Verkeersbesluit voor het instellen van een laad- en losgelegenheid aan Kwikstaartweg te Vlaardingen

2025957

vastgesteld hebbend, dat de bestuurlijke bevoegdheid hiertoe op grond van artikel 18, eerste lid, onder d, van de Wegenverkeerswet 1994 bij het College van Burgemeester en Wethouders ligt, omdat dit verkeersbesluit betrekking heeft op een weg of gedeelte daarvan, zoals genoemd in artikel 1, eerste lid, onder b, van die wet, die onder het beheer van noch het Rijk, noch de provincie, noch het waterschap valt en is gelegen in de gemeente Vlaardingen;

Algemeen mandaatbesluit ambtenaren Vlaardingen 2023;

gelezen het advies van de politie die met dit besluit instemt en waarmee tevens is voldaan aan de verplichting als bedoeld in artikel 24 van het Besluit administratieve bepalingen inzake het wegverkeer;

overwegende dat op grond van artikel 15, eerste lid, van de Wegenverkeerswet 1994 een verkeersbesluit moet worden genomen voor de plaatsing of verwijdering van de in artikel 12 van het Besluit administratieve bepalingen inzake het wegverkeer genoemde verkeerstekens, alsmede voor onderborden voor zover daardoor een gebod of verbod ontstaat of wordt gewijzigd;

overwegende dat op grond van artikel 15, tweede lid, van de Wegenverkeerswet 1994 een verkeersbesluit moet worden genomen voor maatregelen op of aan de weg tot wijziging van de inrichting van de weg of tot het aanbrengen of verwijderen van voorzieningen ter regeling van het verkeer, indien de maatregelen leiden tot een beperking of uitbreiding van het aantal categorieën weggebruikers dat van een weg of weggedeelte gebruik kan maken;

gelet op artikel 37 van het BABW in verband met de tijdelijkheid van de maatregel welke naar verwachting langer gaat duren dan 4 maanden;

gelet op hetgeen ten aanzien hiervan overigens in de Wegenverkeerswet 1994, het Reglement verkeersregels en verkeerstekens 1990 en het Besluit administratieve bepalingen inzake het wegverkeer is bepaald, alsmede op de bepalingen ter zake van de Algemene wet bestuursrecht;

Het college van Burgemeester en Wethouders besluit:

  • 1.

    tot het instellen van een parkeergelegenheid voor het onmiddellijk laden en lossen van goederen op de Kwikstaartweg, door het plaatsen van bord E7 van het Reglement verkeersregels en verkeerstekens 1990 en onderbord met de tekst “8:30u - 18:00u” en een pijl naar links op één parkeerplaats ter hoogte van het parkeerterrein Kwikstaartweg;

  • 2.

    de borden te plaatsen en markering aan te brengen zoals aangegeven op de bij dit besluit behorende tekening;

  • 3.

    te bepalen dat dit verkeersbesluit in werking treedt op de dag van bekendmaking in het Gemeenteblad.

OVERWEGINGEN TEN AANZIEN VAN HET BESLUIT

Aanleiding en bestaande situatie:

  • dat de Kwikstaartweg een erftoegangsweg binnen de bebouwde kom van Vlaardingen is;

  • dat op de Kwikstaartweg een maximumsnelheid van 30 km/uur geldt;

  • dat er ter hoogte van het parkeerterrein langs de Reigerlaan een aantal winkels/horecazaken zijn gevestigd;

  • dat er wordt geladen en gelost op plekken waar dat wettelijk gezien niet is toegestaan en zorgt voor verkeersonveilige situaties;

Verkeerskundige aspecten zijn:

  • dat er geen laad- en losplekken aanwezig zijn in de buurt van deze winkels/horecazaken;

  • dat bovenstaande leidt tot het optreden van gevaarlijke en verkeersonveilige verkeerssituaties;

  • dat deze ontstaan door het laden en lossen op plekken waar dat niet is toegestaan;

  • dat de verkeersveiligheid hiermee teruggedrongen wordt, aangezien er voertuigen zijn waar andere verkeersdeelnemers deze niet hoeven te verwachten;

  • dat deze ongewenste laad-en losactiviteiten sterk verminderd worden door het instellen van een laad- en losvoorziening;

  • dat het gewenst is deze laad- en losvoorziening in te stellen op één parkeerplaats op het parkeerterrein achter de Reigerlaan 2;

  • dat door het toepassen van een tijdvenster de parkeerplaats buiten deze tijden beschikbaar is om te parkeren en dat het belang om er te kunnen parkeren in dit geval lager wordt gesteld dan het verbeteren van de verkeersveiligheid;

  • dat daarbij de parkeerdruk met het reserveren van de parkeerplaats voor laden en lossen niet boven de 90% uitkomt en er dus voldoende capaciteit is.

