Aanwijzingsbesluit gemeentelijke functionarissen gemeente Noordoostpolder

De burgemeester, respectievelijk het college van burgemeester en wethouders van

gemeente Noordoostpolder, ieder voor zover het zijn bevoegdheden betreft;

 

gelet op titel 5.2 en afdeling 10.1.3 van de Algemene wet bestuursrecht en de in onderhavig besluit opgenomen bijzondere wettelijke voorschriften en het Functieboek van gemeente Noordoostpolder,

 

b e s l u i t:

 

vast te stellen het Aanwijzingsbesluit gemeentelijke functionarissen gemeente Noordoostpolder, waarbij de volgende functionarissen aangewezen worden:

  • 1.

    Als gemeenteambtenaar belast met de heffing van gemeentelijke belastingen als bedoeld in artikel 231, tweede lid onder b Gemeentewet (heffingsambtenaar): Strategisch manager I van het cluster B&FPC.

  • 2.

    Als gemeenteambtenaar belast met de invordering van de gemeentelijke belastingen als bedoeld in artikel 231, tweede lid onder c Gemeentewet (invorderingsambtenaar):

    • a.

      Strategisch manager I van het cluster B&FPC;

    • b.

      alle personen die werkzaam zijn bij Flanderijn Invordering B.V. Deze personen zijn, zolang zij belast zijn met de invordering van de in dit lid genoemde belastingen, aangesteld als onbezoldigd gemeenteambtenaar.

  • 3.

    Als gemeenteambtenaar belast met de heffing en de invordering van gemeentelijke belastingen als bedoeld in artikel 231, tweede lid onder d Gemeentewet, juncto artikel 56 Algemene wet inzake rijksbelastingen en juncto artikel 63a Invorderingswet 1990:

    • a.

      de medewerkers Bedrijfsvoering III van het cluster B&FPC die de functie medewerker Invordering danwel Medewerker WOZ/belastingen uitoefenen;

    • b.

      de medewerkers Beleidsuitvoering II van het cluster B&FPC die de functie Medewerker WOZ/belastingen uitoefenen;

    • c.

      de medewerkers systemen II van het cluster B&FPC die de functie Functioneel beheerder WOZ/belastingen uitoefenen;

    • d.

      de medewerker Beleidsuitvoering II van het cluster B&FPC die de functie Taxateur WOZ/belastingen uitoefent;

    • e.

      de medewerker Beleidsuitvoering I van het cluster B&FPC die de functie Beleidsmedewerker WOZ/belastingen uitoefent.

  • 4.

    Als belastingdeurwaarder als bedoeld in artikel 231, tweede lid onder e Gemeentewet: personen die werkzaam zijn bij Flanderijn Invordering B.V. als invorderingsambtenaar belast met de invordering van de gemeentelijke belastingen. Deze personen zijn, zolang zij belast zijn met de invordering van de in dit lid genoemde belastingen, aangesteld als onbezoldigd gemeenteambtenaar.

  • 5.

    Als gemeenteambtenaar op grond van artikel 1, tweede lid Wet waardering onroerende zaken belast met de uitvoering van deze Wet (WOZ-ambtenaar): Strategisch manager I van het cluster B&FPC.

  • 6.

    Als (plaatsvervangende) secretarissen van de commissie bezwaarschriften Noordoostpolder als bedoeld in artikel 4 van de Verordening commissie bezwaarschriften Noordoostpolder de medewerkers Adviseur III die de functie van Adviseur juridische zaken, cluster Advies, uitoefenen.

  • 7.

    Als contactpersoon als bedoeld in artikel 4.7 van de Wet open overheid de `medewerkers publiek II die de functie van Medewerker woonloket van het cluster KCC uitoefenen.

  • 8.

    Als functionaris voor gegevensbescherming als bedoeld in artikel 37 van de Algemene Verordening Gegevensverwerking de medewerker adviseur I van het Bureau Bedrijfsvoeringstrategie & Control.

  • 9.

