Besluit mandaat, volmacht en machtiging ontheffing speedpedelec

Burgemeester en wethouders van Amersfoort,

 

Gelet op de artikelen 10:1 tot en met 10:12 van de Algemene wet bestuursrecht;

 

Gelet op artikel 87 juncto artikel 6 lid 2 van het Reglement Verkeersregels en Verkeerstekens 1990;

 

Overwegende dat

  • voor bestuurders van een speedpedelec de verkeersregels voor bromfietsers gelden;

  • de bestuurder van een speedpedelec dus op het bromfietspad moet rijden;

  • als er geen bromfietspad aanwezig is, de speedpedelec op de rijbaan moet rijden;

  • door de omvang en massa en lagere gemiddelde snelheid van de speedpedelec bestuurders van speedpedelecs zich kwetsbaar op de rijbaan voelen ten opzichte van (vracht)auto’s, motoren en brommers;

  • het daarom wenselijk is dat de bestuurder van een speedpedelec ontheffing kan krijgen om onder voorwaarden (als gast, met gepaste snelheid met een maximum van 30 km/u) op het fietspad te rijden;

  • hiermee het rijden met een speedpedelec wordt gestimuleerd, wat wenselijk is omdat het zero-emissie en actieve mobiliteit stimuleert, ruimte-efficiënt is en de bereikbaarheid van de stad ten goede komt;

  • een pilot van twee jaar positieve resultaten heeft opgeleverd;

Besluiten als volgt:

 

  • 1.

    Aan burgemeester en wethouders van Utrecht wordt mandaat verleend voor het nemen van besluiten inzake het verlenen van een ontheffing van artikel 6 lid 2 RVV 1990. De ontheffing wordt verleend voor het rijden met de speedpedelec op verplichte fietspaden (aangeduid met verkeersbord G11) en onverplichte fietspaden (aangeduid met verkeersbord G13). De ontheffing wordt voor 5 jaar (tot 1 juli 2030) en kan eenmalig ambtshalve met 5 jaar worden verlengd.

  • 2.

    Aan burgemeester en wethouders van Utrecht wordt volmacht en machtiging verleend voor het nemen van beslissingen en het verrichten van handelingen ter uitvoering van de besluiten bedoeld onder 1, waaronder het in rechte vertegenwoordigen van burgemeester en wethouders van gemeente Amersfoort in bestuursrechtelijke geschillen over de besluiten bedoeld onder 1.

  • 3.

    Aan de Manager Juridische Zaken van Utrecht wordt mandaat verleend voor het nemen van beslissingen op bezwaar als bedoeld in de Algemene wet bestuursrecht in verband met deze ontheffingsbevoegdheid. Dit mandaat geldt inclusief het toekennen van vergoedingen als bedoeld in artikel 7:15 van de Algemene wetbestuursrecht.

  • 4.

    Aan de Manager Juridische Zaken van Utrecht wordt volmacht en machtiging verleend voor het nemen van beslissingen en het verrichten van handelingen ter uitvoering van de besluiten bedoeld onder 3, waaronder het in rechte vertegenwoordigen van burgemeester en wethouders van gemeente Amersfoort in bestuursrechtelijke geschillen over de besluiten bedoeld onder 3.

  • 5.

    Burgemeester en wethouders en Manager Juridische Zaken van Utrecht kunnen schriftelijk ondermandaat, ondervolmacht en ondermachtiging van deze bevoegdheden verlenen aan hun functionarissen. Degene aan wie zij deze bevoegdheden verlenen, mag deze – eveneens schriftelijk – verder doorgeven via ondermandaat, ondervolmacht of ondermachtiging.

  • 6.

    Burgemeester en wethouders en Manager Juridische Zaken van Utrecht rapporteren jaarlijks aan de wegbeheerder over de manier waarop zij van zijn bevoegdheden gebruik hebben gemaakt.

  • 7.

    Burgemeester en wethouders van en Manager Juridische Zaken Utrecht vermelden onder hun besluiten en schriftelijke beslissingen dat zij zijn genomen namens burgemeester en wethouders van Amersfoort. Onder de besluiten vermelden zij dat bezwaar kan worden gemaakt bij het college van burgemeester en wethouders van Utrecht, dan wel beroep kan worden ingediend bij de rechtbank Midden-Nederland.

Vastgesteld door burgemeester en wethouders van Amersfoort in de vergadering van 24 juni 2025,

Burgemeester,

Secretaris,

Naar boven