Gemeenteblad van Asten
| Datum publicatie | Organisatie | Jaargang en nummer | Rubriek |
|---|---|---|---|
| Asten | Gemeenteblad 2025, 397413 | beleidsregel |
Zoals vergunningen, bouwplannen en lokale regelgeving.
Adressen en contactpersonen van overheidsorganisaties.
U bent hier:
| Datum publicatie | Organisatie | Jaargang en nummer | Rubriek |
|---|---|---|---|
| Asten | Gemeenteblad 2025, 397413 | beleidsregel |
Meldprotocol integriteitsschending medewerkers gemeente Asten 2025
De gemeente Asten streeft naar een organisatie waar integer en respectvol met elkaar wordt gewerkt en met elkaar wordt omgegaan. Er wordt een actief integriteitsbeleid overeenkomstig de ‘Gedragscode integriteit medewerkers gemeente Asten 2025’ gevoerd in de zin van artikel 4, eerste lid, van de Ambtenarenwet waarbij misbruik van bevoegdheden, belangenverstrengeling en discriminatie worden voorkomen. Onderdeel van het integriteitsbeleid is dit 'Meldprotocol integriteitsschending medewerkers gemeente Asten 2025'.
Dit meldprotocol beschrijft de stappen die worden gezet in geval van meldingen van (voormalig) medewerkers van de gemeente Asten die te maken krijgen met een (vermoeden van een) integriteitsschending. Dit meldprotocol is van toepassing op integriteitsschendingen die niet raken aan het maatschappelijk belang, omdat zij niet ernstig of omvangrijk genoeg zijn. Je kunt hierbij bijvoorbeeld denken aan zaken als belangenverstrengeling of diefstal die geen structureel karakter heeft.
Dit protocol laat de bij of krachtens de wet gegeven mogelijkheden tegen integriteitsschendingen op te treden onverlet.
Het protocol is openbaar. De medewerkers ontvangen bij hun start van hun dienstbetrekking/opdracht een exemplaar van dit protocol.
Dit protocol is niet van toepassing op:
Betrokkene: de persoon waarop de melding betreffende een (vermoeden van een) integriteitsschending betrekking heeft.
Bevoegd gezag: de gemeentesecretaris van de gemeente Asten. Daar waar in deze regeling de gemeentesecretaris bevoegd is, is tevens de loco-gemeentesecretaris bevoegd. Indien de melding de gemeentesecretaris betreft, is de loco-gemeentesecretaris het bevoegd gezag;
Coördinator integriteit: de persoon die door het college van burgemeester en wethouders is aangewezen om het bevoegd gezag te ondersteunen en te adviseren ten aanzien van (vermoedens van) integriteitsschendingen;
Derden: iedereen met wie medewerkers van de gemeente Asten in hun functie te maken hebben; bijvoorbeeld inwoners, medewerkers van leveranciers en oud-medewerkers;
Integriteitsschending: een gedraging van een medewerker die in strijd is met het handelen als goed werknemer’. Het kan gaan om feiten die wettelijk strafbaar zijn, maar ook om handelingen in strijd met geschreven of ongeschreven regels.
Medewerker: degene die krachtens arbeidsovereenkomst naar burgerlijk recht of publiekrechtelijke aanstelling arbeid verricht bij de gemeente Asten dan wel degene die anders dan in dienstbetrekking arbeid verricht bij de gemeente Asten, waaronder niet wordt begrepen de (loco)burgemeester, de wethouders, de raadsleden, de commissieleden, de griffier en de griffiemedewerkers;
Melder: een (voormalig) medewerker van de gemeente Asten die een vermoeden van een integriteitsschending meldt;
Melding: de melding van (een vermoeden van) een integriteitsschending op grond van de onderhavige 'Meldprotocol integriteitsschending medewerkers gemeente Asten 2025';
Onderzoek: een onderzoek gericht op het verzamelen en op schrift stellen van feiten naar aanleiding van een melding van (een vermoeden van) een integriteitsschending;
Organisatie: de organisatie van de gemeente Asten;
Vertrouwenspersoon: degene die als vertrouwenspersoon is aangewezen door het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Asten;
De coördinator integriteit is verplicht tot geheimhouding van alle zaken die deze in de hoedanigheid van coördinator integriteit verneemt. De plicht tot geheimhouding vervalt niet na beëindiging van de werkzaamheden als coördinator integriteit. Tenzij de wet anders bepaalt, is de coördinator integriteit niet gehouden ten opzichte van derden informatie te geven waarover geheimhouding bestaat.
De coördinator integriteit stuurt de melder een ontvangstbevestiging van de melding en registreert de melding in een daarvoor ingericht register. Indien de melding anoniem is gedaan, wordt geen ontvangstbevestiging verzonden. In het register wordt wel de datum van ontvangst van de anonieme melding aangetekend.
Als het bevoegd gezag, eventueel na consultatie met de burgemeester (in verband met zijn/haar rol van portefeuillehouder personeel), beslist tot het instellen van een onderzoek, wordt een onderzoeksopdracht verstrekt aan de coördinator integriteit, dan wel aan een externe onderzoeker. De beslissing of de onderzoeksopdracht wordt verstrekt aan een externe onderzoeker is aan het bevoegd gezag, weliswaar in afstemming met de melder.
De melder ontvangt binnen vier weken na verzending van de ontvangstbevestiging van de melding schriftelijk bericht van de coördinator integriteit of een onderzoek wordt ingesteld en zo ja, wat de onderzoeksopdracht is en door wie het onderzoek wordt uitgevoerd. Als duidelijk is dat dit bericht niet binnen vier weken kan worden gegeven, informeert de coördinator integriteit de melder daar binnen de termijn van 4 weken schriftelijk over, onder opgaaf van redenen. Daarbij wordt aangegeven wanneer de melder een bericht tegemoet kan zien.
