Gemeenteblad van Woudenberg
| Datum publicatie | Organisatie | Jaargang en nummer | Rubriek |
|---|---|---|---|
| Woudenberg | Gemeenteblad 2025, 409936 | beleidsregel |
Zoals vergunningen, bouwplannen en lokale regelgeving.
Adressen en contactpersonen van overheidsorganisaties.
U bent hier:
| Datum publicatie | Organisatie | Jaargang en nummer | Rubriek |
|---|---|---|---|
| Woudenberg | Gemeenteblad 2025, 409936 | beleidsregel |
Beleidsregels planologische afwijkingsmogelijkheden tijdelijk Omgevingsplan 2025
Met de inwerkingtreding van de Omgevingswet (Ow) op 1 januari 2024 beschikt de gemeente van rechtswege over een tijdelijk omgevingsplan. Het tijdelijk omgevingsplan bestaat uit ruimtelijke plannen zoals de voormalige bestemmingsplannen, gemeentelijke verordeningen en bruidsschatregels die vanuit het Rijk aan gemeenten zijn overgedragen. Gemeenten krijgen tot 1 januari 2032 de tijd om het tijdelijk omgevingsplan en andere regels over de fysieke leefomgeving om te zetten naar een nieuw omgevingsplan.
Het omgevingsplan is met de inwerkingtreding van de Omgevingswet het planologisch regime waaraan nieuwe ruimtelijke ontwikkelingen en verzoeken worden getoetst. In het omgevingsplan worden regels gesteld over activiteiten die gevolgen hebben of kunnen hebben voor de fysieke leefomgeving. Het omgevingsplan bevat voor het hele grondgebied van de gemeente Woudenberg in ieder geval de regels die nodig zijn met het oog op een evenwichtige toedeling van functies aan locaties. Zo staat hierin bijvoorbeeld aangegeven waar kan worden gebouwd, met welke afmetingen en hoe percelen en gebouwen mogen worden gebruikt.
Het (tijdelijke) Omgevingsplan is voor eenieder beschikbaar en kan geraadpleegd worden via Regels op de kaart.
1.2 Afwijken via beleidsregels
Het voorliggende afwijkingenbeleid is beleidsneutraal aangepast ten opzichte van de vorige versie van het afwijkingenbeleid uit 2020. Het beleid is aangepast aan nieuw wettelijke termen procedures en in een enkel geval inhoudelijk aangepast aan nieuwe wetgeving.
Met de invoering van de Omgevingswet blijft het aan de gemeente zelf om te bepalen of zij al dan niet medewerking wil verlenen aan een omgevingsvergunning en zo ja, onder welke voorwaarden. Om die reden is het wenselijk om beleid te hebben zodat het voor inwoners, ondernemers, maatschappelijke organisaties en medewerkers vooraf duidelijk kan zijn in welke gevallen medewerking zal worden verleend. Ook kan hiermee worden voorkomen dat ad hoc op bepaalde verzoeken wordt gereageerd.
Afwijken van het omgevingsplan kan mogelijk als:
Bij afwijking van de planregels moet deugdelijk worden gemotiveerd waarom medewerking wordt verleend. Op grond van het Afwijkingenbeleid wordt voorzien in criteria waarbinnen het meewerken aan, of het weigeren van een afwijking van het omgevingsplan wordt gemotiveerd. Het Afwijkingenbeleid wordt daarmee opgesteld om willekeur te voorkomen. Het college van B&W kan gebruik maken van de afwijkingsregels maar is niet verplicht dit te doen, het is een discretionaire bevoegdheid.
Met de inwerkingtreding van de Omgevingswet is de ‘kruimelgevallenregeling’ uit artikel 4 van Bijlage II bij het Besluit omgevingsrecht (Bor) komen te vervallen. De kruimelgevallenregeling was een lijst van gevallen waarmee met toepassing van de reguliere voorbereidingsprocedure van 8 weken (met eenmalige verlenging van 6 weken) van het bestemmingsplan kon worden afgeweken. Met de kruimelgevallenregeling kon redelijk eenvoudig medewerking worden verleend aan kleine afwijkingen van het bestemmingsplan (reguliere procedure van 8 weken, geen uitgebreide ruimtelijke onderbouwing, ander legestarief). Dit vertaalde zich ook in lagere kosten voor de initiatiefnemer.
Met het voorliggende beleidsstuk wordt het afwijkingenbeleid inclusief de kruimelgevallenregeling ook onder de Omgevingswet van toepassing. Als een besluit is genomen op basis van een beleidsregel, dan is sprake van een lichtere motiveringsplicht. In de meeste gevallen kan worden volstaan met een verwijzing naar de beleidsregels. De beleidsregels geven belanghebbenden ook inzicht in de wijze waarop het gemeentebestuur een aanvraag toewijst of weigert. De besluitvorming wordt daarmee transparant en draagt bij aan de rechtszekerheid van burgers.
Dit beleid zorgt ook voor een snellere doorlooptijd van een aanvraag en voor uniformiteit. Ook biedt het rechtszekerheid, omdat vooraf duidelijk is onder welke voorwaarden medewerking kan worden verleend aan een afwijking van het omgevingsplan.
