Gemeenteblad van Baarle-Nassau
| Datum publicatie | Organisatie | Jaargang en nummer | Rubriek |
|---|---|---|---|
| Baarle-Nassau | Gemeenteblad 2025, 445516 | beleidsregel |
Zoals vergunningen, bouwplannen en lokale regelgeving.
Adressen en contactpersonen van overheidsorganisaties.
U bent hier:
| Datum publicatie | Organisatie | Jaargang en nummer | Rubriek |
|---|---|---|---|
| Baarle-Nassau | Gemeenteblad 2025, 445516 | beleidsregel |
Woonwagenbeleid Gemeente Baarle-Nassau 2025
Standplaats: een kavel die bestemd is voor het plaatsen van een woonwagen waarop voorzieningen aanwezig zijn die op het leidingnet van de openbare nutsbedrijven, andere instellingen of van gemeenten kunnen worden aangesloten, zoals omschreven in artikel 1- laatste gedachtestreep sub C van de Woningwet.
Sinds 1 januari 2024 is er een regionaal inschrijfpunt voor standplaatszoekenden; inschrijving vindt plaats op de reeds bestaande website Woning in Zicht. Ook de standplaatszoekenden in Baarle-Nassau staan hier ingeschreven, nadat zij zich al enkele jaren daarvoor bij gemeente Baarle-Nassau hadden aangemeld.
De inschrijftijd bij gemeente Baarle-Nassau wordt toegevoegd aan de inschrijftijd bij Woning in Zicht.
De selectie van kansrijke locaties voor een nieuw woonwagenkamp, gebeurt niet anders dan bij andere bouwplannen, waarbij een goede ruimtelijke ordening een randvoorwaarde is. Vervolgens moet dit verankerd worden in een omgevingsplan. In deze inventarisatie worden ook de wensen van de woonwagenbewoners betrokken. Bij de planvorming rond de aanleg van nieuwe standplaatsen worden ook omwonenden betrokken in de directe omgeving van de beoogde locatie.
Er zijn verschillende eigendomsvormen van standplaatsen en/ of woonwagens en deze kunnen verschillen van locatie tot locatie. (bron: Onderzoek kosten woonwagenstandplaatsen Ministerie van BZK, oktober 2022). Eigendomsvormen die veelal voorkomen zijn:
In overleg met de woningcorporatie, de gemeente en de toekomstige bewoner(s) wordt bepaald welke eigendomsvorm hier de voorkeur heeft en/of haalbaar is.
Het is voor woonwagenbewoners moeilijker een hypotheek te krijgen, mede hierom zal de behoefte vooral uitgaan naar huurstandplaatsen.
In Baarle-Nassau streven we naar een inclusieve samenleving. Iedereen moet binnen zijn cultuur kunnen meedoen aan onze samenleving en de verantwoordelijkheid als inwoner voor de gemeenschap nemen. Daarbij is veiligheid in de meest brede zin van het woord een belangrijke pijler. Van alle inwoners wordt verlangd zich te houden aan de wetten, regels, normen en waarden van de maatschappij; dat geldt dus ook voor bewoners van woonwagens. Het uitgangspunt is dat voor deze personen dezelfde rechten, maar ook dezelfde plichten gelden als voor iedere andere burger binnen de gemeente Baarle-Nassau. Belangrijk is dat de gemeente in verbinding staat met de bewoners, zoals dat ook in andere wijken het geval is en de ondersteuning biedt die nodig is en men mag verwachten.
Leefbaarheid heeft betrekking op schone, hele en veilige woonwagenstandplaatsen. Het beheer en onderhoud van de openbare ruimte op en rond de woonwagenlocaties is in de gemeentelijke organisatie opgenomen of wordt verzorgd door de woningcorporatie of eigenaar van de grond.
Woonwagens zullen, net als reguliere woningen, moeten voldoen aan de regels uit het omgevingsplan. Een woonwagen moet voldoen aan alle eisen van het Besluit Bouwwerken leefomgeving (voorheen Bouwbesluit).
Het staat woonwagenbewoners vrij om, na het verkrijgen van een omgevingsvergunning, een tweedehandswoonwagen op een standplaats te plaatsen, die (nog) niet voldoet aan de duurzaamheidseisen zoals die nu voor nieuwe woonwagens gelden. Maar net als alle bestaande woningen moeten deze woonwagens op den duur, op basis van de gemeentelijke Transitievisie Warmte en bijbehorende wijkuitvoeringsplannen, (aard)gasloos worden en te allen tijde aan alle duurzaamheidseisen voldoen.
