|
|
- 2.1.
Kosten inrichting/ huisraad
|
|
Omschrijving
|
Inrichtingskosten en aanschaf huisraad behoren tot incidenteel voorkomende algemeen noodzakelijke bestaanskosten die gefinancierd moeten worden door reservering vooraf. Alleen bij noodzakelijke en niet uitstelbare kosten en onmogelijkheid van reservering, kan bijzondere bijstand worden verstrekt.
De kosten van verf en behang en een vloer worden niet aangemerkt als duurzame gebruiksgoederen en kunnen daarom gelet op de art. 48 lid 2 en 51 Pw ook niet als leenbijstand worden verstrekt.
Let op specifieke situaties te weten.:
- -
Eerste woninginrichting: er wordt géén bijzondere bijstand verstrekt voor de kosten van eerste woninginrichting, ook niet bij doorstroming van kamerbewoning naar een huurwoning. Uitzondering: statushouders.
- -
Statushouders: bij vestiging vanuit asielzoekerscentrum (AZC) in de gemeente, komen de kosten van “eerste inrichting” voor bijzondere bijstand in aanmerking rekening houdend met eventuele voorliggende voorziening.
- -
Nieuwe aanvraag binnen huidige aflossingsperiode eerder verstrekte leenbijstand voor woninginrichting (bijv. gezinshereniging statushouders): qua noodzakelijke kosten wordt uitgegaan van hoger bedrag en wordt rekening gehouden met het reeds toegekende bedrag en wat daarop al is afgelost.
- -
Verhuizing naar andere gemeente: vestigingsgemeente moet inrichtingskosten beoordelen, vertrekgemeente beoordeelt verhuiskosten (bijvoorbeeld huur auto/busje);
- -
Inrichtingskosten 18 tot 21 -jarigen: bij noodzaak zelfstandig wonen van weggelopen minderjarige die geen beroep op ouders kan doen, kan bijz. bijstand worden verstrekt;
- -
Echtscheiding/ verbreking relatie: onderscheid wel/geen boedelscheiding.
- o
Wel boedelscheiding: alle vrijgekomen gelden (ook indien < dan vermogensvrijlating) dienen te worden aangewend voor de inrichting als zijnde de reservering;
- o
Nog geen boedelscheiding: aandringen op snelle boedelscheiding, verder normale beoordeling op voorliggende voorziening.
- -
Bij woningaanvaarding moet bezien worden of (deel)-inboedel van vorige bewoner(s) kan worden overgenomen.
|
|
Reservering toepassen
|
- -
In het kader van buitenwettelijk beleid wordt geen gebruik gemaakt van reservering bij inkomen tot bijstandsnorm artikel 21 Pw.
- -
Bij inkomen boven bijstandsnorm: 5% v/h meerdere waarbij reserveringstermijn geldt van 36 maanden.
- -
Als iemand niet heeft gereserveerd maar dit wel had kunnen doen dan wordt het bedrag dat iemand had kunnen aflossen bij de lening opgeteld. In principe wordt het maandelijkse aflosbedrag dan hoger. Als dit niet mogelijk is omdat iemand dan te weinig geld overhoudt ten opzichte van de beslagvrije voet, kan de aflostermijn met maximaal 12 maanden worden verlengd.
|
|
Vergoedingen
|
Aanschaf 2e hands-goederen waarbij maximale vergoeding bijzondere bijstand wordt gesteld op de helft van NIBUD-normen voor inventaris. Uitzondering:
- -
- -
Wasmachine, kookplaat (gas 4 pits of elektrisch)
- -
- -
Matras, kussens en dekbed
- -
Vloer op basis van goedkoopste adequate oplossing (=vinyl)
Hiervoor geldt maximaal de nieuwprijs van NIBUD vanwege de veiligheid, levensduur en garantie. Bij statushouders met noodzakelijke volledige woninginrichting wordt specifieke tabel ‘bedragen inrichtingskosten statushouders’ toegepast.
|
|
Vorm waarin de bijzondere bijstand wordt verstrekt:
|
Voor duurzame gebruiksgoederen geldt als hoofdregel leenbijstand.
Verschuldigde aflossing bij verstrekking leenbijstand:
5% van de van toepassing zijnde bijstandsnorm incl. VT (artikel 21 Pw) gedurende maximaal 36 maanden + 50% van het inkomen boven de bijstandsnorm als de belanghebbende een inkomen boven de bijstandsnorm heeft; voor jongeren met aanvullende bijzondere bijstand tot de bijstandsnorm voor een 21-jarige wordt voor de aflossingscapaciteit uitgegaan van de bijstandsnorm voor een 21-jarige (artikel 21 Pw);
Indien totale leenbijstand hoger uitvalt dan max. afl.-ruimte over 36 maanden op moment van de aanvraag dan op voorhand verschil om niet verstrekken.
