Verordening tot achtste wijziging van de Verordening maatschappelijke ondersteuning gemeente Voorschoten 2015

De raad van de gemeente Voorschoten;

 

Gelet op artikel 2.1.3 van de Wet maatschappelijke ondersteuning 2015

 

gezien het advies van de adviesraad Sociaal Domein Voorschoten van 6 mei 2025

 

gezien het voorstel van burgemeester en wethouders van dinsdag 20 mei 2025,

 

 

besluit:

 

De Verordening tot achtste wijziging van de Verordening maatschappelijke ondersteuning gemeente Voorschoten 2015 vast te stellen.

Artikel I  

De Verordening maatschappelijke ondersteuning gemeente Voorschoten 2015 wordt als volgt gewijzigd:

 

A

 

Artikel 1.1 wordt als volgt gewijzigd:

 

a.

 

De onder e opgenomen begripsomschrijving komt te vervallen.

 

b.

 

De onder d opgenomen begripsomschrijving wordt opgenomen onder e.

 

c.

 

Een nieuwe begripsomschrijving wordt onder d toegevoegd en deze komt te luiden als volgt:

 

Bemiddelingsbureau: organisatie die PGB-houders ondersteunt, hieronder worden ook tussenpersonen en belangenbehartigers verstaan.

 

d.

 

De onder i opgenomen begripsomschrijving wordt opgenomen onder k.

 

e.

 

Een nieuwe begripsomschrijving wordt onder i toegevoegd en deze komt te luiden als volgt:

 

Eigen kracht: eigen mogelijkheden en probleemoplossend vermogen van de cliënt, diens leefeenheid en sociale netwerk en andere (hulpverlenende) instellingen;

 

f.

 

De onder j opgenomen begripsomschrijving wordt opgenomen onder m en wordt gewijzigd en komt te luiden als volgt:

 

Hoofdverblijf: de woonruimte, bestemd en geschikt voor permanente bewoning, waar de cliënt zijn vaste woon- en verblijfplaats heeft of zal hebben en op welk adres hij in de Basisregistratie Personen staat of zal staan. Indien de cliënt met een briefadres in de Basisregistratie Personen ingeschreven staat, gaat het om het feitelijke woonadres;

 

g.

 

Een nieuwe begripsomschrijving wordt opgenomen onder j en deze komt te luiden als volgt:

 

Gebruikelijke hulp: de normale, dagelijkse zorg/ondersteuning die alle meerderjarige leden van een leefeenheid geacht worden elkaar onderling te bieden, omdat ze als leefeenheid een gezamenlijk huishouden voeren en op die grond een gezamenlijke verantwoordelijkheid hebben voor het functioneren van dat huishouden;

 

h.

 

De onder k opgenomen begripsomschrijving wordt opgenomen onder n en de onder n opgenomen begripsomschrijving wordt opgenomen onder q en wordt gewijzigd en deze komt te luiden als volgt:

 

Instelling: volgens de Wet toelating zorginstellingen, een ziekenhuis of kleinschalig wooninitiatief als bedoeld in de Regeling Subsidies Wlz;

 

i.

 

De onder l opgenomen begripsomschrijving wordt opgenomen onder o.

 

j.

 

Een nieuwe begripsomschrijving wordt onder l toegevoegd en deze komt te luiden als volgt:

 

Goedkoopst adequaat: een te verstrekken voorziening dient allereerst adequaat, dat wil zeggen passend, te zijn. Als er twee of meer voorzieningen adequaat zijn, dan wordt er gekozen om de goedkoopste voorziening te verstrekken;

 

k.

 

De onder m opgenomen begripsomschrijving wordt opgenomen onder p.

 

l.

 

De onder o opgenomen begripsomschrijving wordt opgenomen onder r en wordt gewijzigd en komt te luiden als volgt:

 

Jaarinkomen: het bruto actueel gezamenlijk inkomen als bedoeld in artikel 32 Participatiewet waarover de persoon en zijn eventuele echtgenoot/geregistreerd partner beschikken of redelijkerwijs kunnen beschikken;

 

m.

 

De onder p opgenomen begripsomschrijving wordt opgenomen onder u.

 

n.

 

De onder q opgenomen begripsomschrijving wordt opgenomen onder v.

 

o.

 

De onder r opgenomen begripsomschrijving wordt opgenomen onder w.

 

p.

 

De onder s opgenomen begripsomschrijving wordt opgenomen onder x.

 

q.

 

Een nieuwe begripsomschrijving wordt onder s toegevoegd en deze komt te luiden als volgt:

 

s.

 

Kortdurend verblijf: verblijf in een instelling voor een afgebakende periode;

 

r.

 

De onder u opgenomen begripsomschrijving wordt opgenomen onder z

 

s.

 

De onder v opgenomen begripsomschrijving wordt opgenomen onder aa en de onder aa opgenomen begripsomschrijving wordt opgenomen onder gg.

