Besluit van het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Smallingerland, houdende wijziging van de beleidsregels Wmo gemeente Smallingerland 2024 en het financieel besluit Wmo gemeente Smallingerland 2025

Het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Smallingerland,

gelezen het collegevoorstel 2025-031040 van 7 mei 2025,

besluit,

Artikel 1 Wijziging Beleidsregels Wmo gemeente Smallingerland 2024

A Het huidige lid 2 van artikel 1 komt te vervallen

 

B Aan artikel 1 wordt een nieuw lid 2 toegevoegd:

 

doelgroepgebouw: Een woongebouw dat specifiek is ontworpen en bestemd voor ouderen of mensen met een lichamelijke beperking, of waarin in de praktijk voornamelijk deze groepen mensen wonen.

 

C Artikel 5.2 komt te luiden:

 

Bij het onderzoek wordt de identiteit van de cliënt vastgesteld aan de hand van een geldig identiteitsbewijs. Indien de identiteit eerder al is vastgesteld en als de geldigheid van het identiteitsbewijs nog niet is verlopen, kan het college, onverminderd het bepaalde in artikel 2.3.4 van de wet, afzien van het vragen van een identiteitsbewijs.

 

D Artikel 6.3 komt te luiden:

 

Bij het bepalen van de mate van zelfredzaamheid van de cliënt kan gebruik worden gemaakt van Positieve Gezondheid. Positieve Gezondheid is een bredere kijk op gezondheid, uitgewerkt in zes dimensies. Die bredere benadering draagt bij aan het vermogen van mensen om met de fysieke, emotionele en sociale uitdagingen in het leven om te gaan. Én om zo veel mogelijk eigen regie te voeren.

 

E Artikel 8.4 komt te luiden:

 

Indien de cliënt kiest voor een persoonsgebonden budget in plaats van zorg in natura, dan wordt het budgetplan na goedkeuring toegevoegd aan het ondersteuningsplan.

 

F Artikel 10.2 komt te luiden:

 

Op de aanvraag voor een maatwerkvoorziening ontvangt de cliënt binnen 2 weken een beslissing van de gemeente, in de vorm van een beschikking.

Indien deze termijn overschreden lijkt te worden, zal de cliënt schriftelijk, gemotiveerd geïnformeerd worden over de uiterste datum waarop de gemeente een besluit zal nemen.

 

G Artikel 10.5 komt te luiden:

 

Een voorziening (ZIN en Pgb) wordt niet met terugwerkende kracht verstrekt. Dit kan alleen als het onderzoek of de aanvraagperiode langer duurt dan wettelijk voorgeschreven. Als op grond daarvan wordt gekozen voor een toewijzingsdatum in het verleden, kan deze nooit eerder zijn dan de meldingsdatum.

 

H Artikel 11.5 komt te luiden:

In afwijking op lid 2 wordt een bepaalde woonvoorziening, een sportrolstoel en noodzakelijke aanpassing aan de openbare ruimte ten behoeve van de toegankelijkheid woning, in beginsel in de vorm van een financiële maatwerkvoorziening aan de cliënt verstrekt.

 

I Artikel 16.1.d I en artikel 16.1.e I komen te luiden:

 

  • l.

    Het opstellen van een budgetplan

J De eerste regel van artikel 16.1.e en II, III en V komen te luiden:

 

Voor de huur of aankoop van hulpmiddelen en woonvoorzieningen gelden de volgende taken:

 

  • ll.

    Verantwoord beheren van het (jaarlijks toe te kennen) budget, waaronder het controleren en indienen van facturen en het voeren van een administratie.

  • lll.

    Zicht houden op de kwaliteit, veiligheid en doeltreffendheid van het hulpmiddel of de woonvoorziening en passende maatregelen nemen indien een van deze zaken onvoldoende is.

  • V.

    Wijzigingen, waaronder verhuizing, stopzetting of wijziging van de zorg, moeten direct doorgegeven worden aan de gemeente. Het ondersteuningsaanbod dat met een Pgb zal worden ingekocht is veilig, doeltreffend en cliëntgericht.

K De eerste regel van artikel 16.2 komt te luiden:

 

In het budgetplan, zoals bedoeld in lid 1 onder d en e, dient het volgende te worden opgenomen:

 

L Artikel 16.6 en 16.7 komen te luiden:

 

  • 6.

    Indien vanuit een Pgb formele of informele ondersteuning wordt ingezet moet er samen met het budgetplan een Verklaring Omtrent Gedrag (VOG) ingeleverd worden die betrekking heeft op de geboden dienstverlening. Deze VOG mag niet ouder dan 1 jaar zijn. Bij een herindicatie mag de VOG niet ouder zijn dan 3 jaar.

  • 7.

