Gemeenteblad van Deurne
Datum publicatie | Organisatie | Jaargang en nummer | Rubriek |
---|---|---|---|
Deurne | Gemeenteblad 2025, 37332 | beleidsregel |
Zoals vergunningen, bouwplannen en lokale regelgeving.
Adressen en contactpersonen van overheidsorganisaties.
U bent hier:
Datum publicatie | Organisatie | Jaargang en nummer | Rubriek |
---|---|---|---|
Deurne | Gemeenteblad 2025, 37332 | beleidsregel |
Uitvoeringsprogramma inclusief afwegingskader
Behorende bij de Woon-welzijn-zorgvisue 2024-2040
Dit uitvoeringsprogramma volgt uit de Woon-welzijn-zorg visie van Deurne, zoals vastgesteld door de gemeenteraad d.d. 10 december 2024. Het uitvoeringsprogramma betreft een concrete uitwerking van deze visie, dat aanzet tot actie. Het uitvoeringsprogramma bevat concrete acties die zijn gekoppeld aan de speerpunten in de visie en bevat een afwegingskader voor woning- en woonzorginitiatieven.
De definities waarvan gebruikt wordt gemaakt in dit stuk zijn conform Begrippenlijst Wonen MRE1 en monitoring vindt plaats via JUNO2
In de woon-welzijn-zorg visie zijn drie thema’s geformuleerd:
Voor elk van deze thema’s is in de woon-welzijn-zorgvisie uiteengezet wat de ambitie en speerpunten van de gemeente zijn. In de hierop volgende pagina’s zijn tabellen opgenomen met concrete maatregelen die hieruit volgen. Sommige van deze maatregelen worden op het moment van schrijven al gehandhaafd, anderen zullen om een meer actieve inzet vragen, vanuit de gemeente en/of vanuit corporaties, de markt, zorgpartijen, welzijnsorganisaties en inwoners. De trekkers, partners, het tijdspad en in welke kernen de actie wordt uitgevoerd wordt per actie in de tabel weergegeven.
1.2. Een passende woningvoorraad
|
We stellen een toets-/ afwegingskader vast (door het college) en monitoren via JUNO |
|||||
Zelfbewoningsverplichting voor nieuwe koopwoningen van 3 naar 5 jaar en geen termijn voor zelfbewoning bij nieuwe huurwoningen |
||||||
We onderzoeken de mogelijkheden voor (inkomensafhankelijke) erfpacht, wel/niet met mogelijkheid voor aankoop |
||||||
In stedenbouwkundige ontwerpen en omgevingsplannen beperken we kavel- en woninggrootte, evenals de uitbreidingsmogelijkheden van een woning (ook in de kerkdorpen). Deze afspraken leggen we (ook) vast in anterieure overeenkomsten (voortzetting huidig beleid) |
||||||
We doen onderzoek naar het vereveningsfonds (Nota Kostenverhaal gekoppeld aan Omgevingsvisie) |
||||||
Sociale koop: we onderzoeken de mogelijkheden voor inzet koopconstructies, gericht op lagere inkomens, gericht op de bestaande voorraad van Bergopwaarts (BOW) om evenwichtige gemêleerde wijken te bevorderen. Hierbij wordt er gekeken naar constructies die langdurig (minimaal 20 jaar) de betaalbaarheid van de woning waarborgt, zoals KoopGarant en Slimmerkopen. |
||||||
|
In specifieke situaties maken we afspraken met Bergopwaarts over voorrang en/of met ontwikkelaars (eerst lokaal aanbieden) |
|||||
We onderzoeken of het wenselijk is, en zo ja, op welke wijze de vereisten van het woningbouwprogramma (percentages, definities sociale huur, betaalbare koop en middeldure huur, doelgroep en instandhoudingstermijn) publiekrechtelijk verankerd worden onder de Omgevingswet (voorheen Doelgroepenverordening) |
||||||
We onderzoeken de mogelijkheden voor een pilot nieuwbouw middenhuur (nultreden rollatorgeschikt) met specifieke afspraken om de doorstroming van koop naar huur te bevorderen (in eerste instantie gericht op senioren die dat willen, maar wellicht ook andere doelgroepen) |
||||||
We faciliteren/informeren zodat nieuwbouw ook leidt tot doorstroming. Dit kan o.a. via van Goed naar Beter (Bergopwaarts) en Mijn Huis Past (LEV, vrijwilligers, financiering gemeente). Toelichting: Mijn Huis Past gaat in eerste instantie om de check van de eigen woning, maar dat kan leiden tot breder gesprek |
