Gemeenteblad van Rotterdam
| Datum publicatie | Organisatie | Jaargang en nummer | Rubriek |
|---|---|---|---|
| Rotterdam | Gemeenteblad 2025, 294866 | algemeen verbindend voorschrift (verordening) |
Zoals vergunningen, bouwplannen en lokale regelgeving.
Adressen en contactpersonen van overheidsorganisaties.
U bent hier:
| Datum publicatie | Organisatie | Jaargang en nummer | Rubriek |
|---|---|---|---|
| Rotterdam | Gemeenteblad 2025, 294866 | algemeen verbindend voorschrift (verordening) |
Subsidieregeling basiskwaliteit particuliere woningvoorraad Rotterdam 2025
Het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Rotterdam,
gelezen het voorstel van de wethouder Klimaat, Bouwen en Wonen van 1 juli 2025, kenmerk M2503-1861;
gelet op artikel 3, derde lid, artikel 4 , tweede lid, artikel 5, tweede lid, artikel 8, artikel 12a, artikel 13 en artikel 14 van de Subsidieverordening Rotterdam 2014;
overwegende, dat het gewenst is regels vast te stellen over het verlenen van subsidies voor verbetering van de onderhoudsstaat van particuliere woningen, versterking van de onderhoud- en beheerstructuur van gesplitst woningbezit en verbetering van de onderhoudsstaat van ongesplitst woningbezit al dan niet in samenhang met leningen van de Stichting Stimuleringsfonds Volkshuisvesting Nederlandse gemeenten of de Kredietbank Nederland;
Hoofdstuk 1 Algemene bepalingen
In deze regeling en de daarop rustende bepalingen wordt verstaan onder:
pand: bouwwerk, dat geheel bestaat uit een of meer appartementen of grondgebonden woningen dan wel als appartement of grondgebonden woning wordt gebruikt, of een bouwwerk dat grotendeels bestaat uit appartementen of grondgebonden woningen en voorts voor een beperkt deel inpandige bedrijfsruimten bevat;
Hoofdstuk 2 Subsidie in de vorm van een geldbedrag
Paragraaf 2.1 Subsidie voor noodzakelijk onderhoud, woningverbeterende maatregelen of energiebesparende maatregelen
In dit hoofdstuk wordt onder subsidie verstaan: subsidie in de vorm van een geldbedrag, niet zijnde een lening.
Artikel 2.4 Kosten die voor subsidie in aanmerking komen
Voor subsidie komen de redelijk gemaakte kosten in aanmerking die direct verbonden zijn met de uitvoering van een activiteit als bedoeld in artikel 2.2.
Artikel 2.5 Hoogte van de subsidie
Onverminderd het bedrag, genoemd in het eerste lid, kan voor energiebesparende maatregelen ten behoeve van het project Fazantstraat als bedoeld in artikel 2.2, vierde lid, nog een extra subsidie worden aangevraagd die ten hoogste 45% van de subsidiabele kosten met een maximum van € 3.000 per eenheid bedraagt.
Het subsidieplafond wordt door het college vastgesteld in het aanwijzingsbesluit, bedoeld in artikel 2.2, tweede lid.
De subsidieaanvraag wordt digitaal ingediend via www.rotterdam.nl/subsidies onder gebruikmaking van het daar beschikbaar gestelde aanvraagformulier, waarbij in ieder geval de volgende bescheiden worden overgelegd:
De subsidie wordt uiterlijk ingediend op de datum die is vastgesteld in het aanwijzingsbesluit, bedoeld in artikel 2.2, tweede lid.
Artikel 2.10 Weigeringsgronden
Subsidieverlening kan worden geweigerd, indien met de activiteiten is aangevangen voordat een subsidieaanvraag is ingediend.
