Verordening rechtspositie decentrale politieke ambtsdragers Veere

Intitulé

Verordening rechtspositie decentrale politieke ambtsdragers Veere

 

De raad van de gemeente Veere;

 

gelet op de artikelen 82, 95, eerste en tweede lid, 96, eerste en tweede lid, 98, 99 van de Gemeentewet en de artikelen 3.1.1, vijfde lid, 3.1.3, eerste lid, 3.1.4, eerste lid, 3.1.4a, 3.1.8, eerste lid, 3.1.9, 3.3.2, 3.3.3, 3.4.1, 3.4.2 en 3.3.8 van het Rechtspositiebesluit decentrale politieke ambtsdragers;

 

gezien het advies van het presidium;

 

b e s l u i t :

 

vast te stellen de Verordening rechtspositie decentrale politieke ambtsdragers Veere,

Artikel 1 Definitiebepalingen

In deze verordening wordt verstaan onder:

a. commissielid: lid van een commissie als bedoeld in de artikelen 82, 83 en 84 van de Gemeentewet, dat niet tevens raadslid is of ambtenaar die als zodanig tot lid van een commissie is benoemd;

b. griffier: de griffier, bedoeld in artikel 107 van de Gemeentewet;

c. raadslid: lid van de gemeenteraad.

Artikel 2. Toelage raadslid onderzoekscommissie en bijzondere commissie:

1. Een raadslid dat lid is van een onderzoekscommissie als bedoeld in artikel 155a, derde lid, van de Gemeentewet wordt voor de duur van de activiteiten van die commissie ten laste van de gemeente een toelage toegekend van € 240,-- per maand.

2. Een raadslid dat lid is van een bijzondere commissie als bedoeld in artikel 3.1.4, eerste lid, van het Rechtspositiebesluit decentrale politieke ambtsdragers wordt voor de duur van de activiteiten van de commissie een toelage toegekend van € 80,-- per maand.

3. Een raadslid dat voorzitter is van een bijzondere commissie als bedoeld in artikel 3.1.4, eerste lid, van het Rechtspositiebesluit decentrale politieke ambtsdragers wordt voor de duur van de activiteiten van de commissie een toelage toegekend van € 120,-- per maand.

4. De werkgeverscommissie zoals bedoeld in Verordening werkgeverscommissie Veere 2012 wordt aangewezen als bijzondere commissie zoals bedoeld in artikel 3.1.4 van het Rechtspositiebesluit decentrale politieke ambtsdragers.

5. De vergoedingen voor onderzoeks- en bijzondere commissies zijn gekoppeld aan de meest recente bedragen in het Rechtspositiebesluit decentrale politieke ambtsdragers. De bedragen zoals genoemd in lid 1 tot en met 3 worden naar rato verhoogd als de bedragen in het Rechtspositiebesluit decentrale politieke ambtsdragers verhoogd worden.

Artikel 2a toelage vaste voorzitter commissie als bedoeld in artikel 82 Gemeentewet

1. De gemeenteraad beslist op basis van de criteria zoals bedoeld in artikel 3.1.4.a van het Rechtspositiebesluit decentrale politieke ambtsdragers of de vaste voorzitter van een commissie als bedoeld in artikel 82 van de Gemeentewet in aanmerking komt voor een toelage.

2. Deze toelage wordt in ieder geval toegekend aan de vaste voorzitters van de volgende commissies: ruimtelijke ordening, maatschappelijke ontwikkeling, integriteit, audit.

3. Aan vaste voorzitters van andere commissies zoals bedoeld in artikel 82 van de Gemeentewet kan een toelage worden verstrekt als uit de verordening waarbij deze commissie is ingesteld blijkt dat het gaat om een commissie zoals bedoeld in artikel 82 van de Gemeentewet.

Artikel 3. Reis- en verblijfkosten raads- en commissieleden voor reizen buiten de gemeente

1. Voor reizen buiten het grondgebied van de gemeente ter uitvoering van een beslissing van het gemeentebestuur worden aan een raads- of commissielid vergoed:

a. De kosten voor het gebruik van openbaar vervoer;

b. Bij gebruik van een eigen auto het maximumbedrag dat door een werkgever aan een werknemer per afgelegde kilometer onbelast kan worden verstrekt.

2. Voor reizen buiten het grondgebied van de gemeente, ter uitvoering van een beslissing van het gemeentebestuur, worden aan een raadslid of commissielid bij gebruik van eigen auto tevens de parkeer-, veer- en tolkosten vergoed;

3. Boetes en naheffingsaanslagen voor parkeren worden niet vergoed.

4. Als een raadslid of commissielid een tijdelijke functionele beperking heeft, kan voor reizen als bedoeld in het eerste lid, een voor de beperking geschikte vervoersvoorziening worden vergoed of ter beschikking gesteld.

o Deze bedragen volgen de in het Rechtspositiebesluit decentrale politieke ambtsdragers vastgestelde maximum bedragen.

5. De noodzakelijke en redelijkerwijs gemaakte werkelijke verblijfkosten die een raadslid of commissielid maakt in verband met reizen buiten het grondgebied ter uitvoering van een beslissing van het gemeentebestuur worden ten laste van de gemeente vergoed.