Uit het oogpunt van:

  • dat de maatregel (gelet op artikel 2 van de Wegenverkeerswet) strekt tot het verzekeren van de veiligheid op de weg;

  • dat de maatregel (gelet op artikel 2 van de Wegenverkeerswet) strekt tot het beschermen van weggebruikers en passagiers;

  • dat de maatregel (gelet op artikel 2 van de Wegenverkeerswet) strekt tot het in stand houden van de weg en het waarborgen van de bruikbaarheid daarvan.

Is het gewenst om:

  • ter verhoging van de verkeersveiligheid, ter bescherming van de weggebruikers en passagiers, het in stand houden van de weg en het waarborgen van de bruikbaarheid daarvan de verkeersborden en markering te plaatsen, een en ander zoals aangegeven op de bijgevoegde tekening.

Belangenafweging

  • bij de afweging van belangen gaat het om de verkeerskundige aspecten, in dit geval de verkeersveiligheid, het beschermen van de weggebruikers en passagiers, het in stand houden van de weg en het waarborgen van de bruikbaarheid daarvan, zoals geformuleerd in artikel 2, eerste lid sub a en b van de Wegenverkeerswet 1994;

  • door het reserveren van een parkeervak ten behoeve van het laden en lossen neemt de beschikbare parkeercapaciteit tijdens het tijdvenster iets af. Dit weegt evenwel op tegen het belang om een legale wijze van laden en lossen mogelijk te maken nu de parkeerdruk acceptabel blijft;

  • verkeer dat nu ook al laadde en loste in de straat zal dat nu op dit parkeervak doen. Op straatniveau wordt er geen toename van deze handelingen verwacht waardoor de handelingen weliswaar meer geconcentreerd plaats zullen vinden maar niet zullen leiden tot een significante toename van mogelijk ervaren hinder en overlast;

  • daarom kan bij het nemen van het besluit evenmin sprake zijn van onevenredige nadelige gevolgen als bedoeld in artikel 3:4, lid 2 van de Algemene wet bestuursrecht.

Zorgvuldigheid

  • dat bij de voorbereiding van dit besluit dan ook gehandeld is overeenkomstig de zorgvuldigheid die op grond van artikel 3:1 van de Algemene wet bestuursrecht ten aanzien van besluiten als deze moet worden betracht;

  • dat met de vaststelling van dit besluit dan ook geen sprake is van een besluit met onevenredige nadelige gevolgen als bedoeld in artikel 3:4, lid 2 van de Algemene wet bestuursrecht.

Vlaardingen,

Namens burgemeester en wethouders van Vlaardingen,

B. Huzen

Teammanager Beheer Openbare Ruimte

MEDEDELINGEN

Bezwaar

Belanghebbenden kunnen ingevolge artikel 7:1 van de Algemene wet bestuursrecht tegen dit besluit binnen zes weken na bekendmaking daarvan, een bezwaarschrift indienen bij het college van burgemeester en wethouders van Vlaardingen, onder vermelding van “bezwaarschrift verkeersbesluit”, Postbus 1002, 3130 EB Vlaardingen.

Het bezwaarschrift moet ondertekend zijn en tenminste bevatten:

naam en adres van belanghebbende;

de dagtekening;

een omschrijving van het besluit waartegen het bezwaarschrift zich richt;

de gronden van het bezwaar;

een volmacht, indien het bezwaarschrift niet door de belanghebbende maar door een ander, namens hem, wordt ingediend.

Het maken van bezwaar schorst niet de werking van dit besluit (zie artikel 6:16 van de Algemene wet bestuursrecht).

De indiener van een bezwaarschrift kan ingevolge artikel 8:81 van de Algemene wet bestuursrecht, als onverwijlde spoed dat – gelet op de betrokken belangen – vereist, eveneens een voorlopige voorziening (waaronder schorsing) vragen bij de voorzieningenrechter van de rechtbank te Rotterdam, Postbus 50951, 3007 BM Rotterdam.

Afschriften

Afschriften van dit verkeersbesluit zijn verzonden aan:

de politie.

Naar boven