    Als ambtenaren die worden belast met taken zoals bedoeld in artikel 4 lid 1 van de Regeling beheer en toezicht burgerzaken Noordoostpolder en als toezichthoudend ambtenaar als bedoeld in artikel 4.2 Wet Basisregistratie Personen (kortweg: wet BRP):

    • a.

      de medewerkers Handhaving I, II en III van het cluster Leefomgeving;

    • b.

      de medewerkers beleidsuitvoering I van het cluster USD, die de functie van Medewerker preventie en handhaving uitoefenen;

    • c.

      de medewerkers Publiek I van het cluster KCC, die de functie van Medewerker kwaliteit burgerzaken uitoefenen;

    • d.

      de medewerkers Beleidsuitvoering II van het cluster KCC, die de functie van Medewerker kwaliteit uitoefenen;

    • e.

      de medewerker publiek II van het cluster KCC die de functie van Medewerker frontoffice burgerzaken uitoefent;

    • f.

      de medewerker beleidsuitvoering III van het cluster KCC die de functie van Medewerker adreskwaliteit uitoefent.

  • 10.

    De toezichthoudend ambtenaar als bedoeld in artikel 4.2 van de Wet BRP, is verantwoordelijk voor het toezicht op de naleving van de verplichtingen van de burger ingevolge hoofdstuk 2, afdeling 1, paragraaf 5 van de Wet BRP.

  • 11.

    Als medewerkers als bedoeld in artikel 4 lid 2 van de Regeling beheer en toezicht burgerzaken Noordoostpolder medewerkers van detacheringsbureaus die gespecialiseerd zijn gegevensbeheer.

  • 12.

    Als ambtenaar van de burgerlijke stand alle als zodanig beëdigde ambtenaren binnen het cluster KCC.

  • 13.

    Als buitengewoon ambtenaar van burgerlijke stand voor het voltrekken van huwelijken en het registreren van partnerschappen zij die op basis van een arbeidsovereenkomst werkzaamheden verrichten als beëdigd buitengewoon ambtenaar van de burgerlijke stand.

  • 14.

    Als gemeentearchivaris als bedoeld in artikel 32, eerste lid van de Archiefwet 1995 de medewerker Adviseur III binnen het Bureau Bedrijfsvoering en Control, die de functie van gemeentearchivaris uitoefent.

  • 15.

    Als ambtenaren, respectievelijk als bedoeld in artikel 76a van de Participatiewet, artikel 53 van de Wet inkomensvoorziening oudere en gedeeltelijk arbeidsongeschikte werkloze werknemers (kortweg: IOAW) en artikel 53 van de Wet inkomensvoorziening oudere en gedeeltelijk arbeidsongeschikte gewezen zelfstandigen (kortweg: IOAZ) voor het houden van toezicht op de naleving bij of krachtens genoemde wetten, de medewerker(s) beleidsuitvoering I, de medewerker(s) beleidsuitvoering II, de Toezichthouder USD, allen van het cluster USD, die de functie Medewerker preventie en handhaving uitoefenen.

  • 16.

    Als ambtenaren als bedoeld in artikel 6.1 van de Wet maatschappelijke ondersteuning 2015 (kortweg: Wmo 2015) voor het houden van toezicht op de naleving bij of krachtens de Wmo 2015 de medewerkers beleidsuitvoering II van het cluster USD die de functie Toezichthouder USD, danwel Medewerker preventie en handhaving uitoefenen.

  • 17.

    Als ambtenaren als bedoeld in artikel 7.1 van de Verordening Jeugdhulp gemeente Noordoostpolder 2022 voor het houden van toezicht op de naleving van hoofdstuk 7 van deze verordening de medewerkers beleidsuitvoering I van het cluster USD en de medewerker beleidsuitvoering II die de functie Medewerker preventie en handhaving, danwel Toezichthouder USD uitoefenen.

  • 18.

    Als ambtenaar als bedoeld in artikel 16 van de Leerplichtwet 1969 voor het houden van toezicht op de naleving bij of krachtens deze wet de medewerkers beleidsuitvoering II van het cluster USD, die de functie van Leerplichtambtenaar uitoefenen.

  • 19.

