Gemeenteblad van Albrandswaard
| Datum publicatie | Organisatie | Jaargang en nummer | Rubriek |
|---|---|---|---|
| Albrandswaard | Gemeenteblad 2025, 309262 | beleidsregel |
Zoals vergunningen, bouwplannen en lokale regelgeving.
Adressen en contactpersonen van overheidsorganisaties.
U bent hier:
| Datum publicatie | Organisatie | Jaargang en nummer | Rubriek |
|---|---|---|---|
| Albrandswaard | Gemeenteblad 2025, 309262 | beleidsregel |
Beleidsregels tijdelijke regeling alleenverdienersproblematiek gemeente Albrandswaard 2025-2027
Het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Albrandswaard;
gelet op artikel 4:81 Algemene wet bestuursrecht en artikel 78gg Participatiewet;
overwegende, dat het college van burgemeester en wethouders :
De Beleidsregels tijdelijke regeling alleenverdienersproblematiek gemeente Albrandswaard 2025-2027 vast te stellen.
In deze beleidsregels wordt verstaan onder:
alleenverdiener: het huishouden dan:
vergeleken met andere vergelijkbaar huishouden, waarvoor het inkomen uit enkel een uitkering op grond van artikel 19 Participatiewet bestaat, een lager bedrag aan tegemoetkomingen met toepassing van de Algemene wet inkomensafhankelijke regelingen ontvangt, als gevolg van de verschillende afbouwpaden van de dubbele algemene heffingskorting, bedoeld in artikel 37, tweede lid, Participatiewet en in artikel 8.9 van de Wet inkomstenbelasting 2001, en;
een netto-inkomen en tegemoetkomingen met toepassing van de Algemene wet inkomensafhankelijke regelingen ontvangt dat in totaal lager ligt dan bij een vergelijkbaar huishouden waarvoor het inkomen uit een uitkering enkel bestaat uit een uitkering op grond van artikel 19 Participatiewet, vanwege hetgeen genoemd is onder sub b.
Als er sprake is van een vast maandinkomen, toetst het college het inkomen van de meest recente maand van het jaar voorafgaand aan de datum van aanvraag. Het college rekent dit maandinkomen om naar een verwacht jaarinkomen. Indien sprake is van alimentatie-ontvangst, wordt partneralimentatie meegeteld als inkomen, kinderalimentatie niet.
Aldus vastgesteld door het college van Albrandswaard op 1 juli 2025.
namens deze:
de secretaris,
mr. drs. Florus van der Linden
de burgemeester,
drs. Jolanda de Witte
Iedereen in Nederland heeft recht op een besteedbaar inkomen op het bestaansminimum. Dit bedrag is afhankelijk van leeftijd en leefsituatie. Mensen met lage inkomens krijgen extra ondersteuning door middel van toeslagen. Een groep huishoudens ontvangt door een ongelukkige samenloop van wet- en regelgeving te weinig toeslagen. Dit heeft nadelige gevolgen voor het netto-inkomen van deze huishoudens. Zij ontvangen een netto-inkomen dat lager is dan een vergelijkbaar (echt)paar met bijstand en maximale toeslagen. Daarmee komen zij netto uit onder het bestaansminimum. Deze omstandigheden noemen we de Alleenverdienersproblematiek.
Deze problematiek ontstond in 2009 toen de overdraagbaarheid van de Algemene Heffingskorting gefaseerd werd afgebouwd (volledige afbouw in 2023), en daarbij een andere afbouw volgde dan de bijstandsuitkering (volledige afbouw in 2039). Het wegnemen van deze ongewenste situatie wordt in 3 fasen gecorrigeerd waarbij het rijk gemeenten heeft verzocht hierbij te ondersteunen in fase 1 en 2.
De beleidsregels die nu voorliggen hebben betrekking op fase 2, de Wet tijdelijke regeling alleenverdienersproblematiek (Wtrap). Deze wet is op 1 januari 2025 in werking getreden.
De wet is een aparte regeling binnen de Participatiewet en biedt de wettelijke grondslag om de bij de Belastingdienst bekende huishoudens met alleenverdienersproblematiek over de jaren 2025, 2026 en 2027 ambtshalve een vaste tegemoetkoming te betalen.
De vaste tegemoetkoming wordt jaarlijks bij ministeriële regeling vastgesteld door de Minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid.
