Omgevingsvisie Voorne aan Zee

De raad van de gemeente Voorne aan Zee

Gelet op het bijbehorende raadsvoorstel;

Gelet op artikel 3.1 lid 1 van de Omgevingswet;

Overwegende dat de Omgevingsvisie een belangrijk document is waarmee kaders worden meegegeven aan de organisatie waarbinnen gewerkt kan worden en een duidelijke koers en richting geeft voor toekomstige ontwikkelingen van initiatieven binnen het fysieke domein;

Artikel I

Besluit:

1. De ingekomen zienswijzen op de ontwerp Omgevingsvisie Voorne aan Zee ontvankelijk te verklaren en gedeeltelijk tegemoet te komen, zoals aangegeven in de bij dit besluit behorende Nota beantwoording zienswijzen ontwerp Omgevingsvisie Voorne aan Zee 2040.

2. De Omgevingsvisie Voorne aan Zee 2040, ten opzichte van het ter visie gelegen ontwerp, gewijzigd vast te stellen.

3. Het Omgevingseffectrapport (OER) Omgevingsvisie Voorne aan Zee vast te stellen.

4. Met de vaststelling van de Omgevingsvisie Voorne aan Zee 2040 het volgende gemeentelijk beleid in te trekken: de Structuurvisie Brielle (vastgesteld in 2009), Omgevingsvisie Landelijk gebied Brielle (vastgesteld in 2016), de Structuurvisie Hellevoetsluis 2010+ (vastgesteld in 2004), de Structuurvisie 2015+ (vastgesteld in 2011), en de Omgevingsvisie Westvoorne (vastgesteld in 2016 en aangevuld in 2017)

zoals is aangegeven in Bijlage A.

Artikel II

Bij amendement zijn de volgende wijzigingen ten opzichte van het ontwerp verwerkt:

Aangepast wordt onderstaande, onder andere op de aangegeven pagina, maar ook elders in de documenten op dezelfde wijze:

• deel A pagina 35: de locatie Meeuwenoord aan te duiden als woningbouwlocatie;

• deel A pagina 39: het gebied ten westen van Nieuw-Helvoet, tussen de N497, Hellevoetse Achterweg richting de nieuwbouwwijk De Beaugaard aan te duiden als zoekgebied woningbouw en voorzieningen (sport etc.); 2

• deel A pagina 46: het gebied ten zuiden van de Nieuwe Achterweg in Rockanje (beoogde locatie VV Rockanje over ca.10 tot 15 jaar) naast sport te bestemmen als maatschappelijk gebruik

• deel A pagina 51: het gebied nabij het Zwanenmeer/Brielseweg in Oostvoorne aan te duiden als woningbouwlocatie;

• deel A pagina 93: de eerste zin onder het kopje “Wonen in het buitengebied” aan te passen in: Woningbouw in het buitengebied is mogelijk als onder andere gebruik gemaakt wordt van bestaande opstallen dan wel bestemd agrarisch bouwvolume/oppervlakte, ofwel verplaatsing daarvan.

• deel A pagina 96 en 97: de laatste zin van het tweede punt bij de koers van oude zeeklei polders en de koers van de nieuwe zeekleipolders aan te passen in: Naast deze voorwaarde geldt een absoluut maximum van 4 ha per bedrijfscomplex (maximale omvang bouwvlak voor twee aaneenge- sloten gelieerde bedrijven) voor agrarisch bedrijven, indien er elders een bedrijfscomplex vervalt.

• deel B pagina 10: de eerste zin deel tussen haakse aan te passen in: (transformatie en verdichting, waarbij in ieder geval het percentage groen en blauw gelijk blijft en bij voorkeur wordt vergroot)

• deel B pagina 10 onderaan: toe te voegen: spoedig beleid te implementeren voor nieuwe woonconcepten zoals: knarrenhof, pre-mantelzorg woning, meergeneratiewoning, bijwoningen, tiny houses etc.

• deel B pagina 47: de vol- gende iconen van de kaart verwijderen: zoekgebied windenergie, zoekgebied zon (5ha), waarbij het de opzet is om duurzame voorzieningen te plaatsen met inachtneming van dubbel ruimtegebruik. In de toelichting op te nemen dat wind- en zon energie in de landschappelijke Noordrand op dit moment niet opportuun is en de voorkeur wordt gegeven aan een landschappelijke / recreatieve invulling;

• deel C pagina 11:toe te voegen, als laatste zin op de pagina: in 2026 te starten met het proces voor herziening van de omgevingsvisie Voorne aan Zee, stap richting omgevingsvisie 2.0

Artikel III

Dit besluit treedt in werking op de dag waarop dit bekend wordt gemaakt.

Aldus besloten in de openbare vergadering van de gemeenteraad van Voorne aan Zee van donderdag 17 april 2025

de griffier, A. (Ariëtte) Goslings Msc

de voorzitter, A.R.C. (Arno) Scheepers RA Msc

Bijlage A

Omgevingsvisie gemeente voorne aan zee

Leeswijzer

Deze omgevingsvisie gaat over onze hele gemeente en al het ruimtelijke beleid dat we hebben. Het gaat om heel veel informatie. Om overzicht te houden, hebben we de omgevingsvisie opgedeeld in 3 delen.

Deel A; Omgevingsvisie Voorne aan Zee

Deel A; Omgevingsvisie Voorne aan Zee gaat over de belangrijkste punten van de omgevingsvisie. Het begint met een uitleg over de omgevingsvisie van Voorne aan Zee en de aanleiding tot het opstellen van de visie in hoofdstuk 1. Inleiding. In hoofdstuk 2 De koers van Voorne aan Zee zetten we de stip op de horizon en lichten we onze ambities en opgaven toe. Elk gebied in de gemeente is verschillend. Daarom laten we in hoofdstuk 3. Gebiedsgerichte uitwerking zien de identiteiten van elk gebied is en welke koers we daar kiezen.

Deel B; De thematische opgaven

Deel B; De thematische opgaven gaat over de uitwerking van de visie per onderwerp (thema). In hoofdstuk 4. Thematische opgaven; dit gaan we doen laten we zien wat de huidige situatie is op de verschillende thema’s en op welke ambities we inzetten.

Deel C; Visie op de uitvoering

Deel C; Visie op de uitvoering beschrijft de visie op de uitvoering van de omgevingsvisie. Hoofdstuk 5 Werken met de omgevingsvisie Voorne aan Zee 2040 beschrijft de rol van de gemeente en onze samenwerkingen. We gaan in op de relatie met de andere instrumenten van de Omgevingswet en staan stil bij de beoogde investeringen en dekking.

Bijlagenboek

In Bijlage I beschrijft de positie van Voorne aan Zee in landelijke, provinciale en regionale context, op weg naar 2040. Bijlage II beschrijft wat we hebben opgehaald tijdens de participatie. Het overzicht van visies en beleidsplannen in de gemeente staat in Bijlage III.

Deel A; Omgevingsvisie Voorne aan Zee

Voorwoord

’T is mooi hier! En dat moet het natuurlijk blijven. Dat is wat we voor ogen hebben met deze Omgevingsvisie Voorne aan Zee. We hebben waardevolle input gekregen via een enquête en tijdens de goede gesprekken die wij gevoerd hebben met onze betrokken inwoners en ondernemers tijdens onze participatieronde langs alle dorpen en steden in Voorne aan Zee. Ook tijdens (digitale) bijeenkomsten met maatschappelijke organisaties en overheden hebben we belangrijke informatie gekregen. Die gesprekken heb ik zelf ook als erg waardevol en prettig ervaren, want met elkaar maken we daarmee Voorne aan Zee nog mooier.

Voorne aan Zee is een prachtige gemeente om te wonen, te werken en te recreëren. Natuur, bos, de openheid, bijzonder erfgoed en het water zijn altijd dichtbij. Onze gemeente is een unieke groene en waterrijke oase van rust en ruimte gelegen tussen stad en delta. We koesteren de eigenheid, authenticiteit en variatie en wensen deze te bewaken en te etaleren. Dit geldt voor zowel het stedelijk gebied met verschillende vestingen met leefbare dorpen en steden, als ook in het dynamische en gevarieerde landschap van Voorne aan Zee.

De kwaliteiten die Voorne aan Zee zo bijzonder maken, willen we houden en waar mogelijk versterken. Dit doen we door bij nieuwe initiatieven in te zetten op vernieuwing en hoge kwaliteit. Het moet een aanvulling zijn, kortom iets wat we nog niet hebben. Om die mooie gemeente te blijven, moet je ook veranderen en vernieuwen. Daarbij hebben we te maken met een voortdurend veranderende wereld om ons heen. We hebben keuzes moeten maken, want niet alles kan overal. Die keuzes en afwegingen leest u in deze omgevingsvisie.

We hebben het ontwerp van de omgevingsvisie vrijgegeven voor inspraak. Tijdens deze periode hebben inwoners, ondernemers en andere belanghebbenden kunnen reageren op de visie door een zienswijze in te dienen. Wij zijn blij met de ondersteunende reacties uit de samenleving en hebben serieuze aandacht voor de ingebrachte kanttekeningen. De inbreng heeft tot aanscherping van de omgevingsvisie geleid.

afbeelding binnen de regeling

Namens het College van Burgemeester en Wethouders

Igor Bal

Wethouder ruimtelijke ontwikkeling

1. Inleiding

1.1 Wat is de Omgevingsvisie Voorne aan Zee?

De Omgevingsvisie van Voorne aan Zee beschrijft een langetermijnvisie voor de leefomgeving op hoofdlijnen. De spreekwoordelijke ‘stip op de horizon’. De visie bevat veel thema’s die allemaal betrekking hebben op de fysieke leefomgeving. Denk dan bijvoorbeeld aan klimaat energie, gezondheid, mobiliteit, recreatie, natuur en landschap, bedrijvigheid, wonen en maatschappelijke voorzieningen[1]. Ook leggen we een relatie met het sociale domein. We zetten in de omgevingsvisie in op ambitieuze doelen, maar het is ook een realistisch verhaal. De visie gaat in op de benodigde acties voor essentiële ruimtelijke opgaven. Het is steeds belangrijk om de verschillende thema’s integraal af te wegen en heldere keuzes te maken over wat wel of geen prioriteit heeft. Het is zo ook duidelijk of nieuwe ruimtelijke ontwikkelingen in Voorne aan Zee bijdragen aan die langetermijnvisie.

[1] Deze opsomming is niet uitputtend

1.2 We bouwen voort op

Hoe de gewenste toekomst van Voorne aan Zee er uit komt te zien, hebben we al in 2021 samen met de inwoners, ondernemers en verenigingen ontdekt. De uitkomst is vastgelegd in de Toekomstvisie Voorne aan Zee. In de Toekomstvisie staat beschreven hoe we Voorne aan Zee graag zien ontwikkelen de komende jaren. Onderverdeeld in de thema’s: het landschap centraal, vitale en sociale dorpen en wijken, werken en ondernemen stimuleren en ondersteunen en samen duurzaam. Ook het coalitieprogramma 2023-2026 – met de onderwerpen waar het college de komende jaren op gaat inzetten – is gebaseerd op de strategische koers van de Toekomstvisie Voorne aan Zee.

1.3 Keuzes maken

Om de beschreven koers te kunnen varen en Voorne aan Zee nog sterker en aantrekkelijker te maken, moeten we een aantal keuzes maken. Keuzes over de ruimte om ons heen, de omgeving waarin we wonen, werken en onze vrije tijd doorbrengen. Zoals waar we willen ontwikkelen en wat willen we behouden. Niet alles kan overal. De te maken keuzes over onze leefomgeving staan in deze omgevingsvisie. Hierbij zijn de overkoepelende Nationale en Zuid-Hollandse omgevingsvisie ook van invloed. Ook regionale opgaven en ambities zijn richtinggevend voor onze gemeente. Voorne aan Zee is ingedeeld in deelgebieden, want in ieder gebied gelden weer andere uitdagingen, ambities en keuzes.

1.4 Zelfbindend en relatie met het omgevingsplan

De omgevingsvisie geeft aan met welke plannen en ideeën we tot 2040 aan de slag gaan. Belangrijk dus voor Voorne aan Zee als zelfbindend document. De omgevingsvisie is één van de verplichte instrumenten die de nieuwe Omgevingswet met zich meebrengt. Deze nieuwe wet vat 26 losse wetten over ruimtelijke ontwikkeling samen: van bouwen en landschap tot water en milieu. Voor het toetsen van de wenselijkheid van een ontwikkeling of initiatief is een omgevingsvisie noodzakelijk. De daadwerkelijke regels voor de fysieke leefomgeving worden straks vastgelegd in het omgevingsplan. Het is van groot belang dat de ambities die wij opnemen in de omgevingsvisie straks, daar waar mogelijk, een plek krijgen in het op te stellen gebiedsdekkende omgevingsplan. De komende jaren werken we verder aan deze koppeling.

1.5 Detailniveau en deelgebieden

De omgevingsvisie gaat over verschillende schaalniveaus. Het is vooral een toekomstbeeld op gemeentelijk niveau. Elk deelgebied is bekeken en per deelgebied is een koers beschreven om gemaakte keuzes concreet te maken en uitgangspunten scherp te krijgen. Dit is gedaan voor de vestingsteden, kustdorpen, polderdorpen, Haringvliet en Voordelta, de landschappelijke Noordrand, de polders, glastuinbouw en bedrijventerreinen. De omgevingsvisie is nadrukkelijk geen inrichtingsplan. We zoeken in de omgevingsvisie niet het niveau van ‘de stoeptegel’ op, maar hebben we het over de strategische ambities (waar willen we naartoe), opgaven (wat moeten we daarvoor doen) en keuzes (hoe gaan we dat voor elkaar krijgen) op hoofdlijnen, passend bij het abstractieniveau van een omgevingsvisie.

1.6 De omgevingsvisie als dynamisch instrument

Als één ding zeker is, dan is het dat niets vastligt. In lijn met de Omgevingswet presenteren we de Omgevingsvisie Voorne aan Zee dan ook als levend, dynamisch document dat we tijdens het werken met de omgevingsvisie als gemeente blijven aanscherpen. De wereld staat niet stil. Zo kunnen we verwachten dat er in de aankomende periode grote ontwikkelingen op ons afkomen die van invloed zijn op deze visie en onze ambities als Voorne aan Zee. Gedacht kan worden aan ontwikkelingen in het kader van de NOVEX Rotterdamse Haven waarbij integrale afstemming moet plaatsvinden met onze regionale partners zoals het Havenbedrijf Rotterdam en medeoverheden. We hebben nu een eerste versie van onze omgevingsvisie opgesteld. De ambities uit de omgevingsvisie werken door in het omgevingsplan, de programma’s en de vergunningverlening. Monitoring en evaluatie kan aanleiding zijn om de omgevingsvisie bij te stellen. In het laatste hoofdstuk beschrijven we hoe we dit proces voor ons zien. Voorne aan Zee wil de omgevingsvisie elke twee jaar evalueren om te beoordelen of we nog op de juiste weg zijn.

1.7 De omgevingsvisie maakten we samen

Voorne aan Zee heeft deze visie samen met zoveel mogelijk betrokkenen uit de Voornse samenleving gemaakt. In dit project is er samengewerkt onder de noemer “Voorne aan Zet!”. Er was een grote bereidheid om mee te denken.

In bijlage II van het II Bijlagenboek zijn de opbrengsten van de participatie opgenomen. Hieronder is te lezen op welke manieren we met de samenleving hebben gesproken. Dat hebben we gedaan in twee fasen.

In de eerste fase van dit project zijn we gestart met een online enquête onder inwoners en ondernemers uit Voorne aan Zee over de fysieke leefomgeving. Ruim 841 inwoners en partners van Voorne aan Zee hebben deze enquête ingevuld. In korte tijd hebben we zo inzicht gekregen in de meningen van de samenleving over een aantal belangrijke onderwerpen. Daarnaast hebben we verschillende gesprekken gevoerd en hebben deskundigen van de gemeente alle informatie over de fysieke leefomgeving in beeld gebracht.

afbeelding binnen de regeling

Bericht van gemeente Voorne aan Zee over de online enquête

afbeelding binnen de regeling

Gesprekken over de omgevingsvisie met de ambtenaren en gemeenteraad van Voorne aan Zee

In de tweede fase zijn wederom gesprekken met belangrijke (keten)partners en maatschappelijke organisaties gevoerd. Hier zijn ook de dorp- en wijkraden voor uitgenodigd. In een brede Omgevingstour zijn vervolgens fysieke gesprekken op straat, de markt, of in buurthuizen gevoerd over de concept omgevingsvisie Voorne aan Zee. Ook een brede (tweede) enquête is onderdeel van deze participatieronde. Deze enquête is door 1.098 mensen ingevuld.

afbeelding binnen de regeling

Gesprekken over de omgevingsvisie met inwoners van Voorne aan Zee

2 De koers van Voorne aan Zee

2.1 De stip op de horizon voor Voorne aan Zee

Om de juiste koers te varen, is het belangrijk om een stip op de horizon te benoemen. Deze stip op de horizon beschrijft waarom we onze identiteit en kernkwaliteiten veiligstellen in een veranderende wereld, met alle trends en ontwikkelingen die op ons afkomen. De visie waar we voor staan, waarmee we ons als nieuwe gemeente willen profileren naar de buitenwereld toe is:

Voorne aan Zee is een prachtige gemeente om te wonen, te werken en te recreëren. Natuur, bos, de openheid, bijzonder erfgoed en het water zijn altijd dichtbij. Onze gemeente is een groene en waterrijke oase van rust en ruimte gelegen tussen stad en delta. Met gevarieerde woon-, werk- en leefmilieus en voorzieningen. ‘t Is mooi hier! Dit willen we natuurlijk blijven. De kwaliteiten die Voorne aan Zee zo bijzonder maken wensen we te behouden en waar mogelijk te versterken. Maar om te blijven wie je bent moet je ook veranderen.

We koersen op kwaliteit en niet ‘meer van hetzelfde’. Voorne aan Zee koestert de eigenheid, authenticiteit en variatie en wenst deze te bewaken en te etaleren. Dit geldt voor zowel het stedelijk gebied met dorpen en vestingsteden, de ligging aan zee als ook in het dynamische en gevarieerde landschap van de gemeente Voorne aan Zee.

Daarvoor willen we toewerken naar een adaptief, innovatief, meervoudig en veerkrachtig gebruik van onze ruimte. We richten Voorne aan Zee zo in, dat het klaar is voor de toekomst. Daarin bewegen we mee met maatschappelijke trends en natuurlijke processen. Zo blijven we nog heel lang van Voorne aan Zee genieten

2.2 De kracht van Voorne aan Zee

Voorne aan Zee is volop in ontwikkeling, al eeuwenlang. We hebben de ambitie om de kwaliteiten die van Voorne aan Zee een aantrekkelijke gemeente maken te behouden door ze verder te verrijken en te versterken. De kernkwaliteiten geven richting en houvast bij nieuwe initiatieven, maar ook bij tal van maatschappelijke trends en ontwikkelingen die op de gemeente afkomen.

afbeelding binnen de regeling

Groot aantal diverse landschapstypen

Voorne aan Zee is een groene en waterrijke oase tussen stad en delta. Inwoners en bezoekers genieten van de kust, de natuur, het open polderlandschap en de zichtbare elementen van onze geschiedenis. Het landschap is de drager van bijna alle kwaliteiten in Voorne aan Zee. In de gemeente bevinden zich dan ook een groot aantal diverse landschapstypen:

Kustlandschap: een gebied waar strand, duinen en binnenduinranden samenkomen. Dit gebied is onderdeel van Natura2000-gebied.

Grote water- en groenstructuren: zijn erg typerend voor het landschap in Voorne aan Zee. Er zijn veel wateren: Brielse Meer, Oostvoornse Meer en Haring­vliet. In het noorden van de gemeente bevindt zich een belangrijke groene buffer, de landschappelijke Noordrand, tussen het eiland Voorne-Putten en de Rotterdamse haven.

Zanderijen; als overgangsgebied bestaande uit een halfopen landschap met richting het duingebied een grotere mate van begroeiing en bospercelen en richting de agrarische polders een groeiende mate van openheid.

Oude zeekleipolders: hebben voornamelijk een agrarische functie en heeft als kenmerk open weides en akkers gelegen tussen dijken.

Jonge zeekleipolders: zijn grootschaliger dan de oude zeekleipolders en zijn vaak te herkennen aan de hoekige vormen en rechte polderwegen, ze zijn planmatig verkaveld.

Veenpolders: zijn één van de oudste polders van Voorne en hebben als kenmerk een onregelma­tig verkavelingspatroon, een ringvorm en laag liggend land die omringd is met dijken. De grond is nat en licht brak waardoor er veel ruimte is voor biodiversiteit.

Glastuinbouwcomplexen: worden geconcentreerd in delen van de gemeente. De omgeving heeft een groene uitstraling.

afbeelding binnen de regeling

Verschillende landschapstypen in Voorne aan Zee. Bron: Energieverkenning Voorne-Putten, Feddes/Olthof en Pondera Consult

Groot aantal diverse waarden

Belangrijke waarden voor Voorne aan Zee laten zich goed verdelen onder de landschappelijke kwalitei­ten, de cultuurhistorisch kwaliteiten en de gebruiks­waarden.

Landschappelijke waarde

De huidi­ge landschappelijke kwaliteiten, landschappelijke structuren en de beleving van het landschap zijn onderdeel van de landschappelijke waarde. Het landschap van Voorne aan Zee heeft veel diversiteit van duinen tot weide en akkerlanden. De kwaliteiten zijn ingedeeld in verschillende gebieden, de randen van het eiland en de polders en bossen, de dorpen en steden en netwerken in het binnenland.

afbeelding binnen de regeling

Op de randen van het eiland

  • De weidsheid van het kust- en deltalandschap is aansprekend. Zo ook de weidsheid bij het Haring­vliet met uitzicht op groot open water. In Voorne aan Zee zijn brede, aantrekkelijke stranden aan­wezig, wat veel toerisme aantrekt.

  • De duinen en de binnenduinrand hebben een hoge natuurwaarde met een grote biodiversiteit en zorgen voor een goede overgang van het strand richting het open landschap.

  • Langs het Brielse Meer en het Oostvoornse Meer liggen aantrekkelijke recreatiegebieden. De recreatiegebieden bieden veel mogelijkheden voor wandelen en fietsen, vissen, oeverrecreatie en kleine watersportactiviteiten. Bovendien vormen de recreatiegebieden in het noorden een belangrijke buffer tussen het eiland en de haven van Rotterdam.

afbeelding binnen de regeling

In het binnenland: polders

  • In het buitengebied is openheid doordat je ver uit kan kijken over de agrarische- en polderge­bieden.

  • De erven dienen als groene eilanden in de polders.

  • De omlijsting van de veenpolders door dijken zorgt voor ruimte voor biodiversiteit en een be­grenzing van het open landschap.

afbeelding binnen de regeling

Een open binnenland met polders

In het binnenland: de bebouwing en netwerken

  • Kreken zijn kleine watergeulen die zijn gevormd door dijkdoorbraken of een restant van een ingedijkte vroegere getijdengeul. Kenmerken zijn een onregelmatige slingerende vorm en een natuurlijke invulling aan het landschap. De kreken dienen als belangrijke ecologische verbin­dingen.

  • Bossen in de gemeente zorgen voor een recreatie­mogelijkheid en een uitloopgebied voor inwoners. Ook is er afwisseling in soorten bossen, zoals productiebossen en natuurlijke bossen.

  • In Voorne aan Zee zijn twee vestingsteden, Brielle en Hellevoetsluis, en diverse dorpen te vinden: Vierpolders, Zwartewaal, Rockanje, Oostvoorne, Tinte, Nieuwenhoorn en Oudenhoorn. Door de diversiteit en eigenzinnigheid van de verschillen­de dorpen hebben ze allemaal een eigen DNA en karakter.

afbeelding binnen de regeling

Bebouwing en netwerken in het binnenland

Cultuurhistorische waarden

De cultuurhistorische waarden zijn terugkomende aspecten of structuren die in het diverse landschap kenmerken laten zien van de oude historie in de gemeente. De historie van het gebied is belangrijk voor de identiteit waarop wordt voortgebouwd. De kwaliteiten vormen het landschap en de dorpen en steden tot hoe ze nu zijn.

  • De landgoederen dragen bij aan meer recreatie en ruimte voor planten en dieren. De landgoederen zijn onder­deel van het cultuurhistorisch erfgoed. Bekende landgoederen in Voorne aan Zee zijn landgoed Strypemonde, Mildenburg, Olaertsduyn, Kranenhout, ’t Reigersnest, Kooijsight en De Leyse.

  • In de gemeente bevinden zich verschillende histo­rische verdedigingswerken. De Maas-Haringvlietstel­ling is nog duidelijk herkenbaar in het landschap en bestaat uit een waterlinie met forten. Daar­naast zijn overblijfselen van de Atlantikwall uit de Tweede Wereldoorlog aanwezig.

  • In het duingebied ligt het rijksbeschermde dorpsgezicht Ontginningen Voornes Duin.

  • In Voorne aan Zee zijn twee vestingsteden Brielle en Hellevoetsluis. Beide hebben een rijksbeschermd stadsgezicht. De vestingsteden hadden vroeger als doel de stad of marinehaven te beschermen. Ken­merken van de vestingsteden zijn grachten, poor­ten, de stervormen, bunkers en vestingwallen.

  • Voorne aan Zee bevat veel polders en hierbij hoort een rijke inpolderingsgeschiedenis. Het toevoe­gen van dijken/polderdijken heeft ervoor gezorgd dat hier gewoond kon worden en economische activi­teiten konden plaatsvinden. Karakteristiek zijn de fijnmazige veenpolderverkaveling en de groot­schalige regelmatige verkaveling van bijvoorbeeld de Zuidpolder. Oude boerderijen geven Voorne aan Zee een historisch karakter.

  • Het Kanaal door Voorne is een kaarsrechte water­weg die een zichtlijn dwars door het buitengebied creëert. In 1830 is het kanaal gegraven voor een waterver­binding tussen de zee en de Rotterdamse haven.

  • In 1971 is de Haringvlietdam geopend als onderdeel van de Deltawerken. Het draagt bij aan de rust in het Haringvliet, de verde­ling van de kust, voorkomt overstromingen en het is de zuidelijke entree van het eiland.

  • Verspreid over de gemeente liggen zo’n 600 monumenten waarvan 2/3 deel een beschermd rijksmonument is en 1/3 deel een beschermd gemeentelijk monument is.

  • De gemeente is rijk aan archeologische waarden.

afbeelding binnen de regeling

Specifieke gebruikswaarden

De gebruikswaarden hebben betrekking op de functies die in het landschap worden uitgevoerd. In Voorne aan Zee zijn gebruikswaarden die eruit springen, namelijk landbouw en recreatie.

  • De gemeente is een oase van rust en ruimte in een drukke regio, gelegen dichtbij het havengebied van Rotterdam. Er is ruimte om tot rust te komen in de mooie landschappen met een enorme weidsheid.

  • Er zijn recreatiemogelijkheden op het water bij het Oostvoorn­se Meer, Brielse Meer en Haringvliet voor diverse watersporten, pleziervaart en vissen. Daarnaast zijn de brede en rustige stranden, zoals bij Rockanje, geschikt voor zwemliefhebbers en zonaanbidders.

  • Er bevinden zich veel verschillende recreatieve routes voor fietsers, wandelaars, ruiters. Rond het Oostvoornse Meer ligt een MTB-route. De oude trambaan is een recreatieve fietsroute en draagt daarnaast bij aan de cultuurhistorische waarde.

  • De gemeente kent vele agrarische bedrijven met onder andere akkerbouw, glastuinbouw en veeteelt.

  • Er zijn twee grootscha­lige glastuinbouwclusters en enkele bedrijventerreinen waarvan de voornaamste Kickersbloem, Seggelant, Pinnepot, Mool­hoek en ’t Woud zijn.

  • In de gemeente is er aanbod van verblijfsaccommoda­ties zoals vakantie- en recreatieparken, campings, hotels en B&B’s. Bezoekers kunnen hier overnachten en gebruik maken van dagrecreatie.

  • De dagrecreatie in Voorne aan Zee is zeer divers met badstran­den, mooie natuurbeleving, recreatie aan het water, water­sporten, recreatieve routes en het bezoeken van de vestingsteden en cultuurhis­torisch erfgoed.

afbeelding binnen de regeling
2.3 De Voornse Vesting; onze ambities en opgaven in balans

In de voorgaande paragraaf staat de kracht van Voorne aan Zee beschreven. De grote variëteit aan landschapstypen met bijzondere landschappelijke waarden vormt de basis van deze gemeente. Het samenspel van dynamische kust- en deltalandschappen en het open polderlandschap is een belangrijke kwaliteit van Voorne aan Zee. De rijke cultuurhistorie is hier zichtbaar en heeft zijn sporen nagelaten. Het bijzondere gebruik van de ruimte door met name de recreatiesector, maar ook de land- en tuinbouw, typeren de gemeente.

Dat die kwaliteiten blijven is niet vanzelfsprekend. Diverse ontwikkelingen zetten druk op de huidige situatie. Om deze kwaliteiten veilig te stellen voor de toekomst en om nieuwe, gewenste kwaliteiten toe te voegen, zetten we als gemeente in op een aantal gemeentebrede ambities.

Aan de hand van het model ‘de Voornse Vesting’ beschrijven we wat onze richtinggevende ambities zijn. Dit zijn ambities die ons helpen onze unieke kwaliteiten te beschermen en te versterken. Ze fungeren als het ware als een kompas om de gewenste koers te varen.

Conform de Toekomstvisie Voorne aan Zee streven wij er naar een gemeente te zijn waarin de mensen (sociaal/cultureel), fysieke leefomgeving (ecologie) en welvaart (economie) op harmonieuze manier in balans zijn. We streven sociale, ecologische en economische duurzaamheid na. Deze drie ambities zijn verbeeld in ‘de Voornse Vesting’:

  • Ambitie 1 - We verbeteren het welzijn en wonen voor huidige en toekomstige generaties.

  • Ambitie 2 - Ons landschap, natuurlijke leefomgeving en erfgoed staan centraal.

  • Ambitie 3 - We stimuleren werken en ondernemen en zetten in op een sterke recreatiesector.

afbeelding binnen de regeling

Figuur ‘De Voornse Vesting’, waarbinnen we onze ambitie en opgaven structureren. Een helder verhaal dat sterk en stevig staat. Net zo sterk en stevig als een vesting.

Ambitie 1 - We verbeteren het welzijn en wonen van de inwoners voor huidige en toekomstige generaties.

afbeelding binnen de regeling

Brede welvaart (alles wat bijdraagt aan een goede kwaliteit van leven) van bewoners stellen we als voorwaardelijk. We zijn een inclusieve gemeente, alle mensen en doelgroepen in Voorne aan Zee doen ertoe. We vinden het belangrijk dat iedereen in Voorne aan Zee prettig kan wonen, meedoen en daarmee onderdeel kan zijn van de Voornse samenleving. Onze voorzieningen en de inrichting van de openbare ruimte dragen hier in grote mate aan bij. De gemeente zet zich in voor specifieke groepen en het nadrukkelijker centraal stellen van de leefomgeving en levensgebeurtenissen van inwoners. We beschermen onze inwoners tegen gevaren van bijvoorbeeld nabijgelegen industrie. In Voorne aan Zee ben je niet alleen veilig, je voelt je er ook veilig. Inwoners van Voorne aan Zee genieten een goed en gezond woon- en leefklimaat. We bevorderen ontmoetingen en een gezonde levensstijl. Betrokkenheid bij de eigen leefomgeving, direct en ook daarbuiten, is waar we naar streven. Als overheid staan we dicht bij onze inwoners en we beschermen gezamenlijk de Voornse cultuur. Dit doen we in al onze steden en dorpen. Met participatie en het voortzetten van de dialoog (met ook wijk- en dorpsraden) versterken we onze netwerken in sociale en vitale dorpen en wijken.

Ambitie 2 – Ons landschap, natuurlijke leefomgeving en erfgoed staan centraal.

afbeelding binnen de regeling

In Voorne aan Zee behouden we niet alleen onze waardevolle landschappelijke en cultuurhistorische leefomgeving, maar streven we er ook naar Voorne aan Zee leefbaar en gezond te houden. We zetten in op meerwaarde creëren. In Voorne aan Zee is niet alleen ruimte voor de mens, maar ook voor bijzondere en kenmerkende planten en dieren. Daarom versterken we de biodiversiteit. Dit doen we door bijvoorbeeld natuurinclusief te bouwen, ecologisch beheer en de focus te leggen op ecologische groene en blauwe verbindingen. De bestaande natuur maken we robuust en we proberen waar dit kan mee te bewegen met de natuur. We gaan ook bewust om met onze natuurlijke hulpbronnen en richten Voorne aan Zee toekomstbestendig en klimaatadaptief in. We gebruiken de beschikbare ruimte slim en benutten kansen om de ruimte multifunctioneel in te richten. Hierbij zorgen we voor een goede afweging met ruimtevragers zoals de energietransitie, woonopgaven, vraag naar werklocaties en de recreatiesector. De gemeente streeft naar balans tussen natuur, rust, ruimte en economische belangen. Dat is goed voor mens, natuur en economie. We hebben volop aandacht voor de grote transitieopgaven van deze tijd in de land -en tuinbouwsector. We richten ons op het samenspel tussen natuur en agrarische bedrijven om te komen tot een toekomstbestendig perspectief voor de landbouw, maar ook een robuust bodem- en watersysteem waarin we ook onze kwetsbare natuur beschermen. We ontwikkelen Voorne aan Zee door het vertellen van verhalen in de fysieke leefomgeving. Dit doen we door onze rijke geschiedenis, erfgoed en cultuurhistorie in zowel stad en land, het buitengebied en kustlandschap te beschermen en beter beleefbaar te maken voor inwoners en bezoekers. We dagen al onze initiatiefnemers uit bij te dragen aan deze opgaven om Voorne aan Zee ecologisch meer kwaliteit te geven.

Ambitie 3 - We blijven werken en ondernemen stimuleren en zetten in op een sterke recreatiesector.

afbeelding binnen de regeling

Economische ontwikkeling draagt bij aan brede welvaart in Voorne aan Zee. Banen zorgen voor inkomen, sociale zekerheid en zingeving en zijn van groot belang voor de brede welvaart van Voorne aan Zee. Het bedrijfsleven draagt bij aan sociale cohesie en heeft zo een grote maatschappelijke functie. Economische ontwikkeling vindt plaats in balans met andere aspecten van brede welvaart (zoals gezondheid, duurzaamheid, biodiversiteit, ruimtelijke kwaliteit en veiligheid). Voorne aan Zee zet in op het behoud van huidige vitale bedrijven. We willen ruimte bieden voor bedrijvigheid op de juiste locatie. Bestaande werklocaties gaan we beter en multifunctioneel benutten. De gemeente stimuleert de economie van Voorne aan Zee door een ‘rode loper aanpak’ te hanteren voor bestaande en nieuwe ondernemers. Daarbij ligt de nadruk op sectoren die passen bij de identiteit van Voorne aan Zee. In samenwerkingsverbanden werken we aan nauwe relaties met ondernemers en onderwijs. We richten ons niet alleen op een aangenaam vestigingsklimaat voor ondernemers, maar ook voor werknemers, door in te zetten op een goede woonomgeving met voldoende woningen voor personeel. De gemeente ziet een glanzende toekomst voor de land -en tuinbouwsector en werkt aan een toekomstbestendig landbouwperspectief met ruimte voor boeren, groen en water en beleving. De landbouw is de dragende functie onder de economie en de identiteit van het landelijk gebied (buiten de natuurgebieden) en de lokale gemeenschappen. Zonder een gezonde en toekomstbestendige landbouweconomie komt de kwaliteit van het landelijk gebied en de identiteit ervan (inclusief de gemeenschappen) onder druk te staan. Economische en recreatieve activiteiten en ontwikkelingen staan niet op gespannen voet met de bescherming van bijzondere natuurwaarden. Een goede bereikbaarheid van onze bedrijventerreinen, centrum- en recreatiegebieden is een voorwaarde voor ontwikkeling. We zetten in op een toekomstbestendige en circulaire economie, waarbij we onze bedrijven stimuleren hun footprint te verkleinen en we gebruiken onze beschikbare ruimte slim en multifunctioneel.

2.4 Dilemma's, conflicterende ruimteclaims en meervoudig ruimtegebruik

Voorne aan Zee heeft vele verschillende urgente opgaven die variëren van het klimaatadaptief en natuurinclusief inrichten van de bebouwde omgeving en aanleggen van groen tot het stimuleren van ontmoeting en circulariteit. Er komt ontzettend veel op de gemeente af. Deze opgaven zijn soms goed samen te realiseren, maar soms ook niet. Soms versterken de opgaven elkaar, maar ze kunnen ook met elkaar conflicteren.

Alle opgaven vragen iets van de gemeente; zij vragen om ruimte. De ruimte in Voorne aan Zee is schaars. We willen zorgvuldig en creatief met de beschikbare ruimte omgaan, zodat we Voorne aan Zee nog mooier kunnen maken.

Enkele bestaande dilemma’s waar we ook in de toekomst blijvend oog voor moeten houden, zijn:

  • a.

    Een hoge vraag naar woningen én beperkt bouwen buiten de bestaande stads- en dorpsgrenzen (BSD/rode contouren).

  • b.

    Het belang van groen en openheid in de openbare ruimte (gezondheid, biodiversiteit, klimaatadaptatie, leefbaarheid) én de stedelijke groei in de vorm van de verdichtingsopgave.

  • c.

    Concurrerende ruimteclaims: ruimte voor wonen én ruimte voor innovatie en bedrijvigheid én een passend voorzieningenniveau én openbare ruimte én ruimte voor energieopwek.

  • d.

    Bouwen in hogere dichtheden én behoud van de leefbaarheid, historische stadsgezichten en (dorpse) identiteit.

  • e.

    Toekomstbestendig maken van stad en land én het behouden en versterken van cultuurhistorie met erfgoedwaarden.

  • f.

    Het mengen van wonen en werken én het behouden van een prettig, gezond en veilig woon- en leefklimaat én behouden ruimte voor bedrijfsvoering.

  • g.

    Evenementen en activiteiten én ‘een oase van rust en ruimte’ met de doelen van natuurgebieden en Natura2000.

  • h.

    Inzetten op een sterke en groeiende recreatiesector én het behouden en beschermen van belangrijke natuurwaarden waar het landschap centraal staat.

  • i.

    Strijdig gebruik op recreatieparken en illegale huisvesting én een tekort aan goede huisvesting voor verschillende doelgroepen.

  • j.

    Het behouden van een gezonde land- en tuinbouwsector én het inzetten van de landbouwtransitie met focus op natuurherstel.

  • k.

    Een groeiende gemeente met een groeiend aantal verplaatsingen én duurzame mobiliteitsoplossingen.

Ruimtelijke oplossingen komen niet voort uit het bundelen van alle verschillende sectorale opgaven, maar juist door scherpe keuzes, door kansen te benutten om opgaven met elkaar te verbinden (meekoppelkansen) en door innovatieve combinaties te maken.

De uitdaging is om altijd heldere keuzes te maken en hierbij integraal en gebiedsgericht te werk te gaan. De keuzes die we maken met deze omgevingsvisie zorgen ervoor dat we een richtinggevende visie neer kunnen zetten. Meervoudig ruimtegebruik om binnen onze beperkte ruimte meerdere ambities en opgaven te vervullen, kan hierbij een belangrijke oplossingsrichting zijn.

afbeelding binnen de regeling

3. Gebiedsgerichte uitwerking

3.1 Inleiding

Voor de omgevingsvisie is het nodig om te beschikken over een gedegen gebiedsindeling met gebiedsgerichte uitwerking. Hiervoor zijn meerdere redenen om te beschikken over een dergelijke gebiedsindeling met uitwerking:

  • a.

    Gebiedseigen opgaven en ambities kunnen zo goed in beeld kunnen worden gebracht.

  • b.

    Het bevordert gebiedsgericht werken.

Het is straks nodig om per gebied ambitie te bepalen en kaders te stellen wat ook weer doorwerking krijgt in de planregels van het op te stellen omgevingsplan.

Duiding deelgebieden

De deelgebieden van Voorne aan Zee zijn weergegeven op de kaart op de volgende pagina.

De onderbouwing van de begrenzing van de acht deelgebieden is als volgt:

  • a.

    Vestingsteden : dit deelgebied omvat de vestingsteden Brielle en Hellevoetsluis, inclusief de vestingen en de woonwijken. De bestaande BSD-contour is aangehouden en hierbij zijn de nieuwe uitbreidingslocaties Buitenplaats in Brielle en Beaugaard in Hellevoetsluis meegenomen.

  • b.

    Kustdorpen : dit deelgebied omvat kustdorpen Rockanje en Oostvoorne.

  • c.

    Polderdorpen : dit deelgebied omvat polderdorpen Tinte, Vierpolders, Zwartewaal, Nieuwenhoorn en Oudenhoorn.

  • d.

    Haringvliet en Voordelta : dit deelgebied omvat het water van Haringvliet (zoet) en Voordelta (zout) met aanliggend het strand, de duinen en de zanderijen. Ook het Oostvoornse Meer is onderdeel van dit deelgebied.

  • e.

    Landschappelijke Noordrand : de groene landschappelijke buffer die de Europoort van Voorne aan Zee scheidt. Het Brielse Meer is onderdeel van dit deelgebied.

  • f.

    Polders : met oude en jonge zeekleipolders en veenpolders. Dit is het overwegend agrarische buitengebied van de gemeente.

  • g.

    Glastuinbouw : de locaties waar overwegend glastuinbouw is gesitueerd, bestaande uit de aangewezen glasconcentratiegebieden.

  • h.

    Bedrijventerreinen : overwegend de bedrijventerreinen Kickersbloem, Seggelant, Pinnepot, Moolhoek en ’t Woud.

afbeelding binnen de regeling

We hebben op basis van het huidige karakter een indeling gemaakt in verschillende deelgebieden. De kaart met de deelgebieden vormt tevens de basis (de onderlegger) voor de omgevingsvisiekaart, omdat het uitgangspunt steeds is dat we het huidige karakter in de toekomst willen behouden en waar mogelijk versterken. Voor elk deelgebied is een koers geformuleerd, aan de hand waarvan we richting geven aan toekomstige ruimtelijke ontwikkelingen, die passen bij het karakter van het deelgebied. De koersen voor de verschillende deelgebieden met de belangrijkste ontwikkelingen en opgaven voor de periode tot 2040 staan beschreven in de volgende paragrafen.

In onze omgevingsvisie onderscheiden we acht deelgebieden. Deze indeling vindt plaats op basis van kwaliteit en functie. Het biedt mogelijkheden om gebiedsgerichte uitspraken te doen. De locaties of grenzen van een gebied zijn veelal ook een grens tussen kwaliteiten en functies. Het zijn de ruimtes die onder druk kunnen komen te staan. Ontwikkelingen vanuit een functie kunnen (negatieve) invloed hebben op de kwaliteit van het andere deelgebied. Bijvoorbeeld het uitbreiden van een bedrijfspand kan effect hebben op de kwaliteit of functie van het omliggende gebied. De woningbouwopgave kan ten koste gaan van open vergezichten of landschappelijke kwaliteiten. Deze grensgebieden bevatten dan ook de ruimtes en locaties waar we zorgvuldig mee om moeten gaan. Over het algemeen streven we naar geleidelijke overgang, waarbij meervoudig ruimtegebruik het uitgangspunt is waarmee we kwaliteiten van gebieden kunnen behouden en waar mogelijk versterken. Bestaande landschappelijke waarden, water en bodem gelden als ordenende principes.

In deze omgevingsvisie is op basis van kwaliteit, functies en beoogde activiteiten een eerste gebiedsindeling gemaakt die past bij het schaal- en detailniveau van een omgevingsvisie. Hierbij is goed gekeken naar de huidige bestemmingen en de omgevingsplanviewers van voormalige gemeenten Brielle en Westvoorne. Belangrijke opmerking is ook dat de gebiedsindeling geen visiekaart is. Met het maken van een gebiedsindeling is ook niet beoogd ander gebruik weg te bestemmen. De indeling is enkel een middel om verschillende typen gebieden inzichtelijk te maken. De begrenzing van de deelgebieden in de omgevingsvisie is nog niet in beton gegoten en kan mogelijk worden aangepast als een actualisatie of het omgevingsplan Voorne aan Zee dit vraagt.

Visie op de stads- en dorpsranden

Een specifiek aandachtspunt is de stads- en dorpsranden (zie kaart deelgebieden). Het zijn randen grenzend aan de duinen, de polders, groenstructuren, water of de dijk. De bebouwingsranden langs het water en de polders zijn vanaf grote afstand zichtbaar. De bebouwingsranden langs de duinen en de groenstructuren hebben een meer introvert en gelaagd karakter. In de randen rondom de steden en dorpen komen vaak veel opgaven samen. Soms zijn de randen zacht en zorgen ze voor een geleidelijke overgang naar het landelijk gebied, maar in andere gevallen zijn de randen heel hard en duidelijk begrensd. Sommige randen zijn niet goed herkenbaar en onduidelijk. We willen deze randen op een aantal plekken meer benutten en meer kwaliteit te geven. Per rand bekennen we kleur en geven we aan welke ontwikkelingen en functies we toestaan en onder welke randvoorwaarden.

  • De polderranden dragen in beginsel bij aan het karakter van dorp of kern en overgang naar het landelijk gebied en polderlandschap. Eventuele ontwikkelingen moeten bijdragen aan een kwaliteitsimpuls van het specifieke polderlandschap (oude- en jonge zeekleipolders of de veenpolders). Het bebouwde gebied van stad of dorp heeft een heldere rand ten opzichte van de open polder. Gestreefd wordt naar ‘zachte’ stads- en dorpsranden, door bebouwing aan de rand laag te houden en ontwikkelingen goed landschappelijk in te passen.

  • Op enkele plekken, zoals bij Hellevoetsluis, ligt de bebouwing direct achter de dijk. De dijk vormt een heldere en strakke rand voor de bebouwing. Aan de oostkant van Rockanje ligt een scherpere grens die samenvalt met de ringdijk van de polder. We behouden de heldere scherpe grens die de dijk vormt voor de stadsrand.

  • In Hellevoetsluis richten we de stadsranden (polderranden) flexibel in. Hier zijn mogelijkheden voor toekomstige stedelijke voorzieningen in combinatie met groen (denk aan een zorgboerderij in het groen). Dit zorgt voor een zachte groene overgang van stad naar het buitengebied. Waar mogelijk gebruiken we de randen kleinschalig voor waterberging of onze energieopgave (kleinschalig zon), mits heel goed landschappelijk ingepast. De stadsranden van Hellevoetsluis zijn geen verzamelranden voor onze energieopgave en wateropgave.

  • In Brielle houden we de overgebleven ruimte om het Spui heen open en herkenbaar. De voormalige schootsvelden rond de vesting van Brielle mogen enkel gebruikt worden voor functies die respect hebben voor het open karakter en de openheid niet aantasten. We zetten ook in op het zoveel mogelijk openhouden van de schootsvelden rond de vesting van Hellevoetsluis, fort Noorddijk en fort Penserdijk.

  • Bij Rockanje en Oostvoorne grenst de bebouwing aan het duinlandschap. In het algemeen is sprake van geleidelijke overgangen en behoud van zachte gelaagde randen met een menging van landschappelijke elementen en bebouwing. In de duinrand van Rockanje (westelijk van de Duinzoom) en de duinrand bij Oostvoorne staan we geen nieuwe ontwikkelingen toe en willen we de kleinschaligheid van het landschap behouden.

  • Voor de polderdorpen onderzoeken we per dorp de mogelijkheden voor een ‘straatje-erbij’ of zelfs een ‘buurtje-erbij’.

  • Het is niet de bedoeling dat Nieuwenhoorn aan Hellevoetsluis vastgroeit. Deze openheid bewaken we.

  • Waterfronten houden we open ten behoeve van het zicht op het water en beleving vanaf het water. De bebouwingsrand vormt een helder front naar het water en wordt dooraderd door een waterstelsel met open verbindingen naar het grote water. In Hellevoetsluis gaan we aan de slag met de beleefbaarheid van het Haringvliet met het project Zuidfront.

3.2 Vestingsteden
afbeelding binnen de regeling

Identiteit

Brielle en Hellevoetsluis en zijn de vestingsteden van Voorne aan Zee. De vestingsteden kennen een lange geschiedenis en zijn rijk aan cultuurhistorische elementen, monumenten en objecten. Beide vestingen zijn onderdeel van de Stelling van de Monden van de Maas en het Haringvliet en zijn ook beschermd stadsgezicht.

Brielle

Geuzenstad Brielle is de op een na grootste plaats binnen Voorne aan Zee. De stad is gelegen aan het Brielse Meer en verder opgebouwd in het Voornse polderlandschap. Brielle is een middeleeuwse stad die begin 18e eeuw omwald is. Het is zowel een prettige woonomgeving als een recreatieve, toeristische en cultuurhistorische vestingstad. Naast veel winkels en horeca, beschikt de vesting over een haven, die verbonden is met het Brielse Meer. Het beschermde stadsgezicht schept een eigentijds recreatiegebied met honderden monumenten. Brielle telt op één stad na (Harlingen) de meeste monumenten per inwoner van Nederland.

Het meest bijzondere en in het oog springende gebied is de vesting. De vesting ligt als een 'eiland' in het landschap en is op enkele plaatsen verbonden met het omliggende gebied. De vesting is opgebouwd uit een door een vestingwal omsloten middeleeuwse binnenstad met daaraan gerelateerde gebouwen, schootsvelden, gracht, bastions, ravelijnen en het buitendijks gebied met havenbatterij. Sinds 1713 is weinig aan de vesting veranderd, waardoor de verdedigingswerken tot de belangrijkste overgebleven vestingwerken van Nederland behoren. Brielle heeft met zijn negen bastions de meeste nog bestaande bastions van alle vestingsteden in Nederland. Andere beeldbepalende objecten en elementen zijn de Sint-Catharijnekerk (de Brielse dom), de markt met het oude stadhuis, het Arsenaal, Molen 't Vliegent Hert, Het Asyl voor Oude en Gebrekkige Zeelieden, bestaande uit veertien hofjeswoningen, de Sloepenloods, de Watertoren en het Merulaweeshuis.

afbeelding binnen de regeling

In de vesting van Brielle zijn talloze voorzieningen te vinden en de stad heeft populaire winkelstraten, zoals de Voorstraat, Nobelstraat, Turfkade en Vischstraat.

Brielle is, naast het historisch centrum, opgebouwd uit verschillende naoorlogse uitbreidingswijken genaamd de Plantage en Ommeloop (Spuilaan en omgeving), Zuurland, Rugge, Meeuwenoord, Kleine Goote, Nieuwland en Nieuwland-Oost.

In Zuurland is een winkelcentrum aanwezig waar verschillende voorzieningen te vinden zijn. Ook aan het Ruggeplein is een winkelcentrum gelegen in de wijk Rugge. Onder andere het sportcomplex Geuzenpark biedt ruimte aan verschillende voorzieningen om te sporten.

afbeelding binnen de regeling

Naoorlogse uitbreidingswijken en belangrijke structuren van Brielle

Belangrijke entrees, lijnen en structuren voor Brielle zijn:

  • Het Spui

    • Een belangrijke groenblauwe landschappelijke drager die enkele van deze woonwijken doorkruist is het Spui.

  • De Groene Kruisweg - Schrijversdijk

    • De Groene Kruisweg is een regionaal verbindende weg van oost naar west tussen de Maasvlakte en de Hartelbrug/Spijkenisse. De stad Brielle wordt vanaf de Groene Kruisweg ontsloten in alle richtingen.

  • G.J. van den Boogerdweg

    • Belangrijke entreeweg naar Brielle die overloopt vanuit de Rijksstraatweg vanuit Hellevoetsluis en Nieuwenhoorn. De route is onderdeel van de liniedijk die de historische vesting van Brielle met de vesting van Hellevoetsluis verbindt.

  • De Rik

    • De Rik is een entree vanuit Tinte, maar is wel ondergeschikt aan de andere genoemde wegen/lijnen.

Hellevoetsluis

Hellevoetsluis is de grootste stad van onze gemeente. Kenmerkend zijn de rijke maritieme cultuurhistorie, de band met het Haringvliet en de vele recreatiemogelijkheden.

De schitterende ligging aan het Haringvliet heeft een belangrijke rol gespeeld in het verloop van de geschiedenis voor Hellevoetsluis. De stad Hellevoetsluis ontwikkelde zich begin 17e eeuw van een vluchthaven naar een belangrijke marinehaven die omwald is. Hellevoetsluis is uniek omdat de vestingwerken geen stad maar een haven moesten beschermen en het is de enige versterkte haven van Nederland. Meer over de geschiedenis van Hellevoetsluis leest u hier en hier. De stad Hellevoetsluis is opgebouwd uit een historisch vesting en een aantal woonwijken met verschillende buurten.