 

t.

 

De onder w opgenomen begripsomschrijving wordt opgenomen onder bb en de onder bb opgenomen begripsomschrijving wordt opgenomen onder hh.

 

u.

 

De onder x opgenomen begripsomschrijving wordt opgenomen onder dd en de onder dd opgenomen begripsomschrijving wordt opgenomen onder kk en wordt gewijzigd en komt te luiden als volgt:

 

Woning: een voor permanente bewoning bestemde en geschikte woonruimte waarbij geen wezenlijke woonfuncties, zoals woon- en slaapruimte, was en kookgelegenheid en toilet met andere woningen worden gedeeld. Hieronder begrepen een woonschip en een woonwagen mits bestemd voor permanent bewoning;

 

v.

 

De onder y opgenomen begripsomschrijving wordt opgenomen onder ee en de onder ee opgenomen begripsomschrijving wordt opgenomen onder ll.

 

w.

 

De onder z opgenomen begripsomschrijving wordt opgenomen onder ff en de onder ff opgenomen begripsomschrijving komt te vervallen.

 

x.

 

De onder cc opgenomen begripsomschrijving wordt opgenomen onder ii.

 

y.

 

Een nieuwe begripsomschrijving wordt onder cc toegevoegd en deze komt te luiden als volgt:

 

PGB-vaardig: voldoende in staat om de taken die bij het persoonsgebonden budget horen op een verantwoorde manier uit te voeren en daarbij een redelijke afweging van belangen te maken;

 

z.

 

Een nieuwe begripsomschrijving wordt onder jj toegevoegd en deze komt te luiden als volgt:

 

Wonen met ondersteuning: wonen in een accommodatie van een instelling met daarbij behorende toezicht en begeleiding, gericht op het bevorderen van zelfredzaamheid en participatie, het psychisch en psychosociaal functioneren, stabilisatie van een psychiatrisch ziektebeeld, het voorkomen van verwaarlozing of maatschappelijke overlast of het afwenden van gevaar voor de cliënt of anderen, bestemd voor personen met psychische of psychosociale problemen, die niet in staat zijn zich op eigen kracht te handhaven in de samenleving (voorheen beschermd wonen).

 

aa.

 

Een nieuwe begripsomschrijving wordt onder mm toegevoegd en deze komt te luiden als volgt:

 

Zelfredzaamheid: in staat zijn tot het uitvoeren van de noodzakelijke algemene dagelijkse levensverrichtingen en het voeren van een gestructureerd huishouden.

 

B

 

a.

 

Artikel 2.3 lid 4 wordt vernummerd tot artikel 2.3 lid 5 en artikel 2.3 lid 5 wordt vernummerd tot artikel 2.3 lid 6.

 

b.

 

Aan artikel 2.3 wordt een nieuw lid 4 toegevoegd en dit komt als volgt te luiden:

 

Indien het gesprek een hernieuwde hulpvraag betreft, dient een evaluatieverslag te worden aangeleverd met daarin het resultaat van de doelen van de eerdere indicatie en opnieuw geformuleerde doelen.

 

c.

 

Artikel 2.3 lid 6 wordt vernummerd tot artikel 2.3 lid 7 en wordt gewijzigd en komt als volgt te luiden:

 

Gedurende het gesprek, als bedoeld in artikel 2.3, wordt gesproken over de terreinen van beperkingen, gebruikelijke hulp en mantelzorg, algemeen gebruikelijke voorzieningen, de zelfredzaamheid, de eigen kracht en de afstemming met de Wet Langdurige Zorg (Wlz), indien dit aan de orde is.

 

d.

 

Artikel 2.3 lid 7 wordt vernummerd tot artikel 2.3 lid 8.

 

C

 

a.

 

Artikel 3.1 lid 1 komt te vervallen en artikel 3.1 lid 4 wordt vernummerd tot artikel 3.1 lid 1.

 

b.

 

Artikel 3.1 lid 2 wordt gewijzigd en komt als volgt te luiden:

 

Het verslag als bedoeld in artikel 2.5 van de Verordening, voorzien van de NAW-gegevens van de cliënt, wordt aan de cliënt toegestuurd en dient binnen twee weken na de dagtekening ondertekend te worden teruggestuurd. Er zal één herinnering worden gestuurd nadat deze termijn verstreken is.

 

c.

 

Artikel 3.1 lid 3 wordt vernummerd tot artikel 3.1 lid 5.

 

d.

 

Aan artikel 3.1 wordt een nieuw lid 3 toegevoegd en dit komt als volgt te luiden:

 

Indien het verslag niet ondertekend wordt teruggestuurd wordt de aanvraag geacht te zijn ingetrokken en wordt de melding afgerond.

 

e.

