Artikel I De Beleidsregels gebruikelijke hulp Wmo gemeente Alkmaar worden als volgt gewijzigd
In Artikel 3 wordt
‘’Indien op grond van de specifieke omstandigheden van de aanvrager (waaronder persoonskenmerken en gezinssituatie) in één (of meerdere) van de stappen wordt geconstateerd dat de gebruikelijke hulp niet kan worden geleverd, is er sprake van een noodzaak voor hulp van buiten het huishouden zoals mantelzorg (vrijwilligers), zorg door personen in het sociale netwerk of professionele hulp. De hulp kan dan niet binnen de leefeenheid/ het huishouden worden opgelost.’’
vervangen door:
‘’Indien op grond van de specifieke omstandigheden van de aanvrager (waaronder persoonskenmerken en gezinssituatie) wordt geconstateerd dat gebruikelijke hulp niet toereikend is, is er sprake van een noodzaak voor hulp van buiten het huishouden. Dit kan gaan om hulp van vrijwilligers en/of professionele hulp.
Artikel 4 komt te luiden:
Artikel 4 Omschrijving mantelzorg
Mantelzorg is hulp ten behoeve van zelfredzaamheid, participatie, beschermd wonen, opvang, jeugdhulp, het opvoeden en opgroeien van jeugdigen en zorg en overige diensten als bedoeld in de Zorgverzekeringswet, die rechtstreeks voortvloeit uit een tussen personen bestaande sociale relatie en die niet wordt verleend in het kader van een hulpverlenend beroep. Mantelzorg overstijgt gebruikelijke hulp en is per definitie vrijwillig.
A. Hoofdstuk 1 van de toelichting op de beleidsregels komt te luiden:
Hoofdstuk 1.Begripsbepalingen
Gebruikelijke hulp
Is volgens de Wmo 2015:
hulp die naar algemeen aanvaarde opvattingen in redelijkheid mag worden verwacht van de echtgenoot, ouders, inwonende kinderen of andere huisgenoten; (art. 1.1.1, lid 1, 16e gedachtenstreepje).
Mantelzorg
Is volgens de Wmo 2015:
hulp ten behoeve van zelfredzaamheid, participatie, beschermd wonen, opvang, jeugdhulp, het opvoeden en opgroeien van jeugdigen en zorg en overige diensten als bedoeld in de Zorgverzekeringswet, die rechtstreeks voortvloeit uit een tussen personen bestaande sociale relatie en die niet wordt verleend in het kader van een hulpverlenend beroep.
D. In Hoofdstuk 3 van de toelichting op de beleidsregels vervalt:
‘’In tegenstelling tot het beleid onder de AWBZ geldt voor huisgenoten dat zij uitsluitend gebruikelijke helpers kunnen zijn en nooit mantelzorgers voor hun huisgenoot. Dit volgt uit de begripsomschrijvingen, zoals onder 1 weergegeven. Het is niet logisch om op één persoon twee vormen van inzet van hulp van toepassing te verklaren. De verwarring is waarschijnlijk ontstaan omdat in de tijd dat er gesproken werd over mantelzorg het begrip gebruikelijke hulp nog niet bestond. Toen het begrip gebruikelijke hulp een geaccepteerd begrip was geworden heeft geen herijking ten aanzien van het begrip mantelzorg plaatsgevonden1 . Uiteraard kan een huisgenoot wel mantelzorger zijn voor iemand buiten de leefeenheid. Maar als het gaat om een leefeenheid, worden de leden van die leefeenheid ten aanzien van elkaar uitsluitend beschouwd als gebruikelijke helper. Dat kan lastig zijn als het gaat om uit de tijd van de AWBZ stammende zaken als het mantelzorgcompliment. Dat zou niet meer van toepassing meer zijn op huisgenoten. Dit probleem is simpel op te lossen door te spreken van compliment voor mantelzorgers en gebruikelijke helpers.’’
E. Hoofdstuk 4 van de toelichting op de beleidsregels vervalt.