Artikel 2.11 Verplichtingen subsidieontvanger
Aan de subsidieontvanger worden de volgende verplichtingen opgelegd:
binnen drie weken na de dag waarop het totale werk is opgeleverd, wordt de voltooiing van de werkzaamheden gemeld bij het college door middel van het overleggen van een proces-verbaal waarin de uitgevoerde werkzaamheden alsmede de werkzaamheden die niet of niet geheel conform het verbeterplan zijn verricht, worden beschreven;
Artikel 2.13 Verantwoording en vaststelling
Subsidies onder de € 25.000 worden direct vastgesteld, tenzij een subsidie in de vorm van een lening als bedoeld in hoofdstuk 3 wordt verstrekt. Indien een subsidie in de vorm van een lening als bedoeld in hoofdstuk 3 wordt verstrekt, wordt voor de subsidie onder de € 25.000 als bedoeld in deze paragraaf een aanvraag tot vaststelling ingediend.
Paragraaf 2.2 Subsidie voor de VvE-beheerder ten behoeve van begeleiding van de VvE
Subsidie wordt uitsluitend verstrekt aan een VvE-beheerder die geregistreerd staat bij de Kamer van Koophandel.
Artikel 2.16 Hoogte van de subsidie
De subsidie bedraagt € 80 per eenheid waarvoor subsidie als bedoeld in artikel 2.2 is verstrekt.
De subsidieaanvraag wordt digitaal ingediend via www.rotterdam.nl/subsidies onder gebruikmaking van het daar beschikbaar gestelde aanvraagformulier.
Hoofdstuk 3 Subsidie in de vorm van een lening
Paragraaf 3.1 Algemene bepalingen voor het verstrekken van subsidie in de vorm van een lening
De aanvraag om subsidie in de vorm van een lening, wordt digitaal ingediend via www.rotterdam.nl/subsdies onder gebruikmaking van het daar beschikbaar gestelde aanvraagformulier, waarbij in ieder geval worden overgelegd:
De subsidie wordt uiterlijk ingediend op de datum die is vastgesteld in het aanwijzingsbesluit, bedoeld in artikel 3.2, tweede lid.
Subsidieverlening kan worden geweigerd, indien met de activiteiten is aangevangen voordat een subsidieaanvraag is ingediend.
Paragraaf 3.2 Persoonlijke Stimuleringslening Basiskwaliteit
Paragraaf 3.4 Stimuleringslening Basiskwaliteit kleine VvE
Subsidie in de vorm van een Stimuleringslening Basiskwaliteit kleine VvE wordt uitsluitend verstrekt aan een VvE waarin eigenaren van ten hoogste zeven appartementsrechten met betrekking tot woonruimte zijn vertegenwoordigd.
Paragraaf 3.6 Draagkrachtlening Particuliere Woningverbetering
Subsidie in de vorm van de Draagkrachtlening Particuliere Woningverbetering wordt uitsluitend verstrekt aan de eigenaar-bewoner waarvan uit toetsing blijkt dat de financiële draagkracht van de betreffende eigenaar-bewoner zich verzet tegen het verstrekken van een Persoonlijke Stimuleringslening Basiskwaliteit, of een Maatwerklening Basiskwaliteit bij SVn.
Aldus vastgesteld in de vergadering van 1 juli 2025.
De secretaris,
G.J.D. Wigmans
De burgemeester,
C.J. Schouten
Bijlage. Maatregelen als bedoeld in de artikelen 2.2 en 3.2 van de Subsidieregeling Basiskwaliteit particuliere woningvoorraad Rotterdam 2025
Toelichting op de Subsidieregeling basiskwaliteit particuliere woningvoorraad Rotterdam 2025
Het college streeft naar een toekomstbestendige woningvoorraad om te komen tot een vitale stad. De kwaliteit van de bestaande particuliere woningvoorraad is minimaal op een basis onderhoudsniveau. Dat wil zeggen dat woningen minimaal voldoen aan de eisen uit het Besluit bouwwerken leefomgeving (Bbl). Door middel van de Aanpak Basiskwaliteit heeft het college in 2022 de strategie vastgesteld binnen de toolbox van het overkoepelende programma Particuliere Voorraad om te komen tot een basiskwaliteitsniveau van aangewezen panden. Met de basisaanpak wordt invulling gegeven aan de NPRZ-doelstelling om tot 2030 13.000 woningen in aanpak te nemen en de collegedoelstelling van 3.000 woningen per collegeperiode. Het vitaliteitsonderzoek (her)bevestigt de noodzaak tot de stedelijke aanpak. Primair ligt de focus op inzet op Zuid, maar het onderzoek wijst ook uit dat de fysieke opgave in samenhang met de sociaalmaatschappelijke situatie van eigenaren in Oud Mathenesse vergelijkbaar is.
