Gemeente Zwijndrecht – Verkeersbesluit instellen verplichte rijrichtingen en parkeerverbodszone te Heerjansdam

 

De wethouder verkeer en vervoer neemt hierbij de volgende verkeersbesluiten:

 

  • 1.

    Het instellen van een parkeerverbodszone in de straten De Hupse, Paltrok, Tjasker, Bovenkruier, Grondzeiler, Trasmolen, De Brakel, ‘t Fort, De Smaus, Ganzekant, (een gedeelte van de) Rozenlaan, Heer Janstraat, Vlasakkers, Dominee J.A. Visserstraat, Burgemeester G.H. Dercksenstraat, Horspad, Johannes Postlaan en Ganzekant, middels het plaatsen van borden E1zb/ze uit bijlage 1 van het RVV 1990 op diverse locaties volgens het bordenplan in de bijlage;

  •  

  • 2.

    Het instellen van eenrichtingsverkeer met uitzondering van (brom-)fietsers in de Heer Janstraat, de Rozenlaan, de Burgemeester G.H. Dercksenstraat en de Dominee J.A. Visserstraat, middels het plaatsen van borden C2 uit bijlage I van het RVV 1990 met onderbord OB54 op diverse locaties volgens het bordenplan in de bijlage.

  •  

  • 3.

    Het instellen van een verplichte rijrichting met uitzondering van (brom-)fietsers in de Rozenlaan, middels:

    • a.

      het plaatsen van bord D5l uit bijlage I van het RVV 1990 in de Rozenlaan ten oosten van de kruising met de Dominee J.A. Visserstraat;

    • b.

      het plaatsen van bord D5r uit bijlage I van het RVV 1990 in de Rozenlaan ten westen van de kruising met de Dominee J.A. Visserstraat;

  •  

  • 4.

    Dit besluit in werking te laten treden op de dag dat de betreffende maatregelen zijn uitgevoerd.

 

en overweegt daartoe het volgende.

 

Wettelijk kader

Dit verkeersbesluit is gebaseerd op de artikelen 15 lid 1 en artikel 18 lid 1 sub d van de Wegenverkeerswet 1994 en artikel 12 van het Besluit administratieve bepalingen inzake het wegverkeer.

 

Het besluit wordt genomen om de veiligheid op de weg te verzekeren, ter bescherming van weggebruikers en passagiers en de weg in stand te houden en de bruikbaarheid daarvan te waarborgen (artikel 2 lid 1 onder a, b en c van de Wegenverkeerswet 1994).

 

Mandaat

Burgemeester en wethouders hebben op 1 juli 2003 besloten de bevoegdheid tot het nemen van verkeersbesluiten te mandateren aan de wethouder verkeer en vervoer.

 

Overleg

Gelet op artikel 24 van het BABW is overleg gepleegd met de Politie Eenheid Rotterdam District Zuid-Holland Zuid inzake de handhaafbaarheid. De politie heeft aangegeven akkoord te zijn met dit besluit.

 

Motivering

In het noordelijke gedeelte van de wijk Heerjansdam worden de straten, in verband met de vervanging van de riolering, opnieuw bestraat. Hierbij worden een aantal straten in de wijk heringericht naar vigerende wet- en regelgeving. Dit betreffen de straten: De Hupse, Paltrok, Tjasker, Bovenkruier, Grondzeiler, Trasmolen, De Brakel, ‘t Fort, De Smaus, Ganzekant, (een gedeelte van de) Rozenlaan, Heer Janstraat, Vlasakkers, Dominee J.A. Visserstraat, Burgemeester G.H. Dercksenstraat en het Horspad. Met deze herinrichting van de straten dienen er een aantal verkeersmaatregelen ingevoerd te worden die aansluiten op de nieuwe inrichting van de straten. In de totstandkoming van het definitieve inrichtingsplan is de inspraak van bewoners meegenomen uit een uitgevoerd bewonersparticipatietraject;

 

  • 1.

     

    • 1.

      Met de herinrichting van de straten wordt het langs de stoep op de rijbaan parkeren vervangen door parkeervakken. Waardoor de noodzaak tot het op straat kunnen parkeren vervalt;

    • 2.

      Daarnaast betreft het enkele straten die buiten het herinrichtingsproject vallen, maar waar momenteel al redelijkerwijs geen ruimte is om op straat te parkeren;

    • 3.

      Buiten de daarvoor bestemde parkeervakken mag er dus niet geparkeerd worden. Waarmee de leefbaarheid, bereikbaarheid en veiligheid van deze straten wordt gewaarborgd.

 

 

  • 2.

     

    • 1.

      Er komen meer en bredere trottoirs voor voetgangers, zodat de buurt leefbaarder en veiliger wordt om te verblijven;

    • 2.

      Ook wordt meer duidelijke en volgens huidige normen vormgegeven parkeergelegenheid ingepast;

    • 3.

      Hierdoor blijft er niet voldoende ruimte over, om alle verkeer in twee richtingen veilig te kunnen faciliteren;

    • 4.

      Met het instellen van eenrichtingsverkeer blijft de doorstroming in de betreffende straten behouden en wordt de verkeersveiligheid vergroot;

    • 5.

      Het toepassen van het tegengestelde eenrichtingsverkeer op de Rozenlaan en de Heer Janstraat voorkomt een snelle verbinding, en daarmee doorgaand verkeer, tussen de Molenweg en de Johannes Poststraat. Wat de leefbaarheid en veiligheid binnen deze buurt ten goede komt.

  •  

  • 3.

     

    • 1.

      Gelet op de rijrichtingen van de Rozenlaan die elkaar kruisen bij de aansluiting op de Ds. J.A. Visserstraat is het gewenst om een verplichte rijrichting links en rechtsaf vanaf de Rozenlaan naar de Ds. J.A. Visserstraat in te stellen, met uitzondering van fietsers en bromfietsers;

    • 2.

      Vanwege een fysiek obstakel aan de noordzijde van de splitsing, welke wordt aangebracht als veilige opstelplaats voor overstekende voetgangers, zijn borden D05 (verplichte rijrichting) duidelijker dan het toepassen van de borden C2;

  •  

  • 4.

     

    • 1.

      Aangezien verkeersdeelnemers altijd uit moeten kunnen gaan van de aanwezige belijning en bebording wordt de inwerkingtreding van het verkeersbesluit hieraan gekoppeld. Omdat vanwege de omvang van het project deze besluiten gefaseerd zullen worden geïmplementeerd.

 

Naar boven