Bij het verder uitwerken van het omgevingsplan wordt de status van de kruimelgevallen verder bepaald. Binnen de transitiefase tot 2032 wordt het omgevingsplan uitgewerkt voor het hele grondgebied. Het Plan van aanpak transitie Omgevingsplan (Plan van aanpak gemeente dekkend Omgevingsplan in 2029) is hierbij het uitgangspunt. Gedurende deze periode zal ook worden bepaald hoe met de afwijkingsregels wordt omgegaan. De regels kunnen:
De voorheen geldende bestemmingsplannen zijn met de komst van de omgevingswet onderdeel geworden van het tijdelijk Omgevingsplan. De laatste herziene versie van de “Beleidsregels Planologische Afwijkingsmogelijkheden Gemeente Woudenberg 2020” is met de invoering van de omgevingswet per 1 januari 2024 vervallen. Om het beleid weer van toepassing te laten worden onder de omgevingswet is een nieuw vaststellingsbesluit nodig van het college van Woudenberg.
Aangezien het beleid inhoudelijk ongewijzigd is omgezet naar regels die toepasbaar zijn onder het tijdelijk omgevingsplan, is er geen aanleiding om het beleidsstuk voor te leggen aan de gemeenteraad. Het college kan het beleidsstuk vaststellen en ter inzage leggen.
Het aangepaste afwijkingenbeleid is na een collegebesluit een actuele bouwsteen bij de Omgevingswet. Het beleid is waar nodig aangepast en de verwijzingen naar artikelen zijn aangepast. Ook is een bijlage opgenomen met transponeringstabel voor artikelen op basis van de oude wetgeving naar de Omgevingswet.
Het omgevingsplan benoemt en definieert de belangrijke begrippen die in dat plan voorkomen. Bij een afwijking van het omgevingsplan moet aansluiting gezocht worden bij de begrippen van het omgevingsplan. Als het omgevingsplan voor een begrip geen definitie geeft, dan geldt de definitie in het juridische taalgebruik (waaronder jurisprudentie). Daarnaast geldt de begrippenlijst die als bijlage 1 bij dit document is gevoegd. Deze lijst sluit aan bij het omgevingsplan. Op de derde plaats wordt aansluiting gezocht bij het maatschappelijk taalgebruik.
In het omgevingsplan staat de wijze van meten benoemd en gedefinieerd. Bij een afwijking van het omgevingsplan moet ten aanzien van de begrippen en wijze van meten aansluiting worden gezocht bij het omgevingsplan. Als in het omgevingsplan niet de relevante wijze van meten is benoemd, dan geldt de wijze van meten die als bijlage 1 bij dit document is gevoegd.
Op de eerste plaats geldt de maatvoering van het omgevingsplan. In geval er geen maatvoering in het omgevingsplan is opgenomen geldt de op het moment van de aanvraag bestaande en vergunde maatvoering van het betreffende bouwwerk. Dit uitgangspunt wordt ook gebruikt als de maatvoering zoals genoemd in het omgevingsplan niet overeenkomt met de bestaande en vergunde situatie en er geen gegronde reden is waarom in het omgevingsplan gekozen is voor een afwijkende maatvoering.
De gemeente staat uitsluitend afwijkingen van het omgevingsplan toe wanneer de gevolgen van het betreffende bouwplan volledig en duidelijk zijn vastgesteld. In het kader van de Omgevingswet heeft de gemeente de bevoegdheid om alle noodzakelijke informatie op te vragen die redelijkerwijs vereist is om een weloverwogen besluit te nemen over het verlenen van een afwijking. Dit kan onder meer het opvragen van aanvullende stukken omvatten, zodat de gemeente een gedegen beoordeling kan maken van de voorgestelde situatie.
Bij de beoordeling van een afwijkingsverzoek houdt de gemeente rekening met de beginselen van rechtszekerheid en rechtsgelijkheid. Juist omdat het bij een aanvraag gaat om een individuele concrete situatie in tegenstelling tot de integrale ruimtelijke benadering bij een (herziening van een) omgevingsplan houdt de gemeente nadrukkelijk rekening met de consequenties van de afwijking voor de omgeving en omwonenden. De effecten voor de aangrenzende percelen dienen daartoe in beeld te worden gebracht.
Uitzonderingen op de vergunningplicht
Artikel 22.27 van het Omgevingsplan bepaalt in welke gevallen de vergunningplicht voor de omgevingsplanactiviteit bouwwerken (zoals opgenomen in artikel 22.26 van het Omgevingsplan) niet van toepassing is. In dit artikel zijn dus uitzonderingen opgenomen waarmee bepaalde bouwactiviteiten zonder omgevingsvergunning mogen worden gerealiseerd.
Het vervallen van de vergunningplicht op grond van artikel 22.27 betekent echter niet dat daarmee de overige planregels uit het Omgevingsplan buiten beschouwing kunnen worden gelaten. Ook in gevallen waarin een bouwwerk op basis van artikel 22.27 vergunningvrij is, blijft onverkort gelden dat het bouwwerk moet voldoen aan de relevante planregels van het Omgevingsplan.
Indien een bouwwerk zowel voldoet aan de voorwaarden uit artikel 22.27 als aan de relevante planregels, mag het bouwwerk zonder omgevingsvergunning worden gerealiseerd. Voldoet het bouwwerk niet aan de relevante planregels, maar is daarvoor een omgevingsvergunning verleend voor het afwijken van het Omgevingsplan, dan kan het bouwwerk alsnog vergunningvrij worden gerealiseerd, mits het tevens voldoet aan de specifieke voorwaarden uit artikel 22.27.