    Het is toegestaan dat de cliënt samen met anderen ondersteuning inkoopt met het Pgb. Het ondersteuningsplan, de aanvraag, het budgetplan, de beschikking en de verantwoording blijft wel individueel.

M Artikel 16.17.c komt te luiden:

 

  • c.

    Het budgetplan;

N Artikel 16.18 komt te luiden:

 

De cliënt dient de in lid 17 genoemde documenten gedurende vijf jaar te bewaren en als daarom wordt gevraagd (een kopie van) de stukken aan de gemeente te verstrekken.

De gemeente kan de stukken opvragen bij een steekproefsgewijze controle op de kwaliteit en/of rechtmatigheid van het Pgb of een controle naar aanleiding van signalen over onjuiste besteding van het Pgb door de cliënt en/of de zorgaanbieder.

 

O De afbeelding in artikel 18.7 wordt de volgende:

 

 

P De verwijzing naar het financieel besluit in artikelen 23 en 25 (23.2, 23.4.b I, 23.6.a, 23.6.e, 23.7, 23.9 en 25.6) komt te luiden:

 

het meest actuele Financieel Besluit Wmo Smallingerland

 

Q Artikel 23.4.a II komt te luiden:

 

  • ll

    In een algemene ruimte van een wooncomplex, om de woning voor de cliënt bereikbaar en toegankelijk te maken, enkel wanneer het geen doelgroepgebouw betreft.

R Aan artikel 23.5.a wordt een nieuwe bepaling VIII toegevoegd:

 

  • VIII.

    Het een voorziening betreft voor een doelgroepgebouw.

S De bepalingen III en V uit artikel 23.7 komen te luiden:

 

  • lll.

    De aanvrager verhuist naar een woonruimte die geschikt is om gedurende het hele jaar te verblijven,

  • V.

    De aanvrager verhuist vanuit een niet of minder aangepaste woonruimte naar een aangepaste woonruimte.

T Artikel 23.10.b komt te luiden:

 

Verwijderen van een woonvoorziening: Een gehele of gedeeltelijke vergoeding voor de kosten van verwijdering van een bouw- technische of woontechnische woonvoorziening kan worden verstrekt, indien de woonruimte in de huidige staat niet opnieuw verhuurbaar is. Aangepaste woningen die vrijkomen, zullen zoveel mogelijk opnieuw worden toegewezen aan een andere cliënt. Het gemeentelijk beleid kan echter bepalen dat in bepaalde gevallen voorzieningen voor rekening van de gemeente verwijderd worden. In dat geval zal de gemeente bij het verwijderen opdracht geven de woning en eventueel tuin in redelijke staat achter te laten. Dit betekent dat gaten/ doorgangen/ nutsvoorzieningen in de woning en tuin worden gedicht en de tuin geëgaliseerd wordt.

 

U De zevende bullit van de TOELICHTING Algemeen gebruikelijke voorzieningen onder artikel 23.11 komt te luiden:

 

  • Drempelhulpen

V De achttiende bullit van de TOELICHTING Algemeen gebruikelijke voorzieningen onder artikel 23.11 wordt (de alfabetische volgorde handhavend) vervangen door:

 

  • Douchezitje (in elke uitvoering)

  • Douchestoel op poten

W Aan de opsomming van de TOELICHTING Algemeen gebruikelijke voorzieningen onder artikel 23.11 worden (de alfabetische volgorde handhavend) toegevoegd:

 

  • Deurdranger

  • Eenhendelmengkraan

X Aan artikel 26.3.b wordt een bepaling XI. toegevoegd:

 

  • XI.

    Rijvaardigheid mag niet beïnvloed worden door gebruik van medicijnen, alcohol, drugs of andere middelen die het reactievermogen beïnvloeden.

Y Artikel 26.3.d VI. komt te luiden:

 

  • VI.

    De te maken kosten van de autoaanpassing staan in redelijke verhouding tot het gebruik, de geldigheidsduur van het rijbewijs, de verwachte levensduur en technische staat van de auto. Indien een auto ouder is dan acht jaar en er meer dan 75.000 kilometer mee is gereden, is een technische keuring van de auto door een onafhankelijke instantie (bijvoorbeeld de ANWB) nodig om te kunnen beoordelen of de aanpassing nog verantwoord is. De technische keuring is algemeen gebruikelijk en wordt niet door de gemeente vergoed.

Z Aan artikel 26.3.d wordt een bepaling IX. Toegevoegd:

 

  • IX.