5. Uitvoering van het onderzoek
De uitvoering van het onderzoek naar een melding door de coördinator integriteit bestaat uit het navolgende:
De coördinator integriteit zorgt er vervolgens voor dat de betrokkene en betrokken derde(n) (afzonderlijk) worden gehoord door het bevoegd gezag in het bijzijn van de coördinator integriteit. Betrokkene en betrokken derden zijn verplicht mee te werken aan het onderzoek. Zij worden vooraf op de hoogte gesteld van de aard en de mogelijke duur van het gesprek. Hen wordt meegedeeld dat zij zich kunnen laten bijstaan door een raadsman. Ook is het, indien de melder dit wenst, mogelijk dat de vertrouwenspersoon bij het horen van de melder aanwezig is.
De coördinator integriteit stelt een door hem ondertekend verslag van het horen op en stuurt dit naar degenen die gehoord zijn, zodat deze de mogelijkheid hebben daar binnen vijf werkdagen schriftelijk op te reageren, met de mogelijkheid tot het doen van voorstellen tot aanpassing van het gespreksverslag.
6. Beslissing bevoegd gezag na afronding onderzoek
Na afronding van het onderzoek stelt de coördinator integriteit dan wel de externe onderzoeker een advies op voor het bevoegd gezag naar aanleiding van het onderzoek. Het advies bevat een samenvatting van de onderzoeksgegevens (zoals het verslag van het horen), een beoordeling of sprake is van een integriteitsschending en eventueel een aanbeveling aan het bevoegd gezag over te nemen (preventieve) maatregelen die betrekking hebben op het vermoeden van een integriteitsschending.
De betrokkene krijgt de gelegenheid – voordat het advies aangeboden wordt aan het bevoegd gezag – kennis te nemen van het conceptadvies inclusief eventuele bijlagen. Ook krijgt hij de gelegenheid tot het maken van schriftelijke opmerkingen naar aanleiding van het conceptadvies. Deze opmerkingen worden als bijlage bij het definitieve rapport opgenomen, ongeacht of ze hebben geleid tot aanpassing van de concepttekst.
Als duidelijk is dat de beslissing redelijkerwijs niet binnen vier maanden na verzending van de ontvangstbevestiging van de melding kan worden gegeven, informeert de coördinator integriteit de melder en de betrokkene daar schriftelijk over. Daarbij wordt aangegeven binnen welke termijn de melder en de betrokkene de beslissing tegemoet kunnen zien.
Voor een ieder die is betrokken bij de melding van of het onderzoek naar een (vermoeden van een) integriteitsschending geldt een geheimhoudingsplicht. Die geheimhoudingsplicht geldt voor gegevens waarvan betrokken personen weten dat het vertrouwelijke gegevens zijn of waarvan zij redelijkerwijs moeten vermoeden dat die gegevens vertrouwelijk zijn. De geheimhoudingsplicht geldt niet als de melding verplicht is op grond van een wettelijk voorschrift.
Als bekendmaking van de identiteit van de melder verplicht is op grond van enig wettelijk voorschrift in het kader van onderzoek door een bevoegde autoriteit of een gerechtelijke procedure, dan wordt de melder daarvan vooraf in kennis gesteld met schriftelijke opgaaf van redenen, behalve als dit het onderzoek of de gerechtelijke procedure in gevaar zou kunnen brengen.
8. Bescherming melder, degene die melder bijstaat en betrokken derden
De werkgever zorgt ervoor dat de melder bij de uitoefening van zijn werkzaamheden op geen enkele wijze nadelige gevolgen ondervindt van de melding. Indien de melder een medewerker is van de gemeente Asten, dan ondervindt de medewerker als gevolg van de melding geen nadelige gevolgen voor zijn rechtspositie, zoals bedoeld in de Regeling melding vermoeden misstand gemeente Asten.
De melder mag tijdens en na de behandeling van een melding niet worden benadeeld als gevolg van de melding, onder de voorwaarde dat hij de melding naar behoren heeft gedaan en bij de melding redelijke gronden had om aan te nemen dat de gemelde informatie over (het vermoeden van) een integriteitsschending op het moment van melding juist was.
Onder benadeling in de zin van dit artikel wordt in ieder geval verstaan het nemen van een voor de melder nadelige maatregel die samenhangt met het doen van de melding, voor zover deze besluiten worden genomen vanwege de door de melder gedane melding, zoals:
10. Rectificatie en eerherstel
Mogelijkheden voor het geven van eerherstel aan de betrokkene zijn mondelinge of schriftelijke kennisgevingen die alleen aan de betrokkene worden gedaan of in aanwezigheid van collega’s of kennisgeving via interne communicatie in de organisatie. De betreffende kennisgeving kan worden gedaan door direct of hogere leidinggevenden of op andere wijze.
Kopieer de link naar uw clipboard
https://zoek.officielebekendmakingen.nl/gmb-2025-397413.html
De hier aangeboden pdf-bestanden van het Staatsblad, Staatscourant, Tractatenblad, provinciaal blad, gemeenteblad, waterschapsblad en blad gemeenschappelijke regeling vormen de formele bekendmakingen in de zin van de Bekendmakingswet en de Rijkswet goedkeuring en bekendmaking verdragen voor zover ze na 1 juli 2009 zijn uitgegeven. Voor pdf-publicaties van vóór deze datum geldt dat alleen de in papieren vorm uitgegeven bladen formele status hebben; de hier aangeboden elektronische versies daarvan worden bij wijze van service aangeboden.