Hellevoet met de vesting

De wijk Hellevoet bestaat uit de vesting en woonbuurten Dichters- en Schrijversbuurt, Glaciswijk, Groote Weergors en de Marinebuurt. De vesting van Hellevoetsluis is een rijksbeschermd stadsgezicht en heeft een aantal bijzondere historische gebouwen, schepen en musea. Enkele beeldbepalende monumenten en elementen zijn hier naast de vestingwerken het Droogdok Jan Blanken, Fort Haerlem, Molen de Hoop, de Watertoren, Vuurtoren en Kruittoren. Verder vormt de vesting het cultuurhistorische centrum. Ook heeft de vesting de functie als bestuurlijk centrum met het gemeentehuis van Voorne aan Zee gelegen in de vesting.

afbeelding binnen de regeling

Maritieme stad Hellevoetsluis

Nieuw-Helvoet

Deze wijk bestaat uit de buurten Nieuw-Helvoet, Bloemen- en Plantenbuurt, Boomgaard, Dorp en Hoonaart, Kulck-Noord en Kulck-Zuid, Rijksstraatweg en omgeving en de Vogelbuurt. Nieuw-Helvoet is een 'dorp in de stad’ en is door de uitbreidingen van Hellevoetsluis aan de stad vastgegroeid. In deze oudere stadsdelen is veelal sprake van een menging van wonen, detailhandel, kantoren en kleinschalige bedrijvigheid. Dit is een contrast met de grootschalige uitbreidingswijken, die veel meer monofunctioneel van aard zijn. Het naast elkaar bestaan van verschillende functies brengt een levendigheid met zich mee die bepalend is voor de sfeer en het karakter van deze wijken. Wel kan overlast ontstaan als gevolg van belangentegenstellingen tussen de verschillende functies. De Rijksstraatweg biedt onder andere ruimte aan winkels, kantoren en clusters aan voorzieningen.

Centrumgebied

De wijk bestaat uit de buurten Centrumgebied-Oost en Centrumgebied-West. In het centrumgebied ligt het winkelcentrum De Struytse Hoeck, dat onlangs een kwaliteitsslag heeft ondergaan. Het winkelcentrum vormt met haar stedelijke omgeving en haar stedelijk woonklimaat het economische hart van Hellevoetsluis waar veel boodschappen worden gedaan. Het centrumgebied heeft een aantal bijzondere herkenningspunten gekregen, met als voornaamste de Centerpoint-toren die het centrum markeert. Ook de overkluizing van het winkelcentrum De Struytse Hoeck over het Kanaal door Voorne is een opvallend element. Met deze overbouwing is de barrièrevorming van het kanaal teruggedrongen. Om meer levendigheid in de avonduren te creëren zijn woningen aan het gebied toegevoegd. De woonfunctie in het centrum is versterkt door de bouw van verschillende torenflats langs het Kanaal door Voorne met ‘waterappartementen’- complexen ondergeschikt aan de Centerpoint-toren. Ook op de kop van de Oostdijk zijn woningen toegevoegd aan het gebied.

afbeelding binnen de regeling

De Struytse Hoeck en hoogteaccenten in Hellevoetsluis, Waterlinze

In Hellevoetsluis wonen onze inwoners in verschillende woonwijken, zoals naooorlogse woonwijken De Struyten, De Kooistee en Den Bonsen Hoek. De Ravense Hoek is de jongste woonwijk van Hellevoetluis.

afbeelding binnen de regeling

De groen en ruim opgezette Ravense Hoek

Havens

Hellevoetsluis beschikt over een zestal havens met in totaal zo'n 2000 ligplaatsen en verschillende watersportverenigingen. Naast de moderne jachthavens is er de historische vestinghaven met musea, verdedigingswerken en gezellige restaurants, terrassen aan het water en uitgaansmogelijkheden. Hellevoetsluis kent de volgende havens: Koopvaardijhaven, Groote Dok, Heliushaven / Marina Cape Helius, Veerhaven / Tramhaven, Marina Hellevoetsluis en havens in het Kanaal door Voorne.

Algemene koers voor de vestingsteden

De vestingsteden als grootste plaatsen van Voorne aan Zee zijn van wezenlijk belang voor de gemeente. De vestingsteden staan voor grote uitdagingen. Zo gaat het vooral om de vitaliteit van de steden, levendigheid, vergroening, energieopgaves, klimaatbestendigheid, beleefbaarheid en bereikbaarheid. We hebben graag dat de vestingsteden prettige steden blijven om te wonen, werken of te recreëren. Een groot deel van de opgaven beschreven in hoofdstuk 3 is op de vestingsteden van toepassing. In algemene zin richten we ons in de vestingsteden vooral op de volgende speerpunten:

  • Vitale en sociale steden, buurten en wijken;

  • Groene vestingsteden;

  • Energieneutrale en klimaatbestendige vestingsteden;

  • Culturele en beleefbare vestingsteden;

  • Ondernemende vestingsteden met kansen voor recreatie en toerisme;

  • Bereikbare vestingsteden met een hoge leefbaarheid.

Vitale en sociale steden, buurten en wijken

De sfeer en leefbaarheid in de vestingsteden is van goede kwaliteit. Om dit te behouden dient echter geïnvesteerd te worden in het creëren en versterken van verblijfsplekken en ontmoetingsplekken die ook uitnodigen tot beweging. De winkelcentra en buurtcentra krijgen daarbij specifiek de aandacht en we streven op verschillende locaties naar een kwaliteitsimpuls. De openbare ruimte richten we in waar mogelijk voor ontmoeten. Voorzieningen zijn bereikbaar en sluiten aan op de behoeftes. De input van de brede samenleving is hierbij van belang en we hanteren waar mogelijk een wijkgerichte- of buurtaanpak.

Het voorzieningenniveau van Brielle en Hellevoetsluis is op peil en houden we in stand bij een groeiend aantal inwoners, zowel kwantitatief als kwalitatief. Het gaat dan om voorzieningen in de brede zin (sport, zorg, detailhandel, onderwijs, welzijn en cultuur). Voorzieningen zijn zoveel mogelijk geclusterd op wijkniveau. We maken ontmoetingsclusters met onderwijs, opvang en gezondheid. We zetten in op sterke wijken. Net als in de dorpen werken we in de vestingsteden aan een lokale uitwerking van ons Gezond en Actief Leven Akkoord.

De vestingsteden bieden verschillende typologieën en woonsferen, zoals wonen in historische context, wonen aan het water, wonen in dorpse sferen of stads wonen. Net als veel andere plekken in Nederland is een woningtekort in onze vestingsteden. Dit vraagt om vooruit denken en flexibel handelen. In de vestingsteden is vraag naar gedifferentieerde en vraaggerichte woningbouw met speciale aandacht voor gezinnen met kinderen, starters en senioren. We hanteren in de vestingsteden het Ontwikkelkader Wonen benoemd in H4.2 van deel B; Passend wonen voor iedereen in Voorne aan Zee. In de vestingsteden kan verder meer ruimte gecreëerd worden door woningen te splitsen. Naast de vraag naar kleinere woningen en meer woningen in de centra zouden gesplitste woningen de doorstroom kunnen bevorderen. In algemene zin heeft het tegen gaan van leegstand de aandacht.

We sluiten aan op het Strategisch Vastgoedplan en het Integraal Huisvestingsplan Onderwijs (IHP). Er zullen schoollocaties vrijkomen die mogelijk benut kunnen worden voor woningbouw. Passende ‘iconische hoogbouw’ (onder de juiste ruimtelijke voorwaarden) is meer passend bij het karakter van Hellevoetsluis dan bij Brielle. De mogelijkheden worden steeds per locatie onderzocht en we passen hier altijd maatwerk toe. Hoe we sturen op kwaliteit bij binnenstedelijk bouwen is beschreven in H4.2van deel B; Passend wonen voor iedereen in Voorne aan Zee.

Groene vestingsteden

We hebben de ambitie om de stedelijke groenstructuur te versterken en de ecologische kwaliteit ervan te verbeteren, bijvoorbeeld door vaker te kiezen voor ecologisch beheer. Het is wenselijk om de groenstructuur dan ook te koppelen aan het buitengebied – groene, recreatieve randen als verbinding tussen stad en land, zowel voor mensen als dieren. Hoe we inzetten op het versterken van de stedelijke groenstructuur en biodiversiteit is beschreven in H4.5 van deel B; Natuurlijk Voorne aan Zee. Specifieke aandacht in de vestingsteden krijgen de bestaande en nieuwe woonwijken en de vestingwallen. De ecologische waarden van de vestingwallen worden waar mogelijk verbeterd, rekening houdend met de instandhouding en beleving van de zeer grote cultuurhistorische waarde van de vestingwerken. Dit kan bijvoorbeeld door meer diversiteit in het beheer van de vestingwerken aan te brengen, op een deel een extensief natuurlijk beheer en op een ander deel een intensiever beheer wat beter passend is bij de vestingwerken als monument.

Energieneutrale en klimaatbestendige vestingsteden

Het is belangrijk dat de gebouwde omgeving wordt verduurzaamd, zowel nieuwbouw als bestaande bouw. Hoe we dit aanpakken is beschreven in H4.6 van deel B; Duurzaam en klimaatbestendig Voorne aan Zee. We hebben de ambitie de bestaande en nieuwe wijken energieneutraal en klimaatbestendig in te richten. We besteden aandacht aan het ruimtebeslag van de warmtetransitie in de vestingsteden. De komende jaren werken we de Warmtetransitievisie verder uit in een Warmteprogramma en wijkuitvoeringsplannen voor de bestaande wijken. Een extra uitdaging is het energieneutraal en klimaatbestendig inrichten van de historische vesting met oude panden in combinatie met behoud van waardevol erfgoed. Hierin zoeken we de juiste balans. Hoe we hier mee om willen gaan wordt komend jaar in een startnotitie vastgelegd. Ook de vestingsteden voelen de gevolgen van klimaatverandering. Hittestress en overstromingen zijn gevolgen van klimaatverandering die in steden merkbaar zijn. Inzetten op klimaatrobuuste vestingen en woonwijken is daarom van belang.

Culturele en beleefbare vestingsteden

De instandhouding van onze bijzondere monumentale vestingwerken heeft onze prioriteit. Dit geldt ook voor de Stelling van de Monden van de Maas en het Haringvliet. Het meer belichten en beleefbaar maken van deze geschiedenis en biedt recreatieve kansen. Daarnaast willen we deze rijke geschiedenis gebruiken om de andere dorpen ook (recreatief) met elkaar te verbinden.

Ondernemende vestingsteden met kansen voor recreatie en toerisme

De vestingsteden bieden veel kansen voor ondernemers. Ze beschikken over een rijk aanbod van diverse horecagelegenheden en winkels. De vestingen krijgen echter wel te maken met een vergrijzing van de bevolking. Deze trend is niet alleen een bedreiging maar kan ook als economische kans worden gezien. Door meer in te zetten op een ‘senior economy’, een economie gericht op ouderen, sluit de markt goed aan op de vraag en ontstaan nieuwe ontwikkelkansen. De Struytse Hoeck in Hellevoetsluis is en blijft een belangrijk winkelcentrum. Verder kennen Brielle en Hellevoetsluis verschillende wijkcentra inclusief voorzieningen en supermarkten. De ambitie is deze waar mogelijk in stand te houden. We streven naar behoud van (een gedifferentieerd) horeca- en winkelaanbod in beide vestingsteden al dan niet in combinatie met andere functies. Hierdoor blijft de gemeente aantrekkelijk voor de eigen bevolking en toeristen.

Brielle en Hellevoetsluis zijn toeristische vestingsteden. Hier is veel te beleven en is veel ruimte voor recreatie. We spelen daarom in op de groeisectoren toerisme en recreatie. Een speerpunt is om de (recreatieve) aantrekkingskracht van de vestingsteden te versterken. In dit kader is het belangrijk om te zorgen voor een recreatieve verbinding tussen de vestingen en het buitengebied en kustgebied. Het in standhouden en kwaliteitsbeheer van bestaande recreatieterreinen, waaronder de jachthavens vinden we daarbij ook van groot belang.

Bereikbare vestingsteden met een hoge leefbaarheid

In geen enkele andere vestingstad in Nederland kan in de binnenstad vrij geparkeerd worden. In Brielle en Hellevoetsluis kan dit op het moment nog wel. Inzetten op een meer autoluwe binnenstad en het aanpassen van het parkeerbeleid is daarom een ambitie voor Brielle en Hellevoetsluis. Hiermee wordt de parkeerdruk in de vesting verlaagd en neemt zowel de leefbaarheid als de verkeersveiligheid toe. Bezoekers zouden gestimuleerd kunnen worden om buiten de vestingen te parkeren. Het stimuleren van fietsgebruik (inclusief goede infrastructuur en goede stallingsmogelijkheden) en waar mogelijk zou een uitbreiding van het openbaar vervoer de druk op de wegen kunnen wegnemen en daarnaast bijdragen aan het tegengaan van het parkeerprobleem in de vestingsteden. Verkeersveiligheid heeft verder de volle aandacht in de vestingsteden waar passende maatregelen bij horen. In nieuwe en bestaande woonwijken zetten we in op een hoge ruimtelijke kwaliteit, waarin de auto minder zichtbaar is in het straatbeeld.

Aanvullende koers per vestingstad

Brielle

afbeelding binnen de regeling

Vitale en sociale steden, wijken en buurten

We zetten ons in om het goede voorzieningenniveau van Brielle met onderwijs, sport, cultuur en zorg ook naar de toekomst te behouden. In de bestaande wijken ligt de focus op kwaliteitsverbetering en vergroening van wijken, wijk- en buurtcentra. Om de bestaande wijken meer toekomstbestendig te maken wordt toegewerkt naar een wijk- of buurtgerichte aanpak, waarbij het openbaar gebied integraal wordt aangepakt met aandacht voor sociale en fysieke aspecten. Bewonersparticipatie speelt hierin een belangrijke rol.

Brielle kent naast de vele monumenten ook gebouwen met een architectonische en/of archeologische waarde. Waar mogelijk zetten we deze in voor nieuwe functies. Mooie voorbeelden zijn herontwikkeling Hof van Maerlant, het Zusterhof Brielle en het voormalig politiebureau aan de Langestraat dat momenteel wordt getransformeerd.

afbeelding binnen de regeling

Nieuwe woningbouwontwikkelingen in Brielle

Nieuwe woningen in aanvullende typologieën worden gerealiseerd met de volgende projecten;

  • Het plangebied Buitenplaats Brielle in de polder Oude Goote ligt aan de rand van Brielle, nabij het dorp Vierpolders en omvat een woonprogramma van ca. 800 woningen, die in fases worden ontwikkeld. Buitenplaats Brielle is een natuurinclusieve, klimaatadaptieve en duurzame gebiedsontwikkeling. Alle woningen hebben zicht op groen, zowel het bestaande groen en de ecologische zone langs het Spui, als nieuw openbaar groen in de wijken en nieuwe kreek die deels door de wijk komt te liggen en onderdeel wordt van het Natuur Netwerk Nederland. De opzet van de nieuwe wijk is geïnspireerd op de historische ondergrond en bestaat uit verschillende bouwvelden met daartussen groene zones. Het veelvoud aan planten en bomen die aangeplant zullen worden, zorgen ervoor dat de wijk het hele jaar door aantrekkelijk is voor mens en dier. Auto’s blijven grotendeels uit het straatbeeld, doordat ze geparkeerd worden in parkeerhoven aan de achterzijde van de woningen. Regenwater wordt zoveel mogelijk in de wijk vastgehouden voordat het wordt afgevoerd.

  • Het nieuwbouwproject Twee Getuigen en Kloosterbos is gelegen aan weerszijden van de Rik in Brielle. Het project bestaat uit twee plandelen. Eén plandeel is gelegen naast de Bedevaartskerk (Kloosterbos), een momenteel met bomen omsloten grasveld en het andere (grotere) plandeel is gelegen op de locatie ter hoogte van het voormalig café Twee Getuigen. Het nieuwbouwplan krijgt een groen karakter, veel bomen blijven behouden en nieuwe bomen worden aangeplant, met ruimte voor water en de woningen worden energieneutraal uitgevoerd. De woningen krijgen een warmtepomp en zonnepanelen. In dit plan is plek voor 27 huurwoningen, 9 vrije sector huurwoningen en 18 sociale huurwoningen en 57 koopwoningen (eengezinswoningen, twee-onder-een-kapwoningen en vrijstaande woningen).

  • De Plantage is nu een verouderde zorglocatie van zorginstelling Careyn. Het idee is om een nieuw verzorgingshuis te realiseren op de plek waar nu de Dierenweide is gelegen met daaromheen een aantal appartementengebouwen met woningen in een parkachtige omgeving rondom een groen hart.

Potentiële kansen

  • Meeuwenoord is een kansrijke woningbouwlocatie. Deze locatie ligt aan de rand van het Brielse Meer binnen de geluidscontouren van het Havengebied Rotterdam.

  • In het voormalige Stadskantoor liggen kansen voor het huisvesten van ouderen met zorgvoorzieningen.

  • Locatie Vlindertuin Hossenbosdijk heeft op het moment een sportbestemming en is potentieel een herontwikkelingslocatie, eventueel, gecombineerd met een groene invulling.

Groene vestingsteden

In Brielle gaat aandacht uit naar het versterken en koppelen van bestaande groenstructuren, zoals parken, Vlindertuin aan de Hossenbosdijk en voorzieningen langs het Brielse Meer, waaronder het Vrijheidsbos en de Natuurspeeltuin Brielle Bloeit.

Energieneutrale en klimaatbestendige vestingsteden

We hebben de ambitie de bestaande en nieuwe wijken energieneutraal en klimaatbestendig in te richten. We hebben hoge ambities op het gebied van duurzaamheid in de nieuwe woonbuurt Buitenplaats. Het inpassen van de Delta Rhine Corridor op Voorne-Putten zal in Brielle gepaard gaan met kwaliteitsverbetering en een goede landschappelijke inpassing met nieuwe aantrekkelijke routes met ruimte voor groen en water.

Culturele en beleefbare vestingsteden

De vesting van Brielle en de omliggende schootsvelden hebben een rijksbeschermingsstatus. In Brielle houden we de overgebleven open ruimte om het Spui heen open en herkenbaar. De voormalige schootsvelden rond de vesting van Brielle mogen enkel gebruikt worden voor functies die respect hebben voor het open karakter en de openheid niet aantasten.

In juli en november 2020 en februari 2021 is de gemeenteraad van Brielle akkoord gegaan met de voorlopige ontwerpen van de meeste projecten uit de binnenstad- en havenvisie. De visie is vanaf 2021 in uitvoering en heeft een doorlooptijd tot 2027. Veel plekken in de binnenstad van Brielle worden opgeruimd en opgeknapt en op een aantal plekken wordt iets bijzonders toegevoegd, met aandacht voor beleving en historie. Zie ook de volgende link voor meer info over de visie.

Brielle kan meer als festivalstad geprofileerd worden om meer bezoekers aan te trekken waar Brielle economisch van profiteert. Brielle kent ook vele hofjes. Hier liggen kansen voor een hofjesroute.

Bereikbare vestingsteden

Een speerpunt van de gemeente is om meer ruimte voor fiets- en wandelverkeer te maken bij (her)inrichtingen in Brielle. We hebben een langetermijnvisie om de leefbaarheid in de vesting van Brielle te verbeteren en ruimtelijke kwaliteit toe te voegen. Graag halen we parkeren uit de vesting voor bezoekers en maken we via maatwerk ontwikkelingen mogelijk. De parkeergelegenheid aan de Turfkade in Brielle blijft geschikt voor een snelle boodschap (maximaal 2 uur parkeren).

Hellevoetsluis

afbeelding binnen de regeling

Vitale en sociale steden, buurten en wijken

In de bestaande wijken ligt de focus op kwaliteitsverbetering en vergroening van enkele wijken, wijkcentra en buurtcentra. Om de bestaande wijken meer toekomstbestendig te maken wordt toegewerkt naar een wijk- of buurtgerichte aanpak, waarbij het openbaar gebied integraal wordt aangepakt met aandacht voor sociale en fysieke aspecten. Bewonersparticipatie speelt hierin een belangrijke rol. Specifiek de aandacht heeft het toekomstbestendig houden van het aanbod en de kwaliteit van de winkelcentra De Struyste Hoeck, het Evertsenplein, De Kooistee en de Jachthoorn zodat dit prettige plekken worden om elkaar te ontmoeten, bewegen en gebruik te maken van voorzieningen.

Nieuwe woningen

Nieuwe woningen in aanvullende typologieën worden gerealiseerd met de volgende projecten:

Stadsdorp 3223

In de wijk Nieuw-Helvoet werkt de gemeente aan een compleet nieuwe buurt: Stadsdorp 3223. Een unieke buurt in het hart van Hellevoetsluis met een divers woningbouwprogramma, voorzieningen in de plint aan de Amnesty Internationallaan, een sportcomplex met zwembad en een Kindcentrum. Een deel van de wijk is opgeleverd, een deel in uitvoering en een deel in voorbereiding.

Beaugaard

Het gebied langs de Parnassialaan in Hellevoetsluis, ten noordwesten van de Rijksstraatweg is nu nog boomgaard en poldergebied. Hier komt een woonwijk: Beaugaard met een landelijke uitstraling.

Veerhaven

Op de kop van de Veerhaven bij de Koopvaardijkhaven en het Haringvliet worden 100 luxe woningen gebouwd met bouwplan Veerhaven.

De Nieuwe Vesting

Door verplaatsing van een autobandenfabriek en een volkstuinencomplex is ruimte ontstaan voor herontwikkeling van het terrein naar woningbouw. Dit is project ‘De Nieuwe Vesting’.

afbeelding binnen de regeling

Nieuwbouwproject Stadsdorp 3223 (BGSV), De Beaugaard (GEM De Boomgaard) en Veerhaven (BO vastgoed & ontwikkeling) in Hellevoetsluis

Daarnaast worden er kansen gezien voor het gebied ten westen van Nieuw-Helvoet, tussen de N497, Amnesty Internationallaan, en de Hellevoetse Achterweg richting de nieuwbouwwijk de Beaugaard. Dit gebied wordt aangeduid als zoekgebied voor woningbouw en (sport)voorzieningen.

Verzilveren van vrijkomende inbreidings- of transformatielocaties

Naast de bekende ontwikkellocaties zijn kansen te verzilveren op vrijkomende inbreidings- of transformatielocaties. We benutten vrijkomende locaties en onbebouwde terreinen voor stedelijke inbreidingsopgaven in de wijken. Het gaat om ontwikkeling van bijvoorbeeld braakliggende gronden, maar ook om herontwikkeling van gronden die een bijdrage kunnen leveren aan een kwaliteitsverbetering van de leefomgeving en de programmatische opgaven.

Mogelijke (her)ontwikkelingslocaties hebben we met sterren op de kaart aangegeven. Hiervan onderzoeken we op korte termijn de haalbaarheid. Mogelijke (her)ontwikkelingen en inbreidingen zijn in lijn met het Ontwikkelkader Wonen, moeten altijd gepaard gaan met een verbetering van de ruimtelijke kwaliteit en zijn bij voorkeur in lijn met de gemeentebrede ambities beschreven in hoofdstuk 4 van deel B.

Met deze nieuwe stedelijke ontwikkelingen kunnen we bestaande structuren opwaarderen, meer woningen en voorzieningen toevoegen aan Hellevoetsluis en een toekomstbestendige openbare ruimte maken die aansluit op de gebruikers.

Groene vestingsteden

In de vesting van Hellevoetsluis is op een aantal plekken veel verharding en nauwelijks groen en schaduw aanwezig. Deze plekken willen we vergroenen. We hebben de ambitie de waterkwaliteit van de vestinggrachten te vergroten door gedeeltelijk natuurvriendelijke oevers aan te leggen aan de buitenzijde.

Het Kooisteebos en het Ravense Hout zijn jonge parkbossen van enige omvang. Beide bossen zijn aangeplant in het kader van een ruilverkaveling. Door de opzet en de geringe leeftijd is de waarde voor de recreant en natuur nog beperkt, maar biedt veel potentieel voor de toekomst. Met gericht beheer kan de gewenste ontwikkeling versneld worden. We zien graag de ecologische waarde van de bossen vergroot worden.

Energieneutrale en klimaatbestendige vestingsteden

We hebben de ambitie de bestaande en nieuwe wijken energieneutraal en klimaatbestendig in te richten. We hebben ambities op het gebied van duurzaamheid in de nieuwe woonbuurten zoals Beaugaard. Een extra uitdaging is het energieneutraal en klimaatbestendig inrichten van de historische vesting met oude panden in combinatie met behoud van waardevol erfgoed. De vesting van Hellevoetsluis ligt buitendijks en is onderdeel van de primaire waterkering. Die moet ooit versterkt worden. Daar dient bij eventuele ontwikkelingen dus nadrukkelijk rekening mee gehouden te worden.

Culturele en beleefbare vestingsteden

De maritieme vesting van Hellevoetsluis is een rijksbeschermd stadsgezicht. De rijke maritieme geschiedenis maken we nog beter beleefbaar met de ontwikkeling van het Fortresse Holland en een kwaliteitsimpuls op het Zuidfront en ’t Land van Paling.

De voormalige gemeente Hellevoetsluis heeft vanaf 2021 samen met een afvaardiging van omwonenden, ondernemers en andere organisaties uit de omgeving gewerkt aan een visie voor het Zuidfront en Land van Paling in Hellevoetsluis. De visie maakt duidelijk welke ontwikkelingen op deze plek mogelijk en gewenst zijn. De visie is vastgesteld op 14 december 2022. Zie ook de visie op de gemeentelijke website. Met het project Zuidfront krijgt Hellevoetsluis een nieuw gezicht aan het water met ruimte voor ontmoeting en beweging.

afbeelding binnen de regeling

Beeld uit de visie Zuidfront

Ondernemende vestingsteden met kansen voor recreatie en toerisme

Om het aanbod/ potentieel in de centra te behouden staan we geen detailhandel toe buiten de winkel-, buurt- en wijkwinkelcentra. Zie ook de uitgangspunten opgenomen in H4.9 van deel B; Ondernemend Voorne aan Zee. Om de economische positie van de centrumgebieden te verstevigen is onder meer voor winkelcentrum De Struytse Hoeck in Hellevoetsluis de centrumvisie geactualiseerd. Voor de overige centrumvoorzieningen wordt in 2025 de Nota commerciële voorzieningen opgesteld. We houden aandacht voor de algemene uitgangspunten in de Gebiedsvisie Zuidoost in relatie tot de aanwezige bedrijvigheid en woongebieden aan deze kant van de gemeente.

Bereikbare vestingsteden met een hoge leefbaarheid

Een speerpunt van de gemeente is om meer ruimte voor fiets- en wandelverkeer te maken bij (her)inrichtingen in Hellevoetsluis. We hebben een langetermijnvisie om de leefbaarheid in de vesting van Hellevoetsluis te verbeteren en ruimtelijke kwaliteit toe te voegen.

De bereikbaarheid van Hellevoetsluis staat onder druk en daarom wordt gewerkt aan een passende ontsluiting. De noordelijke ontsluiting (Nelson Mandelalaan) is al gerealiseerd en daarnaast wordt gekeken naar het verbeteren van de ontsluiting van Kickersbloem 3 en de noordelijke verkeerskundige ontsluiting van Hellevoetsluis. Ook wordt gekeken naar de mogelijkheden van een westelijke ontsluiting. Hiervan ligt het tracé nog niet vast. Voor beide opgaven zijn onder andere de landschappelijke en ecologische inpassing en de gevolgen van stikstofdepositie aandachtspunten. We geven in het nieuwe mobiliteitsprogramma aandacht aan de mogelijkheden voor een oostelijke en westelijke ontsluiting voor Hellevoetsluis.

3.3 Kustdorpen
afbeelding binnen de regeling

Identiteit

Voorne aan Zee kent twee kustdorpen, Rockanje en Oostvoorne. In de kustdorpen zijn relatief goede voorzieningen te vinden, met name door toerisme en recreatie. Ook voor bezoekers uit de regio dienen de kustdorpen als een fijne plek om te recreëren, te werken of te ontspannen.

Rockanje is een bekende badplaats met een gemoedelijke familiesfeer. De inwoners van Rockanje omschrijven het dorp als een aantrekkelijke plek om te wonen. Het badstrand dient als toeristische trekpleister en verbindt het dorp met de natuur. Rockanje wordt geprezen door het afwisselende landschap, van duin en kust tot polder en kreken. Naast de natuur en recreatiemogelijkheden biedt het toerisme potenties voor winkels en horeca in het centrum. In het centrum is sprake van een goed voorzieningenniveau en het heeft een levendig dorpshart met potentie. Zie voor een filmpje met de karakteristieken van Rockanje de volgende link.

afbeelding binnen de regeling

Kustdorp Rockanje / Huidige dorpshart / Multifunctioneel Centrum de Merel en basisschool de Zeewinde

Oostvoorne is een woondorp in de duinen, kleinschalig, authentiek en met allure. Oostvoorne kent een rijke historie van oude lanen, karakteristieke panden en historische elementen. Het dorp is omgeven door landgoederen en in de nabijheid van het kustlandschap. Hierdoor biedt het veel mogelijkheden voor activiteiten in de buitenruimte zoals wandelen, fietsen, mountainbiken en watersport in een prachtige natuurlijke omgeving. Naast iconische locaties in het centrum zoals de burcht, het dorpsplein en de kerk is een goed voorzieningenniveau aanwezig, zowel maatschappelijk als commercieel. Dit maakt Oostvoorne tot een prettige plek om te wonen, in een groene omgeving. Zie voor een filmpje met de karakteristieken van Oostvoorne de volgende link.

afbeelding binnen de regeling

Kustdorp Oostvoorne / Weekmarkt Oostvoorne / Kustdorp Oostvoorne

Algemene koers voor de kustdorpen

Vitale, sociale en aantrekkelijke dorpen aan de kust

De ambitie voor de kustdorpen is het toevoegen van woningen naar maat en schaal van het dorp, het in stand houden van het voorzieningenniveau en het tegengaan van verkeershinder en vergroten van de verkeersveiligheid.

Een belangrijke opgave waar de dorpen mee te maken hebben is de woningbouwopgave. Binnen de dorpen is een grote behoefte aan woningen voor mensen met een gemiddeld of lager inkomen en aan woningen voor jongeren en ouderen. Ook is behoefte aan een goede match tussen de bevolking en de woonproducten. De inbreidingsopgave is belangrijk vanuit de grote woningvraag, maar levert wel een spanningsveld op met het groene karakter en de dorpse maat en schaal van de kustdorpen. In de kustdorpen lopen op dit moment diverse woningbouwontwikkelingen. In de kustdorpen hanteren we naar de toekomst het ‘ontwikkelkader’ dat in H4.2 Passend wonen voor iedereen in Voorne aan Zee; deel B is beschreven. In de kustdorpen ligt de ambitie om te voorzien in de behoefte van wonen met zorg vanwege de vergrijzing. Daarnaast zal een toename in de bevolking zorgen voor een tekort in de gezondheidszorg. Het is daarom nodig om in te zetten op de verbetering van de kwantiteit van de gezondheidszorg in de kustdorpen.

Verder zijn ambities het verlevendigen en vitaal houden van de centra. Binnen de kustdorpen speelt voornamelijk het in stand houden van een kwalitatief goed winkelbestand en maatschappelijk voorzieningenniveau. Denk hierbij aan sport, onderwijs, zorg, een supermarkt, (dag)winkels, horeca en recreatieve/culturele voorzieningen. Daarnaast ligt de ambitie om goede speelplekken voor de jeugd te realiseren in de kustdorpen.

Goed en veilig ontsloten

Het doorgaand verkeer door de kustdorpen wordt als hinderlijk ervaren. Daarom moet meer ingezet worden op verkeersveiligheid, openbaar vervoer en fietsvoorzieningen. Door in te zetten op de verbetering van de bereikbaarheid van bijvoorbeeld de stranden kan het toerisme een impuls krijgen en wordt het landschap toegankelijker.

Cultureel en beleefbaar

Hoewel de kustdorpen een rijke geschiedenis kennen, wordt deze cultuurhistorie momenteel onvoldoende belicht. De ambitie luidt daarom om meer in te zetten op deze rijke historie. In de kustdorpenliggen flinke duurzaamheidsopgaven. De gevolgen van klimaatverandering, zoals hittestress en wateroverlast zijn ook in de kustdorpen merkbaar.

Aanvullende koers per kustdorp

Rockanje

afbeelding binnen de regeling

Dorpsvisie Rockanje “Een bruisende familiebadplaats en gemoedelijk kustdorp.”

Voor Rockanje is in 2021 de Dorpsvisie Rockanje vastgesteld. Samen met inwoners, ondernemers en maatschappelijke organisaties is deze visie tot stand gekomen. De visie omschrijft de sterke kanten van het dorp en welke karakteristieke waarden in de toekomst behouden moeten blijven. De visie benoemt tevens de belangrijkste ambities en doelstellingen voor de toekomst. Daarnaast is een aantal sleutelprojecten opgenomen, zie ook de gemeentelijke website. Potentiële ontwikkelingen in Rockanje moeten passen binnen de Dorpsvisie Rockanje. De drie doelstellingen voor Rockanje zijn:

  • a.

    Een aantrekkelijk dorp om te leven:

    • 1.

      Een levendig, uitnodigend dorpscentrum

    • 2.

      Maatschappelijke voorzieningen van een hoog niveau

    • 3.

      Een gezonde woningmarkt

    • 4.

      Speelvoorzieningen en ontmoetingsplekken voor de jeugd

    • 5.

      Verduurzaming van het dorp

  • b.

    Een gezellige familiebadplaats:

    • 1.

      Het strand aantrekkelijk houden als toekomstbestendige badplaats en toeristische trekpleister

    • 2.

      Inzetten op verbreding; van een dagje strand naar aantrekkelijk verblijfsgebied

  • c.

    De samenhang versterken:

    • 1.

      De visuele relatie en de routing voor het langzaam verkeer tussen het strand en het dorpscentrum versterken

    • 2.

      Het dorpscentrum als ontmoetingsplek en schakel naar het omliggende landschap

afbeelding binnen de regeling

Doelstellingen uit de Dorpenvisie Rockanje

Drie belangrijke sleutelprojecten benoemd in de Dorpsvisie Rockanje zijn:

  • a.

    Impuls in uitstraling, samenhang en verblijfskwaliteit dorpscentrum en wandelrelaties met de omgeving;

  • b.

    Ontwikkelen potentiële nieuwbouwlocaties Rockanje;

  • c.

    Clusteren en kwaliteitsimpuls maatschappelijke voorzieningen.

Toekomstperspectief Rockanje; een kloppend hart voor Rockanje aan zee

In navolging van de Dorpsvisie van Rockanje is in 2022 een Toekomstperspectief opgesteld met een plan voor het dorpshart, de strandboulevard en de entrees. Een routekaart beschrijft hoe het plan tot uitvoering kan worden gebracht. Zie voor het perspectief de volgende link.

Het accent voor de ontwikkeling van Rockanje tot een vitaal en aantrekkelijk dorp ligt op het dorpscentrum en de verbinding naar het kustlandschap met zee, strand en duinen. Echter is meer nodig om het centrum een ‘kloppend hart’ te laten zijn. Hiervoor zijn de opgaves vertaald naar vijf ingrepen, maatregelen die betrekking hebben op de ruimtelijke en functionele structuur van het dorp als geheel:

  • a.

    Een compact en levendig dorpshart;

  • b.

    Een prettige en groene openbare ruimte met meer verblijfskwaliteit;

  • c.

    Aantrekkelijke routes;

  • d.

    Landschappelijk verankeren;

  • e.

    Rondje Rockanje.

afbeelding binnen de regeling

Voor de uitvoering van het toekomstperspectief wordt een gezamenlijke inspanning gevraagd van de ondernemers, de bewoners, organisaties, marktpartijen, andere overheden en de gemeente. Dat is een gedeelde verantwoordelijkheid van alle partijen. In het toekomstperspectief is een routekaart opgenomen waarin de verschillende deelgebieden en projecten worden genoemd, welke partijen bij deze projecten betrokken kunnen zijn en de te verwachten doorlooptijd. Deze zijn indicatief en onder voorbehoud en afhankelijk van beschikbare budgetten.

Toekomstverkenning ‘Een kloppend dorpshart aan zee’

De voormalige gemeente Westvoorne heeft met stedenbouwkundigen en landschapsontwerpers in 2022 een aantal schetsen en varianten uitgewerkt. Het toekomstperspectief laat zien wat de ambities voor het centrum zijn. Dit vormt een mogelijk startpunt voor aantrekkelijk centrum van Rockanje. In alle schetsen wordt voorgesteld om aan de rand van het centrum twee parkeerterreinen te maken. Hiermee wordt het doorgaande verkeer zo veel mogelijk uit het centrum weggehouden. Het dorpsplein moet een prettige plek blijven, maar mag meer een strandsfeer gaan uitademen. Dat kan door bijvoorbeeld duinachtige beplanting toe te passen. In sommige schetsen wordt het dorpsplein groter, met meer ruimte voor terrasjes. Het plein kan een open verbinding krijgen met ‘t Waaltje en een open zichtlijn richting de kerk. De wens is om meer, vooral kleinere, woningen in het centrumgebied bij te bouwen. Het plan geeft de mogelijkheid voor een tweede supermarkt. Tevens is het idee opgenomen om de Raadhuislaan anders in te richten als een soort boulevard. De bewegwijzering naar het strand kan ook verbeteren.

afbeelding binnen de regeling

Voorkeursvariant Rockanje aan zee met schetsbeeld ‘Durf te dromen’

Naast de meer generieke ambities voor alle dorpen en steden (zoals een klimaatadaptatieve buitenruimte en circulaire bouw) en ambities die al beschreven zijn in de Dorpsvisie Rockanje en het Toekomstperspectief Rockanje, zetten we in op de volgende ambities:

Een aantrekkelijk, sociaal en ondernemend dorp

  • Kansen zijn aanwezig om de aantrekkingskracht en verblijfskwaliteit van het Dorpsplein te verbeteren. Gedacht kan worden aan het verbeteren van de kwaliteit van de paden van de zorgvoorzieningen.

  • We zetten in op een levendig centrum én een levendige strandboulevard. Functies die bijdragen aan de levendigheid zien we vanuit het centrum liever uitwaaien in westelijke richting zodat we in oostelijke richting (Dorpsweg) meer kunnen inzetten op de woonfunctie.

  • Hoewel het historische centrum veel gebruikt wordt en de saamhorigheid in Rockanje goed is, ontbreken logische routes in het centrum en zijn de zichtlijnen verdwenen. Daarnaast zijn veel winkels en horeca verspreid over het centrum en sluiten de bebouwing en openbare ruimte niet aan op de sfeer van een badplaats. Aan het centrum moeten daarom een kwaliteitsimpuls worden gegeven.

  • Voorzieningen waar men elkaar kan ontmoeten willen we behouden we waar mogelijk. Een goed voorbeeld is Multifunctioneel Centrum de Merel. Dit centrum bevindt zich in de dorpskern van Rockanje en is geschikt voor sport, cultuur, vergaderingen, presentaties, muziekoptredens, bijeenkomsten en allerlei andere activiteiten.

  • Wat betreft het toerisme liggen veel ondernemingskansen. Om de focus van de recreatie verder te verschuiven van strandrecreatie naar natuurbeleving en actieve buitensport zijn nieuwe recreatiemogelijkheden benodigd.

  • Het perceel aan de Nieuwe Achterweg/Nieuw Rockanjesedijk zijn in de toekomst mogelijkheden voor sport en maatschappelijke voorzieningen.

Ontwikkeling van nieuwe woningen

Op de volgende locaties wordt ingezet op de bouw van nieuwe woningen:

  • Drenkeling; in de kern van Rockanje ligt het plangebied Drenkeling, waarin nieuwe woningen worden gebouwd. Dit gebeurt in drie fasen.

  • Project Dwarsweg; op de locatie van de oude bebouwing van De Merel, de bibliotheek en de school komen 24 woningen.

  • Locatie Nieuwe Achterweg/Middeldijk; dit is een kansrijke locatie voor woningbouwontwikkeling/uitbreiding.

Goed en veilig ontsloten

  • We leiden de verkeersstromen voor strandbezoek in goede banen.

  • Bij het toevoegen van woningen moet de huidige ontsluiting voldoen.

  • We zoeken naar een betere samenhang tussen het dorp, het strand en de duinen, zodat recreanten ook het dorp intrekken. We zetten in op verbetering tussen de dorpscentrum en het landschap, zoals bijvoorbeeld de verbinding tussen het Dorpsplein en het strand.

  • Aandacht is nodig voor de verkeersveiligheid aan de oostelijke weg in Rockanje. Hier is een kwaliteitsverbetering benodigd.

Oostvoorne

afbeelding binnen de regeling

Dorpsvisie Oostvoorne; een woondorp in de duinen met allure, kleinschaligheid en authenticiteit

Voor Oostvoorne is in 2021 de Dorpsvisie Oostvoorne vastgesteld. Samen met inwoners, ondernemers en maatschappelijke organisaties is deze visie tot stand gekomen. De visie omschrijft de sterke kanten van het dorp en welke karakteristieke waarden in de toekomst behouden moeten blijven. De visie benoemd tevens de belangrijkste ambities en doelstellingen voor de toekomst. Daarnaast zijn een aantal sleutelprojecten opgenomen. Zie ook de gemeentelijke website aangaande deze Dorpsvisie. Potentiële ontwikkelingen in Oostvoorne moeten passen binnen de Dorpsvisie Oostvoorne.

De drie doelstellingen voor Oostvoorne zijn:

  • a.

    Een bruisende, hechte dorpsgemeenschap:

    • 1.

      Een bruisend, uitnodigend dorpscentrum;

    • 2.

      Maatschappelijke voorzieningen van een hoog niveau;

    • 3.

      Een gezonde woningmarkt;

    • 4.

      Speelvoorzieningen en ontmoetingsplekken voor de jeugd en senioren.

  • b.

    Een groen dorp rijk aan natuur en cultuurhistorie:

    • 1.

      De bestaande kwaliteit van de natuur en het groen behouden en versterken;

    • 2.

      Het beschermen van het cultuurhistorisch erfgoed en verbindingen tussen het landschap, erfgoed en het centrum voelbaar maken;

    • 3.

      Inzetten op klimaatadaptatie en verduurzaming met respect voor de natuur.

  • c.

    Recreatie in balans:

    • 1.

      Oostvoorne verder promoten als outdoor natuurbestemming op de kop van Voorne;

    • 2.

      Een dorpscentrum dat profiteert van het dagtoerisme.

afbeelding binnen de regeling

Doelstellingen uit de Dorpenvisie Oostvoorne

Drie belangrijke sleutelprojecten benoemd in de Dorpsvisie Oostvoorne zijn:

  • a.

    Impuls in uitstraling, samenhang en verblijfskwaliteit dorpscentrum;

  • b.

    Ontwikkelen potentiële woningbouwlocaties;

  • c.

    Clusteren en kwaliteitsimpuls maatschappelijke voorzieningen.

Naast de meer generieke ambities voor alle dorpen en steden (zoals een klimaatadaptatieve buitenruimte en circulaire bouw) en ambities die al beschreven zijn in de Dorpsvisie Oostvoorne, zetten we in op de volgende ambities:

Sociaal en leefbaar Oostvoorne

  • Hoewel de saamhorigheid in Oostvoorne erg goed is, willen we het dorpscentrum verlevendigen. Bijvoorbeeld met een breder aanbod en een bredere kwaliteit van winkels en horeca. Verder zouden voorzieningen voor jongeren ook verbeterd moeten worden om ontgroening te voorkomen, zoals het verbeteren van het onderwijs, speel- en ontmoetingsplekken en sportclubs. Vanwege de vergrijzing in Oostvoorne is de zorg een belangrijk aandachtspunt. In de Dorpsvisie Oostvoorne gaat het hierbij vooral om de huidige zorgvoorzieningen te behouden en te verbeteren.

  • De voormalige gemeente Westvoorne heeft de afgelopen jaren onderzoek gedaan naar een geschikte locatie voor een integraal kindcentrum (IKC) in Oostvoorne. Het ontwikkelen van een IKC is een meerjarenproject, waarbij veel verschillende partijen betrokken zijn. Inmiddels is er een gekozen voor de locatie aan de Vrouwe Machteldweg waar de basisschool CNS De Nieuwe Weg een nieuw onderkomen zal krijgen samen met een kinderopvang. Zie ook de gemeentelijke website over dit onderwerp.

  • Cultureel Centrum de Man is een locatie midden in het dorp met een vestiging van de bibliotheek en ruimte voor maatschappelijke en culturele functies. Buurtkamer de Man wordt goed gebruikt en we hebben de ambitie de voorziening in stand te houden.

afbeelding binnen de regeling

Buurtkamer de Man / Verbinding burcht, Dorpsplein, Kerkring en Mildenburgbos

Cultureel en beleefbaar Oostvoorne

  • Het verbinden van het dorp met cultuurhistorische waarden in het duingebied, zoals de Duinhuisjes en bunkers, die de totaalbeleving van het dorp interessanter kunnen maken. Oostvoorne heeft veel (cultuur)historische elementen die meer benut kunnen worden. Deze uitlichten zal de sfeer en de recreatie bevorderen.

  • Met name de Burcht, de kerk, De Man, de Duinhuisjes, de bunkers van de Atlantikwall, de Koepel Zeeburg en de oude landgoederen zoals het Mildenburg, Kooijzicht en ’t Reigersnest vormen de historische parels van het dorp en daarbuiten. Door (de in potentie interessante) historische trekpleisters te koesteren, in sommige gevallen ietwat op te poetsen en verbindingen tussen het erfgoed, het landschap en het centrum beter voelbaar te maken, kunnen we de cultuurhistorie in het dorp een impuls geven en beter tot zijn recht laten komen. Daarmee wordt het cultuurhistorische karakter van het dorp verder versterkt en wordt ook de recreatieve functie van het dorp verbeterd. Op een aantal plekken liggen historische of recreatieve elementen al goed verknoopt aan routes. Bijvoorbeeld aan het einde van de Stationsweg/Zeeweg waar je vanzelfsprekend uitkomt bij de Koepel Zeeburg en hotel ‘t Wapen van Marion.

  • Op een aantal andere plekken gaan we de cultuurhistorie beter verknopen aan recreatie en aantrekkelijke routes. Zoals tussen de Burcht, het Mildenburgbos, het Kerkplein en het Dorpsplein. Door dit te verbinden aan de herinrichting van het centrumgebied wordt de samenhang en de herkenbaarheid van het dorp versterkt.

  • Midden in het dorp Oostvoorne liggen de resten van de Burcht van Voorne, of in de volksmond beter bekend als de Jacobaburcht. We hebben de ambitie de Burcht nog beter bij het dorp te betrekken en beleefbaar te maken. Zie voor informatie over de geschiedenis de volgende website: https://www.burchtoostvoorne.nl/

  • Het landschap rondom Oostvoorne heeft veel te bieden en biedt kansen voor de economie en voorzieningen in het dorp. De recreatiemogelijkheden kunnen echter toegankelijker gemaakt worden voor toeristen die op zoek zijn naar rust en kwaliteit. Recreatieve routes tussen de natuur en het centrum met leuke tussenstops worden bijvoorbeeld genoemd in de Dorpsvisie Oostvoorne. Daarnaast heeft het Oostvoornse Meer de potentie om watersport meer op de kaart te zetten binnen de gemeente. De uitdaging ligt om de rust en ontspanning van het gebied te bewaken.

Inspelen op vergrijzing en de huisvesting van scholen

  • Oostvoorne is sterk vergrijzend waardoor veel behoefte is aan betaalbare seniorenwoningen. Anderzijds is het belangrijk jongeren aan te trekken en te behouden. Hiervoor dient genoeg betaalbaar woonaanbod binnen het dorp te zijn. Een opgave voor Oostvoorne is het inpassen van dit woonaanbod binnen het dorp. Deze ontwikkelingen mogen namelijk niet ten koste gaan van de kwaliteiten van het dorp (het groen, de kleinschaligheid en de authenticiteit).

  • Naast de vergrijzing is de huisvesting van de scholen een aandachtspunt. Met name basisschool het Overbos heeft een te kort aan lokalen door de grote groei in leerlingen en ook de locatie van basisschool CNS De Nieuwe Weg is zeer verouderd. In het nieuwe Integraal Huisvestings Plan van de gemeente gaan we nader op deze ruimtevraag in.

Inzetten op transformaties en woningbouwontwikkeling

  • De groene weides en grasvelden in Oostvoorne geven lucht aan het dorp. Liever bouwen we deze niet vol maar zetten we in op transformatie als zich kansen voordoen. Nieuwe ontwikkelingen vragen om een zeer zorgvuldige inpassing om te voorkomen dat het hoogwaardige beeld van het dorpshart verrommelt. We benutten vrijkomende schoollocaties als geschikte inbreidingslocatie voor wonen als de kans zich voordoet.

  • Binnen Oostvoorne is een aantal ontwikkellocaties aangewezen, waar woningen zullen worden ontwikkeld of waar locaties transformeren. Bijvoorbeeld aan De Ruy, de Patrijzenlaan-Fazantenlaan, in de voormalige Rabobank en aan de Voorweg 1-3.

  • We zetten ons in om de huidige panden met een centrumbestemming op de begane grond te behouden voor detailhandel en dergelijke. Een voorbeeld is de Pastorielaan in Oostvoorne als verbinding tussen de Stationsweg en het Dorpsplein en het Kerkplein. Op de bovenverdieping is de functie ‘wonen’ wel wenselijk.

  • Andere potentiële locaties die we de komende tijd onderzoeken zijn de Brielseweg (locatie Zwanenmeer) en Molenweg-Valweg.

Bereikbaarheid op orde

  • Verkeersveiligheid is een belangrijk thema in Oostvoorne. Te hard rijden in het dorp en de oversteekbaarheid van wegen en kruispunten zijn blijvende aandachtspunten. Onze focus ligt naast mogelijke verkeerskundige maatregelen ook op gedragsverandering om de verkeersveiligheid en leefbaarheid te vergroten. Dit geldt voor inwoners van Oostvoorne, maar ook voor toeristen die gebruik maken van sluiproutes door woonwijken.

3.4 Polderdorpen
afbeelding binnen de regeling

Identiteit

Onder de polderdorpen vallen Tinte, Vierpolders, Zwartewaal, Oudenhoorn en Nieuwenhoorn. De polderdorpen hebben een duidelijke relatie met de veelal agrarische polders. In de polderdorpen staat vooral de gemoedelijkheid en de sterke sociale cohesie centraal. In de polderdorpen zijn daarnaast ook enkele gezellige voorzieningen te vinden.

Tinte is een levendig polderbuurtschap met een hechte gemeenschap. Het dorp wordt gekenmerkt door de historisch agrarische lintbebouwing en Strypsche Wetering die het dorp doorkruist. Het polderlandschap dient als uitvalsbasis voor kleinschalige recreatie. Het dorp wordt daarnaast gekenmerkt door haar sterke en saamhorige gemeenschap. Zo worden diverse activiteiten en evenementen georganiseerd. Daarnaast beschikt het dorp over diverse kleinschalige ontmoetingsplekken en enkele basisvoorzieningen. Inwoners van Tinte wonen prettig in de rustige en landelijke woonomgeving. Zie voor een filmpje met de karakteristieken van Tinte de volgende link.

afbeelding binnen de regeling

Luchtfoto Tinte / Straat Dijckpotingen in Vierpolders

Vierpolders is van oorsprong een agrarisch polderdorp. Het dorp ligt op een kruispunt van vier polderdijken en heeft een mooie kerk in het kleine centrum, die wordt gebruikt als rouwcentrum. Vierpolders heeft als kloppend hart ’t Dijckhuis. Een multifunctioneel en gezellig gebouw wat gebruikt wordt door vele verenigingen, voor evenementen en activiteiten en als openbare basisschool. In Vierpolders zijn verder sportverenigingen, een ijsbaan, een jongerenontmoetingsplaats en verschillende bedrijven gevestigd.