 

Aan artikel 3.1 wordt een nieuw lid 4 gevoegd en dit komt als volgt te luiden:

 

Het ondertekende verslag als bedoeld in artikel 2.5 van de Verordening, wordt aangemerkt als aanvraag.

 

D

 

a.

 

Artikel 4.1 lid 3 wordt gewijzigd en komt als volgt te luiden:

 

Een cliënt die ingezetene is van Nederland met psychische of psychosociale problemen en de cliënt die de thuissituatie heeft verlaten, al dan niet in verband met risico’s voor zijn veiligheid als gevolg van huiselijk geweld, komt in aanmerking voor een maatwerkvoorziening ter compensatie van de problemen bij het zich handhaven in de samenleving voor zover de cliënt deze problemen naar het oordeel van het college niet:

 

  • a.

    op eigen kracht;

  • b.

    met gebruikelijke hulp;

  • c.

    met mantelzorg of met hulp van andere personen uit zijn sociale netwerk; dan wel

  • d.

    met gebruikmaking van algemene voorzieningen,

kan verminderen of wegnemen.

 

b.

 

Artikel 4.1 lid 4 wordt gewijzigd en komt als volgt te luiden:

 

De maatwerkvoorziening als bedoeld in het vorige lid levert, rekening houdend met het verslag als bedoeld in artikel 2.5 van de Verordening en indien aanwezig het persoonlijk plan, een passende bijdrage aan het voorzien in de behoefte van de cliënt aan wonen met ondersteuning of opvang en aan het realiseren van een situatie waarin de cliënt in staat wordt gesteld zo zich snel mogelijk weer op eigen kracht te handhaven in de samenleving.

 

c.

 

Artikel 4.1 lid 5 wordt vernummerd tot artikel 4.1 lid 8.

 

d.

 

Aan artikel 4.1 wordt een nieuw lid 5 toegevoegd en dit komt als volgt te luiden:

 

Tot de eigen kracht behoort in elk geval het aanspreken van een aanvullende zorgverzekering als die is afgesloten.

 

e.

 

Artikel 4.1 lid 6 wordt vernummerd tot artikel 4.1 lid 9 en aan artikel 4.1 lid 9 wordt een nieuw onderdeel g ingevoegd en dit komt als volgt te luiden:

 

indien het college van oordeel is dat de inwoner iets aanschaft of verhuist zonder rekening te houden met de al aanwezige beperkingen en de te verwachten ontwikkeling daarvan, en dus zijn hulpvraag redelijkerwijs van tevoren had kunnen voorzien en met zijn beslissing had kunnen voorkomen;

 

f.

 

Aan artikel 4.1 wordt een nieuw lid 6 toegevoegd en dit komt als volgt te luiden:

 

In het geval een cliënt wordt geacht over voldoende eigen kracht te beschikken, kan een aanvraag om een voorziening (deels) worden afgewezen. Eigen kracht wordt bepaald door:

 

  • a.

    eigen mogelijkheden en het probleemoplossend vermogen van de cliënt en diens leefeenheid;

  • b.

    mogelijkheden van het sociale netwerk of met ondersteuning van andere (hulpverlenende) instellingen, de hulp te bieden die passend is bij de hulpvraag. Tot het sociale netwerk behoren andere personen binnen de kring van familie, vrienden, kennissen en bekenden die van betekenis zijn voor- en bijdragen aan het welzijn en welbevinden van de cliënt;

g.

 

Artikel 4.1 lid 7 wordt gewijzigd en komt als volgt te luiden:

 

Uit het onderzoek kan blijken dat de eigen mogelijkheden en het probleemoplossend vermogen zoals bedoeld in lid 6.a van dit artikel tekortschieten, omdat sprake is van:

 

  • a.

    geobjectiveerde beperkingen om noodzakelijke hulp te bieden;

  • b.

    een gebrek aan kennis of vaardigheden om noodzakelijke hulp te bieden; of

  • c.

    overbelasting of dreigende overbelasting, waardoor geen noodzakelijke hulp kan worden verwacht totdat deze belasting of dreigende overbelasting is opgeheven. Hierbij wordt ook vastgesteld welke mogelijkheden er zijn om de overbelasting of dreigende overbelasting op te heffen. Hierbij houdt het college ook rekening met:

    • i.

      de behoefte en mogelijkheden van de cliënt;

    • ii.

      de duur van de inzet, waarbij als uitgangspunt geldt dat kortdurende inzet van niet langer dan 6 maanden in een jaar niet tot overbelasting leidt;

    • iii.

      de planbaarheid van de hulp;

    • iv.

      de benodigde ondersteuningsintensiteit;

    • v.

      de samenstelling van de leefeenheid en de woonsituatie;

    • vi.

      de noodzaak om in een inkomen te voorzien.

h.

 

Artikel 4.1 lid 8 wordt vernummerd tot artikel 4.1 lid 10.