Indien cliënt in WSNP-traject zit: leenbijstand in overleg met bewindvoerder en na afronden WSNP-traject, omzetting naar om niet.
Indien bijzondere bijstand moet worden verstrekt voor verf/ behang en vloer dan wordt het daarvoor benodigde bedrag om niet verstrekt.
|
|
Speciale uitkeringsvoorwaarden
|
Bijzondere bijstand moet vooraf aangevraagd worden. Aankoopbewijzen moeten 12 maanden bewaard worden.
|
|
Bewijsstukken
|
Proforma nota’s of een begroting/ kostenoverzicht
|
|
|
|
Omschrijving
|
Verhuiskosten binnen Nederland behoren tot incidenteel voorkomende algemeen noodzakelijke bestaanskosten die gefinancierd moeten worden door middel van reservering vooraf of gespreide betaling achteraf. Alleen bij een noodzakelijke verhuizing die niet uitstelbaar is, kan bijzondere bijstand worden verstrekt.
Verhuiskosten dienen aangevraagd te worden bij de vertrekgemeente.
|
|
Voorliggende voorziening
|
Recht op WMO bezien als de verhuizing medisch noodzakelijk is
|
|
Reservering toepassen
|
In het kader van buitenwettelijk beleid wordt geen gebruik gemaakt van reservering bij inkomen tot bijstandsnorm artikel 21 Pw.
Bij inkomen boven bijstandsnorm artikel 21 Pw: 5% v/h meerdere waarbij reserveringstermijn geldt van 36 maanden. Wel letten op feit of reservering al niet wordt meegenomen bij kosten woninginrichting. Als iemand had kunnen reserveren wordt de aanvraag afgewezen.
|
|
Vergoedingen
|
Noodzakelijke transportkosten op basis van adequaat goedkoopste voorziening. Bijvoorbeeld de huur van een bus of aanhanger.
|
|
Bewijsstuk
|
Factuur voor de huur van een bus/ aanhanger.
|
- 2.3.
Dubbele huur bij aanvaarding andere woning
|
|
Omschrijving
|
Bij verhuizing van de ene naar een andere woning is het gebruikelijk dat men tijdelijk geconfronteerd wordt met dubbele woonlasten (eerste huur en waarborgsom). Nieuwe woning moet immers vaak eerst worden opgeknapt (schoonmaken, schilderen, behangen e.d.) voordat men feitelijk de nieuwe woonruimte kan betrekken en de oude kan afstoten.
Alléén bij noodzakelijke verhuizing bijz. bijstand verstrekken. Indien klant uit AZC komt regeling overbruggingsuitkering toepassen en geen extra bijstand voor dubbele huur.
|
|
Reservering toepassen
|
Ja, gelijk aan kosten woningrichting, wel letten op feit of reservering al niet wordt meegenomen bij kosten woninginrichting.
|
|
Vergoedingen
|
Bijzondere bijstand ter hoogte van maximaal de eerste maand huur v/d nieuwe woning
|
|
Bewijsstukken
|
- -
Specificatie van de huur (bijv. huurcontract of factuur)
- -
Bewijs waaruit blijkt dat de verhuizing noodzakelijk is
|
|
|
|
Omschrijving
|
Woonkosten behoren naar hun aard tot de algemeen noodzakelijke bestaanskosten. Woonkostentoeslag is mogelijk in de volgende situaties:
- -
Bij hoge woonkosten voor een huurwoning dient beroep op huurtoeslag te worden gedaan. Bijzondere bijstand is slechts tijdelijk mogelijk zolang nog geen recht op huurtoeslag bestaat of indien de huur boven de maximale grens voor huurtoeslag valt.
- -
Bij een koopwoning bestaat veelal recht op vermindering van inkomstenbelasting wegens aftrek rentekosten. Bijzondere bijstand is slechts tijdelijk mogelijk zolang nog geen adequate vervangende huisvesting kan worden verkregen.
|
|
Voorliggende voorziening
|
- -
Bij huurwoning: recht op huurtoeslag bezien
- -
Bij koopwoning: hypotheekrenteaftrek (eventueel via voorlopige aangifte)
- -
Als belanghebbende een zelfstandige is, bestaat er geen recht op bijzondere bijstand voor woonkostentoeslag omdat het Bbz 2004 dan een adequate en passende voorliggende voorziening is.
|
|
Vergoedingen
|
Bij huurwoning:
- -
Berekening bedrag bijzondere bijstand volgens tabel huurtoeslag.