Zwartewaal is een polderdorp gelegen in een aantrekkelijke, waterrijke omgeving. Het dorp heeft een directe relatie met het water, dankzij de meerdere jachthavens en de open verbinding met het Brielse Meer. Hierdoor kent het dorp een rijk visserijverleden met het Nettenpakhuis en het beeld van de vissersvrouwen. Aan de haven vind je het bijzondere Visserijmuseum. Daarnaast wordt het dorp gekenmerkt door het rijke verenigingsleven en de sterke sociale cohesie. Inwoners van Zwartewaal vinden het aangenaam en rustig wonen, in de nabijheid van Rotterdam. Onder inwoners is sprake van collectieve zelfredzaamheid. Het dorpscentrum de Gaffelaar is het kloppend hart en ook de buurtsupermarkt wordt gewaardeerd.

afbeelding binnen de regeling

De Dorpsstraat in Zwartewaal, haven en luchtfoto van Zwartewaal

Oudenhoorn is een historisch kerkringdorp waar de kerk centraal staat. Hierdoor is in het centrum een historisch deel ontstaan waar in de loop der jaren woningen omheen zijn gebouwd. Het dorp wordt daarom voornamelijk gekenmerkt als een prettige plek om te wonen in een rustige en landelijke woonomgeving in de polder. Een echt polderdorp bij uitstek. Hier wonen veel agrariërs. De kracht van het dorp zit in kleinschaligheid en de sterke gemeenschap. De kerk heeft een belangrijke functie, samen met de voetbalvereniging en de ijsbaan. De inwoners van Oudenhoorn zijn gericht op Hellevoetsluis voor de basisvoorzieningen. De dubbelfunctie van de school en dorpshuis wordt zeer gewaardeerd. In Oudenhoorn is een klein buurtwinkeltje aanwezig, de Ouden-Heijn.

afbeelding binnen de regeling

Luchtfoto van Oudenhoorn / Luchtfoto van Nieuwenhoorn

Nieuwenhoorn is een historisch dijkdorp langs de Rijksstaatweg, wat door de jaren heen is uitgegroeid. Het dorp is nauw verbonden met Hellevoetsluis en wordt vooral gekenmerkt als een rustige en landelijke woonomgeving. De voormalige dorpskerk doet dienst als cultureel trefpunt. Ook de school en de voetbalvereniging spelen een belangrijke rol in de sociale cohesie. De Dorpsstraat is een belangrijke kwaliteit van het dorp. Het dorp heeft geen supermarkt. Buurthuis de Oude Woelhoek is een plek voor ontmoeting en activiteiten.

Algemene koers polderdorpen

Vitale en sociale polderdorpen

Vergrijzing neemt toe en starters vinden lastig een woning. Inspelen op deze trends vergt vooruit kijken en flexibel bouwen. Ook in de polderdorpen in Voorne aan Zee zal ingezet moeten worden op een gedifferentieerd woningaanbod, vooral gespecificeerd op levensloopbestendige woningen en betaalbare woningen voor starters. Door ruimte te bieden aan jonge gezinnen zullen de polderdorpen minder vergrijzen en blijft de balans beter behouden. Daarnaast moeten ouderen gestimuleerd worden om door te stromen naar een levensloopbestendige woning zodat ééngezinswoningen vrij komen voor jonge gezinnen en de ouderen in het dorp kunnen blijven wonen. Om deze opgaven te kunnen realiseren zien we voor de polderdorpen vooral mogelijkheden in het ‘straatje erbij’ principe of lokaal zelfs een ‘buurtje erbij’. Zo kunnen we betaalbare woningen en kwaliteit toevoegen aan onze dorpen.

De sociale cohesie in de dorpen is sterk en de inwoners wonen hier graag. Hoewel voorzieningen steeds vaker naar de grotere dorpen en steden verschuiven en lokale voorzieningen verdwijnen lijkt dit geen problemen in de dorpen te vormen[1] zolang de bereikbaarheid van de voorzieningen goed blijft. We streven naar een passend voorzieningenaanbod per polderdorp en het behouden van de aanwezige basisscholen, buurthuizen en buurtkamers waar je kunt opgroeien in je dorp en waar inwoners van de polderdorpen elkaar kunnen ontmoeten. De gemeente stimuleert initiatieven in het kader van kleinschalige lokale voorzieningen (bijvoorbeeld buurtsupermarkten).

De verkeersveiligheid in de dorpen staat onder druk. Op drukke doorgaande wegen wordt hard gereden en dorpswegen worden als sluiproutes gebruikt. Fietspaden en verkeersveiligheid dienen daarom een prioriteit te krijgen, waarbij de auto een ondergeschikte rol moet krijgen.

Aanvullende koers per dorp

Tinte

afbeelding binnen de regeling

Dorpsvisie Tinte: een verbonden polderbuurtschap

Samen met Tintenaren, ondernemers en maatschappelijke organisaties is de Dorpsvisie Tinte tot stand gekomen. De in 2021 vastgestelde visie omschrijft de sterke kanten van het dorp en welke karakteristieke waarden in de toekomst behouden moeten blijven. De visie benoemt tevens de belangrijkste ambities en doelstellingen voor de toekomst. Zie ook de gemeentelijke website aangaande de dorpenvisies.

De drie doelstellingen voor Tinte zijn:

  • a.

    De mensen bij elkaar houden en brengen:

    • 1.

      Tintestein als centraal maatschappelijk cluster;

    • 2.

      Inzetten op een kralensnoer van levendige plekken;

    • 3.

      Betaalbare woningen voor senioren en starters;

    • 4.

      Kwalitatieve speel- en ontmoetingsvoorzieningen en activiteiten voor de jeugd.

  • b.

    Relaties versterken:

    • 1.

      De beleving van het landschap als economische en recreatieve impuls voor het dorp;

    • 2.

      De twee delen van het dorp met elkaar in verbinding brengen;

    • 3.

      Een goede bereikbaarheid van voorzieningen in de omliggende dorpen en steden;

    • 4.

      De kassencomplexen benutten voor de gemeentelijke energie-opgave.

  • c.

    Ruimte geven voor initiatieven en op gerichte momenten een duwtje in de rug:

    • 1.

      Soepele samenwerkingen en onderlinge betrokkenheid als drijfveer.

afbeelding binnen de regeling

Doelstellingen Dorpsvisie Tinte

Drie belangrijke sleutelprojecten benoemd in de Dorpsvisie Tinte zijn:

  • a.

    Tintestein (sporthal) afronden als maatschappelijk hart conform de plannen en herbestemmen Odiaan naar wonen.

  • b.

    Vergroten verblijfskwaliteit van de Kade en stimuleren wandelen en fietsen in de buurtschap .

  • c.

    Onderzoek mogelijkheden woningbouw en planologische ruimte voor kleinschalige recreatieve ontwikkelingen passend binnen buurtschap.

De onderlinge banden in Tinte zijn sterk aanwezig en binnen het dorp zijn meerdere ontmoetingsplekken. Hier liggen wel kansen in het ontwikkelen van een centraal maatschappelijk cluster. In de Dorpsvisie Tinte wordt bijvoorbeeld gesproken over het aanhelen van de Kade, om de twee belangrijkste en dichtst bebouwde delen van het dorp aan elkaar te rijgen en de verblijfskwaliteit te verhogen. Daarnaast liggen kansen in het creëren van meer kwalitatief goede speelplekken voor de jongere jeugd. De inwoners van Tinte zijn bereid om veel te doen voor het dorp, maar hebben daarbij wel de steun van de gemeente nodig. In de Dorpsvisie Tinte wordt het belang van het behoud van de basisvoorzieningen in Tinte benadrukt.

Volgens de Dorpsvisie Tinte liggen kansen om de biodiversiteit in en om het dorp te verhogen. Dit kan door bijvoorbeeld meer bloemrijke akkerranden te creëren in samenwerking met de boeren of door de dijken en bermen te voorzien van bloemrijke of een wat ruigere kruidenrijke vegetatie en bomen. In de Dorpsvisie Tinte staat dat het krekenlandschap meer in beeld zou kunnen worden gebracht onder de recreant. Tinte zou interessanter kunnen worden door de Strypsche Wetering recreatiever te benutten door de ontwikkeling van kleinschalige extensieve recreatievormen.

Veel inwoners van Tinte ervaren overlast door hardrijdend verkeer en het gebruik van sluiproutes. Inzetten op verkeersveiligheid en handhaving is daarom benodigd. De parkeerdruk in het dorp heeft de aandacht van de gemeente.

Vierpolders

afbeelding binnen de regeling

Sociaal vitaal buurtschap

Vierpolders heeft een beperkt voorzieningenniveau en is daarom grotendeels afhankelijk van voorzieningen in Brielle. Wel beschikt het dorp over ’t Dijckhuis, een voorzieningencluster met een basisschool en een sportzaal waar ruimte wordt geboden aan verenigingen, evenementen en activiteiten. Om de vitaliteit van het dorp en de sociale cohesie te waarborgen streven we naar behoud van alle aanwezige voorzieningen.

De locatie van de voormalige school Tiende Penning is een geschikte locatie voor dorpsinbreiding met woningbouw. Gedacht wordt aan een Knarrenhof. Aan de westkant van Vierpolders liggen kansen voor andere functies en kansen voor een ‘straatje-erbij’. Ook zien we de bedrijvigheid aan de Dijckpotingen graag verplaatsen naar andere bedrijventerreinen in de gemeente en de locatie kan dan getransformeerd worden naar wonen.

Vierpolders is bijna geheel omsloten door poldergebied. Het poldergebied ten westen en ten noorden van Vierpolders is minder open, door de grootschalige glastuinbouw die daar gevestigd is. We vinden het daarom belangrijk om de open groene ruimte te behouden tussen Glaspark 4P en het dorp. Daarnaast is vergroening van het dorp wenselijk; zeker bij nieuwe ontwikkelingen binnen en aan de rand van het dorp.

In Vierpolders heeft verkeer in relatie tot de leefbaarheid van het dorp, met name zwaar vrachtverkeer vanuit Glaspark 4P, specifiek de aandacht.

Zwartewaal

afbeelding binnen de regeling

Vergroten leefbaarheid Zwartewaal

In 2016 is de Leefbaarheidsvisie Zwartewaal 2030 opgesteld. De volgende visie is toen vastgelegd; ‘Zwartewaal is in 2030 een aantrekkelijk dorp, waarin het aangenaam wonen is, haar inwoners actief deel uitmaken van het maatschappelijk leven en bezoekers graag vertoeven.’ Belangrijke benoemde opgaven betreffen:

  • a.

    Versterken van het recreatief routenetwerk;

  • b.

    Opstellen van een integrale gebiedsvisie Christinalaan en omgeving[2];

  • c.

    Werken aan een toekomstbestendige Gaffelaar en basisschool[3];

  • d.

    Actief ondersteunen van initiatieven, vrijwilligers en verenigingen;

  • e.

    Opwaarderen van het historisch centrum;

  • f.

    Onderzoeken potentie Plas van Heenvliet[4];

  • g.

    Opwaarderen van de dorpsentree;

  • h.

    Opstellen van een integrale aanpak ten aanzien van parkeren;

  • i.

    Onderzoeken en agenderen van de mogelijkheid van een tweede ontsluiting.

Aan enkele van deze benoemde opgaven wordt inmiddels gewerkt of zijn projecten gekoppeld.

Ten aanzien van het opwaarderen van de dorpsentree rondom de Henry Fordstraat, is het wenselijk om de bedrijvigheid hier in de toekomst te verplaatsen naar andere bedrijventerreinen in de gemeente en de achterblijvende locaties te herontwikkelen met woningen. Dit initiatief laat de gemeente aan de markt over. De gemeente heeft aan de Henry Fordstraat geen grondpositie en zal in dit kader dan ook enkel faciliterend optreden.

Het Werfplein zien we in de toekomst graag verkleuren naar een gemengd karakter en we staan hier ook open voor het combineren van functies. Hier liggen kansen om een koppeling te maken met verblijfsrecreatie gezien de ligging nabij de Landschappelijke Noordrand en de Plas van Heenvliet. Voor de Plas van Heenvliet wordt in de komende periode een visie ontwikkeld in samenhang met de naastgelegen Rijksdriehoek. Naast de eerdere ideeën voor natte recreatie, wordt met deze visie ook onderzocht welke mogelijkheden dit gebied biedt voor droge recreatie.

Dorpshart Zwartewaal

De gebiedsvisie Christinalaan is uiteindelijk vertaald naar een stedenbouwkundig plan met bijbehorend beeldkwaliteitsplan genaamd "Dorpshart Zwartewaal".

Rondom de Martinus kerk in Zwartewaal wordt het plan "Dorpshart Zwartewaal" ontwikkeld. Het gebied is circa 4 hectare groot en is globaal begrensd door de volkstuinen aan de noordzijde, de Lijnbaanweg aan de oostzijde, de Christinalaan en de Achterweg aan de zuidzijde en de Willem Alexanderstraat aan de westzijde. De locatie wordt ontsloten via de Willem Alexanderstraat en de Christinalaan. Inmiddels is gestart met de bouw van het nieuwe voorzieningencluster en woningen en de aanleg van de openbare ruimte en verdere realisatie van het plan.

De ontwikkeling betreft in totaal circa 85 woningen in verschillende typen en segmenten en een voorzieningencluster. Het voorzieningencluster bestaat uit een samenvoeging van de openbare basisschool ’t Want, dorpscentrum De Gaffelaar, een multifunctionele sportzaal en ruimten voor maatschappelijke en sportgebonden functies.

Het dorpsplein is straks de ‘huiskamer’ voor de bevolking van Zwartewaal. Het is de plek voor ontmoeting en allerlei evenementen en activiteiten, zoals een braderie of kermis. Daarnaast biedt het plein ruimte aan vertier voor de kinderen van de bovenbouw van de school.

afbeelding binnen de regeling

Stedenbouwkundige plan Dorpshart Zwartewaal (KuiperCompagnons)

Voor meer informatie over deze planontwikkeling zie de gemeentelijke website.

Oudenhoorn

afbeelding binnen de regeling

Een gevarieerd woningaanbod met extra woningen

De woningvoorraad in Oudenhoorn is veel van hetzelfde met hoofdzakelijk een aanbod van eengezinswoningen. Naar de toekomst toe zien we dit graag verkleuren naar een gevarieerder aanbod. Hier is ook ruimte voor het huisvesten van specifieke doelgroepen en een inclusievere woningvoorraad. We denken dan specifiek aan huisvesting voor mensen met een beperking, starters en senioren.

Akkerranden is een relatief grote planontwikkeling in Oudenhoorn. Als in het dorp nog extra woningen komen, dan enkel naar maat, schaal en behoefte van het dorp. De contour van het bestaande dorpsgebied ligt nu strak om het dorp heen. Los van een leegstaande school is in het dorp weinig ruimte voor echte inbreiding. We zien wel kansen voor een ‘straatje erbij’ of zelfs een ‘buurtje erbij’ op de locatie aan de Dorpsweg noord-oostelijk van de kerk. De leegstaande school zien we als een kansrijke locatie waar ouderen/starters in de toekomst prettig kunnen wonen in een mooi behouden historisch pand. Onderzoek naar de bouwtechnische staat en de kosten loopt. Ook is het van belang dat, met de ontwikkeling van woningen in Oudenhoorn, ook rekening wordt gehouden met het voorzieningenaanbod.

Goede en veilige routes

De inwoners van Oudenhoorn hebben behoefte aan goede en veilige routes naar Hellevoetsluis. Specifieke aandachtspunten zijn de doorgaande wegen die ook door sluipverkeer en busverkeer worden gebruikt. Ook met het groter worden van Kickersbloem blijven we de verkeersveiligheid nauwlettend in de gaten houden. Het doorgaand vrachtverkeer is al uit deze routes gehaald. Verder zetten we in op veiligere en aantrekkelijke routes voor de fiets, door bijvoorbeeld het opwaarderen van het oude trambaanpad.

Nieuwenhoorn

afbeelding binnen de regeling

Vitaal en sociaal dorp

Recent zijn met het project Rijks Buiten in het noorden van Nieuwenhoorn 20 nieuwe woningen gerealiseerd, gelegen aan een autoluw en groen woonhof. We denken als gemeente graag mee over de toekomst van het zorgcentrum De Rozenhoek in het dorp. Deze is sterk verouderd. Eventueel is hergebruik hier mogelijk.

afbeelding binnen de regeling

Nieuwbouwproject Rijks Buiten (LAP Landscape & Urban Design)

Groene loper en buffers behouden

Voor Nieuwenhoorn en omgeving hebben we de ambitie de groene loper te behouden tussen het dorp Nieuwenhoorn en het Ravense Hout. Nieuwenhoorn en Hellevoetsluis mogen niet aan elkaar groeien. Daarom houden we de groene scheg tussen de noordzijde van Hellevoetsluis en Nieuwenhoorn ook zo veel mogelijk open en vrij van bebouwing. Dit is tevens een binnenstedelijke, ecologische verbindingszone. Ook de voormalige inundatievelden ten noorden van Nieuwenhoorn houden we zoveel mogelijk open.

Herkenbaarheid en beleefbaarheid vergroten

Het dorp heeft geen duidelijk centrum en het centrum is niet te ervaren vanaf de dijk en de Dorpsstraat. We willen het centrum van Nieuwenhoorn herkenbaarder maken. Verder is bosgebied het Ravense Hout en het Fort Noorddijk vanaf de weg nu niet beleefbaar. We hebben de wens deze naar de toekomst zichtbaarder te maken. Ook onderzoeken we of het recreatieve gebruik van Nieuwenhoorn als polderdorp potentie heeft en wenselijk is.

Aantrekkelijke routes

De Liniedijk is met het naastgelegen Fort aan de Noorddijk mogelijk een aantrekkelijke route. Echter heeft deze route geen aantrekkelijke uitstraling en nog geen prettige weg. Mogelijk liggen hier kansen om deze route verkeersluwer te maken. Recent is de Rijksstraatweg opnieuw ingericht. Hier ligt de focus naast infrastructurele maatregelen ook op gedragsverandering om de verkeersveiligheid en leefbaarheid te vergroten.

[1] Opgehaald in de enquête onder de brede samenleving

[2] Inmiddels vertaald in planontwikkeling Dorpshart Zwartewaal

[3] Inmiddels vertaald in planontwikkeling Dorpshart Zwartewaal

[4] Inmiddels Project Plas van Heenvliet

3.5 Haringvliet en Voordelta met strand, duinen en zanderijen
afbeelding binnen de regeling

Identiteit

Het Haringvliet, het Oostvoornse Meer en de Voordelta met de zee, de slikken en platen en het strand, de duinen, de binnenduinrand en de zanderijen achter de duinen vormen samen het kustlandschap van onze gemeente. Ook de Haringvlietdam, met ligweides en windturbines, maakt deel uit van het kustlandschap. Het gebied is gevarieerd, waardevol, divers en van Europees belang voor flora en fauna (Natura2000). Het natuurlijke karakter van het kustlandschap staat in groot contrast met dat van het industriële havengebied in het noorden. Het gebied is van grote cultuurhistorische waarde. De Ontginningen van Voornes Duin vormen een rijksbeschermd dorpsgezicht en ook de Atlantikwall met bunkers uit de Tweede Wereldoorlog vormt een belangrijke entiteit.

De weidse openheid - begrensd door duinen en dijken - is kenmerkend voor het gebied. Aan de zuidzijde is het open zicht op de Haringvlietdam een karakteristiek beeld van de zuidwestelijke delta. Aan de noordzijde is het contrast van het natuurlijke strand en de slikken van de Westplaat met de industrie van de Maasvlakte karakteristiek.

Haringvliet

Kenmerkend voor het zuidelijk deel van onze gemeente is de ligging aan het Haringvliet met gorzen en open water. De weidse openheid wordt begrensd door de duinen en de deltadijk. Het open water van het Haringvliet bepaalt in grote mate de uitstraling van het landschap en heeft een grote natuurlijke en recreatieve waarde. Het Quackgors, beheerd door Natuurmonumenten, is een belangrijk nat natuurgebied bestaande uit rietvelden met speciale natuurwaarden. Het natuurgebied is niet toegankelijk en hier komen tal van vogelsoorten voor. De gorzen en het open water zijn van Europees belang (Natura2000-gebied ‘Haringvliet’). De bijdrage uit het Droomfonds van de Nationale Postcode Loterij in 2015 was de onmisbare impuls om belangrijke stappen te kunnen zetten op weg naar een dynamische delta. Want het gebied kent sinds kort weer enige natuurlijke dynamiek nu de Haringvlietdam op een kier staat. Belangrijk voor de recreatiesector in dit gebied is de waterrecreatie en -sport, bijvoorbeeld in de vorm van een jachthaven met vakantiepark.

afbeelding binnen de regeling

Ontspanning en natuur aan het Haringvliet

Voordelta en stranden

De Voordelta is een uniek estuarium, een onvoorstelbaar rijk gebied met grote hoeveelheden vogels, vis en schelpdieren en zeezoogdieren. Niet voor niets is dit een beschermd natuurgebied van Europees belang (Natura2000). De Voordelta van onze gemeente is alle kustruimte tot aan de zeezijde van de Haringvlietsluizen. Ten westen van de Brielse Gatdam ligt de Westplaat, een natuurgebied bestaande uit slikken die belangrijk zijn als rust- en foerageergebied voor veel steltlopers en andere vogels. Dat geldt ook voor de zandplaten voor de kust. Hier rusten bovendien veel zeehonden. De Voordelta is heel dynamisch, maar de dynamiek is wel veranderd sinds de aanleg van de Haringvlietdam. Door een verminderde uitstroom vanuit het Haringvliet wordt de kust voor Voorne ondieper door zandafzettingen en ontstaan zandplaten en slikken.

afbeelding binnen de regeling

Ruimte om te struinen en te recreëren

Naast het strand dat vanaf de Haringvlietdam, via het badstrand van Rockanje tot aan het voormalige autostrand bij Oostvoorne loopt, hoort ook het strand aan de zuidzijde van de Maasvlakte bij Voorne aan Zee. De diverse strandgedeelten hebben elk een eigen karakter door de verschillen in de voorzieningen, de mogelijkheden en de omgeving. Het op het zuidwesten gelegen badstrand van Rockanje met strandpaviljoens is op warme dagen gezellig druk. De aanzanding van de kust zorgt voor een rustige en ondiepe zee, zodat kinderen veilig in het water kunnen spelen. Ter hoogte van de Haringvlietdam is het Noordzeestrand via een voetgangerstunneltje onder de N57 door verbonden met het familiestrand aan het Haringvliet (Quackstrand). Planologisch gezien bestaat de mogelijkheid om nog een strandpaviljoen te realiseren aan de Noordzeezijde. Het is ook wenselijk om aan deze zijde het strand aantrekkelijker te maken. Recent heeft nog een kwaliteitsslag plaatsgevonden aan het Quackstrand, zijde Haringvliet. Het Quackstrand bij Hellevoetsluis heeft hiermee een nieuw gezicht, met een groter strand en een boulevard. Dit zorgt voor meer strand-, vis- en waterplezier aan het Haringvliet. Dit strand heeft verder een aantal (horeca)voorzieningen en hier is een catamaranvereniging gevestigd. Het strand bij Oostvoorne en het strand op de zuidpunt van de Maasvlakte zijn vooral in trek bij wind- en kitesurfers. De overige delen van het strand worden minder druk bezocht en zijn heel aantrekkelijk voor wandelaars die genieten van de rust en het weidse landschap.

Duingebied

Het strand wordt begrensd door het Voornes Duin. De duinen zijn zeer gevarieerd met veel landschappelijke en natuurlijke overgangen. Door de grote variatie is Voornes Duin een bijzonder natuurgebied, dat van Europees belang is voor veel planten en dieren (Natura2000-gebied). Hier zijn grote duinmeren (Breede Water, Quackjeswater en Tenellaplas) en meerdere kleine poelen, moerassen, grote oppervlaktes bos en struweel, bloemrijke duingraslanden en natte duinvalleien. Vooral voor de flora is dit een zeer soortenrijk gebied, al is er wel sprake van een afname van de diversiteit.

Het beschermde dorpsgezicht Ontginningen Voornes Duin is van grote cultuurhistorische waarde. Kenmerken van dit gebied zijn de ontginningen, de duinhuisjes, de landgoederen en de bunkercomplexen als onderdeel van de Atlantikwall. Een aantal van de bunkers vormt een belangrijke overwinteringsplaats voor vleermuizen.

Het afwisselende duingebied met zijn natuur- en cultuurhistorische waarden vormt een haven van rust, een belangrijke kwaliteit zo vlak naast de dynamiek van het Rotterdamse havengebied. Behalve voor de natuur is het daardoor ook een belangrijk recreatief uitloopgebied voor rustzoekers en natuurliefhebbers, zowel uit onze gemeente als vanuit de regio of daarbuiten.

afbeelding binnen de regeling

Het afwisselende duingebied

Onder andere ten zuidwesten van Oostvoorne is een eeuw geleden op kleine schaal duingrond afgegraven ten behoeve van de landbouw. Het overtollige zand is verwerkt in walletjes, die met een elzenbeplanting erop dienden als veekering en windsingel. Dit gebied wordt de Heveringen genoemd. Daarnaast bevinden zich grotere planmatige duinontginningen in het gebied.

In het gebied bij Helhoek zijn de duinen afgegraven ten behoeve van bollenteelt. Dit zijn de zogenaamde geestgronden, vergelijkbaar met de afgegraven strandwallen in de bollenstreek. Hier ligt ook het landgoed Overbosch. Op de overgang naar de polders Westerland en Lodderland liggen de bosrijke landgoederen Kooysight en Kranenhout.

Zanderijen

De zanderijen vormen het overgangsgebied tussen de besloten, bosrijke binnenduinrand en de open polders. Ze liggen op de overgang van hoog naar laag en van zand naar klei. Het gebied tussen Oostvoorne en Rockanje ontleent zijn naam ‘Stuifakker’ aan zijn ontstaansgeschiedenis. De kleigronden van dit voormalige gorzengebied langs zijkreken van de oude kreek de Strype zijn een paar eeuwen geleden overstoven met duinzand. Later is dat zand deels afgegraven, vooral ten behoeve van de tuinbouw (in de volle grond en vanaf de 20e eeuw in kassen). Ook de Schapengorspolder ten zuiden van Rockanje heeft zich zo ontwikkeld. In de zanderijen is een zeer divers en kleinschalig, halfopen landschap ontstaan van bebouwingslinten, boomgaarden, kassen, (paarden)weides, akkers, bosjes en houtwallen. Hier zijn veel verschillende functies aanwezig naast diverse kleinschalige agrarische functies zoals wonen, verblijfsrecreatie en natuur. De laatste jaren maken kassen steeds meer plaats voor (vaak grote) woonhuizen. Door de ligging direct achter de duinen zijn de zanderijen dan ook een aantrekkelijk gebied om te wonen en om te recreëren. De grote verscheidenheid aan functies is enerzijds een kwaliteit, maar maakt het gebied tegelijkertijd kwetsbaar voor ‘verrommeling’ van het landschap. Oude landschappelijke structuren zijn verdwenen of staan onder druk en de overgang van duin naar open polder wordt steeds minder herkenbaar. Ook schaalvergroting en modernisering in bebouwing (denk aan grote villa’s met veel bestrating) is een risico voor de kleinschaligheid van het landschap.

De St.-Annapolder als geheel is eigenlijk een jonge zeekleipolder, maar een klein noordwestelijk deel van deze polder wordt onder de zanderijen geschaard (gebied rondom de Walinxweg, ten noorden van het Annabos). In de ondergrond bevindt zich hier een zandplaat in de bodem. De agrarische activiteiten zijn rond de Walinxweg nagenoeg verdwenen, het landschap is meer verdicht met woningen, kleinschalige verblijfsrecreatie en natuur.

afbeelding binnen de regeling

Zanderijen van Voorne aan Zee

Oostvoornse Meer

Het Oostvoornse Meer vormt de schakel tussen de dynamische, zoute, natuurlijke kust en het verstilde, zoete en meer parkachtige Brielse Meer. Het Oostvoornse Meer is een belangrijke plek voor veel verschillende vormen van recreatie. Het meer en de omgeving zijn populair bij duikers, (kite)surfers, zwemmers, wandelaars, fietsers, natuurliefhebbers, zonnebaders en vissers. De smalle noordoever heeft een recreatieve inrichting met voor de auto toegankelijke oevers met enkele strandjes van waaruit watersporten worden beoefend. Deze noordoever heeft een bovenregionale functie en trekt veel (inter)nationale bezoekers aan. Aan de zuidwestoever bevindt zich een zwemstrand met speelvoorzieningen, dit strand heeft hoofdzakelijk een lokale betekenis voor Oostvoorne. Rond het meer lopen een fietspad, een ruiterpad en een MTB-route.

afbeelding binnen de regeling

Volop vertier in het Oostvoornse Meer

Het Oostvoornse Meer zelf, de duinen in de nabijheid en vooral het Groene Strand aan de zuidzijde herbergen belangrijke natuurwaarden. Het Groene Strand is onderdeel van het Natura2000-gebied Voornes Duin, evenals de Brielse Gatdam. In het meer liggen oude scheepswrakken die herinneren aan de tijd dat het Oostvoornse Meer nog de monding van de Brielse Maas in de Noordzee was. Deze cultuurhistorisch waardevolle relicten trekken veel duikers naar het meer. Door de ligging tussen de Brielse Maasdam aan de oostzijde, de Duindijk met daarachter het industrieel havengebied aan de noordzijde, de Brielse Gatdam aan de westzijde en de duinbossen bij Oostvoorne langs de zuidzijde vormt het Oostvoornse Meer een naar binnen gekeerd gebied met een duidelijke eigen identiteit. Karakteristiek is vooral het sterke contrast tussen de natuurlijke zuidoever van het meer en de industriële uitstraling van het havengebied aan de noordzijde.

Koers

afbeelding binnen de regeling

Algemene koers

Behouden van de huidige natuurlijke, recreatieve en cultuurhistorische kwaliteiten

Onze natuurlijke kust is zeer waardevol, zowel als recreatiegebied voor de inwoners van Voorne aan Zee en bezoekers van buitenaf als voor de natuur. De natuurlijke kust bepaalt voor een groot deel onze identiteit. Grote ingrepen zijn hier niet noodzakelijk en ook niet wenselijk. We zetten in deze zone dan ook nadrukkelijk in op het behouden van de huidige natuurlijke en recreatieve kwaliteiten. Zo blijven we een unieke kustgemeente en blijven we ons onderscheiden van andere badplaatsen. Met deze koers sluiten we aan bij ambities uit de Dorpsvisies Rockanje en Oostvoorne en bij het natuurbeschermingsbeleid voor de Natura2000-gebieden dat van toepassing is op vrijwel het gehele zee-, platen-, strand- en duingebied en het Haringvliet.

Om de natuurlijke kwaliteiten te behouden willen we de aantallen strandbezoekers niet verder laten groeien door de recreatievoorzieningen kleinschalig te houden. Dat betekent dat op onze Noordzeestranden in principe (per saldo) geen nieuwe commerciële voorzieningen bijkomen. Zo voorkomen we bovendien (een toename van) overlast voor omwonenden op warme dagen. Bij het inzetten op het behoud van de natuurlijke kust als onderscheidende kwaliteit ten opzichte van andere badplaatsen langs de Zeeuws-Hollandse kust past wel een groei van het aantal natuurrecreanten. Deze groep komt meer verspreid over het jaar naar de gemeente om te wandelen, te fietsen of paard te rijden. Dat is goed voor onze economie. Wat voor natuurrecreanten geldt, is ook van toepassing op surfers, kitesurfers en windsurfers. Ook zij komen het hele jaar door naar onze gemeente om hun sport te beoefenen. Ten noorden van de Tweede Slag en op het strand van de Maasvlakte is volop ruimte voor (niet-gemotoriseerde) sporten. Dit gebied sluit aan bij de noordrand van de gemeente, waar meer intensieve vormen van recreatie kunnen worden beoefend op het Oostvoornse en Brielse Meer. Door de aanzanding zal het (kite)surfen bij Oostvoorne (ten noorden van de Groene Punt) over enkele jaren waarschijnlijk niet meer mogelijk zijn. We onderzoeken de mogelijkheden om een nieuwe spot te creëren, passend binnen de Natura2000-doelstellingen.

We zetten ons in om de aanwezige cultuurhistorische waarden te beschermen, zoals in het beschermde dorpsgezicht Ontginningen Voornes Duin, het duincultuurlandschap in de zogeheten 'binnenduinen' van Voorne, tussen de dorpen Oostvoorne en Rockanje.

Versterking van landschappelijke natuurwaarden en cultuurhistorie

Nieuwe ruimtelijke ontwikkelingen aan de kust zijn in principe niet mogelijk in dit kwetsbare gebied. Wij koesteren de nog relatief onbebouwde Noordzeekust van Voorne. Alleen als ontwikkelingen de natuurdoelstellingen en ruimtelijke kwaliteit niet negatief beïnvloeden en bijdragen aan het behalen van de ambities van de Dorpsvisies Rockanje en Oostvoorne en het Toekomstperspectief Rockanje zijn ze bespreekbaar. Eventuele nieuwe bebouwing concentreert zich binnen de bestaande dagrecreatieve clusters. In de dorpen en in het landelijk gebied aansluitend op de binnenduinrand is meer ruimte voor (recreatieve) ontwikkelingen, in combinatie met versterking van landschappelijke- en natuurwaarden.

Verbetering bestaande routes en dagrecreatieve voorzieningen

Verder zetten we in op verbetering van het gebruik van de bestaande routes en dagrecreatieve voorzieningen. Door goede bebording en routering kunnen we de bezoekers van het gebied beter bedienen. Een belangrijk aandachtspunt daarbij is het beperken van de overlast, in welke vorm dan ook. Dit is zowel van toepassing op de natuur als op de bestaande andere functies in het gebied, zoals de verspreide woningen.

Klimaatbestendig en anticiperen op de doorzettende aanzanding van de kust

In het project Visieontwikkeling Haringvlietmonding 2060 onderzoeken we momenteel in een coalitie van tien partijen (provincie Zuid-Holland, gemeenten Voorne aan Zee, Goeree-Overflakkee en Nissewaard, waterschap Hollandse Delta, Rijkswaterstaat, Havenbedrijf Rotterdam, Natuurmonumenten, Zuid-Hollands Landschap en Recreatieschap Voorne-Putten) de kansen voor recreatie en natuur die ontstaan door de autonome morfologische ontwikkeling in de Voordelta en de zich doorzettende aanzanding van de kust. Dit moet leiden tot een nieuw toekomstperspectief voor de Haringvlietmonding dat integraal onderdeel moet worden van de omgevingsvisie.

Aanvullende koers per onderdeel

Koers Haringvliet

Het Haringvliet blijft van landschappelijke, ecologische en recreatieve waarde. Binnen de Programmatische Aanpak Grote Wateren (PAGW Biesbosch/Rijn-Maasmonding) werken we met onze partners aan het verbeteren van de waterkwaliteit en het versterken van de natuur in dit grote water. Om dit te bereiken is het nodig de verbindingen met de omgeving te herstellen en de ecologische dynamiek (getijdennatuur) te versterken.

Om de dijk langs het Haringvliet in de toekomst bestand te houden tegen de aankomende zeespiegelstijging en weersextremen zijn forse investeringen nodig. Voor een klimaatbestendige toekomst kunnen dubbele dijken met hoger gelegen polders ertussen een aantrekkelijke optie zijn als alternatief voor de gebruikelijke dijkverhogingen of het alternatieve concept van overslagbestendige dijken. Dubbele dijken met ‘wisselpolders’ ertussen maken het gebied veiliger, besparen geld en bieden ook nog nieuwe kansen voor economie, landbouw en natuur. Deze dijk kan ook een ecologische verbinding vormen tussen de Beninger Slikken (is leefgebied van enkele zeer zeldzame hommelsoorten zoals de zandhommel) en ecologische beheergebieden in Hellevoetsluis voor bijvoorbeeld bijen en vlinders als deze ecologisch beheerd wordt. Bij een dubbele dijk is de potentie als ecologische verbinding nog groter.

Wat is een dubbele dijk?

Een dubbele dijk met wisselpolder betekent dat in plaats van een enkele zeedijk, twee achter elkaar liggende dijken worden gebruikt, waarbij de tussenliggende polder tijdelijk met het Haringvliet wordt verbonden. Hierdoor kan de wisselpolder door natuurlijke processen ophogen. Al na zo’n 50 jaar ligt de wisselpolder enkele meters hoger dan daarvoor.

Koers Voordelta en stranden

Voor de kust van Voorne en in de vaargeul naar het Haringvliet vindt aanzanding plaats. Uit recent onderzoek (Arcadis, 2022) blijkt dat de aanzanding doorzet in de toekomst. Nu al kun je heel ver de zee inlopen voordat je tot je middel in het water staat. Waarschijnlijk groeit de grootste zandplaat (de Hinderplaat) al voor 2030 vast aan de kust ter hoogte van de Groene Punt. De ontwikkeling van het kustgebied heeft gevolgen voor de natuur, het karakter van het strandgebied, de recreatiemogelijkheden, de economie, de leefbaarheid en de waterveiligheid. Bij dit laatste aspect speelt het stijgen van de zeespiegel ook een rol.

Het nieuwe toekomstperspectief voor de Haringvlietmonding dat onderdeel is van het project Visieontwikkeling Haringvlietmonding 2060 gaat integraal onderdeel worden van deze omgevingsvisie.

Koers Duingebied

Het cultuurhistorisch belang van het gebied willen we beter benutten. Het materiële erfgoed in het duingebied bevat een enorme potentie voor de recreatiesector. De natuur- en cultuurrecreanten kunnen daarnaast bijdragen aan de verbetering van de kwalitatief goede voorzieningen die reeds aanwezig zijn in het gebied. Hiervan kunnen recreatieondernemers in en rond Oostvoorne en Rockanje profiteren, omdat ze dan ook buiten de zomer op meer klanten kunnen rekenen (‘seizoensverlenging’). Waar mogelijk zoeken we naar functies waar recreatie en erfgoed gekoppeld kunnen worden, zonder verlies van natuurwaarden. Denk bijvoorbeeld aan een Bed and Breakfast in een bunker. In principe breiden we de reeds benoemde bouwvlakken niet uit. Verder beschermen we waar mogelijk de cultuurhistorische waarden van de Atlantikwall. De gemeente stimuleert de transformatie en hergebruik van het Duinhuis aan de Duinlaan in Oostvoorne.

Koers Zanderijen

Door schaalvergroting is de agrarische sector in de kleinschalige zanderijen steeds verder onder druk komen te staan. Veel kleine grondgebonden bedrijven zijn de laatste decennia gestopt en de vrijkomende gronden zijn omgezet naar een woonbestemming. Aanvullend hebben we de laatste jaren ingezet op sanering of uitplaatsing van de verspreid liggende glastuinbouw naar het glastuinbouwgebied bij Tinte. De zanderijen bevatten verspreid diverse agrarische bedrijven en ook zijn kavels regulier agrarisch in gebruik. Toch verdwijnt het agrarische karakter steeds meer. Dit maakt het noodzakelijk te zoeken naar nieuwe beheerders van het landschap, waarbij het behoud van de kenmerkende afwisseling in het landschap voorop staat. Tegelijkertijd zijn de zanderijen door de ligging vlak achter de duinen een aantrekkelijke plek om te wonen en te recreëren. De zanderijen kunnen bovendien een belangrijke schakel gaan vormen vanuit recreatief en ecologisch opzicht tussen de duinen en de (kreken en dijken in de) polders. We zetten daarom in op het:

  • Versterken van het kleinschalige, halfopen landschap met bosjes en houtwallen en afwisselende gebruiksfuncties;

  • Verhogen van de natuurwaarden (bijvoorbeeld door het herstellen van natuurlijke verbindingen tussen de duinen en de polders, indien mogelijk gekoppeld aan herstel van de duinwateringen);

  • Vergroten van de belevingswaarde van landschap en natuur voor bewoners en recreanten (bijvoorbeeld door het creëren van / bijdragen aan recreatieve wandelroutes vanuit de dorpen en routes tussen de duinen en de kreken en dijken in de oude zeekleipolders).

Initiatieven van eigenaren die bijdragen aan deze ambities juichen wij dan ook toe. Te denken valt aan kleinschalige verblijfsrecreatie, ateliers, paardenpensions en wonen in het groen (bijvoorbeeld in de vorm van nieuwe landgoederen). Deze initiatieven kunnen vanzelfsprekend ook komen van agrariërs die hun bedrijfsvoering willen verbreden. Voorwaarde is steeds kwaliteitsverbetering van landschap en natuur. Ontwikkelingen moeten passen bij de maat en schaal van het landschap. Of ontwikkelingen leiden tot een kwaliteitsverbetering bepalen we met het Handboek Kwaliteitsverbetering Buitengebied of diens opvolger.

Koers Oostvoornse Meer

We hebben de ambitie de recreatieve en landschappelijke potenties van het Oostvoornse Meer nog beter te benutten voor inwoners en bezoekers, met oog voor bescherming van de natuur. Daarbij willen we waterkwaliteit van het Oostvoornse Meer verbeteren. Fieldlab Green Economy blijft een proefstation voor innovatieve ontwikkelingen.

3.6 Landschappelijke Noordrand
afbeelding binnen de regeling

Identiteit

De Landschappelijke Noordrand is een groene, waterrijke zone met grote water- en bosstructuren, gelegen in de noordoostelijke rand van Voorne aan Zee. De Noordrand fungeert als groene buffer tussen Voorne aan Zee en de industriële omgeving ten noorden van de gemeente.

Vrijwel de gehele Noordrand is aangewezen als recreatiezone conform de huidige omgevingsplannen Buitengebied. In het gebied is het Brielse Meer van grote recreatieve waarde. Het Brielse Meer is een aantrekkelijk en rustig recreatiegebied, dat in zuidoostelijke richting doorloopt naar de Bernisse en de Oude Maas bij Spijkenisse. Veel recreanten komen op het meer af voor de watersport of om te vissen. Langs het meer liggen fiets- en wandelpaden, strandjes, een waterspeeltuin, jachthavens, een golfbaan, (water)scouting en andere watersportverenigingen en een aantal horecavoorzieningen. Aan de zuidwestzijde van het Brielse Meer ligt het grootschalige recreatiepark Kruiningergors. Aan de noord- en zuidzijde van het Brielse Meer (nabij Brielle) liggen verschillende campings. Ook in het aangrenzend agrarisch gebied liggen enkele (kleinere) campings.

afbeelding binnen de regeling

De Landschappelijke Noordrand

Het Brielse Meer vormt een wat verstild gebied en heeft veel meer een parkachtige uitstraling dan het dichter bij de kust gelegen Oostvoornse Meer. Door de parkachtige beplantingsstructuren aan weerszijden van het water vormt het gebied een besloten wereld. In de Noordrand ligt het Vrijheidsbos. Zomers is dit een prachtige plek met veel vlinders, libellen en andere insecten.

Het Brielse Meer is ook vanuit cultuurhistorisch oogpunt interessant. Aan het meer staat de Stenen Baak, een in 1630 gebouwde stenen vuurtoren. Een eeuw later werd daar omheen een kustbatterij gebouwd met kanonnen die vijandelijke schepen in de Maasmond konden beschieten. Bij de batterij hoorde ook een kogelgloeioven, waarin de kanonkogels werden verhit. De kogelgloeioven is later herbouwd.

Koers

afbeelding binnen de regeling

Ambitie voor 2040

Naar de toekomst toe wordt de Noordrand als onderdeel van het metropolitane landschap van de Metropoolregio nadrukkelijk geprofileerd als overgang van het hoogstedelijke gebied (haven-industrieel complex) naar de groenblauwe delta. Op weg naar 2040 willen we de Landschappelijke Noordrand met het Brielse Meer nog nadrukkelijker op de kaart zetten als een groen, actief recreatiegebied, waar ruimte is voor een grote verscheidenheid aan recreatieve activiteiten, gecombineerd met ruimte voor natuur en energieopwekking. De Landschappelijke Noordrand blijft een groene buffer tussen de gemeente en de industrie van de Rotterdamse haven. Het is belangrijk om in dit gebied in te blijven zetten op natuur, recreatie en ruimte te geven aan energieopwek en klimaatopgaven. Zo blijven de veiligheid en gezondheid van de inwoners in de gemeente geborgd. We zien graag de bestaande oeverzones van het Brielse Meer transformeren van het huidige landschap tot een hoogwaardig groen recreatielandschap met ruimte voor ecologische waarden. Door meer ruimte te bieden aan de energieopgave in de Noordrand houden we de open ruimte en weidsheid in het polderlandschap geborgd.

In de Landschappelijke Noordrand richten we ons op:

  • het creëren van een landschappelijke buffer;

  • het ruimte bieden aan de toenemende behoefte van recreatie;

  • ruimte bieden voor het oplossen van Voornse energie- en klimaatvraagstukken.

Een sterke landschappelijke buffer

De natuur in het gebied van de Landschappelijke Noordrand is momenteel relatief eentonig, heeft een parkachtige structuur en beschikt over relatief weinig biodiversiteit. We vinden dat dit landschap veel natuurlijker en gevarieerder ingericht mag worden en blijven inzetten op een kwaliteitsimpuls die ook de recreatieve waarde zal vergroten. Te denken valt aan meer landschappelijke variatie door de juiste gebiedseigen beplanting, meer overgangen van nat naar droog, rietoevers en zowel bomen als struweel. Daarnaast kan de biodiversiteit in het gebied vergroot worden door in te zetten op de juiste soorten. Hierover gaan we in gesprek met het recreatieschap en Staatsbosbeheer. Daarnaast biedt het gebied veel kansen voor extra bosontwikkeling. Nabij de Sleepseweg/Oosterlandsdijk liggen kansen om de parkachtige buffer te verbreden (richting polder) zonder daarbij het schootsveld van de vesting van Brielle aan te tasten. Verder biedt ook het getijdenpark aan de noordzijde van de Noordrand kansen voor natuurontwikkeling en recreatie in relatie tot het golfpark.

Recreatieve hotspot

We willen de recreatieve potenties van het Brielse Meer ten volle (laten) benutten. We zetten in op een aantrekkelijk, bruisend gebied met volop recreatieve voorzieningen in een attractief landschap. Het gebied moet nog meer dan nu een (boven)regionale aantrekkingskracht hebben op watersporters en andere recreanten. We blijven ons, in samenwerking met het Recreatieschap Voorne-Putten, inzetten voor het waarborgen en opwaarderen van de kwaliteit van het landschap en de recreatieve voorzieningen. Daarbij is het van belang veel aandacht te besteden aan een hoge landschappelijke kwaliteit. De opgave van het gebied is gelegen in het faciliteren van dergelijke ontwikkelingen zonder dat het gebied (verder) verrommelt en/of versnippert.

In de zone langs de zuidrand van het Brielse Meer blijft ruimte voor (grootschalige) verblijfsrecreatie. Vergroening van het landschap is wenselijk waarbinnen mogelijk nieuwe verblijfsrecreatie een plek kan krijgen. Dit vraagt om een gedeeltelijke transformatie van het huidige open landschap (oude zeekleipolders) naar een meer besloten, natuurlijker en gevarieerder landschap dat aansluit bij de zone langs het Brielse Meer. In een dergelijk nieuw landschap is ook ruimte voor een verbetering van het Kruiningergors. Dat kan middels uitbreiding, maar enkel in combinatie met een ruimtelijke kwaliteitsverbetering (door een lagere dichtheid aan huisjes) op het bestaande terrein. Het totaal aantal huisjes blijft gelijk. Kansrijk zijn de percelen gelegen noordoostelijk van de Sleepseweg. We streven hier dus naar een kwaliteitsverbetering op het huidige Kruiningergors, verdunning in het aantal huisjes en geen groei van het aantal huisjes. De insteek is dat de kwaliteitsverbetering van het gehele park in samenhang met de ontwikkeling van de Landschappelijke Noordrand plaats zal vinden. De Heindijk aan de zuidkant van het Kruiningergors blijft een landschappelijke begrenzing. Uitbreiding met verblijfsaccommodaties zuidelijk het polderlandschap in is niet wenselijk.

Recreatieroutes van en naar de polder kunnen verbeterd worden en de routes kunnen een meer centrale rol krijgen. Het gebied rondom het Brielse Meer kan dienen om het duingebied van recreatieve druk te ontlasten. Dit komt de natuurlijke kwaliteit in de duinen ten goede. Goede verbindingen tussen het Brielse Meer, Brielle, de dorpen nabij het Brielse Meer en het duingebied zijn dan noodzakelijk.

De Noordrand is een belangrijk uitloopgebied waar inwoners en bezoekers recreëren, bewegen, ontspannen en elkaar ontmoeten. Dit kan in de natuur of in de daarvoor aanwezige voorzieningen. Te denken valt aan verschillende vormen van watersport, een indoorkinderspeeltuin, waterspeeltuinen, recreatieve strandjes, een golfbaan en nog veel meer. Een aantal locaties in de Noordrand vragen om een kwaliteitsimpuls. Het hondenuitlaatgebied in het westen van de Landschappelijke Noordrand wordt bijvoorbeeld goed gebruikt, maar nodigt niet uit om langer te verblijven.

We zetten in op een goede (zwem)waterkwaliteit van het Brielse Meer. We trekken op met onze partners om de waterkwaliteit op orde te krijgen en bijvoorbeeld blauwalg te bestrijden. We zetten onder andere in op een plek om te recreëren of te zwemmen nabij Zwartewaal. Project Plas van Heenvliet is een uniek herinrichtingsproject in en rondom een voormalige zandwinput. Zie voor meer informatie Zwartewaal zoals omschreven in H 3.4 Polderdorpen (deel A)

Aan de westkant van de Landschappelijke Noordrand is een aantal cultuurhistorische elementen aanwezig die meer benut kunnen worden zoals de Stenen Baak. Hier liggen kansen voor het koppelen van cultuurhistorie en toerisme.

Ruimte voor energie- en klimaatvraagstukken

De ambitie van Voorne aan Zee is om energie met name op te wekken aan de randen van de gemeente. Zo houden we het open landschap in Voorne aan Zee vrij. Zoekgebieden voor de opwek voor wind en zonne-energie vanuit de RES liggen grotendeels in de Landschappelijke Noordrand. In de landschappelijke Noordrand is echter wind- en zon energie is op dit moment niet opportuun waardoor de voorkeur ligt bij een landschappelijke en recreatieve invulling van de Noordrand.

Provinciaal beleid maakt het plaatsen van windturbines in de Nieuwe Ondernemingspolder planologisch mogelijk. Het realiseren van zonneparken gaat gepaard met een toenemend aantal voorwaarden en regels. Het uitgangspunt blijft dat zonneparken niet worden toegestaan, tenzij dit door de raad geaccordeerd wordt. Dit is vastgelegd in de aangescherpte Voorkeursvolgorde Zon, waarbij het gebruik van landbouw- en natuurgronden voor zonnepanelen in principe ongewenst is (zie paragraaf Opwek van duurzame energie in H4.6 Duurzaam en klimaatbestending Voorne aan Zee; deel B). Daarom zetten we, waar we plek maken voor de energietransitie, ook in op het maken van interessante ‘kamers’ in het coulissenlandschap (met een groene landschappelijke omzoming met bomen of beplanting). Hier is van alles mogelijk en de groene kamers kunnen mogelijk functies absorberen. Ook als na circa 25 jaar de ruimte niet meer nodig is voor zonneparken.

Wat willen we niet in dit deelgebied?

Woningbouw is in dit deelgebied niet toegestaan en ook niet wenselijk vanwege de nabijheid van de industrie (directe invloedzone). De Landschappelijke Noordrand dient als entree voor het eiland. Het vrije zicht op de vesting van Brielle moet daarom behouden blijven.

Het vervolg

We gaan onze ambities uitwerken samen met onder andere het Recreatieschap en de gemeente Nissewaard. We sorteren voor op een gebiedsprogramma om onze ambities kracht bij te zetten en tot een uitvoering te komen.

3.7 Polders
afbeelding binnen de regeling

PoldersIdentiteit

De polders worden gekenmerkt door het grotendeels open agrarisch karakter waar polderlinten, kreken en dijken doorheen lopen. Erven liggen als groene eilanden in de polders. De polders kennen een grote verscheidenheid en herbergen verschillende functies. Naast agrarische bedrijvigheid komen hier andere bedrijven voor en wordt er gewoond. De waarde van de polders voor extensieve recreatie (met name wandelen en fietsen) is ook van belang. De Maas-Haringvlietstel­ling maakt deel uit van het landschap en bestaat uit een waterlinie met forten.

Het polderlandschap bestaat uit oude en jonge zeekleipolders en veenpolders. De polders hebben allemaal een eigen identiteit die nog beter herkenbaar gemaakt kan worden.

De veenpolders zijn oude ringvormige polders met een kleinschalig karakter. De polders liggen relatief laag, zijn nat en licht brak. De polders bestaan uit een onregelmatige stroken- en blokverkaveling. De dijken hebben hoog opgaande laanbeplantingen en de polderwegen zijn recht en onbeplant. In deze polders komen bijzondere vegetaties, weidevogels en ganzen voor.