 

i.

 

Artikel 4.1 lid 9 wordt vernummerd tot artikel 4.1 lid 11.

 

j.

 

Aan artikel 4.1 wordt een nieuw lid 12 toegevoegd en dit komt als volgt te luiden:

 

Het college stemt de hulp ten minste af op het aanbod van activiteiten, diensten of middelen op grond van:

 

  • a.

    de Participatiewet;

  • b.

    de Wet gemeentelijke schuldhulpverlening;

  • c.

    de Wet Inburgering 2021;

  • d.

    de Wet langdurige zorg;

  • e.

    de Wet publieke gezondheid;

  • f.

    de Wet verplichte geestelijke gezondheidszorg; en

  • g.

    de Zorgverzekeringswet,

zodat deze zoveel mogelijk op elkaar aansluiten en ondersteunt de cliënt bij het verkrijgen van toegang tot de andere voorziening(en).

 

k.

 

Aan artikel 4.1 wordt een nieuw lid 13 gevoegd en dit komt als volgt te luiden:

 

Het college weegt bij de afstemming van de hulp de volgende aspecten mee:

 

  • a.

    welke volgorde van inzet van hulp en ondersteuning naar verwachting het meeste effect sorteert en in hoeverre hulp en ondersteuning gelijktijdig kan of moet worden ingezet;

  • b.

    welke hulp en ondersteuning leidt tot de minste maatschappelijke kosten op lange termijn.

l.

 

Aan artikel 4.1 wordt een nieuw lid 14 gevoegd en dit komt als volgt te luiden:

 

Als cliënt of diens vertegenwoordiger weigert mee te werken aan ondersteuning als bedoeld in lid 12, kan het college het onderzoek beëindigen en een individuele voorziening weigeren.

 

E

 

a.

 

Artikel 4.2 lid 2 onder d komt te vervallen.

 

b.

 

Artikel 4.2 lid 3 onder a wordt vernummerd tot artikel 4.2 lid 3 onder b.

 

c.

 

Aan artikel 4.2 lid 3 wordt een nieuw onderdeel a ingevoegd en dit komt als volgt te luiden

  • a.

    wie de benodigde ondersteuning gaat bieden;

d.

 

Artikel 4.2. lid 3 onder b wordt artikel 4.2 lid 3 onder c.

 

e.

 

Artikel 4.2 lid 3 onder c wordt artikel 4.2 lid 3 onder d.

 

f.

 

Artikel 4.2 lid 3 onder e komt te vervallen.

 

g.

 

Artikel 4.2 lid 3 onder d wordt artikel 4.2 lid 3 onder e.

 

h.

 

Artikel 4.2 lid 3 onder g wordt gewijzigd en komt als volgt te luiden:

 

dat het persoonsgebonden budget voor huishoudelijke ondersteuning en begeleiding wordt overgemaakt aan de Sociale verzekeringsbank;

 

i.

 

Aan artikel 4.2 lid 3 wordt een nieuw onderdeel h ingevoegd en dit komt als volgt te luiden:

 

dat hulpmiddelen worden betaald op basis van de factuur van de leverancier; er dient daarvoor ook een onderhoudscontract en verzekering worden afgesloten.

 

F

 

a.

 

Artikel 5.1 lid 1 onder a wordt gewijzigd en komt als volgt te luiden:

 

de cliënt over voldoende PGB-vaardigheid beschikt dat wil zeggen zelf, of met hulp van iemand uit zijn sociale netwerk of zijn vertegenwoordiger, voldoende in staat is om de taken die bij het persoonsgebonden budget horen op een verantwoorde manier uit te voeren en daarbij een redelijke afweging van belangen te maken;

 

b.

 

Artikel 5.1 lid 3 wordt gewijzigd en komt als volgt te luiden:

 

Een cliënt aan wie een persoonsgebonden budget wordt verstrekt, kan diensten, hulpmiddelen, woonvoorzieningen en andere maatregelen onder de volgende voorwaarden betrekken van een persoon die behoort tot het sociaal netwerk:

 

  • a.

    Deze persoon beschikt over de juiste minimale opleiding in het geval de dienst zorg omvat waarvoor krachtens landelijk geldende kwaliteitscriteria een minimale opleiding vereist is;

  • b.

    Deze persoon heeft niet aangegeven dat de ondersteuning aan de cliënt hem te zwaar valt, en

  • c.

    De persoon uit het sociaal netwerk van wie de dienst wordt betrokken zal niet het budget beheren, behalve met toestemming van het college vanwege bijzondere omstandigheden.

c.

 

Artikel 5.1 lid 5 wordt gewijzigd en komt als volgt te luiden:

 

De cliënt aan wie een persoonsgebonden budget is verleend voor de aanschaf van een elektrische rolstoel en/of een scootmobiel en/of een elektrische driewielfiets dient:

 

  • a.

    een wettelijke aansprakelijkheidsverzekering (WA) af te sluiten;

  • b.

    een onderhoudscontract af te sluiten met een leverancier, gedurende de in de beschikking genoemde periode.

