Gemeenteblad van Ridderkerk
| Datum publicatie | Organisatie | Jaargang en nummer | Rubriek |
|---|---|---|---|
| Ridderkerk | Gemeenteblad 2025, 434140 | beleidsregel |
Zoals vergunningen, bouwplannen en lokale regelgeving.
Adressen en contactpersonen van overheidsorganisaties.
U bent hier:
| Datum publicatie | Organisatie | Jaargang en nummer | Rubriek |
|---|---|---|---|
| Ridderkerk | Gemeenteblad 2025, 434140 | beleidsregel |
Richtlijn Bewegwijzering Gemeente Ridderkerk
Deze richtlijn Bewegwijzering Gemeente Ridderkerk beschrijft het beleid voor plaatsing, uitvoering en beheer van de lokale en toeristisch-recreatieve bewegwijzering in de gemeente Ridderkerk. De richtlijn moet zorgen voor eenduidigheid in de verwijzing en uniformiteit in de uitvoering. Deze richtlijn is alleen van toepassing op de gemeentelijke wegen1.
In de gemeente Ridderkerk is de lokale en toeristische bewegwijzering uitgevoerd in verschillende uitvoeringen die niet voldoen aan de landelijke richtlijnen voor bewegwijzering. De gemeente heeft daarom het besluit genomen om de lokale en toeristische bewegwijzering op orde te brengen. Tot nu toe had de gemeente Ridderkerk geen beleid voor bewegwijzering, waardoor de huidige bewegwijzering niet eenduidig is uitgevoerd. De vervangingswerkzaamheden vormen een logisch moment om beleid voor bewegwijzering te formuleren, zodat bij uitvoering en plaatsing één lijn kan worden getrokken.
Bewegwijzering vervult een essentiële functie voor de weggebruiker en de wegbeheerder. Door bewegwijzering kan de weggebruiker zijn plaats bepalen en de weg vinden naar zijn bestemming. Bewegwijzering draagt zo bij aan een vlotte en veilige verkeersafwikkeling. Ook met de opkomst van de navigatiesystemen heeft bewegwijzering niets aan belang ingeboet. Gebruikers van deze systemen gebruiken de bewegwijzering als welkome bevestiging dat ze op de goede weg zijn. Door de verwijzing naar lokale (recreatieve) voorzieningen zorgt bewegwijzering daarnaast voor een stimulans van de lokale economie.
Met de richtlijn beoogt de gemeente het volgende:
Met de richtlijn wil de gemeente een duidelijke lijn trekken in welke bestemmingen in de bewegwijzering mogen worden opgenomen. In de richtlijn staat welke objecten en accommodaties in aanmerking komen voor een verwijzing en wat de criteria zijn. Verzoeken van inwoners, bedrijven, stichtingen en verenigingen kunnen aan de hand van de richtlijn op een eenduidige manier worden getoetst. Objecten en accommodaties die in aanmerking komen zijn vooral gericht op bezoekers van buitenaf die niet bekend zijn in de gemeente Ridderkerk.
Naast de richtlijnen voor het plaatsen van een wegwijzer is het voor de wegbeheerder ook belangrijk om te weten waar welke borden staan. Meldingen die binnenkomen over kapotte of ontbrekende wegwijzerborden kunnen efficiënt worden opgepakt als er overzicht en inzicht is in wat waar staat.
Deze richtlijn is een leidraad voor bewegwijzering op de gemeentelijke wegen die onder beheer van de gemeente Ridderkerk valt: de lokale en de toeristisch-recreatieve bewegwijzering voor het gemotoriseerd verkeer en voor de voetgangers. Alle overige bewegwijzering valt niet onder deze richtlijn.
Voetgangersbewegwijzering is een specifieke bewegwijzering in die zin dat landelijke uniformiteit van minder belang is. Wel is van belang dat ter plaatse onbekenden de bewegwijzering gemakkelijk herkennen en begrijpen. De herkenbaarheid kan verhoogd worden door binnen één bewegwijzerd gebied één systeem te gebruiken.