Het ‘oudland’, de oude zeekleipolders, bestaat uit een patroon van opwaspolders die zijn ontstaan uit oude opwassen (gorzen) uit de tijd dat het gebied nog onder invloed van de zee stond. De polders worden gekenmerkt door openheid tussen slingerende ringdijken, met een relatief kleinschalige en onregelmatige verkaveling. De laaggelegen kronkelende kreekrestanten (zoals de Strypsche Wetering) zijn waardevol voor flora en fauna en maken in veel gevallen deel uit van het Natuurnetwerk Nederland. Daarnaast lopen veel recreatieve routes over de dijken en langs de kreken.

Het ‘nieuwland’, de jonge zeekleipolders, bestaat uit een patroon van aanwaspolders. Deze polders hebben een uitgesproken agrarisch karakter en zijn zeer open tussen de dijken, met een grootschalige en planmatige verkaveling en rechte polderwegen. Daarnaast zijn hier onopvallende laaggelegen kronkelende kreekrestanten (zoals de Sluiswetering) te vinden.

afbeelding binnen de regeling

Oude zeekleipolders / Jonge zeekleipolders / Veenpolders

Koers

afbeelding binnen de regeling

Ambitie voor 2040

De schaarste aan ruimte speelt ook in het buitengebied. In de polders spelen tal van maatschappelijke opgaven, zoals klimaatadaptatie, de landbouwtransitie, de energietransitie, herstel van de biodiversiteit en de woningbouwopgave. Deze opgaven zijn vaak complex en vereisen een gedegen integrale ruimtelijke aanpak. Het is daarbij van cruciaal belang om de belangen en toekomstperspectieven van de agrariërs en plattelandsbewoners te begrijpen en hierop in te spelen. We zetten daarom in op slim en meervoudig ruimtegebruik waar dit kan. In de polders richten we ons vooral op de onderstaande punten:

  • Behoud agrarische polders en sturen op een toekomstbestendig buitengebied;

  • Duurzame en klimaatbestendige polders;

  • Wonen in het buitengebied;Natuurlijke polders;

  • Beleefbare polders met recreatieve kansen;

  • Verkeersveilige polders en een bereikbaar Voorne aan Zee.

Behoud agrarische polders en sturen op een toekomstbestendig buitengebied

We staan voor het behoud van agrarische functies in het buitengebied. Dit betekent concreet dat we het landbouwareaal en het agrarisch karakter zoveel mogelijk willen behouden (zie ook paragraaf Duurzaam toekomstperspectief voor de agrarische land- en tuinbouwsector in H 4.9 Ondernemend Voorne aan Zee; deel B. Daarbij werken we aan een toekomstbestendige agrarische sector en voedselproductie. Daarbij is het noodzakelijk dat de biodiversiteit groter wordt en de stikstofuitstoot omlaag gaat. We stimuleren agrariërs daarom een omslag te maken naar een duurzame, circulaire en ‘natuurinclusieve’ bedrijfsvoering, met behoud van een rendabele bedrijfsvoering (zie ook H4.9 Ondernemend Voorne aan Zee). Het pad in de landbouwtransitie kan gericht zijn op innovatie, extensivering, omschakelen naar nieuwe vormen van landbouw (te denken valt aan experimenteren in zilte proeftuinen en innovatieve teelten) en verbreding. We gaan hierover met agrariërs in gesprek en trekken daarbij samen op met provincie en waterschap. Samen gaan we op zoek naar koppelkansen en verdienmodellen, bijvoorbeeld combinaties met natuur- en landschapsbeheer, klimaatadaptatie (tegengaan van droogte door water vast te houden in plaats van snel af te voeren), opwekken van duurzame energie en recreatie (zoals een minicamping). Het verbreden van de plattelandseconomie is voor agrariërs een ondernemingskans (zie ook H4.9 Ondernemend Voorne aan Zee). Om de polders recreatief aantrekkelijker te maken is een samenwerking met agrariërs en (andere) ondernemers nodig. Hierin liggen veel economische kansen. Vrijkomende agrarische erven bieden ondernemingskansen.

Duurzame en klimaatbestendige polders

De polders, vooral de jonge zeekleipolders, zijn vanuit de RES zoekgebied voor een zonneweide van 5 hectare groot. Het is echter niet wenselijk het open karakter van de polders te verstoren. Daarom wordt voor deze opgave gezocht in de contouren van de glastuinbouwgebieden en de bedrijventerreinen. Op deze locaties kunnen functies makkelijker gecombineerd worden en zo kan de openheid van de polders behouden blijven. We onderzoeken daarnaast de mogelijkheden van het inpassen van kleine windturbines (maximaal 30 meter hoog) in het buitengebied bij (boeren)bedrijven Erf voor groei: bij erfuitbreiding in 1 keer de stap maken naar de aanleg van een nieuwe forse beplantingssingel (binnen het bouwvlak). Het tegengaan van bodemdaling in de veenpolders en het omgaan met de verzilting zijn daarnaast belangrijke opgaven. Deze opgaven zullen moeten worden aangepakt om het agrarische landschap te behouden in de toekomst. Het voormalige inundatiegebied langs Linie Stelling van Voorne biedt potentieel ruimte voor waterberging in inundatiekommen (zie ook H4.7 Cultureel en beleefbaar Voorne aan Zee; deel B).

Wonen in het buitengebied

Woningbouw in het buitengebied is mogelijk als onder andere gebruik gemaakt wordt van bestaande opstallen danwel bestemd agrarisch bouwvolume/oppervlakte, ofwel verplaatsing daarvan. Het open en weidse karakter van de polders en de voornamelijk agrarische functie staat centraal en moet behouden blijven. De stads- en dorpsranden vormen hierin een uitzondering. Het ontwikkelkader voor woningbouw benoemd in H4.2 Passend wonen voor iedereen in Voorne aan Zee (deel B) is daar leidend. Mogelijkheden bij de stads- en dorpsranden ontstaan door het 'straatje erbij' principe te onderzoeken. Hier gaan we tevens op zoek naar passende functies en sluiten aan op de ambities gesteld in de Wonen Welzijn en Zorgvisie. Voorwaarde is dat dit goed past in het landschap en een zachte overgang in combinatie met kwaliteitsverbetering wordt gerealiseerd. Verder zijn lopende projecten als Beaugaard, Nieuwe Achterweg en Valweg/Molenweg uitzonderingen op de regel. Hier breiden we naar verwachting uit in de polders. Verder is het met de regeling Ruimte voor Ruimte (Rood voor Rood) mogelijk enkele woningen te realiseren op vrijkomende agrarische erven onder de voorwaarde dat hier een kwaliteitsimpuls plaatsvindt en de woningen goed in het landschap worden ingepast met inheemse beplanting. De bijbehorende agrarische kavels behouden de agrarische bestemming.

Natuurlijke polders

In de polders zien we graag dat de biodiversiteit vergroot wordt door natuurinclusieve landbouwvormen. Ook voedselbossen kunnen daaraan bijdragen. De kreken in de polders zijn geschikte structuren voor ecologische verbindingszones; deels zijn ze al onderdeel van het Natuurnetwerk Nederland. Met het project 'Kreken Kweken' gaven de gemeenten op Voorne-Putten, het Waterschap Hollandse Delta en de Stadsregio Rotterdam (nu onderdeel van de MRDH) oude kreken hun meanderende, natuurlijke loop terug om zo de biodiversiteit in het gebied te vergroten en meer recreatiemogelijkheden te bieden. Andere mogelijkheden om de biodiversiteit in de polders te vergroten, zijn het realiseren van bloeiende akkerranden, bijenlinten, het ecologisch beheren van bermen en dijken en het stimuleren van groen ingerichte erven. Bij nieuwe projecten wordt landschappelijke inpassing met inheemse beplanting als voorwaarde gesteld. Dit zal ook de belevingswaarde van het landschap verhogen en gaat de verrommeling van het landschap tegen.

afbeelding binnen de regeling

Natuurlijke polders

Beleefbare polders met recreatieve kansen

We willen de polders meer beleefbaar maken en verbinden met de ‘randen van het eiland’. Naast de openheid en het agrarische karakter van de polders kennen deze ook een rijke historie met vele cultuurhistorische elementen. De ontginningenstructuur, de historische boerderijen en de Maas-Haringvlietstel­ling zijn nog duidelijk herkenbaar in het landschap. Het actief belichten en benutten van deze elementen kan bijdragen aan de recreatieve aantrekkelijkheid van de gemeente en biedt kansen voor ondernemers en agrariërs. Linie Stelling van Voorne is een mooie kans om hier mee aan de slag te gaan (zie onder andere H4.7 van deel B; Cultureel en beleefbaar Voorne aan Zee).

De verscheidenheid van de functies in de polderlandschappen gaat weleens ten koste van de kwaliteit van de ruimte en de beeldkwaliteit laat hier en daar te wensen over. Verrommeling van het landschap is een belangrijk aandachtspunt. We hanteren bij nieuwe initiatieven de handboeken voor kwaliteitsverbetering. Landschappelijke inpassing draagt bij aan een kwaliteitsimpuls.

afbeelding binnen de regeling

We streven naar een evenwichtige toedeling van functies in de polders. We hebben de ambitie de leefbaarheid in het buitengebied te vergroten en bedrijvigheid die niet goed past in het lint of het buitengebied elders een plek te geven op een meer geschikte locatie zoals een bedrijventerrein. Denk bijvoorbeeld aan grote transportbedrijven of bedrijven die veel lawaai maken.

De polders lenen zich goed voor recreatief medegebruik. We willen zowel inwoners als bezoekers meer de polders in trekken. Momenteel wordt weinig gebruik gemaakt van de recreatieve mogelijkheden in het buitengebied. De polders lenen zich goed voor verschillende ontwikkelmogelijkheden zoals nieuwe recreatieve routes (fiets- en wandelroutes waaronder laarzenpaden), kleinschalige verblijfsrecreatie en kleinschalige dagattracties, gericht op beleving van het polderlandschap. Het ontwikkelen van een boerencamping/-glamping of theetuin zou ook een positieve impuls kunnen geven. Linie Stelling van Voorne is in potentie een belangrijke drager voor nieuwe recreatievormen. In de aangewezen recreatieve zone langs het Haringvliet ten westen van Hellevoetsluis willen we de recreatieve potenties nog meer benutten. De Quackpolder maakt deel uit van deze recreatieve zone. Hier geven we ruimte aan extensieve recreatievormen en dagrecreatie in combinatie met groen en ruimtelijke kwaliteit. Te denken valt aan een functie als een wellness die landschappelijk goed is ingepast en koppelkansen biedt met ambities op het gebied van klimaatadaptatie en natuur.

afbeelding binnen de regeling

Recreatieve kansen in de polders

Verkeersveilige polders en een bereikbaar Voorne aan Zee

De polders vormen een dynamisch gebied waar landbouwverkeer, recreatief verkeer en (in de spits) ook sluipverkeer soms tot conflicten leidt en waar de leefbaarheid niet altijd in balans is. Dit komt bijvoorbeeld tot uiting in de infrastructuur, die niet overal berekend is op onder andere landbouwverkeer. We zetten in op verkeersveilige polders. Hiervoor is de medewerking nodig van WSHD als belangrijkste wegbeheerder van de wegen in het buitengebied. Daarnaast sorteren we voor op de verbreding van de N57.

Specifieke koers per type polder

Specifiek hebben we voor de veenpolders, oude zeekleipolders en jonge zeekleipolders hieronder nog aanvullende ambities.

Koers veenpolders

  • In de veenpolders zetten we in op het behouden en waar mogelijk versterken van het relatief kleinschalige landelijke karakter met grondgebonden agrarische bedrijven (glastuinbouw uitgezonderd) als landschappelijke en functionele drager.

  • In de veenpolders kunnen bestaande agrarische bedrijven groeien, voor zover dit noodzakelijk is gelet op de bedrijfsvoering en met aandacht voor de landschappelijke kwaliteit en inpassing. Grootschalige uitbreiding van agrarische bedrijven is in deze zone niet toegestaan, daarvoor is ruimte in de jonge zeekleipolders.

  • De slingerende dijken behouden hun cultuurhistorische, recreatieve en ecologische waarden en zijn tevens het kralensnoer waar bebouwing langs gesitueerd is. Zo blijft het open landschap tussen dijkstructuren optimaal behouden. Binnen groene erven is ook bestaande bebouwing, als eilandjes aan weerszijden langs de rechte polderwegen middenin de veenpolders.

  • De veenpolders behouden de belangrijke natuurlijke waarden, onder andere in de vorm van weidevogelgebied.

  • We zetten in op herstel van kreken en de aanleg van ecologische verbindingszones en het afronden van het Natuurnetwerk Nederland. Hier kan ook aan worden bijgedragen door particuliere initiatieven zoals agrarisch natuurbeheer en natuuraanleg. Specifieke aandacht is er voor een populatie Noordse woelmuizen in de Holle Mare (een belangrijke doelsoort).

  • Voor ontwikkelingen op recreatief vlak is ruimte. Gezien het karakter van de zone liggen kleinschalige voorzieningen in de vorm van combinatiegebruik bij bestaande functies het meest voor de hand, al zijn nieuwe, zelfstandige recreatieve functies niet uitgesloten. In beide gevallen dient de omvang en uitstraling van de recreatieve voorziening passend te zijn bij de karakteristieken van de veenpolders, dient de agrarische sector niet belemmerd te worden en mogen natuurwaarden niet worden aangetast.

  • Nieuwe, meer bedrijfsmatige functies kunnen - afhankelijk van de specifieke functie en uitstraling - een risico vormen voor de ruimtelijke en functionele kwaliteiten van het buitengebied. Deze worden daarom hooguit in beperkte mate en onder voorwaarden toegestaan. Daarbij is het ook noodzakelijk dat de behoefte aangetoond moet worden, samen met de noodzaak om dit juist in deze zone te doen. Indien dat aangetoond kan worden, dient sprake te zijn van netto kwaliteitsverbetering, bijvoorbeeld door sloop van (in onbruik geraakte) bebouwing of verharding of via een andere kwaliteitsimpuls. Tot slot geldt dat deze functies geen belemmering mogen vormen voor de agrarische bedrijvigheid en mogen natuurwaarden niet worden aangetast.

Koers oude zeekleipolders

  • In de oude zeekleipolders zetten we in op het behouden en waar mogelijk versterken van het relatief kleinschalige landelijke karakter met grondgebonden agrarische bedrijven (glastuinbouw uitgezonderd) als landschappelijke en functionele drager.

  • Om deze positie van de grondgebonden agrarische bedrijven in stand te houden, is uitbreiding van bedrijfsbebouwing beperkt toegestaan met aandacht voor landschappelijke kwaliteit en inpassing. Naast deze voorwaarde geldt een absoluut maximum van 4 ha per bedrijfscomplex (maximale omvang bouwvlak voor twee aaneengesloten gelieerde bedrijven) voor agrarisch bedrijven, indien er elders een bedrijfscomplex vervalt.

  • De slingerende dijken door het gebied behouden hun cultuurhistorische, recreatieve en ecologische waarden en zijn tevens het kralensnoer waarlangs bebouwing is gesitueerd. Zo blijft het open landschap tussen dijkstructuren optimaal behouden.

  • Binnen de groene erven is ook bebouwing, als eilandjes aan weerszijden langs de rechte polderwegen middenin de oude zeekleipolders. Binnen de oude zeekleipolders zetten we in op het behouden en versterken van natuurwaarden, zoals het herstel van kreken en de aanleg van ecologische verbindingszones. Hier kan ook aan worden bijgedragen door particuliere initiatieven zoals agrarisch natuurbeheer en natuuraanleg.

  • Voor ontwikkelingen op recreatief vlak is ruimte. Gezien het karakter van de zone liggen kleinschalige voorzieningen in de vorm van combinatiegebruik bij bestaande functies het meest voor de hand, al zijn nieuwe, zelfstandige recreatieve functies niet uitgesloten. In beide gevallen dient de omvang en uitstraling van de recreatieve voorziening passend te zijn bij de karakteristieken van de oude zeekleipolders en dient de agrarische sector niet belemmerd te worden.

  • Nieuwe stedelijke en bedrijfsmatige functies kunnen - afhankelijk van de specifieke functie en uitstraling - een risico vormen voor de ruimtelijke en functionele kwaliteiten van het buitengebied. Deze worden daarom hooguit in beperkte mate en onder voorwaarden toegestaan. Daarbij is het ook noodzakelijk dat de behoefte aangetoond moet worden, samen met de noodzaak om dit juist in deze zone te doen. Indien dat aangetoond kan worden, dient sprake te zijn van netto kwaliteitsverbetering, bijvoorbeeld door sloop van (in onbruik geraakte) bebouwing of verharding of via een andere kwaliteitsimpuls. Tot slot geldt dat deze functies geen belemmering mogen vormen voor de agrarische bedrijvigheid en mogen natuurwaarden niet worden aangetast.

Koers jonge zeekleipolders

  • In de jonge zeekleipolders zetten we in op het behouden en waar mogelijk versterken van het grootschalige en open landschap met grondgebonden agrarische bedrijven (glastuinbouw uitgezonderd) als landschappelijke en functionele drager.

  • De jonge zeekleipolders bieden ruimte om bestaande agrarische bedrijven te laten groeien met aandacht voor landschappelijke kwaliteit en inpassing. Naast deze voorwaarde geldt een absoluut maximum van 4 ha per bedrijfscomplex (maximale omvang bouwvlak voor twee aaneengesloten gelieerde bedrijven) voor agrarisch bedrijven, indien er elders een bedrijfscomplex vervalt.

  • Het grootschalige, planmatige en open landschap wordt begrensd door dijken en doorsneden door rechte polderwegen. Deze vormen de kralensnoeren waar bebouwing verspreid langs gesitueerd is. Zo blijft het open landschap behouden.

  • Gezien de primair agrarische functie van de jonge zeekleipolders is nieuwvestiging van andere functies niet toegestaan. Indien het om bestaande functies gaat, is groei in beperkte mate toegestaan voor zover de noodzaak hiervan aangetoond kan worden, sprake is van landschappelijke inpassing en van netto kwaliteitsverbetering en de agrarische sector niet wordt belemmerd in zijn ontwikkelingsruimte.

  • Voor kleinschalige ontwikkelingen op recreatief vlak bieden we ruimte, vooral in de vorm van combinatiegebruik bij bestaande boerderijen (verbreding van agrarische bedrijven en ondergeschikt aan de agrarische functie). De mogelijkheden voor kleinschalige uitbreiding van bestaande campings zijn afhankelijk van de behoefte. Ze moeten landschappelijk ingepast worden en zorgen voor een kwaliteitsverbetering. We streven naar een unieke aanvulling die past bij de specifieke polder.

  • Binnen de jonge zeekleipolders zetten we in op het behouden en versterken van natuurwaarden, zoals het herstel van kreken en de aanleg van ecologische verbindingszones. Hier kan ook aan worden bijgedragen door particuliere initiatieven zoals agrarisch natuurbeheer en natuuraanleg. In de recreatieve zone (en delen van de Quackpolder) langs het Haringvliet ten westen van Hellevoetsluis is ruimte voor dag- en verblijfsrecreatie.

Aansluitende beleidskaders

Vigerende kaders voor het buitengebied blijven voorlopig de Omgevingsplannen Buitengebied Brielle en Buitengebied Westvoorne. Deze worden de komende jaren verwerkt in het Omgevingsplan Voorne aan Zee. Verder is het wenselijk om één Handboek Kwaliteitsverbetering Buitengebied Voorne aan Zee op te stellen en te gebruiken bij het afwegen en inpassen van initiatieven in het buitengebied. De eerder vastgestelde handboeken van Brielle en Westvoorne worden samengevoegd en ook Hellevoetsluis én de Landschappelijke Noordrand kunnen dan worden toegevoegd. Er wordt nader onderzocht of dit een op zichzelf staand document zal worden of dat de samenvoeging met de bestaande welstandsnota’s voor het stedelijk gebied gewenst is. Met het vaststellen van de Omgevingsvisie Voorne aan Zee zijn de Omgevingsvisie Landelijk gebied Brielle en de Omgevingsvisie Westvoorne komen te vervallen, evenals de structuurvisies Brielle en Hellevoetsluis.

Na een herziening van het Omgevingsbeleid van de provincie Zuid-Holland vanwege lopende trajecten zoals de Ruimtelijke Puzzel Zuid-Holland en het Zuid-Hollands Programma Landelijk Gebied (ZH-PLG) kan de koers voor de polders mogelijk op onderdelen gewijzigd worden.

3.8 Glastuinbouw
afbeelding binnen de regeling

Identiteit

De voormalige gemeenten Brielle en Westvoorne zijn van oudsher een tuinbouwgebied. Al in het begin van de 19e eeuw vormde de tuinbouw een wezenlijk onderdeel van het dagelijks leven in deze gemeenten. De glastuinbouw deed al vroeg zijn intrede. Vanaf het begin van de 20e eeuw verschenen de eerste kassen op Voorne. Lang leek het of de ontwikkelingen stil stonden totdat eind jaren zestig een sterke groei plaatsvond van het glasareaal. Vanaf de jaren tachtig werd in een hoog tempo schaalvergroting doorgevoerd.

In Voorne aan Zee bevinden zich op verschillende locaties concentraties van glastuinbouw waar groenten, bloemen en planten worden geteeld. Tussen Oostvoorne, Brielle en Tinte is een groot glasconcentratiegebied aanwezig en rondom Vierpolders ligt het glasconcentratiegebied Glaspark 4P. Verder zijn westelijk van de vesting van Brielle ook enkele kassen gelegen en een enkele kas nabij Hellevoetsluis of de dorpen Rockanje en Oostvoorne.

afbeelding binnen de regeling

Glastuinbouw op Voorne aan Zee

De structuur voor het glastuinbouwintensiveringsgebied tussen Oostvoorne, Brielle en Tinte wordt gevormd door een landschappelijk raamwerk. Het landschappelijk raamwerk bevat de cultuurhistorische waarde van het gebied, het historisch systeem van dijken, wegen, ondergrondse infrastructuur en waterlopen. Het raamwerk geeft het glastuinbouwintensiveringsgebied een robuuste structuur voor nu en de toekomst. In het landschappelijk raamwerk is de verkeersstructuur opgenomen. Het landschappelijk raamwerk zorgt, naast de ontsluiting, voor het versterken van de ruimtelijke kwaliteit voor bewoners en bedrijven in het gebied én voor passanten, recreanten of omwonenden. De hoofdwatergang, een oude kreek centraal in het gebied gelegen, heeft een prominente plaats en is verbreed. De randen en dragers van het intensiveringgebied zijn ingericht als groenblauwe zone met brede bermen met bomen en andere beplanting. Het concentratiegebied voelt enigszins als een besloten enclave.

Koers

afbeelding binnen de regeling

Koers voor 2040

De glastuinbouw is een levensvatbare vorm van landbouw. Dit blijkt ook uit de ontwikkeling van de nieuwe glastuinbouwlocaties elders in Nederland en de mondiale toonaangevende positie van de Nederlandse tuinbouw.

De glastuinbouwbedrijven hadden echter op sommige plekken negatieve gevolgen voor het landschap van Voorne aan Zee: het landschap van de kwetsbare binnenduinrand verrommelde en de kwaliteit van het open polderlandschap verminderde. De kassen gaven ook spanning met burgerwoningen vanwege onder andere de lichtvervuiling en het vrachtverkeer. Daarom hebben de voormalige gemeenten Brielle en Westvoorne in samenwerking met de provincie Zuid-Holland ervoor gekozen de verspreid liggende glastuinbouwbedrijven in het buitengebied te saneren en voor glastuinbouw glastuinbouwintensiveringsgebieden aan te wijzen. Deze glastuinbouwintensiveringsgebieden worden geoptimaliseerd om een duurzame toekomst te bieden aan de glastuinbouw. In de gebieden wordt uitbreiding van het glasareaal mogelijk gemaakt. Hier zijn ruimere mogelijkheden en is meer flexibiliteit voor de glastuinbouwbedrijven waarbij tevens voldoende aandacht is voor de leefbaarheid van het gebied voor de bewoners van de in (en om) het glastuinbouwgebied aanwezige burgerwoningen. Ook kan gebruik worden gemaakt van de synergie van meerdere glastuinbouwbedrijven bij elkaar, zoals centrumfunctie en clustervoordelen. Nieuwe kassen mogen geen spanningen geven met betrekking tot lichtvervuiling en geluidsoverlast voor omwonenden.

In de voormalige gemeenten is het meeste glas in het buitengebied gesaneerd via de Ruimte voor Ruimte regeling (verplaatsing naar het glastuinbouwintensiveringsgebied of bedrijfsbeëindiging en sanering in ruil voor woningbouw). Dit is begonnen in de binnenduinrand (onderdeel zanderijen) maar geldt voor alle polders uitgezonderd het glastuinbouwintensiveringsgebied Tinte (behalve de zuid-oosthoek) en Glaspark 4P. Deze transformatie is grotendeels gerealiseerd. Door in de voormalige gemeenten Brielle en Westvoorne een zeer intensief proces te doorlopen van glassanering, is nog weinig verspreid liggend glas over.

Voor de glastuinbouw hebben we in deze gebiedsgerichte uitwerking een aantal generieke ambities opgenomen:

  • We zetten concentratie van glastuinbouwbedrijven in de aangewezen clusters verder door;

  • Klimaatneutrale en klimaatbestendige glastuinbouw;

  • Passende huisvesting voor arbeidsmigranten.

We zetten concentratie van glastuinbouwbedrijven in de aangewezen clusters verder door

De ambitie luidt om de verspreide glastuinbouwbedrijven in het landelijk gebied nog verder te clusteren in de daarvoor aangewezen glastuinbouwconcentratiegebieden. Op dit moment is circa 35 van de 55 hectare gerealiseerd en of in ontwikkeling. Aandachtspunt is in hoeverre het haalbaar is om het nog resterende deel van de opgave te verwezenlijken. In dit kader is het belangrijk dat de visie op het glastuinbouwconcentratiegebied geactualiseerd wordt en van toepassing is op alle glastuinbouw in Voorne aan Zee. Daarnaast is het belangrijk om duidelijke kaders te bieden voor de transformatie van het verspreidde glas. De zuidoosthoek van het glastuinbouwintensiveringsgebied nabij Tinte wordt in de toekomst een woonmilieu. De glastuinbouw ten westen van de vesting van Brielle maakt geen onderdeel uit van het provinciale glasconcentratiegebied. Daarom is de visie op dit gebied aan de westkant van Brielle een aandachtspunt in de te actualiseren visie Glasherstructurering. Hier denkt de gemeente graag mee over de eventueel vrijkomende ruimte mochten deze tuinders in de toekomst willen stoppen. Wat de gemeente betreft liggen hier kansen voor sanering en/of andere mogelijkheden van bedrijvigheid, mits het de gewenste openheid van het schootsveld van de vesting van Brielle niet schaadt en het de omliggende glastuinbouwbedrijven niet schaadt in de westelijke percelen van het glastuinbouwintensiveringsgebied nabij Tinte. Uiteraard dient hier sprake te zijn van vrijwilligheid onder de ondernemers.

afbeelding binnen de regeling

Klimaatneutrale en klimaatbestendige glastuinbouw

We stimuleren de verduurzaming van de glastuinbouwsector in Voorne aan Zee. Hier ligt een flinke verduurzamingsopgave. Vrijkomende ruimte zou ingezet kunnen worden om de duurzaamheidsambities te halen. Op de waterbassins/overhoeken van de bedrijven liggen kansen voor (drijvende) zonnepanelen en de mogelijkheden worden verkend van geothermie als duurzame warmtebron voor het glastuinbouwintensiveringsgebied bij Tinte.

In Vierpolders en Tinte wordt al gebruik gemaakt van aardwarmte. In 2008 heeft in Vierpolders een groep van acht tuinbouwondernemers het initiatief genomen om een aardwarmtecentrale te ontwikkelen in Vierpolders (aan de Moersaatsenweg): Aardwarmte Vierpolders (A4P). Vanaf 2016 levert A4P duurzame warmte aan de glastuinbouwbedrijven. Vanaf 2017 voorziet het door een eigen WarmteKrachtKoppeling (WKK) ook in de elektriciteitsbehoefte. In het glastuinbouwgebied van Tinte (aan de Konneweg) is ook sprake van een aardwamteproject. Het aardwarmteproject Duurzaam Voorne voorziet inmiddels ruim 70 hectare aan kassen van aardwarmte.

Vanwege de grote warmtevraag en het warmteprofiel kan de glastuinbouw een belangrijke factor zijn in de realisatie van robuuste collectieve warmtenetten voor de bebouwde omgeving. De mogelijke levering van CO2 aan de glastuinbouw is daarbij een belangrijk aspect.

De mogelijkheden worden onderzocht om bestaande aardwarmtenetten die thans volledig gericht zijn op de glastuinbouw uit te breiden naar wijken.

Daarnaast is een zonneweide aan de Konneweg aanwezig. Zonneweide Tinte kent een oppervlakte van 13,3 hectare en bevindt zich in het glastuinbouwgebied tussen de Kerkhoekweg en de Konneweg. Daarbij worden op 10,5 hectare zonnepanelen gerealiseerd en de overige ruimte wordt benut voor landschappelijke inpassing en het versterken van de ecologische waarde van het gebied. Met een verwachte capaciteit van ongeveer 10,9 megawattpiek zal zonneweide Tinte circa 3.000 huishoudens kunnen voorzien van zonne-energie.

afbeelding binnen de regeling

Duurzaamheidsmaatregelen op of rondom glastuinbouw

In de Structuurvisie Glasherstructurering wordt verder ingezet op een robuust groen-blauw raamwerk dat aansluit op het krekenstelsel. Glastuinbouwbedrijven hebben zich overal in Voorne aan Zee te committeren aan de steeds strenger wordende eisen op het gebied van bodem- en waterkwaliteit. Residuvrije gewasbeschermingsmiddelen en het niet uitspoelen van deze stoffen moeten resulteren in een gezonder en levendiger bodem en watersysteem.

Passende huisvesting voor arbeidsmigranten

De glastuinbouwgebieden bieden kansen voor het huisvesten van arbeidsmigranten. In de glastuinbouwgebieden werken veel arbeidsmigranten die geen geschikte woning kunnen vinden. Arbeidsmigranten verblijven veelal in woonwijken en dat is van invloed op de leefbaarheid van deze wijken. De opgave huisvesting is in dit gebied daarom enorm hoog en maatregelen zijn gewenst. De beleidsnotitie huisvesting Arbeidsmigranten Voorne aan Zee ziet toe op tijdelijke huisvesting voor specifieke doelgroepen (en in lijn is met de Wonen, Welzijn en Zorgvisie). We zien vooral kansen op eigen percelen voor de tijdelijke huisvesting van seizoenswerknemers. Hier is het mogelijk om onder voorwaarden woonunits toe te voegen op eigen grond voor eigen personeel. Het gaat dan specifiek om tijdelijke huisvesting/short stay. Daarnaast moeten keuzes gemaakt worden over de invulling van de ruimte wanneer glastuinbouwbedrijven ermee besluiten te stoppen. Vrijkomende ruimte zou ingezet kunnen worden om de duurzaamheidsambities te halen of om arbeidsmigranten te huisvesten. Een verdere uitbreiding van het glastuinbouwgebied is niet wenselijk, verdichten is daarmee een betere oplossing. Hierbij dient voldoende rekening te worden gehouden met de leefbaarheid van het gebied voor de bewoners van de in (en direct om) het gebied aanwezige burgerwoningen.

3.9 Bedrijventerreinen
afbeelding binnen de regeling

Identiteit

In Voorne aan Zee zijn verschillende bedrijventerreinen gevestigd. De bedrijventerreinen worden goed benut en bieden de ruimte voor lokale ondernemers of ondernemers uit de regio. Nieuwe terreinen zijn reeds in ontwikkeling. Enkele terreinen zijn verouderd en vragen om een kwaliteitsslag.

In de gemeente zijn twee regionale bedrijventerreinen aanwezig, namelijk Kickersbloem bij Hellevoetsluis en Seggelant bij de entree van Brielle. Brielle heeft nog een tweede bedrijventerrein: ’t Woud. Bij Oostvoorne ligt bedrijventerrein Pinnepot en bij Rockanje ligt bedrijventerrein Moolhoek.

De wat kleiner opgezette clusters van bedrijventerreinen zijn de Henry Fordstraat en het Werfplein in Zwartewaal, Dijckpotingen in Vierpolders, Molendijk in Oudenhoorn met een groot solitair bedrijf, Veerhaven met enkele watergebonden bedrijven in Hellevoetsluis en Nieuwland in Brielle waar overwegend voorzieningen gevestigd zijn.

afbeelding binnen de regeling

Een verscheidenheid aan bedrijventerreinen in de gemeente

Algemene koers

afbeelding binnen de regeling

Koers voor 2040

De eisen aan bedrijventerrein veranderen met meer focus op toekomstbestendigheid en ruimtelijke kwaliteit. We houden daarom de bestaande bedrijventerreinen vitaal en stimuleren de verduurzaming daarvan. De ambitie luidt om de bedrijventerreinen toekomstbestendig te maken en ruimte te creëren voor uitbreiding van (lokale) bedrijvigheid op de juiste locatie.

Regionaal is sprake van een gebrek aan werklocaties. Ook binnen Voorne aan Zee drogen de mogelijkheden op. Een vraagstuk is in hoeverre wordt ingezet op het faciliteren van de vraag naar (regionale en lokale) bedrijfsruimte, via uitbreidingsmogelijkheden of herontwikkeling van verouderde bedrijventerreinen. In algemene zin heeft het herontwikkelen van verouderde bedrijven(terreinen) de voorkeur boven uitbreiding, die ten koste gaat van het buitengebied en voor zover niet al in ontwikkeling. De reeds voorziene uitbreiding van Kickersbloem en ook Seggelant zijn hier dus uitzonderingen op.

In H4.9 Ondernemend Voorne aan Zee; deel B wordt op hoofdlijnen onze visie op bedrijvigheid beschreven. Voor de bedrijventerreinen hebben we in deze gebiedsgerichte uitwerking een aantal algemene ambities opgenomen. Voor een aantal bedrijventerreinen zijn aanvullend specifieke ambities opgenomen. Algemene ambities voor onze bedrijventerreinen zijn:

  • Meervoudig ruimtegebruik en het juiste bedrijf op de juiste plaats;

  • Kwaliteitsverbetering van verouderde bedrijventerreinen en functiemenging op gemengde bedrijventerreinen;

  • Toekomstbestendige bedrijventerreinen; Onderzoek naar kansen voor klimaat en energie;

  • Een prettige werkomgeving en het beperken van lokale overlast; Bereikbaarheid van bedrijventerreinen op orde.

Meervoudig ruimtegebruik en het juiste bedrijf op de juiste plaats

Meervoudig ruimtegebruik, naast het juiste bedrijf op de juiste plaats, is één van de belangrijke pijlers in de recent vastgestelde en door de provincie geaccepteerde, strategie bedrijventerreinen van de MRDH. Hiermee kan worden ingespeeld op het algemene gebrek aan werklocaties, ook op lokaal niveau. In die lijn ligt het voor de hand dat ook Voorne aan Zee hiervoor een positieve grondhouding ontwikkelt (ja, tenzij?). We maken keuzes in welk type bedrijven we willen aantrekken en in welke bedrijven we geen ruimte bieden in Voorne aan Zee. Toekomstbestendige bedrijven die voor veel arbeidsplaatsen zorgen hebben de voorkeur. Datacentra en nog meer distributiebedrijven zijn niet wenselijk op de reguliere bedrijventerreinen vanwege onder andere de verhouding tussen de ruimte die zij innemen en het beperkte aantal arbeidsplaatsen dat ze verschaffen. Daarnaast belasten ze het elektriciteitsnetwerk en werken ze de ‘verdozing van het landschap’ in de hand.

Kwaliteitsverbetering van verouderde bedrijventerreinen en functiemenging op gemengde bedrijventerreinen

Voor de lokale, verouderde bedrijventerreinen ligt de focus op kwaliteitsverbetering of herontwikkeling. We gaan inventariseren welke bedrijventerreinen zich lenen voor deze kwaliteitsverbetering. Dit kunnen ook onderdelen van bedrijventerreinen betreffen. De volgende bedrijventerreinen lijken zich te lenen voor een kwaliteitsverbetering en eventueel herstructurering:

  • Pinnepot, Oostvoorne;

  • Moolhoek, Rockanje;

  • ’t Woud, Brielle;

  • Henry Fordstraat, Zwartewaal;

  • Werfplein, Zwartewaal;

  • Dijckpotingen, Vierpolders.

Op deze bedrijventerreinen zien we kansen voor meervoudig/dubbelgebruik met inachtneming van de economische primaire functies van de bedrijventerreinen. Transformeren naar andere functies kan alleen wanneer sprake is van incourante leegstand. Op deze bedrijventerreinen is in de toekomst mogelijk ruimte voor een bepaalde mate van functiemenging (wonen-werken) of transformatie en verkleuring naar woongebied. De bedrijventerreinen krijgen dan een ‘gemengd’ karakter met ruimte voor andere activiteiten, zoals kantoren of bijvoorbeeld een sportschool. Gemeentelijk werken we kaders uit waarmee ondernemers op zoek kunnen naar locaties die in deze behoefte kunnen voorzien.

Sommige terreinen lenen zich minder goed voor het mengen van functies. Zoals bedrijventerrein Kickersbloem en Seggelant. Slim en meervoudig ruimtegebruik is ook op deze bedrijventerreinen het uitgangspunt. Op deze terreinen staan we nieuwe wooninitiatieven niet toe. Bedrijfswoningen zijn op deze bedrijventerreinen niet toegestaan.

Toekomstbestendige bedrijventerreinen

We hebben de ambitie de huidige en nieuwe bedrijventerreinen toekomstbestendig en klimaatbestendig in te richten met aandacht voor wateroverlast, hittestress en voldoende groen. Bij transformatie moet voldoende aandacht zijn voor vergroenen. Niet alleen aan de randen, maar ook op de bedrijventerreinen zelf. Hier liggen ook kansen voor bijvoorbeeld groene (sedum)daken en groene muren. Vergroenen van de bedrijventerreinen en bedrijfsdaken vermindert hittestress op de terreinen en in combinatie met een groene landschappelijke inpassing draagt het bij aan een fijnere werkomgeving en (bijkomstig) aan meer biodiversiteit. Zo is langs Seggelant 2 een kreek met natuurvriendelijke oevers aangelegd die onderdeel is van Natuurnetwerk Nederland en zal langs Kickersbloem 3 eveneens een kreek met natuurvriendelijke oevers worden aangelegd. Beheer op kavels die geen openbaar groen bevatten zijn aandachtspunt voor ondernemers.

Onderzoek naar kansen voor klimaat en energie

Bedrijventerreinen bieden bij uitstek kansen op het gebied van klimaat en energie. Op het moment dat er ontwikkelingen zijn op de bedrijventerreinen of dat er nieuwe bedrijventerreinen worden aangelegd zullen wij specifiek onderzoek laten verrichten naar de mogelijkheden om een bijdrage te leveren aan de energietransitie en/of het voorkomen van de nadelige gevolgen van klimaatverandering.

De bedrijventerreinen lenen zich ook goed voor dubbelgebruik: bedrijvigheid en energie opwekken. De duurzaamheidsambities van Voorne aan Zee zijn op veel locaties in de gemeente niet wenselijk. Het open en weidse karakter van de polders moet behouden blijven en de kust moet vrij uitzicht blijven behouden. Op de bedrijventerreinen is echter nog voldoende ruimte om de daken van grote bedrijfspanden vol te leggen met zonnepanelen. In de Ondernemingspolder zien wij kansen om een ruimtelijke reservering voor de uitbreiding van het bedrijventerrein eerst tijdelijk te benutten voor het opwekken van energie met een zonnepark.

Een prettige werkomgeving en het beperken van lokale overlast

We stimuleren ondernemers om aandacht te hebben voor een prettig en gezond werkklimaat. We stimuleren initiatieven om mensen met een afstand tot de arbeidsmarkt aan te nemen. Het is belangrijk dat de bedrijven bijdragen aan de werkgelegenheid en arbeidsplaatsen in de gemeente. We blijven ook de gezondheid en veiligheid van onze inwoners garanderen. We hebben aandacht voor contouren en richtafstanden bij nieuwe ontwikkelingen.

Aandachtspunt is om te zorgen voor passende tijdelijke huisvesting van arbeidskrachten. Hierin moet ook een keuze worden gemaakt over de beleidskaders rond huisvesting van arbeidsmigranten. Deze opgave werken we meer concreet uit in lijn met de Wonen Welzijn en Zorgvisie. Hier liggen kansen om tijdelijke huisvesting nabij bedrijventerreinen te faciliteren. Dit is in onderzoek voor de terreinen Kickersbloem en Seggelant. Liever zien we huisvesting geclusterd georganiseerd worden in plaats van losse units verspreid over de terreinen.

De aanwezigheid van solitaire, zware bedrijvigheid in het buitengebied is een aandachtspunt met het oog op de verkeersoverlast en de fysieke omgevingsveiligheid. We onderzoeken voor nieuwe bedrijvigheid en ontwikkelingen de mogelijkheden van Bedrijven en Milieuzonering Nieuwe Stijl (zie ook H4.4 Gezond en veilig Voorne aan Zee; deel B). We werken tevens in algemene zin aan de beveiliging van bedrijventerreinen en hebben aandacht voor ondermijning.

Bereikbaarheid van bedrijventerreinen op orde

We streven naar een goede bereikbaarheid van de bedrijventerreinen, zonder al te veel overlast te veroorzaken voor omwonenden in de woongebieden. We zorgen dat de bereikbaarheid van onze bedrijventerreinen op orde is en ondernemers, inwoners en bezoekers zich allen goed en veilig kunnen bewegen. We geven in het nieuwe mobiliteitsprogramma aandacht aan de mogelijkheden voor een oostelijke en westelijke randweg voor Hellevoetsluis. We stimuleren geëlektrificeerde mobiliteit op bedrijventerreinen en streven naar een goede OV-bereikbaarheid. We maken waar mogelijk langzaamverkeer aantrekkelijk en zorgen dat eventuele snelfietsroutes ook aansluiten op de bedrijventerreinen.

Aanvullende specifieke koers per bedrijventerrein

Kickersbloem

Bedrijventerrein Kickersbloem ligt aan de oostkant van Hellevoetsluis nabij de N57 aan de oostelijke zijde van het Voorns Kanaal (Kanaalweg Oostzijde). Kickersbloem bestaat uit verschillende delen waarvan Kickersbloem I en Kickersbloem II ontwikkelde en uitgegeven terreinen zijn die naar de toekomst een kwaliteitsverbetering behoeven.

Momenteel wordt gewerkt aan de derde fase van Kickersbloem 3. Dit terrein ligt ten noordoosten van het bestaande bedrijventerrein Kickersbloem 1 en 2, langs de Ravenseweg richting Oudenhoorn. De ontwikkeling van dit bedrijventerrein is belangrijk voor de economie in onze gemeente. Het trekt nieuwe bedrijven naar Voorne aan Zee en zorgt voor banen.

Momenteel bevindt Kickersbloem 3, fase 3 zich in de afrondende fase. Dit bedrijventerrein was oorspronkelijk bedoeld voor gemengd/lokale bedrijvigheid. Door een wisselende marktvraag en schaarse grond in dit deel van Zuid-Holland, is hier ook een groot aandeel logistiek geland welke een relatie heeft met de haven. De initiatiefnemers die zich nu melden zijn vooral lokale partijen die op zoek zijn naar nieuwbouw voor hun bedrijfsruimte of onderneming. Aandachtspunt voor de toekomst is de verkeersafwikkeling van en naar Kickersbloem 3. De toename van het aantal (vracht) verkeersbewegingen in relatie tot de leefbaarheid (geluid en luchtkwaliteit, druk op ontsluiting) is dan ook een aandachtspunt.

Er ligt ook een reservering voor Kickersbloem 3, fase 4. Samen met de MRDH starten wij een onderzoek naar verdere uitbreiding van Kickersbloem 3. De (bestuurlijke) ambitie voor fase 4 gaat niet meer over grootschalige logistiek. De ambitie is vooralsnog het realiseren van een gemengd bedrijventerrein met een uitgeefbaar oppervlakte van circa 11-12 hectare. Het onderzoek zal gaan over de marktvraag en profilering van het terrein. Het doel is om een klein-regionaal verhaal voor dit terrein te ontwikkelen zodat het op die manier gerealiseerd en verkocht kan worden, ook aan de partner-gemeenten binnen de MRDH.

afbeelding binnen de regeling

Leeg Kickersbloem 3 krijgt snel vijf nieuwe bedrijfshallen

Seggelant

Direct gelegen aan de afslag Brielle op de N57 ligt bedrijventerrein Seggelant. Dit bedrijventerrein ligt in de polder met de toepasselijke naam de ‘Ondernemingspolder’. Op het bedrijventerrein Seggelant zijn innovatieve bedrijven gevestigd welke in meer of mindere mate dienstbaar zijn aan de omgeving en de industrie.

We stimuleren en positioneren de bestaande Bedrijven Investeringszone Seggelant (BIZ). Een BIZ is een afgebakend gebied op een bedrijventerrein of in een winkelgebied. Ondernemers maken afspraken om gezamenlijk te investeren in een aantrekkelijke en veilige bedrijfsomgeving. Dit kan bijvoorbeeld gaan over de staat van het onderhoud of gezamenlijke beveiligingsmaatregelen. Bij voldoende draagvlak, dragen alle ondernemers financieel bij in de vorm van een BIZ-bijdrage. Deze vaste bijdrage wordt door de gemeente geïnd en als subsidie uitgekeerd aan de BIZ. Hier worden gezamenlijke projecten op Seggelant van gefinancierd. Het werkingsgebied van de BIZ kan in de toekomst worden uitgebreid naar vervolgfasen. In de Ondernemerspolder bij Brielle ligt een ruimtelijke reservering voor de energietransitie, als onderdeel van de eerdere visie op de Landschappelijke Noordrand/Geuzenlinie. In het provinciaal beleid staat het gebied echter ook gemarkeerd als reservering voor uitbreiding bedrijventerrein.

afbeelding binnen de regeling

We stimuleren en positioneren de Bedrijven Investeringszone Seggelant

Pinnepot

Bedrijventerrein Pinnepot is vooral gericht op lokale bedrijvigheid. Hier zijn bedrijven uit de sectoren bouw, groot-/detailhandel, industrie en vervoer en opslag aanwezig. Bedrijventerrein Pinnepot zien we in de toekomst als een gemengd bedrijventerrein (woon/werkgebied) aangezien hier geen bedrijven zijn gevestigd met een zware milieucategorie en het bedrijventerrein tegen het dorp Oostvoorne ligt. De gemeente gaat samen met de ondernemers onderzoeken welke vormen van samenwerking op de Pinnepot op draagvlak kunnen rekenen met als doel om een kwaliteitsslag te maken voor het terrein.

Moolhoek

Het kleinschalige en enigszins verouderde bedrijventerrein Moolhoek zien we in de toekomst verkleuren naar een gemengd bedrijventerrein met ruimte voor het mengen van functies. Het terrein grenst aan de oostkant aan het toekomstig woongebied Nieuwe Achterweg bij het dorp Rockanje. Op Moolhoek stimuleren we verder ontwikkelingen die leiden tot de vestiging van startende, lokale en kleinschalige bedrijven. We zien het bedrijventerrein in principe als terrein voor lokale bedrijven met een ‘lichte’ milieucategorie (2 en 3). Als deze bedrijven doorgroeien naar een hogere categorie moeten ze verhuizen naar Kickersbloem (of Seggelant). De gemeente gaat samen met de ondernemers onderzoeken welke vormen van samenwerking op de Moolhoek op draagvlak kunnen rekenen met als doel om een kwaliteitsslag te maken voor het terrein. De gemeente staat positief tegenover verplaatsing van bedrijven of functies op het bedrijventerrein die hier niet per definitie als passend worden gezien. Hierbij kan worden gedacht aan de aanwezige paardensportvereniging. Een dergelijk initiatief tot verplaatsing en/of herontwikkeling dient echter vanuit de desbetreffende ondernemer en/of vereniging zelf te komen.

‘T Woud

Delen van het bedrijventerrein 't Woud zijn verouderd en geven een wat verrommeld beeld. Het verbeteren van de ruimtelijke kwaliteit op het bedrijventerrein 't Woud is wenselijk. Bedrijventerrein ‘t Woud zien we in de toekomst graag als een gemengd bedrijventerrein.

Henry Fordstraat

Over de Henry Fordstraat in Zwartewaal wordt in de leefbaarheidsvisie Zwartewaal gezegd dat het gewenst is dat dit meer wonen/gemengd wordt met lagere milieucategorie.

Werfplein

Het Werfplein zien we in de toekomst graag verkleuren naar een gemengd karakter en we staan hier ook open voor het combineren van functies. Gezien de ligging nabij de Landschappelijke Noordrand en de Plas van Heenvliet liggen hier kansen om een koppeling te maken met verblijfsrecreatie.

Dijckpotingen

De locatie Dijckpotingen te Vierpolders is nog maar beperkt qua bedrijvigheid. Dit is een goede locatie om in de toekomst om te vormen naar wonen met eventueel een gemengd karakter.

Veerhaven

In de Veerhaven zetten we in op een karakter met overwegend watersportgebonden bedrijvigheid.

Nieuwland

In Nieuwland zetten we in op het behouden van ruimte voor voorzieningen, waarbij een menging met wonen is mogelijk.

Molendijk

In Molendijk willen we ruimte bieden aan FarmFrites, mits op een goede landschappelijke manier ingepast en met een goede verkeersafwikkeling.

Deel B; De thematische opgaven

4. Thematische opgaven; dit gaan we doen

4.1 Inleiding

Hoe verbetert Voorne aan Zee de komende jaren het welzijn van mensen voor huidige en toekomstige generaties en de brede welvaart, hoe zetten we ons landschap, erfgoed en natuurlijke leefomgeving centraal en hoe stimuleren we werken, ondernemen en recreëren?

In deel B van de omgevingsvisie geven we invulling aan onze drie ambities, zoals beschreven in H2.3 De Voornse Vesting; onze ambities en opgaven in balans van deel A, door een aantal hoofdopgaven uit te werken. Door de verschillende opgaven met elkaar te verbinden kan een integrale oplossing (oplossing voor meerdere vraagstukken en integraal afgewogen) worden gevonden en daarmee een grotere bijdrage worden geleverd aan de ambities. De integraliteit tussen de verschillende opgaven komt hiermee tot uitdrukking.

In de omgevingsvisie zijn negen centrale opgaven uitgewerkt die goed het brede palet aan opgaven en ambities weergeven. Per centrale opgave is een thematische uitwerking inclusief kaartbeelden en doelen uitgewerkt. De negen centrale thematische opgaven zijn:

  • Passend wonen voor iedereen;

  • Sociaal en leefbaar;

  • Gezond en veilig;

  • Natuurlijk;

  • Duurzaam en klimaatbestendig;

  • Cultureel en beleefbaar;

  • Recreatief en toeristisch;

  • Ondernemend;

  • Bereikbaar.

4.2 Passend wonen voor iedereen in Voorne aan Zee

Het thema ‘Passend wonen voor iedereen’ gaat over aandachtspunten in de woningvoorraad, zoals de beschikbaarheid van woningen in relatie tot de woonbehoefte in de verschillende steden en dorpen, huisvesting van verschillende doelgroepen, maar ook de betaalbaarheid ervan en het type woningen. Het thema gaat zowel over de kwantitatieve als kwalitatieve woonopgave. Kortgezegd, wat bouwen we, waar bouwen we en voor wie bouwen we.

Huidige situatie: een gemeente met gevarieerde woonmilieus

Voorne aan Zee kent een prettig woon- en leefklimaat en passende voorzieningen. De rust en ruimte die het landschap biedt, de korte afstand van werk in de zuidrand van de Randstad en een kindvriendelijke omgeving zijn voorbeelden van zaken die van Voorne aan Zee een aantrekkelijke gemeente maken om te wonen. Als buitenhof van de regio kent Voorne aan Zee uitgesproken landelijke woonmilieus, zoals de historische vestingsteden, authentieke polder- en dijkdorpen en exclusief wonen nabij de zee.

