Burgemeester en wethouders van de gemeente Overbetuwe;
Gelet op
artikel 18, lid 1 onder d van de Wegenverkeerswet 1994 (hierna: WVW 1994) ingevolge verkeersbesluiten worden genomen door burgemeester en wethouders voor zover zij betreffen het verkeer op wegen, welke niet in beheer zijn bij het Rijk, de Provincie of een waterschap;
artikel 15, lid 1 van de WVW 1994 ingevolge de plaatsing van de bij algemene maatregel van bestuur aangewezen verkeerstekens en onderborden, voor zover daardoor een gebod of verbod wordt gewijzigd, geschiedt krachtens een verkeersbesluit;
artikel 12, lid b van het BABW, ingevolge het plaatsen van bord E6 en verwijderen van bord E5 geschiedt krachtens een verkeersbesluit;
artikel 24 van het BABW ingevolge verkeersbesluiten worden genomen na overleg met een gemachtigde van de korpschef van de politie.
Aanleiding
De Kist 57 heeft een andere zorg invulling gekregen. Als gevolg daarvan is er geen behoefte meer aan de taxistandplaatsen. In plaats daarvan is het wenselijk een algemene gehandicaptenparkeerplaats in te richten.
Overwegende dat:
- -
De Kist een weg binnen de bebouwde kom betreft in de kern Elst en in eigendom, beheer en onderhoud is bij de gemeente Overbetuwe;
- -
De Kist is opgenomen in een 30km-zone;
- -
er op het adres De Kist 57 een zorgcentrum is gevestigd;
- -
door de gewijzigde invulling van het zorgcentrum de taxistandplaatsen niet meer noodzakelijk zijn;
- -
de taxistandplaatsen ter hoogte van De Kist 57 worden opgeheven;
- -
hiervoor in de plaats een algemene gehandicaptenparkeerplaats wordt ingericht;
- -
het wenselijk is om een algemene gehandicaptenparkeerplaats voor de deur van het zorgcentrum in te stellen;
- -
de voorgestelde verkeersmaatregelen in overleg met het zorgcentrum zijn afgestemd;
- -
dit kenbaar wordt gemaakt door het verwijderen van de borden E5 en het plaatsen van bord E6, zoals opgenom in bijlage 1 van het RVV 1990;
- -
het treffen van een verkeersmaatregel een normale maatschappelijke ontwikkeling is waarmee een ieder kan worden geconfronteerd en waarvan de nadelige gevolgen in beginsel voor rekening van betrokkenen behoren te blijven
- -
de bovenvermelde maatregel wordt genomen op basis van artikel 2 van de WVW 1994 voor het verzekeren van de veiligheid op de weg en het beschermen van weggebruikers en passagiers;
- -
overeenkomstig artikel 24 van het BABW overleg is gevoerd met een gemachtigde van de korpschef van de politie en dat positief is geadviseerd;
Burgemeester en wethouders nemen, gelet op het voorgaande, de volgende
Bezwaar
Binnen zes weken na de dag dat dit besluit is bekendgemaakt kan een belanghebbende tegen dit besluit een bezwaarschrift indienen bij ons college. De termijn van zes weken begint te lopen op de dag na de publicatie van dit besluit.
Het bezwaarschrift moet ondertekend zijn en tenminste bevatten:
- naam en adres van de indiener,
- datum van het bezwaarschrift,
- omschrijving van het besluit waartegen het bezwaar is gericht,
- de gronden van het bezwaar.
Heeft u er veel belang bij dat dit besluit niet in werking treedt, dan kunt u een voorlopige voorziening vragen. Het verzoek om een voorlopige voorziening moet u richten aan de Voorzieningenrechter, sector bestuursrecht, Postbus 9030, 6800 EM Arnhem.
Indien u zo’n verzoek indient, moet u bij ons ook een bezwaarschrift indienen. Een kopie van dit bezwaarschrift moet u bij het verzoek om een voorlopige voorziening overleggen.
Voor de behandeling van een verzoek om een voorlopige voorziening is griffierecht verschuldigd.
Een afschrift van dit verkeersbesluit wordt verzonden aan:
• Politie-eenheid Oost-Nederland, team verkeer, Postbus 618, 7300 AP, Apeldoorn.