2.5.1 Afwijken van de beleidsregels
Het college van B&W is bevoegd zowel in positieve als in negatieve zin om, indien uitdrukkelijk gemotiveerd wordt waarom er af geweken wordt, af te wijken van deze beleidsregels indien:
2.5.2 Weigeringsgrond (derde)belanghebbenden
De aanvraag om omgevingsvergunning met afwijking van het omgevingsplan kan worden geweigerd indien het bouwplan tot gevolg heeft dat de gebruiksmogelijkheden van de gronden en gebouwen van (derde)belanghebbenden onevenredig worden beperkt.
2.5.3 Toepassing afwijkingenbeleid bij legalisatie
Afwijken is geen doel op zich. Het moet gaan om afwijkingen die ruimtelijk gewenst zijn. Dat is iets anders dan middels een afwijking een illegale bouwsituatie legaliseren.
Het afwijkingenbeleid is zeker te gebruiken bij een legalisatieonderzoek, maar het afwijkingsbesluit moet wel gebaseerd zijn op de ruimtelijke afweging van het concrete geval.
Van de gemeente gekochte en bij de tuin getrokken stukken restgroen komen middels dit afwijkingenbeleid in aanmerking voor een afwijkingsvergunning, als daarmee op deze gronden hetzelfde te realiseren is als op de bijbehorende erf of tuin bestemming.
2.5.5 Maatwerk voor bouwwerken en locaties met bijzondere status
Er is in ieder geval sprake van een locatie of bouwwerk met een bijzondere status als de aanvraag:
In bovenstaande gevallen zal alleen worden afgeweken van het omgevingsplan als de kwaliteit of gebruiksmogelijkheden van het bouwwerk of de omgeving door de afwijking niet in onevenredige mate verslechteren. Deze aanvragen zullen altijd worden besproken met een ter zake deskundige afdeling of instantie, zodat maatwerk kan worden geboden.
Soms is een bouwplan voor een bijbehorend bouwwerk bij een woning identiek aan eenzelfde plan bij eenzelfde woning in de straat of binnen hetzelfde bouwblok. Het college kan het eerste bouwwerk aanmerken als trendsetter. Dat betekent dat men in die buurt identieke bijbehorende bouwwerken mag bouwen. Niet elk bouwwerk wordt aangemerkt als trendsetter. Eerst wordt bekeken of in het verleden sprake is geweest van wijziging van beleid om een bepaalde trend te doorbreken, of het wenselijk is om het bouwwerk als trendsetter aan te merken, en of het bouwwerk met vergunning is gebouwd.
2.5.7 Algemene voorwaarden bij afwijkingen
De voorwaarden voor maatwerk bieden een kader waaraan getoetst moet worden om er voor te zorgen dat de ruimtelijke consequenties beperkt blijven en geen (ongewenste) precedentwerking hoeft te worden gevreesd. Daarbij moet er sprake zijn van een evenwichtige toedeling van functies aan locaties (ETFAL), te toetsen aan in ieder geval de onderstaande algemene richtlijnen en per geval (mogelijk) aanvullende overwegingen. Deze voorwaarden gelden voor binnenplanse afwijkingen (hoofdstuk 3), het gemeentelijk beleid op basis van het omgevingsplan (hoofdstuk 4), afwijkingen met ruimtelijke onderbouwing (hoofdstuk 5) en herzieningen van een omgevingsplan (hoofdstuk 6).
De volgende voorwaarden zijn van toepassing:
3 Binnenplanse afwijking (OPA)
Met een binnenplanse afwijking wordt gedoeld op afwijking van het tijdelijke deel van het omgevingsplan. Artikel 22.26 jo. 22.280 OW geven de basis voor deze afwijkingen. De afweging of gebruikt wordt gemaakt van de binnenplanse afwijkingsbevoegdheden in het omgevingsplan is locatie specifiek en vindt plaats aan de hand van diverse beoordelingspunten. Omdat voor enkele binnenplanse afwijkingen niet direct een toetsingskader in het omgevingsplan te vinden is zijn er voor deze afwijkingsmogelijkheden beleidsregels geformuleerd.
3.3.1 Afwijkingsbevoegdheid 10% van bestaande maten
Er wordt alleen meegewerkt aan het toepassen van de 10% afwijkingsbevoegdheid indien dit uit technisch of architectonisch opzicht noodzakelijk is bij de aanpassing of vergroting van een bestaand bouwwerk. Toepassing van deze afwijkingsbevoegdheid op architectonische gronden dient ter toetsing te worden voorgelegd bij de Commissie Ruimtelijke Kwaliteit.
3.3.2 Afwijkingsmogelijkheid kleinschalige bedrijfsmatige activiteit in de aanbouw of vrijstaand bijgebouw bij een woning (Omgevingsplan, artikel 21.5 jo. 21.4.1 bestemmingsplan Bebouwde Kom Woudenberg)
Er wordt alleen meegewerkt aan het toepassen van deze afwijkingsbevoegdheid indien wordt aangetoond dat door de afwijking geen onevenredige hinder op naastgelegen percelen ontstaat.