De ‘Subsidieregeling basiskwaliteit particuliere woningvoorraad Rotterdam 2025’ is gericht op de financiële ondersteuning van eigenaren van aangewezen panden. Voor hen is een stimuleringsbijdrage beschikbaar en zij kunnen gebruik maken van aanvullende financieringsfaciliteiten in de vorm van een lening bij SVn of KBNL. Bij financieringsarrangementen is het mogelijk om daarmee, naast de inzet van een eigen bijdrage, de onderhoudsachterstanden en verbeteringen te bekostigen conform de onderhoudsplannen.
De stimuleringsbijdrage is beschikbaar in de vorm van een subsidie in ‘traditionele zin’, in de vorm van een geldbedrag dat niet hoeft te worden terugbetaald als de activiteiten waarvoor de subsidie is verleend, zijn uitgevoerd.
Aanvullend op deze stimuleringsbijdrage kan aanspraak worden gemaakt op een laagrentende lening, die wordt verstrekt door SVn of KBNL. Het college bepaalt aan de hand van hoofdstuk 3 of de aanvrager voor een aanspraak op een lening in aanmerking komt. Het hebben van aanspraak op een laagrentende lening valt ook onder het subsidiebegrip uit de Algemene wet bestuursrecht (Awb). Dat betekent dat titel 4.2 van de Awb en de Subsidieverordening Rotterdam 2014 niet alleen van toepassing zijn op de subsidies op grond van hoofdstuk 2 van deze regeling, maar ook op de subsidies in de vorm van een lening ingevolge hoofdstuk 3.
Uitgesloten van deze subsidie zijn woningbouwcorporaties die vallen binnen de reikwijdte van de Woningwet. Daarom is in de definitie van particuliere eigenaar de corporatiewoning uitgesloten.
Het artikel maakt duidelijk dat de bepalingen in hoofdstuk 2 in beginsel zien op de subsidie in traditionele zin. Dat is hier ‘subsidie in de vorm van een geldbedrag’ genoemd. Dit ter onderscheiding van de subsidie in de vorm van een lening, die in hoofdstuk 3 is geregeld. Uiteraard geeft de subsidie in de vorm van een lening ook aanspraak op een geldbedrag, het bedrag ter hoogte van de lening, echter wijkt dit af van de reguliere subsidie, de subsidie in de vorm van een geldbedrag, omdat de subsidie in de vorm van een lening als laagrentende lening, met rente wordt terugbetaald.
De subsidie is beschikbaar voor eigenaren (eigenaar-bewoners of eigenaar-verhuurders) van door het college aangewezen panden. Aanwijzingen worden samengesteld op basis van gemeentelijke analyses naar de kwaliteit van de woningvoorraad, signalen van professionele partners uit de wijk (waaronder corporaties of wijkraad), signalen van bewoners uit gebieden of eigen waarnemingen. Het doel van een aanwijzing is eigenaren door middel van een stimulerende aanpak te bewegen tot het wegwerken van onderhoudsachterstanden, het (re)activeren van de VvE en het toepassen van verbeteringen aan de woning te stimuleren. Na uitvoering van het verbeterplan wordt voldaan aan de minimale eisen uit het Besluit bouwwerken leefomgeving. Hierop wordt het verbeterplan beoordeeld.
