Wijzigingsbesluit Financiële verordening 2025-1

De raad van de gemeente Berkeland;

 

gelezen het voorstel van burgemeester en wethouders van 19 augustus 2025

 

b e s l u i t:

 

vast te stellen het Wijzigingsbesluit Financiële verordening Berkelland 2025-1:

 

Wijzigingsbesluit Financiële verordening 2025-1

Artikel I  

De Financiële verordening Berkelland 2025 wordt als volgt gewijzigd:

 

A

Na artikel 14 wordt een artikel ingevoegd, luidende:

Artikel 14a

  • Partijen die via het waarborgfonds sport in aanmerking komen voor een lening worden aangemerkt als een aangewezen partij waarvoor de gemeente garant kan staan.

B

Artikel 17 komt te luiden:

Artikel 17. Verantwoordings- en rapportagegrens rechtmatigheidsverantwoording

  • 1.

    In de rechtmatigheidsverantwoording bij de jaarrekening rapporteert het college aan de raad over afwijkingen met een verantwoordingsgrens van 2% van de totale lasten van de gemeente, exclusief de dotaties aan de reserves.

  • 2.

    In de paragraaf bedrijfsvoering worden de geconstateerde afwijkingen (fouten of onduidelijkheden) groter dan € 100.000 nader toegelicht.

C

Artikel 19 komt te luiden:

Artikel 19 Begrotingscriterium

  • 1.

    Het begrotingscriterium is een criterium van rechtmatigheid dat betrekking heeft op de grenzen van de baten en lasten in de door de raad geautoriseerde begroting van exploitatie en investeringskredieten en de hiermee samenhangende programma’s, waarbinnen de financiële beheershandelingen tot stand moeten zijn gekomen;

  • 2.

    De begrotingsrechtmatigheid wordt beoordeeld op programmaniveau.

  • 3.

    Bij investeringsprojecten wordt de begrotingsrechtmatigheid beoordeeld op het niveau van het totaal gevoteerde kredietbedrag. Een overschrijding van het jaarbudget, passend binnen het totaal bedrag van het krediet, wordt daarmee als rechtmatig beschouwd.

  • 4.

    Uitgangspunt is dat iedere afwijking van de begroting als onrechtmatig wordt beschouwd. Afwijkingen worden als acceptabel aangemerkt in de volgende situaties:

    • a.

      Er is sprake van een overschrijding van de lasten waarbij direct gerelateerde inkomsten de overschrijding compenseren.

    • b.

      Er is sprake van een overschrijding van de lasten op een open-einde regeling.

    • c.

      Er is sprake van een afwijking van de baten

    • d.

      Er is sprake van een onderschrijding van de lasten

    • e.

      Er is sprake van een onderschrijding van kredieten

    • f.

      Er is sprake van een afwijking in de toevoeging aan of onttrekking uit de reserves.

  • 5.

    Acceptabele afwijkingen worden door de raad geautoriseerd op basis van de toelichting in de jaarstukken. Daarmee worden deze afwijkingen rechtmatig.

  • 6.

    Begrotingsonrechtmatigheden die passen binnen het bestaande beleid van de raad, worden opgenomen in de rechtmatigheidsverantwoording (voor zover de verantwoordingsgrens voor afzonderlijke fouten of onduidelijkheden is overschreden), maar worden niet nader toegelicht in de paragraaf bedrijfsvoering.

D

De Bijlage afschrijvingsbeleid bij artikel 9 komt te luiden:

Bijlage afschrijvingsbeleid bij artikel 9

 

Afschrijvingsbeleid materiele vaste activa met economisch nut

Activa met economisch nut en een verkrijgingsprijs van minder dan € 20.000 worden niet geactiveerd, uitgezonderd gronden en terreinen. Gronden en terreinen worden altijd geactiveerd.

 

Op gronden en terreinen wordt niet afgeschreven.

 

De volgende materiële vaste activa met economisch nut worden lineair afgeschreven in:

  • 1.

    maximaal 50 jaar: rioleringen;

  • 2.

    maximaal 40 jaar: pompen en gemalen.

  • 3.

    50 jaar: nieuwbouw woonruimten en schoolgebouwen;

  • 4.

    50 jaar: nieuwbouw kantoren en bedrijfsgebouwen;

  • 5.

    25 jaar: nieuwbouw tijdelijke woonruimten en tijdelijke bedrijfsgebouwen;

  • 6.

    20 jaar: renovatie, restauratie en aankoop woonruimten, en schoolgebouwen;

  • 7.

    20 jaar: renovatie, restauratie en aankoop kantoren en bedrijfsgebouwen;

  • 8.

    20 jaar: technische installaties in bedrijfsgebouwen;

  • 9.

    15 jaar: veiligheidsvoorzieningen bedrijfsgebouwen;

  • 10.

    20 jaar: telefooninstallaties;

  • 11.

    maximaal 8 jaar: automatiseringsapparatuur, software en licenties;

  • 12.

    20 jaar: kantoormeubilair en schoolmeubilair;

  • 13.

    10 jaar: aanhangwagens, personenauto’s en lichte motorvoertuigen.

Afschrijvingsbeleid materiële vaste activa met maatschappelijk nut

De volgende materiële vaste activa met maatschappelijk nut worden lineair afgeschreven in:

  • 1.

    maximaal 20 jaar: parken, sportvelden en groenvoorzieningen;

  • 2.

    maximaal 60 jaar: wegen, pleinen en rotondes;

  • 3.

    maximaal 60 jaar: paarkeerplaatsen

  • 4.

    maximaal 60 jaar: verkeersmaatregelen

  • 5.

    maximaal 40 jaar: tunnels, viaducten en bruggen;

  • 6.

    maximaal 40 jaar: geluidswallen;

  • 7.

    35 jaar: openbare verlichting;

  • 8.

    20 jaar: straatmeubilair;

  • 9.

    maximaal 40 jaar: waterwegen, waterbergingen en walbeschoeiing;

Het ingangsmoment van afschrijven is het jaar na ingebruikname van het volledige actief. Bij grote investeringen met een langere looptijd worden fasen onderscheiden (voorbereiding, uitvoering en nazorg). Bij het afsluiten van een investeringsfase start het daaropvolgende jaar de afschrijving van het actief. Uren van medewerkers worden niet als onderdeel van een investering geactiveerd.

Uitzondering op deze regel is de toerekening van de uren aan de grondexploitatieprojecten.

Artikel II  

Dit besluit treedt in werking op de dag na bekendmaking en werkt terug tot en met 1 januari 2025.

Aldus vastgesteld in de raadsvergadering van 23 september 2025

de griffier,

drs. J.A. Satijn

de voorzitter,

drs. J.H.A. van Oostrum

Naar boven