Het bouwen en gebruiken van percelen of bestaande bouwwerken ten behoeve van mantelzorg wordt voornamelijk geregeld in het tijdelijk deel van het omgevingsplan (artikel 22.36, onder a, van de bruidsschat) en in het Besluit bouwwerken leefomgeving (Bbl). In het Bbl staan de technische bouwregels voor een mantelzorgwoning en is binnen kaders vergunningsvrij. Voorwaarden die nog in bestemmingsplannen stonden en afwijken van vergunningsvrije bepalingen zijn van rechtswege vervallen.
Een mantelzorgwoning is in principe vergunningvrij wanneer sprake is van intensieve zorg en ondersteuning die verder gaat dan wat je gebruikelijk voor elkaar doet als huisgenoten. In geval van controle moet aangetoond worden dat sprake is van een intensieve mantelzorg relatie.
Wanneer er (nog) geen sprake is van die intensieve mantelzorg, kan gekeken worden of via een omgevingsvergunning alsnog vergunning kan worden verleend.
Er kunnen zich op een perceel situaties voordoen waardoor de bestaande inrichting een beperking geeft en vergunningsvrije realisatie van mantelzorg niet mogelijk is. In artikel 2.25 van het Bbl staat welke bouwactiviteiten voor het technisch deel vergunningplichtig zijn. Dan geldt dat een afwijking van het omgevingsplan kan worden verleend ten behoeve van het bieden van mantelzorg in of vanuit een bijgebouw of een tijdelijke unit, onder de volgende voorwaarden:
Binnen 3 maanden na beëindiging van de mantelzorg wordt de aangebrachte woonvoorziening verwijderd dan wel dient de woonunit verwijderd te worden. Daarbij dient het maximale oppervlak aan bijbehorende bouwwerken overeenkomstig te zijn wat mogelijk is volgens het geldende omgevingsplan, dan wel wat mogelijk is via een afwijking mogelijk is op basis van een omgevingsvergunning.
4 Buitenplanse Afwijking (BOPA)
De bevoegdheid om een omgevingsvergunning te verlenen ligt bij het college van B&W van de gemeente waar het betrokken project in hoofdzaak zal worden of wordt uitgevoerd (artikel 5.8 Omgevingswet). Tevens ligt de bevoegdheid om af te wijken van het omgevingsplan op grond van beleid (de zogenaamde ‘kleine of reguliere BOPA’, voorheen de kruimelregeling) bij het college van B&W (artikel 22.10 Omgevingswet).
In artikelen 5.18 t/m 5.21 OW is geregeld dat voor een activiteit die in strijd is met het omgevingsplan slechts een omgevingsvergunning kan worden verleend met toepassing van de in het omgevingsplan opgenomen regels inzake afwijking of in gemeentelijke beleid op basis van de omgevingswet, de zogenaamde kleine of reguliere BOPA.
Op basis van de volgende richtlijnen kan meegewerkt worden aan een kleine BOPA met inachtneming van het bepaalde in Hoofdstuk 2:
4.4.1 Een bijbehorend bouwwerk of uitbreiding daarvan binnen of buiten de bebouwde kom
Een afwijking van het omgevingsplan is alleen mogelijk voor een bijbehorend bouwwerk of uitbreiding daarvan als de overwegingen om af te wijken zorgvuldig zijn onderbouwd.
Bij het bijbehorend bouwwerk of uitbreiding daarvan buiten de bebouwde kom wordt voldaan aan de volgende eisen:
Aanvragen voor een bijbehorend bouwwerk of uitbreiding daarvan anders dan in dit beleid worden per geval beoordeeld.
4.4.1.a Bijbehorend bouwwerk bij een woning
Voor het bouwen van een bijbehorend bouwwerk in het achtererfgebied van een woning binnen de bebouwde kom kan in afwijking van het omgevingsplan toestemming worden verleend. Hierbij gelden de voorwaarden die gesteld worden in het omgevingsplan, (bestemmingsplan Bebouwde Kom Woudenberg (2018), artikel 21.2.2):
de gezamenlijk te bebouwen maximum oppervlakte aan bijbehorende bouwwerken op het bij het hoofdgebouw behorende zij- en achtererf wordt bepaald aan de hand van de in de navolgende tabel opgenomen staffel, met dien verstande dat een aaneengesloten oppervlakte van ten minste 25 m² van het gezamenlijke zij- en achtererf onbebouwd en onoverkapt moet blijven; bij het bepalen van de maximum oppervlakte wordt de oppervlakte van bijbehorende bouwwerken binnen het bouwvlak niet meegerekend:
4.4.1.b Bijbehorend bouwwerk bij functies niet zijnde een woning
Een afwijking van het omgevingsplan is alleen mogelijk mits de overwegingen om af te wijken zorgvuldig zijn onderbouwd. Aanvragen voor een bijbehorend bouwwerk bij functies niet zijnde een woning worden per geval beoordeeld.
4.4.1.c Afwijkingsmogelijkheid bouwen gebouw ten behoeve van Mantelzorg
Voor afwijkingsmogelijkheden bij mantelzorgwoningen, wordt verwezen naar paragraaf 3.3.3.