Al decennia is bekend dat veel VvE’s moeite hebben met het naar behoren onderhouden van een pand. Dit heeft veel achterstallig onderhoud, vervallen panden en daarmee slechte woningen in veel Rotterdamse vooroorlogse wijken tot gevolg gehad. Reeds jaren streeft het college naar verbetering van de woningvoorraad. Wanneer subsidie wordt verstrekt aan een VvE is het daarom belangrijk voor het effect van de subsidie, dat een VvE naar behoren functioneert, zodat ook na het uitvoeren van de subsidiabele activiteiten onderhoud wordt gepleegd aan het pand. Vanwege voornoemd doel zijn specifieke eisen voor VvE’s opgenomen.
Onderhoudsachterstanden en verbetermogelijkheden voor de korte en lange termijn van VvE-bezit worden – conform wettelijke verplichting – vastgelegd in een meerjarenonderhoudsplan (MJOP).
Anders dan de VvE en de eigenaar van een grondgebonden woning, dat is de particuliere eigenaar, kan de appartementseigenaar geen subsidie aanvragen. Het uitvoeren van de subsidiabele activiteiten is immers voorbehouden immers toe aan de VvE.
Artikel 2.4 Kosten die voor subsidie in aanmerking komen
De kosten die worden opgevoerd bij de aanvraag worden door het college getoetst op redelijkheid.
De gemaakte meerkosten zijn redelijk als:
Er wordt geen subsidie verleend voor dat deel van de kosten dat het college als niet redelijk beschouwd. Het is belangrijk dat wordt onderbouwd dat de kosten, die voor subsidie worden opgevoerd, redelijk zijn. Onderbouw voor elke opgevoerde kostenpost, waarom deze kosten nodig zijn. Leg ook uit waarom bijvoorbeeld niet wordt volstaan met een eenvoudiger, goedkoper product of dienst, met een lager ingeschaalde arbeidskracht, een minder dure expert of met minder uren.
Artikel 2.5 Hoogte van de subsidie
De maximale subsidie voor onderhoud, verbeteren en energiebesparende maatregelen is in totaal € 6.000. Alleen voor project Fazantstraat kan daarbovenop een extra subsidie van €3.000 euro voor energiebesparende maatregelen worden aangevraagd.
Alle subsidieaanvragen lopen via het subsidieloket op de website van de gemeente.
De bij de aanvraag mee te leveren documenten kunnen daar worden geüpload.
Het aanwijzingsbesluit wordt apart door het college vastgesteld en bekendgemaakt.
Artikel 2.10 Weigeringsgronden
Deze weigeringsgrond geldt naast de weigeringsgronden die in de Algemene wet bestuursrecht en de Subsidieverordening Rotterdam 2014 staan.
Artikel 2.11 Verplichtingen subsidieontvanger
Dit zijn verplichtingen die verbonden zijn aan de subsidie. Deze verplichtingen hebben voornamelijk te maken met het proces van de uitvoering en het kunnen controleren of de werkzaamheden uit het plan van aanpak goed zijn uitgevoerd.
Artikel 2.12 Declaratie bij SVn
SVn is de instantie die het subsidiegeld voor de gemeente beheert. Indien subsidie direct wordt vastgesteld hoeft er geen declaratie te worden ingediend, maar wordt de subsidie op grond van het genomen besluit uitbetaald.
Artikel 2.13 Verantwoording en vaststelling
De bewaartermijn is vijf jaar, omdat eventuele steekproefsgewijze controles kunnen worden uitgevoerd.
Paragraaf 2.2 Subsidie voor de VvE-beheerder ten behoeve van begeleiding van de VvE
Bekend is dat het realiseren van een subsidieaanvraag door VvE’s een langdurig en intensief traject/proces is. Omdat VvE-beheerders hiervoor vaak extra inspanningen moeten leveren die buiten hun normale beheeractiviteiten vallen, kunnen zij subsidie krijgen.
