Gemeenteblad van Ede
| Datum publicatie | Organisatie | Jaargang en nummer | Rubriek |
|---|---|---|---|
| Ede | Gemeenteblad 2025, 264465 | beleidsregel |
Zoals vergunningen, bouwplannen en lokale regelgeving.
Adressen en contactpersonen van overheidsorganisaties.
U bent hier:
| Datum publicatie | Organisatie | Jaargang en nummer | Rubriek |
|---|---|---|---|
| Ede | Gemeenteblad 2025, 264465 | beleidsregel |
Beleidsregel pgb Wmo en Jeugdhulp Ede 2025
Het college van burgemeester en wethouders;
gelezen het voorstel, zaaknummer 485535,
gelet op artikel 4:81 van de Algemene wet bestuursrecht, artikel 2.3.6, tweede lid van de Wmo 2015 en artikel 8.1.1, tweede lid van de Jeugdwet;
overwegende dat in de beleidsregels de belangrijkste regels zijn opgenomen over voorwaarden, weigeringsgronden en duur van de indicatieperiode van het pgb in de gemeente Ede.
besluit vast te stellen de: Beleidsregel pgb Wmo en Jeugdhulp Ede 2025
Hoofdstuk 1 Algemene bepalingen
Artikel 2 Lokale uitgangspunten
In lijn met de Wmo 2015 en Jeugdwet is de inzet van het pgb voor een maatwerkvoorziening ook in Ede mogelijk. Wij willen inwoners de gelegenheid bieden om hun eigen regie te voeren, ook als het gaat om de keuze in ondersteuning. Hierbij beoordelen wij of iemand zelf of iemand uit zijn sociale omgeving of zijn vertegenwoordiger voldoende vaardig is om de ondersteuning in te kopen.
Een belangrijk aandachtspunt hierbij is de kwaliteit: de inwoner moet door de geleverde ondersteuning wel echt geholpen worden. Bovendien moet misbruik door derden worden voorkomen.
Ook ondersteuning uit eigen netwerk kan worden ingekocht via het pgb. Wij benadrukken hiermee de meerwaarde van het organiseren van de zorg in de nabijheid van de cliënt. Hierbij houden we rekening met de eigen kracht en binnen de Wmo met de zogenaamde norm voor gebruikelijke hulp, oftewel de normale, dagelijkse hulp die partners of ouders en inwonende kinderen geacht worden elkaar onderling te bieden, omdat ze als leefeenheid een gezamenlijk huishouden voeren en op die grond een gezamenlijke verantwoordelijkheid hebben voor het functioneren van dat huishouden. Als er sprake is van voldoende eigen kracht of gebruikelijke hulp, biedt de gemeente geen ondersteuning, ook niet via een pgb.
Hoofdstuk 2 Voorwaarden om in aanmerking te komen voor een pgb
In artikel 2.3.6 tweede lid van de Wmo 2015 en artikel art 8.1.1 tweede lid van de Jeugdwet worden drie voorwaarden beschreven. Deze voorwaarden hebben betrekking op de bekwaamheid van de budgethouder, de motivatie voor een pgb en de kwaliteitseisen. In artikel 4 tot en met 9 worden deze voorwaarden nader uitgewerkt.
Artikel 4 Bekwaamheid van de budgethouder
De budgethouder moet in staat zijn om de aan een pgb verbonden taken op een verantwoorde wijze uit te voeren. Bij jongere budgethouders onder 16 jaar gaat het niet om de bekwaamheid van de jongere zelf, maar één of beide van diens ouders/gezagsdragers. Jongeren tussen 16 en 18 jaar kunnen zelf een contract aangaan, tenzij de jongere niet in staat is tot een redelijke waardering van zijn belangen en noodzakelijk inzicht ontbreekt.
De pgb-bekwaamheid wordt getoetst aan de hand van de volgende onderdelen:
De budgethouder moet in staat zijn om de juiste hulpverleners te kiezen, passend bij de zorgvraag en te behalen doelstellingen. Hij moet inzicht hebben in de activiteiten/interventies die worden geleverd, in staat zijn om evaluatiegesprekken te voeren, de effecten te volgen en bij te sturen indien nodig.
De budgethouder is opdrachtgever of werkgever. Als werkgever moet de budgethouder in staat zijn de werkgeversverplichtingen die hieruit voortkomen te vervullen. Dit vereist kennis van arbeidsrechtelijke aspecten zoals juiste type overeenkomst, uurtarieven, doorbetaling bij ziekte en opzegtermijnen. De budgethouder is als werk- opdrachtgever verantwoordelijk voor het aansturen en beoordelen van de zorgverleners. Maar moet ook zorgen voor een veilige en vertrouwde werkomgeving.