Gemeente Ridderkerk baseert haar bewegwijzeringsbeleid op de richtlijn bewegwijzering 2014 van het CROW (publicatie 322). Hierin zijn de kaders beschreven voor de bewegwijzering van wegen in Nederland. CROW is één van de partijen die zorgt dat de infrastructuur, de openbare ruimte en het verkeer en vervoer in Nederland goed geregeld is.
De CROW-richtlijn omschrijft onder meer de functie van bewegwijzering, de doelstellingen, de eisen waaraan de bewegwijzering moet voldoen, welke doelen in aanmerking komen voor verwijzing en wat het aantal verwijzingen mag zijn per wegcategorie.
De weggebruiker moet de aangeboden locatie- en routeinformatie kunnen lezen en verwerken zonder dat hij snelheid vermindert. Dit is belangrijk voor de doorstroming en verkeersveiligheid. De vier hoofdeisen waaraan bewegwijzering moet voldoen zijn:
Uniformiteit betekent onder andere dat de systematiek, de gebruikte kleuren, het lettertype en het symboolgebruik uniform moeten zijn. En dat in het gehele land in soortgelijke situaties op eenzelfde wijze wordt verwezen. Het aanduidingenbeleid voor Rijk, Provincie en gemeente moet op elkaar afgestemd zijn. Het pictogram voor bijvoorbeeld ziekenhuis is een (inter)nationaal herkenbaar pictogram. De letterhoogte is afhankelijk van het snelheidsregime.
De route naar een bestemming moet zonder onderbreking bewegwijzerd zijn totdat het desbetreffende doel is bereikt of totdat de aanduiding niet meer noodzakelijk is. Dit is van groot belang om twijfel bij de weggebruiker over de te volgen route te voorkomen. In principe wordt de recht doorgaande route niet aangegeven, alleen de afslagen.
De belangrijkste factoren die de leesbaarheid van wegwijzers bepalen, zijn de letterhoogte en het kleurcontrast tussen de teksten en de ondergrond. Hoe groter de letters, hoe groter de afstand waarop wegwijzers leesbaar zijn.
Aanduidingen op bewegwijzering moeten begrijpelijk zijn. Dit betekent dat de plaats- en objectnaam algemeen bekend moeten zijn. De namen van objecten kunnen worden voorzien van een internationaal herkenbaar pictogram. Commerciële bedrijfsuitingen en bedrijfslogo’s zijn niet toegestaan. Ook zelfbedachte logo’s worden niet toegestaan. Per bestemming wordt in principe één pictogram geplaatst, bij uitzondering maximaal twee. Zie bijlage 2 voor een overzicht van gangbare pictogrammen.
3.3 Verwijzingen per wegcategorie
Gemeente Ridderkerk heeft de openbare weg grotendeels ingericht volgens het inrichtingsconcept Duurzaam Veilig. Uit de inrichting van de weg kan de weggebruiker opmaken op wat voor soort weg hij zich bevindt en wat het snelheidsregime is. Het Mobiliteitsplan van de gemeente Ridderkerk (vastgesteld door de raad op 2 juli 2020) geeft de volgende indeling aan:
Gemeente Ridderkerk streeft ernaar om de wegen die nog niet voldoen in te richten conform het inrichtingsconcept Duurzaam Veilig.
Een uniforme inrichting van deze wegtypes verhoogt de herkenbaarheid ervan voor de weggebruikers en beïnvloedt het verkeersgedrag in positieve zin. Ook een uniforme uitvoering van de bewegwijzering per wegcategorie draagt bij aan de herkenbaarheid. Hoe belangrijker de weg voor het doorgaand verkeer is, hoe harder er gereden mag worden en hoe hoogwaardiger de bewegwijzering moet zijn. Dit komt tot uitdrukking in het aantal en het type wegwijzers per locatie, de in de bewegwijzering op te nemen hoeveelheid informatie en de letterhoogte van de opschriften.
Buiten de bebouwde kom gelden de volgende uitgangspunten:
De richtlijn Bewegwijzering van de gemeente Ridderkerk is opgesteld conform lokale en landelijke wet- en regelgeving waarin ook de bevoegdheden van de gemeente zijn vastgelegd.