||||||
|
We zorgen voor een combinatie van diverse woningtypen, zoals appartementen, rijwoningen en vrijstaande woningen, allemaal in verschillende prijssegmenten, zodat er een inclusieve omgeving ontstaat die mensen van verschillende achtergronden en inkomensniveaus aantrekt |
|||||
Bij gebiedsontwikkelingen/uitbreidingslocaties reserveren we ruimte voor projecten onder (Collectief) Particulier Opdrachtgeverschap (CPO, De Derde Bouwstroom) en/of woonzorgconcepten. De kaders voor deze projecten stellen we per project vast |
||||||
We faciliteren CPO-projecten op basis van initiatieven van bijvoorbeeld Dorps- en wijkraden en/of specifieke doelgroepen |
||||||
Voor bestaande wijken maken we een analyse aan de hand van de wijkvisies (zie prestatieafspraken Bergopwaarts-gemeente-HBO) en op basis daarvan maken we afspraken over aanpassing, verkoop, toevoeging van woningen en woonvormen. |
||||||
|
||||||
|
We maken concrete afspraken met Bergopwaarts waarbij er continu overleg plaats vindt over mogelijkheden en locaties |
|||||
We sluiten aan bij de regionale verordening mits er voldoende ruimte is voor lokaal maatwerk. |
||||||
We onderzoeken en pakken onze kansen voor gecombineerde projecten (gemengd sociale huur met koop). Bijvoorbeeld bij CPO. |
||||||
|
Dit is belegd in het gemeentelijk beleid (zie: Externe link: https://www.deurne.nl/duurzaamdeurne) en in de prestatieafspraken met Bergopwaarts |
1.4. Toekomstbestendige ondersteuning
|
We zetten in op inrichting van de openbare ruimte en straatmeubilair dat uitnodigt tot ontmoeten en bewegen5 |
|||||
We maken slimme combinaties van voorzieningen zoals multifunctionele accommodaties (MFA’s) met zorg, welzijn, sport, ontmoeten en een openbaar toilet. |
||||||
We zetten in op inwoner participatie bij bijvoorbeeld het onderhoud van straten. |
||||||
|
We communiceren over MijnHuisPast. Via MijnHuisPast kunnen er woonchecks worden aangevraagd om zo lang mogelijk passend en veilig in de eigen woning te kunnen blijven wonen |
|||||
We zetten in op zelf- en samenredzaamheid via de campagne: Wat kun jij, wat doen wij |
||||||
We spelen in op sleutelfiguren en de al aanwezige energie in een wijk |
||||||
We onderzoeken in hoeverre ‘Zorgsamenbuurt’ (burgerinitiatief Centrum) kansen biedt voor andere wijken/buurten |
||||||
We onderzoeken de mogelijkheden om niet alleen wijkraden subsidie te geven, maar ook wijkactiviteiten. |
||||||
We leggen en behouden de koppeling met Peel Duurzaam Gezond, de koersagenda Peelgemeenten en de gemeentelijke gezondheidsvisie. |
||||||
|
We gaan door met mantelzorgondersteuning en blijven onderzoeken waar behoefte aan is bij mantelzorgers |
|||||
We faciliteren initiatieven waarbij jongeren bij ouderen inwonen (kamers met aandacht, samen in 1 huis) |
||||||
|
We hebben aandacht voor spoedgevallen die geen netwerk hebben. |
|||||
Meer passende woningen voor mensen met een zorg- en ondersteuningsvraag |
|
We realiseren 50 tot 100 zorggeschikte woningen/zorgplaatsen PG en somatisch tot 2040 |
||||
We zorgen voor 30 woningen per jaar voor uitstroom uit zorg (niet senioren) |
||||||
We hebben aandacht voor draagkracht. Dit moet in balans zijn. |
||||||
Dit hoofdstuk begint met het schetsen van de randvoorwaarden. Hierbij bespreken we eerst het totale woningbouwprogramma en gaan we nader in op de voorwaarden naar grootte van een project. Hierna volgt een afwegingskader voor nieuwe initiatieven rondom wonen en wonen met zorg. Het schematische stappenplan op pagina 19 wordt in de daaropvolgende pagina’s verder uitgelegd.