4.4.1.d Afwijking voor bouwwerken/gebouwen ten behoeve van de verkoop agrarische producten
Indien binnen het agrarisch bouwvlak geen ruimte beschikbaar is voor gebruik of bouw van een verkoopruimte voor agrarische producten en/of deze niet goed te bereiken is voor bezoekers, kan een afwijkingsvergunning worden verleend, bij voorkeur voor enkelzijdige verkoopautomaten.
Eisen ten aanzien van een enkelzijdige verkoopautomaat:
Indien er sprake is van een tweezijdige automaat mag het bouwwerk een gebouw zijn. In aanvulling op de bovenstaande regels voor enkelzijdige automaten, geldt dan dat de breedte/ diepte van het gebouw, inclusief overstekken maximaal 2 meter mag bedragen.
4.4.1.e Afwijkingen i.v.m. woningaanpassing
Een zorgbehoefte (anders dan mantelzorg) is geen directe aanleiding voor extra bebouwing, bovenop de mogelijkheden van het omgevingsplan, vergunningsvrij bouwen en de beleidsregels. Immers, elke levensfase kan gepaard gaan met een behoefte aan extra bebouwing. Er kan uitsluitend worden afgeweken van het omgevingsplan als onderbouwd wordt waarom bestaande bouwmogelijkheden of aanwezige schuren, qua maatvoering van aanpasbaar bouwen (technisch) onvoldoende of ongeschikt zijn voor levensloopbestendig gebruik. De ruimtelijke kwaliteit van het gebied moet de afwijking toelaten. De eis ten aanzien van de minimaal te behouden buitenruimte zoals opgenomen in het betreffende omgevingsplan mag nooit worden onderschreden.
Voor verlening van een omgevingsvergunning komt in aanmerking het gebruik van legale bouwwerken, eventueel in samenhang met bouwactiviteiten die de bebouwde oppervlakte of het bouwvolume niet vergroten, en van bij die bouwwerken aansluitend terrein, mits, voor zover gelegen buiten de bebouwde kom, het uitsluitend betreft een logiesfunctie voor werknemers of de opvang van asielzoekers of andere categorieën vreemdelingen.
Toetsing en reikwijdte worden bepaald door de ter plaatse geldende regels binnen het omgevingsplan.
4.4.2 Gebouwen ten behoeve van infrastructurele of openbare voorzieningen
Een afwijking van het omgevingsplan is alleen mogelijk voor gebouwen ten behoeve van infrastructurele of openbare voorzieningen die voldoen aan de bepalingen van dit afwijkingenbeleid, waarbij de noodzaak is aangetoond en de overwegingen om af te wijken zorgvuldig zijn onderbouwd.
4.4.3 Bouwwerken geen gebouw zijnde of gedeelte van een bouwwerk
Een afwijking van het omgevingsplan is alleen mogelijk mits de overwegingen om af te wijken zorgvuldig zijn onderbouwd. Aanvragen voor een bouwwerk, geen gebouw zijnde anders dan in dit beleid genoemd worden per geval beoordeeld.
4.4.3.a Afwijking voor erfafscheidingen niet gelegen in achtererfgebied of gelegen in het achtererfgebied en grenzend aan openbaar (toegankelijk) gebied
Voor een erfafscheiding niet gelegen in achtererfgebied of gelegen in het achtererfgebied en grenzend aan openbaar (toegankelijk) gebied kan in afwijking van het omgevingsplan toestemming worden verleend. Hierbij gelden binnen de Bebouwde Kom Woudenberg (Omgevingsplan bestemmingsplan, Bebouwde Kom 2018), de volgende voorwaarden:
In afwijking van het bepaalde in lid c zijn erf-en terreinafscheidingen achter de voorgevelrooilijn (grenzend aan openbaar toegankelijk gebied) toegestaan tot een maximum bouwhoogte van 2,0 m indien het een erfafscheiding betreft die vanaf een hoogte van 1,0 m voor minimaal 50% transparant is en, indien gewenst, van beplanting wordt voorzien.
4.4.3.b Afwijking voor toegangspoorten/sierhek niet gelegen in achtererfgebied van de woning
Toegangspoorten niet gelegen in het achtererfgebied zijn enkel in afwijking met het omgevingsplan toegestaan indien zij in ieder geval voldoen aan de volgende bepalingen:
4.4.3.c Afwijkingen voor hekwerken op het hoofdgebouw
In afwijking van het omgevingsplan wordt een hekwerk op het hoofdgebouw toegestaan. Hierbij gelden de voorwaarden binnen de Bebouwde Kom (Omgevingsplan bestemmingsplan, Bebouwde Kom Woudenberg 2018):
4.4.3.d Afwijkingen voor hekwerken op een bijbehorend bouwwerk
In afwijking van het omgevingsplan wordt een hekwerk op een aanbouw toegestaan indien er in ieder geval wordt voldaan aan de volgende voorwaarden:
4.4.3.e Afwijkingen voor een trap van tuin naar balkon of dakterras
In afwijking van het omgevingsplan wordt een trap naar een balkon of dakterras toegestaan indien er in ieder geval wordt voldaan aan de volgende voorwaarden:
4.4.3.f Afwijkingsmogelijkheid oprichten overkapping bij een bedrijf buiten het bouwvlak en op minder dan drie meter afstand van de zij- en/of achterste perceelsgrens
Overkappingen gelegen buiten het bouwvlak en binnen een afstand van drie meter van de zij-of achter perceelsgrens die in afwijking van het omgevingsplan worden toegestaan, moeten in ieder geval voldoen aan de voorwaarde dat het perceel ten allen tijden goed bereikbaar is voor de hulpdiensten.
