Gemeenteblad van Rotterdam
| Datum publicatie | Organisatie | Jaargang en nummer | Rubriek |
|---|---|---|---|
| Rotterdam | Gemeenteblad 2025, 331647 | algemeen verbindend voorschrift (verordening) |
Zoals vergunningen, bouwplannen en lokale regelgeving.
Adressen en contactpersonen van overheidsorganisaties.
U bent hier:
| Datum publicatie | Organisatie | Jaargang en nummer | Rubriek |
|---|---|---|---|
| Rotterdam | Gemeenteblad 2025, 331647 | algemeen verbindend voorschrift (verordening) |
Subsidieregeling emissieloos bouwen voor marktpartijen
Het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Rotterdam,
gelezen het voorstel van Directeur stedelijke inrichting;
gelet op de artikelen 3, derde lid, 4, 5, tweede lid, 6, derde lid, 8, onderdeel k, 11, 12a, en artikel 14, vierde lid, van de Subsidieverordening Rotterdam 2014;
overwegende, dat het ter bevordering van de volksgezondheid wenselijk is activiteiten te stimuleren van innovatieve ondernemers in de bouw van gebouwen, woningen en kantoren, die bijdragen aan een schone luchtkwaliteit;
Deze subsidieregeling is uitsluitend van toepassing op de verstrekking van subsidies door het college voor de in artikel 3 bedoelde activiteiten.
Artikel 5 Kosten die voor subsidie in aanmerking komen
Voor subsidie komen de redelijk gemaakte meerkosten ten opzichte van de kosten voor conventionele werktuigen die werken op fossiele brandstoffen in aanmerking die direct verbonden zijn met de uitvoering van een activiteit als bedoeld in artikel 3, indien de meerkosten minimaal € 100.000 bedragen.
Artikel 6 Hoogte van de subsidie
Een subsidie bedraagt ten minste €100.000 en ten hoogste € 300.000.
Voor subsidieverlening op grond van deze regeling geldt voor de periode vanaf inwerkingtreding van deze subsidieregeling tot en met 30 juni 2026 een subsidieplafond van € 1.000.000.
De subsidieaanvraag wordt digitaal ingediend via Subsidies | rotterdam.nl onder gebruikmaking van eHerkenning en het daar beschikbaar gestelde aanvraagformulier.
Artikel 11 Aanvullende weigeringsgronden
Subsidieverlening wordt geweigerd als de aanvrager eerder subsidie heeft ontvangen op grond van deze regeling.
Artikel 12 Tussentijdse rapportage
De subsidieontvanger legt één keer per jaar een tussentijdse rapportage over aan het college, waarin wordt ingegaan op de reeds verrichte activiteiten en in het kader daarvan verrichte prestaties of subsidiabele lasten en eventueel daaraan gerelateerde baten.
Artikel 13 Verplichtingen subsidieontvanger
Aan de subsidieontvanger worden de volgende verplichtingen opgelegd:
Artikel 14 Verantwoording en vaststelling subsidies
Bij de aanvraag tot vaststelling wordt tevens een rapportage over de daadwerkelijk inzet van elektrische werktuigen, vernieuwende laadvoorzieningen en de daarmee gemoeid zijnde meerkosten overgelegd.
Aldus vastgesteld in de vergadering van 1 juli 2025.