Het totale woningbouwprogramma van de gemeente voldoet aan de volgende uitgangspunten:
Tabel 1: Totale woningbouwprogramma, gemeente Deurne 8
Deurne kiest voor een gedetailleerd overzicht, zodat het wenselijk programma helder is en afwijkingen van het onderstaand afwegingskader (de uitgangspunten per project) eenduidig te motiveren zijn.
Voorwaarden naar grootte project
Zelfstandige woningen/studio’s zijn minimaal 40m2 GBO9.
Voor projecten met 10 woningen of meer is het verplicht om in het voortraject in gesprek te gaan met woningbouwvereniging Bergopwaarts over de realisatie van sociale huur. Indien dit niet leidt tot overeenstemming moet dit schriftelijk gemotiveerd worden. Bij projecten van 30 of meer woningen moet vervolgens onderzocht worden of met een andere woningbouwcorporatie wel overeenstemming bereikt kan worden.
Woningsplitsing binnen bestaand stedelijk gebied is alleen toegestaan als beide woningen minimaal 40m2 GBO zijn, beide een directe relatie (zicht) hebben op de openbare ruimte en voldaan wordt aan de gemeentelijke parkeernormen. Na woningsplitsing (splitsing van een bestaand pand) is kadastrale splitsing van het perceel toegestaan. Een woning mag maximaal 1x betrokken zijn bij een woning- of kavelsplitsing.
Aan kavelsplitsing binnen bestaand stedelijk gebied wordt alleen medewerking verleend als de kavels van beide woningen (de bestaande en de nieuwe) minimaal 350m2 zijn, beide kavels aan de openbare weg liggen, het bebouwingspercentage per kavel maximaal 50% bedraagt en voldaan wordt aan de gemeentelijke parkeernormen. Kavelsplitsing betreft aanvragen waarbij een bestaande woning gehandhaafd blijft en een gedeelte van de tuin kadastraal is of wordt afgesplitst ter realisatie van één nieuwe woning op het afgesplitste perceel. Een woning of kavel mag maximaal 1x betrokken zijn bij een woning- of kavelsplitsing.
Aan de realisatie één nieuwe woning op ‘losse’ kadastrale kavels binnen bestaand stedelijk gebied wordt alleen medewerking verleend als het kavel minimaal 350m2 is en aan de openbare weg ligt, het bebouwingspercentage van het kavel maximaal 50% bedraagt en voldaan wordt aan de gemeentelijke parkeernormen.