Het beleid voor de bewegwijzering, deze richtlijn, is opgesteld in opdracht van het college van de gemeente Ridderkerk en vastgesteld op 16 september 2025. Het college is daartoe bevoegd op grond van artikel 4:81 van de Algemene wet bestuursrecht.
Een uitzondering op de richtlijn Bewegwijzering kan gemaakt worden door het college van B&W, mits goed onderbouwd.
De gemeente bepaalt welke bestemmingen in de bewegwijzering mogen worden opgenomen. Die bevoegdheid is juridisch te vinden in artikel 108, eerste lid, van de Gemeentewet: ‘De bevoegdheid tot regeling en bestuur inzake de huishouding van de gemeente wordt aan het gemeentebestuur overgelaten’.
Aanvragen voor opname in de bewegwijzering kunnen bij de gemeente Ridderkerk worden ingediend. De gemeente Ridderkerk beoordeelt of een aanvraag binnen de beleidsregel past.
Indien een object of bestemming in de bewegwijzering wordt opgenomen, gaat de aanvrager hiervoor een schriftelijke overeenkomst aan met de gemeente. In nagenoeg alle gevallen is de gemeente eigenaar van de grond waarop de wegwijzers staan. Ter waarborging van de belangen van beide partijen wordt in de overeenkomst (op privaatrechtelijke basis) een aantal zaken geregeld, waaronder de verantwoordelijkheid voor onderhoud en beheer.
Indien gronden in eigendom zijn bij particulieren of andere (overheids-)instanties moet plaatsing van wegwijzers worden afgestemd met de grondeigenaar.
De gemeente Ridderkerk hanteert een consequente systematiek voor het plaatsen van wegwijzers. Ondernemers en organisaties die een object of doel in de bewegwijzering willen laten opnemen, moeten aan specifieke criteria voldoen.
De Nationale Bewegwijzeringsdienst is verantwoordelijk voor het goed uitvoeren van de bewegwijzering in Nederland, zijnde de bewegwijzering die onder de categorie K-borden valt (de oude ANWB-wegwijzers).
5.1 Systematiek bewegwijzering
Voor de lokale en toeristisch-recreatieve bewegwijzering geldt dat geen aparte verwijzing plaatsvindt zolang de weggebruiker op basis van algemene geografische bewegwijzering naar de bestemming kan rijden (bijvoorbeeld door de aanwijzing ‘Ridderkerk’ op borden te volgen indien de bestemming in Ridderkerk ligt).
Vanaf wegen buiten de bebouwde kom wordt niet verwezen naar bestemmingen binnen de bebouwde kom. Daarvoor kan de weggebruiker immers de borden richting het centrum blijven volgen. Eenmaal binnen de bebouwde kom wordt verwezen naar het specifieke doel. Objecten worden zoveel mogelijk gebundeld tot een terrein of gebied. Eenmaal binnen het terrein of gebied kunnen de afzonderlijke objecten worden aangeduid.
5.2 Lokale objectbewegwijzering
De lokale objectbewegwijzering voor lokale doelen en objecten is herkenbaar aan een blauw bord met zwarte tekst en een zwart symbool in een wit kader. Lokale doelen bestaan uit twee categorieën:
5.2.1 Gebieden/terreinen/parken
De volgende terreinen met een permanent karakter worden meegenomen in de lokale objectbewegwijzering:
Grotere bedrijventerreinen zijn opgenomen in de NBd-bewegwijzering.
Solitaire objecten worden in principe niet opgenomen in de lokale bewegwijzering, behalve als ze een (boven)regionale functie hebben en/of veel onbekend verkeer aantrekken.
In onderstaand overzicht staan de objecten welke in aanmerking komen voor bewegwijzering.
De selectiecriteria zijn ook opgenomen in een stroomschema waarmee eenvoudig kan worden vastgesteld of een bestemming aan de criteria voor verwijzing voldoet (zie hoofdstuk 7).
Bijvoorbeeld scholen, kerken, apotheken, brandweer, huisartsenpraktijken voldoen niet aan de criteria om bewegwijzerd te worden, omdat ze weinig onbekend verkeer aantrekken.