Hoofdstuk 3 Subsidie in de vorm van een lening
In de artikelen 3.1 tot en met 3.11 staan de algemene bepalingen die gelden voor vijf verschillende leenproducten.
In de artikelen 3.12 tot en met 3.26 staan de verschillende leenproducten:
Productspecifieke bepalingen zijn te vinden op www.svn.nl/.
Artikel 3.1 Subsidie in de vorm van een lening
Omdat aanvullend op de ‘reguliere’ subsidie op grond van hoofdstuk 2 een laagrentende lening kan worden verstrekt, die ook onder het subsidiebegrip uit de Awb valt, wordt de reservering die de gemeente voor een lening maakt, een ‘subsidie in de vorm van een lening’ genoemd.
Artikel 3.8 Subsidievoorwaarden
Het verstrekken van een subsidie in de vorm van een lening, betekent nog niet dat de lening door SVn wordt verstrekt. Daarvoor moet eerst voldaan worden aan de voorwaarden die SVn stelt aan de kredietwaardigheid van de aanvrager. Daarom wordt de subsidie in de vorm van een lening verstrekt onder de voorwaarde van het doorstaan van de financiële toetsing door SVn. De subsidie in de vorm van de lening geeft de houder ervan het recht een aanvraag voor een lening te doen bij SVn.
Na financiële toetsing doet SVn een offerte voor een lening, op voorwaarden die door de SVn worden gesteld. Actuele financieringsvoorwaarden en productspecificaties van de leningen verstrekt door SVn zijn vermeld op www.svn.nl.
De individuele appartementseigenaar kan weliswaar geen subsidie in de vorm van een geldbedrag aanvragen, maar het is de individuele appartementseigenaar wel toegestaan een subsidie in de vorm van een lening aan te vragen, als de VvE waartoe hij behoort een subsidie heeft aangevraagd. Daarbij moet de lening dan wel worden aangewend ter financiering van de subsidiabele actitveiten, waarvoor de VvE subsidie heeft gevraagd.
De rentetarieven voor de leningen die door SVn worden verstrekt, worden door het college vastgesteld.
De subsidieontvanger krijgt de mogelijkheid om te kiezen tussen verschillende looptijden, maar dit hangt af van de bedragen. Bijvoorbeeld, voor een leenbedrag van €7.000 kan alleen een looptijd worden afgesproken van 10 jaar, terwijl voor een lening van € 100.000 de subsidieontvanger kan kiezen tussen looptijden van tien, vijftien of twintig jaar.
In de bijlage wordt bij onderdeel A ‘Onderhoud casco conform vigerende wet- en regelgeving’ de maatregel ‘onderhoud of verbetering in en aan gemeenschappelijke ruimtes van gesplitste dan wel ongesplitste panden’ genoemd. Bij gemeenschappelijke ruimtes van (on)gesplitste panden kan bijvoorbeeld gedacht worden aan tegelwerk, trappen, elektra, bellentableau of postkasten.
Dit gemeenteblad ligt ook ter inzage bij het Concern Informatiecentrum Rotterdam (CIC): 010-267 2514 of bir@rotterdam.nl
Kopieer de link naar uw clipboard
https://zoek.officielebekendmakingen.nl/gmb-2025-294866.html
De hier aangeboden pdf-bestanden van het Staatsblad, Staatscourant, Tractatenblad, provinciaal blad, gemeenteblad, waterschapsblad en blad gemeenschappelijke regeling vormen de formele bekendmakingen in de zin van de Bekendmakingswet en de Rijkswet goedkeuring en bekendmaking verdragen voor zover ze na 1 juli 2009 zijn uitgegeven. Voor pdf-publicaties van vóór deze datum geldt dat alleen de in papieren vorm uitgegeven bladen formele status hebben; de hier aangeboden elektronische versies daarvan worden bij wijze van service aangeboden.