G

 

a.

 

Artikel 5.3 lid 1 wordt gewijzigd en komt als volgt te luiden:

 

Het persoonsgebonden budget wordt geacht in ieder geval toereikend te zijn voor de economische levensduur die geldt voor de in te kopen maatwerkvoorziening en wordt gesteld op 7 jaar. De budgethouder wordt geacht gedurende deze periode gebruik te kunnen maken van een maatwerkvoorziening. Is een hulpmiddel afgeschreven dan ontstaat niet automatisch het recht op een nieuw of gebruikt hulpmiddel. Zolang het verstrekte hulpmiddel of het via een persoonsgebonden budget aangeschafte hulpmiddel technisch nog voldoet, bestaat geen recht op vervanging van het hulpmiddel. Dit tenzij een medische noodzaak wordt aangetoond.

 

b.

 

Artikel 5.3 lid 2 komt te vervallen.

 

c.

 

Artikel 5.3 lid 3 komt te vervallen.

 

d.

 

Artikel 5.3 lid 4 wordt vernummerd tot lid 2.

 

H

 

a.

 

Artikel 5.5 lid 3 wordt gewijzigd en komt als volgt te luiden:

 

De hoogte van een persoonsgebonden budget als bedoeld in dit artikel voor een cliënt ten behoeve van een dienst wordt, voor de maatwerkvoorzieningen ambulante ondersteuning en wonen met ondersteuning, vastgesteld op:

 

  • a.

    90% van het tarief in natura wanneer het professionele ondersteuning betreft die geboden wordt door een professional in dienst van een zorgaanbieder;

  • b.

    80% van het tarief in natura wanneer het ambulante professionele ondersteuning betreft die geboden wordt door een ter zake kundig gediplomeerde zelfstandige zonder personeel (zzp’er);

  • c.

    Voor ambulante ondersteuning vanuit het informele netwerk geldt: het gemiddelde uurloon van de hoogste periodiek behorende bij de Functie Waardering Gezondheidszorg (FWG 30) van de voor de betreffende periode geldende cao VVT. Te vermeerderen met vakantietoeslag en de tegenwaarde van de verlofuren. In de berekening van het gemiddelde uurloon worden eventuele indexaties naar rato meegenomen.

b.

 

Artikel 5.5 lid 7 wordt gewijzigd en komt als volgt te luiden:

 

Het college publiceert jaarlijks in een financieel besluit de tarieven per maatwerkvoorziening welke door de cliënt mag worden besteed aan een professional en/of voorzieningen.

 

I

 

a.

 

Artikel 5.5.1 lid 4 wordt gewijzigd en komt als volgt te luiden:

 

de leges voor de omgevingsvergunning, voor zover de omgevingsvergunning betrekking heeft op het treffen van de woningaanpassing;

 

J

 

a.

 

Artikel 5.5.4 lid 1 wordt gewijzigd en komt als volgt te luiden:

 

De hoogte van het persoonsgebonden budget voor de cliënt die gebruik kan maken van het collectief georganiseerd regiotaxivervoer én die gebruik wil maken van een persoonsgebonden budget, is gelijk aan de waarde van 2124 kilometer met de regiotaxi, minus een eigen aandeel in de kosten ter hoogte van de kosten van het reguliere openbaar vervoer. Het budgetplan bepaalt de precieze hoogte van het persoonsgebonden budget, op grond van het aantal kilometers dat de cliënt maximaal nodig heeft ter compensatie van de vervoersbehoefte.

 

K

 

a.

 

Artikel 5.5.5 lid 2 wordt gewijzigd en komt als volgt te luiden:

 

Indien niet wordt voldaan aan de in het vorige lid onder a. of b. genoemde termijnen, kan het college toch besluiten een persoonsgebonden budget toe te kennen. De hoogte van het persoonsgebonden budget bedraagt niet meer dan € 6.000,00 of een geïndexeerd tarief zoals vermeld in het financieel besluit.

 

L

 

a.

 

Artikel 5.6 lid 2 wordt gewijzigd en komt als volgt te luiden:

 

Bij de aanvraag voor ondersteuning in de vorm van een Pgb dienen bewijstukken waaruit blijkt dat aan de vereiste kwaliteitseisen voor hulp wordt voldaan (zoals diploma) en een geldige VOG van de directe zorgverlener en vervangend zorgverlener overlegd te worden aan het college.

 

M

 

a.