Voor het kalenderjaar 2025 is de tegemoetkoming vastgesteld op € 1.000 per huishouden per jaar.
Het Inlichtingenbureau deelt de bij de Belastingdienst bekende Burgerservicenummers van de meestverdienende partner van de betrokken huishoudens via het gegevensportaal met onze gemeente. Huishoudens waarvan onze gemeente het vermoeden heeft dat zij tot de doelgroep behoren kunnen uitgenodigd worden om een aanvraag voor de vaste tegemoetkoming te doen. Huishoudens die zelf het vermoeden hebben tot de doelgroep te behoren kunnen op eigen initiatief een aanvraag doen (zogenaamde zelfmelders).
Bij zelfmelders wordt het inkomen getoetst op basis van de landelijke richtlijnen. Bij een vast inkomen wordt gekeken naar de meest recente maand voorafgaand aan de aanvraag, en bij een variabel inkomen wordt het gemiddelde genomen van de drie meest recente maanden. Hierbij wordt partneralimentatie als inkomen meegenomen, terwijl kinderalimentatie buiten beschouwing blijft.
Het vermogen wordt beoordeeld op basis van de vermogensgrens zoals die geldt voor de zorgtoeslag, welke dient als toetsingskader voor het vaststellen van de financiële draagkracht van het huishouden die geldt op 1 januari van het jaar waarvoor de aanvraag wordt gedaan.
Indien een huishouden in 2023 of 2024 al compensatie heeft ontvangen via de individuele bijzondere bijstand op grond van fase 1 van de regeling, en er sindsdien geen wijzigingen zijn in de huishoudsamenstelling of inkomenssituatie, dan wordt dit huishouden automatisch beschouwd als rechthebbend in fase 2. In dat geval vindt voor de jaren 2025 t/m 2027 een ambtshalve voortzetting van de tegemoetkoming plaats. via de individuele bijzondere bijstand, en er geen wijziging in samenstelling of inkomenssituatie is, dan vindt voor de jaren 2025 t/m 2027 een ambtshalve voortzetting plaats.
Bij verhuizing van het huishouden blijft de oorspronkelijke gemeente verantwoordelijk voor de uitbetaling van de tegemoetkoming over het lopende kalenderjaar, ongeacht de nieuwe woonplaats van het huishouden.
De tegemoetkoming wordt verstrekt onder eindheffing. Dit betekent dat het bedrag netto wordt uitbetaald en geen invloed heeft op toeslagen of het belastbaar inkomen. Ook is op de tegemoetkoming geen beslag mogelijk.
Artikel 78gg Participatiewet - Tegemoetkoming alleenverdienersproblematiek
Het college kent ambtshalve of op aanvraag een tegemoetkoming toe aan een huishouden, indien is voldaan aan de volgende voorwaarden:
vergeleken met een vergelijkbaar huishouden, waarvoor het inkomen uit enkel een uitkering bestaat op grond van artikel 19, ontvangt het huishouden een lager bedrag aan tegemoetkomingen met toepassing van de Algemene wet inkomensafhankelijke regelingen, als gevolg van de verschillende afbouwpaden van de dubbele algemene heffingskorting, bedoeld in artikel 37, tweede lid, en in artikel 8.9 van de Wet inkomstenbelasting 2001; en
de som van het netto-inkomen en de ontvangen tegemoetkomingen met toepassing van de Algemene wet inkomensafhankelijke regelingen ligt lager dan bij een vergelijkbaar huishouden waarvoor het inkomen uit een uitkering enkel bestaat uit een uitkering op grond van artikel 19, vanwege hetgeen genoemd is onder b.
Regeling Participatiewet, IOAW en IOAZ: 01-01-2025 t/m heden
Artikel 15ba Tegemoetkoming alleenverdienersproblematiek.
De tegemoetkoming voor een huishouden dat in het jaar 2025 voldoet aan de voorwaarden, bedoeld in artikel 78gg, eerste lid, van de wet, bedraagt € 1.000.
De tegemoetkoming geldt niet als een vorm van (algemene of bijzondere) bijstand. Dit betekent dat de tegemoetkoming geen effect heeft op de hoogte van de toeslagen.
De wetgever verwacht dat gemeenten bij het beoordelen van aanvragen de vermogensgrenzen hanteren die gelden voor toeslagen. Deze vermogensgrenzen worden vastgesteld door de Belastingdienst en zijn van toepassing op 1 januari van het betreffende jaar.