4.4.4 Een dakkapel, dakopbouw of gelijksoortige uitbreiding van een gebouw dan wel de uitbreiding van een bouwwerk met een bouwdeel van ondergeschikte aard
Een afwijking van het omgevingsplan is alleen mogelijk voor dakkapellen en gelijksoortige uitbreidingen mits de overwegingen om af te wijken zorgvuldig zijn onderbouwd.
Aanvragen voor dakkapellen en gelijksoortige uitbreidingen worden per geval beoordeeld.
4.4.4.a Afwijking voor een dakopbouw
Een afwijking van het omgevingsplan wordt verleend voor een dakopbouw ten behoeve van een woning of een ander gebouw voor ten hoogste een afwijking van 10% van de bestaande maten. De dakopbouw moet voldoen aan de algemene eisen van welstand zoals opgenomen in onze Nota ruimtelijke kwaliteit en naar het oordeel van de Commissie Ruimtelijke Kwaliteit waarbij in geval zorgvuldig rekening wordt gehouden met eerdere (legale) precedenten op naburige woningen met het doel een nieuwe eenheid in visuele beleving te verkrijgen. Een dakopbouw is uitsluitend mogelijk op het hoofdgebouw.
Aan aanvragen voor afwijking van het omgevingsplan ten behoeve van het plaatsen van een antenne-installatie wordt alleen meegewerkt indien wordt voldaan aan de criteria zoals opgenomen in het antennebeleid. Een afwijking van het omgevingsplan is alleen mogelijk voor een antenne-installatie die niet hoger is dan 40 m.
4.4.6 Een installatie bij een glastuinbouwbedrijf voor warmtekrachtkoppeling
Een afwijking van het omgevingsplan is alleen mogelijk voor gebouwen ten behoeve van een warmtekrachtkoppeling, mits de overwegingen om af te wijken zorgvuldig zijn onderbouwd. Onder warmtekrachtkoppeling wordt verstaan de gecombineerde opwekking van warmte en elektriciteit of mechanische energie door verstoking van een brandstof, waarvan de warmte nuttig gebruikt wordt, anders dan voor de productie van elektriciteit.
Aanvragen voor een installatie anders dan in dit beleid worden per geval beoordeeld.
4.4.7 Een installatie bij een agrarisch bedrijf waarmee duurzame energie wordt geproduceerd
Een afwijking van het omgevingsplan is alleen mogelijk voor een installatie bij een agrarisch bedrijf waarmee duurzame energie wordt geproduceerd door het bewerken van uitwerpselen van dieren tot krachtens artikel 5, tweede lid, van het Uitvoeringsbesluit Meststoffenwet aangewezen eindproducten van een krachtens dat artikellid omschreven bewerkingsprocedé dat ziet op het vergisten van ten minste 50 gewichtsprocenten uitwerpselen van dieren met in de omschrijving van dat procedé genoemde nevenbestanddelen. De overwegingen bij de aanvraag om af te wijken dienen zorgvuldig te zijn onderbouwd.
Aanvragen voor een bijbehorend bouwwerk of uitbreiding daarvan anders dan in dit beleid worden per geval beoordeeld.
4.4.8 Het gebruiken van gronden voor een niet-ingrijpende herinrichting van openbaar gebied
Een afwijking van het omgevingsplan is alleen mogelijk als de overwegingen om af te wijken zorgvuldig zijn onderbouwd. Aanvragen voor gebruik anders dan in dit beleid worden per geval beoordeeld.
4.4.9 Het gebruiken van bouwwerken, eventueel in samenhang met bouwactiviteiten die de bebouwde oppervlakte of het bouwvolume niet vergroten, en van bij die bouwwerken aansluitend terrein, mits, voor zover gelegen buiten de bebouwde kom, het uitsluitend betreft een logiesfunctie voor werknemers of de opvang van asielzoekers of andere categorieën vreemdelingen
Een afwijking van het omgevingsplan is alleen mogelijk als de overwegingen om af te wijken zorgvuldig zijn onderbouwd. Aanvragen voor gebruik anders dan in dit beleid worden per geval beoordeeld.
4.4.9.a Gebouw, een woning of woongebouw
Er wordt geen afwijking van het omgevingsplan verleend voor het omzetten van een woning of woongebouw in een andere functie. Er is al een tekort aan woningen binnen de gemeente.
4.4.9.b Gebruik van een woning voor de uitoefening van een aan huis gebonden beroep en kleinschalige bedrijfsmatige activiteiten
Afwijking wordt verleend voor aan-huis-gebonden beroepen en kleinschalige bedrijfsmatige activiteiten binnen het hoofdgebouw, exclusief aan- en uitbouwen onder de voorwaarden dat:
de kleinschalige bedrijfsmatige activiteiten geen nadelige invloed hebben op de normale afwikkeling van het verkeer en niet gepaard gaan met horeca en detailhandel, uitgezonderd beperkte verkoop die ondergeschikt is aan de uitoefening van de betrokken kleinschalige bedrijfsmatige activiteiten of voorbereiding van een catering op locatie elders.