 

Artikel 6.1 lid 1 wordt gewijzigd en komt als volgt te luiden:

 

Onder maatschappelijke ondersteuning wordt in ieder geval verstaan:

 

  • a.

    hulp bij het verrichten van de noodzakelijke algemene dagelijkse levensverrichtingen;

  • b.

    hulp bij het voeren van een gestructureerd huishouden;

  • c.

    hulp bij het deelnemen aan het maatschappelijke verkeer; en

  • d.

    het bieden van wonen met ondersteuning of opvang.

N

 

a.

 

Artikel 6.2 lid 1 wordt gewijzigd en komt als volgt te luiden:

 

Het college kan de volgende maatwerkvoorziening in ieder geval verlenen:

 

  • a.

    Kortdurend verblijf in een instelling ter ontlasting van de mantelzorger en zo nodig het aldaar noodzakelijk vervoer;

  • b.

    Hulpmiddel;

  • c.

    Woonvoorziening.

  • d.

    Hulp bij het huishouden;

  • e.

    Begeleiding;

  • f.

    Dagbesteding en zo nodig het noodzakelijk vervoer;

  • g.

    Vervoersvoorziening;

  • h.

    Verblijf in een opvang of wonen met ondersteuning instelling.

O

 

a.

 

Artikel 8.2 lid 1 wordt gewijzigd en komt als volgt te luiden:

 

  • 1.

    Het college kan de maatschappelijke ondersteuning als bedoeld in dit hoofdstuk:

    • a.

      combineren met eigen kracht, ondersteuning vanuit het sociaal netwerk en informele hulp uit de sociale omgeving;

    • b.

      verlenen in de vorm van een totaal aan afspraken zoals neergelegd in het gespreksverslag;

P

 

a.

 

Artikel 8.5 lid 2 wordt gewijzigd en komt als volgt te luiden:

 

  • 1.

    Het kortdurend verblijf in een instelling als bedoeld in het eerste lid omvat een dagdeel of een etmaal per week.

Q

 

a.

 

Artikel 9.3 lid 3 onder c wordt gewijzigd en komt als volgt te luiden:

 

deze betrekking heeft op woonvoorzieningen in gemeenschappelijke ruimten anders dan:

 

  • i.

    het verbreden van toegangsdeuren;

  • ii.

    ii. de aanleg van een hellingbaan van de openbare weg naar de toegang van het gebouw, mits de woningen in het gebouw te bereiken zijn met een rolstoel;

  • iii.

    het aanbrengen van drempelhulpen of vlonders;

  • iv.

    het aanbrengen van een traplift, indien het een gemeenschappelijke ruimte betreft die afgesloten kan worden van de openbare weg en onder de voorwaarde dat de eigenaar en de medegebruikers van de betrokken ruimte schriftelijk te kennen hebben gegeven hiertegen geen bezwaren van overwegende aard te hebben.

R

 

a.

 

Artikel 9.4 lid 2 wordt gewijzigd en komt als volgt te luiden:

 

Indien de kosten van de woningaanpassing meer dan € 6.000,00 bedragen of een geïndexeerd tarief zoals vermeld in het financieel besluit kan het college onderzoeken of het primaat van verhuizen kan worden toegepast.

 

S

 

a.

 

Artikel 9.5 wordt gewijzigd en komt als volgt te luiden:

 

De te bereiken resultaten van het zich verplaatsen in en om de woning worden slechts geboden indien deze gericht zijn op het in staat zijn de noodzakelijke gebruiksruimten te bereiken gericht op het normale gebruik van de woning, waaronder met een rolstoel of een traplift. Hierbij moet het Besluit bouwwerken leefomgeving in acht worden genomen.

 

T

 

a.

 

Artikel 9.6 lid 2 wordt gewijzigd en komt als volgt te luiden:

 

De hoogte van de vergoeding wordt berekend volgens bepalingen in het Financieel besluit maatschappelijke ondersteuning gemeente Voorschoten.

 

U

 

a.

 

Artikel 10.2 lid 2 wordt gewijzigd en komt als volgt te luiden:

 

Het college hanteert het principe van het primaat van de collectieve maatwerkvoorziening. Voor het verplaatsen buiten de wijk wordt de regiotaxi verstrekt, en binnen de wijk een individuele scootmobiel of een scootmobielpool indien voorhanden.

 

b.

 

Artikel 10.2 lid 3 wordt gewijzigd en komt als volgt te luiden:

 

Voor individuele scootmobielen worden in principe driewielscootmobielen verstrekt.

 

V

 

a.

 

Artikel 10.3 lid 1 wordt gewijzigd en komt als volgt te luiden:

 

Het te bereiken resultaat ten aanzien van het zich kunnen verplaatsen gericht op zelfredzaamheid en participatie bestaat in ieder geval uit:

 

  • a.

    het kunnen doen van boodschappen;

  • b.

    het kunnen onderhouden van sociale contacten;

  • c.

    het deelnemen aan activiteiten,

binnen de leefomgeving van de cliënt.

 

b.