3.3 Rol van de woningcorporatie
Het verhuren van sociale huurwoonwagens is geen wettelijke taak van een gemeente. Het is expliciet een taak van woningcorporaties om te zorgen voor het bouwen, verhuren en beheren van woningen ten behoeve van specifieke doelgroepen zoals woonwagenbewoners. De gemeente is wel verantwoordelijk voor de ruimtelijke ordeningskant van het woonwagenbeleid. Ruimtelijk moet worden ingepast waar standplaatsen liggen en hoeveel dat er zijn. Ook is de gemeente verantwoordelijk voor het beheer van de openbare ruimte en voor handhaving van bijvoorbeeld bouwvoorschriften (brandveiligheid) en openbare orde.
Woningcorporaties hebben onder de Algemene Wet Gelijke Behandeling een zelfstandige verplichting om te voldoen aan de non-discriminatie standaarden.
Woonwagenbewoners die een huishoudinkomen hebben tot aan de inkomensgrenzen, genoemd in artikel 48 van de Woningwet, behoren tot de doelgroep van woningcorporaties. Het ontwikkelen, verhuren en exploiteren van woonwagenlocaties, standplaatsen en woonwagens behoort daarmee tot de kerntaak van de woningcorporaties.
Uit het beleidskader Woonwagenbeleid BZK 2018 is het volgende te concluderen:
De woningcorporatie zorgt voor het plaatsen, verstrekken van huurwoonwagens en de exploitatie ervan. Hierbij dient de kanttekening te worden gemaakt dat de woningcorporatie alleen hoeft te zorgen voor diegenen die tot haar doelgroep behoren, dat zijn de huishoudens met een inkomen lager dan de sociale inkomensgrens.
In het geval van huurstandplaatsen en huurwoonwagens vraagt de gemeente woningcorporatie Leystromen hierin te voorzien. In overleg met de corporaties zal worden bepaald welke investeringsruimte hiervoor beschikbaar is en op welke termijn. Dit wordt opgenomen in de prestatieafspraken die het college maakt met Leystromen.
College en corporaties hanteren het regionale toewijzingssysteem zoals beschreven in het Regionaal handelingsperspectief regio Hart van Brabant 2022, waarbij de volgende uitgangspunten gelden:
Er wordt gewerkt met voorrangsgroepen. Woonwagenbewoners uit gemeente Baarle-Nassau hebben voorrang op woonwagenbewoners uit de regio en op de rest van het land. Dit wordt nader uitgewerkt in onderstaande regels.
Toewijzing op bestaande locaties vindt plaats conform de toewijzingsregels woonwagenstandplaatsen Hart van Brabant. Bij het vaststellen van de punten (op het moment dat er een standplaats vrijkomt op een locatie) en vervolgens het toekennen, gelden de volgende regels:
Bij het aanleggen van nieuwe standplaatsen gelden de volgende uitzonderingen op bovenstaande regeling:
Geïnteresseerden vanuit andere gemeenten mogen wel reageren op de betreffende nieuwe standplaatsen. Als er vanuit de eigen gemeente te weinig geïnteresseerden zijn voor de nieuw aangelegde standplaatsen, wordt daarna het puntenaantal van de overige geïnteresseerden bepaald en op volgorde daarvan worden de resterende standplaatsen toegewezen.
Bij de aanleg van geheel nieuwe woonwagenlocaties (dus geen inbreiding of het toevoegen van standplaatsen aansluitend aan een bestaande locatie), kan er geen sprake zijn van starters of doorstromers. In dat geval wordt er daarom bij alle geïnteresseerden enkel gekeken naar het aantal maanden dat iemand ingeschreven staat, maar dit heeft alleen betrekking op nieuwe standplaatsen. Voor bovenstaande plaatsen gelden bovengenoemde regels.
De periode dat een standplaatszoekende bij een gemeente was ingeschreven wordt toegevoegd aan periode dat deze bij Woning in Zicht is ingeschreven.
(1) Daar waar in de toewijzingsregels “ouders” staat kan in voorkomende gevallen ook “voogd” gelezen worden.
Voor zover artikel 3 en 4 dit toelaten wordt zoveel mogelijk rekening gehouden met een schriftelijk bepaalde voorkeur voor een locatie.