Als hulpmiddel om de pgb-vaardigheid te testen, kan gevraagd worden de zelftest pgb van Per Saldo in te vullen.
Pgb taken uitvoeren door een derde
Als de budgethouder niet zelf de bovengenoemde pgb-taken kan uitvoeren, is het mogelijk een vertegenwoordiger aan te stellen die één of meer pgb-taken overneemt. De vertegenwoordiger kan een wettelijk vertegenwoordiger of een gemachtigde zijn. Het college beoordeelt de inzet van een vertegenwoordiger op de volgende punten:
De vertegenwoordiger en de persoon die de ondersteuning levert zijn niet dezelfde. Een dergelijke dubbelrol geeft het risico dat de zorgverlener de pgb-taken met onvoldoende afstand en onvoldoende kritisch uitvoert. Slechts in situaties waarin familieleden in de eerste of tweede graad (een deel van) de ondersteuning op grond van de Wmo 2015 verlenen is het uitvoeren van de pgb-taken en de uitvoering van de ondersteuning door eenzelfde persoon mogelijk. In het budgetplan moet gemotiveerd worden waarom deze keuze het meest passend is;
Artikel 5 Motivering voor een pgb door de cliënt, de jeugdige of zijn ouder
Bij een pgb op grond van de Wmo moet uit het gemotiveerde standpunt van de cliënt blijken dat hij de maatwerkvoorziening als pgb wenst te krijgen. De motivatie voor een pgb kan zijn vanuit praktische overweging, godsdienstige/ levensovertuigende overwegingen of culturele overwegingen. Uit de motivatie moet blijken dat de client weet dat er twee mogelijkheden zijn en aan de hand van verkregen informatie een weloverwogen keuze maakt.
Bij een pgb op grond van de Jeugdwet moet de cliënt afdoende motiveren waarom zorg in natura in dit geval niet passend is.
Een voorwaarde om voor een pgb in aanmerking te komen is dat de ondersteuning of voorziening die de cliënt wil inkopen van goede kwaliteit is. Het ingekochte product moet veilig, doeltreffend en cliëntgericht zijn. Als het college van oordeel is dat het product van onvoldoende kwaliteit is dan mag het college het verzoek om een pgb weigeren.
Er geldt een zelfstandig kwaliteitsregime voor alle aanbieders van jeugdhulp. Het college beoordeelt de kwaliteit aan de hand van de volgende kwaliteitseisen uit hoofdstuk 4 van de Jeugdwet :
In de Wmo 2015 zijn de kwaliteitseisen niet specifiek beschreven. In de Verordening Maatschappelijke ondersteuning Ede 2024 zijn de kwaliteitseisen voor professionele zorgaanbieders, waaronder aanbieders die worden ingekocht met een pgb, weergegeven.
Voor een budgethouder die jeugdhulp of ambulante ondersteuning vanuit de Wmo 2015 wil inkopen met een pgb, geldt als uitwerking van de in de wet en in de verordening genoemde eisen het volgende:
Kwaliteitseisen professionele ondersteuning
De zorgverlener dient aantoonbaar te beschikken over een afgeronde opleiding die overeenkomt met de gestelde eisen bij de aan de cliënt toegekende voorziening. Wat betreft zorgverlening in het kader van de Wmo 2015 staan in bijlage 1 bij de Verordening Maatschappelijke ondersteuning Ede 2024 de kwaliteitseisen, waaronder de opleidingseisen.
Kwaliteitseisen niet-professionele ondersteuning
Artikel 7 Kwaliteitseisen voor beschermd wonen, beschermd thuis en Safehouse
Een pgb voor beschermd wonen komt niet vaak voor en in de meeste situaties zal in plaats van een indicatie voor beschermd wonen in pgb een indicatie voor een beschermd thuis worden toegekend.
Een pgb-aanbieder die beschermd wonen of beschermd thuis biedt voldoet aan de kwaliteitseisen uit de Verordening Maatschappelijke ondersteuning Ede 2024. Specifiek voor deze pgb-aanbieders gelden aanvullende voorwaarden:
Een eventuele ontbinding van de samenwerking bij beschermd wonen, beschermd thuis wordt volgens de handleiding “voortijdige beëindigen van ambulante ondersteuning, beschermd wonen, beschermd thuis of maatschappelijk opvang” afgerond. De minimale regels hierover staan ook in bijlage 1 van de Verordening Maatschappelijke ondersteuning Ede 2024.
Een pgb voor een Safehouse komt ook niet vaak voor omdat het hier cliënten betreft met verslavingsproblematiek. Voor een pgb-aanbieder van een Safehouse gelden de kwaliteitseisen uit de Verordening Maatschappelijke ondersteuning Ede 2024.