4.4.9.c Gebruik van een woning voor de uitoefening van langdurige zorg aan minderjarigen
Afwijking wordt verleend voor het gebruik van een woning voor langdurige opvang van minderjarigen onder de voorwaarden dat:
4.4.9.d Gebruik van een aan- en uitbouw en bijgebouw ten behoeve van kleinschalige bedrijfsmatige activiteiten en een aan huis gebonden beroep
Afwijking voor aan-huis-gebonden beroepen en kleinschalige bedrijfsmatige activiteiten in aan- en uitbouwen en bijgebouwen, behorende bij het hoofdgebouw, wordt niet verleend ten behoeve van het gebruik als bed & breakfast. Daarnaast dient er aan de voorwaarden genoemd onder 4.4.9.b te worden voldaan en moet worden aangetoond dat er geen onevenredige hinder op naastgelegen percelen ontstaat.
4.4.9.e Gebouw, geen woning of woongebouw zijnde
Slechts bij hoge uitzondering wordt een afwijking van het omgevingsplan verleend. Een functieverandering naar een seksinrichting, prostitutie, erotisch getinte horecabedrijven of horecabedrijf voor het afhalen en nuttigen van drugs (coffeeshop) is in ieder geval niet toegestaan. Voor andere functieveranderingen dienen de overwegingen om van het omgevingsplan af te wijken zorgvuldig te zijn onderbouwd. In de onderbouwing dient in ieder geval aangegeven te worden waarom:
4.4.9.f Bouwwerken geen gebouwen zijnde
Er wordt geen afwijking van het omgevingsplan verleend voor het veranderen van de bestaande functie van bouwwerken, geen gebouwen zijnde.
4.4.10 Het gebruiken van een recreatiewoning voor bewoning
Een afwijking van het omgevingsplan is alleen mogelijk als de overwegingen om af te wijken zorgvuldig zijn onderbouwd. Voor zover wij hebben kunnen nagaan voldoet geen enkele recreatiewoning in Woudenberg aan deze bepalingen. Aanvragen voor gebruik anders dan in dit beleid worden per geval beoordeeld.
4.4.11 Ander gebruik van gronden of bouwwerken dan bedoeld in de onderdelen 1 tot en met 10, voor een termijn van ten hoogste tien jaar
Een afwijking van het omgevingsplan is alleen mogelijk als de overwegingen om af te wijken zorgvuldig zijn onderbouwd. Aanvragen voor gebruik anders dan in dit beleid worden per geval beoordeeld. Er wordt alleen medewerking verleend aan een aanvraag als voldaan wordt aan de volgende voorwaarden:
bij het bovengenoemde gebruik moet sprake zijn van een normale afwikkeling van verkeer en wordt voldaan aan de in het CROW opgenomen uitgangspunten met betrekking tot parkeren. De regel is dat parkeren op eigen erf dient plaats te vinden of dat de initiatiefnemer op eigen kosten parkeerplaatsen aanlegt in het openbaar gebied;
voor het organiseren van evenementen wordt alleen van het omgevingsplan afgeweken voor maximaal drie evenementen per jaar per gebied binnen het omgevingsplan en voor een duur van ten hoogste vijftien dagen per evenement, het opbouwen en afbreken van voorzieningen ten behoeve van het evenement hieronder begrepen.
5 Afwijken met goede onderbouwing van de effecten op de fysieke leefomgeving (BOPA met adviesrecht)
De bevoegdheid om af te wijken van het omgevingsplan waarbij de activiteit leidt tot een evenwichtige toedeling van functies aan locaties (ETFAL), ligt bij het college van B&W (artikelen 5.8 -5-14 Omgevingswet). Het college heeft de mogelijkheid deze bevoegdheid te mandateren aan de afdeling die de omgevingsvergunningen verleent.
De verklaring van geen bedenkingen (vvgb) is onder de Omgevingswet vervallen. In plaats daarvan is er een adviesrecht van de gemeenteraad voor bepaalde typen BOPA. De gemeenteraad moet daarbij vooraf gevallen aanwijzen waarin een bindend advies nodig is voordat een BOPA wordt verleend (artikel 16.15a en artikel 16.15b Omgevingswet).
De raad heeft 27 januari 2022 besluit genomen over categorieën voor adviesrecht. Dat is dus een verzwaard, bindend adviesrecht voor de gemeenteraad. Het college van B&W mag daar niet van afwijken. Voor niet-aangewezen gevallen heeft de gemeenteraad geen adviesrecht.
De gemeenteraad van Woudenberg heeft op 30 oktober 2008 besloten om in principe af te zien van het toepassen van destijds artikel 3.10 van de Wet ruimtelijke ordening (nu artikel 16.65 OW). Dit houdt in dat de gemeente Woudenberg een voorkeur heeft voor het direct wijzigen van het omgevingsplan en terughoudend te zijn ten aanzien van het toepassen van ‘grote/uitgebreide’ BOPA’s.
Een BOPA heeft voor de eigenaar van een perceel, de omwonenden en voor de gemeentelijke organisatie geen voordelen, maar enkel nadelen ten opzichte van een wijziging van het omgevingsplan: voor elke verandering aan een pand moet weer een uitgebreide afwijkingsprocedure doorlopen worden. Het besluit van de gemeenteraad heeft dan ook ten doel om in voorkomende gevallen een zo efficiënt mogelijke procedure te volgen. Gezien de definitieve vorm geeft de gemeente Woudenberg de voorkeur aan omgevingsplan herzieningen boven uitgebreide BOPA’s.