 

Artikel 10.3 lid 2 wordt gewijzigd en komt als volgt te luiden:

 

Het te bereiken resultaat als bedoeld in artikel 10.3 eerste lid onder a, b en c (tezamen) maakt participatie mogelijk met een omvang van 2124 kilometer per jaar.

 

c.

 

Artikel 10.3 lid 3 komt te vervallen.

 

d.

 

Artikel 10.3 lid 4 wordt vernummerd tot lid 3 en wordt gewijzigd en komt als volgt te luiden:

 

De scootmobielpool is voorliggend aan een individuele verstrekking, mits deze voorhanden is.

 

W

 

a.

 

Artikel 11.1 lid 2 onder f wordt gewijzigd en komt als volgt te luiden:

 

de maatwerkvoorziening wonen met ondersteuning en specialistische en/of decentrale maatschappelijke opvang;

 

b.

 

Artikel 11.1 lid 2 wordt gewijzigd en komt als volgt te luiden:

 

De cliënt is geen bijdrage in de kosten verschuldigd voor:

 

  • a.

    rolstoel;

  • b.

    financiële tegemoetkoming meerkosten;

  • c.

    wanneer de hulpmiddelen zijn bedoeld voor een persoon die de leeftijd van 18 jaar nog niet heeft bereikt, met als uitzondering hierop de woningaanpassingen;

  • d.

    een voorziening in gemeenschappelijke ruimtes van wooncomplexen;

  • e.

    collectief vervoer;

  • f.

    de maatwerkvoorziening wonen met ondersteuning en specialistische en/of decentrale maatschappelijke opvang;

  • g.

    individueel vervoer;

  • h.

    kortdurend verblijf;

  • i.

    verhuiskosten;

  • j.

    kosten van reparatie, verwijdering en onderhoud van hulpmiddelen en woningaanpassingen (met uitzondering van het onderhoud in het pgb voor een hulpmiddel);

  • k.

    begeleiding met intensiteit waakvlam;

  • l.

    In afwijking van artikel 2.1.4.a., vierde lid, van de Wet is de cliënt die in het bezit is van een Wmo-pas een ritbijdrage verschuldigd voor de maatwerkvoorziening voor het collectief vraagafhankelijk vervoer in de vorm van een instaptarief en tarief per kilometer. Het college maakt voor ingang van het kalenderjaar de hoogte van de ritbijdrage kenbaar. Deze ritbijdrage wordt jaarlijks gewijzigd aan de hand van ontwikkelingen van de Landelijke Tariefindex (LTI).

De hoogte van de bijdrage wordt berekend volgens de bepalingen in het Financieel besluit maatschappelijke ondersteuning gemeente Voorschoten.

 

X

 

a.

 

Artikel 11.3 lid 1 wordt gewijzigd en komt als volgt te luiden:

 

De periode waarover voor een hulpmiddel, woningaanpassing, verhuis- of inrichtingskosten en aanpassingen aan de eigen auto een eigen bijdrage is verschuldigd, is de periode van de gebruiksduur. De periode eindigt als de totale betaalde eigen bijdrage gelijk is aan de kostprijs van het hulpmiddel.

 

b.

 

Artikel 11.3 lid 2 komt te vervallen.

 

c.

 

Artikel 11.3 lid 3 wordt vernummerd tot lid 2.

 

d.

 

Artikel 11.3 lid 4 wordt vernummerd tot lid 3 en wordt gewijzigd en komt als volgt te luiden:

 

Voor dure woningaanpassingen van meer dan € 6.000,00 of een geïndexeerd tarief zoals vermeld in het financieel besluit wordt de eigen bijdrage gebaseerd op een afschrijvingstermijn van 20 jaar.

 

Y

 

a.

 

Artikel 11.4 komt te vervallen

 

Z

 

a.

 

Artikel 11.5 komt te vervallen.

 

AA

 

a.

 

Artikel 12.1 lid 1 wordt gewijzigd en komt als volgt te luiden:

 

De persoon met een chronische lichamelijke en/of psychische en/of psychosociale beperking kan in aanmerking komen voor een tegemoetkoming in de met die beperking verband houdende aantoonbare of aannemelijke meerkosten ter ondersteuning van de zelfredzaamheid en participatie voor:

 

  • a.

    verhuiskosten en/of inrichtingskosten;

  • b.

    een sportrolstoel; of

  • c.

    reiskosten in verband met het gebruik van het aanvullend openbaar vervoer in verband met deelname aan het maatschappelijk verkeer als bedoeld in hoofdstuk 10 van de Verordening;

BB

 

a.

 

Artikel 12.3 wordt gewijzigd en komt als volgt te luiden:

 

Voor de aanschaf van een sportvoorziening kan een bijdrage worden toegekend voor een periode van minimaal drie jaar, waarvan ook het onderhoud wordt betaald. De hoogte van de bijdrage wordt berekend volgens de bepalingen in het Financieel besluit maatschappelijke ondersteuning gemeente Voorschoten. Uitbetaling vindt plaats aan de aanvrager op basis van een door het college akkoord bevonden offerte en factuur.