- -
Als woonkosten hoger zijn dan max. subsidiabele huurgrens, dient dat (meerdere) deel voor 100% te worden meegerekend.
Bij eigen woning, woonwagen of woonschip:
Berekening bedrag bijzondere bijstand hetzelfde als bij huurwoning.
Hierbij ook rekening houden met:
- -
- -
Zakelijke lasten; kosten onderhoud eigen woning;
- -
Fiscale voordelen al gevolg van hypotheekrenteaftrek
Onder zakelijke lasten worden verstaan:
- -
Bij een eigen woning: de rioolrechten, het eigenaarsaandeel van de onroerendzaakbelastingen, de brandverzekering, de opstalverzekering en het eigenaarsaandeel van de waterschapslasten) en een naar omstandigheden vast te stellen bedrag voor onderhoud.
- -
Bij een eigen woonwagen of woonschip: stageld, liggeld of onroerendzaakbelasting.
- -
Onder zakelijke lasten wordt niet verstaan de kosten van water, gas, licht en afvalkosten.
|
|
Speciale uitkeringsvoorwaarden
|
Bij huurwoning tot max. huurtoeslaggrens:
- -
Verstrekking tot tijdstip waarop recht op huurtoeslag bestaat.
Bij koopwoning:
- -
Verhuisplicht opleggen naar betaalbare huurwoning. Daarom steeds voor max. 1 jaar toekennen.
Bij huurwoning boven max. bedrag huurtoeslaggrens:
- -
toekenning voor 1 jaar met verhuisplicht. Als bij opgelegde verhuisplicht bij afloop van die termijn blijkt dat betrokkene redelijke pogingen ondernomen heeft om goedkopere woonruimte te vinden en dit is niet gelukt, dan kan woonkostentoeslag worden verlengd. Verlenging dan steeds voor tijdvak van maximaal 1 jaar.
|
|
Bewijsstukken
|
Bij huurwoning:
- -
Bewijs (subsidiabele) huurkosten;
- -
Beschikking afwijzing huur-toeslag
Bij koopwoning:
- -
Bewijs onderhoudskosten eigen woning;
Bewijs rentekosten hypothecaire lening-(en). Dit excl. evt. aflossingsdeel en premie levensverzekering; - bewijs vermindering, of voorlopige teruggave, inkomstenbelasting wegens aftrek hypotheekrente
|
|
|
|
Omschrijving
|
De kosten van: babykleding, kinderwagen en inrichting van de babykamer behoren tot de (incidenteel voorkomende) alg. noodzakelijke bestaanskosten die gefinancierd moeten worden d.m.v. reservering vooraf. Alleen bij noodzakelijke en niet uitstelbare kosten en onmogelijkheid van reservering of lening, kan bijzondere bijstand worden verstrekt.
Noot: de bijzondere bijstand kan vanaf de vijfde maand van de zwangerschap worden aangevraagd.
|
|
Reservering toepassen
|
- -
In het kader van buitenwettelijk beleid wordt geen gebruik gemaakt van reservering bij inkomen tot de bijstandsnorm genoemd in artikel 21 Pw.
- -
Bij een inkomen boven de bijstandsnorm ex. artikel 21 Pw: 5% v/h meerdere. Men wordt dan geacht vooraf te sparen voor de kosten aanschaf babykleding, kinderwagen en inrichting babykamer vanaf het moment waarop men bekend is met de zwangerschap met een minimum van zes maanden.
- -
Als iemand niet heeft gereserveerd maar dit wel had kunnen doen dan wordt het bedrag dat iemand had kunnen aflossen bij de lening opgeteld. In principe wordt het maandelijkse aflosbedrag dan hoger. Als dit niet mogelijk is omdat iemand dan te weinig geld overhoudt ten opzichte van de beslagvrije voet, kan de aflostermijn met maximaal 12 maanden worden verlengd.
Noot: de bijzondere bijstand kan vanaf de vijfde maand van de zwangerschap worden aangevraagd.
|
|
Vergoedingen
|
- -
Kosten inrichting babykamer en aanschaf kinderwagen: uitgangspunt is aanschaf 2e hands-goederen waarbij maximale prijs wordt gesteld op helft van NIBUD-normen.
- -
Voor matras en kussens geldt ook de max. nieuwprijs van het NIBUD.