    De te maken kosten voor onderhoud, keuring en reparatie kunnen worden vergoed omdat deze kosten regelmatig moeten worden gemaakt dan wel relatief hoog zijn. Dit wordt in de vorm van een financiële maatwerkvoorziening verstrekt op basis van het bedrag van de kosten volgens de door het college geaccepteerde offerte, indien de gemeente voor de betreffende zaak geen overeenkomst heeft gesloten. Het gaat hier uitsluitend om de aanvullend aangebrachte voorzieningen (aanpassingen) die (elektrisch) beweegbaar zijn en waar om die reden slijtage kan optreden waardoor de veiligheid van het gebruik van de voorziening niet langer kan worden gegarandeerd.

AA Aan artikel 26 wordt een nieuw lid 5 toegevoegd:

 

  • 5

    Stalling scootmobiel: Op het moment dat vastgesteld wordt dat een inwoner gezien zijn beperkingen in aanmerking komt voor een scootmobiel, moet onderzocht worden of de inwoner deze (brand)veilig kan stallen.

    Er bestaan verschillende mogelijkheden voor stalling van een scootmobiel. Bij de beoordeling of er een geschikte stallingsmogelijkheid is, wordt in onderstaande volgorde gekeken naar:

    • 1.

      een bestaande stallingsmogelijkheid bij de woning (berging, garage etc.) of in de woning;

    • 2.

      een algemene voorziening per complex (gemeenschappelijke berging of ruimte etc.);

    • 3.

      een algemene voorziening per verdieping of unit;

    • 4.

      een individuele voorziening bij de woning.

In die gevallen waarbij een woonvoorziening nodig is, wordt gekozen voor de goedkoopst adequate oplossing. Bij een individuele voorziening bij de woning is dat normaal gesproken een regenhoes en slot.

 

De scootmobiel moet (brand)veilig gestald kunnen worden. Door de toename van het aantal scootmobielen, wordt dit steeds belangrijker.

Als het niet mogelijk is een adequate stallingsmogelijkheid te realiseren, wordt gekeken naar andere oplossingen. Denk hierbij aan een medebewoner die de scootmobiel elders kan stallen, een andere vervoersvoorziening of een verhuizing naar een geschikte woning met een stalling. De woonruimten moet geschikt zijn voor permanente bewoning.

 

BB Artikel 27.1 komt te luiden:

 

De gemeentelijke toezichthouder is bevoegd onderzoek te verrichten. De cliënt, de vertegenwoordiger en de zorgaanbieder(s) zijn verplicht aan dit onderzoek mee te werken en alle relevante schriftelijke en mondelinge informatie ten behoeve van dit onderzoek aan de gemeentelijke toezichthouder te verstrekken.

 

CC De kop van de bijlage komt te luiden:

 

BIJLAGE- TOELICHTING NORMTIJDEN HULP BIJ HUISHOUDEN (behorende bij artikel 18)

Artikel 2 Wijziging Financieel besluit Wmo gemeente Smallingerland 2025

A Artikel 2.b, eerste aandachtsstreepje, komt te luiden:

 

  • -

    Onderhoud, keuring en reparatie: Alleen de werkelijk gemaakte kosten van onderhoud, keuring en reparatie aan de hieronder genoemde producten of onderdelen komen in aanmerking voor een eenmalige financiële maatwerkvoorziening:

    • trapliften;

    • rolstoel- of plateauliften;

    • woonhuisliften;

    • hefplateauliften;

    • de mechanische inrichting voor het verstellen van een in hoogte verstelbaar keukenblok, blad of wastafel;

    • elektromechanisch openings- en sluitingsmechanisme van deuren.

B De eerste zin van artikel 3.1 komt te luiden:

 

Een hulpmiddel kan in natura of in de vorm van een Pgb worden verstrekt.

 

C De eerste zin van artikel 3.1.a komt te luiden:

 

De maximum hoogte van het Pgb voor een hulpmiddel wordt vastgesteld:

 

D Artikel 3.1.a, eerste aandachtstreepje komt te luiden:

 

Op basis van de prijs (all-in huurtarief) van de goedkoopst compenserende voorziening in natura bij de leverancier waarmee de gemeente een overeenkomst heeft gesloten.

 

E Artikel 3.1.a, tweede aandachtstreepje komt te luiden:

 

Mede op basis van het bedrag van de kosten van een offerte indien de gemeente voor de betreffende zaak geen overeenkomst heeft gesloten.

 

F Aan artikel 3.1 wordt een nieuw lid d. toegevoegd:

 

  • d.

    Het Pgb voor onderhoud en verzekering wordt jaarlijks betaald gedurende de technische levensduur van de voorziening, op basis van ingediende facturen.

G Aan artikel 3.2 wordt een nieuw lid c. toegevoegd:

 

  • c.

    Het Pgb voor onderhoud en verzekering wordt jaarlijks betaald gedurende de technische levensduur van de voorziening, op basis van ingediende facturen.

Naar boven