In Voorne aan Zee liggen de dorpen en de twee vestingsteden herkenbaar in het landschap. Brielle en Hellevoetsluis zijn grotere steden, met de historische vestingen en daaromheen enkele uitbreidingswijken in de polder. Ze beschikken over de bijbehorende voorzieningen die passen bij het stedelijke karakter. Oostvoorne en Rockanje zijn recreatieve kustplaatsen. Zeker in Oostvoorne lopen de woonlanen vanuit de historische kern de duinen in. Vierpolders, Tinte en Nieuwenhoorn zijn dorpen die verspreid liggen in de polders van Voorne aan Zee. Het zijn allemaal uitgegroeide dijkdorpen, waarvan de bebouwing oorspronkelijk langs het dijklint lag en hebben een echt dorps karakter. Hetzelfde geldt voor Zwartewaal, dat van oudsher een vissersdorp was. Oudenhoorn is tot slot een kerkringdorp met in het midden een ovaal omgrachte kerk met daaromheen de bebouwing. Deze verscheidenheid aan verschillende steden en dorpen met bijbehorende woonmilieus maakt het aantrekkelijk om in Voorne aan Zee te wonen. In de afgelopen jaren zijn bovendien al veel woningen toegevoegd die aansluiten bij de behoefte van jongeren en ouderen. Toch ligt er wel een grote opgave om te zorgen voor een passende, toekomstbestendige woningvoorraad.

afbeelding binnen de regeling

In Voorne aan Zee is het prettig wonen

Opgaven

Binnen het thema Passend wonen voor iedereen in Voorne aan Zee zijn de volgende punten en ambities geformuleerd:

afbeelding binnen de regeling
afbeelding binnen de regeling

Inzetten op kwalitatieve woningbouw

De woningmarkt staat in Nederland onder druk met een flinke woningbouwopgave in de aankomende jaren. Door de hoge instroom is in Voorne aan Zee ook sprake van krapte. Er is met name behoefte aan betaalbare woningen, zowel (sociale) huur als koop. Woningen bouwen is nodig, zodat ook doorstroming kan plaatsvinden. We bouwen woningen die aansluiten op de behoefte van de inwoners nu en in de toekomst. Dat betekent dat we goede keuzes moeten maken, zodat iedereen een geschikte woning kan vinden. Het uitgangspunt voor bouwprojecten blijft 1/3 sociale woningen, 1/3 midden huur/koop woningen en 1/3 vrije sector woningen.

De ambitie luidt verder om naast zorgen voor een evenwichtige bevolkingsopbouw, ook voor elke levensfase een geschikte woning aan te kunnen bieden. Aandachtspunt hierin is dat huishoudens steeds kleiner worden en het aantal samengestelde gezinnen toeneemt. In de huidige opgave ligt de focus op betaalbare woningen voor starters, jonge gezinnen en ouderen. Betaalbaarheid, haalbaarheid en realiseerbaarheid zijn continue aandachtspunten. Het realiseren van sociale huurwoningen is een flinke opgave. Verder is het door de vergrijzing van de bevolking belangrijk om te zorgen voor voldoende (levensloopbestendige) woonvormen voor ouderen, eventueel met zorg. Het beleidsuitgangspunt is namelijk dat men zo lang mogelijk zelfstandig in de eigen omgeving blijft wonen. Aandachtspunt hierin is dat de zorgvraag erg hoog is in verhouding tot het zorgaanbod. Het is daarom wenselijk dat zorgbehoevenden bij elkaar wonen, zodat zorg efficiënt geregeld kan worden. Het woonconcept ‘knarrenhofje’ is hiervan een mooi voorbeeld. Door te zorgen voor voldoende woonaanbod voor ouderen, komt bovendien doorstroming in de woningmarkt op gang. Voorne aan Zee heeft een Woon-Zorg en Welzijnsvisie opgesteld waar een groot deel van deze thema’s in beschreven is.

Onze ambitie, die we ook hebben beschreven in de Woon-Zorg en Welzijnsvisie, is dat iedereen in Voorne aan Zee volwaardig deel kan uitmaken van de inclusieve samenleving. Een inclusieve samenleving is een samenleving waarin alle mensen kunnen meedoen en zelfstandig kunnen wonen in een voor hen geschikte woning en woonomgeving. En dat ze kunnen terugvallen op goed georganiseerde ondersteuning en zorg. Hierdoor vergroten wij de mogelijkheid van inwoners om regie te voeren over hun eigen leven, contacten te kunnen hebben met anderen en te kunnen meedoen aan activiteiten.

We hebben daarbij de opgave om te zorgen voor passende huisvesting van specifieke doelgroepen. Het gaat dan onder andere om de huisvesting van arbeidsmigranten, zorgbehoevenden, spoedzoekers, vluchtelingen en de opvang van thuis- en daklozen. Tijdelijke woonvormen en alternatieve woonvormen maken we mogelijk als de situatie dit toelaat. Hierbij kan onder andere gedacht worden aan (mantel)zorgwoningen, meergeneratiewoningen, flexwoningen[1], knarrenhofjes en tiny houses. Voorne aan Zee werkt de komende jaren aan het opstellen van beleid voor tijdelijke en alternatieve woonvormen. Voorne aan Zee zal spoedig beleid implementeren voor nieuwe woonconcepten.



We staan toe dat woningen worden gebouwd of worden aangepast die de doorstroming op de lokale woningmarkt stimuleren, mits dit binnen de vigerende wet- en regelgeving past. Wij verbeteren de doorstroming op de woningmarkt onder andere door nieuwbouw, maar ook door de mogelijkheden te verruimen binnen de bestaande woningvoorraad. Denk aan het verruimen van de mogelijkheden voor woningsplitsing.

Inzetten op kwantitatieve woningbouw

Met de huidige (zachte) woningbouwplannen kan de gemeente voorzien in de woningbehoefte tot 2030. Voorne aan Zee bouwt tot 2030 4.600 woningen conform de gesloten Woondeal. Jaarlijks worden deze woondeals en aantallen opnieuw besproken en mogelijk herijkt. Voorne aan Zee werkt tevens de ambitie voor de lange termijn (na 2030) uit en geeft aan welke rol de gemeente pakt in de regionale woningbouwopgave van Rijnmond. Daarom actualiseren we onder andere het regioakkoord van het samenwerkingsverband Wonen Regio Rotterdam.

Selecteren woningbouwlocaties tot 2030

In Voorne aan Zee zijn, gekoppeld aan de bekende woningbouwopgave tot 2030, een flink aantal bouwlocaties op het oog. Een greep uit de nieuwbouwprojecten die momenteel lopen of zijn beoogd zijn hieronder opgesomd:

  • Buitenplaats, Brielle;

  • Hof van Maerlant, Brielle;

  • Twee Getuigen en Kloosterbos, Brielle;

  • De Plantage, Brielle;

  • Stadskantoor, Brielle;

  • Meeuwenoord, Brielle;

  • Stadsdorp 3223, Hellevoetsluis;

  • Beaugaard, Hellevoetsluis;

  • Brielse Straatweg, Hellevoetsluis;

  • Veerhaven, Hellevoetsluis;

  • De Nieuwe Vesting, Hellevoetsluis;

  • Drenkeling, Rockanje;

  • Dwarsweg, Rockanje;

  • Nieuwe Achterweg, Rockanje;

  • De Ruy, Oostvoorne;

  • Molenweg/Valweg, Oostvoorne;

  • Patrijzenlaan-Fazantenlaan, Oostvoorne;

  • De Akkerranden, Oudenhoorn;

  • Dorpshart, Zwartewaal.

Alle potentiële (her)ontwikkelingslocaties zijn als kansen in de gebiedsgerichte uitwerking (H3. Gebiedsgerichte uitwerking van deel A) opgenomen.

Passende ruimtelijke kaders voor woningbouw

Focus op transformatie en verdichting

Bouwen binnen bestaand stedelijk gebied (transformatie en verdichting, waarbij in ieder geval het percentage groen en blauw gelijk blijft en bij voorkeur wordt vergroot) en eventueel in de stads- en dorpsranden heeft de prioriteit. We spreiden nieuwbouw waar mogelijk over de steden en dorpen. Het buitengebied moet zoveel mogelijk open blijven ten behoeve van de landbouw, recreatie, natuur en groen. Hierbij geldt dat sommige dorpen geen ruimte meer hebben binnen de huidige rode contour (BSD) waardoor uitbreiding aan de stads- en dorpsranden noodzakelijk kan zijn.

We hanteren het volgende ontwikkelkader voor toekomstige woningbouwaanvragen, waarbij we rekening houden met de behoefte per stad of dorp:

  • a.

    Locaties die binnen bestaand stedelijk gebied liggen komen als eerst in aanmerking voor transformatie of verdichting.

  • b.

    We geven prioriteit aan de herontwikkeling van locaties, verouderd of leegstaand vastgoed die in eigendom zijn van de gemeente. Dit om langdurige leegstand en verrommeling van de wijk te voorkomen.

  • c.

    Indien mogelijk wordt medewerking verleend aan kansrijke initiatieven binnen bestaande stads- en dorpsgebieden die bijdragen aan de programmatische en ruimtelijke ambities van Voorne aan Zee, zoals woonzorg-concepten en het verbeteren van de ruimtelijke kwaliteit.

  • d.

    Waar mogelijk zoeken we in de stads- en dorpsranden naar locaties waar specifieke doelgroepen goed gehuisvest kunnen worden. We zoeken hier naar de juiste match tussen doelgroep, beschikbare voorzieningen en locatie. Denk aan verstandelijk beperkten en zorgbehoevende ouderen die prettig kunnen wonen in bijvoorbeeld een zorgboerderij aan de rand van de steden of dorpen.

  • e.

    Als al het bovenstaande onvoldoende mogelijkheden biedt voor ontwikkeling en de woningbouwopgave na 2030 dan pas denkt de gemeente aan ontwikkeling buiten de huidige rode contour onder gepaste ruimtelijke voorwaarden.

We streven naar een juiste balans tussen functie, parkeren en wonen

We verzilveren de kansen die zich voordoen om lokaal functies te verkleuren die ten gunste komen van de parkeerbalans en de woningbouwopgave. Het gebrek aan parkeermogelijkheden en druk op ontsluitingswegen vormt namelijk vaak een knelpunt voor woningbouwontwikkelingen. Indien het niet leidt tot problemen op het gebied van leefbaarheid passen we de parkeernormen aan of gaan we plaatselijk op zoek naar creatieve parkeeroplossingen om toch tegemoet te komen aan de woningbouwbehoefte.

Klimaatadaptief en natuurinclusief bouwen

In Voorne aan Zee zijn nieuwbouwontwikkelingen klimaatadaptief en natuurinclusief. Nieuwe woningen in Voorne aan Zee zijn klaar voor de toekomst en gebouwd volgens de woonwensen en eisen van nu.

We hanteren de structurerende keuzes voor gebruik van water en bodem en laten deze sturend zijn[2]. Dit leidt mogelijk tot beperking van ontwikkelmogelijkheden in diep gelegen delen van het landschap en gebieden die gevoelig zijn voor wateroverlast.

We passen de Maatlat voor een Klimaatadaptieve en Natuurinclusieve bebouwde omgeving toe[3]. Dit geldt niet alleen voor de steden en dorpen, maar ook voor kleinschalige woningbouwinitiatieven in het buitengebied. Natuurinclusief bouwen biedt kansen om de biodiversiteit te bevorderen. We stimuleren innovatieve bouwvormen om circulaire en natuurvriendelijke woningen te realiseren. Daarnaast hebben we de extra verblijfplaatsen en nestplekken ook nodig om de gebiedsgerichte ontheffing te krijgen.

Sturen op beeldkwaliteit

Nieuwbouw moet bijdragen aan het karakter van Voorne aan Zee en dit karakter komt ook tot uiting in de gebouwen die we neerzetten en de openbare ruimte die we inrichten. Bij herontwikkeling zou dit altijd gekoppeld moeten zijn aan het verbeteren van de ruimtelijke kwaliteit en het karakter van de plek.

Het optoppen van bestaande gebouwen en woningen is onder voorwaarden mogelijk. Verdere hoogteaccenten zijn op een aantal plekken in Voorne aan Zee niet ondenkbaar. Passende iconische hoogbouw, mits dit strikt noodzakelijk blijkt en goed past bij het bestaande karakter van de stad of dorp, is meer passend bij het karakter van Hellevoetsluis dan bij bijvoorbeeld Brielle. Eventuele hoogteaccenten realiseren we daarom vooral in Hellevoetsluis. Voor de rest van Voorne aan Zee zetten we in op gelaagde bouw. Het streven is in de nabije toekomst een standpunt in te nemen aangaande bouwhoogtes en ruimtelijke voorwaarden binnen de gemeente. Dit gaan we nader onderzoeken en leggen we vast in een separaat onderzoek, visiedocument of herijking van de omgevingsvisie.

Samen bouwen in Voorne aan Zee

In Voorne aan Zee bouwen wij aan een veelzijdig, betaalbaar en toekomstbestendig woningaanbod. Wij werken goed samen met bijvoorbeeld corporaties, marktpartijen (bouwers) en regiopartners. Samen met de corporaties (inclusief het gemeentelijk Woonbedrijf) zetten wij ons in voor de beschikbaarheid, betaalbaarheid van woningen en de diversiteit van het aanbod. Wij vinden oplossingen om de betaalbaarheid van woningen voor mensen met uiteenlopende inkomens en behoeftes te stimuleren. Voor nieuwbouwwoningen voeren we de zelfbewoningsplicht en andere anti-speculatiemaatregelen in.

Wij jagen de woningbouw aan en kijken naar alle mogelijkheden om het bouwen te versnellen. Als er meer projectaanvragen zijn dan we met onze organisatie aan kunnen, bekijken we of met afspraken over het bekostigen van extra inzet, versnelling plaats kan vinden. Wij beseffen dat integrale oplossingen nodig zijn voor bijvoorbeeld verkeer en vervoer, milieuaspecten, verduurzaming, procedures en ambtelijke capaciteit om de woningbouwopgave te kunnen uitvoeren. Deze uitdagingen gaan wij samen met onze partners aan.

[1] Flexwoningen zijn tijdelijke, verplaatsbare woningen bestemd voor mensen die snel een woning nodig hebben.

[2] Conform de kamerbrief Water en Bodem sturend uit november 2022

[3] https://klimaatadaptatienederland.nl/hulpmiddelen/overzicht/maatlat-groene-klimaatadaptieve-gebouwde-omgeving/

4.3 Sociaal en leefbaar Voorne aan Zee

Het thema ‘Sociaal en leefbaar Voorne aan Zee’ legt de koppeling tussen het fysieke domein en het sociaal domein. Denk hierbij aan opgaven als het realiseren van een inclusieve samenleving, de gevolgen van vergrijzing en ontgroening en de hieraan gerelateerde veranderende vraag naar woningen, voorzieningen en ruimtes. Daarnaast gaat het over de leefbaarheid in de dorpen en steden, zoals de aanwezige voorzieningen, de sociale samenhang en aantrekkelijkheid van de leefomgeving.

Huidige situatie; een prettig leefklimaat met hechte gemeenschappen

De leefomgeving en gemoedelijke (dorpse) sfeer in de dorpen en steden van Voorne aan Zee zorgen voor een prettig woon- en leefklimaat voor inwoners. De verschillende dorpen en twee vestingsteden zijn zowel levendig als leefbaar. De identiteit en eigenzinnigheid van ieder dorp of stad – ontstaan vanuit de historie, ligging in het landschap, de (dorpse) sfeer onder inwoners en de lokale economie – versterkt het saamhorigheidsgevoel extra. In de verschillende gemeenschappen hoort iedereen erbij en is voor iedereen een mogelijkheid om zichzelf te ontwikkelen.

Naast de prettige woonomgeving, de rust en ruimte die de natuurrijke landschappen bieden, hebben vrijwel alle dorpen, steden en wijken in Voorne aan Zee ook goede basisvoorzieningen. Dit is erg belangrijk voor de leefbaarheid. Winkels voor dagelijkse boodschappen (supermarkten en speciaalzaken) zijn aanwezig in Hellevoetsluis, Brielle, Oostvoorne en Rockanje. Zwartewaal kent een buurtsuper. In Hellevoetsluis en Brielle is ook een ruim aanbod van winkels voor niet-dagelijkse boodschappen te vinden. Basisscholen zijn in alle dorpen, behalve Tinte, aanwezig, en ook is in veel dorpen kinderopvang aanwezig. In Hellevoetsluis en Brielle zijn daarnaast diverse middelbare scholen aanwezig. Ook kennen alle dorpen en de twee vestingsteden een rijk verenigingsleven, sportvoorzieningen en sociaal-culturele activiteiten.

Voorne aan Zee kent een hechte gemeenschap. Inwoners wonen met plezier in hun dorp of stad en voelen zich erg betrokken bij de samenleving en de leefomgeving. Bij allerlei (sport)verenigingen en stichtingen is een groot aantal vrijwilligers actief en inwoners ontmoeten elkaar op diverse plekken (plaatselijke horeca, buurthuis en sportvereniging). Ook worden in de verschillende dorpen en steden door het jaar heen veel activiteiten en evenementen georganiseerd. Dit alles draagt bovendien bij aan een zelfredzame samenleving, waar de kansengelijkheid hoog is.

Opgaven

Binnen het thema Sociaal en leefbaar Voorne aan Zee zijn de volgende punten en ambities geformuleerd:

afbeelding binnen de regeling
afbeelding binnen de regeling

Verbinding van het fysieke domein met het sociaal domein

Investeren in het sociaal domein is investeren in een vitale, inclusieve en toegankelijke samenleving. Daarmee kent het sociaal domein veel opgaven die een sterke samenhang hebben met het fysieke domein en daarmee met de omgevingsvisie. De visie vanuit het sociaal domein is daarom ook voor de omgevingsvisie van belang en richtinggevend.

Visie sociaal domein Voorne aan Zee

In Voorne aan Zee werken we samen met onze inwoners en partners aan vitale en sociale dorpen, buurten en wijken. Inwoners leiden, zelf of met hulp van anderen, een gezond, prettig en veilig leven. Waar nodig biedt de gemeente passende en tijdige zorg en ondersteuning.

Versterken sociale basis in de dorpen, buurten en wijken

De focus ligt op het versterken van de sociale basis in de dorpen, steden, buurten en wijken om daarmee de kansengelijkheid en bestaanszekerheid te vergroten en daarmee de zorg en hulpverlening juist te voorkomen en te verminderen. Dit kan leiden tot ongelijke investeringen en vraagt om zowel een kwalitatief als kwantitatief beeld van de behoeften op wijk en dorp niveau. Om ontmoeting en ondersteuning, ontplooiing en ontspanning te stimuleren is voor inwoners van Voorne aan Zee een breed en toegankelijk aanbod van formele en informele activiteiten en voorzieningen beschikbaar. Inwoners kunnen samenleven en meedoen, eenzaamheid wordt tegengegaan en mantelzorgers en vrijwilligers worden ondersteund. We creëren een zelfredzame samenleving waarin we omkijken naar elkaar. Het aanbieden van woonruimtes waar ouderen en jongeren worden gecombineerd kan veel opleveren. We zorgen er ook voor dat kwetsbare inwoners worden ondersteund en betrokken, ook als dat extra inspanning vanuit de gemeente vraagt, zodat iedereen zo lang mogelijk mee kan doen in de samenleving. De ondersteuning is dichtbij de inwoner georganiseerd.

Inclusief en toegankelijk Voorne aan Zee

Het is heel belangrijk dat iedereen in Voorne aan Zee toegang heeft tot voorzieningen en niemand is uitgesloten. Voorne aan Zee zet daarom in op het verbeteren van de toegankelijkheid van gebouwen, het openbaar vervoer en de (inclusieve) openbare ruimte (ook voor nood- en hulpdiensten) en het zorgen voor de beschikbaarheid van voldoende geschikte woningen en woonvormen voor mensen met een beperking. Deze ambities vertaalt Voorne aan Zee in een lokale inclusie-agenda die samen met de specifieke doelgroepen worden opgesteld. De dementievriendelijke samenleving staat in Voorne aan Zee ook hoog op de agenda. Bij publieke voorzieningen waar mensen kunnen bewegen, ontspannen en samenkomen, hoort een goede bereikbaarheid en toegankelijkheid, ook voor mensen met een beperking. De openbare ruimte en de infrastructuur moet voor iedereen in Voorne aan Zee te begrijpen en te gebruiken zijn, ook waar meerdere functies samenkomen. Dit is vooral relevant bij nieuwe ontwikkelingen en herstructurering. Er wordt daarnaast ingezet op inclusiever onderwijs. De landelijke ambitie voor 2035 is dat ieder kind naar school kan die het beste bij ze past en die dichtbij is. De komende jaren worden enkele van de 31 schoollocaties in het primair onderwijs vervangen door nieuwbouw (IHP po).

Per dorp, buurt of wijk een passend pakket van maatschappelijke voorzieningen

afbeelding binnen de regeling

Integraal Kind Centrum De Samenstroom in Hellevoetluis; een multifunctioneel en bijna energieneutraal gebouw voor onderwijs, opvang en zorg in Hellevoetsluis

Voorzieningen zoals basisonderwijs, zorg, verenigingen, winkels, kunst en cultuur en sport zijn in de buurt van de stad, dorpen en wijken. Deze voorzieningen moeten bereikbaar en toegankelijk zijn voor onze inwoners. De ambitie luidt om te zorgen voor een passend pakket maatschappelijke voorzieningen per dorp of wijk (in de stad), afgestemd op de samenleving en eventuele sociale uitdagingen. Sociaalmaatschappelijke problematiek clustert zich vaak in bepaalde (minder kapitaalkrachtige en veerkrachtige) wijken. Dit betekent ook meer differentiatie per dorp, buurt of wijk. Hierin is het belangrijk om er voor te zorgen dat rondom die voorzieningen ontmoetingsplekken ontstaan, zoals een koffiehoek of een faciliteit voor buurtactiviteiten. Voorne aan Zee zorgt ervoor dat het aantal en het type basisvoorzieningen in juiste verhouding beschikbaar komt en blijft, passend bij de omvang en samenstelling van de Voornse samenleving.

In Voorne aan Zee hebben we ‘huiskamers’ oftewel ontmoetingsplekken in de diverse dorpen en steden. Voorbeelden zijn de Brielse Huiskamer in Brielle en de buurtkamers in twee wijken van Hellevoetsluis. Sportvoorzieningen worden zoveel als mogelijk dichtbij de inwoner georganiseerd en we zetten in op het behoud van sportvoorzieningen in de dorpen. Ook cultuur moet voor iedereen toegankelijk zijn en blijven.

Elke voorziening op de juiste plek

Ruimtelijk gezien is in de steden en grotere dorpen een keuze voor spreiding of juist voor clustering van de (maatschappelijke) voorzieningen. De trend is om toch weer te spreiden zodat voorzieningen, zoals zorgaanbod voor ouderen, op korte afstand beschikbaar zijn. Aan de andere kant zorgt clustering op een centrale, levendige plek voor wederzijdse versterking van de voorzieningen en zijn meer mogelijkheden om faciliteiten te combineren. Denk aan meervoudig ruimtegebruik van bijvoorbeeld sportparken waar overdag (bijna) niemand gebruik van maakt met kinderopvang zoals op het Geuzenpark. Ook zetten we in op multifunctionele accommodaties waar meerdere voorzieningen onder één dak te vinden zijn en waar multifunctioneel gebruik wordt gemaakt van de ruimte. Voor de huisvesting van onze onderwijsinstellingen is een Integraal Huisvestingsplan opgesteld. Daarnaast zetten we ons in voor het behoud van bereikbare (spoedeisende) zorg in onze regio.

Zorgen voor passende woningen voor iedereen

Onze ambitie die we ook hebben beschreven in de Wonen Welzijn en Zorgvisie is dat iedereen in Voorne aan Zee volwaardig deel kan uitmaken van de inclusieve samenleving, een samenleving waarin alle mensen kunnen meedoen. Zelfstandig kunnen wonen in een voor hen geschikte woning en woonomgeving. En dat ze kunnen terugvallen op goed georganiseerde ondersteuning en zorg. Hierdoor vergroten wij de mogelijkheid van inwoners om regie te voeren over hun eigen leven, contacten te hebben met anderen en mee te doen aan activiteiten. De ambitie van passende woningen voor iedereen is nader beschreven in de Wonen Welzijn en Zorgvisie. Hier komt ook een uitvoeringsagenda bij, waarin de belangrijkste woonopgaven geprioriteerd zijn.

De keuzes die we maken om passende woningen voor iedereen te realiseren leest u in H4.2 Passend wonen voor iedereen in Voorne aan Zee van deel B.

4.4 Gezond en veilig Voorne aan Zee

Het thema ‘Gezond en veilig’ gaat over gezondheid en veiligheid in de brede zin. Het thema gaat in op diverse milieuaspecten die belangrijk zijn voor de kwaliteit van de leefomgeving en de gezondheid en veiligheid van inwoners en bezoekers. Het gaat daarbij om het positief beïnvloeden van de gezondheid door de inrichting van de fysieke leefomgeving. Ook gaat het thema over bescherming tegen negatieve milieueffecten die de gezondheid kunnen schaden. Denk daarbij aan de bescherming tegen geluidsoverlast van wegen, bedrijfsmatige (haven-)activiteiten of energieopwekking, luchtvervuiling en het tegengaan van lichthinder en geuroverlast. Verder zijn ook onderwerpen gerelateerd aan veiligheid onderdeel van deze thema-uitwerking. Dit betreft bijvoorbeeld omgevingsveiligheid, sociale veiligheid en fysieke veiligheid. Waterveiligheid en verkeersveiligheid zijn ondergebracht bij andere thema’s.

Huidige situatie

Allereerst wordt de huidige situatie besproken. Deze situatie is aangevuld met vigerend beleid en nieuwe ontwikkelingen. In de paragrafen daarna zijn de opgaven en ambities voor dit thema beschreven.

Gezondheid

Door de bredere kijk op gezondheid komt steeds meer aandacht voor welzijn en leefstijl. Het is een trend dat mensen steeds minder bewegen en in sommige gevallen ook meer en ongezonder eten en dat steeds meer mensen last hebben van eenzaamheid. Mensen worden ook steeds ouder wat iets vraagt van onze inrichting in de dorpen, buurten en wijken. In de oplossing wordt het belang van een gezonde, groene en aantrekkelijke leefomgeving steeds breder gedeeld.

Met de ambities op het gebied van gezondheid in de omgevingsvisie houden we graag de verbinding op een samenhangende wijze met het Sportakkoord II, Preventieakkoord, Integraal Zorg Akkoord, het Gezond en Actief Leven Akkoord en de lokale inclusie agenda.

afbeelding binnen de regeling

Aandacht voor gezondheid in de brede zin is nodig voor het welzijn

Milieugezondheidsrisico’s

De kaart van het RIVM geeft een beeld van het totale milieugezondheidsrisico in Voorne aan Zee. Op de kaart is de geschatte, opeengestapelde invloed van geluid en luchtkwaliteit op de gezondheid over een jaar te zien. Het milieugezondheidsrisico (MGR) geeft in procenten aan hoeveel van de totale ziektelast door omgevingsgeluid en luchtvervuiling komt. Hierop is duidelijk de invloed van de Rotterdamse industriehaven zichtbaar, die mogelijk milieugezondheid- en veiligheidsrisico’s veroorzaakt, zeker bij incidenten. Daarnaast ervaart men overlast (onder andere geluidshinder) van het verkeer van en naar de Maasvlakte. De rijkswegen A15 en N57, de provinciale weg N218 (Groene Kruisweg), waterschapswegen (zoals de Rijksstraatweg, Vleerdamsedijk), gemeentelijke wegen (zoals de G.J. van den Boogaardweg), een (beperkt) aantal veehouderijen en enkele solitaire bedrijven in het buitengebied zijn bronnen die op de milieugezondheid van de gemeente van invloed zijn.

In dit hoofdstuk gaan we kort in op de volgende aspecten die het milieugezondheidsrisico beïnvloeden en die in het kader van een evenwichtige toedeling van functies belangrijk zijn:

  • geluid;luchtkwaliteit;

  • geur;

  • licht;

  • bedrijven en milieuzonering;

  • trilling;straling;

  • bodemkwaliteit, waterkwaliteit en leidingen;

  • omgevingsveiligheid;

  • sociale veiligheid;

  • fysieke veiligheid.

afbeelding binnen de regeling

Milieugezondheidsrisico’s

Geluid

Geluid is in het ruimtelijk spoor een belangrijk milieuaspect. Bijna alle functies/bestemmingen hebben hiermee te maken. Sommige functies zijn veroorzaker van geluidsoverlast, zoals verkeer en bedrijven. Andere functies, zoals wonen, gezondheidszorg en onderwijs kunnen hinder ondervinden van geluid. Voor de gemeente zijn een aantal bronnen aan te wijzen die geluid maken en mogelijk een effect hebben op de gezondheid:

  • Wegverkeerslawaai:

    • Rijkswegen met vastgestelde geluidsproductieplafonds;

    • Provinciale wegen met nog vast te stellen geluidsproductieplafonds;

    • Lokale wegen (waarvan gemeente en waterschap beheerder) nog zonder vastgestelde basisgeluidemissie (BGE).

  • Milieubelastende activiteiten buiten de gemeente:

    • Gezoneerde industrieterreinen (Botlek-Pernis en Maasvlakte-Europoort);

    • Bedrijven gelegen buiten de gemeentegrens.

  • Milieubelastende activiteiten binnen de gemeente:

    • Denk hierbij aan bedrijven, horeca, energieopwekking (door bijvoorbeeld windmolens en warmtepompen), airco’s, bouwlawaai, evenementen en scholen.

Bestaande beleidskaders:

  • De drie voormalige gemeenten (Brielle, Hellevoetsluis en Westvoorne) hebben Hogere waarden beleid vastgesteld.

  • Havengebied Rotterdam (Botlek-Pernis en Maasvlakte-Europoort): in het Regionaal Afspraken Kader Geluid (RAK) staan afspraken over hoe wordt omgegaan met nieuwe ontwikkelingen vanuit de omliggende gemeenten én nieuwe ontwikkelingen vanuit het Havengebied Rotterdam. Het RAK is geactualiseerd en Voorne aan Zee heeft zich aan het RAK geconformeerd.

afbeelding binnen de regeling

Gemeente Voorne aan Zee ligt voor een groot deel in de geluidzones van Botlek-Pernis en Maasvlakte-Europoort

Luchtkwaliteit

De lucht die wij inademen bestaat uit verschillende stoffen. Sommige stoffen hebben we nodig, zoals zuurstof. Door sommige andere stoffen kunnen we last krijgen van onze gezondheid. Deze stoffen vervuilen de lucht. Hoe minder vervuilende stoffen in de lucht zitten des te beter de kwaliteit van de lucht en dus des te gezonder. In de gemeente zijn bronnen en activiteiten aanwezig die de luchtkwaliteit beïnvloeden. Enkele voorbeelden zijn:

  • Impact door mobiliteit en wegverkeer;

  • Milieubelastende activiteiten (binnen en buiten de gemeente);

  • Houtstook.

De stoffen in de lucht die schadelijk kunnen zijn voor onze gezondheid zijn onder andere stikstofoxiden, fijnstof en ozon. De luchtkwaliteit in Voorne aan Zee is op dit moment niet zorgelijk en grote knelpunten zijn niet aanwezig. Aan de wettelijke grenswaarden wordt voldaan. In de prognose voor de langere termijn wordt in het algemeen een verbetering van de luchtkwaliteit verwacht in Nederland, onder andere door de elektrificatie van het verkeer, de sanering van overlast gevende landbouwbedrijven elders in Nederland en aanvullende milieumaatregelen bij bedrijven en veehouderijen. Vigerend beleid omvat het Beleidsplan Luchtkwaliteit van voormalige Gemeente Hellevoetsluis. We gaan dit beleid harmoniseren in het Omgevingsplan.

Geur

Geur heeft een belangrijke functie: een geur kan je bijvoorbeeld waarschuwen voor een gevaarlijke situatie, zoals een brand. Maar geur kan ook een bron zijn van ergernis. Als je je ergert aan een geur dan heb je geurhinder. Geurhinder en de stress die het oplevert, kan gezondheidsklachten veroorzaken. Geurhinder kan ook afkomstig zijn van bronnen gelegen buiten de gemeente. In Voorne aan Zee zijn de belangrijkste veroorzakers van geurhinder:

  • Verkeer;

  • Milieubelastende activiteiten buiten de gemeente;

    • Gezoneerde industrieterreinen (Botlek-Pernis en Maasvlakte-Europoort)

  • Milieubelastende activiteiten binnen de gemeente;

    • Landbouw, veehouderijen en paardenhouderijen; denk aan mestopslag en biovergisting;

    • Geurrelevante industrie;

    • Open haarden en houtkachels en het opbranden van hout buiten.

De gemeente beschikt niet over gemeentelijk beleid ten behoeve het verminderen van geurhinder. Provincie Zuid-Holland heeft wel geurbeleid opgesteld. We onderzoeken in hoeverre de gemeente dit provinciale beleid onderschrijft t.b.v. vergunningverlening en ons omgevingsplan.

Licht

In Voorne aan Zee zijn veel locaties met kunstmatige verlichting. Denk aan glastuinbouw of sportverlichting. Dit kan verschillende soorten negatieve effecten veroorzaken voor de mens, langs wegen, verstoring van de natuur en horizonvervuiling. Lichthinder is een thema dat decentrale overheden moeten afwegen. Het Besluit kwaliteit leefomgeving (Bkl) bevat instructieregels voor zaken die decentraal moeten worden geregeld. Met betrekking tot lichthinder zijn geen instructieregels opgenomen in het Bkl. Een algemene richtlijn betreft de Richtlijn Lichthinder 2020. De gemeente beschikt niet over gemeentelijk beleid ten behoeve het verminderen van lichthinder. Met het opstellen van het omgevingsplan zal ambitie worden bepaald inzake lichthinder.

Bedrijven en milieuzonering

Bedrijven kunnen niet zomaar naast een gevoelige functie, zoals een woning, gerealiseerd worden. Ook andersom moet zorgvuldig gemotiveerd worden dat een nieuwe woning bij bestaande bedrijven gerealiseerd kan worden. Zonering, afstand houden, is een belangrijk middel om te voorkomen dat hinder ontstaat. Ook zorgt dit ervoor dat de bestaande bedrijven niet onevenredig in hun belangen worden geschaad. De Handreiking Bedrijven en milieuzonering, waaraan de meeste bestemmingsplannen zijn getoetst, wordt niet meer geactualiseerd. Door de VNG is een nieuwe systematiek bedrijven en milieuzonering geïntroduceerd (Milieuzonering Nieuwe Stijl). De uitgave Milieuzonering Nieuwe Stijl 2019 wordt vervangen door een VNG-uitgave ‘Activiteiten en milieuzonering Omgevingswet 2024’. Met het opstellen van het omgevingsplan zal de gemeente ambitie bepalen als het gaat over richtafstanden en hindercirkels.

Trilling

Trillingen kunnen nadelige gevolgen hebben voor de kwaliteit van de fysieke leefomgeving. Ze kunnen effect hebben op het welzijn of schade aan gebouwen veroorzaken. Bronnen van trillingen kunnen wegverkeer en bouw- en sloopwerkzaamheden zijn. In Voorne aan Zee wordt trilling vooral veroorzaakt door verkeer. Het Bkl bevat instructieregels met betrekking tot trilling. Hierin staan geen grenswaarden, maar standaardwaarden. Op dit moment is geen gemeentelijk beleid opgesteld ten behoeve het verminderen van trillingshinder. Met het opstellen van het omgevingsplan zal de gemeente ambitie bepalen als het gaat over trillingshinder.

Straling

In Voorne aan Zee is straling van hoogspanningslijnen, zendmasten (magnetisch veld) mogelijk van belang in het kader van gezondheid. In de toelichting van het Bkl is straling beschreven en zijn bijvoorbeeld instructieregels opgesteld voor antennes. Op dit moment is geen gemeentelijk beleid opgesteld ten behoeve het verminderen van stralingshinder. Met het opstellen van het omgevingsplan zal de gemeente ambitie bepalen als het gaat over Stralingshinder.

Bodemkwaliteit, waterkwaliteit en leidingen

Bodem en ondergrond maken deel uit van het natuurlijk systeem en zijn onlosmakelijk onderdeel van toekomstbestendige oplossingen voor maatschappelijke vraagstukken. Een gezond ecosysteem is de basis is om prettig te kunnen wonen, werken en leven in Voorne aan Zee. Voor een gezond systeem van bodem (en water) moet deze van goede kwaliteit zijn. Voorne aan Zee beschikt over een Nota Bodembeheer, een Bodemkwaliteitskaart en een PFAS-kaart. In de ondergrond liggen tal van bestaande kabels en leidingen. Waarschijnlijk moet er in de toekomst nog van alles in de ondergrond worden gerealiseerd. Denk hierbij aan meer data- en glasvezelkabels, en verzwaring van het elektriciteitsnet. Maar ook de inpassing van nieuwe leidingen, zoals geothermie en warmtenetten moet worden onderzocht. Dit vraagt om een goede meervoudige ruimteafweging.

Omgevingsveiligheid

Omgevingsveiligheid (voorheen heette dit externe veiligheid) gaat over het maken van goede afwegingen bij het toelaten van activiteiten met een veiligheidsrisico, zoals een bedrijf met gevaarlijke stoffen of het vervoer hiervan. Het gaat ook over de risico’s die mensen lopen door activiteiten met gevaarlijke stoffen, zoals opslag, productie of het vervoer in de buurt. Of over risico’s door natuurlijke factoren, zoals natuurrampen[1].

De drie voormalige gemeenten Brielle, Hellevoetsluis en Westvoorne hebben bestaand beleid op het gebied van externe veiligheid. In dit beleid is de veiligheidscontour met betrekking tot een plaatsgebonden risico opgenomen. Deze contouren hebben een directe relatie met de activiteiten buiten de gemeente (o.a. op Maasvlakte-Europoort en Botlek-Pernis.) Dit beleid harmoniseren we en nemen we op in het Omgevingsplan.

Sociale veiligheid

In een sociaal veilige leefomgeving voel je je veilig, kun je je vrij bewegen zonder gevoel van overlast en angst voor bedreigingen en criminaliteit door andere mensen. Overlast door personen, afval, of verwaarlozing van de openbare ruimte komt dan niet voor. Binnen de gemeente zijn diverse verplichtingen die sturend zijn met betrekking tot dit onderwerp. Denk hierbij aan horecavergunningen, geluidwagen gebruik en alcoholvergunningen. Ook verplichtingen/mogelijkheden vanuit de Wet Bibob en de APV hebben een rechtstreekse relatie met sociale veiligheid. Verder maakt Voorne aan Zee gebruik van Burgernet, welke wordt ingezet bij onder meer inbraak, diefstal of vermiste personen.

De verantwoordelijkheid voor het veiligheidsbeleid op lokaal niveau ligt bij de gemeente. Gemeenten hebben met veel veiligheidsvraagstukken te maken, van woonoverlast en jeugdcriminaliteit tot verkeersveiligheid, huiselijk geweld en ondermijnende criminaliteit. De gemeente heeft de regierol bij het ontwikkelen van het integraal veiligheidsbeleid. De gemeente zorgt voor afstemming met (veiligheids)partners, als politie en openbaar ministerie. Afhankelijk van het onderwerp worden ook vele andere partijen betrokken, zoals scholen, sociale wijkteams, ondernemers en de brandweer. Effectieve inzet op het veiligheidsdomein vereist keuzes − keuzes over prioriteiten, instrumenten en samenwerking met partners. Deze keuzes worden verankerd in het integraal veiligheidsplan Voorne aan Zee. Het Veiligheidsbeleid is integraal, het richt zich op sociale én fysieke veiligheid, het bewaakt dwarsverbanden tussen veiligheidsthema’s, combinaties van preventie en repressie en zoekt bij elk thema mogelijkheden van interne en externe partners (inclusief bewoners).

Fysieke veiligheid

Bij fysieke veiligheid gaat het over bescherming tegen ongelukken. Een deel van de opgaven overlapt met het begrip Omgevingsveiligheid. Onder fysieke veiligheid valt ook verkeersveiligheid (voorbeelden van activiteiten met effect op fysieke veiligheid – denk aan opladen van elektrische auto’s, buurtbatterijen etc.). Hoe om te gaan met verkeersveiligheid beschrijven we in H4.10 Bereikbaar Voorne aan Zee van deel B.

Opgaven

Binnen het thema Gezond en Veilig Voorne aan Zee zijn de volgende punten en ambities geformuleerd:

afbeelding binnen de regeling

Gezonde en veilige leefomgeving is een gezamenlijke verantwoordelijkheid

Een gezonde en veilige leefomgeving is een gezamenlijke verantwoordelijkheid, waarbij alle partijen hun verantwoordelijkheid voor hun deel van de risico’s nemen. Hierin werkt Voorne aan Zee aan een gezonde en veilige leefomgeving, samen met de Veiligheidsregio Rijnmond, DCMR Milieudienst Rijnmond, GGD Rotterdam-Rijnmond, andere bestuursorganen (Rijk en provincie), maatschappelijke organisaties, initiatiefnemers, bedrijven en inwoners.

Het creëren van een gezonde leefomgeving met aandacht voor bewegen, ontmoeten, spelen en sport

Een speerpunt van de gemeente is om een aantrekkelijke en gezonde leefomgeving te creëren: een bloemrijke en biodiverse groene openbare ruimte die bijdraagt aan sport en beweging, spelen en ontdekken en ontmoeting en meedoen. Het biedt kansen om fiets- en wandelommetjes te realiseren, om bij ruimtelijke ontwikkelingen een percentage voor groen-water en spelen/sporten te reserveren en om ontmoetingsplekken te creëren bij pleintjes of in een parkachtige omgeving. Het is hierin belangrijk om initiatieven goed af te stemmen op de behoefte, goed ruimtelijk in te passen en aandacht te hebben voor wensen van zowel jong als oud. Zo zetten we in op formele en informele speel- en ontmoetingsplekken in de nabije omgeving van woningen. Tot slot is het belangrijk om te zorgen voor een openbare ruimte die voor iedereen goed toegankelijk is, ook voor mensen met een beperking.

Bij gebieds(her-)ontwikkelingen wordt de link met het Leidraad inrichting openbare ruimte (LIOR) gelegd. Hierin staan de ontwerp- en inrichtingseisen voor de inrichting van de openbare ruimte. Opgaven, zoals het tegengaan van hittestress en het aanbod aan sportvoorzieningen, worden in de omgevingsvisie in andere thema’s beschreven.

Recent goed gelukte voorbeelden van het creëren van een gezonde leefomgeving zijn het inrichten van de Struytse Hoek als ontmoetingsplek, calisthenicsparkjes, het mountainbikeparcours rond het Oostvoornse Meer en de verlichte atletiekbaan nabij Vierpolders.

afbeelding binnen de regeling

Rookvrije omgeving

Een rookvrije omgeving draagt bij aan de gezondheid van onze inwoners. Het helpt kinderen om niet te beginnen met roken en vermindert het inademen van andermans tabaksrook en nicotine (meeroken). Om in 2040 een rookvrije generatie te hebben, zoals gesteld in het Nationaal Preventieakkoord, moeten de kinderen van nu in een rookvrije omgeving kunnen opgroeien. Eind 2025 dienen volgens datzelfde akkoord alle sportlocaties, speeltuinen, zwembaden en kinderboerderijen rookvrij te zijn.

We hebben de ambitie om rookvrije kind- en zorgomgevingen te maken.

Ontwerpprincipes en instrumenten

Er zijn veel praktisch toepasbare (bij voorkeur kwantitatieve) principes waarvan wetenschappelijk bekend is dat hiermee de meeste gezondheidswinst te behalen valt. De GGD heeft ze ondergebracht in een helder toetsingskader met een aantal ‘ontwerpprincipes gezonde leefomgeving’. De principes maken het mogelijk om gebiedsgericht en project overstijgend te bepalen wat bij ruimtelijke ontwikkelingen nodig is voor een gezonde leefomgeving voor bewoners van zowel nieuwe als bestaande woningen. We hebben de ambitie deze ontwerpprincipes voor een gezonde leefomgeving, daar waar mogelijk, de komende jaren verder in ons beleid en plannen te integreren. Het kan verder helpend zijn om voor het gesprek over een gezonde leefomgeving, inrichting en buitenruimte gesprek gebruik te maken van een instrument. Deze maken het proces concreter. Voorbeelden van dergelijke instrumenten zijn:

  • Toolkit Positieve Gezondheid op de Tekentafel. Positieve Gezondheid in Woon- en Leefomgeving – Institute for Positive Health (iph.nl). Met deze toolkit kan de gemeente in gesprek gaan over een positieve gezonde wijk met alle betrokken partners en bewoners. Samen met hen wordt een plan concreet gemaakt om de wijk gezonder te maken.

  • Checklist Gezonde Leefomgeving, toegepast binnen het Rotterdamse preventieakkoord Gezond010. De checklist helpt bij gezondere Rotterdamse leefomgeving - Gezond010.

Algemene ambitiebepaling milieu en gezondheid

Onder de Omgevingswet is meer aandacht voor het belang van een gezonde en veilige leefomgeving. Vanuit de Omgevingswet ligt een duidelijke relatie om ook de fysieke gezondheid vanuit de fysieke leefomgeving te verbeteren. We benutten in het omgevingsplan (waar mogelijk) de mogelijkheden om ongewenste milieueffecten te verlagen. Hierin moeten keuzes worden gemaakt over de balans tussen beschermen en benutten. Hierin wordt waar mogelijk gestreefd naar een meest doelmatige inzet van beschikbare ruimte binnen het Rijnmondgebied. Het is de bedoeling om de beleidskaders vast te leggen in de omgevingsvisie en de juridische regels/ normen in het omgevingsplan. Dit is een proces dat jaren in beslag zal nemen met waarschijnlijk enkele actualisaties in de omgevingsvisie tot gevolg.

De te definiëren ambities met betrekking tot milieu zijn bedoeld om burgers te beschermen (op plekken waar geleefd, gewerkt en gerecreëerd wordt) of lokaal de natuurwaarden te beschermen. Daarom volgen we ook de ontwikkelingen van buitenaf (zoals uit het Havenindustriecomplex) en blijven waken voor de veiligheid en gezondheid van onze inwoners.

Stand still-principe

In beginsel hanteren we op hoofdlijnen het stand still-principe, tenzij het stand still-principe zal leiden tot verslechtering van de huidige situatie doordat de toegestane emissie[2] de gezondheid of de natuurwaarden gaat aantasten. Hiermee spreken we uit dat de lokale milieubelasting in globale zin niet mag toenemen. Nadere uitwerking zal plaatsvinden in het omgevingsplan.

Adopteren regels bruidsschat als eerste vertrekpunt

In de Bruidsschat zijn de milieukaders opgenomen. We hanteren deze in beginsel als eerste vertrekpunt. Dat doen we voor zover dat niet leidt tot een toename van de milieuruimte ten opzichte van het lokale en/of regionale milieubeleid met inachtneming van de instructieregels uit het Besluit kwaliteit leefomgeving (Bkl). De bruidsschatregels staan in het omgevingsplan (tijdelijk deel). Het Bkl bevat instructieregels op bepaalde onderwerpen voor het omzetten van de bruidsschatregels naar omgevingsplanregels (naar het definitieve deel). Voor alle bruidsschatregels moet voor de langere termijn worden bepaald hoe daar mee om te gaan en of ze gewijzigd of ongewijzigd worden overgenomen in het omgevingsplan.

We maken de komende jaren ons milieubeleid concreter

Wij vinden het belangrijk de ambitiebepaling op het gebied van milieu de komende jaren verder te concretiseren. Dit met als doel de milieukwaliteit niet te laten verslechteren (en indien mogelijk zelfs te verbeteren). Dit is iets dat jaren in beslag neemt. Tegelijkertijd vindt Voorne aan Zee het ook belangrijk dat deze ambitiebepalingen de gemeente niet op slot zet en lokaal niet tot onoverkomelijke belemmeringen mag leiden. De huidige milieuruimte, gebaseerd op wettelijke ruimte en lokaal en/of regionaal milieubeleid, willen we behouden. Ontwikkelingen op de korte termijn die de gemeente wenselijk acht, moeten uitvoerbaar blijven. Zo blijft Voorne aan Zee bijvoorbeeld een agrarische en ondernemende gemeente waar ruimte is en blijft voor landbouw en bedrijvigheid. Het heeft voor de langere termijn de voorkeur om de beleidsafwegingen in de omgevingsvisie gebiedsgericht (per gebiedstype) op te pakken. Het detailniveau waarop de omgevingsvisie richtinggevend is en ambitie bepaalt kan per milieuthema verschillen.

Ambitiebepaling thema ‘Geluid’

Het aspect ‘geluid’ is voor Voorne aan Zee een cruciaal aspect door de invloed van buitenaf van de gezoneerde industrieterreinen in een relatief stille omgeving. Wanneer we de komende jaren onze milieuambities concreter maken, zullen we ook met dit aspect beginnen. De komende jaren werken we de volgende zaken verder uit:

  • We gaan uit van de uitgangspunten die het vastgestelde Hogere waarden beleid nu biedt. Het hogere waardenbeleid moet worden geüniformeerd en worden vertaald naar nieuw recht, want het beleid is niet gelijk voor de voormalige gemeenten Brielle, Hellevoetsluis en Westvoorne. We volgen de lijn conform het hogere waardenbeleid van de voormalige gemeenten Brielle en Westvoorne;

  • We streven dat elke woning beschikt over minimaal één geluidsluwe gevel en één geluidsluwe buitenruimte;

  • Elke woning heeft een groene openbare stille toegankelijke buitenruimte op maximaal 300 meter afstand;

  • We streven bij nieuwe ontwikkelingen en herontwikkelingen naar een aangename geluidsbeleving door de akoestische inrichting van de fysieke ruimte. Te denken valt aan grote groenblijvende bomen en struiken en in een parkomgeving het kabbelende of stromende geluid van water. Ook kunnen we geluid dempen door de bodem te verzachten, hoogteverschillen te maken, verschillende bodemoppervlakten toe te passen en gevels te vergroenen;

  • Op basis van de verkeersintensiteiten (RVMK) worden de basisgeluidemissies (BGE) en geluidsaandachtsgebieden vastgesteld met een vijfjaarlijkse monitoring. Hierbij speelt ook mee hoe om te gaan met het relatief lage achtergrondniveau in grote delen van de gemeente;

  • We treden in overleg met het waterschap Hollandse Delta over basisgeluidemissies en geluidsaandachtsgebieden van de waterschapswegen;

  • Voorne aan Zee heeft zich geconformeerd aan het RAK en voor gezoneerd industrielawaai (inclusief nestgeluid) is een richtafstand opgenomen.

Specifieke aandacht voor evenementen

Evenementen in Voorne aan Zee moeten kunnen, maar we respecteren ook het stiltegebied in Voornes Duin.

Ambitiebepaling thema ‘Luchtkwaliteit’

Luchtkwaliteitsnormen worden opgenomen in het Besluit kwaliteit leefomgeving (Bkl). Voor luchtkwaliteit gelden wettelijke grenswaarden. Daarnaast heeft de Wereldgezondheidsorganisatie (WHO) streefwaarden benoemd. De WHO-normen voor luchtkwaliteit zijn strengere normen dan die in Nederland worden gehanteerd. Het aansluiten bij de WHO-normen is een beleidsuitspraak die nog niet is genomen. Voorne aan Zee is ook niet aangesloten op het Schone Lucht Akkoord. We streven ernaar om de ambities op het gebied van luchtkwaliteit de komende 5 jaar te concretiseren. Dan besluiten we ook of we het vaststellen van omgevingswaarden op het gebied van luchtkwaliteit wenselijk vinden.

Gevoelige activiteiten situeren we waar mogelijk verder weg van drukke wegen omwille van de luchtkwaliteit. Bij de bouw en uitbreiding van nieuwe scholen en kinderdagverblijven houden we rekening met voldoende en gezonde afstand in verband met luchtkwaliteit. Dit om de kwetsbare groep kinderen te beschermen tegen luchtverontreiniging.

Ambitiebepaling thema ‘Geur’

We conformeren ons aan het provinciale geurbeleid en de provinciale verordening. We willen verder geuroverlast zoveel mogelijk voorkomen door in samenspraak met de veroorzaker en de gehinderde op zoek te gaan naar passende maatregelen. Denk hierbij aan verlegging van het emissiepunt of betere ruimteventilatie. Bij nieuwe ontwikkelingen worden de gezondheidsrisico’s van omwonenden nabij een veehouderij meegewogen in de besluitvorming. In het omgevingsplan richten we ons verder op;

  • Het nader concretiseren van de bruidsschatregels.

  • Het vaststellen van regels omtrent het aspect geur van veehouderijen en paardenhouderijen (zowel hobbymatig als bedrijfsmatig waaronder bijvoorbeeld maneges en pensionstallen).

  • Het definiëren van geurgevoelige gebouwen[3].