Artikel 4. Verzekering raadsleden voor arbeidsongeschiktheid, ouderdom en overlijden

1. Het raadslid dat nog niet de pensioengerechtigde leeftijd als bedoeld in artikel 7a van de Algemene Ouderdomswet heeft bereikt, ontvangt per jaar ten laste van de gemeente een bedrag ter hoogte van het bedrag van de vergoeding van de werkzaamheden voor één maand zoals bedoeld in artikel 3.1.1. eerste lid van het Rechtspositiebesluit decentrale politieke ambtsdragers waarmee hij voorzieningen kan treffen ter zake van arbeidsongeschiktheid, ouderdom en overlijden.

2. De jaarlijkse vergoeding zoals bedoeld in lid 1 wordt per maand uitbetaald.

3. De leden 2, 3 en 4 van artikel 3.1.9. van het Rechtspositiebesluit decentrale politieke ambtsdragers zijn van overeenkomstige toepassing.

Artikel 5. Nadere regels niet-partijpolitiek georiënteerde scholing raads- en commissieleden

1. Een raads- of commissielid dat wil deelnemen aan niet-partijpolitiek georiënteerde scholing in verband met de vervulling van zijn functie als bedoeld in artikel 3.3.3 Rechtspositiebesluit decentrale politieke ambtsdragers, dient daartoe vooraf een gemotiveerde aanvraag in bij de griffier.

2. Deze aanvraag gaat vergezeld van stukken met inhoudelijke informatie en een kostenspecificatie.

3. De raad beslist op de aanvraag op basis van de overlegde stukken.

Artikel 6. Informatie- en communicatievoorzieningen raads- en commissieleden

1. Een raads- of commissielid tekent een bruikleenovereenkomst wanneer hem ten laste van de gemeente voor de duur van de uitoefening van zijn functie informatie- en communicatievoorzieningen ter beschikking worden gesteld bedoeld in artikel 3.3.2 Rechtspositiebesluit decentrale politieke ambtsdragers. Het college stelt het model van de bruikleenovereenkomst vast.

2. Een raads- of commissielid levert na beëindiging van zijn functie de ter beschikking gestelde informatie- en communicatievoorzieningen in bij de gemeente.

Artikel 7. Aanwijzing als eindheffingsbestanddeel

1. Als eindheffingsbestanddeel als bedoeld in artikel 31, eerste lid, onderdeel f, van de Wet op de loonbelasting 1964 worden aangewezen de vergoedingen, tegemoetkomingen en verstrekkingen, genoemd in artikel 3.3.8 van het Rechtspositiebesluit decentrale politieke ambtsdragers.

2. Als eindheffingsbestanddeel als bedoeld in artikel 31, eerste lid, onderdeel f, van de Wet op de loonbelasting 1964 worden verder aangewezen de vergoedingen, tegemoetkomingen en verstrekkingen, genoemd in deze verordening, voor zover deze worden gerekend tot een vergoeding, tegemoetkoming of verstrekking als bedoeld in artikel 31a, tweede lid, onderdelen a tot en met h, van de Wet op de Loonbelasting 1964.

Artikel 8. Betaling vaste vergoedingen

Tenzij het Rechtspositiebesluit decentrale politieke ambtsdragers of de Rechtspositieregeling decentrale politieke ambtsdragers anders bepalen, vindt de betaling van de vergoeding van commissieleden, bedoeld in artikel 3.4.1 het Rechtspositiebesluit decentrale politieke ambtsdragers maandelijks plaats met inachtneming van een vergoeding per bijgewoonde vergadering.

Artikel 9. Betaling en declaratie van onkosten

1. Tenzij het Rechtspositiebesluit decentrale politieke ambtsdragers of de Rechtspositieregeling decentrale politieke ambtsdragers anders bepalen, vindt de betaling van kosten die op grond van deze verordening voor vergoeding of tegemoetkoming in aanmerking komen plaats door:

a. betaling uit gemeentelijke middelen, op basis van een rechtstreeks aan de gemeente toegezonden factuur, of een door het betreffende raadslid voor akkoord ondertekende doorgestuurde factuur.

b. betaling vooruit uit eigen middelen.

2. Een aanvraag om een vergoeding van de onkosten als bedoeld in dit artikel gaat vergezeld van het digitaal beschikbaar gestelde declaratieformulier en de originele bewijsstukken.

3. Het declaratieformulier en de originele bewijsstukken worden binnen 3 maanden na factuurdatum of betaling door raads- of commissieleden ingediend bij de griffier of een door hem daarvoor aangewezen griffiemedewerker of ambtenaar.

4. Voor zover van toepassing draagt de gemeente er zorg voor dat de betaling aan raads- of commissieleden binnen 2 maanden na het indienen van de aanvraag wordt overgemaakt.

Artikel 10. Intrekking oude verordening

De Verordening rechtspositie decentrale politieke ambtsdragers Veere 2019 wordt ingetrokken.

Artikel 11. Inwerkingtreding

Deze verordening treedt in werking met ingang van 1 oktober 2025.

Artikel 12. Citeertitel

Deze verordening wordt aangehaald als: “Verordening rechtspositie decentrale politieke ambtsdragers Veere”.

 

Vastgesteld in de openbare raadsvergadering van 25 september 2025

De raad voornoemd,

de griffier, de voorzitter,

N. te Sligte, drs. F.J. Schouwenaar

Naar boven