Gemeenteblad van Enschede
| Datum publicatie | Organisatie | Jaargang en nummer | Rubriek |
|---|---|---|---|
| Enschede | Gemeenteblad 2025, 416274 | algemeen verbindend voorschrift (verordening) |
Zoals vergunningen, bouwplannen en lokale regelgeving.
Adressen en contactpersonen van overheidsorganisaties.
U bent hier:
| Datum publicatie | Organisatie | Jaargang en nummer | Rubriek |
|---|---|---|---|
| Enschede | Gemeenteblad 2025, 416274 | algemeen verbindend voorschrift (verordening) |
Verordening individuele inkomenstoeslag gemeente Enschede 2026
Artikel 4. Hoogte individuele inkomenstoeslag
In afwijking van lid 2 geldt dat als één van de gehuwden is uitgesloten van het recht op individuele inkomenstoeslag als gevolg van de artikelen 11 of 13, eerste lid, van de Participatiewet, dan komt de rechthebbende echtgenoot in aanmerking voor een individuele inkomenstoeslag naar de hoogte die voor hem als alleenstaande of alleenstaande ouder zou gelden.
Aldus vastgesteld in de openbare raadsvergadering van 22 september 2025.
De voorzitter, R.W. Bleker
De griffier, J.J. Ligteringen
Vast te leggen regels in verordening
De individuele inkomenstoeslag is een ondersteunende maatregel voor mensen met langdurig een laag inkomen en geen uitzicht op verbetering (artikel 36, lid 1, Participatiewet). In een verordening moeten regels komen over het verstrekken van deze toeslag, waarin ‘langdurig’ en ‘laag inkomen’ worden gedefinieerd. Een inkomen boven 100% van de bijstandsnorm geldt niet als laag. Ook moet de hoogte van de toeslag in de verordening worden vastgelegd. Het college kan in beleidsregels bepalen wanneer er ‘geen uitzicht op inkomensverbetering’ is; dit hoeft niet in de verordening (artikel 8, lid 2, Participatiewet). Bij de beoordeling hiervan weegt het college de persoonlijke omstandigheden, zoals:
De leefvorm (alleenstaande, alleenstaande ouder of gehuwd) kan tijdens de referteperiode veranderen. Bijvoorbeeld: gehuwden die inkomenstoeslag aanvragen, maar een deel van de periode als alleenstaande gelden. Over dat deel moeten zij ook aan de voorwaarden voldoen. Gehuwden moeten zowel samen als apart aan de eisen voldoen.
Enkel die bepalingen die nadere toelichting behoeven, worden hier behandeld.
Begrippen uit de Participatiewet, Awb en Gemeentewet krijgen geen nieuwe uitleg in deze verordening. Ze gelden hier automatisch.
Met 'inkomen' bedoelen we het inkomen zoals dat staat in artikel 32 van de Participatiewet. Maar er is een uitzondering: bij het bepalen of iemand recht heeft op een individuele inkomenstoeslag, telt algemene bijstand ook mee als inkomen. Bijzondere bijstand telt niet mee als inkomen. Omdat de individuele inkomenstoeslag een vorm van bijzondere bijstand is, hoeft niet apart gezegd te worden dat een eerder gekregen toeslag niet meetelt bij het inkomen.
Het is niet de bedoeling om een eerder verstrekte individuele inkomenstoeslag als inkomen te zien. Dat kan namelijk een probleem geven: iemand kan dan geen nieuwe toeslag krijgen, omdat het inkomen in de referteperiode te hoog lijkt door die eerdere toeslag.
De referteperiode is de periode van 60 maanden vóór de peildatum.
In artikel 2 van de verordening staat dat je een formulier moet gebruiken dat het college heeft vastgesteld. Dat formulier telt dan als een officiële aanvraag volgens artikel 4.1.1 van de Awb. Een schriftelijke aanvraag (artikel 4:1 Awb) moet ondertekend zijn en bevat minimaal je naam, adres, de datum en wat je precies vraagt (artikel 4:2, eerste lid, Awb). Ook moet je de gegevens en documenten geven die nodig zijn voor de beslissing en die je zelf kunt regelen (artikel 4:2, tweede lid, Awb). Een mondeling verzoek telt niet als een officiële aanvraag voor de individuele inkomenstoeslag zoals bedoeld in artikel 36 van de Participatiewet.
Artikel 3. Langdurig laag inkomen
Bij het bepalen wat een ‘langdurig laag inkomen’ is, is het belangrijk om te weten wat ‘langdurig’ en ‘laag’ betekenen.
De gemeenteraad heeft de langdurigheidsperiode voor de peildatum vastgesteld. Dit noemen we de referteperiode noemen.
Een inkomen is ‘laag’ als het niet hoger is dan 100 procent van de bijstandsnorm die voor die persoon geldt. Bij het beoordelen of iemands inkomen tijdens de referteperiode niet boven dit lage inkomen uitkomt, moet niet te streng worden beoordeeld. Een kleine overschrijding van dit bedrag mag je negeren. Als het inkomen in (een deel van) de referteperiode elke maand met € 5 of meer of € 60 op jaarbasis boven de bijstandsnorm uitkomt, is het geen kleine overschrijding meer. Het gaat dan namelijk niet om een eenmalige, kleine overschrijding.
Artikel 4. Hoogte individuele inkomenstoeslag
De hoogte van de individuele inkomenstoeslag verschilt per situatie: een alleenstaande, een alleenstaande ouder of gehuwden krijgen elk een ander bedrag. Ook krijgt iemand met ten laste komende kinderen een extra toeslag. Hierbij wordt gekeken naar de leeftijd van het kind: kinderen tot 12 jaar en kinderen van 12 tot 18 jaar krijgen een verschillend bedrag.
Bij gehuwden is het belangrijk om te weten dat zij samen recht hebben op de individuele inkomenstoeslag. Als ze op de peildatum als gehuwden worden gezien, moeten beide partners voldoen aan de regels van artikel 36, eerste lid, van de Participatiewet. Als één van hen niet aan die regels voldoet, krijgen ze allebei geen toeslag.
Maar als één partner geen recht heeft op de toeslag om een andere reden dan het niet voldoen aan artikel 36, eerste lid (bijvoorbeeld omdat hij geen bijstand mag krijgen op basis van artikel 11 of 13, eerste lid, van de Participatiewet), dan kan de andere partner wél de toeslag krijgen. In dat geval krijgt die partner een bedrag dat past bij zijn situatie als alleenstaande of alleenstaande ouder. Dit staat in het tweede lid van de verordening.
Artikel 5. Onvoorziene en andere regels
Dit artikel is bedoeld als vangnet. Waar de verordening onvoldoende aansluit bij een bijzondere situatie uit de praktijk, kan het college een besluit nemen om daarin te voorzien. Dit kan in een individueel geval zijn waarin de verordening niet voorziet. Dit kan ook door het college nadere regels over de uitvoering van deze verordening te laten vaststellen.
Kopieer de link naar uw clipboard
https://zoek.officielebekendmakingen.nl/gmb-2025-416274.html
De hier aangeboden pdf-bestanden van het Staatsblad, Staatscourant, Tractatenblad, provinciaal blad, gemeenteblad, waterschapsblad en blad gemeenschappelijke regeling vormen de formele bekendmakingen in de zin van de Bekendmakingswet en de Rijkswet goedkeuring en bekendmaking verdragen voor zover ze na 1 juli 2009 zijn uitgegeven. Voor pdf-publicaties van vóór deze datum geldt dat alleen de in papieren vorm uitgegeven bladen formele status hebben; de hier aangeboden elektronische versies daarvan worden bij wijze van service aangeboden.