  • Het opnemen van de bebouwingscontour geur in het omgevingsplan en deze koppelen we aan de bestaande stads- en dorpsgebieden.

Ambitiebepaling thema ‘Licht’

Regelgeving op het gebied van lichthinder maken we minder vrijblijvend en de Richtlijn Lichthinder 2020 nemen we op als toetsingskader wanneer we het omgevingsplan uitwerken.

Ambitiebepaling thema ‘Bedrijven en milieuzonering’

In het omgevingsplan hanteren wij Milieuzonering nieuwe stijl. In de nieuwe systematiek wordt de toelating van activiteiten niet meer gekoppeld aan een bij de regels behorende Staat van bedrijfsactiviteiten met milieucategorieën. Dit geeft op het oog minder houvast bij het bepalen of een activiteit wel of niet direct is toegelaten op grond van het omgevingsplan. Daarom publiceert de VNG naast de nieuwe uitgave een zogenaamd serviceproduct. Dit ‘servicedocument’ is een hulpmiddel.

In het omgevingsplan hebben we aandacht en bepalen we richting voor Bedrijven en Milieuzonering. De milieucategorie en bijbehorende richtafstand is gebaseerd op een geluidniveau van 45 dB etmaalwaarde (rustige woonwijk) als toetsingskader. In de bruidsschat wordt uitgegaan van een etmaalwaarde van 50 dB.

Ambitiebepaling ‘Trilling’

In het omgevingsplan gaan we nader in op het aspect Trilling. Trillingshinder tegengaan krijgt vooral de aandacht bij nieuwbouw.

Ambitiebepaling ‘Straling’

Door de energietransitie vindt een uitbreiding van het elektriciteitsnetwerk plaats en hiermee ook de aanwezigheid van magneetvelden in de leefomgeving. Daarnaast zorgt de woningbouwopgave, waarbij wordt verdicht, voor een toename van woningen in de nabijheid van het elektriciteitsnetwerk. We willen hierbij zo veel als redelijkerwijs mogelijk voorkomen dat nieuwe situaties ontstaan waarin inwoners langdurig worden blootgesteld aan magneetvelden die jaargemiddeld sterker zijn dan 0,4 microtesla. Niet alleen bij bovengrondse hoogspanningslijnen, maar ook bij transformatorhuisjes, hoogspanningsstations en ondergrondse kabels.

In het omgevingsplan gaan we nader in op hoe om te gaan met straling van bestaande en nieuwe hoogspanningslijnen en zendmasten (magnetisch veld) in het kader van gezondheid. We kijken onder andere naar de toelichting in het Bkl. Op dit moment is nog niks centraal geregeld. In een later stadium bepalen we richting.

Ambitiebepaling thema ‘Bodemkwaliteit, waterkwaliteit en leidingen’

Doelstelling is dat een zorgvuldige afweging van gebruik en bescherming van bodem en ondergrond in de komende jaren structureel onderdeel wordt van alle relevante ruimtelijke planprocessen. Naast het bovengrondse (twee dimensionaal – 2D) gebruik van de fysieke leefomgeving, vormt ‘bodem en ondergrond’ de derde dimensie van ruimtelijke ordening. Dit geheel wordt aangeduid als ‘3D-ordening. Dit betekent dat bovengrondse ruimtelijke ordening wordt afgestemd met de ondergrondse (on)mogelijkheden ten aanzien van onder andere bodemkwaliteit, grondwater (kwantiteit en kwaliteit), kabels en leidingen, ondergrondse energiesystemen en archeologie. Deze 3D-ordening is een opgave voor ons als gemeente in samenwerking met provincie, DCMR en vele andere partijen. Onze speciale aandacht bij het beheer en gebruik van de ondergrond gaat uit naar de volgende zaken:

Bodemkwaliteit: De bodem kent verschillende kwaliteiten en functies. Het is belangrijk dat de milieu hygiënische bodemkwaliteit past bij de beoogde functie. We streven naar een meer integrale benadering van de bodem, waarbij meer ruimte is om, naast de chemische kwaliteit van de bodem, fysische en biologische aspecten mee te wegen. Een vitale bodem is een bodem waarin zowel de chemische, biologische als fysische kwaliteit op orde is. Dit maakt de bodem weerbaar voor veranderingen zoals droge of juist hele natte periodes en weerbaar tegen plagen en ziekten. We beschikken over een (geactualiseerde) bodemkwaliteitskaart en nota bodemkwaliteit van de drie voormalige gemeenten. De gemeente werkt met de DCMR en andere gemeenten aan een beleidskader over bodem(taken) binnen de Omgevingswet.

Zeer Zorgwekkende Stoffen: Opkomende verontreinigingen zijn de laatste decennia veelvul­dig in het nieuws geweest; denk aan DDT, asbest, PCB’s, dioxinen, MBTE, Chroom IV, lood en PFAS. Het zijn vaak stoffen die we al heel lang gebruikt hebben en die de bodem historisch en diffuus belast hebben of geleid hebben tot lokale hotspots. Het zijn de nieuwe inzichten die maken dat we in actie moeten komen om met goed bodembeheer de toekomstige effecten te mitige­ren. Onder de Omgevingswet heeft de gemeente als beheerder van de fysieke ruimte een verant­woordelijkheid. We hebben de ambitie om gevoelige bestemmingen zoveel mogelijk te realiseren op grond met een voldoende bodemkwaliteit. Voor de volgende stoffen is al of zal worden bepaald hoe hiermee in het omgevingsplan om te gaan:

  • Asbest: In onze regio is vaak sprake van sloop van panden met asbesthoudende/asbest‑verdachte daken. Ook al worden de asbesthoudende daken al op een goede manier aangepakt, de (mogelijk) asbesthoudende druppelzone wordt hierbij vaak vergeten. Uit onderzoek blijkt dat in een aanzienlijk deel van onderzochte asbest‑inspoelzones sterk verhoogde asbestconcentraties worden aangetroffen. Een asbestinventarisatie van een pand voorafgaand aan de sloop is nodig. We streven naar een verplichting voor bodemonderzoek naar asbest na de sloop om risico’s voor de gezondheid te minimali­seren.

  • Voor PFAS zijn geen interventiewaarden vastgesteld., waardoor saneringswaarde ontbreken. Dit heeft wel gezondheidsrisico’s. Hoe we hier mee omgaan bepalen we in het Omgevingsplan.

  • Voor de stof lood is de saneringswaarde (= interventiewaarde) niet toereikend met het oog op gezondheidsrisico’s. Hoe we hier mee omgaan bepalen we in het omgevingsplan.

Invasieve exoten: In het beheer­gebied van Voorne aan Zee komen, net als elders in Nederland ‘inva­sieve exoten’ voor: planten die hier niet van nature voorkomen, maar door de mens zijn geïn­troduceerd en schadelijk zijn voor inheemse soorten. Een voorbeeld is de Japanse Duizendknoop. De plant kan veel schade aanrichten aan infrastructuur en biodiver­siteit, verspreidt zich makkelijk en is moeilijk te bestrijden. Het is dan ook onwenselijk en bij wet verboden, dat de plant zich door grondverzet verspreidt. Bij grondverzet moet ook worden geverifieerd of de Japanse Duizendknoop, Sachalinse Duizendknoop, de Bastaardduizendknoop en andere invasieve exoten voorkomen op locatie.

Niet gesprongen explosieven: Op sommige plaatsen in Nederland bevinden zich nog onontplof­te explosieven uit de Tweede Wereldoorlog in de bodem. Deze leveren een gevaar op, vooral als ze verplaatst of aangeraakt worden, bijvoorbeeld bij graaf-of baggerwerkzaamheden. Door vooraf te onderzoeken of mogelijk niet gesprongen explosieven aanwezig zijn in een gebied, kan voorkomen worden dat een project onverwachts onderbroken moet worden.

Waterkwaliteit: Uiteraard is ook aandacht voor de kwaliteit van het grond- en oppervlaktewater. We hebben de aandacht voor waterverontreiniging en beperken waar dit in onze invloedsfeer ligt ongewenste milieueffecten. Dit met als doel de waterkwaliteit te verbeteren. In bebouwd gebied moet de waterkwaliteit passen bij de functie van het gebied eromheen. Waterkwaliteits- en waterkwantiteitsbeheer is een gezamenlijke taak van gemeente en het waterschap. De Kader Richtlijn Water (KRW) stelt een verbod op achteruitgang van de waterkwaliteit. Bij alle initiatieven dient onderbouwd te worden waarom en op welke wijze deze voldoen aan de KRW. Met de Omgevingswet is het voor een substantieel deel aan de gemeente te bepalen welke regels van toepassing zijn op milieubelastende activiteiten. In een overgangsperiode kan gebruik worden gemaakt van de Bruidsschat. Uiteindelijk moet worden bepaald welke regels in het definitieve omgevingsplan worden opgenomen. Naast milieuregels gaat het hierbij voor bepaalde activiteiten ook om de meldings- en/of vergunningplicht.

Leidingen en de Delta Rhine corridor: Het is belangrijk om als gemeente rekening te houden met leidingreserveringen voor de aanleg van nieuwe leidingen. Een groot project is de Delta Rhine corridor: vier nieuwe buisleidingen tussen Rotterdam, Chemelot en Noordrijn-Westfalen voor het transport van C4-LPG, propeen, waterstof en CO₂.

Ambitiebepaling thema ‘Omgevingsveiligheid’

Voorne aan Zee is zodanig veilig ingericht dat mensen die hier wonen of werken, voldoende beschermd zijn bij een mogelijk ongeval. Dichte bebouwing kan problemen geven als mensen gebouwen of de omgeving willen ontvluchten bij een incident. Om dit te ondervangen wordt de omgeving zo ingericht dat evacuatie van gebouwen en ook het ontvluchten van het hele gebied mogelijk is. We maken veilige routes naar centrale plekken. Bij (her)ontwikkelingen wordt rekening gehouden met de aandachtsgebieden voor brand, explosie en gifwolken. Dit geldt bijvoorbeeld voor gebieden in de buurt van risicobronnen, zoals specifieke bedrijven, buisleidingen en transportroutes (weg en buisleidingen). In beginsel worden geen nieuwe risicobronnen toegelaten, tenzij uit onderzoek blijkt dat belemmeringen niet aanwezig zijn of geen ongewenste ruimtelijke effecten ontstaan. LPG-installaties staan we onder voorwaarden wel toe.

Gebouwen voor het verblijf van zeer kwetsbare groepen personen (zoals kinderdagverblijven, scholen en zorgbehoevenden) en vitale infrastructuur plaatsen we op een grotere afstand van mogelijke risicobronnen en dus niet binnen de aandachtsgebieden voor brand en explosies. Zonder ruimtelijke voorwaarden wijken we niet van het Besluit bouwwerken leefomgeving (Bbl) af. Dit vergroot de mogelijkheid om mensen die niet zelfredzaam zijn in veiligheid te brengen. Door nabij de risicobron minder (kwetsbare) gebouwen toe te staan, zorgen we ervoor dat bij een calamiteit het aantal slachtoffers, letsel, hinder, overlast en economische schade beperkt blijven. Te allen tijde is een aanvaardbaar groepsrisico (GR) leidend. We zorgen voor voldoende bereikbaarheid van hulpdiensten in de gehele gemeente, ook in autoluwe omgevingen en de recreatieparken.

Verder krijgt de komende jaren de aandacht:

  • Beleid moet waar nodig worden geharmoniseerd en vertaald naar nieuw recht.

  • Onder de Omgevingswet wordt de term zeer kwetsbare gebouwen geïntroduceerd.

  • Als we het omgevingsveiligheidsbeleid gaan harmoniseren houden we ons vast aan het VRR kwetsbaarheidszonemodel en gaan we verder uitvoering geven aan de voorschriftengebieden in relatie tot de aandachtsgebieden.

  • Binnen de Omgevingswet moet worden getoetst aan het feitelijk gebruik van functies, daarnaast ook aan geprojecteerde functies (in omgevingsplan toegestaan). Van belang voor het bepalen van zeer kwetsbare gebouwen is de reikwijdte van bepaalde functieaanduidingen richtinggevend. Denk aan de functie ‘maatschappelijk’.

  • Risicovolle activiteiten hebben binnen de Omgevingswet een brand-, explosie- en/of gifwolk aandachtsgebied. De aandachtsgebieden brand en explosie moeten onder bepaalde voorwaarden worden opgenomen in het omgevingsplan als voorschriftengebieden. De gemeente heeft hierin enige beleidsvrijheid in relatie tot kwetsbare en beperkt kwetsbare gebouwen.

  • We hebben de aandacht voor risico’s vanuit alternatieve energiebronnen en de opslag van energie (denk aan buurtbatterijen) en we blijven hierin in overleg met de VRR.

  • Voldoende aanwezigheid van bluswater.

afbeelding binnen de regeling

Een sociaal veilige leefomgeving

In Voorne aan Zee bevorderen we de sociale veiligheid. Dit houdt in dat we het veiligheidsgevoel van de openbare ruimte verhogen, onder andere rond bedrijven, winkels en horeca. Wat hierbij kan helpen is bijvoorbeeld overzichtelijkheid en verlichting in de openbare ruimte. Sociale Veiligheid wordt onderdeel van het ontwerp in alle geplande ontwikkelingen. We hanteren hierbij de richtlijnen Sociaal veilig ontwerpen en CPTED (Crime Prevention Through Environmental Design). Sociaal veilig ontwerpen zorgt ervoor dat de manier waarop een omgeving ontworpen wordt een veiliger gebruik en een veiligere beleving bij haar gebruikers creëert. De verschillende deelgebieden in Voorne aan Zee vragen allemaal om een andere aanpak en het is niet altijd even makkelijk om veiligheid in bestaande gebieden aan te pakken. Zo moet thuis voor iedereen een veilige plek zijn. Als dit niet mogelijk is zal deze veilige plek ergens anders gecreëerd moeten worden.

Met name in het buitengebied en op bedrijventerreinen is mogelijk sprake van een toename van ondermijnende activiteiten. De risico’s zoals ondermijning en druggerelateerde criminaliteit bij leegstaande bebouwing of opstallen bij agrariërs hebben de aandacht. Specifiek in Voorne aan Zee komen ondermijnende activiteiten mogelijk ook voor op recreatieve verblijfsaccommodaties – zonder recreatieve waarde. De ambitie luidt om samen met (samenwerkings-)partners de ondermijnende activiteiten tegen te gaan: veerkracht van inwoners en ondernemers versterken en meldingsbereidheid stimuleren.

[1] Hoe we om gaan met waterveiligheid is beschreven in H4.6 Duurzaam en klimaatbestending Voorne aan Zee (deel B)

[2] https://iplo.nl/thema/lucht/lucht-emissie/

[3] Artikel 5.91. (geurgevoelige gebouwen) van het Bkl geeft een definitie. Men kan er voor kiezen ook andere gebouwen dan genoemd te definiëren als geurgevoelig.

4.5 Natuurlijk Voorne aan Zee

Dit thema ‘Natuurlijk Voorne aan Zee’ gaat in op de verschillende landschappen van Voorne aan Zee, waarbinnen voornamelijk het strand en duingebied en het deltalandschap een belangrijke rol spelen. Het thema gaat in op de aanwezige natuur, biodiversiteit, ecologie en (stedelijk/openbaar) groen.

Huidige situatie; een bijzonder samenspel van diverse landschappen

Het samenspel van dynamische kust- en deltaland­schappen en het open polderlandschap is een be­langrijke kwaliteit van Voorne aan Zee. De gemeente functioneert als groenblauw recreatief buitenhof van de regio Rijnmond. De landschappen zijn divers en hebben ieder een eigen karakter. De krachtige landschappelijke randen en openheid en rust in het middengebied zijn kenmerkend. De kreken, dijken en bebouwingslinten slingeren hier als het ware doorheen. In deze natuurrijke landschappen van Voorne aan Zee komen ook bijzondere en kenmerkende dieren en planten voor. Enkele voorbeelden van dieren zijn de Noordse woelmuis, de strandplevier, de rietzanger, de rugstreeppad, de zeehond, de bever (een signaal dat de otter in aantocht is), de nachtegaal, de lepelaar, de zandhommel en de nauwe korfslak. Bij planten kan gedacht worden aan de kruipende wilg, de moerasgamander en de groenknolorchis.

afbeelding binnen de regeling

In de natuur van Voorne aan Zee komen bijzondere soorten voor

Nabij Hellevoetsluis zijn de hoge dijken, de buitendijk­se gorzen (aangeslibd land) en het open water van het Haringvliet en de Voordelta kenmerkend (on­derdeel Natura2000-gebied). De Quackgors, een nat natuurgebied bestaande uit met name rietveld, slikken en grasland, is hierin een bijzonder element en van belangrijke waarde vanwege de vele vogel­soorten die hier voorkomen. De kust bestaat voornamelijk uit strand en duinen. Het Voornes duinlandschap is zeer gevarieerd met veel natuurlijke overgangen: grote duinmeren (onder andere Quackjeswater, Breede Water en Tenellaplas) en meerdere kleine poelen en moerassen, grotere bosgebieden en struweel, bloemrijke duingraslanden en natte duinvalleien. De soortenrijkdom is hier bijzonder groot en van internationaal belang. Het duingebied maakt dan ook onderdeel uit van het Natura2000-netwerk. Het natuurgebied de Westplaat en de Hinderplaat maken deel uit van de Voordelta. In het zeewater van de Voordelta maken eb en vloed dat twee keer per dag de slikken droogvallen en zandplaten verschijnen. En ook schorren zijn volop aanwezig (hoger gelegen delen die boven de waterlijn uitsteken waarop plan­ten voorkomen). De slikken, zandplaten en schorren zijn van grote waarde voor de natuur. Vogels komen hier voedsel zoeken en zeehonden rusten uit op de zandplaten. Het ondiepe water van de Voordelta als onderdeel van de Noordzee is bovendien in toenemende mate een kraamkamer voor diverse vissoorten. De landschappelijke Noordrand kenmerkt zich tot slot als een groene, waterrijke zone. Hier ligt ook het Brielse Meer, dat een belangrijke zoetwaterbuffer is, en het Oostvoornse Meer.

Het open middengebied van Voorne aan Zee bestaat uit verschillende polderlandschappen waar een uitgebreid krekenstelsel doorheen loopt. Het krekenstelsel fungeert als een ecologisch groenblauw raamwerk en is een belangrijk wateroverloopgebied. In het polderlandschap is een onderscheid te maken tussen veenpolders, oude zeekleipolders en jonge zeekleipolders. De oudste polders zijn omringd door ringdijken, de nieuwere polders zijn van daaruit ontgonnen. De oude ringpolders kennen een kleinschaliger karakter dan de nieuwe zeekleipolders. De nieuwe zeekleipolders zijn ontstaan door stelselmatige inpoldering en kennen daardoor een overwegend hoekige vorm. De veenpolders bevinden zich rondom Zwartewaal. De veen­polders hebben een kleinschalig karakter met on­regelmatige verkaveling en liggen wat lager dan het omringende land. Deze polders zijn dan ook natter, waardoor het bijzondere vegetatie heeft en weidevo­gels trekt. Het kustlandschap gaat in eerste instantie over in een gesloten binnenduinrand waarin verschillende landgoederen en zanderijen en de Heveringen (gebied waar duingrond is afgegraven voor landbouw) zich bevinden.

afbeelding binnen de regeling

Het krekenstelsel als onderdeel van het groen-blauwe netwerk

Opgaven

Binnen het thema Natuurlijk Voorne aan Zee zijn de volgende punten en ambities geformuleerd:

afbeelding binnen de regeling
afbeelding binnen de regeling

Landschap centraal stellen en behoud en verbetering van de diversiteit en kwaliteit van het landschap

Het landschap is de drager van bijna alle kernkwaliteiten in Voorne aan Zee. De landschappelijke variatie in Voorne aan Zee is ons veel waard. Door grote ruimtelijke veranderingen en intensief gebruik staat het landschap van Voorne aan Zee onder druk. Door verschillende opgaven komen nieuwe (vaak concurrerende) ruimteclaims op het landschap af, bijvoorbeeld het uitbreiden van dorpen en steden, de vraag naar meer opwek van schone energie en ruimte om te werken en te recreëren. Tegelijkertijd vervagen (cultuurhistorische) landschappelijke structuren of ze verdwijnen zelfs. Wij hebben daarom als ambitie ons mooie landschap centraal te stellen en vitaal te houden. Dit houdt in dat wij ons landschap beschermen tegen verrommeling en nog meer windmolens en grootschalige zonneweiden zonder natuurwaarden. Welke ruimte we wel reserveren voor de opwek van energie staat beschreven in H4.6 Duurzaam en klimaatbestending Voorne aan Zee (deel B). Verder nemen we een goede landschappelijke inpassing op als randvoorwaarde bij nieuwe ruimtelijke ontwikkelingen. Kenmerkende landschapselementen, zoals de openheid van het landschap, oude kreken en de dynamiek aan de randen van het eiland worden behouden en waar mogelijk versterkt. Specifiek aandachtspunt zijn de stads- en dorpsranden, omdat hier veel opgaven samenkomen. Deze zijn uitgewerkt in de gebiedsgerichte uitwerking van H3.1 van deel A; Visie op stads- en dorpsranden.

afbeelding binnen de regeling

Natura2000-gebied Voornes Duin

Natura 2000-gebieden beschermen en de natuurgebieden versterken

Voorne aan Zee is een natuurrijke gemeente. Met de Natura2000-gebieden ‘Haringvliet’, ‘Voornes Duin’ en ‘Voordelta’ geniet deze natuur Europese bescherming. Ook kent Voorne aan Zee natuurgebieden en verbindingen die onderdeel zijn van het Natuurnetwerk Nederland . Dit is het Nederlands netwerk van bestaande en nieuw aan te leggen natuurgebieden en ecologische verbindingen. Het netwerk moet natuurgebieden beter met elkaar verbinden, zodat dieren en planten zich beter kunnen verspreiden en geïsoleerde populaties met elkaar verbonden worden.

afbeelding binnen de regeling

Natura 2000-gebieden in de gemeente (links) en Natuurnetwerk Nederland (rechts)

De biodiversiteit en de natuurwaarden in de natuurgebieden in Voorne aan Zee zijn aan het afnemen. Daarbij komt dat de recreatiedruk op natuurgebieden, inclusief Natura2000-gebieden, is toegenomen. Het Natura2000-gebied van Voorne aan Zee lijdt onder de effecten van stikstofdepositie, met name het Voornse Duin, en de toegenomen recreatiedruk. De Natura2000-gebieden moeten daarom versterkt en voldoende beschermd worden.

Ambities om Natura2000-gebieden te beschermen

We benoemen de noodzaak om de stikstofdepositie in de duinen te verminderen en verdroging tegen te gaan. Het is een belangrijke opgave om de natuur en ecologie in de duinen te behouden en te versterken met natuurherstel. Voornes Duin is een kwetsbaar gebied met kwetsbare natuur gevoelig voor stikstofdepositie. De ambitie is om de urgentie van het beschermen van kwetsbare natuur te benutten om natuur beter te verbinden, meer schoon water in het gebied te houden en meer landschappelijke kwaliteit te realiseren. De Natura2000-gebieden moeten ontlast worden van de negatieve effecten van de (intensieve) land- en glastuinbouwsector en een nog steeds toenemende recreatiedruk die de draagkracht van Voornes Duin overstijgt. We haken aan op de doelstellingen van het ZH-PLG (Zuid Hollands Programma Landelijk Gebied) dat zich onder andere ten doel stelt om de Nederlandse landbouw te laten extensiveren en verduurzamen in combinatie met natuurherstel. Daarbij staan de gemeente en het waterschap Hollandse Delta voor de opgave om de Kader Richtlijn Water doelstellingen te behalen en de waterkwaliteit op orde te brengen. In de nabije toekomst zijn voldoende kansen om in het belang van Voorne aan Zee tot nieuwe impulsen te komen voor natuur en landschap in combinatie met duurzame landbouw en recreatie. Deze werken we uit in een duurzaam en toekomstbestendig perspectief voor de Voornse land- en glastuinbouwsector. We beschermen de kwetsbare Natura 2000-gebieden (en dan met name de stiltegebieden) tegen negatieve effecten van evenementen door vanuit respect voor de natuurwaarden te bekijken welke evenementen daar mogelijk en passend zijn.

Ambities buiten de Natura2000-gebieden

Buiten de Natura2000-gebieden kan worden gewerkt aan natuurontwikkeling zoals natuurvriendelijke oevers, bloemrijke weiden en de aanleg van landschapselementen zoals struwelen. Rondom beschermde natuur houden we rekening met een bufferzone ter bescherming van natuurwaarden.. Waar mogelijk zoeken we naar passende oplossingen voor barrières in het landschap ten behoeve van de natuur. Denk hierbij aan onderdoorgangen of oversteken (zogenaamde ecoducten), bijvoorbeeld bij de N57 en het kanaal.

Groenstructuur en biodiversiteit in de steden en dorpen versterken

De ambitie luidt om de stedelijke en dorpse groenstructuur te behouden en te versterken en de ecologische kwaliteit ervan te verbeteren. Door nieuw groen aan te leggen en bestaand groen anders in te richten of ecologisch te beheren, kunnen ook in de steden en dorpen ecologische verbindingen worden gerealiseerd. Het is wenselijk om de groenstructuur te koppelen aan het buitengebied, zodat zowel recreatieve als ecologische verbindingen tussen de steden en dorpen en het landelijk gebied ontstaan. Het vergroenen draagt ook bij aan een gezonde en aantrekkelijke leefomgeving en klimaatadaptatie (tegengaan wateroverlast en hittestress). Daarbij is wel van belang dat toekomstige ontwikkelingen niet worden belemmerd.

We zetten in op groenere wijken met bomen en struwelen

In de dorpen, buurten en wijken zetten we in op een robuust kwalitatief groenblauw raamwerk en gaan we het vormen van snippergroen tegen. Het verkopen van snippergroen gaat in de meeste gevallen ten koste van de hoeveelheid openbaar groen in de bebouwde kom. Daarnaast blijft ook minder openbare ruimte over voor eventuele toekomstige kabels en leidingen (denk ook aan warmtenetten). Om dit te voorkomen dient nieuw beleid voor de ordening en afstemming van de ondergrondse inrichting in relatie met de bovengrondse inrichting opgesteld te worden dat we in de volgende versie van de omgevingsvisie verwerken.

Voorne aan Zee kiest voor behoud en waar mogelijk uitbreiding van de bestaande groenstructuren binnen de bebouwde kom en het versterken van wijkgroen. Bij nieuwbouwprojecten kijken we eerst of waardevolle groenelementen (bijvoorbeeld bomen, hagen, watergangen) in het plangebied aanwezig zijn en of we die kunnen behouden door ze in het ontwerp op te nemen. We zorgen ervoor dat het groen ecologische waarde heeft en in verbinding staat met andere ecologische groenblauwe structuren in de omgeving (dus geen snippergroen).

afbeelding binnen de regeling

We zetten in op robuust groen

We streven naar 30% groen op maaiveld in elke wijk of buurt. Binnen de 30% groen kan ook natuurlijk spelen worden opgenomen en deels waterberging uitgaande van een combinatie van droge en natte berging. We bekijken per locatie welke boomsoort het meest passend is en waar mogelijk kiezen we voor soorten die zo min mogelijk hooikoorts veroorzaken door gebruik te maken van het Bomenkompas | LUMC.

Natuurinclusief bouwen wordt voor ons de standaard en biedt veel kansen[1]. In dit kader onderzoeken we de mogelijkheid om een puntensysteem voor natuurinclusief bouwen in te voeren. Bij nieuwbouw realiseren we leefgebied en nest- en verblijfsplekken voor huismussen, gierzwaluwen en vleermuizen, maar we stimuleren ook andere natuurvriendelijke maatregelen zoals groene daken en gevels. Om verduurzaming, renovatie en ontwikkelingen eenvoudiger te maken op plekken waar vleermuizen, huismussen en gierzwaluwen voorkomen, werken we in de voormalige gemeente Hellevoetsluis conform het Soortenmanagementplan en de gebiedsgerichte ontheffing en we breiden deze uit naar Brielle en de dorpen in Voorne aan Zee. Zie ook 4.2 Passend wonen voor iedereen in Voorne aan Zee.

afbeelding binnen de regeling

In de bestaande leefomgeving zetten we ten behoeve van de biodiversiteit en de waterkwaliteit in op groene en natuurlijke oevers. Om groen en biodiversiteit in de dorpen en steden te versterken stimuleren we het realiseren van groene voor- en achtertuinen, en groen aan de gevel (geveltuintjes). We stimuleren initiatieven om tuinen te ‘ontstenen’ met als doel tegels eruit, groen erin. Goed voor groen en klimaatadaptatie.

Toekomstbestendig polderlandschap in het middengebied creëren

Door de grote ruimtelijke opgaven op het gebied van verduurzaming en het beschermen van kwetsbare natuur (onder andere de stikstofreductiedoelstellingen) staat het overwegend agrarische polderlandschap van Voorne aan Zee onder druk. Wij zijn trots op de agrarische sector en willen de land- en tuinbouw gericht ondersteunen om de benodigde verandering door te maken én daar sterker uit te komen. Echter zijn de ruimtelijke, bodem-/water- en milieucondities momenteel onvoldoende voor een robuust landelijk gebied. Daarom moeten we werken aan een duurzaam polderlandschap, inclusief het versterken van de bodem- en waterkwaliteit en de biodiversiteit.

Het Zuid-Hollands Programma Landelijk Gebied speelt hierin een grote rol. Het programma kent doelen op het gebied van natuur, water, klimaat en landbouw. De provincie Zuid-Holland werkt met de gemeente, het waterschap en vertegenwoordigers vanuit landbouw, natuur en recreatie deze doelen uit voor Voorne Putten. De partners vertalen de doelen samen naar projecten. Daarnaast initieert de provincie een scenariostudie om samen met de gebiedspartners in beeld te brengen welke grote uitdagingen er op de lange termijn op het landelijk gebied af komen en hoe we daar mee om willen gaan. Wanneer dit gereed is verwerken we de richtinggevende principes in de volgende versie van de omgevingsvisie. In essentie zoeken de partners in dit proces naar wat zij samen kunnen doen om het landelijk gebied toekomstbestendig te houden. Een belangrijke opgave is de transitie naar meer natuurinclusieve (grondgebonden) landbouwvormen met daarbij een goed verdienmodel voor de agrariër. Het Natuurnetwerk Nederland in het poldergebied wordt voltooid, door het inrichten van de aanwezige kreken als ecologische verbinding. Tot slot benutten we de kans om natuurontwikkeling te koppelen aan de aanwezige cultuurhistorische waarden, zoals de forten en schootsvelden in de waterlinie. Deze beleefbare natuur voor recreanten ontlast dan ook de kwetsbare Natura2000-gebieden.

Landgebruik en waterbeheer afstemmen op de bodemcondities en de druk op de zoetwatervoorziening verlagen

De qua grondgebruik grootste economische sector op Voorne-Putten, de land- en tuinbouw, is nu afhankelijk van zoet water. Het risico op verzilting neemt mogelijk toe door klimaatverandering. Zowel de stijging van de zeespiegel, als een toename van droogte in het groeiseizoen, kunnen leiden tot een toename van zoute kwel naar het maaiveld. Aangezien ook in de huidige situatie in vrijwel het gehele poldergebied van Voorne-Putten zoute kwel optreedt, is het de vraag in hoeverre klimaatverandering leidt tot versterking van deze ‘interne verzilting’ (verzilting vanuit de bodem). Het effect van ‘achterwaartse verzilting’ (verzilting vanuit de rivieren) neemt mogelijk toe als gevolg van klimaatverandering. Als gevolg van de afname van de rivierafvoer en door het stijgen van de zeespiegel zal de zouttong naar verwachting vaker en dieper landinwaarts dringen, waardoor inlaatpunten voor zoet water steeds vaker buiten gebruik raken.

Voorne aan Zee gaat samen met andere overheden in overleg met de agrarische sector en de terreinbeheerders over hoe we ons buitengebied kunnen voorbereiden op warme, natte en droge periodes. Het behoud van een hoge landschappelijke waarde en de economische basis, die het buitengebied aan veel ondernemingen biedt, is van groot belang. De natuurbeheerders en agrariërs zullen als eersten de gevolgen van de klimaatverandering ondervinden en zijn tegelijkertijd ook belangrijke partners in de adaptatie van gevolgen van klimaatverandering.

We zetten in op een robuust watersysteem met een optimale bediening ten behoeve van de klimaatopgave, meebewegen met verziltingsproblematiek en het voorkomen van verdere bodemdaling. Waterbeheer stemmen we af op de bodemcondities met aandacht voor Bodem en Water sturend. We zetten in op het aanpassen van het landgebruik als dit echt nodig is. Waar sprake is van verzilting stimuleren we ook de overschakeling naar meer zouttolerante gewassen.

Veehouderij, akkerbouw en open grond groententeelt wordt steeds lastiger gezamenlijk vol te houden vanwege de nodige ontwatering. Indien nodig heroverwegen we peilbesluiten en droogleggingsnormen samen met het Waterschap Hollandse Delta. In de polders voorzien we de ontwikkeling van brakwaternatuur (inclusief peilfluctuaties), eventueel in combinatie met recreatie. Ook is hier meer ruimte nodig voor het opvangen, bufferen en hergebruiken van zoet water. Dit doen we door het optimaliseren van in-/uitstroom van zoet water en het vergroten van peilvakken in polders.

Water uit de Bernisse en het Brielse Meer is belangrijk voor bedrijven in het havengebied, het veenweidegebied van Delfland en de polders in Voorne-Putten. Voldoende zoet water is niet meer vanzelfsprekend. Droogte, verzilting en meer vraag naar water maken het noodzakelijk om voor instandhouding van deze waterbuffer strategische keuzes te maken en maatregelen te nemen. Het waterschap Hollandse Delta onderzoekt de mogelijkheden van continuering van zoet wateraanvoer via het watersysteem van Voorne-Putten en de rivieren. Samen streven we naar een robuuste, toekomstbestendige en duurzame waterbuffer. Mogelijk worden maatregelen voorgesteld in het zogeheten Deltaprogramma Zoet Water.

Groene, robuuste buffer aan de Landschappelijke Noordrand creëren

Een ambitie van de gemeente is de Landschappelijke Noordrand als groene robuuste buffer ten opzichte van het Rotterdamse havengebied te ontwikkelen. Hier liggen kansen om het Natuurnetwerk Nederland uit te breiden in combinatie met duurzame energieopwekking en recreatie. Een gebiedsgerichte uitwerking voor de Landschappelijke Noordrand is uitgewerkt in H3.5 van deel A; Landschappelijke Noordrand.

Visie Haringvlietmonding en meebewegen met de aanzanding van de kust

Onderzoek (Arcadis, 2022) wijst uit dat de grootschalige aanzanding van het kustgebied in de toekomst verder zal doorzetten. Hoofdoorzaak hiervan is de afsluiting van het Haringvliet, waardoor de rivier geen sediment meer afvoert bij eb en de kust aangroeit. Ter hoogte van de Groene Punt ontstaat over een aantal jaren waarschijnlijk een grote slikplaat of strandvlakte. Dat komt doordat de zandplaten die nu nog voor de kust liggen naar verwachting aan het strand zullen vastgroeien. Als dat gebeurt (waarschijnlijk al voor 2030) heeft dat een positief effect op de waterveiligheid. Door de slikplaat of strandvlakte ontstaat een veilige kust, beschermd tegen de zeespiegelstijging, waarop nieuwe duinen kunnen ontstaan. Dat geeft de kust van Voorne aan Zee een veel betere uitgangspositie voor de zeespiegelstijging dan veel andere delen van de Nederlandse kust. Daarom is het belangrijk dat de platen ook echt vastgroeien aan de kust en geen smalle geul voor de Groene Punt aanwezig blijft, want die kan leiden tot kusterosie en harde stroming, wat mogelijk kan zorgen voor onveilige zwemsituaties. Als de geul niet vanzelf dichtgaat, is het verstandig in te grijpen en de geul (bijvoorbeeld met kleine zandsuppleties) dicht te zetten.

Het is belangrijk dat de vaargeul naar de Haringvlietsluizen op diepte wordt gehouden, niet alleen voor de haven van Stellendam, maar ook voor recreatievaart op het Haringvliet en van/naar de jachthavens in Hellevoetsluis. Hiervoor is het zogenoemde ‘Alders Akkoord’ afgesloten. Rijkswaterstaat houdt vanuit haar beheerdersrol vanuit het hoofdvaarwegennet de vaargeul op diepte (-4 meter). HBR houdt vanuit het Alders Akkoord de vaargeul op diepte (-5.5 meter).

afbeelding binnen de regeling

We bewegen mee met de aanzanding van de kust

In het project Visieontwikkeling Haringvlietmonding 2060 onderzoeken we momenteel in een coalitie van tien partijen (provincie Zuid-Holland, gemeenten Voorne aan Zee, Goeree-Overflakkee en Nissewaard, waterschap Hollandse Delta, Rijkswaterstaat, Havenbedrijf Rotterdam, Natuurmonumenten, Zuid-Hollands Landschap en Recreatieschap Voorne-Putten) de kansen voor recreatie en natuur die ontstaan door de autonome morfologische ontwikkeling in de Voordelta en de doorzettende aanzanding van de kust.

De kust van Voorne aan Zee is een prachtig en uniek gebied. Het is een uitzonderlijk natuurgebied met diverse mogelijkheden voor recreatie en toerisme voor alle inwoners van Voorne-Putten. Onze stranden vormen een essentieel onderdeel van de bijzondere natuurlijke omgeving en de identiteit van onze regio. Ze bieden niet alleen een plek voor ontspanning en recreatie voor zowel inwoners als bezoekers, maar spelen ook een belangrijke rol in de ecologische balans en de bescherming van onze kustlijn. Daarom hechten wij groot belang aan het behoud van de stranden in hun huidige vorm, evenals aan de bescherming van hun natuurlijke schoonheid en toegankelijkheid.

[1] https://www.voorneaanzee.nl/natuurinclusief-bouwen

4.6 Duurzaam en klimaatbestending Voorne aan Zee

Het thema ‘Duurzaam en klimaatbestendig Voorne aan Zee’ gaat in op de ambities die Voorne aan Zee een toekomstbestendige gemeente moeten maken. Nederland wil in 2050 volledig klimaatneutraal zijn, wat inhoudt dat we door klimaatactie onze emissies zodanig verminderen dat er geen netto-effect is op het klimaatsysteem. Dit is onderdeel van het ‘Nationale Klimaatakkoord’ om te voorkomen dat de aarde verder opwarmt. Opgaven die hierbij horen zijn onder andere de transitie naar het gebruik van duurzame energie en warmte (energietransitie), de benodigde aanpassingen van de leef­omgeving op het veranderende klimaat (klimaat­adaptatie, met aandacht voor thema’s als wateroverlast, hittestress, droogte, bodemdaling en verzilting) en de omschakeling naar een circulaire economie.

Huidige situatie; een Voorns antwoord op een duurzame toekomst

Met de ligging naast de Randstad en de internationale Rotterdamse industriehaven, wil Voorne aan Zee nog nadrukkelijker het groene, landelijke, duurzame beeld versterken. Hier liggen veel kansen om op juist innovatieve en duurzame wijze onze gemeente te profileren als ‘groen (en blauw) eiland’. Zo geeft Voorne aan Zee haar eigen, onderscheidende toevoeging aan een duurzame toekomst. Voorne aan Zee wil in 2050 duurzaam en klimaatbestendig zijn. We volgen daarin de ambities van het Rijk.

Meervoudig ruimtegebruik is het uitgangspunt en ambities op het gebied van duurzaamheid, klimaatbestendigheid en energieneutraal mogen worden gekoppeld aan andere ruimtelijke opgaven in de omgeving.. Hierdoor maken we ‘werk met werk’ en ontstaat meerwaarde. Hiermee kan ook het draagvlak in de omgeving vergroot worden.

In het kader van de energietransitie is het van belang om op zoek te gaan naar duurzame energiebronnen voor elektriciteit en het verwarmen van onze huizen, voor ons vervoer en voor onze industrie. Hierbij wordt onderscheid gemaakt tussen duurzame elektriciteit (toenemende vraag door elektrificatie), duurzame warmte (als alternatief voor aardgas) en duurzame brandstoffen. Deze duurzame energie is bijvoorbeeld afkomstig van windturbines, zonnepanelen – op daken– en aardwarmte. In de afgelopen tijd zijn al meerdere windturbines geplaatst (te vinden op de Haringvlietdam en in de Noordrand). Daarnaast lopen andere (innovatieve) initiatieven, zoals het Fieldlab Green Economy Westvoorne, als testlocatie voor duurzame innovatie (zoals drijvende zonnepanelen) op en onder het wateroppervlak van het Oostvoornse Meer.

Het klimaat verandert. Dit heeft tot gevolg dat in de toekomst regenbuien heviger wor­den en vaker plaatsvinden. Daarbij neemt de kans op overstromingen door wateroverlast en een hogere zeespiegelstijging toe. Ook komen hittegolven steeds vaker voor en nemen erg droge perioden toe. Dit alles heeft zijn uitwerking op de gezondheid en veiligheid. Het is dan ook belangrijk om maatregelen te nemen om de samenleving en de leefomgeving in Voorne aan Zee hierop voor te bereiden. Dit heet een ‘klimaatadaptieve leefomgeving en landschap’.

Opgaven

Binnen het thema Duurzaam en klimaatbestendig Voorne aan Zee zijn de volgende punten en ambities geformuleerd:

afbeelding binnen de regeling
afbeelding binnen de regeling

Verduurzaming van de gebouwde omgeving, energiebesparing én het binnenklimaat is prettig en gezond

Het is belangrijk dat de gebouwde omgeving wordt verduurzaamd, zowel nieuwbouw als bestaande bouw. De focus ligt in eerste instantie op het stimuleren van energiebesparing, door bijvoorbeeld woningen te isoleren, want wat we aan energie besparen hoeven we ook niet op te wekken. Hoe meer we doen in de gebouwde omgeving op het gebied van besparing en opwekking, hoe meer we het open landschap en buitengebied kunnen ontzien. De ambitie is om voor 2050 alle huizen in Voorne aan Zee op BENG-niveau te hebben geïsoleerd. Aandachtspunt bij het isoleren van woningen is het negatieve effect dat dit kan hebben op met name vleermuizen (die in spouwmuren leven) en in mindere mate gierzwaluwen en huismussen als dit niet op de juiste manier onderzocht en uitgevoerd wordt. Om dit te ondervangen is voor Hellevoetsluis een gebiedsgerichte ontheffing van de Wet Natuurbescherming aangevraagd en de bedoeling is om dit ook voor Brielle en de overige dorpen in Voorne aan Zee aan te vragen. Vanuit gezondheid is bij isoleren van woningen ook een belangrijk aandachtspunt te noemen: hittestress. De toepassing van de Ladder van Koeling zorgt ervoor dat woningen leefbaar en gezond kunnen blijven en voorkomt dat mensen massaal de voor het milieu schadelijke airconditioning gaan gebruiken. Belangrijke treden zijn;

  • a.

    Zorgen voor een verkoelende omgeving (bijv. met bomen of groen dak).

  • b.

    Warmte weren (bijvoorbeeld met screens of zonwering).

  • c.

    Passief koelen (bijvoorbeeld met nachtventilatie).

  • d.

    Milieuvriendelijke actieve koeling (bijvoorbeeld met warmtepomp).

Verder moeten in de toekomst gebouwen van ‘het gas af’ en aangesloten worden op een beschikbare duurzame warmte- of energiebron. Voor eigen gemeentelijk vastgoed en maatschappelijk vastgoed nemen we een hogere (de maximale) ambitie op. Deze gebouwen mogen energiepositief en dus energieleverend zijn. De glastuinbouw is een belangrijke energievrager in de gemeente. De gemeente werkt samen met tuinders en netwerkorganisatie (Greenport West-Holland) aan de verduurzaming van deze sector.

Opwek van duurzame energie

In het kader van de energietransitie moet ruimte worden gezocht voor de opwek van duurzame energie, waarbij het de opzet is om duurzame voorzieningen te plaatsen met inachtneming van dubbel ruimtegebruik. Voor duurzame energieopwekking in het buitengebied zijn beperkte mogelijkheden. In de landschappelijke Noordrand is echter wind- en zon energie op dit moment niet opportuun waardoor de voorkeur ligt bij een landschappelijke en recreatieve invulling van de Noordrand.

afbeelding binnen de regeling

Opwek door zon en windturbines binnen de gemeente

Zon

We hebben een opgave om energie op te wekken met zonnepanelen. Hierbij wordt de landelijke voorkeursvolgorde zon gevolgd. We streven naar meervoudig grondgebruik, waarbij we de vrije ruimte op daken, gevels en andere plekken binnen en buiten bebouwd gebied (zoals parkeerplaatsen) benutten voor zonnepanelen. De voorkeursvolgorde zon volgt de volgende treden:

  • a.

    Zonnepanelen op de daken en gevels van gebouwen worden zoveel mogelijk gestimuleerd. Aandachtspunt hierin is wel de welstand van beschermde dorps- en stadsgezichten en monumenten. Het spanningsveld tussen verduurzaming en gebouwd erfgoed is nader beschreven in H4.7 van deel B; Cultureel en beleefbaar Voorne aan Zee.

  • b.

    Waar mogelijk benutten we de overhoeken in het glastuinbouwgebied. Verder zetten we in op zon op parkeerplaatsen mits dit past qua ruimtelijke kwaliteit en de wateropgave.

  • c.

    Conform de Regionale Energie Strategie (RES) heeft Voorne aan Zee een opgave om duurzame energie te realiseren voor 2030. Grofweg gaat het hierbij om circa 22,5 GWh (ongeveer 22,5 hectare zonnepark) om in ons landschap in te passen. Zonneweides mogen niet ten koste gaan van waardevolle vruchtbare landbouwgrond.

Het gebruik van landbouw- en natuurgronden voor zonnepanelen is in principe dus ongewenst. Mocht bij hoge uitzondering wel een initiatief tot zonneveld worden ontvangen dat passend lijkt, dan wordt deze voorgelegd aan de commissie ruimte en de raad. Voor alle zonneweides geldt: wanneer we zonneweides aanleggen, leggen we die aan met robuuste groenstructuren. Waar mogelijk en wenselijk passen we meervoudig ruimtegebruik toe en zoeken we naar koppelkansen als het gaat om onder meer duurzaamheid, recreatie, wateropgave en ecologie.

Wind

We hebben een energieopgave tot het jaar 2030 en een energieopgave van 2030 – 2040.

Tot 2030 zetten we vooral in op de ontwikkeling van windmolens volgens de reeds gemaakte afspraken uit het Windconvenant (VRM) met de Provincie Zuid-Holland. We werken hierbij aan een optimalisatie van de windturbines volgens de meest recente innovatieve technieken, waardoor de opgave om zonnepanelen te realiseren kleiner wordt. Tot 2030 is een drietal projecten in ontwikkeling. Ten eerste wordt een aantal bestaande windturbines vervangen aan de Noordzeekant van de Haringvlietdam. Daarnaast lopen momenteel twee andere ruimtelijke procedures voor de realisatie van twee windturbines aan de Noordzeeboulevard, nabij Oostvoorne. Provinciaal beleid maakt het plaatsen van windturbines in de Nieuwe Ondernemingspolder planologisch mogelijk.

Voor de opgave na het jaar 2030 volgen we de richtlijnen van de RES. We ambiëren geen ‘extra’ windopgaven in Voorne aan Zee tot 2030.

We onderzoeken de mogelijkheden van het inpassen van kleinschalige windenergie (turbines < 30 m.) in het buitengebied bij (boeren)bedrijven (binnen het bouwvlak). Deze zijn beter in het landschap in te passen dan grote windturbines.

Inzetten op het mogelijk maken van de warmtetransitie

We onderzoeken de mogelijkheden van een warmtenet (geothermie of vanuit het Havencomplex – lange termijn) op Voorne-Putten. Voor een betrouwbaar en robuust systeem kijken we niet (enkel) naar of-of, maar vooral ook naar een combinatie van warmtebronnen. Daarnaast onderzoeken we of de afzonderlijke warmteclusters binnen het warmtesysteem op Voorne-Putten organisatorisch of ook fysiek met elkaar verbonden moet worden. In 2020 is op regionaal niveau de Warmtetransitievisie Voorne-Putten opgesteld. Voor de gehele gemeente zijn een aantal opsporingsvergunningen geothermie en twee winningsvergunningen afgegeven, waaronder in Vierpolders. Daarnaast biedt de warmtepomp individuele warmteoplossing of binnen een collectief warmtenet, eventueel gecombineerd met warmte-koude opslag, goede mogelijkheden. Aandachtspunt is wel de interventie, beeldkwaliteit en het geluid dat deze pompen kunnen produceren. Verder besteden we aandacht aan het ruimtebeslag van de warmtetransitie in steden en dorpen. De komende jaren werken we de Warmtetransitievisie verder uit naar Wijkuitvoeringsplannen. Hier kunnen ook kansen liggen voor het benutten van aquathermie, al wordt bij collectieve warmtenetten met name ingezet op geothermie en restwarmte. Ook vanuit rioolwateringszuiveringsinstallaties (RWZI’s) kan, in aanvulling op de andere warmtebronnen, restwarmte geleverd worden. De warmte is relatief gemakkelijk uit te koppelen en in sommige gevallen nabij de warmtevraag beschikbaar, maar de temperatuur is laag. Het waterschap is in een positie om RWZI’s in te zetten als energy hubs waar energie kan worden opgeslagen en het energienet gebalanceerd kan worden.

Benutten beschikbare ruimte in de ondergrond en het netwerk

Het ruimtebeslag heeft impact in boven-en ondergrond en kan ten koste gaan van bomen en ander groen, parkeren en overige leidingen. De 3D-ordening (zie ook Ambitiebepaling thema ‘Bodem en leidingen’) is daarom ook heel relevant in de energietransitie. Een aandachtspunt hierin is dat het energienetwerk tegen haar grenzen aanloopt. In zijn algemeenheid is het tegengaan van netcongestie ook een taak waar lokale overheden, en dus Voorne aan Zee, een rol zouden kunnen spelen.

De uitgangspunten die hierin centraal staan luiden: de leefomgeving en landschap staan centraal en er wordt efficiënt gebruik gemaakt van het energienetwerk en ruimtelijke functiecombinaties. Op dit moment is geen beschikbaarheid meer voor nieuwe grote elektriciteitsaansluitingen. Er is bovengronds ruimte nodig voor de uitbreiding van zowel het nationale, het hoog- als laagspanningsnet, inclusief extra verdeelstations en hoogspanningsstations. Het is belangrijk om te kijken naar logische aansluitingen voor de uitbreidingen van kabels en leidingen en de opslag van energie. Dit zorgt echter ook voor druk op de ondergrond. Ook is ruimte nodig voor verdeelstations. Wij blijven hierover in gesprek met onze partners.

Innovaties op het vlak van vervoer en opslag van duurzame warmte, energie en brandstoffen

We geloven in de kansen door toepassing van relatief nieuwe ontwikkelingen op het vlak energie. Belangrijk is om innovaties rondom winning, vervoer en opslag van duurzame energie en warmte goed in de gaten te houden. Hierin volgen we landelijk beleid en Voorne aan Zee overweegt altijd wat het draagvlak is onder de lokale bevolking voor innovatieve vormen van opwerk, vervoer, opslag van warmte energie en brandstoffen. Warmtenetwerken en geothermie zijn daar goede voorbeelden van. Maar ook innovatieve toepassingen van waterstof als vervanger van bestaande fossiele brandstoffen zijn denkbaar. Waterstof is een interessante ontwikkeling die de laatste jaren snel gaat. Welke positie wij hierin als gemeente moeten of gaan hebben is nu nog niet bekend. De productie, opslag en transport van waterstof op Voorne-Putten wordt binnen de wettelijke kaders gestimuleerd. Dit thema werken we in de actualisatie van de volgende omgevingsvisie verder uit. Aandacht houden we ook voor de opslag van energie in zogeheten buurtbatterijen. We stimuleren het opslaan van energie in batterijen, maar vinden de (brand)veiligheid van dergelijke innovaties een belangrijke voorwaarde. Hier is maatwerk altijd noodzakelijk. Biomassacentrales vinden we onwenselijk in de gemeente. Ook vormen van bio-vergisting en mestvergisting vinden we niet wenselijk. College staat open voor het gesprek m.b.t. de ontwikkeling van kernenergie in de nabije omgeving en de ontwikkeling van kleine kerncentrales (SMR’s).