De secretaris,
G.J.D. Wigmans
De burgemeester,
C.J. Schouten
Bijlage 1. Vernieuwende methoden als bedoeld in artikel 3, eerste lid, onderdeel b
Vernieuwende methoden om de accu van elektrisch aangedreven werktuigen op te laden
Bijlage 2. Bouwwerktuig, hulpfunctie werktuig of bouwvoertuig als bedoeld in artikel 3, tweede lid
B2 Vervoerbare industriële uitrustingen
C1 Elektrische aandrijfmotor met een brandstofcel of een niet-loodhoudend accupakket vooraandrijving van de opbouw van een voertuig, oplegger of spoorvoertuig iinclusief vrachtautorailvoertuig, zijnde een:
C2 Elektrische aandrijfmotor met een brandstofcel of een niet loodhoudend accupakket vooraandrijving van hulpfunctie op een vaartuig, niet de voortstuwing, zijnde een:
Toelichting bij de Subsidieregeling emissieloos bouwen voor marktpartijen
Deze subsidieregeling is een stimuleringsregeling voor initiatiefnemers (projectontwikkelaars, woningbouwcorporaties, bouwbedrijven) en hun opdrachtnemers die bouwwerken uitvoeren binnen de gemeentegrenzen van Rotterdam. Deze regeling heeft tot doel dat de bouw voor projecten in Rotterdam zodanig wordt aangepast, dat deze minder emissies veroorzaakt. Dat kunnen bouwers doen door emissieloze werktuigen in te zetten en zo nodig daarbij alternatieve stroombronnen te gebruiken en de daarbij behorende werkprocessen aan te passen zodanig dat inzet van emissieloze werktuigen mogelijk wordt.
Het gaat in deze regeling alleen om bouwwerken zoals kantoren, scholen, zorginstellingen, winkels, woningen, sporthallen, horeca, etc. en niet om bouwwerken voor GWW- of infraprojecten. Voorts is de afbouw van dit soort gebouwen veelal al emissieloos. Vandaar dat de regeling zich richt op de ruwbouw. Gedurende die fase van de bouw ligt de focus op de constructie en stabiliteit van het gebouw, zonder aandacht te besteden aan esthetiek of afwerking.
Emissieloos bouwen gaat het maken van werk zonder uitstoot van schadelijke stoffen. Kern van de scope van deze subsidieregeling ligt bij inzet van het rijdend en rollend materieel waaronder rupsmaterieel zoals kranen, bulldozers en heistellingen en mobiel materieel als vrachtwagens, shovels, mobiele kranen, dumpers en trekkers. Werktuigen tot een vermogen van 56 kW zijn al goed emissieloos beschikbaar. Vandaar dat deze regeling zicht richt op de ruwbouw en materieel met een vermogen van meer dan 56 kW.
Vernieuwende methoden om accu’s van emissieloze werktuigen op te laden komen ook voor subsidie in aanmerking. Vernieuwende methoden zijn methoden, waarbij de accu’s niet direct van uit de bouwaansluiting worden geladen. Het kan zijn dat er geen bouwaansluiting is en bijvoorbeeld gebruik wordt gemaakt van stroom van het RET-netwerk voor tram en metro. Ook het laden van accu’s via andere energiedragers zoals waterstof is mogelijk. Het laden van accu’s door middel van fossiele brandstoffen is niet subsidiabel.
Onder een hulpfunctie werktuig, niet bestemd voor personen- of goederenvervoer over de weg, valt niet het transporteren van bouwstoffen voor ruwbouw, zoals bijvoorbeeld beton met een betonmixer. De meerkosten van de inzet van bijvoorbeeld een emissieloze betonmixer komen wel voor subsidie in aanmerking.
De subsidie wordt alleen verstrekt aan initiatiefnemers of diens opdrachtnemers. Bij initiatiefnemers kan bijvoorbeeld gedacht worden aan een projectontwikkelaar, woningbouwcorporatie, of bouwbedrijf. Bij opdrachtnemer kan gedacht worden aan een aannemer die de opdracht heeft gekregen een bouwwerk van een projectontwikkelaar of woningbouwcorporatie te realiseren of renoveren.
Artikel 5 Kosten die voor subsidie in aanmerking komen
Alleen redelijk gemaakte meerkosten ten opzichte van de kosten voor bouwen met fossiele brandstoffen komen in aanmerking voor subsidie. De meerkosten zijn bijvoorbeeld de kosten die:
Bij meerkosten voor werkprocessen kan gedacht worden aan:
De meerkosten zullen getoetst worden door een kostendeskundige van het Ingenieursbureau van de gemeente Rotterdam.