Zie H2, en in het bijzonder paragraaf 2.5.7, voor de algemene voorwaarden bij afwijkingen.
Ook wordt verwezen naar het ‘Handboek omgevingsplan gemeente Woudenberg’ van d.d. 1 september 2023. Het handboek beschrijft het proces om te komen tot een wijziging van het omgevingsplan.
7.1 Overeenkomst nadeelcompensatie en kostenverhaal
Bij het verlenen van toestemming voor het afwijken van het omgevingsplan overeenkomstig hoofdstuk 4 (artikelen 4.4.7, 4.4.9 en 4.4.11) en hoofdstuk 6 van deze beleidsregels, dient een overeenkomst tot nadeelcompensatie te worden afgesloten tussen de initiatiefnemer en de gemeente (artikel 13.3c en Afdeling 15.1 van de Omgevingswet).
Daar waar kosten gemaakt moeten worden voor aanpassing aan de openbare ruimte om een ontwikkeling waarvoor middels dit afwijkingenbeleid toestemming gegeven wordt, feitelijk te kunnen realiseren, zal conform de nota plankosten, een (anterieure) overeenkomst gesloten worden en zijn de kosten voor rekening van de veroorzaker.
Het betreft afwijkingen met toepassing van artikel 5.16 OW en afwijkingen conform hoofdstuk 5 en 6 van deze beleidsregels.
Op grond van de Inspraakverordening gemeente Woudenberg is gelegenheid tot inspraak geboden over de Beleidsregels planologische afwijkingsmogelijkheden.
Na publicatie lagen de ontwerpbeleidsregels gedurende zes weken ter visie. Gedurende deze termijn is een ieder de mogelijkheid gegeven om schriftelijk of mondeling zijn/haar zienswijze(n) op deze regels te geven. Tevens is de gemeenteraad in kennis gesteld over de ontwerpbeleidsregels.
Aldus vastgesteld 7 september 2025,
Burgemeester en wethouders van Woudenberg
Z. van den Boogaard
Secretaris
M. Jansen-van Harten
Burgemeester
In deze beleidsregels wordt verstaan onder:
Erf: al dan niet bebouwd perceel, of een gedeelte daarvan, dat direct is gelegen bij een hoofdgebouw en dat in feitelijk opzicht is ingericht ten dienste van het gebruik van dat gebouw, en, voor zover het omgevingsplan van toepassing is, deze die inrichting niet verbieden. Tot het erf behoort ook aangekocht snippergroen;
Kleinschalige bedrijfsmatige activiteiten: het in een woning door de bewoner op bedrijfsmatige wijze uitoefenen van activiteiten, waarvoor geen melding- of vergunningplicht geldt, waarbij het vloeroppervlak voor kleinschalige bedrijfsmatige activiteiten maximaal 50 m² mag bedragen; tot kleinschalige bedrijfsmatige activiteiten wordt tevens het bieden van bed&breakfast gerekend tot een maximum van 3 kamers;
Mantelzorg: langdurende zorg die wordt geboden aan ieder die hulpbehoevend is op het fysieke, psychische en/of sociale vlak, door personen uit diens sociale omgeving, waarbij de zorgverlening de gebruikelijke zorg van huisgenoten voor elkaar overstijgt, op vrijwillige, niet afdwingbare basis en buiten organisatorisch verband;
Openbaar toegankelijk gebied: weg als bedoeld in artikel 1 lid 1 onder b van de Wegenverkeerswet 1994, alsmede pleinen, parken, plantsoenen, openbaar vaarwater en ander openbaar gebied dat voor publiek algemeen toegankelijk is, met uitzondering van wegen uitsluitend bedoeld voor de ontsluiting van percelen door langzaam verkeer;
Peil: voor gebouwen waarvan de hoofdtoegang onmiddellijk grenst aan een weg: de hoogte van die weg ter plaatse van de hoofdtoegang. Voor gebouwen in andere gevallen en voor bijbehorende bouwwerken: de gemiddelde hoogte van het aansluitende afgewerkte terrein, waarbij plaatselijke, niet bij het verdere verloop van het terrein passende, ophogingen of verdiepingen aan de voet van het bouwwerk / het gebouw, anders dan noodzakelijk voor de bouw daarvan, buiten beschouwing blijven;
Bij de toepassing van deze beleidsregels wordt als volgt gemeten en berekend:
Kopieer de link naar uw clipboard
https://zoek.officielebekendmakingen.nl/gmb-2025-409936.html
De hier aangeboden pdf-bestanden van het Staatsblad, Staatscourant, Tractatenblad, provinciaal blad, gemeenteblad, waterschapsblad en blad gemeenschappelijke regeling vormen de formele bekendmakingen in de zin van de Bekendmakingswet en de Rijkswet goedkeuring en bekendmaking verdragen voor zover ze na 1 juli 2009 zijn uitgegeven. Voor pdf-publicaties van vóór deze datum geldt dat alleen de in papieren vorm uitgegeven bladen formele status hebben; de hier aangeboden elektronische versies daarvan worden bij wijze van service aangeboden.