 

CC

 

a.

 

Artikel 12.4 wordt gewijzigd en komt als volgt te luiden:

 

De vergoeding van de kosten van een hulphond als hulpmiddel om deel te kunnen nemen aan het maatschappelijk verkeer wordt berekend volgens de bepalingen in het Financieel besluit maatschappelijke ondersteuning gemeente Voorschoten.

 

DD

 

De toelichting bij de Verordening maatschappelijk ondersteuning gemeente Voorschoten 2015 wordt als volgt gewijzigd:

 

a.

 

Het begrip “beschermd wonen” wordt in de gehele toelichting overal vervangen door het begrip “wonen met ondersteuning”.

 

b.

 

In de paragraaf Wettelijke afbakening wordt de eerste alinea gecorrigeerd en komt als volgt te luiden:

 

De Wmo 2015 kent in tegenstelling tot de Jeugdwet geen specifieke bepalingen waarin het college in ieder geval niet gehouden is een maatwerkvoorziening te verlenen. Wel is artikel 2.3.5 zesde lid van de wet van belang, waarin feitelijk de afbakening wordt weergegeven tussen de Wmo 2015 en de Algemene Wet Bijzondere Ziektekosten (thans Wet langdurige zorg). Kan iemand met ondersteuning (Wmo) en verpleging en zorg (Zvw) niet meer in de eigen leefomgeving blijven wonen, kan aanspraak bestaan op verblijf in de instelling. Het artikel luidt als volgt:

 

c.

 

Onder 2. Procedureregels wordt tussen alinea 3 en 4 een alinea ingevoegd en die komt als volgt te luiden:

 

De cliënt is bij wet verplicht aan het college desgevraagd alle medewerking te verlenen die redelijkerwijs nodig is om een beoordeling en besluit over de hulpvraag te kunnen nemen.

 

d.

 

Onder 3. De aanvraag wordt de eerste alinea gewijzigd en deze komt als volgt te luiden:

 

In hoofdstuk 3 van deze verordening zijn de regels omtrent de aanvraag opgenomen. Het ondertekende verslag van het gesprek dat na de melding met cliënt wordt gevoerd wordt aangemerkt als aanvraag van hulp. In het geval dat de cliënt het hem toegestuurde verslag niet binnen een gestelde termijn ondertekend aan het college ter beschikking stelt kan geen besluit over de aanvraag worden genomen en wordt verder geen opvolging gegeven aan de melding.

 

e.

 

Onder 4. Beoordeling van de aanspraak en inhoud beschikking wordt tussen alinea 2 en 3 een alinea ingevoegd en deze komt als volgt te luiden:

 

Belangrijk is de beoordeling van de eigen kracht van de cliënt. In een uitspraak van de rechtbank Gelderland van 18 februari 2025 (ECLI:NL:RBGEL:2025:1281) wordt daarover het volgende gezegd: Onder ‘eigen kracht’ wordt verstaan dat de cliënt moet doen wat binnen het vermogen ligt, om tot verbetering van zijn zelfredzaamheid en participatie te komen. De cliënt moet zich in hoge mate inspannen om datgene aan te wenden, wat binnen zijn eigen bereik ligt om zelf in zijn behoefte op het gebied van maatschappelijke ondersteuning te voorzien.

 

f.

 

Onder 5. Persoonsgebonden budget wordt aan Criteria een zin toegevoegd en deze komt als volgt te luiden:

 

Bij het bepalen van de PGB vaardigheid van cliënt wordt gebruik gemaakt van het 10-puntenkader van het ministerie van VWS.

 

g.

 

Onder 7. Hulp bij een schoon huis wordt aan alinea 1 een zin toegevoegd en deze komt als volgt te luiden:

 

Bij het toepassen van deze criteria wordt gebruik gemaakt van het normenkader dat periodiek wordt opgesteld door Bureau HHM.

 

h.

 

Onder 10. Hulp bij deelname aan het maatschappelijk verkeer wordt het aantal kilometers 1500 gewijzigd in 2124.

Artikel II  

Dit besluit treedt in werking met ingang van de dag na de datum van uitgifte van het gemeenteblad waarin het wordt geplaatst.

Artikel III  

Dit besluit wordt aangehaald als: de achtste wijziging van de Verordening maatschappelijke ondersteuning gemeente Voorschoten 2015.

Aldus vastgesteld in de openbare vergadering van de raad der gemeente Voorschoten, gehouden op donderdag, 3 juli 2025,

de griffier,

mw. drs. M. Elkerbout

de voorzitter,

mw. drs. N. Stemerdink

Naar boven