Waterveiligheid

Klimaatverandering en de zeespiegelstijging zorgen voor een verhoogde kans op overstromingen. Als gevolg hiervan moeten we continu blijven werken aan de waterveiligheid. Dit vraagt van de Rijksoverheid om verschillende alternatieven voor kustbescherming na te gaan. De gemeente zal blijven anticiperen op de toekomst. De dijken rondom Voorne-Putten zijn in beheer bij het waterschap, deze draagt met Rijkswaterstaat de verantwoordelijkheid voor de aanleg, verbetering en onderhoud hiervan. De dijken die onderdeel uitmaken van dijkring 20 voldoen voor het grootste deel aan de veiligheidsnormen. Daarmee vormt hoog water niet direct een bedreiging. Het is wel zo dat door klimaatverandering en zeespiegelstijging een serieuzere kans ontstaat op overstromingen vanaf de Noordzee, waardoor de veiligheidsnormen eerder dan verwacht kunnen worden overschreden. Binnen het proces van de aanzanding van de kust heeft het thema waterveiligheid dan ook aandacht.[1]. Ook voor het onderhoud van de kust geldt dat het monitoren en actie ondernemen niet bij de gemeente, maar bij het waterschap en Rijkswaterstaat ligt.

afbeelding binnen de regeling

Voorne aan Zee borgt dus met de verantwoordelijke partners de waterveiligheid van de gemeente. Dit doen we op dit moment, maar ook op de lange termijn. We hebben daarbij aandacht voor de gevolgen en kansen van de aanzanding van de kust en werken hier een visie uit voor de lange termijn (zie H3.5 van deel A; Haringvliet en Voordelta).

De dijken aan de zuidkant van het eiland Voorne-Putten voldoen nog niet aan de signaleringswaarde en ondergrens (dit leidt niet direct tot een groot overstromingsrisico).

Voor Voorne aan Zee is van belang dat we ons richten op het beperken van de gevolgen van een eventuele overstroming. Met name de inrichting van het gebied achter de dijken is hier belangrijk. Bij (her)inrichting van gebieden houden we rekening met de risico’s van een eventuele overstroming.

In Voorne aan Zee benaderen we waterveiligheid volgens het meerlaagsveiligheidsprincipe. Meerlaagsveiligheid gaat uit van een risicobenadering: vanuit zowel de kans op overstromingen als de mogelijke gevolgen ervan. Deze benadering werkt in verschillende ‘lagen’.

afbeelding binnen de regeling

Werken aan een klimaatbestendig en klimaatadaptief Voorne-Putten

Door klimaatverandering stijgt de kans op wateroverlast, droogte, hitte en overstromingen. Dat zorgt voor risico’s voor onze economie, gezondheid en veiligheid. Om deze risico’s zo klein mogelijk te maken is het belangrijk dat we ons gedrag aanpassen. Vanuit de Deltaprogramma’s wordt gewerkt om Nederland in 2050 klimaatrobuust en klimaatbestendig ingericht te hebben. Op Voorne-Putten zijn hierover afspraken gemaakt. Deze staan in het Deltaprogramma Ruimtelijke Adaptatie. Dit is een gezamenlijk plan van gemeenten, waterschappen, provincies en de rijksoverheid. Afgesproken is dat gemeenten kijken hoe gevoelig hun gebied is voor invloeden van het klimaat. Daarna is het de bedoeling dat het gebied anders wordt ingericht, zodat het beter tegen de invloeden van het klimaat kan.

De gevolgen van klimaatverandering kunnen een bedreiging zijn voor de kwaliteiten van Voorne-Putten, maar tegelijk biedt dit ook kansen om de kwaliteiten te versterken. In onze adaptatiestrategie nemen we het beschermen en versterken van deze kwaliteiten als uitgangspunt. Voorne aan Zee werkt samen met andere regionale partners (waaronder gemeente Nissewaard en Waterschap Hollandse Delta) aan een eerste klimaatadaptatiestrategie. Ingezet wordt om de strategie Klimaatadaptatie Voorne-Putten iedere 6 jaar te herijken met de bijbehorende uitvoeringsagenda. De eerste stap in de aanpak op Voorne-Putten is in 2018 aangeleverd. Hierin is gekeken hoe gevoelig Voorne-Putten is voor invloeden van het klimaat. De resultaten staan in en digitaal portaal genaamd de Klimaatatlas ‘Klimaatadaptief Voorne-Putten: Samen op weg naar een klimaatbestendige leefomgeving!’. De Provincie Zuid-Holland heeft in januari 2023 de Klimaatonderlegger Zuid-Holland gepresenteerd waar richtinggevende principes in zijn opgenomen. Met deze informatiebronnen kunnen de gemeenten op Voorne-Putten en het Waterschap verdergaan. Dat doen zij door met elkaar en met anderen in gesprek te gaan. Het is de bedoeling om goede maatregelen te bedenken, zodat Voorne-Putten voorbereid is op de invloeden van het klimaat.

Wij zoeken naar passende maatregelen die helpen om te gaan met kwetsbaarheden in de steden, dorpen en ons buitengebied. We koppelen deze maatregelen aan de Klimaatadaptatiestrategie Voorne-Putten en herijkte uitvoeringsprogramma’s.

Diverse landschappen klimaatadaptief inrichten

Door klimaatverandering krijgen we steeds meer te maken met extreem weer, zoals hevige en meer frequente regenbuien en droge perioden. Om hierop in te spelen wordt ingezet op het klimaatadaptief inrichten van de verschillende landschappen in het buitengebied. Hierbij kan worden gedacht aan het tegengaan van droogte in de duin- en bosgebieden, het omgaan met verzilting van de bodem en het grondwater en het vergroten van het waterbergend en waterafvoerend vermogen van zowel oppervlaktewater als ondergrond.

Voorne aan Zee zet in op de volgende maatregelen en middelen:

  • We nemen meer ruimte op voor waterberging in het buitengebied en zetten in op een groenblauwe dooradering van het buitengebied. Dit doen we onder andere door het krekenstelsel te optimaliseren en meer ruimte te geven aan water.

  • Voormalige inundatievelden en inundatiekommen benutten voor waterberging.

  • In de Landschappelijke Noordrand meer ruimte creëren voor waterberging.

  • Hoe wij omgaan met zoetwatertekorten en verzilting is beschreven in de paragraafLandgebruik en waterbeheer afstemmen op de bodemcondities en de druk op de zoetwatervoorziening verlagen van dit hoofdstuk (H4.5 Natuurlijk Voorne aan Zee; deel B).

afbeelding binnen de regeling

Het groenblauwe raamwerk en de krekenstructuur biedt potentie voor waterberging

Steden en dorpen klimaatadaptief inrichten

Door klimaatverandering krijgen we steeds meer te maken met extreem weer, zoals hevige en meer frequente regenbuien en hete zomerdagen. Dit zorgt in de steden en dorpen voor wateroverlast, zoals water op straat, onbegaanbare infrastructuur, problemen met riool. Anderzijds zorgt het voor hittestress, zoals het opwarmen van de stedelijk omgeving en inwoners die last krijgen van de warmte. Momenteel is nog veel sprake van verharding in de openbare ruimte en tuinen, waardoor de leefomgeving niet klimaatadaptief is. Vanwege de vergrijzing van de bevolking neemt het aantal kwetsbare inwoners dat gevoelig is voor de hittestress toe. Het is daarom belangrijk om bij nieuwe inrichting en herstructurering in te zetten op het vergroenen en ‘ontharden’ van de openbare ruimte. De gemeente richt de openbare ruimte meer klimaatadaptief in en we streven naar meer ruimte voor groen en blauw en minder verharding. Dit alles is goed voor waterberging, verkoeling en goed voor de biodiversiteit. Te denken valt aan wadi’s, groene pleinen, bosjes (groot en klein) en groene corridors, waterdoorlatende tegels en wegdek, groene daken en gevels.

Bij nieuwbouwprojecten reserveren we voldoende ruimte voor groen en water. Hoeveel ruimte we reserveren staat beschreven in H4.5 Natuurlijk Voorne aan Zee (deel B). Verder passen we de ‘Maatlat klimaatadaptieve groene gebouwde bebouwde omgeving’ toe[2]. De ‘Maatlat klimaatadaptieve groene gebouwde omgeving’ maakt duidelijk hoe klimaatadaptief bouwen en inrichten eruitziet. Het is voor de klimaatadaptatieopgave ook van belang om inwoners te stimuleren om zelf hun tuinen (en daken) te vergroenen, ten behoeve van klimaatadaptatie en het vasthouden en vertraagd afvoeren van water.

afbeelding binnen de regeling

Ruimte voor groen en blauw in Hellevoetsluis / Een groene klimaatadaptieve openbare ruimte aan het Cultuurplein, Hellevoetsluis

Verwerking van regen- en afvalwater

Voorne aan Zee zet in op klimaatadaptieve, duurzame en kosteneffectieve maatregelen in bestaande en nieuwe buurten en wijken door maatwerk te leveren voor het zoveel mogelijk lokaal bergen, vasthouden en zo nodig het vertraagd afvoeren van hemelwater, bij voorkeur naar de stads- en dorpsranden. Afkoppeling moet niet leiden tot wateroverlast, doordat afgekoppeld water versneld in het regionale watersysteem terecht komt. Daarnaast onderzoeken we of door het vasthouden van regenwater, naast het beperken van wateroverlast, dit ook kan helpen om hittestress te verminderen in warme en droge perioden. Ook onderzoekt Voorne aan Zee of de stads- en dorpsranden en het bestaande stedelijke gebied een grotere rol kunnen spelen in de berging en mogelijk hergebruik van regenwater.

Waterschap Hollandse Delta en Voorne aan Zee werken samen aan een efficiënte verwerking van regen- en afvalwater op Voorne-Putten, ieder vanuit zijn of haar eigen wettelijke taken en bevoegdheden. De samenwerking is gericht op het komen tot een gedragen integrale afweging en doelstellingen voor de riolering, het watersysteem en de zuivering.

Partijen werken samen, ook in het kader van de Omgevingswet, maar ook in de Deltaprogramma’s, aan aanpassing van beleidsregels om nieuwe mogelijkheden te scheppen voor de omgang met hemelwater voor nieuwbouwprojecten en herinrichtingsopgaven. Hierin werken zij intensief samen aan klimaatadaptieve kaders en regels.

Gemeente Voorne aan Zee kiest voor de korte termijn om het huidige rioleringsbeleid te continueren. In een volgende stap zal het beleid rondom water- en rioleringszorgplichten opnieuw vormgegeven worden in de vorm van een Water- en rioleringsprogramma (WRP) of een Klimaatadaptatieprogramma.

Circulaire leefomgeving en economie

Met het Rijksbrede programma ‘Nederland circulair in 2050’ schetst het kabinet zijn plannen voor de transitie naar de circulaire economie. We sluiten aan op landelijke ambities. De gemeente wil alle inwoners, ondernemers en bedrijven in Voorne aan Zee aanmoedigen bij te dragen aan een zogeheten ‘circulaire leefomgeving en economie’. Dit is een leefomgeving en economie waarin processen slim zijn ingericht en afval niet bestaat. Alle grondstoffen, onderdelen en producten worden gerecycled en krijgen (op andere wijze) een nieuw leven.

De gemeente doet dit vooral door inwoners en ondernemers te stimuleren, het goede voorbeeld te geven en ruimte te bieden voor de transitie. Dit begint bij het beter scheiden van het huishoudelijk afval en het bedrijfsafval. Om dit goed te faciliteren passen we op de lange termijn het afvalinzamelingssysteem aan.

Ook het bouwen van woningen wil de gemeente in de toekomst circulair zien. Nederland zet in op een volledig circulaire bouweconomie in 2050. Het betekent dat we binnen 30 jaar moeten overstappen op een andere en vooral slimmere manier van ontwerpen. Ook in de bouw moeten we nieuwe circulaire strategieën, innovatieve contractvormen, gedurfde businessmodellen en duurzame materialen gebruiken. Woningbouwprojecten in Voorne aan Zee zijn daarom ook vanaf het jaar 2050 circulair.

De gemeente werkt aan een strategie om te komen tot een ‘circulaire leefomgeving en economie’ de komende jaren uit in nieuw beleid dat we integreren in de omgevingsvisie wanneer dit is vastgesteld.

[1] https://www.voorneaanzee.nl/kustverzanding

[2] https://klimaatadaptatienederland.nl/hulpmiddelen/overzicht/maatlat-groene-klimaatadaptieve-gebouwde-omgeving/

4.7 Cultureel en beleefbaar Voorne aan Zee

Dit thema gaat over cultuur, erfgoed en archeologie. De rijke cultuurhistorie en de ‘strijd tegen het water’ door de eeuwen heen speelt hierin een belangrijke rol. Ook beschrijft dit thema onze ambities die betrekking hebben op kunst en cultuur in de brede zin. Voorne aan Zee kent drie Rijksbeschermingsgebieden die een bijzondere beschermingsstatus genieten; de cultuurhistorische waarden en ruimtelijke karakteristiek van de beschermde gezichten zijn beschreven in het besluit tot aanwijzing, we richten ons op de instandhouding van deze waarden.

Huidige situatie; een rijke cultuurhistorie en een breed cultureel aanbod

Een groot deel van de rijke cultuurhistorie is een goede voedingsbodem voor de verdere ontwikkeling van Voorne aan Zee door het vertellen van verhalen in de fysieke leefomgeving. De vestinghaven van Hellevoetsluis en de vesting van Brielle zijn aantrekkelijk voor toeristen om te bezoeken. Ze hebben een kenmerkende uitstraling. De authentieke gebouwen en straatjes en uiteraard de vestingen die bestaan uit stadsmuren, havens, stadswallen en schootsvelden daaromheen verwijzen naar de geschiedenis van de steden. De haven van Hellevoetsluis had een belangrijke positie ten tijde van de Verenigde Oostindische Compagnie. Vooral de VOC-kamer Delft en Rotterdam maakten gebruik van de haven. Goederen werden met kleine schepen van en naar Rotterdam en Delft gebracht.

De vestingen zijn onderdeel van de Maas-Haringvlietstelling waar­van overblijfselen in het landschap te vinden zijn. De stelling bestaat verder uit inundatievelden (gebied dat onder water kon worden gezet), de liniedijk en verschillende forten. Aan de kust van Oostvoorne en Rockanje tot aan Hellevoetsluis zijn overblijfselen uit de Tweede Wereldoorlog te vinden, zoals verdedigingswerken die onderdeel zijn van de Atlantikwall, waarvan ook de verdedigingswerken van Hellevoetsluis deel uitmaken. In de duinen vindt men ook de Biberbunker en een oude radarcommandopost van de Duitse Luftwaffe.

In de gemeente zijn verscheidene oude molens, kerken en burchten waar men de geschiedenis van Voorne aan Zee kan proeven, zoals de Jacoba Burcht, de oude vuurtoren Steenen Baak, de Sint-Catharijne kerk, de Korenmolen De Hoop en de korenmolen van Oostvoorne. In het Voornes Duin is divers erfgoed behorend bij de ontginnings- en gebruiksgeschiedenis waarneembaar waaronder ontginningen, historische landgoederen en karakteristieke duinhuisjes. Verder zijn enkele gebieden in Voorne aan Zee nog aangewezen als waardevol archeologisch erf­goed. Tot slot kenmerken de deltawerken en ook het Kanaal door Voorne de strijd tegen het water en de bewerkbaarheid ervan door de mens. Het Kanaal is bovendien van grote betekenis geweest voor de economische vorming van Voorne aan Zee.

afbeelding binnen de regeling

Voorne aan Zee zichtbaar vol cultuurhistorie

De historie en het huidige karakteristiek van de verschillende dorpen en de twee vestingen zijn onlosmakelijk met elkaar verbonden. Niet alleen door de cultuurhistorische schatten in het landschap en de monumenten zelf, maar ook doordat regelmatig wordt stilgestaan bij de geschiedenis van Voorne aan Zee. Denk aan de jaarlijkse 1 april viering in Brielle waar de Watergeuzen de stad innemen of de Burchtfeesten in Oostvoorne.

Voorne aan Zee kent een breed en divers aanbod van culturele voorzieningen en activiteiten. Met twee theaters, diverse accommodaties en vele mogelijkheden in de openbare ruimte is in de gemeente een groot podium voor diverse vormen van cultuuruitingen. Dit uit zich in een volle evenementenkalender met allerlei festivals, concerten en markten, op grote en kleine schaal en voor alle doelgroepen in de samenleving. Voorne aan Zee heeft verder een veelzijdig en actief cultureel leven. Veel inwoners nemen deel aan culturele activiteiten, individueel of in verenigingsverband.

Opgaven

Binnen het thema Cultureel en beleefbaar Voorne aan Zee zijn de volgende punten en ambities geformuleerd:

afbeelding binnen de regeling
afbeelding binnen de regeling

Geschiedenis van Voorne aan Zee beleefbaar maken

De rijke Voornse cultuurhistorie (boven- en ondergronds) die goed zichtbaar is in het landschap biedt vele mogelijkhe­den de geschiedenis te laten spreken. In Voorne aan Zee willen we de bijzondere en rijke geschiedenis nog beter beleefbaar maken voor onze inwoners en bezoekers. Er is sprake van herwaardering van cultuurhistorische landschappen en objecten (materieel erfgoed), zowel in het landschap als in de vestingsteden en dorpen. Ook is meer aandacht voor het vertellen van de historische verhalen en voor tradities (immaterieel erfgoed). In dit kader kan meer worden ingezet op het beter beleefbaar maken van de cultuurhistorische landschappen, elementen en monumenten. Door ze te koppelen aan recreatiemogelijkheden draagt het bovendien bij aan de recreatieve en toeristische versterking van Voorne aan Zee.

afbeelding binnen de regeling

We willen de bijzondere en rijke geschiedenis nog beter beleefbaar maken voor onze inwoners en bezoekers

In samenspraak met de provinciale erfgoedlijn ‘Historisch Haringvliet’ wordt gefocust op het verhaal van ‘de strijd tegen het water – zowel vroeger, nu als ook in de toekomst’. Specifieke ambities zijn:

  • Het behoud en versterken van de historische dijkstructuur en kreken.

  • Het verhaal van de Watersnoodramp van 1953 voor het voetlicht brengen.

  • Het beleefbaar maken van maritieme geschiedenis van Hellevoetsluis.

  • Stelling van de Monden van de Maas en het Haringvliet beleefbaar maken door projecten.

Een andere provinciale erfgoedlijn is die van de Atlantikwall, een 5.200 kilometer lange Duitse verdedigingslinie uit de Tweede Wereldoorlog. In het kustlandschap van Voorne aan Zee zijn overblijfselen van de oude bunkers en batterijen nog zichtbaar en vanuit de Kazerne Haerlem in Hellevoetsluis worden verhalen verteld en activiteiten georganiseerd (educatie). De laatste jaren is actief ingezet op de beleving van de bunkers.

Met het Historisch Museum Den Briel, Fortresse Holland, Openluchtmuseum de Duinhuisjes en het Streekarchief hebben we een rijk museaal aanbod om onze mooie geschiedenis te vertellen. Fortresse Holland omvat o.a. de unieke objecten het Droogdok Jan Blanken (werkend dok) en De Buffel.

In Hellevoetsluis krijgt het waterfront een nieuw gezicht met het project Zuidfront en ’t Land van Paling. In Oostvoorne zetten we de komende jaren in op het beleefbaar maken van de geschiedenis van de Burcht van Voorne. Ook op het gebied van cultuureducatie en in het onderwijs zien we kansen om de samenwerking verder uit te bouwen.

Voorne aan Zee kent ook vele kenmerkende cultuurhistorische of landschappelijke elementen die bijdragen aan de identiteit van Voorne aan Zee die geen directe wettelijke beschermingsstatus hebben (op het vlak van cultuurhistorie en erfgoed), maar wel van belang zijn voor cultuurhistorie en beeldkwaliteit. Enkele voorbeelden zijn karakteristieke en beeldbepalende panden in het buitengebied en ook de krekenstructuur in het polderlandschap. We zetten ons ook in om elementen te benutten in onze plannen. In de Handboeken Kwaliteitsverbetering voor de buitengebieden van Brielle en Westvoorne worden de specifieke waarden van het buitengebied en waarden van bebouwing geduid. We streven naar een gemeentedekkend kader voor het buitengebied op het vlak van kwaliteitsverbetering, ruimtelijke kwaliteit, cultuurhistorie en welstand.

Stelling van de Monden van de Maas en het Haringvliet versterken

We hebben de ambitie de linie ‘Stelling van de Monden der Maas en van het Haringvliet’ in stand te houden, te verbinden en beleefbaar te maken voor inwoners en toeristen. De versterking van de linie is opgenomen in het ambitiedocument Erfgoedlijn Historisch Haringvliet, wat provinciale subsidiemogelijkheden biedt. In opdracht van de provincie Zuid-Holland is vooralsnog een inspiratiedocument ‘Linie Stelling van Voorne’ opgesteld. Het inspiratiedocument is een eerste aftrap om te komen tot een samenhangend ontwerp. Op basis van het inspiratiedocument worden deelprojecten en koppelkansen met lopende ruimtelijke ontwikkelingen verder onderzocht en uitgewerkt.

afbeelding binnen de regeling

Landschappelijke onderdelen van de Linie van Voorne die het verhaal van Voorne aan Zee nog beter gaan vertellen, Copijn Landschapsarchitecten

Instandhouding beschermde cultuurhistorische waarden

In Voorne aan Zee richten we ons op het in stand houden van de bijzondere cultuurhistorische waarden. Rijksbeschermingsgebieden, rijksmonumenten, gemeentelijke monumenten en archeologie worden beschermd via de Omgevingswet. Voorne aan Zee kent drie Rijksbeschermingsgebieden die een bijzondere beschermingsstatus genieten:

  • De vesting van Brielle bestaande uit de stadsmuren, stadswallen en de schootsvelden daaromheen als onderdeel van de Stelling van de Monden van de Maas[1].

  • De vesting van Hellevoetsluis bestaande uit de stadsmuren, stadswallen als onderdeel van de Stelling van de Monden van de Maas en het Haringvliet bij Hellevoetsluis.

  • Het gebied Ontginningen Voornes Duin, vanwege de cultuurhistorische- en landschappelijke waarden van het kenmerkende duinontginningslandschap zoals de functie als zeewering, het rustoord/buitenplaats en jachtgebied, de poging tot ontginning van de duinvalleien en de combinatie van recreatie-natuurontwikkeling. In dit gebied bevindt zich bovendien een belangrijk deel van de voormalige Atlantikwall.

We werken verder aan het harmoniseren van gemeentelijk beleid op het gebied van cultuurhistorie (waaronder gemeentelijke monumenten en archeologie). Een startnotitie zal de komende tijd worden uitgewerkt tot een beleidsnota en op den duur weer worden verankerd in de omgevingsvisie. In de gemeente bevinden zich meerdere locaties waar sprake is van archeologische waarden en verwachtingen. In dit kader wordt ingezet op het zorgvuldig omgaan met de aanwezige archeologische waarden en cultuurhistorische elementen bij nieuwe ruimtelijke ontwikkelingen. Waar mogelijk kan worden gekeken naar koppelkansen om de culturele infrastructuur te versterken. Op deze manier wordt cultuurhistorie beter zichtbaar en beleefbaar gemaakt.

afbeelding binnen de regeling

Een prachtig voorbeeld van hoe archeologische waarden onderdeel kunnen zijn van de openbare ruimte in Zusterhof, Brielle

Functieverandering en gebruiken van historisch erfgoed

We staan positief tegenover het herbestemmen en wijzigen van functies in (cultuur)historische panden en monumenten, mits dit bijdraagt aan de instandhouding van deze objecten. Dit is per object maatwerk. Bij planontwikkeling houden we rekening met beeldbepalende en karakteristieke gebouwen die een betekenis hebben voor de plek. Dit kan door herbestemming, maar ook door elementen of de voorgevel van een pand te laten staan of te hergebruiken. Het behouden van gebouwd erfgoed en andere zichtbare dragers, inclusief de richtlijnen voor welstand (opgesteld door de Commissie Ruimtelijk Kwaliteit), zijn kaderstellend bij ruimtelijke ontwikkelingen. Kortom, het belang van erfgoedwaarde en de bijdrage aan de identiteit en aantrekkelijkheid van de leefomgeving aan de ene kant en de economische waarde die eraan hangt aan de andere kant, vragen om goede afwegingen. Particuliere eigenaren en beheerders, erfgoedexperts en de overheid hebben hierbij een belangrijke rol.

Een mooi voorbeeld van een gerealiseerd plan is de transformatie en realisatie van de voormalige Rijks HBS aan de Jan Mathijssenlaan in het plan Hof van Maerlant. Bij de realisatie van het plan werd zoveel mogelijk getracht het karakter van het pand in ere te houden met respect voor de historie. Verder hebben de vele kerken op Voorne aan Zee de aandacht. Deze landmarks behouden we graag. Ook als dit betekent dat er andere functies toegekend moeten worden om de panden in stand te houden. Voorne aan Zee werkt separaat aan een Inventarisatie kerkgebouwen. Karakteristieke panden als de Oude School in Oudenhoorn is slechts een voorbeeld van een historisch pand dat we graag getransformeerd zien worden om het een nieuwe toekomst te geven.

afbeelding binnen de regeling

Het Hof van Maerlant; een mooi voorbeeld van herontwikkeling van bestaand erfgoed

Aandachtspunt is dat het behoud van gebouwd erfgoed ook een spanningsveld met zich meebrengt. Onder andere op het gebied van woningbouw/-transformatie, de verduurzaming van gebouwen (denk aan onder andere het plaatsen van zonnepanelen of dubbele beglazing) en recreatieve ontwikkelingen. Dit vraagt telkens om maatwerk en we zoeken de balans tussen duurzaamheid en het behoud van erfgoed. Ook in nieuw beleid gaan we hier op in.

Breed cultureel aanbod

Een bloeiende culturele sector is van belang voor de gemeente voor het vestigingsklimaat, voor de sociale cohesie en voor toeristische en recreatieve ontwikkeling. Onder andere door gebiedsontwikkeling en locatie- en vastgoedbeleid (het Strategisch Vastgoedplan) worden randvoorwaarden gecreëerd voor het aanbod van cultuur. Kunst in de openbare ruimte en de fysieke voorzieningen voor kunst en cultuur, centraal in de gemeente, of verspreid over de wijken en dorpen leveren daarbij een belangrijke bijdrage aan het functioneren van de gemeente.

De gemeente zet zich in voor het behouden, versterken en verbinden van het cultureel aanbod. Mensen uit verschillende sociale groepen komen door cultuur laagdrempelig in contact met elkaar, wat in het algemeen een positieve invloed heeft op het gevoel van welzijn. Cultuur is een ontmoetingsplaats voor inwoners, bezoekers en organisaties en versterkt het gemeenschapsgevoel. Iedere inwoner van Voorne aan Zee moet daarbij toegang hebben tot het culturele aanbod, zowel passief als actief. Dit vraagt een breed en laagdrempelig aanbod en een actieve motivatie van (kwetsbare) mensen. Een sterke en duurzame culturele infrastructuur is hiervoor essentieel en biedt culturele organisaties de mogelijkheden voor initiatieven. In onze gemeente zijn betrokken inwoners en actieve vrijwilligers daarbij de ruggengraat van het culturele leven.

Cultuur heeft ook een educatieve en promotionele waarde. Voorne aan Zee beschikt over een uitgebreid cultuuraanbod op basis waarvan de verhalen van onze gemeente kunnen worden verteld. We willen onze inwoners en bezoekers actief kennis laten maken met onze rijke geschiedenis maar ook met ons huidige cultuuraanbod. Daarbij zoeken we combinaties met onder andere toerisme en recreatie.

Het is daarom van belang dat het culturele aanbod en de culturele voorzieningen in Voorne aan Zee zichtbaar en goed bereikbaar zijn. Onze cultuur maakt Voorne aan Zee een aantrekkelijke gemeente om te werken, te wonen en te bezoeken.

[1] De Stelling bestaat verder uit inundatievelden (gebied dat onder water kon worden gezet), de liniedijk en verschillende forten, onder andere Noorddijk en Penserdijk.

4.8 Recreatief en toeristisch Voorne aan Zee

Huidige situatie; het is genieten in Voorne aan Zee

In Voorne aan Zee is het goed vertoeven. Dit thema gaat over het recreatieve en toeristische aanbod en de recreatieve netwerken. ’t Is mooi hier. Ons gebied kent uitgestrekte stranden, weidse duingebieden en bruisende vestingsteden. Van wandelen, fietsen en mountainbiken tot zwemmen, paardrijden of genieten van één van de diverse evenementen – in Voorne aan Zee kan het allemaal. We zijn een gastvrije duurzame toeristische bestemming, waar aandacht en respect is voor de bijzondere natuur. Doordat de recreatieve aantrekkingskracht van Voorne aan Zee hoog is, zijn hier ook veel mogelijkheden om te overnachten. Er zijn onder andere campings, hotels en bed & breakfasts, maar ook grootschaligere recreatieparken.

afbeelding binnen de regeling

Voorne aan Zee heeft een sterk vertegenwoordigde recreatiesector door de bijzondere ligging en rijke cultuurhistorie

Genieten van strand en duin

Het strand- en duingebied trekt veel badgasten en natuurliefhebbers. Op het Badstrand Rockanje en het Quackstrand in Hellevoetsluis kan de inwoner en bezoeker zorgeloos recreëren in de zon op het strand en bij de lokale horecapaviljoens. Deze stranden zijn populair bij gezinnen met (kleine) kinderen. Het Oostvoornse strand is een natuurstrand met slikken en zandplaten die vele vogels aantrekken en waar met een verrekijker zeehonden kunnen worden gespot. Het duingebied is vooral populair onder natuurrecreanten, met diverse wandel-, fiets- en ruiterroutes en een bezoekerscentrum. Ook het Quackgors in Hellevoetsluis is een bijzonder natuurgebied waar veel vogels voorkomen. Samen met de terreinbeheerders, waaronder Recreatieschap Voorne-Putten, Natuurmonumenten en Stichting Het Zuid-Hollands Landschap, zorgen wij ervoor dat de natuur in deze Natura2000-gebieden beleefbaar is voor de recreant, bijvoorbeeld door wandelen, fietsen en paardrijden in het Voornes Duin.



Beleef de kustdorpen en vestingsteden

In de kustdorpen Rockanje en Oostvoorne is een veelzijdig recreatief aanbod. Je kunt winkelen, genieten van cultureel erfgoed zoals de Biberbunker of Jacobaburcht en eindeloos struinen in bos en duingebied. Brielle en Hellevoetsluis zijn authentieke vestingsteden met een rijke geschiedenis die aantrekkelijk zijn voor toeristen om te bezoeken. Naast de winkelfunctie zie je de rijke historie van de steden terug in de authentieke gebouwen en straatjes. Meer over dit onderwerp is ook te vinden in H4.7 van deel B; Cultureel en beleefbaar Voorne aan Zee.



Recreatie op en rond het water

Het Oostvoornse Meer is met een uitzonderlijke diepte van gemiddeld 20 meter (lokaal 40 meter) een populaire plek voor waterrecreatie. Het gebied is geliefd bij duikers, surfers, suppers, zwemmers, wandelaars, fietsers, zonnebaders, vissers en ruiters. Rondom het meer loopt een mountainbikeroute en een ruiterroute. Het Oostvoornse Meer heeft daarnaast een uniek cultuurhistorisch karakter vanwege de aanwezigheid van meer dan een dozijn scheepswrakken, waarvan het gros dateert uit de zeventiende eeuw. Dit maakt het een zeer geliefde locatie voor duikers uit de wijde omgeving. Bezoekers van het Brielse Meer beoefenen watersporten (zoals waterskiën), maken wandelingen en fietstochten door de natuur, genieten rustig op de diverse strandjes en recreëren in de jachthavens. Bij het Oostvoornse strand kan jaarrond worden gekitesurft en op het Badstrand Rockanje kan dit buiten het toeristisch seizoen. In de omgeving van Hellevoetsluis in het Haringvliet wordt ook veel gedaan aan watersport. Hellevoetsluis heeft meerdere havens die druk bezocht worden door recreanten. Met de boot kan men op het Haringvliet ontspannen en genieten van de natuur.

afbeelding binnen de regeling

Voorne aan Zee kent vele recreatieparken, campings en resorts waar je prettig kunt recreëren

Opgaven

Binnen het thema Recreatief en toeristisch Voorne aan Zee zijn de volgende punten en ambities geformuleerd:

afbeelding binnen de regeling
afbeelding binnen de regeling

Groeien naar een jaarronde aantrekkelijke bestemming

We hebben de ambitie om jaarrond een aantrekkelijke toeristisch-recreatieve bestemming te zijn, wat inhoudt dat in alle seizoenen recreatiemogelijkheden zouden moeten zijn. We stimuleren en faciliteren nieuwe initiatieven die de toeristisch-recreatieve aantrekkingskracht (met name buiten het hoogseizoen) versterken.

Groeien naar een uniek en veelzijdig (dag)recreatieaanbod

In Voorne aan Zee is veel te doen. We hebben de ambitie om de kwaliteit van het huidige (dag)recreatieaanbod te verbeteren waar dat nodig is en kansen die zich voordoen te verzilveren. Ook willen we ons huidige natuurlijke en cultuurhistorische karakter bewaren en versterken. We zetten niet in op méér van hetzelfde, maar gaan voor een uniek en onderscheidend aanbod dat inspeelt op de waarde van de plek. Daarin betrekken we niet alleen de recreatiegebieden en recreatieparken, maar potentieel alle vormen van toerisme en (dag)recreatie, zodat we een completer en meer samengesteld product kunnen aanbieden. We zetten in op het beter spreiden van recreatieve voorzieningen over Voorne aan Zee. We betrekken ook de polderdorpen in het dagrecreatieve aanbod om zo recreanten en toeristen beter over de gemeente te spreiden.

afbeelding binnen de regeling

‘Glamping’ in Hellevoetsluis, een onderscheidend aanbod

Groeien naar een kwalitatief hoogwaardig (verblijfs)recreatieaanbod

Voorne aan Zee kent een breed aanbod aan verblijfsrecreatie. Een deel bestaat uit kwalitatief hoogstaande accommodaties, maar sommige accommodaties hebben een revitalisering nodig, omdat zij flink verouderd zijn en een verminderde toeristische aantrekkingskracht hebben.

Kwaliteit aanbod verblijfsrecreatie

De provincie doet onderzoek naar de markt voor verblijfsrecreatie. We vinden het belangrijk dat het aanbod van verblijfsrecreatie toekomstbestendig en houdbaar is en daarnaast willen we kansen voor nieuwe ontwikkelingen passend in het gebied benutten. De ambitie luidt daarom om de huidige (niet-toekomstbestendige en niet-houdbare) accommodaties te revitaliseren. Uitgangspunten hierbij zijn passend bij de plek, duurzaam, schoon, heel, veilig, wisselend bezoek, ruimtelijk, natuurlijk en landschappelijk ingericht en kleinschalig. We formuleren duidelijke ruimtelijke kaders en leveren maatwerk. De kwaliteitshandboeken opgesteld voor het buitengebied van de voormalige gemeente Brielle en Westvoorne kunnen hier in ondersteunen.

Strijdig gebruik en ondermijning

We staan geen strijdig gebruik toe. Sommige accommodaties worden gebruikt voor permanente bewoning en/of de huisvesting van arbeidsmigranten. Permanente bewoning heeft een negatief effect op de toeristische aantrekkingskracht van de verblijfsaccommodatie. Voor de kwaliteit van de verblijfsrecreatie is het belangrijk om te handhaven op strijdig gebruik. Een aandachtspunt bij deze opgave is de vastgoedcomponent. In enkele gevallen is sprake van (een risico op) ondermijnende activiteiten in verblijfsaccommodaties. De gemeente zet zich in om ondermijning te voorkomen en tegen te gaan.

Zonering

Kleine campings, camperplekken en Bed & Breakfasts zijn een waardevol onderdeel van het recreatief verblijfsaanbod. De charme van dit aanbod is dat het niet geconcentreerd is op één plek in het gebied, maar juist her en der verspreid is. Hierbij zijn ruimtelijke kaders gewenst om sturing te geven aan zonering.

afbeelding binnen de regeling

Voedselbos Zonnehoeve te Oudenhoorn in het polderlandschap / Blote voetenpad bij het Klokshuys te Brielle

Recreatieve verbindingen koesteren en versterken

Wij willen de aantrekkingskracht van de vestingsteden en kust- en polderdorpen versterken door betere recreatieve verbindingen tussen de vestingen/dorpen en het landelijk gebied. Dit kan bijvoorbeeld door het verbeteren van recreatieve routes. Hiermee versterken we de (toeristische) bereikbaarheid van het landschap. We hebben de ambitie om het polderlandschap toegankelijk te maken voor beleving. Denk bijvoorbeeld aan laarzenpaden langs de kreken en het koppelen van kleinschalige agrarische nevenrecreatie aan cultuurhistorie, zoals de oude molens en forten. Dit alles doen wij samen met de terreinbeheerdersorganisaties, belangenbehartigers en andere betrokkenen.

afbeelding binnen de regeling

Voorne aan Zee kent een fijnmazig recreatief netwerk Wandelen in de Holle Mare

4.9 Ondernemend Voorne aan Zee

Het thema ‘Ondernemend Voorne aan Zee’ gaat in op de aanwezige (maak)industrie, logistiek & handel, detailhandel & horeca, kantoren en land- en tuinbouwsector. Bedrijven die nu in Voorne aan Zee zijn gevestigd, willen wij graag behouden. Wij zien kansen om de diverse werklocaties, zoals bedrijventerreinen, horecalocaties en onze winkelgebieden aantrekkelijker en vitaler te maken. Wij ondersteunen waar nodig en stimuleren toekomstbestendige ontwikkelingen en initiatieven die meerwaarde hebben voor onze gemeente.

Huidige situatie; een diverse economie

De gemeente profiteert van de strategische ligging ten opzichte van de Randstad. Het aantrekkelijke kustlandschap met recreatieve badplaatsen, het Brielse Meer en de authentieke vestingsteden zijn trekpleisters voor recreanten uit de regio. De ontplooiende vrijetijdseconomie zorgt voor veel werkgelegenheid. Door de nabijheid van de Randstad en ook het Rotterdamse havengebied, zijn veel banen beschikbaar voor de bewoners van Voorne aan Zee. Dagelijks vindt dan ook veel pendelverkeer plaats. Maar ook in de eigen gemeente is een ruim aanbod aan bedrijvigheid te vinden, wat zorgt voor een stabiele, lokale arbeidsmarkt.

In en rondom de vestingsteden en dorpen is volop bedrijvigheid. Industrie-, logistiek en maakbedrijven huisvesten zich op de bedrijventerreinen aan de stads- en dorpsranden van de verschillende dorpen en steden in Voorne aan Zee. De meeste terreinen hebben een lokaal, gemengd karakter en huisvesten voornamelijk midden en klein bedrijven (MKB). De bedrijventerreinen Kickersbloem bij Hellevoetsluis en Seggelant bij Vierpolders hebben vanwege hun ligging een regionaal karakter. Ook de Pinnepot bij Oostvoorne is een wat groter bedrijventerrein. Bedrijventerrein ’t Woud ligt tegen Brielle aan en bij Rockanje ligt bedrijventerrein Moolhoek. De bedrijventerreinen worden goed benut en bieden de ruimte voor lokale ondernemers of ondernemers uit de regio. Sommige terreinen zijn in ontwikkeling. Andere terreinen zijn verouderd en vragen om een kwaliteitsslag.

afbeelding binnen de regeling

Voorne aan Zee kent een veelzijdige economie

In de authentieke vestingsteden Brielle en Hellevoetsluis en in mindere mate ook in de badplaatsen Rockanje en Oostvoorne is veel bedrijvigheid op het gebied van detailhandel en horeca te vinden. Niet alleen gericht op de eigen inwoners, maar zeker ook gericht op de recreanten en toeristen die verblijven in Voorne aan Zee. Verder is De Struytse Hoeck in Hellevoetsluis een belangrijk winkelcentrum voor zowel de eigen inwoners, als voor inwoners van Goeree-Overflakkee. In de kleinere polderdorpen zijn weliswaar bijna geen winkels voor dagelijkse boodschappen (supermarkt en speciaalzaken) aanwezig, maar inwoners kunnen hiervoor terecht in Brielle, Hellevoetsluis, Oostvoorne en Rockanje.

De agrarische sector bestaat voor een belangrijk deel uit de land- en tuinbouw en de glastuinbouw. Agrarische gronden zijn een belangrijke economische drager en landschappelijk sturende elementen. Verspreid in het polderlandschap van Voorne aan Zee zijn akkerbouw- cumela- en veeteeltbedrijven aanwezig.

Al van oudsher zijn (glas-)tuinbouwbedrijven aanwezig in Voorne aan Zee, vanwege het gunstige klimaat. Veel tuindersbedrijven waren oorspronkelijk in de binnenduinrand gevestigd. Vandaag de dag zijn de meeste bedrijven gevestigd in de aangewezen glastuinbouwclusters bij Tinte en ten westen van Brielle en Glaspark4P bij Vierpolders. In de binnenduinrand is hierdoor nu meer ruimte voor natuurontwikkeling en recreatie en ook in het polderlandschap is verspreid liggend glas succesvol verplaatst naar de glastuinbouwconcentratiegebieden waardoor verrommeling is tegengegaan. Eventuele verplaatsingen of saneringen van verspreid liggend glas wordt nog steeds gestimuleerd.

Opgaven

Binnen het thema Ondernemend Voorne aan Zee zijn de volgende punten en ambities geformuleerd:

afbeelding binnen de regeling
afbeelding binnen de regeling

Duidelijke profilering van de Voornse economie

Momenteel bestaat de Voornse economie uit een combinatie van de recreatieve/toeristische sector, de tuinbouw/ landbouwsector en overige bedrijvigheid (zoals detailhandel, automotive en logistiek). Het midden- en kleinbedrijf vormt in onze gemeente een motor voor de lokale economie en de lokale ondernemers vormen de basis van een gezonde economie in de gemeente. Voorne aan Zee blijft daarom de werkgelegenheid stimuleren door een rode loper aanpak te hanteren voor huidige en nieuwe ondernemers. Wij versterken de lokale economie door het bieden van een gunstig en kansrijk ondernemingsklimaat. Wij geven ondernemers fysieke ontwikkelruimte en helpen hen op weg. We willen de MKB-vriendelijkste gemeente zijn. Werk dichtbij huis is goed voor de vitale en sociale steden, dorpen en wijken.

Naast de lokale bedrijvigheid ligt één van de grootste economische trekkers letterlijk om de hoek: wereldhaven Rotterdam. Voorne aan Zee is dan ook vooral een forensengemeente waar veel werknemers die werken in het Rotterdamse havengebied woonachtig zijn.

We hebben de ambitie om te werken aan een duidelijk ‘economisch DNA van Voorne aan Zee’. In de Regio Deal van de Zuid-Hollandse Delta werken we samen aan de thema’s Duurzaamheid, Agrifood, Landschap & Toerisme en Onderwijs & Arbeidsmarkt. Door zowel economische als ecologische verbeteringen wordt gewerkt aan een duurzame, innovatieve en bruisende regio. In dit kader willen we werken aan het concretiseren van de ambitie om het creëren van extra werkgelegenheid te faciliteren en te ondersteunen. Potentiële groeisectoren zijn toerisme en recreatie, persoonlijke dienstverlening, welzijn en sociaal ondernemerschap.

De gemeente is bovendien zichtbaar en benaderbaar voor ondernemers, werkt met hen samen aan een sterke lokale economie en stimuleert vernieuwing en verduurzaming. We werken met ondernemers, businessclubs en winkeliersverenigingen samen aan levendige centrumgebieden en aan goede kansen in de arbeidsmarkt. Ook regionale samenwerkingen met partijen zoals de MRDH, LTO en Glastuinbouw Nederland dragen bij aan een sterke economie. De gemeente koestert de wens om Voornse bedrijven nog beter te verenigen en een professioneel Business Platform op te tuigen ten gunste van de Voornse economie en het vergroten van de brede welvaart in de gemeente.

Bestaande en nieuwe bedrijventerreinen toekomstbestendig maken met voldoende ruimte om te ondernemen

De eisen aan bedrijventerrein veranderen, met meer focus op duurzaamheid en ruimtelijke kwaliteit. We houden daarom de bestaande bedrijventerreinen vitaal en stimuleren de verduurzaming daarvan. De ambitie luidt om de bedrijventerreinen toekomstbestendig te maken en ruimte te creëren voor uitbreiding van (lokale) bedrijvigheid op de juiste locatie.

Regionaal is sprake van een gebrek aan werklocaties. Ook binnen Voorne aan Zee drogen de mogelijkheden op. Een vraagstuk is in hoeverre wordt ingezet op het faciliteren van de vraag naar (regionale en lokale) bedrijfsruimte, via uitbreidingsmogelijkheden of herontwikkeling van verouderde bedrijventerreinen. In algemene zin heeft het herontwikkelen van verouderde bedrijven(terreinen) de voorkeur boven uitbreiding die ten koste gaat van het buitengebied.

Meervoudig ruimtegebruik en het juiste bedrijf op de juiste plaats

Meervoudig ruimtegebruik, naast het juiste bedrijf op de juiste plaats, is één van de belangrijke pijlers in de recent vastgestelde en door de provincie geaccepteerde, strategie bedrijventerreinen van de MRDH. Hiermee kan worden ingespeeld op het algemene gebrek aan werklocaties, ook op lokaal niveau. In die lijn ligt het voor de hand dat ook Voorne aan Zee hiervoor een positieve grondhouding ontwikkelt.

We maken keuzes in welk type bedrijven we willen aantrekken en welke bedrijven we geen ruimte bieden in Voorne aan Zee. Duurzame bedrijven die voor veel arbeidsplaatsen zorgen hebben de voorkeur. Datacentra en nog meer distributiebedrijven zijn niet wenselijk op de reguliere bedrijventerreinen vanwege onder andere de verhouding tussen de ruimte die zij innemen en het beperkte aantal arbeidsplaatsen dat ze verschaffen. Daarnaast zijn zij grootverbruikers van elektriciteit en daarmee een grote belasting voor het elektriciteitsnetwerk en werken ze de ‘verdozing van het landschap’ in de hand.

Kwaliteitsverbetering van verouderde bedrijventerreinen en functiemenging

Voor de lokale, verouderde bedrijventerreinen ligt de focus op kwaliteitsverbetering of herontwikkeling. We gaan inventariseren welke bedrijventerreinen zich lenen voor deze kwaliteitsverbetering. Dit kunnen ook onderdelen van bedrijventerreinen betreffen. De volgende bedrijventerreinen lijken zich te lenen voor een kwaliteitsverbetering en eventuele herstructurering:

  • ’t Woud, Brielle;

  • Pinnepot, Oostvoorne;

  • Moolhoek, Rockanje;

  • Dijckpotingen, Vierpolders;

  • Henry Fordstraat, Zwartewaal;

  • Werfplein, Zwartewaal.

Op deze bedrijventerreinen zien we kansen voor meervoudig/dubbelgebruik met inachtneming van de economische primaire functies van de bedrijventerreinen. Alleen als sprake is van incourante leegstand kan worden getransformeerd naar andere functies. Op deze bedrijven is in de toekomst mogelijk ruimte voor een bepaalde mate van functiemenging (wonen-werken) of transformatie en verkleuring naar woongebied. Ook is mogelijk meer ruimte voor andere activiteiten, zoals (ondersteunende) detailhandel die minder goed past in centrumgebieden, kantoren of een sportschool. We gaan op zoek naar locaties die in deze behoefte kunnen voorzien.

Bepaalde terreinen lenen zich minder goed voor het mengen van functies. Zoals bedrijventerrein Kickersbloem en Seggelant. Slim en meervoudig ruimtegebruik is ook op deze bedrijventerreinen het uitgangspunt.

Uitbreiden op Kickersbloem

Momenteel wordt gewerkt aan de derde fase van Kickersbloem 3. Kickersbloem 3 ligt in Hellevoetsluis, ten noordoosten van het bestaande bedrijventerrein Kickersbloem 1 en 2, langs de Ravenseweg richting Oudenhoorn. De ontwikkeling van dit bedrijventerrein is belangrijk voor de economie in onze gemeente. Het trekt nieuwe bedrijven naar Voorne aan Zee en zorgt voor banen. We ronden bedrijventerrein Kickersbloem 3 (fase 1-3) af en promoten dit bedrijventerrein als locatie met ruimte en beschikbaarheid van grote kavels in de nabijheid van de A15 en, met de opening van de Blankenburgverbinding, van de A20.

Aandachtspunt hierin is de rol die het terrein heeft: in eerste instantie het clusteren van de gemengd/lokale bedrijvigheid. Kickersbloem is aanvankelijk bedoeld voor het faciliteren van de vraag naar (klein-regionale) bedrijfsruimte. Het terrein voorziet in de vraag vanuit herontwikkeling van verouderde bedrijventerreinen en van doorontwikkeling van lokale ondernemingen.

Er ligt ook een reservering voor Kickersbloem 3, fase 4. Samen met de MRDH starten wij een onderzoek naar verdere uitbreiding van Kickersbloem 3. De (bestuurlijke) ambitie voor fase 4 gaat niet meer over grootschalige logistiek. De ambitie is vooralsnog het realiseren van een gemengd bedrijventerrein met een uitgeefbaar oppervlakte van circa 11-12 hectare. Het onderzoek gaat over marktvraag en profilering van het terrein. Doel is om een klein-regionaal verhaal voor dit terrein te ontwikkelen om het op die manier gerealiseerd en verkocht te krijgen, ook aan de partner-gemeenten binnen de MRDH.

afbeelding binnen de regeling

Leeg Kickersbloem 3 krijgt snel vijf nieuwe bedrijfshallen / We stimuleren en positioneren de Bedrijven Investeringszone Seggelant

Seggelant dient naast bedrijvigheid de energietransitie

We stimuleren en positioneren verder de bestaande Bedrijven Investeringszone Seggelant. Het werkingsgebied van de BIZ kan in de toekomst worden uitgebreid naar vervolgfasen. In de Ondernemerspolder bij Brielle ligt een ruimtelijke reservering voor de energietransitie, als onderdeel van de eerdere visie op de Landschappelijke Noordrand/Geuzenlinie. In het provinciaal beleid staat het gebied echter ook gemarkeerd als reservering voor uitbreiding bedrijventerrein.

Tegengaan van plaatsgebonden overlast

De aanwezigheid van solitaire, zware bedrijvigheid in het landelijk gebied is een aandachtspunt met het oog op de verkeersoverlast en de fysieke omgevingsveiligheid. We onderzoeken voor nieuwe bedrijvigheid en ontwikkelingen de mogelijkheden van Bedrijven en Milieuzonering Nieuwe Stijl (zie ook H4.4 van deel B; Gezond en veilig Voorne aan Zee).

Huisvesting van arbeidskrachten

Aandachtspunt is om te zorgen voor passende huisvesting van arbeidskrachten. Deze opgave werken we meer concreet uit in de Wonen Welzijn en Zorg visie. Hier liggen kansen om huisvesting bij grote bedrijven op eigen grond te faciliteren. In de beleidsnotitie huisvesting Arbeidsmigranten Voorne aan Zee worden mogelijkheden voor initiatieven benoemd. We zien huisvesting bij Kickersbloem als een eerste kansrijke locatie.

Duurzaam toekomstperspectief voor de agrarische land- en tuinbouwsector

Wij zijn trots op de agrarische sector in Voorne aan Zee. De agrifoodsector – waarbij het zowel gaat om primaire productie (akkerbouw, veeteelt) als om voedselverwerking – is een beeldbepalende sector in de gemeente. Deze sector zorgt voor werkgelegenheid, verdienvermogen, voedselvoorziening en leefbaarheid van het buitengebied. We staan voor het behoud van de agrarische sector, maar stimuleren ook agrariërs die in transitie willen. Aan hen geven we de ruimte.

Het totale landbouwareaal is de laatste jaren aan het afnemen. Deels door de komst van nieuwe woongebieden en bedrijventerreinen en ruimte die wordt ingezet voor recreatieve voorzieningen. Ook wordt de agrarische sector gekenmerkt door een schaalvergroting, waarbij steeds minder, maar wel steeds grotere bedrijven ontstaan. Hoewel de schaalvergroting in Voorne aan Zee vanuit (inter)nationaal gezichtspunt bezien relatief meevalt, neemt het oppervlak grond in gebruik per bedrijf toe. Voormalige agrarische bedrijfsbebouwing komt hierdoor soms leeg te staan en vraagt om een nieuwe functie of sanering om verrommeling en ondermijning te voorkomen. Naast schaalvergroting heeft ook een verbeterde efficiency gevolgen, steeds meer agrariërs zijn niet meer fulltime met de agrarische bedrijfsvoering bezig. Deze ontwikkelingen hebben belangrijke gevolgen voor het landelijk gebied en vragen om keuzes.

