendum huis aan huis verspreid. Daarnaast wordt uiterlijk vier weken voor het referendum een toegankelijke digitale versie op de gemeentelijke website beschikbaar gesteld.
Het staat de voorzitter van de raad (of college) vrij om naast het uitbrengen van een referendumkrant ook andere instrumenten in te zetten om neutrale voorlichting over en/of ruchtbaarheid te geven aan het referendum. Dit kan bijvoorbeeld door het maken van een film en deze via lokale media te laten zien of flyers te verspreiden.
De Initiatief- en referendumcommissie houdt toezicht op het gehele referendumproces ter borging van de objectiviteit en onpartijdigheid van de informatie. De Initiatief- en referendumcommissie brengt dus geen advies uit over de redactie van de referendumkrant.
Het college en de initiatiefnemers krijgen gelijke ruimte (ieder krijgt een eigen pagina) voor hun argumenten in de referendumkrant. Er kan en mag dus geen eindredactie plaatsvinden op de argumenten van zowel college en de initiatiefnemers, tenzij dit door college dan wel initiatiefnemers is gewenst. Dit kan er in praktijk toe leiden dat er bijvoorbeeld spelfouten in de teksten kunnen staan. De inhoud van de ‘eigen’ pagina van initiatiefnemers en de ‘eigen’ pagina van het college is een exclusieve verantwoordelijkheid van die initiatiefnemers en die van het college, ieder voor hun ‘eigen’ pagina.
Ook wordt ervoor zorggedragen dat de informatie laagdrempelig en eenduidig is en wordt de mogelijkheid gegeven om de informatie breed te verspreiden bijvoorbeeld via audiovisuele kanalen, geschikt voor laaggeletterden en visueel beperkten. Op die wijze worden deze groepen beter bereikt. Gedacht kan worden aan een korte animatievideo waarin in begrijpelijke taal wordt uitgelegd waar het referendum over gaat – eerst in een notendop, en daarna in meer detail. Ook kunnen hierin aan bod komen de voor- en tegenargumenten en de positie van het college. Ook zijn er positieve ervaringen met een app waarin informatie over een referendum in verschillende talen en gebarentaal beschikbaar is met uitlegvideo’s. Los van het gebruik van een app of korte animatievideo dient op de gemeentelijke website een referendum een plek te hebben waar alle materialen zijn terug te vinden, en waar na het referendum ook de uitslag op te vinden is.
Kopieer de link naar uw clipboard
https://zoek.officielebekendmakingen.nl/gmb-2025-448328.html
De hier aangeboden pdf-bestanden van het Staatsblad, Staatscourant, Tractatenblad, provinciaal blad, gemeenteblad, waterschapsblad en blad gemeenschappelijke regeling vormen de formele bekendmakingen in de zin van de Bekendmakingswet en de Rijkswet goedkeuring en bekendmaking verdragen voor zover ze na 1 juli 2009 zijn uitgegeven. Voor pdf-publicaties van vóór deze datum geldt dat alleen de in papieren vorm uitgegeven bladen formele status hebben; de hier aangeboden elektronische versies daarvan worden bij wijze van service aangeboden.