5.3 Toeristisch-recreatieve bewegwijzering
Toeristisch-recreatieve bewegwijzering is alle bebording en informatievoorziening naar objecten met een toeristisch-recreatieve functie, herkenbaar aan de witte tekst op een bruine achtergrond. Voor deze kleurstelling is gekozen vanwege de internationale afstemming voor toeristische verwijzingsobjecten.
De CROW-publicatie 322 typeert recreatieve bestemmingen als: ‘duidelijk waarneembaar begrensd gebied met een beperkt aantal in/toegangen, die door aard, omvang en wijze van beheer zijn ingesteld op bezoek door recreanten/toeristen. Dergelijke bestemmingen zijn gedurende een periode van minimaal zes maanden per jaar geopend. Het kunnen zowel commerciële als niet-commerciële bestemmingen zijn.’
Ondernemers in de recreatiesector zijn primair verantwoordelijk voor de vindbaarheid van hun bedrijf. Ondernemers kunnen de vindbaarheid van hun bedrijf vergroten door het bezoekadres duidelijk te vermelden op alle bedrijfsuitingen en daarbij de opzet van de bewegwijzering te vermelden zoals “..volg Ridderkerk Centrum, daarna ziet u de borden naar ….”. Ook kunnen zij via hun digitale uitingen routebeschrijvingen aanbieden met behulp van routeplanners als Google Maps.
Criteria voor opname in bewegwijzering
Een toeristische bestemming komt alleen in aanmerking voor toeristische bewegwijzering indien wordt voldaan aan de criteria voor dagrecreatie, verblijfsaccommodaties of horeca, zoals beschreven in de volgende paragrafen. Deze selectiecriteria zijn ook opgenomen in een stroomschema waarmee eenvoudig kan worden vastgesteld of een bestemming aan de criteria voor verwijzing voldoet (zie hoofdstuk 7).
Onder dagrecreatie wordt verstaan: een voorziening die door aard, omvang en wijze van beheer is ingesteld op bezoek door recreanten en/of toeristen of een vergelijkbare publieksfunctie heeft. Voor dagrecreatie wordt één criterium toegepast, namelijk openstelling voor publiek gedurende 6 maanden, minimaal 3 dagen in de week. Hierbij wordt geen verschil gemaakt tussen wel of niet commerciële exploitatie.
In deze categorie vallen bijvoorbeeld bezoekerscentra, dagrecreatieterreinen en musea. In onderstaande tabel is aangegeven welke locaties het op dit moment betreft.
Op de borden kan met pictogrammen (zie bijlage 2) worden aangegeven welke activiteiten op de betreffende locaties ondernomen kunnen worden. Locaties kunnen door middel van pictogrammen ook worden gecombineerd. Bijvoorbeeld het pictogram voor ‘kinderboerderij’ op het bord voor het Oosterpark.
5.3.2 Verblijfsaccommodatie (logies)
|
B&B2 |
In Ridderkerk voldoet op dit moment (1-1-2025) alleen Van der Valk aan de minimale capaciteit.
Onder horecabedrijven worden bedrijven verstaan die onder de branchecodering Horeca van de Kamer van Koophandel vallen en waarvan het verstrekken van eten en drinken en het eventueel plaats bieden aan een overnachting, de enige consumptiegerichte activiteiten zijn. Bij een horecabedrijf met verblijfsaccommodatie (hotel) zijn de criteria voor “Verblijfsaccommodatie”-objecten van toepassing.
Andere horecagelegenheden worden niet bewegwijzerd, waaronder eetgelegenheden, restaurants en cafés.
Een uitzondering wordt gemaakt voor horeca buiten bebouwd gebied, ongeacht of deze ook een verblijfsaccommodatie betreft. Deze komt in aanmerking voor bewegwijzering omdat deze vaak minder goed vindbaar is.
