Besluit ondermandaat directeur Verkeer en Openbare Ruimte

De directeur van het cluster Ruimte en Economie

 

gelet op:

 

  • -

    de artikelen 10:3, eerste lid, artikel 10:9, eerste lid, en artikel 10:12 van de Algemene wet bestuursrecht;

  • -

    Algemeen mandaatbesluit Amsterdam;

  • -

    Besluit mandaat en machtiging directeur Ruimte en Economie, van 16 juni 2020 (Gemeenteblad 2020, nr. 164960);

besluit de volgende regeling vast te stellen:

 

Besluit ondermandaat directeur Verkeer en Openbare Ruimte

Artikel 1  

In dit besluit en daarop berustende bepalingen wordt verstaan onder:

  • a.

    college: het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Amsterdam;

  • b.

    directeur: de directeur van de directie Verkeer en Openbare Ruimte;

  • c.

    gemeente: de gemeente Amsterdam;

  • d.

    stedelijk directeur: de directeur van het cluster Ruimte en Economie.

Artikel 2  

  • 1.

    De directeur neemt bij de aan hem in ondermandaat opgedragen taken of bevoegdheden, de algemene instructies en de instructies per geval overeenkomstig artikel 10:6, eerste lid, van de Algemene wet bestuursrecht in acht.

  • 2.

    Het ondermandaat, tot uitoefening van een bevoegdheid heeft mede betrekking op alle handelingen die binnen het kader van de uitoefening van de bevoegdheid moeten worden verricht, zoals het namens het college of burgemeester ondertekenen van stukken, het voeren van correspondentie, het verzoeken om (aanvullende)informatie, het vragen of geven van advies, het verdagen van beslissingen, het verstrekken van inlichtingen en het voldoen aan publicatieverplichtingen.

  • 3.

    Een krachtens dit besluit genomen primair besluit of verrichte (rechts)handeling

    • a.

      past binnen het bestaande beleid en binnen de wettelijke en gemeentelijke regels;

    • b.

      past binnen het daartoe beschikbaar gestelde budget.

  • 4.

    De directeur is bevoegd ondermandaat te verlenen aan personen die werkzaam zijn bij of voor Verkeer en Openbare Ruimte. Onder personen werkzaam bij of voor Verkeer en Openbare Ruimte worden ook verstaan personen die handelen in opdracht van de directeur met het oog op de uitvoering van de aan hem opgedragen taken en bevoegdheden.

Artikel 3  

De directeur wordt ondermandaat verleend voor het uitoefenen van de hierna volgende bevoegdheden:

  • 1.

    De bevoegdheden opgenomen in de Verordening op het binnenwater 2010 met uitzondering van de bevoegdheid om nadere regels te stellen en de bevoegdheden genoemd in hoofdstuk 4 van de Verordening op het binnenwater 2010.

  • 2.

    Alle bevoegdheden op grond van de Algemene wet bestuursrecht die zien op uitvoering van de Scheepvaartverkeerswet, het Binnenvaartpolitiereglement, het Besluit administratieve bepalingen scheepvaartverkeer en de Verordening op het binnenwater 2010, voor zover opgedragen aan de stedelijk directeur.

  • 3.

    De (nautische) bevoegdheden genoemd in de Scheepvaartverkeerswet en het Besluit administratieve bepalingen scheepvaartverkeer met betrekking tot vaarwegen in beheer of onderhoud bij de gemeente Amsterdam, met uitzondering van de doorgaande vaarroutes te weten: De Kostverlorenvaartroute (ook wel Staande Mast Route) en de Oostroute (ook wel Amstelroute).

  • 4.

    De bevoegdheid een persoon bevoegd te verklaren tot het aan de scheepvaart geven van verkeersinformatie en verkeersaanwijzingen als bedoeld in artikel 5.1., aanhef, onder b., van het Besluit opleidingen en bevoegdheden nautische beroepsbeoefenaren.

Artikel 4  

Het besluit van de stedelijk directeur “Besluit ondermandaat, ondervolmacht en ondermachtiging programmamanager Programma Varen”, van 2 april 2025 (Gemeenteblad 2025, 168437), wordt hierbij ingetrokken.

Artikel 5  

Dit besluit wordt bekendgemaakt in het Elektronisch Gemeenteblad en treedt in werking op 1 oktober 2025.

Amsterdam, 6 oktober 2025

Stedelijk directeur cluster Ruimte en Economie

Nout Verhoeven

Naar boven