Kindgebonden budget € 141.896,00
Kinderopvangtoeslag Geen vermogensgrens
Een besluit tot toekenning van de tegemoetkoming kan niet worden herzien ten nadele van de belanghebbende. Zie artikel 78gg lid 6 Participatiewet. De belanghebbende kan natuurlijk wel het bedrag uit eigen beweging terugstorten.
Op de tegemoetkoming voor alleenverdieners kan geen beslag worden gelegd. Zie artikel 78gg lid 3 Participatiewet. Dit wordt gedaan om te zorgen dat de tegemoetkoming daadwerkelijk kan worden besteed aan noodzakelijke kosten voor het levensonderhoud.
In uitzonderlijke gevallen kan de alleenverdienersproblematiek ook betrekking hebben op misgelopen kinderopvangtoeslag. Daarbij moet worden beoordeeld of een vergelijkbaar huishouden met een volledige algemene bijstandsuitkering recht zou hebben op kinderopvangtoeslag. In de praktijk komt het echter zelden voor dat een (echt)paar met een volledige algemene bijstandsuitkering, zonder aanvullend inkomen uit werk, recht heeft op kinderopvangtoeslag. Dit komt doordat een van de voorwaarden is dat beide toeslagpartners inkomen uit werk moeten ontvangen of moeten vallen onder een van de uitzonderingssituaties. Relevante uitzonderingssituaties zijn: het volgen van een traject naar werk, een opleiding of een verplichte inburgeringscursus, of bij ziekte, zwangerschap of detentie.
Voor de inrichting van deze beleidsregels is uitgegaan van een zo eenvoudig mogelijk afhandelingsproces, waarbij de inzet is om de voor de vaste tegemoetkoming in aanmerking komende huishoudens en onze uitvoerende dienst zo minimaal mogelijk te belasten. De financiering door het rijk is ook gebaseerd op deze werkwijze. Een meer precieze afhandeling leidt tot meer stress en lasten bij de getroffen huishoudens en hogere gemeentelijke uitvoeringslasten.
In deze beleidsregels is daarom opgenomen om de gehele aangeleverde lijst van de Belastingdienst ambtshalve toe te kennen en uit te keren zodra de rekeningnummers zijn ontvangen. Om die reden heeft het college besloten om geen extra voorwaarden te stellen aan de ambtshalve toekenning.
Hiernaast is opgenomen dat aan bij ons bekende huishoudens de vaste tegemoetkoming voor 2025, 2026 en/of 2027 eveneens ambtshalve wordt uitgekeerd wanneer het huishouden in het voorgaande jaar ook tot de doelgroep van de alleenverdienersproblematiek behoorde en de woon- en leefsituatie niet is gewijzigd.
Bij de gemeente bekende huishoudens waarvan het vermoeden bestaat dat zij behoren tot de doelgroep van de alleenverdienersproblematiek worden uitgenodigd een aanvraag te doen.
In uitzonderlijke gevallen waarin toepassing van deze beleidsregels leidt tot een onbillijke uitkomst, kan het college gemotiveerd afwijken op grond van de hardheidsclausule.
De meeste huishoudens ontvangen in het najaar van 2028 hun definitieve beschikking toeslagen over 2027. Dat geeft de alleenverdieners tot 1 januari 2029 de tijd om een aanvraag in te dienen
De gemeente ontvangt een decentralisatie-uitkering van het Rijk voor de uitvoering. Deze uitkering is gebaseerd op het aantal huishoudens dat in aanmerking komt, inclusief een opslag voor uitvoeringskosten, communicatie en afhandeling van zelfmeldingen. Er is geen verantwoordingsplicht richting het Rijk
Kopieer de link naar uw clipboard
https://zoek.officielebekendmakingen.nl/gmb-2025-309262.html
De hier aangeboden pdf-bestanden van het Staatsblad, Staatscourant, Tractatenblad, provinciaal blad, gemeenteblad, waterschapsblad en blad gemeenschappelijke regeling vormen de formele bekendmakingen in de zin van de Bekendmakingswet en de Rijkswet goedkeuring en bekendmaking verdragen voor zover ze na 1 juli 2009 zijn uitgegeven. Voor pdf-publicaties van vóór deze datum geldt dat alleen de in papieren vorm uitgegeven bladen formele status hebben; de hier aangeboden elektronische versies daarvan worden bij wijze van service aangeboden.