Aanwijzingsbesluit weesfietsen gemeente Steenbergen

Burgemeester en wethouders van gemeente Steenbergen:

Overwegende dat:

 

  • 1.

    het college van burgemeester en wethouders overeenkomstig artikel 5:12, tweede lid van de Algemene Plaatselijke Verordening (hierna: APV) plaatsen kan aanwijzen waar het verboden is om (brom)fietsen langer dan een door het college vastgestelde periode onafgebroken te laten staan;

 

  • 2.

    er regelmatig en vanuit verschillende kernen meldingen worden gemaakt van fietsen en bromfietsen (hierna: (brom)fietsen) die langdurig ongebruikt op dezelfde plaats staan;

 

  • 3.

    dergelijke lang gestalde (brom)fietsen kunnen leiden tot overlast, een beperking van de gebruiksmogelijkheden van de openbare ruimte, fietsendiefstal en vandalisme.

 

Gelet op artikel 5:12 Algemene Plaatselijke verordening

 

BESLUITEN

ARTIKEL I Reikwijdte

Om de openbare ruimte van alle bebouwde kommen van gemeente Steenbergen aan te wijzen als plaats waar het conform artikel 5:12 tweede lid van de APV verboden is om (brom)fietsen langer dan een onder artikel 2 van dit besluit bepaalde periode onafgebroken in de openbare ruimte te laten staan.

 

ARTIKEL II Duur

De periode waarna het verboden is om (brom)fietsen onafgebroken te laten staan te stellen op: 21 dagen.

 

ARTIKEL III Bekendmaking

Dit besluit wordt in het elektronische Gemeenteblad en in de decentrale regelingenbank geplaatst en treedt de dag na bekendmaking in werking.

 

ARTIKEL IV Citeertitel

Dit besluit wordt aangehaald als: Aanwijzingsbesluit weesfietsen gemeente Steenbergen

 

 

 

Steenbergen, 9 september 2025,

Hoogachtend,

Burgemeester en wethouders van Steenbergen,

De secretaris, De locoburgemeester,

A.N. Phaff- de Groot E.M.J. Prent

Bezwaar

Bent u het niet eens met dit besluit, dan kunt u een bezwaarschrift indienen. U richt uw bezwaarschrift aan het bestuursorgaan (college burgemeester en wethouders of burgemeester) dat het besluit heeft genomen. De termijn voor het indienen van het bezwaarschrift bedraagt zes weken vanaf de dag na de bekendmaking van dit besluit. Het bezwaarschrift dient te zijn voorzien van uw naam, adres, handtekening en de dagtekening. Daarnaast vermeldt u het besluit waartegen het bezwaar is gericht en de gronden van het bezwaar. Voor meer informatie zie www.gemeente-steenbergen.nl. Het indienen van het bezwaarschrift schorst de werking van het besluit niet. Heeft u er een spoedeisend belang bij dat het besluit niet in werking treedt, dan verzoekt u de voorzieningenrechter van de Rechtbank Zeeland-West-Brabant, team Bestuursrecht, om een voorlopige voorziening te treffen (Postbus 90006, 4800 RA, Breda). Aan het verzoek zijn kosten (griffierechten) verbonden.

 

Toelichting aanwijzingsbesluit

Gemeente Steenbergen krijgt regelmatig meldingen over (brom)fietsen die langdurig ongebruikt op dezelfde plaats staan. Inwoners ergeren zich daaraan en bellen de gemeente vervolgens met het verzoek deze fietsen te verwijderen.

 

Het gaat hier om (brom)fietsen die achtergelaten zijn en vermoedelijk niet meer door de eigenaar worden opgehaald. Een term die wordt gebruikt voor dit soort rijwiel is ‘weesfiets’. Handhaven en regelmatig verwijderen van weesfietsen leidt tot een betere kwaliteit van de openbare ruimte.

 

Voor de handhaving op weesfietsen is een aanwijzingsbesluit nodig. De grondslag hiervoor staat in artikel 5:12 tweede lid APV gemeente Steenbergen. Het college moet de plaatsen aanwijzen waar het verboden is om langdurig fietsen te stallen.

 

Er is een verscheidenheid aan plaatsen waar weesfietsen gevonden worden. Daarom is het nodig om een zo groot als redelijkerwijs mogelijk gebied aan te wijzen. Dit doen wij door de openbare ruimte binnen de bebouwde kommen van de gemeente Steenbergen aan te wijzen. Op deze manier worden alle voor het publiek openstaande plaatsen, zoals openbare wegen inclusief de bermen, maar ook openbare plantsoenen, speelweiden en parken als gebied aangewezen waar het verboden is om een fiets of bromfiets langer dan 21 dagen onafgebroken te laten staan.

 

Er is voor gekozen om een termijn van 21 dagen te hanteren. Op die manier is zeker gesteld dat een ieder een redelijk termijn heeft om zijn of haar (brom)fiets zelf te verwijderen.

 

De verwijdering van de (brom)fiets is een vorm van een last onder bestuursdwang (artikel 5:21 Awb). De Boa bevestigt aan de (brom)fiets de kennisgeving van de last onder bestuursdwang (een label). Hierop staat dat de fiets moet worden verwijderd en dat indien dit niet gebeurt de (brom)fiets na 21 dagen verwijderd zal worden. Concreet betekent dit dat de (brom)fiets wordt afgevoerd en opgeslagen op de gemeentewerf. Indien de rechthebbende de (brom)fiets terug wil hebben, kan hiervoor een ophaalafspraak worden gemaakt via het klantcontactcentrum. Verder is in de Awb geregeld dat de (brom)fiets mag worden verkocht indien deze niet binnen dertien weken is opgehaald door rechthebbende of als de kosten van opslag in verhouding tot de waarde van de (brom)fiets te hoog worden.

Naar boven