Wanneer een standplaatszoekende (die niet behoort tot de doelgroep van de woningcorporatie) niet over de financiële middelen beschikt om de grond zelf aan te schaffen en de grond niet gehuurd kan worden, is het aan de gemeente om grond aan te kopen en deze vervolgens te verhuren aan de woonwagenbewoner(s). In het geval van Baarle-Nassau gaat het om een perceel voor 3 woonwagens en bergingen. Wanneer de toekomstige bewoner wel tot de doelgroep van de corporatie behoort is de aanschaf van de grond, in overleg met de gemeente, voor rekening van de woningcorporatie.
Een college kan ervoor kiezen om een erfpachtovereenkomst te sluiten. Erfpacht is een zakelijk recht dat de erfpachter de bevoegdheid geeft een anders onroerende zaak te houden en te gebruiken (artikel 5:85 lid 1 BW). Het eigendom van de grond blijft in handen van de oorspronkelijke eigenaar (gemeente), terwijl een aantal rechten die normaal gesproken bij het eigendomsrecht horen in handen van een ander komen (erfpachter).
Als de locaties van nieuwe woonwagenstandplaatsen bekend zijn, vindt verkoop van de gronden plaats. De gemeente verkoopt de grond aan individuele woonwagenbewoners (kopers) of aan een woningcorporatie. De corporatie kan de grond verhuren aan woonwagenbewoners (in principe met huurwoonwagen).
Verkoop van gronden door de gemeente moet aan een aantal eisen voldoen:
De gemeente verkoopt alleen standplaatsen aan mensen die hier op basis van het Woonwagenbeleid gemeente Baarle-Nassau 2025 voor in aanmerking komen. Zijn er meer gegadigden, dan wordt gehandeld volgens het gelijkheidsbeginsel, zodat iedereen gelijke kansen heeft op de koop. De beschikbaarheid, selectieprocedure, het tijdschema en de selectiecriteria moeten voor iedereen inzichtelijk zijn, waarbij de selectiecriteria objectief, toetsbaar en redelijk moeten zijn. Vooral bij onderhandse verkopen is dit belangrijk.
De opgestelde beleidsstukken, eventueel aangevuld met specifieke voorwaarden voor de betreffende locatie, helpen bij het maken van toewijzingskeuzes en zorgen ervoor dat de gemeente naar vertrouwen kan handelen. Alle belanghebbenden (gemeente, standplaatszoekenden, derden, etc.) zijn gebaat bij een transparant verdeelsysteem van schaarse woonwagenstandplaatsen.
Fysiek beheer is een taak van de gemeente:
Sociaal beheer door woningcorporatie, zoals:
Dit beheer sluit aan op het beheer zoals van toepassing op de gehele gemeente Baarle-Nassau.
Wat gebeurt er bij vertrek van een woonwagenbewoner: wanneer een van de bewoners vertrekt zijn er twee opties:
Mochten er geen potentiele nieuwe bewoners zijn en er geen (sub) regionale behoefte bestaan voor standplaatsen in gemeente Baarle-Nassau, dan kan het perceel mogelijk een andere bestemming krijgen.
Artikel 10 Schending van het recht en inschrijving voor standplaats.
Wanneer een meerderjarige bewoner vanwege zijn/ haar handelingen en/of gedragingen een standplaats noodgedwongen anders dan tijdelijk moet verlaten wordt geen nieuwe standplaats toegewezen binnen drie jaar nadat deze hoofdbewoner de oude standplaats heeft verlaten.
Artikel 11 Vervallen van toewijzing
Wanneer een standplaats niet binnen zes maanden na oplevering van de standplaats wordt bewoond vervalt de toewijzing, tenzij in de overeenkomst een langere termijn is vastgelegd.
Het college kan artikel 2.1 buiten toepassing laten of daarvan afwijken, voor zover van toepassing gelet op het belang van de aanvrager leidt tot een onbillijkheid van overwegende aard.
Kopieer de link naar uw clipboard
https://zoek.officielebekendmakingen.nl/gmb-2025-445516.html
De hier aangeboden pdf-bestanden van het Staatsblad, Staatscourant, Tractatenblad, provinciaal blad, gemeenteblad, waterschapsblad en blad gemeenschappelijke regeling vormen de formele bekendmakingen in de zin van de Bekendmakingswet en de Rijkswet goedkeuring en bekendmaking verdragen voor zover ze na 1 juli 2009 zijn uitgegeven. Voor pdf-publicaties van vóór deze datum geldt dat alleen de in papieren vorm uitgegeven bladen formele status hebben; de hier aangeboden elektronische versies daarvan worden bij wijze van service aangeboden.