De gemaakte meerkosten zijn redelijk als:
Er wordt geen subsidie verleend voor dat deel van de kosten dat het college als niet redelijk beschouwd. Het is belangrijk dat wordt onderbouwd dat de kosten, die voor subsidie worden opgevoerd, redelijk zijn. Onderbouw voor elke opgevoerde kostenpost, waarom deze kosten nodig zijn voor de investering of het project. Leg ook uit waarom bijvoorbeeld niet wordt volstaan met een eenvoudiger, goedkoper product of dienst, met een lager ingeschaalde arbeidskracht, een minder dure expert of met minder uren.
Om te controleren of de aanvrager een initiatiefnemer is dan wel werkt in opdracht van een initiatiefnemer, wordt bij de aanvraag een uittreksel van de Kamer van Koophandel en indien van toepassing, een opdrachtbrief overgelegd.
Het college heeft het plan van aanpak nodig om te toetsen of de activiteiten die de aanvrager van plan is uit te voeren, subsidiabel zijn op grond van deze regeling.
De gegevens van de aanvraag zoals samengevat in het plan van aanpak, worden uitsluitend gebruikt voor het verlenen van de subsidie. Deze gegevens worden niet verder verspreid.
Wel publiceert het college na subsidieverlening de locatie van het bouwwerk, de naam van de aanvrager, de hoogte van het subsidiebedrag en de maatregelen voor emissiereductie.
Artikel 11 Aanvullende weigeringsgronden
Het college kan subsidie weigeren als de aanvrager eerder een subsidie heeft verkregen op grond van deze regeling.
Artikel 13 Verplichtingen subsidieontvanger
Direct na de subsidieverlening publiceert het college de in artikel 13, onderdeel a, genoemde gegevens over de subsidie.
De subsidieontvanger is verplicht om bepaalde gegevens te registreren, zoals het gebruik van een specifiek emissieloos werktuig het gebruik van een alternatieve stroomvoorziening zoals stroom van het RET-netwerk of een gewijzigd werkproces. Deze verplichting wordt opgelegd zodat dat het college bij de verantwoording kan toetsen of het aantal gesubsidieerde maatregelen daadwerkelijk zijn genomen.
Het college verplicht de subsidieontvanger om de resultaten te delen met de branche en ten minste de algemene gegevens over het bouwwerk, de inzet van emissieloos materieel en de wijze waarop de besparing van CO2, stikstofoxiden en fijnstof is gerealiseerd, bijvoorbeeld doordat hij gebruik heeft gemaakt van een gewijzigd werkproces, te delen.
Onder B1.24 Mobiele kraan wordt bijvoorbeeld een telescoopkraan, torenkraan, rupshijskraan, ruwterreinkraan, draadkraan, minihijskraan of dragline-kraan verstaan.
Onder B2.3 Pompen voor baggeren wordt bijvoorbeeld een DOP-pomp, jetpomp of een booster-baggerstation verstaan.
Onder C1.12 Mobiele kraan wordt bijvoorbeeld een telescoopkraan, torenkraan, rupshijskraan, ruwterreinkraan, draadkraan, minihijskraan of dragline-kraan verstaan.
Dit gemeenteblad ligt ook ter inzage bij het Concern Informatiecentrum Rotterdam (CIC): 010-267 2514 of bir@rotterdam.nl
Kopieer de link naar uw clipboard
https://zoek.officielebekendmakingen.nl/gmb-2025-331647.html
De hier aangeboden pdf-bestanden van het Staatsblad, Staatscourant, Tractatenblad, provinciaal blad, gemeenteblad, waterschapsblad en blad gemeenschappelijke regeling vormen de formele bekendmakingen in de zin van de Bekendmakingswet en de Rijkswet goedkeuring en bekendmaking verdragen voor zover ze na 1 juli 2009 zijn uitgegeven. Voor pdf-publicaties van vóór deze datum geldt dat alleen de in papieren vorm uitgegeven bladen formele status hebben; de hier aangeboden elektronische versies daarvan worden bij wijze van service aangeboden.