Artikel 8 Kwaliteitseisen voor hulpmiddelen, vervoer- en roerende woonvoorzieningen
Een vervoersvoorziening moet minimaal 5 - 7 jaar meegaan. Dit betekent dat de betreffende aanpassing van voldoende kwaliteit is. Een autoaanpassing moet minimaal 7 jaar meegaan. Daarnaast moet de auto ook nog zeker 7 jaar meegaan tenzij de aanpassing kan worden overgezet naar een volgende auto. Dit wordt beoordeeld door het bedrijf dat de aanpassing verzorgt;
De client dient een onderhoudscontract af te sluiten om handhaving van de kwaliteit te waarborgen. In het contract moet minstens zijn opgenomen: de meest voorkomende onderhoudskosten, inclusief onderdelen, voorrijkosten en arbeidsloon, 24 uursservice, recht op gebruik van een leenvoorziening, jaarlijks onderhoud en keuring;
Artikel 9 Kwaliteitseisen voor onroerende woonvoorzieningen
Voor de onroerende woonvoorziening gelden alle wettelijke eisen en verordeningen en de NEN-normen (zie www.nen.nl). Kwaliteit van onroerende woonvoorzieningen houdt ook in dat gebruik wordt gemaakt van materialen die duurzaam zijn en zoveel mogelijk onderhoudsvrij, en die zijn aan te merken als goedkoopst adequaat. Het college wint advies in over bouwtechnische en bouwkundige eisen als het onderzoek of de beoordeling van de inzet van een pgb dit vereist; en
Hoofdstuk 3 Hoogte, duur en besteding van een pgb
De hoogte van het pgb is vastgesteld in de Verordening Maatschappelijke ondersteuning Ede 2024 en de Verordening Jeugdhulp Ede 2024. Daarbij neemt het college in acht wat het goedkoopst adequaat is. Voor hulpmiddelen, vervoersvoorzieningen en woonvoorzieningen waarbij de gemeente een overeenkomst heeft met een leverancier, geldt dat het pgb maximaal gelijk is aan dat wat de gemeente overeen is gekomen met de leverancier. Als de client een hoger budget nodig heeft, komt de meerprijs voor eigen rekening.
Bij de verlening van een rolstoel of specifieke vervoers- of roerende woonvoorziening met uitzondering van een badplank in de vorm van een pgb wordt rekening gehouden met kosten voor onderhoud, reparatie en een eventuele WA-verzekering. Dit betreft 5% van het budget.
Voor de duur van een pgb voor hulpmiddelen en vervoervoorzieningen wordt uitgegaan van de minimale technische afschrijving van 7 jaar van de voorziening. Dit betekent dat er, in beginsel, pas na het verstrijken van de technische levensduur een vervangende voorziening toegekend kan worden. Uitzonderingen hierop zijn kindvoorzieningen waarvoor een technische levensduur van 5 jaar geldt. Het beoordelen van de technische afschrijving is aan de leverancier. Bij een verzoek voor vervanging van de voorziening dient de cliënt een recent rapport van de leverancier te overleggen over de technisch staat van de voorziening.
Artikel 12 Besteding van het pgb
De budgethouder heeft met een pgb de mogelijkheid zelf te bepalen bij wie hij de diensten, hulpmiddelen, woningaanpassingen en andere voorzieningen wil inkopen, mits het doel waarvoor het is verstrekt wordt behaald en de kwaliteit is gewaarborgd. Hierbinnen gelden de volgende regels:
Vrij besteedbaar bedrag en feestdagen uitkering
In de Verordening Maatschappelijke ondersteuning Ede 2024 en Verordening Jeugdhulp Ede 2024 van gemeente Ede is opgenomen dat de cliënt een deel van het budget voor ambulante ondersteuning of verblijf vrij mag besteden. Hij kan hiermee zijn waardering uiten naar zijn zorgverleners of op andere wijze dit bedrag besteden. De gemeente Ede kent geen feestdagenuitkering. Desgewenst kan uit het vrij besteedbaar bedrag een attentie met de feestdagen aan de zorgverlener worden gegeven. Dit is vrij aan de client.
Kopieer de link naar uw clipboard
https://zoek.officielebekendmakingen.nl/gmb-2025-264465.html
De hier aangeboden pdf-bestanden van het Staatsblad, Staatscourant, Tractatenblad, provinciaal blad, gemeenteblad, waterschapsblad en blad gemeenschappelijke regeling vormen de formele bekendmakingen in de zin van de Bekendmakingswet en de Rijkswet goedkeuring en bekendmaking verdragen voor zover ze na 1 juli 2009 zijn uitgegeven. Voor pdf-publicaties van vóór deze datum geldt dat alleen de in papieren vorm uitgegeven bladen formele status hebben; de hier aangeboden elektronische versies daarvan worden bij wijze van service aangeboden.