Aan woningbouw buiten het bestaand stedelijk gebied wordt alleen medewerking verleend indien:
Het een woningbouwontwikkeling betreft waarbij er op de ontwikkellocatie sprake is van substantiële/aanzienlijke ruimtelijk-planologische kwaliteitswinst (maatwerk). Woningbouw kan alleen worden gerealiseerd op of aansluitend aan de betreffende saneringslocatie en passend binnen provinciaal beleid, zoals lintbebouwing of binnen bebouwingscluster, of
Gezien de beperkte capaciteit binnen de ambtelijke organisatie, is besloten een tijdelijke maatregel in te stellen. Deze maatregel houdt in dat projecten waarbij vijf of minder woningen worden gerealiseerd en waarvoor een planologische procedure noodzakelijk is, niet in behandeling worden genomen. Er zijn enkele uitzonderingen op deze regel:
Voorwaarden projecten 1-3 woningen
Voorwaarden projecten 4-9 woningen
Voorwaarden projecten 10-29 woningen
Voorwaarden projecten 30 woningen of meer
Afwijken, extra voorwaarden en prioriteit Het college behoudt de mogelijkheid om, op gemotiveerde basis, af te wijken van de gestelde voorwaarden. Deze afwijking kan worden onderbouwd door verschillende overwegingen, waaronder (maar niet beperkt tot):
Daarnaast kan het college gemotiveerd extra voorwaarden opleggen. Dit kan bijvoorbeeld het geval zijn wanneer het aandeel appartementen in het totale woningbouwprogramma te hoog wordt, of wanneer het percentage nultredenwoningen te laag is. Met oog op de toenemende behoefte aan geclusterde woonvormen in zowel de koop- als vrije sector huursector, kan het college tevens vaststellen dat er voldaan moet worden aan de voorwaarden voor geclusterd wonen. Indien er keuzes moeten worden gemaakt bij de behandeling van woningbouwprojecten, worden de volgende aspecten als leidend beschouwd voor een hogere prioriteit:
|
Gebiedsontwikkelingen, CPO, woonzorgconcepten
Bij gebiedsontwikkelingen zijn de voorwaarden ‘projecten 30 woningen of meer’ van toepassing. Het college kan besluiten dat bij gebiedsontwikkelingen/uitbreidingslocaties een door het college te bepalen gedeelte gereserveerd wordt voor projecten onder (Collectief) Particulier Opdrachtgeverschap (CPO, De Derde Bouwstroom) en/of woonzorgconcepten. De kaders voor deze projecten worden per project door het college vooraf vastgesteld.
Het college kan daarnaast besluiten Collectief Particulier Opdrachtgeverschap-projecten op basis van initiatieven van bijvoorbeeld Dorps- en wijkraden en/of specifieke doelgroepen te faciliteren, indien zij aanvullend zijn op het voorgaande en een meerwaarde hebben voor het dorp of de wijk. Dit kan zijn op gemeentelijke grond, maar het kan ook betekenen dat aan initiatiefnemers/ontwikkelaars wordt gevraagd projecten in overleg-samenwerking met potentiële gegadigden te ontwikkelen.
Er wordt getoetst op de volgende kaders:
Getoetst wordt of het initiatief aansluit bij de gemeentelijke uitgangspunten op het gebied van wonen, welzijn en zorg.
Positief: Past het initiatief binnen de beleidskaders, dan wordt stap 2 getoetst.
Negatief: Past het initiatief niet binnen de beleidskaders? Dan wordt negatief geadviseerd ten aanzien van het initiatief. Aan de indiener wordt aangegeven waarom negatief wordt geadviseerd. De indiener wordt de gelegenheid geboden een aangepast plan in te dienen. Door middel van overleg met de initiatiefnemer wordt geprobeerd het initiatief om te buigen naar initiatief dat wel kan bijdragen aan de gemeentelijke visie.
Met deze stap toetst de gemeente in hoeverre een initiatief bijdraagt aan de realisatie van de ambities. In welke mate draagt het initiatief bij aan de behoefte aan (woonzorg)woningen/plekken in de gemeente? Deze opgave (het verschil tussen de toekomstige vraag en het huidige aanbod) is beschreven in de Woon-welzijn-zorg visie Deurne 2024-2040.
Het betreft de toets op hoe het initiatief bijdraagt aan de kwantitatieve behoefte aan woningen voor een specifieke doelgroep op een specifieke plek, nu en in de toekomst. Waarom deze doelgroep? Waarom hier? Hoe ontwikkelt de kwantitatieve behoefte zich en hoe speelt dit initiatief hierop in?
Het betreft de toets op hoe het initiatief bijdraagt aan het vergroten van de diversiteit van het woningaanbod in de gemeente en kernen.