We spelen in op de kansen en mogelijkheden van het ZH-PLG (Zuid Hollands Programma Landelijk Gebied). In het ZH-PLG worden verschillende doelen in samenhang opgepakt op het gebied van natuur, water, klimaat en landbouw. De provincie Zuid-Holland werkt de doelen met gebiedspartners verder uit voor Voorne-Putten. Daarnaast initieert de provincie een scenariostudie om samen met de gebiedspartners in beeld te brengen welke grote uitdagingen er op de lange termijn op het landelijk gebied af komen en hoe we daar mee om willen gaan. Voorne-Putten zet in op een duurzaam toekomstperspectief voor de agrarische sector en daarbij werken we samen met de agrariërs, LTO Noord en Glastuinbouw Nederland.

We hebben de volgende ambities en uitdagingen voor de agrarische sector:

  • We werken aan een toekomstbestendige agrarische sector.

  • We werken aan toekomstbestendige voedselproductie.

  • We staan voor het behoud van agrarische functies in het buitengebied. Dit betekent concreet dat we ons landbouwareaal behouden en ons agrarische profiel bewaken.

  • We vinden het belangrijk dat op Voorne-Putten voldoende volwaardige landbouwbedrijven zijn. Dit zorgt ervoor dat de toeleverende sector, zoals loonbedrijven en toeleveranciers, hier kan blijven zodat we de economische voordelen kunnen blijven benutten. We willen heel de keten behouden. We willen de land- en tuinbouw gericht ondersteunen om de benodigde verandering door te maken én daar sterker uit te komen.

  • De gemeente ondersteunt agrarische bedrijven in de zoektocht naar economisch haalbare verdienmodellen die ook op lange termijn (juridisch) houdbaar zijn.

  • We faciliteren nieuwe ontwikkelingen en/of verdienmodellen in het landelijk gebied, met behoud van de agrarische functie en – waar dat niet mogelijk is – met andersoortige functies.

  • We stimuleren de verduurzaming van de land- en tuinbouwsector.

afbeelding binnen de regeling

Wij zijn trots op de agrarische sector in Voorne aan Zee

Op basis van de beleidskeuzes ‘stikstofreductie en bodem en water sturend’ ontstaan belangrijke inzichten voor de landbouw. We blijven ontwikkelingen binnen de stikstofcrisis goed in de gaten houden en hebben geregeld overleg met de provincie. Daarbij is de insteek om zoveel mogelijk de agrarische sector te behouden en te ondersteunen in Voorne aan Zee en we hebben de aandacht voor eventuele piekbelasters. Wij juichen de toepassing van beschikbare technieken en innovaties om de stikstofbelasting vanuit agrarische bedrijven te minimaliseren toe. We vinden het belangrijk onze zoetwatervoorzieningen te beschermen. Hoe we dit doen is beschreven in H4.5 Natuurlijk Voorne aan Zee van deel B.

Daarbij speelt in Voorne aan Zee de extra factor van verzilting en de vraag of zilte teelt kansrijk is. Die krijgt een plek in een nog op te stellen toekomstperspectief voor de landbouw op Voorne. Het pad in de landbouwtransitie kan gericht zijn op innovatie, extensivering, omschakelen naar nieuwe vormen van landbouw, of verplaatsing of beëindiging van het bedrijf. In dit kader wordt (samen met partners) gewerkt aan deze duurzame landbouwtransitie en hier een visie op gemaakt die we, wanneer deze gereed is, integreren in de omgevingsvisie.

De trend naar meer duurzame landbouw is waarneembaar, bijvoorbeeld biologische landbouw, strokenlandbouw of kringlooplandbouw, natuurinclusieve landbouw[1] en een verbreding van de bedrijfsvoering (multifunctionele landbouw). Hoewel omschakeling van bedrijfsvoering niet eenvoudig is, biedt de ligging nabij grootstedelijk gebied hiervoor wellicht kansen. Op Voorne-Putten wordt al aan enige vormen van kringlooplandbouw gedaan, waar agrarische bedrijven van elkaars grondstoffen gebruik maken. In algemene zin stimuleert Voorne aan Zee de transitie naar een meer duurzame landbouwvorm. Initiatieven op dit vlak vinden uitsluitend plaats op vrijwillige basis.

Naast de agrarische sector dragen ook andere gebruikers bij aan de vernieuwing en ontwikkeling op het platteland. Functies als wonen, soms gecombineerd met het werken aan huis, nemen nog steeds toe. Nieuwe natuur en watergerelateerde functies brengen eveneens een nieuwe dynamiek in het landelijk gebied, evenals het recreatief (mede)gebruik. Mogelijk kunnen in nieuwe functies ook financiële dragers gevonden worden die bijdragen aan de verdere ontwikkeling van het buitengebied van Voorne aan Zee. We geven agrariërs de ruimte voor eventuele nevenactiviteiten, zoals agrotoerisme, kleinschalige recreatie en kleinschalige vormen van energieopwekking. Het omgevingsplan biedt al vele mogelijkheden als onderdeel van de agrarische bedrijfsvoering. Belangrijk is ook dat de mogelijkheden voor lokale ondernemers om hun producten in de directe nabijheid af te zetten (korte ketens) toenemen. Steeds meer consumenten willen lokale producten kopen. We stimuleren dit en landwinkels moeten goed bereikbaar zijn.

afbeelding binnen de regeling

In de winkel ‘Vers van Voorne’ koop je vers geteelde groenten en planten waar als het kan, afkomstig van lokale telers.

Als laatste benoemen en erkennen we graag de functie van de boer als landschapsbeheerder. We stimuleren ontwikkelingen in het landelijk gebied die zorgen voor een hogere biodiversiteit, zoals bloemrijke akkerranden. Het ontwikkelen en onderhouden van de groen-blauwe dooradering van ons landschap draagt bij aan biodiversiteit, waterberging en de waterkwaliteitsopgave. Verder is ook een goede (landschappelijke) inpassing in het agrarische buitengebied zeer belangrijk. Dat geldt overigens ook voor de randen van bedrijventerreinen, op de overgang naar het buitengebied. Bij nieuwe ontwikkelingen in het buitengebied streven we altijd naar een kwaliteitsimpuls en gaan hiermee verrommeling in het buitengebied tegen. Een goede landschappelijke inpassing met inheemse beplanting is een voorbeeld van een belangrijke voorwaarde. Met het opstellen van het omgevingsplan wordt onderzocht op welke wijze hierop wordt gestuurd.

Verdere concentratie van glastuinbouwbedrijven in de aangewezen clusters

De ambitie luidt om de verspreidde glastuinbouwbedrijven in het landelijk gebied te clusteren in de aangewezen glastuinbouw concentratiegebieden. Op dit moment is circa 35 van de 55 hectare gerealiseerd en/of in ontwikkeling als het gaat om het glastuinbouwintensiveringsgebied in Tinte. Aandachtspunt is in hoeverre het haalbaar is om het nog resterende deel van de opgave te verwezenlijken. In dit kader is het belangrijk dat de visie op het glastuinbouwconcentratiegebied geactualiseerd wordt en van toepassing is op alle glastuinbouw in Voorne aan Zee. Daarnaast is het belangrijk om duidelijke kaders te bieden voor de transformatie van het verspreide glas. Aandachtspunt hierin is de visie op het gebied aan de westkant van Brielle. Zie voor de volledige gebiedsgerichte uitwerking van de glastuinbouwgebieden H3.8 van deel A; Glastuinbouw. We stimuleren de verduurzaming van de glastuinbouwsector. In Vierpolders en Tinte wordt al gebruik gemaakt van aardwarmte. Verder zien we op de eigen percelen kansen voor de huisvesting van seizoenarbeiders. Hier moet het mogelijk zijn om onder voorwaarden (tijdelijke huisvesting) woonunits toe te voegen op eigen grond voor eigen personeel.

afbeelding binnen de regeling

Glastuinbouw op Voorne aan Zee

Inzet op levendige centrumgebieden

De ambitie luidt om een kwaliteitsimpuls te geven aan de centrumgebieden van de dorpen en centrumgebieden en wijkcentra van de steden. Het voorzieningenniveau en ruimtelijke uitstraling is op sommige plekken rommelig en verouderd. De kwaliteitsimpuls is nodig met het oog op de leefbaarheid.

Over het algemeen staat de lokale detailhandel onder druk en krimpt, zeker in de kleine dorpen. Onder andere als gevolg van schaalvergroting, hoge huren, hoge energieprijzen en de toename en concurrentie van online-shoppen. Dit betekent dat leegstand op de loer ligt.

Aan de andere kant is meer aandacht voor ‘lokaal kopen’. In de centrumgebieden van de vestingsteden en kustdorpen liggen kansen voor de recreatieve sector/vrijetijdseconomie. De zogenoemde ‘belevingseconomie’ is namelijk in opkomst en dit vraagt om aantrekkelijke, levendige centrumgebieden (veel groen, cultuurhistorische bezienswaardigheden, verblijfsmogelijkheden) en een mix aan functies ,zoals winkels, horeca, recreatie en evenementen.

We zien graag dat de centrumgebieden ‘levendig’ zijn en een ‘nice place to be’ in plaats van een ‘nice place to buy’.

afbeelding binnen de regeling

Winkelen in de levendige centrumgebieden van Brielle en Hellevoetsluis

Voor met name Hellevoetsluis is uitbreiding van verspreide bewinkeling niet gewenst. Winkels in een winkelgebied kunnen van elkaar profiteren. Dit versterkt de winkelstructuur als geheel. In dat opzicht wordt ingezet op clustering van winkelgebied.

Om de koopkracht in de centra te behouden staan we geen detailhandel toe buiten deze centrumgebieden, met uitzondering van grootschalige detailhandel (zoals autodealers en bouwmarkten) op bedrijventerreinen en detailhandel als nevenactiviteit op bijvoorbeeld vakantieparken en agrarische bedrijven ten behoeve van de verbrede plattelandseconomie.

Het uitgangspunt voor de dorpen is om de aanwezige commerciële en maatschappelijke voorzieningen zoveel mogelijk te concentreren. We blijven ruimte bieden aan winkels om deze open te stellen op zondag.

We verstevigen de economische positie van de centrumgebieden. Dat doen we door uitvoering te geven aan de visie centrumvoorzieningen (inclusief detailhandel en horeca). Onderdeel hiervan is de toekomstvisie voor winkelcentrum De Struytse Hoeck in Hellevoetsluis. Dit pakken we op in 2025. De Rijksstraatweg in Hellevoetsluis behouden we als gevarieerde aanloopstraat.

De leefbaarheid in en van kleine dorpen hangt in veel gevallen samen met de beschikbaarheid en bereikbaarheid van dagelijks winkelaanbod. De gemeente wil inzetten op toekomstbestendig maken van de bestaande buurt- en wijkwinkelcentra in de dorpen en steden. Idealiter is in elk buurt- en wijkwinkelcentrum een supermarkt met aanvullende voorzieningen, zoals bijvoorbeeld speciaalzaken, horeca en drogist.

Het winkelcentrum De Struytse Hoeck in Hellevoetsluis fungeert als regionaal winkelcentrum. De buurt- en wijkwinkelcentra zijn dan ook aanvullend op het winkelcentrum dat zowel het boodschappencentrum met de grootste aantrekkingskracht en verzorgingsfunctie blijft als het winkelgebied voor niet-dagelijkse artikelen (zoals mode & luxe).

Voor de kern van Brielle geldt dat hier sprake is van een centrumgebied in een historische binnenstad. Dit vraagt om een specifieke aanpak en daar zijn de mogelijkheden beperkter. Het winkelaanbod in het centrumgebied is weliswaar regionaal maar kan in mindere mate voorzien in het aanbod van eerste levensbehoeften door de beperkte logistieke mogelijkheden. De supermarkten zijn dan ook gesitueerd buiten het centrumgebied.

Passende facilitering van de kantoorvraag

Door de ‘nieuwe manier van werken’ – flexibel, digitaal en meer op afstand – verandert de kantoorvraag. In Voorne aan Zee is op dit moment nog geen duidelijk beeld van deze veranderende kantoorvraag. In de gemeente zijn niet veel (grote) kantoorpanden aanwezig en de leegstand is relatief laag. Een speerpunt van de gemeente is om de eventuele kantoorvraag passend te faciliteren, in eerste instantie via transformatie en daarna pas nieuwbouw. In opdracht van de MRDH is een actuele visie op kantoorlocaties opgesteld. Dit onderbouwd in algemene zin onze lokale mogelijkheden.

[1] Natuurinclusieve landbouw is een manier van boeren waarbij gewerkt wordt binnen de grenzen van de natuur. Boeren waardoor de biodiversiteit, de rijkdom aan planten en dieren, toeneemt. Een vorm van kringlooplandbouw met aandacht voor natuur en landschap

4.10 Bereikbaar Voorne aan Zee

Het thema ‘Bereikbaar Voorne aan Zee’ gaat in op de aanwezige infrastructuur en mobiliteitsmogelijkheden. Het gaat ook over knelpunten in de bereikbaarheid van Voorne aan Zee (zowel regionaal als lokaal) en over de duurzame mobiliteitstransitie.

Huidige situatie

Zoals al eerder benoemd, ligt Voorne aan Zee dichtbij Rotterdam en de Randstad. De gemeente maakt onderdeel uit van de Zuid-Hollandse Delta. De meeste inwoners maken voor dagelijks vervoer gebruik van de auto. De autoweg N57 doorsnijdt als een rechte lijn het landschap en wisselt land en water af. In het noorden sluit de N57 aan op de A15 richting Rotterdam en Maasvlakte; naar het zuiden loopt de N57 via de eilanden naar Middelburg en sluit daar aan op de A58. De provinciale weg N218 loopt van Oostvoorne naar Rotterdam, en sluit bij zowel het begin als einde aan op de A15. De verschillende dorpen zijn te bereiken via de provinciale wegen N218, N494, N496 en N497 en de polder- en dijkwegen van het waterschap Hollandse Delta. Met R-netlijnen 403 en 404 heeft Voorne aan Zee twee Hoogwaardige Openbaar Vervoer (HOV)-lijnen, aangevuld met enige lokale buslijnen. Het HOV verbindt de dorpen en biedt snelle verbindingen naar Spijkenisse. Vanuit Spijkenisse lopen twee metrolijnen naar de regio Rotterdam. Met de openstelling van de Blankenburgverbinding is een nieuwe HOV-buslijn toegevoegd van Brielle via de tunnel naar station Schiedam (een intercity treinstation). Het fietsnetwerk in Voorne aan Zee is buiten de bebouwde kom voornamelijk in beheer bij het waterschap Hollandse Delta, de provincie Zuid-Holland en het Zuid-Hollands Landschap.

afbeelding binnen de regeling

Voorne aan Zee kent een uitgebreid netwerk van wegen, ontsluitingen en routes zodat bewoners, bezoekers en werknemers zich kunnen verplaatsen

Opgaven

Binnen het thema Bereikbaar Voorne aan Zee zijn de volgende punten en ambities geformuleerd:

afbeelding binnen de regeling
afbeelding binnen de regeling

Een bereikbaar Voorne aan Zee

De ambitie luidt om te zorgen voor een bereikbaar Voorne aan Zee. Het wegennet staat onder druk en lopende en geplande ontwikkelingen (zoals woningbouw, uitbreiding Kickersbloem) vragen om meer capaciteit. In de regio is de Blankenburgverbinding een belangrijk project. Dit is een nieuwe snelweg (A24) die de A20 bij Vlaardingen verbindt met de A15 bij Rozenburg. Door deze verbinding wordt, op basis van onderzoeken, op de N57 een toename van 40-70% van het verkeer verwacht. We blijven ons daarom inzetten bij het Rijk om van de gewenste verbreding van de N57 naar 2x2 rijstroken een prioriteit te maken. Verder treft Voorne aan Zee voorbereidingen voor de besluitvorming en middelen voor de realisatie van de ongelijkvloerse kruising Nieuweweg/N57.

Regionaal kent Voorne aan Zee een aantal knelpunten in het bestaande netwerk. Om bestaande knelpunten aan te pakken is samen met de MRDH, de provincie Zuid-Holland en de gemeenten op Voorne Putten een maatregelenpakket samengesteld om de verkeersafwikkeling op Voorne-Putten te verbeteren. Ondertussen zijn een aantal projecten reeds afgerond. De maatregelen en partners staan in de tabel hieronder.

afbeelding binnen de regeling

Nieuw mobiliteitsprogramma en het aanpakken van knelpunten op het lokale wegennet

In de loop van 2024 en het begin van 2025 werken we aan een nieuwmobiliteitsprogramma. Lokaal zijn enkele knelpunten te benoemen die hierin worden uitgewerkt. Zo is op sommige plekken in de dorpen de doorstroming onvoldoende wat zorgt voor drukte en mogelijk onveilige situaties. Zeker nu het recreatief fietsen en wandelverkeer ook toeneemt. Een van de speerpunten is dan ook het tegengaan van verkeersoverlast in de dorpen en het zorgen voor een goede leefbaarheid en verkeersveiligheid. Zaken die we verder uitwerken zijn:

  • Het tegengaan van hinder van vrachtverkeer. Doordat vrachtwagens wegen gebruiken die daar niet primair voor bedoeld zijn, of parkeren in woongebieden, ondervinden we problemen met de leefbaarheid in diverse dorpen en steden. Op enkele plekken worden daarom vrachtwagenverboden ingesteld. Verder is al besloten een :directe afslag vanaf de N57 richting de Rijksstraatweg. Die zorgt ervoor dat hinder van vrachtverkeer richting Glaspark 4P enigszins zal worden beperkt. Ook hinder van vrachtverkeer bij Glasintensiveringsgebied Tinte behoeft aandacht. Parkeerplaatsen voor het langdurig parkeren van vrachtwagens (ver)plaatsen we zoveel mogelijk buiten woongebieden.

  • De bereikbaarheid van Hellevoetsluis staat onder druk en daarom wordt gewerkt aan een randweg. Zo wordt gekeken naar het verbeteren van de ontsluiting van Kickersbloem 3 en de noordelijke verkeerskundige ontsluiting van Hellevoetsluis. Ook wordt gekeken naar de mogelijkheden van een westelijke randweg. Hiervan ligt het tracé nog niet vast. Voor beide opgaven zijn de landschappelijke/ecologische inpassing en de gevolgen van stikstofdepositie aandachtspunten. We geven in het nieuwe mobiliteitsprogramma aandacht aan de mogelijkheden voor de oostelijke en westelijke randweg voor Hellevoetsluis.

Faciliteren van de duurzame mobiliteitstransitie

De ambitie luidt om de duurzame mobiliteitstransitie te faciliteren. In deze transitie is veel aandacht voor elektrificatie van vervoersmiddelen. Vanuit de samenleving is een groeiende behoefte aan openbare laadpalen. We werken mee aan locaties waar deze vraag van toepassing is. Vooralsnog ligt het zwaartepunt bij elektrische auto’s maar we spelen in op eventuele vraag naar laadpunten voor elektrische fietsen. De gemeente is alert op kansen om OV-mogelijkheden te verbeteren, zoals de recente uitbreiding van het openbaar vervoer richting de Maasvlakte. In het nieuwe mobiliteitsprogramma werken we ambities aangaande de Modal Split (de verhouding van het aantal reizigers tussen de verschillende vervoerwijzen) verder uit.

Creëren van meer- en veilige ruimte voor (snel)fiets- en voetverkeer

In steeds meer dorpen en steden in Nederland komt meer ruimte voor fiets- en wandelverkeer in het straatbeeld. Op lange termijn verbeteren we de leefbaarheid in de vestingen en voegen ruimtelijke kwaliteit toe: het weren van bezoekersparkeren uit de vestingen. Daarnaast willen we, waar dat mogelijk is, de fietsstructuur verbeteren door de aanleg van ontbrekende schakels, verbreding van fietspaden en het comfortabel maken door tegels te vervangen door asfalt of qua comfort tenminste vergelijkbare toepassingen. Omdat de meeste fietspaden in beheer zijn bij de provincie en het waterschap, zal dit in overleg met deze partijen zijn.

afbeelding binnen de regeling

We zorgen voor voldoende openbare laadpunten

Parkeerbeleid in balans met onze ambities op leefbaarheid, wonen en werken

De parkeernota is vigerend beleid wat toegepast wordt bij alle planinitiatieven. We zorgen dat dit parkeerbeleid altijd in balans is met andere ambities op het gebied van wonen, werken en recreëren. De parkeerdruk in de bestaande wijken is vrij hoog en de geparkeerde auto neemt veel ruimte in beslag. In de bestaande wijken zetten we waar mogelijk in op het verbeteren van OV-mogelijkheden en het stimuleren van fietsgebruik zodat autogebruik mogelijk afneemt en ruimte ontstaat.

Zorgen voor een veilig netwerk voor alle gebruikers

Om de verkeersveiligheid binnen de bebouwde kom te vergroten, richten we 30 km/u-gebieden in. Drempels, versmallingen en smalle rijbanen moeten het verkeer afremmen. Het gaat om woonwijken, winkelstraten, scholen en andere plaatsen waar veel voetgangers, fietsers en spelende kinderen komen.

Buiten de 30 km/u-gebieden en binnen de bebouwde kom is de maximumsnelheid 50 km/u.

Een belangrijke voorwaarde is dat de inrichting van de wegen op een logische wijze aansluit bij het gewenste gebruik. Nieuwe fietspaden zijn bij nieuwe grotere gebiedsontwikkelingen zoveel mogelijk vrijliggend en gescheiden van het autoverkeer.

Het waterschap is beheerder van een groot deel van de polderwegen. Bij hen vragen we aandacht voor onderhoud en verkeersveiligheid in samenhang met het landbouwverkeer dat inherent is aan het gebied.

Gedragsaanpak in het kader van verkeersveiligheid en modal shift

Verkeersveiligheid hangt sterk samen met gedrag van verkeersdeelnemers. Het beïnvloeden van gedrag is een continuproces voor een brede doelgroep. De gemeente trekt samen met regionale partijen op voor het verzorgen van verkeerseducatie op scholen, seniorencursussen, BOB-acties, schoolbrengdagen en actieweken voor fietsverlichting of bij de start van het schooljaar.

Autogebruik kan worden teruggedrongen als er alternatieven voorhanden zijn. Die alternatieven moeten kunnen concurreren op reistijd, comfort, kosten, gezondheid of veiligheid. HOV op Voorne-Putten is een goed alternatief vanwege de snelheid en kosten, met name richting centra van de steden. Voor korte afstanden is de fiets een goed alternatief, waarbij de elektrische fiets ook voor de middellange afstand een goed alternatief biedt. De gemeente ondersteunt of initieert kansrijke initiatieven.

Deel C; Visie op de uitvoering

5. Werken met de omgevingsvisie Voorne aan Zee 2040

5.1 Inleiding

Deel C van de omgevingsvisie laat zien hoe de omgevingsvisie Voorne aan Zee 2040 te gebruiken is. Hoe gaan we de stap maken van een visie naar uitvoering? Als gemeente staan we hiervoor niet alleen zelf ‘aan de lat’. De omgevingsvisie van Voorne aan Zee staat ook niet op zichzelf. Er is een duidelijke relatie met het omgevingsplan en programma’s onder de Omgevingswet. Dit kan in de toekomst de reden zijn om de omgevingsvisie weer iets aan te passen als dit nodig is. Deze omgevingsvisie (de stip op de horizon) is nu bewust globaal van opzet en kan bij een eventuele toekomstige aanpassing op onderdelen gedetailleerder worden, als dat nodig is. De ambities kunnen in een latere fase nog verder worden verdiept in Programma’s of planontwikkelingen. We werken samen met andere partijen en de regio aan de ambities beschreven in deze omgevingsvisie. De gemeente zal hierin zo nu en dan verschillende rollen aannemen. Soms zijn we initiatiefnemer, regisseur of maken we juist zaken mogelijk. Het realiseren van doelen uit de omgevingsvisie zal ook kosten met zich meebrengen. We hebben daarom beschreven welke mogelijkheden er zijn om deze investeringen te bekostigen. We gaan kort in op diverse andere aspecten die met de uitvoering samenhangen, zoals verevening en kostenverhaal, subsidie en cofinanciering en voorkeursrecht. Tot slot geven we aan hoe we omgaan met de monitoring, evaluatie en handhaving.

afbeelding binnen de regeling

Rollen samenleving, gemeentelijke organisatie en bestuur

5.2 (Be)sturingsfilosofie, samenwerking en rol van de gemeente en partners

We vinden het in Voorne aan Zee belangrijk dat inwoners, ondernemers en andere partijen zoveel mogelijk de ruimte krijgen om onderdeel te zijn van de ruimtelijke ontwikkeling van Voorne aan Zee. Ook vinden we het belangrijk dat zij in een vroeg stadium worden betrokken bij het maken van plannen en het beoordelen van initiatieven. Met een open houding staan we klaar voor wie ons nodig heeft. Hierbij gaan we niet uit van het ‘nee, tenzij’ principe, maar het ‘ja, mits’. Als het nodig is zoeken we hiervoor de rek in de regels. We willen maatwerk bieden waar dit nodig is. Daarnaast willen we in de toekomst sneller beslissingen nemen, integraler werken en nog transparanter zijn.

Wij zijn ervan overtuigd dat er veel kracht en kennis aanwezig is in de lokale gemeenschap. Die kan nog beter gemobiliseerd en benut worden. Er wordt dan ook gekozen voor een terugtredende rol van de gemeentelijke overheid. De gemeente gaat minder taken zelf doen en meer een regierol pakken om deze kracht in de samenleving te organiseren. Inwoners, ondernemers en maatschappelijke organisaties zijn goed in staat om zichzelf en elkaar te helpen, elkaar aan te spreken op gedrag, samen problemen in hun buurt of wijk op te lossen en zelf initiatieven te nemen. Daarom verwachten we de komende jaren van de inwoners, maatschappelijke organisaties en ondernemers meer eigen verantwoordelijkheid en zelfredzaamheid. Gemeente is en blijft bevoegd gezag. Naast de eigen verantwoordelijkheid is er ook een verantwoordelijkheid voor elkaar. Inwoners die kwetsbaar zijn en minder goed voor zichzelf kunnen zorgen, kunnen rekenen op ondersteuning. Dit vraagt ook om een andere overheid. Een overheid die vertrouwen geeft en meer ruimte laat. Dit tegen de achtergrond dat de financiële mogelijkheden van de gemeente zullen afnemen. Het is zaak een balans te vinden, zodat bezuinigingen niet leiden tot afnemend draagvlak, maar juist tot herbezinning en de wil om gezamenlijk de juiste keuzes te maken op de punten die er toe doen.

Het realiseren van deze visie vereist ander gedrag en een andere houding van onze inwoners, maatschappelijke organisaties en ondernemers. Maar ook de cultuur en rol van gemeenteraad, college en gemeentelijke organisatie dienen te veranderen. Deze verandering van houding en gedrag is één van de belangrijkste opgaven voor onze gemeentelijke overheid voor de komende jaren. Het moet leiden tot reële verwachtingen over wat de lokale overheid doet en kan, zowel in de samenleving, als “binnen” in de gemeentelijke organisatie. De invoering van deze verandering vraagt tijd en dient rustig en geleidelijk aan te verlopen. Kwaliteit gaat boven snelheid. Essentieel bij dit uitvoeringsproces is communicatie. Daarnaast is het van groot belang dat wederzijds duidelijkheid wordt geschapen over verwachtingen. Bij de veranderende rol van de gemeentelijke overheid hoort dat onze partners meer vertrouwen van ons krijgen. Bij vertrouwen geven hoort ruimte geven aan initiatieven, loslaten en soms het nemen van risico’s. Ook dit vertrouwen dient te groeien, opgebouwd te worden en geleidelijk tot stand te komen. Vertrouwen geven is tot slot maatwerk per relatie.

Rollen van de gemeente

In de samenwerking met de samenleving van Voorne aan Zee heeft de gemeente verschillende rollen:

  • De gemeente is zelf initiatiefnemer, bijvoorbeeld bij grond die zij in bezit heeft en tot ontwikkeling wil brengen en maatschappelijke doelen die ze wil realiseren.

  • De gemeente is het eerste aanspreekpunt voor initiatiefnemers met plannen voor de fysieke leefomgeving. De gemeente kan als belanghebbende meedoen met initiatieven van anderen in een publiekprivate samenwerking, waarbij zij het algemeen belang bewaakt.

  • De gemeente ondersteunt en faciliteert bij initiatieven uit de samenleving, bijvoorbeeld door een bedenker van een sociaal-maatschappelijk waardevol plan te helpen om dit verder te brengen en/of wegwijs te maken bij procedures rondom vergunningen.

  • Bij een ontwikkeling brengen de initiatiefnemers vaak de belangen van de directe omgeving in beeld en zijn ze zelf verantwoordelijk voor de participatie en het gesprek hierover. Op basis van een afweging van alle belangen moet de gemeente uiteindelijk een definitief besluit nemen. Als ‘beslisser’ bepaalt ze of een initiatief daadwerkelijk door mag gaan. De gemeente hakt knopen door en maakt duidelijk hoe ze de verschillende belangen heeft afgewogen in haar besluit.

(Regionale) samenwerking

Voorne aan Zee werkt samen met andere overheden zoals de Provincie Zuid-Holland, buurgemeenten en verschillende ketenpartners. Ketenpartners voor de omgevingsvisie zijn naast de provincie, Waterschap Hollandse Delta, MRDH, GGD Rotterdam-Rijnmond, Omgevingsdienst DCMR en de Veiligheidsregio Rotterdam Rijnmond. We opereren steeds meer als één overheid want steeds meer vraagstukken vragen om regionale samenwerking.

De (regionale) samenwerking is belangrijk voor Voorne aan Zee, want samen krijgen we meer gedaan. Er zijn meerdere gemeenteoverstijgende en gezamenlijke ambities waar de gemeente met regionale partners aan wil (blijven) werken. Enkele voorbeelden zijn:

  • Ruimtelijke Puzzel Zuid-Holland;

  • NOVEX Rotterdamse Haven Zuid-Hollands Programma Landelijk gebied;

  • BO-MIRT Bereikbaarheid Voorne-Putten en Haven, met aandacht voor de verbreding van de N57;

  • Plan Fietsen op Voorne; Campusontwikkeling met doorontwikkeling van de campus Green Technology;

  • Samenwerkingsovereenkomst Zuid-Hollandse Delta (ZHD);

  • Ambitiedocument “Wij zijn de Zuid-Hollandse Delta” opwerken naar een Strategische Agenda ZHD met regionale investeringsagenda;

  • Nieuwe Regio Deal ZHD in 2025.

5.3 Operationalisering instrumenten van de Omgevingswet

Relatie met Omgevingswetinstrumenten

De Omgevingswet kent een zestal Omgevingswetinstrumenten waarvan de omgevingsvisie, de programma’s en het omgevingsplan de belangrijkste zijn. De omgevingsvisie heeft veel te maken met de andere Omgevingswetinstrumenten.

De Omgevingswet gaat namelijk uit van beleidsontwikkeling op basis van de beleidscyclus. De verschillende instrumenten worden in samenhang ontwikkeld en actief gemonitord en aangescherpt. De omgevingsvisie vormt de eerste stap in deze cyclus en is een dynamisch document dat we als gemeente samen met betrokkenen blijven aanscherpen.

afbeelding binnen de regeling

Beleidscyclus Omgevingswet

Omgevingsplan

Het omgevingsplan bevat alle regels voor de fysieke leefomgeving die de gemeente stelt binnen haar grondgebied. Elke gemeente in Nederland moet in 2032 een gebiedsdekkend omgevingsplan hebben. Dit plan vervangt alle huidige bestemmingsplannen. Regels zijn er in verschillende vormen. De gemeenteraad heeft straks een bepalende rol bij het omgevingsplan, door dit plan vast te stellen. Daarmee verankeren we de kaders en richtlijnen vanuit de visie en de doorvertaling in eventuele programma’s in het omgevingsplan. Het omgevingsplan moet passen binnen de globale kaders die de omgevingsvisie stelt. Komende jaren werken we aan het omgevingsplan. Dat doen we in stappen. We werken eerst aan een omgevingsplan voor het buitengebied en daarna voor het stads- en dorpsgebied en tot slot voor de bedrijventerreinen. Zo werken we toe naar één gebiedsdekkend omgevingsplan. Het omgevingsplan is bindend voor iedereen.

Programma’s

Deze omgevingsvisie biedt ruimte en stelt ambities, kaders en richtlijnen. Verdere uitwerking van het strategisch beleid in de omgevingsvisie kan op tactisch/operationeel niveau plaatsvinden via programma’s. In de basis is een programma een verzameling van tijdelijke inspanningen (projecten, routines en improvisaties) om meerdere, unieke doelen te bereiken die zonder deze coördinatie niet gerealiseerd kunnen worden. Anders dan bij projecten gaat het om meerdere resultaten. Een programma is uitvoeringsgericht. In een programma wordt concrete uitvoering gegeven aan beleidsdoelen en kan maatregelen bevatten voor bescherming, beheer, gebruik en ontwikkeling. Het omgevingsprogramma is een flexibel instrument dat de gemeente kan toepassen in verschillende fasen van de beleidscyclus. Een programma heeft verschillende kenmerken en de gemeente moet zichzelf er aan houden (zelfbindend). Het wordt vastgesteld door het college. De Omgevingswet beschrijft verplichte programma’s en onverplichte programma’s in vier typen;

  • a.

    Verplichte programma’s volgend uit EU regelgeving;

  • b.

    Verplichte programma’s bij dreigende overschrijding omgevingswaarde;

  • c.

    Onverplichte (vrijwillige) programma’s;

  • d.

    Programma’s met programmatische aanpak.

Verplichte programma’s

Soms is een programma verplicht. Dit is het geval bij programma’s meegegeven vanuit EU-regelgeving zoals de Richtlijn omgevingslawaai. Het artikel 3.6 van de Omgevingswet verplicht gemeenten om voor deze domeinen programma’s vast te stellen. Andere verplichte programma’s worden opgesteld bij (dreigende) overschrijding van omgevingswaarden (waarden die bijvoorbeeld gaan over luchtkwaliteit of geluidsnormen). Als omgevingswaarden worden vastgesteld en er wordt hier niet aan voldaan dan geldt een programmaplicht. Dan moet een programma opgesteld worden met maatregelen, waardoor wel kan worden voldaan aan de omgevingswaarden. Verplichte programma’s zijn zelfbindend. Dit betekent dat het alleen het bestuur zelf bindt. Een programma kan wel burgers en bedrijven stimuleren om die dingen te doen die helpen om de doelstellingen te halen.

Vrijwillige programma’s

De gemeente kan onder de Omgevingswet gebruik maken van meerdere vrijwillige programma’s. De gemeente heeft de keuze om de omgevingsvisie globaal te houden het beleid verder uit te werken in meerdere programma’s. De gemeente kan er ook voor kiezen om de omgevingsvisie veel specifieker te maken, zich te richten op gebiedsgericht werken en zo minder met programma’s te werken.

Er kan worden gewerkt met onder andere gebiedsgerichte, thematische of opgavegerichte Programma’s. Een gebiedsgericht Programma kan bijvoorbeeld het uitwerken van de visie voor het buitengebied zijn. Een thematisch gericht Programma kan bijvoorbeeld zijn het uitwerken van een plan om de biodiversiteit binnen de gemeente te verbeteren. Een opgavegericht Programma kan bijvoorbeeld zijn het uitwerken van één van de in de omgevingsvisie door Voorne aan Zee opgestelde opgaven. Momenteel heeft Voorne aan Zee nog geen (onverplichte) programma’s aangewezen.

Omgevingswaarden

De Omgevingswet biedt de mogelijkheid om in het omgevingsplan voor de gehele gemeente omgevingswaarden vast te leggen. Bijvoorbeeld ten aanzien van de uitstoot van schadelijke stoffen, de productie van geluid of andere vormen van hinder of mogelijke overlast. In dat geval is bij (dreigende) overschrijding een programma verplicht. Dan ligt het voor de hand dit in de omgevingsvisie al aan te geven. Vooralsnog zien wij echter geen noodzaak om omgevingswaarden te stellen. Mocht in de toekomst blijken dat bepaalde ‘doelen’ niet worden gehaald dan kunnen we alsnog overwegen om in het omgevingsplan omgevingswaarden vast te stellen en deze te koppelen aan een programma. Dit is ook een aspect dat aan bod komt bij de monitoring en evaluatie van deze eerste omgevingsvisie.

Inspiratie- en afwegingskader

De omgevingsvisie wordt uitgevoerd door het opstellen van het omgevingsplan en programma’s, maar is op zichzelf ook een instrument voor het toetsen van nieuwe ontwikkelingen. Hierbij hanteren we als gemeente de ‘Ja, mits - benadering’ uit de Omgevingswet. Het is van belang daarbij de balans tussen borgen van kwaliteiten en ruimte bieden voor ontwikkelingen inzichtelijk te maken. De volgende beginselen uit de Omgevingswet en afwegingsprincipes uit de Nationale omgevingsvisie (NOVI) zijn nuttige algemene kaders.

Milieubeginselen Omgevingswet en Afwegingsprincipes NOVI:

  • het voorzorgsbeginsel;

  • het beginsel van preventief handelen;

  • het beginsel dat milieuaantastingen bij voorrang aan de bron bestreden moeten worden;

  • het beginsel dat de vervuiler betaalt;combinaties van functies gaan voor enkelvoudige functies;

  • kenmerken en identiteit van een gebied staan centraal en;

  • afwenteling wordt voorkomen.

Aanvullend op deze algemene kaders bieden het integrale afwegingskader en de afwegingskaders voor de deelgebieden uit de omgevingsvisie inhoudelijke en gebiedsgerichte richting voor initiatieven. Dit geeft richting voor de nadere uitwerking in programma’s en het omgevingsplan, alsmede een toetsing van de wenselijkheid van een nieuwe ontwikkeling.

5.4 Beoogde investeringen en dekking

Financiële uitvoerbaarheid

Voorne aan Zee heeft in de omgevingsvisie ambities en opgaven opgenomen waarvoor investeringen nodig zijn. De financiële uitvoerbaarheid hiervan is dynamisch en voortdurend aan verandering onderhevig. Enerzijds is dit omdat nog niet alle ambities zijn uitgewerkt. Anderzijds is dit het geval, omdat in de loop der tijd vaak ook projecten afvallen en/of nieuwe projecten bijkomen. Ook de daadwerkelijke kosten en opbrengsten van projecten kunnen veranderen op basis van prijsontwikkelingen en aangescherpte eisen en regelgeving. Het is dan ook belangrijk om de financiële uitvoerbaarheid - op basis van dit soort nieuwe inzichten en projecten - periodiek te evalueren, te actualiseren en waar nodig bij te stellen. Op projectniveau maakt de financiële uitvoerbaarheid deel uit van het omgevingsplan.

Verevening en kostenverhaal

Voorne aan Zee heeft in de omgevingsvisie tal van ambities en opgaven opgenomen waarvoor investeringen nodig zijn. De gemeente zal als trekker van deze maatschappelijke opgaven (een deel zal door andere partijen worden uitgevoerd) delen hiervan bekostigen. Ontwikkelaars van bouwlocaties hebben echter ook profijt van die investeringen. Daarom is de gemeente op grond van de Omgevingswet verplicht om de kosten die zij als gemeente maakt voor een bouwinitiatief, te verhalen op de initiatiefnemers. Dit gebeurt naar proportionaliteit, profijt en toerekenbaarheid (PPT).

Verevening en kostenverhaal in de Omgevingswet

Wetgeving rondom verevening en kostenverhaal staat in de aanvullingswet Grondeigendom die is opgenomen in de Omgevingswet. Met de Aanvullingswet grondeigendom wil de wetgever het instrumentarium voor faciliterend grondbeleid verbeteren en meer rekening houden met de diverse ontwikkelopgaves waarin het eindbeeld onzeker is, waaronder organische gebiedsontwikkeling. Het instrumentarium bestaat uit twee hoofdgroepen, elk verdeeld naar twee subgroepen:

  • a.

    kostenverhaal (wettelijke plicht om dit toe te passen):

    • 1.

      bij integrale ontwikkeling – met tijdvak;

    • 2.

      bij organische ontwikkeling – zonder tijdvak.

  • b.

    financiële bijdragen ruimtelijke ontwikkelingen (wettelijke bevoegdheid om dit toe te passen):

    • 1.

      bij integrale ontwikkeling – met tijdvak;

    • 2.

      bij organische ontwikkeling – zonder tijdvak.

Voor de beide hoofdgroepen geldt dat het zowel privaat- als publiekrechtelijk toegepast kan worden. Publiekrechtelijk betekent dat daarover regels gesteld worden in het omgevingsplan (het exploitatieplan komt als afzonderlijk instrument te vervallen).

De Omgevingswet maakt het mogelijk dat ook financiële bijdragen voor ruimtelijke ontwikkelingen publiekrechtelijk kunnen worden verhaald. Dit gebeurt via regels in het omgevingsplan.

Belangrijk daarbij is wel dat financiële bijdragen voor ruimtelijke ontwikkelingen niet publiekrechtelijk kunnen worden verhaald als het kostenverhaal al privaatrechtelijk is geregeld. Als de gemeente het kostenverhaal via een anterieure overeenkomst wil regelen, zal dat voor de financiële bijdragen ruimtelijke ontwikkelingen dus ook moeten gebeuren.

Een belangrijke wijziging met de Omgevingswet is dat kan worden gewerkt ‘zonder tijdvak’. Dat betekent dat alleen de kosten (en financiële bijdragen) worden verhaald voor de gronden waarop de gemeente kosten maakt. Dus het aanleggen van bijvoorbeeld nieuwe wegen, waterberging en staatmeubilair. Gronden waarop deze werken niet zijn voorzien, drukken niet op de exploitatie. De kosten die moeten worden gemaakt voor het bouw- en woonrijp maken van de uitgeefbare kavels – bijvoorbeeld het saneren van de bodem als er geen schuldig eigenaar kan worden gevonden – komen dus voor rekening van de eigenaar/initiatiefnemer. Deze kosten worden niet langer verevend over het gehele exploitatiegebied. Dat levert extra ruimte op voor organische gebiedsontwikkeling; het kan daardoor aan de markt worden overgelaten om de kavels wel of niet te ontwikkelen (en hoe) zonder dat de gemeente daarbij al te veel risico loopt.

Indien de gemeente straks wenst te beschikken over de publiekrechtelijke mogelijkheid voor kostenverhaal voor financiële bijdragen, dan is de reikwijdte beperkt tot de limitatieve categorieënlijst uit de ontwerp-amvb ‘Financiële bijdragen’ (8 januari 2021). De wetgeving rondom het verhalen van financiële bijdragen en de limitatieve lijst zijn dus nog niet definitief. De financiële bijdragen kunnen gevraagd worden voor ontwikkelingen als kwalitatieve verbeteringen van landschap, natuur, water of de stikstofbalans, de aanleg of aanpassingen van infrastructuur en daartoe benodigde voorzieningen. Anterieur kunnen ook andere bijdragen worden gevraagd, deze kunnen echter niet worden afgedwongen. In beide gevallen moet de functionele samenhang van de projecten waarvan een bijdrage wordt gevraagd en de projecten waarvoor een bijdrage wordt gevraagd onderbouwd worden in de omgevingsvisie of in een programma.

Programma Kostenverhaal

Voorne aan Zee heeft ervoor gekozen de onderbouwing in een afzonderlijk, nog op te stellen, 'Programma Kostenverhaal' op te nemen. Het programma biedt duidelijkheid over de wijze waarop kostenverhaal plaatsvindt, zodat het verhaal eenduidig en transparant is. Bovendien biedt het programma inzicht in de bestedingsdoelen waaraan de verhaalde financiële bijdrage wordt besteed.

Subsidie en cofinanciering

Daarnaast gaan we deze omgevingsvisie gebruiken als onderbouwing in subsidie- en cofinancieringstrajecten. In de visie hebben we de koers voor Voorne aan Zee op weg naar 2040 uitgezet. Het koppelen en verbinden van geldstromen aan de realisatie van deze koers is waar we ons hard voor maken. Daarbij gebruiken we de brede inbedding van eigen projecten in grotere structuren ook om de financiering van ambities beter mogelijk te maken. Daarnaast kan de visie wellicht ook door andere initiatiefnemers worden gebruikt in de motivering van subsidieaanvragen. Een voorbeeld is de samenwerking met het Havenbedrijf Rotterdam dat een Havenfonds beschikbaar heeft om een steentje bij te dragen aan RO projecten.

Voorkeursrecht

Door voorkeursrecht te vestigen (voor een toegedachte niet-agrarische functie of een moderniseringslocatie) kunnen bestuursorganen in een vroeg stadium van planvorming voorkomen dat open beleidsontwikkeling wordt bemoeilijkt doordat marktpartijen al in die fase grondposities innemen die de aanpak van maatschappelijke opgaven belemmeren. De omgevingsvisie, maar ook het omgevingsplan of een programma, kunnen dienen als grondslag voor het vestigen van een voorkeursrecht. Is de betreffende functie aan een locatie toegedacht in de omgevingsvisie, dan is dat de te gebruiken grondslag voor vestiging van het voorkeursrecht. Als het voorkeursrecht (nog) niet in een omgevingsvisie, programma of omgevingsplan staat en het bestuursorgaan stelt vóór afloop van de geldingsduur een omgevingsvisie, programma of omgevingsplan vast, voorkomt dat het verval van het voorkeursrecht. Het voorkeursrecht vervalt van rechtswege drie jaar na het ingaan ervan. Met andere woorden, de gemeente kan op basis van een omgevingsvisie voorkeursrecht vestigen of vooruitlopend daarop (met een voorkeursrechtbeschikking). In het laatstgenoemde geval moet de gemeente binnen drie jaar een omgevingsvisie vaststellen om het te bestendigen. De vraag of het zinvol is gebruik te maken van de vestiging van voorkeursrecht, hangt bijvoorbeeld van de volgende zaken af:

  • is de grond niet al in eigendom van speculanten en/of ontwikkelaars?

  • wil de gemeente een grondpositie (is actieve grondpolitiek mogelijk) of is het ook acceptabel als een andere eigenaar ontwikkelt?

  • is realisatie van woningbouw binnen afzienbare tijd het geval? Het publiek belang moet worden aangetoond. Bovendien draagt de gemeente anders lang de rentelasten.

Als de inzet van voorkeursrecht nuttig en gewenst is, zal de gemeenteraad hierover in beslotenheid vergaderen en een besluit nemen.

5.5 Een levend document

Monitoring en evaluatie

Met de omgevingsvisie hebben we als gemeente een koers en een integraal afwegingskader voor de inrichting van onze fysieke leefomgeving. De omgevingsvisie geeft richting, maar zal nooit het democratisch besluitvormingsproces doorkruisen. We beschouwen de omgevingsvisie en in het verlengende daarvan alle Omgevingswetinstrumenten, als levende documenten. De wereld verandert continu en daarom moeten we dus ook regelmatig onze instrumenten herijken. Liggen we nog op koers, zijn er nieuwe ontwikkelingen waar we rekening mee moeten houden, halen we onze ambities wel met onze huidige aanpak? Met een monitoringssysteem houden we als gemeente zicht op de voortgang van onze koers. Hierbij kan monitoringsinformatie (meten = weten) en evaluatie aanleiding zijn om de omgevingsvisie iets bij te stellen. Het gebruikmaken van meetbare indicatoren is een logische stap bij de verdere aanscherping van de omgevingsvisie.

Er is geen wettelijke actualiseringstermijn meer zoals dat bij de structuurvisie en bestemmingsplannen wel altijd het geval was. Op enig moment zullen we tot de conclusie komen dat een bepaald thema toch nog onvoldoende is uitgewerkt of dat de situatie voor een gebied dusdanig is veranderd dat herziening van de visie nodig is. We kiezen als gemeente voor een actualiseringscyclus van eens per jaar om de omgevingsvisie voldoende scherp en bij de tijd te houden. We kiezen voor deze korte cyclus omdat de Omgevingswet en bijbehorende instrumenten nieuw zijn. Op termijn bekijken we of we de tijdsdoorloop van de cyclus verlengen.

Stap richting omgevingsvisie 2.0

Deze eerste omgevingsvisie voor Voorne aan Zee zet een stap richting volledige strategische beleidsintegratie. Het uiteindelijke doel is dat de omgevingsvisie de centrale plek wordt voor al het strategisch ruimtelijk beleid. Om die beleidsintegratie te realiseren beschouwen we de omgevingsvisie als een ‘levend’ document dat continu aangescherpt wordt.

Vanzelfsprekend gaan we als gemeente wel verder met het uitwerken van bepaalde thema’s parallel aan de omgevingsvisie. Dit wordt dan alleen niet opgenomen in losstaande beleidsstukken, maar integraal meegenomen in een herziening van deze omgevingsvisie. Via programma’s werken we bijvoorbeeld aan de uitwerking van een bepaald thema, een specifieke gebiedsuitwerking of anderszins. De strategische uitspraken van een verdiepingsslag moeten uiteindelijk weer landen in de omgevingsvisie en vanwege eventuele juridische consequenties verwerkt worden in het omgevingsplan.

In deze zogenaamde 1.0 versie van de omgevingsvisie hebben we alle ruimtelijke thema’s en de verschillende (bestaande) beleidstrajecten en ontwikkelingen met elkaar verbonden. In de omgevingsvisie 2.0 zetten we een volgende stap in het integreren van nieuw strategisch ruimtelijk beleid en de aangegeven thematische/gebiedsgerichte programma’s. Er is een aantal thema’s die nog een verdere discussie behoeven, alvorens we daar een keuze over maken. Over twee jaar starten we met de eerste actualisatieslag waar we deze onderwerpen verder integreren in een volgende versie van onze omgevingsvisie (de zogenaamde versie 2.0):

  • Visie Haringvlietmonding

  • Herziening omgevingsbeleid provincie Zuid-Holland (Ruimtelijke Puzzel)

  • Zuid-Hollands Programma Landelijk Gebied

  • Regionale en Lokale Energiestrategie (RES en LES)

OER

De omgevingsvisie maakt nieuwe ontwikkelingen mogelijk die milieueffecten kunnen hebben. Om deze gevolgen in kaart te brengen en de kaders van de omgevingsvisie te toetsen, heeft de gemeente een omgevingseffectrapportage (OER) gemaakt. Deze omgevingseffectbeoordeling verliep tegelijkertijd met het opstellen van de ontwerp-omgevingsvisie.

Vervolg

Het ontwerp heeft zes weken ter inzage gelegen, zodat iedereen in de gelegenheid was op de Omgevingsvisie te reageren. Indien nodig is de visie op binnengekomen zienswijzen aangepast. Na instemming van het college heeft de gemeenteraad de de nota beantwoording zienswijzen en de omgevingsvisie Voorne aan Zee 2040 geamendeerd vastgesteld op 17 april 2025. Het amendement ‘Een visie kijkt vooruit’ is in de Omgevingsvisie verwerkt. In 2026 wordt gestart met het proces voor herziening van de omgevingsvisie waarbij in eerste instantie een evaluatie plaatsvindt en vervolgens wordt gestart met die herziening.

Bijlage I Overzicht Informatieobjecten

BIJLAGENBOEK ONTWERP

/join/id/regdata/gm1992/2025/5pdf6cb580af-041a-4198-b120-c043c5317f5f/nld@2025‑07‑30;13

bedrijventerreinen

/join/id/regdata/gm1992/2025/gio72f00e5e-0363-4f0b-ac46-1ad90625d1e3/nld@2025‑07‑30;3

glastuinbouw

/join/id/regdata/gm1992/2025/gio3e50401b-dfe7-4d35-b4a5-1992a2a936e4/nld@2025‑07‑30;5

haringvliet en voordelta

/join/id/regdata/gm1992/2025/giob0f0dda5-0fdd-455a-9f42-6ccdfe5cb861/nld@2025‑07‑30;7

kustdorpen

/join/id/regdata/gm1992/2025/gio53efc9fe-8085-4409-bfd8-297682a512a2/nld@2025‑07‑30;9

landschappelijke noordrand

/join/id/regdata/gm1992/2025/gioe446d947-ff8c-4b36-b230-0539858cfaf1/nld@2025‑07‑30;11

polderdorpen

/join/id/regdata/gm1992/2025/gio6ea30ec7-6f14-4fe4-abe1-d557860006bd/nld@2025‑07‑30;13

polders

/join/id/regdata/gm1992/2025/gioe0c0d453-1ff2-408c-965f-d3f0f28204be/nld@2025‑07‑30;15

vestingsteden

/join/id/regdata/gm1992/2025/gio76a87957-3bee-4496-b288-ff019b836860/nld@2025‑07‑30;17

II Bijlagenboek

Naar boven