In Ridderkerk betreft dit op dit moment (1-1-2025) de volgende locaties:
In het centrum van Ridderkerk wordt voetgangersbewegwijzering toegepast. Voetgangersbewegwijzering kan ook als city marketing worden gezien. Het kan de uitstraling van een gemeente verhogen. In de gemeente Ridderkerk worden een aantal niet-commerciële objecten specifiek voor voetgangers bewegwijzerd anders dan recreatieve wandelroutes. Deze bewegwijzering wordt in het centrum van Ridderkerk toegepast vanaf het busstation, parkeergarage/parkeerplaats en fietsenstalling en vice versa en betreft alleen de objecten die binnen dit gebied liggen. De huidige voetgangersbewegwijzering in het centrum is niet helemaal actueel en verwijst soms naar locaties buiten het centrum. Geadviseerd wordt de volgende locaties op te nemen op de voetgangersbewegwijzering in het centrum (situatie 1-1-2025):
5.4.2 Ondersteunende bewegwijzering voor voetgangers
Het kan voorkomen dat lokale objecten of gebieden (zie 5.2) extra worden bewegwijzerd voor voetgangers om de vindbaarheid voor deze groep te vergroten. Of dit nodig is hangt af van de zichtbaarheid van de lokale bewegwijzering vanaf bijvoorbeeld een bushalte of parkeerplaats. Als dit voor voetgangers onvoldoende zichtbaar is of de logische voetgangersroute wijkt af van de autoroute kan er – indien dit gewenst is - ter ondersteuning voetgangersbewegwijzering worden toegepast.
5.4.3 Extra bewegwijzering voor specifieke locaties
Daarnaast is er een aantal locaties (buiten het centrum) die buiten de lokale object- en toeristische bewegwijzering vallen, waarvan het wenselijk is de zichtbaarheid te vergroten, zodat bijvoorbeeld de entree makkelijker kan worden gevonden.
Dit betreft o.a. (situatie 1-1-2025):
Aanschaf en mutaties van toeristisch-recreatieve borden in de categorie verblijfsaccommodaties (paragraaf 5.3.2) en horeca (paragraaf 5.3.3) komt voor rekening van aanvrager. De gemeente Ridderkerk toetst een aanvraag aan de hand van de opgestelde criteria en zorgt ook voor plaatsing van de borden.
Indien plaatsing gewenst is aan een weg die in beheer is bij een andere wegbeheerder dan de gemeente, moet altijd contact worden opgenomen met de betreffende wegbeheerder. Het aanvragen van vergunning voor plaatsing van deze borden komt voor rekening van de aanvrager.
Voor de overige objecten en locaties komen de kosten voor rekening van de gemeente. Dit betreft:
Het onderhoud van de borden is een verantwoordelijkheid van de gemeente als wegbeheerder en ligt bij de beheerder van het straatmeubilair. De gemeente Ridderkerk pleegt alleen onderhoud aan borden langs wegen die in eigen beheer zijn. De borden die langs de rijks- of waterschapsweg staan, worden onderhouden door Rijkswaterstaat respectievelijk het Waterschap. Onder onderhoud wordt verstaan: zorgen voor een reparatie en het schoonmaken van de lokale- toeristische en recreatieve objectbewegwijzering.
6.4 Heroverweging bestaande bewegwijzering
Bestaande bewegwijzering die niet voldoet aan de richtlijnen, komt te vervallen. Gekeken wordt naar de opzet van verwijzing, uitvoering en naamsvermelding.
De huidige objectverwijzing is in beheer van de gemeente Ridderkerk. Bij het opheffen van objectverwijzingen die niet voldoen aan de richtlijnen, houdt de gemeente rekening met bestaande vergunningen en overeenkomsten. De gemeente Ridderkerk treedt hierover in contact met de vergunninghouder om het nieuwe aanduidingenbeleid uit te leggen en de alternatieve naamvermelding aan te geven.
7. Schema toewijzing bewegwijzering
Aan de hand van onderstaand schema is eenvoudig vast te stellen of een bestemming wel of niet voldoet aan de criteria voor opname in de bewegwijzering. Dit schema is gebaseerd op de landelijke richtlijnen voor de bewegwijzering van het CROW.