Urgentie doelgroep ( Aandachtsgroepen )
Het betreft de toets op hoe het initiatief voorziet in het oplossen van een acuut probleem.
Het betreft de toets op de snelheid waarmee het initiatief gerealiseerd kan worden.
Positief: Past het initiatief binnen de kwantitatieve en kwalitatieve behoefte aan woonvoorzieningen, dan wordt stap 3 getoetst.
Negatief: Past het initiatief niet bij de behoeften die er binnen de gemeente zijn? Dan wordt negatief geadviseerd ten aanzien van het initiatief. Aan de indiener wordt aangegeven waarom het advies negatief is. De indiener wordt de gelegenheid geboden een aangepast plan in te dienen. Door middel van overleg met de initiatiefnemer wordt geprobeerd het initiatief om te buigen naar een initiatief dat wel kan bijdragen aan de gemeentelijke behoeften.
In deze stap wordt de vraag beantwoord in hoeverre het initiatief bijdraagt aan de doelen en ambities uit de Woon-welzijn-zorg visie. Het gaat om de toetsing aan concrete criteria. Hierbij wordt niet alleen gekeken naar de kwaliteit van de woningen. Maar ook naar de (nabijheid van) zorg, voorzieningen, de buitenruimte en de omgeving.
Welzijn / ontmoeten / omzien naar elkaar
Het betreft de toets op hoe het initiatief bijdraagt aan het bevorderen van ontmoeten en omzien naar elkaar: tussen de toekomstige bewoners onderling en met de (directe) omgeving.
Toegankelijkheid van de woningen
Het betreft de toets op hoe de mate van toegankelijkheid van de woningen aansluit bij de behoeften van de doelgroep van het initiatief.
Voldoet het ontwerp aan het basisniveau van toegankelijkheid (nultredewoning), zodat het eventueel ook inzetbaar is voor gebruikers van loophulpmiddelen? Hanteer hiervoor BAT-score 2 (rollatorgeschikt)11.
Geschiktheid locatie en omgeving
Het betreft de toets op in hoeverre de locatie en ligging passend is voor het huisvesten van de doelgroep van het initiatief.
Ligging in de omgeving: Past de omgeving van de locatie bij de doelgroep van het initiatief?
Is de locatie geschikt voor de doelgroep/geschikt te maken voor de doelgroep, wanneer gekeken wordt naar toegankelijkheid van de openbare ruimte? Zijn hier aanpassingen voor nodig? Zo ja: is het haalbaar en wenselijk voor de gemeente om deze aanpassingen te realiseren (o.a. i.v.m. benodigde budgetten)? Bijvoorbeeld: oversteekplekken, instelling stoplichten, vluchtheuvels, hoogte stoepen, etc.
Het betreft de toets op of en hoe de brede benadering van positieve gezondheid in het plan is geïntegreerd (indien initiatief (deels) gericht is op senioren en/of zorgbehoevenden).
Wordt binnen het initiatief de positieve gezondheidsbenadering toegepast?
Is in het ontwerp van het gebouw aandacht voor een ‘herstelgerichte omgeving17’? Op welke manier?
Eindresultaat toets na doorlopen 3 stappen:
De mogelijke eindresultaten na het doorlopen van het afwegingskader zijn:
Kopieer de link naar uw clipboard
https://zoek.officielebekendmakingen.nl/gmb-2025-37332.html
De hier aangeboden pdf-bestanden van het Staatsblad, Staatscourant, Tractatenblad, provinciaal blad, gemeenteblad, waterschapsblad en blad gemeenschappelijke regeling vormen de formele bekendmakingen in de zin van de Bekendmakingswet en de Rijkswet goedkeuring en bekendmaking verdragen voor zover ze na 1 juli 2009 zijn uitgegeven. Voor pdf-publicaties van vóór deze datum geldt dat alleen de in papieren vorm uitgegeven bladen formele status hebben; de hier aangeboden elektronische versies daarvan worden bij wijze van service aangeboden.