- -
Voor kosten babykleding: NIBUD-normen (50% NIBUD norm)
|
|
Vorm waarin de bijzondere bijstand wordt verstrekt
|
Voor inrichtingskosten en babykleding geldt als hoofdregel leenbijstand. Verschuldigde aflossing bij verstrekking leenbijstand:
5% van de van toepassing zijnde bijstandsnorm incl. VT (artikel 21 Pw) gedurende maximaal 36 maanden + 50% van het inkomen boven de Pw-norm als de belanghebbende een inkomen > Pw-norm heeft;
Voor jongeren met aanvullende bijzondere bijstand tot de bijstandsnorm voor een 21-jarige wordt voor de aflossingscapaciteit uitgegaan van de bijstandsnorm voor een 21-jarige (artikel 21 Pw).
|
|
Bewijsstukken
|
Proforma nota’s
|
- 2.6.
Doorbetaling vaste lasten
|
|
Omschrijving
|
Bij opname in een inrichting (=verpleegtehuis, psychiatrisch ziekenhuis, afkickcentrum) moet de algemene periodieke bijstandsnorm worden omgezet naar een lagere norm (art. 23 Pw). Die lagere norm is alleen bedoeld als zak-kleedgeld en daarvan kunnen niet de vaste lasten worden betaald. Indien er een noodzaak bestaat tot het blijven aanhouden van de eigen woonruimte kan, daarom bijzondere bijstand worden verleend.
Mits er noodzaak is tot het aanhouden v/d eigen woonruimte geschiedt omzetting naar norm zak- en kleedgeld met ingang van de eerste dag van 3e maand volgend op de maand van opname.
|
|
Vergoedingen
|
- -
De niet door huurtoeslag gedekte woonkosten;
- -
Het vastrecht nutsvoorzieningen,
- -
Premie inboedelverzekering
|
|
Bewijsstukken
|
Bewijs waaruit de hoogte van de te maken kosten blijkt.
|
- 2.7.
Doorbetalen vaste lasten tijdens detentie
|
|
Omschrijving
|
In de Participatiewet (=artikel 13 lid 1 onder a) is bepaald dat er géén recht op algemene en bijzondere bijstand bestaat als men rechtens van zijn vrijheid is ontnomen. Dit laat onverlet dat gemeenten verantwoordelijk zijn voor de nazorg aan inwoners die terugkeren uit detentie. Er zijn vijf leefgebieden die cruciaal zijn om de kans op succesvolle terugkeer na detentie te vergroten. De ambities op deze basisvoorwaarden zijn vastgelegd in het Convenant Re-integratie (ex-)gedetineerden tussen het ministerie van Veiligheid en Justitie en de Verenging Nederlandse Gemeenten (VNG).
Ter uitvoering hiervan heeft het Zorg- en Veiligheidshuis De Markiezaten te Bergen op Zoom eind 2016 aan de gemeenten in deze regio voorgesteld om de nazorg na detentie te versterken. Een onderdeel hiervan is om op grond van buitenwettelijk begunstigend beleid via de bijzondere bijstand de vaste lasten door te betalen voor gedetineerden die minimaal twee tot maximaal zes maanden in detentie moeten en dit zelf niet kunnen bekostigen.
De ondergrens van twee maanden wordt gehanteerd omdat enerzijds de tijd te kort is om geïnformeerd te worden over de detentie en daarover een besluit te nemen. Anderzijds is het minder aannemelijk dat bij een verblijf van korter dan 2 maanden in detentie de woningcorporatie reeds tot uitzetting overgaat. Om te voorkomen dat draaideurcriminelen continu aanspraak op deze regeling kunnen maken, stelt het Veiligheidshuis ook voor om na een succesvolle aanvraag de persoon drie jaar uit te sluiten van deze regeling.
Op grond van buitenwettelijk begunstigend beleid kan, als de belanghebbende zelf onvoldoende middelen heeft om deze kosten te kunnen betalen en deze regeling de afgelopen drie jaar al niet eerder op belanghebbende is toegepast, bij een kortdurende detentie in Nederland tussen minimaal 2 en maximaal 6 maanden bijzondere bijstand voor de vaste lasten worden verstrekt. Op basis van individuele omstandigheden worden verder afspraken gemaakt over voorschotbetaling en versnelde aanvraagprocedure.
|
|
Voorliggende voorziening
|
Minnelijke regeling met verhuurder en nutsleverancier
|
|
Reservering toepassen
|
Indien detentieperiode voorzienbaar was
|
|
Vergoeding
|
Maandelijkse:
- -
huur minus huurtoeslag en vastrecht voor energie
- -
premie inboedelverzekering
|
|
Vorm waarin de bijzondere bijstand wordt verstrekt
|
Leenbijstand op grond van art. 48 lid 2 onder b Pw.
|
|
Bewijsstukken
|
Bewijs opgelegde detentie (incl. duur en plaats);
Bewijs huur en vastrecht
Premie inboedelverzekering
|