|
Om in aanmerking te komen voor bewegwijzering is inschrijving bij de Kamer van Koophandel noodzakelijk |
Het is wettelijk verplicht dat bedrijven, stichtingen en verenigingen zich inschrijven bij de Kamer van Koophandel |
|
|
Toeristische bewegwijzering wordt pas toegepast indien de algemene bewegwijzering naar de woonkernen niet toereikend is |
Dit betekent dat de weggebruiker door het volgen van een woonkern uiteindelijk bij de grens van de bebouwde kom van die kern arriveert, het entreepunt. Vanaf het entreepunt wordt de toeristische bewegwijzering opgepakt3 |
|
|
Voor toeristische objecten wordt qua lay-out geconformeerd aan de landelijke CROW-richtlijnen |
Dit betekent dat voor de toeristische/recreatieve bewegwijzering de bruine/witte borden worden gebruikt |
|
|
Toeristisch/recreatieve bestemmingen worden in een aantal categorieën onderverdeeld met specifieke criteria |
||
|
In deze categorie vallen groepsaccommodaties voor groepen met meer dan 10 personen, hotels met 10 bedden of meer, partycentra, campings met 15 kampeerplaatsen of meer, bungalowparken met meer 15 bungalows of meer en B&B met 4 bedden of meer. |
||
|
In deze categorie vallen bezoekerscentra, dagcampings, dagrecreatieterreinen, dierentuinen en musea die minimaal 6 maanden per jaar toegankelijk zijn en minimaal 3 dagen in de week. Indien een object een unieke uitstraling of betekenis heeft voor de regio zoals een gedenkteken, jachthaven met meer dan 20 ligplaatsen, kerk, molen, monument, natuurreservaat, natuurtuin, ruïne of uitzichtpunt dan wordt deze ook opgenomen in de bewegwijzering |
Voor objecten met een unieke uitstraling of betekenis zijn de feitelijke omstandigheden van belang. Trekt het object veel onbekend verkeer, is er voldoende parkeergelegenheid, is er sprake van ruime openingstijden |
|
|
In deze categorie vallen alle sportaccommodaties en terreinen die door toeristen en/of recreanten gebruikt kunnen worden en commercieel uitgebaat worden en minimaal 6 maanden per jaar, minimaal 5 dagen in de week toegankelijk zijn |
||
|
Voor lokale objecten wordt qua lay-out geconformeerd aan de landelijke CROW-richtlijnen |
Dit betekent dat voor de lokale bewegwijzering de blauw/witte borden worden gebruikt |
|
|
Onderwijsinstellingen trekken nauwelijks onbekend verkeer aan en worden niet opgenomen in de bewegwijzering |
||
|
Zorginstellingen trekken ook onbekend verkeer en worden in de bewegwijzering opgenomen |
||
|
Sportparken/terreinen en sporthallen waar alleen door leden gebruik van gemaakt kan worden, worden ook opgenomen in de bewegwijzering |
||
|
Lokale objecten die ook ter plaatse onbekend verkeer aantrekken worden meegenomen in de lokale bewegwijzering |
Dit betekent dat de volgende lokale objecten worden opgenomen in de lokale bewegwijzering: |
Aldus besloten in de vergadering van het college van burgemeester en wethouders Ridderkerk van 16 september 2025.
Bijlage 1 - Beschrijving materialen
Voor uniformiteit, herkenbaarheid en goed onderhoud en beheer moeten verwijzingsborden en dragers als volgt zijn uitgevoerd:
De toeristische en lokale wegwijzers zijn voorzien van een dubbel omgezette rand (type DOR) en uitgevoerd met een retroreflecterende folie klasse III/US (Ultimate Signing). De folie is van 3M. Ultimate Signing is dé nieuwe kwaliteitsstandaard. De producent garandeert een langere levensduur van 20 jaar. De borden uitgevoerd in klasse III/US hebben de hoogste helderheid en zijn onder alle omstandigheden het beste zichtbaar.
Kopieer de link naar uw clipboard
https://zoek.officielebekendmakingen.nl/gmb-2025-434140.html
De hier aangeboden pdf-bestanden van het Staatsblad, Staatscourant, Tractatenblad, provinciaal blad, gemeenteblad, waterschapsblad en blad gemeenschappelijke regeling vormen de formele bekendmakingen in de zin van de Bekendmakingswet en de Rijkswet goedkeuring en bekendmaking verdragen voor zover ze na 1 juli 2009 zijn uitgegeven. Voor pdf-publicaties van vóór deze datum geldt dat alleen de in papieren vorm uitgegeven bladen formele status hebben; de hier aangeboden elektronische versies daarvan worden bij wijze van service aangeboden.