    Als Buitengewoon Opsporingsambtenaren als bedoeld in artikel 142 Wetboek van Strafvordering en na beëdiging tot BOA de medewerkers beleidsuitvoering II van het cluster USD, die de functie van Leerplichtambtenaar uitoefenen en tevens belast zijn met de opsporing van de strafbare feiten als genoemd in de bijlage als bedoeld in artikel 1 van de Regeling domeinlijsten buitengewoon opsporingsambtenaar in Domeinlijst II onder nummer 1, de Leerplichtwet 1969.

  • 20.

    Als Buitengewoon Opsporingsambtenaren als bedoeld in artikel 142 Wetboek van Strafvordering, de medewerkers Handhaving I, II en III van het cluster Leefomgeving die belast zijn met toezicht op:

    • a.

      de Algemene Plaatselijke Verordening gemeente Noordoostpolder;

    • b.

      ingevolge de Verordening fysieke leefomgeving;

    • c.

      ingevolge de Wet op de kansspelen.

  • 21.

    Als Buitengewoon Opsporingsambtenaar Openbare Ruimte en na beëdiging tot BOA, de medewerkers Handhaving I, II en III van het cluster Leefomgeving als zodanig te belasten met de opsporing van de strafbare feiten als genoemd in:

    • A.

      de bijlage als bedoeld in artikel 1 van de Regeling domeinlijsten buitengewoon opsporingsambtenaar in Domeinlijst I:

      (onderstaande nummering verwijst naar de van toepassing zijnde onderdelen van de betreffende Domeinlijst):

      • 04. Alcoholwet juncto artikel 1 Wet op de economische delicten Alcoholwet en de artikelen 45 en 45a Alcoholwet;

      • 05. Huisvestingswet 2014;

      • 06. Verordeningen en/of keuren voor zover betrokkene daarvoor door het bevoegde bestuursorgaan is aangewezen;

      • 09. Artikel 2.3.6 Vuurwerkbesluit juncto artikel 9.2.2.1 Wet milieubeheer juncto artikel 1a Wet op de economische delicten;

      • 10. Alleen voor stilstaand verkeer: artikel 5 Wegenverkeerswet 1994 (kortweg: WVW) en het eglement verkeersregels en verkeerstekens 1990 (kortweg: RVV).

        Voor zover van toepassing ook voor rijdend verkeer: de artikelen 4, 5, 6, 8, 10, 28, 57, 60 en 82 RVV en artikel 62 RVV juncto bijlage I, hoofdstukken C (geslotenverklaring) en D (rijrichting), RVV. Handhaving op het negeren van een C- of D-bord is toegestaan in relatie tot de leefbaarheid, waaronder het tegengaan van overlast door sluipverkeer en het verbeteren van de leefbaarheid door bepaalde gebieden af te sluiten voor vracht)auto’s, zoals de zogeheten milieuzones.

        Voor zover van toepassing op fietsers en voetgangers:

        • 1.

          Artikelen 35 en 35a van het RVV;

        • 2.

          Artikel 61a van het RVV, voor zover het gaat om niet-gemotoriseerd verkeer;

        • 3.

          Artikelen 62 juncto 68 lid 1 en onder c en 62 juncto 69 lid 1 en onder b van het RVV, voor zover het gaat om niet-gemotoriseerd verkeer en voetgangers.

      • Handhaving is slechts mogelijk wanneer in een gezamenlijk handhavingsarrangement de (rand)voorwaarden zijn beschreven waaronder handhaving zal plaatsvinden.

        Digitaal handhaven is slechts mogelijk bij overtreding van het RVV en na instemming van het Parket Centrale Verwerking Openbaar Ministerie.

      • 12. Titel VA van de Wet op de kansspelen;

      • 13. Wet openbare manifestaties;

      • 15. Wet veiligheidsregio’s;

      • 16. Artikelen 175, 177, 179, 180, 181, 182, 184, 184a, 185, 188, 199, 225, 231 lid 2, 239, 266 juncto 267, 284, 285, 300 juncto artikel 304 onder ten tweede, 350, 351, 351 bis, 352, 416, 417 bis, 424 t/m 429, 430a, 435 onder 4°, 437, 437 bis en 437 ter, 438, 443, 447b, 447c, 447d,447e, 453, 458 t/m 461 Wetboek van Strafrecht;

      • 17. Winkeltijdenwet;

      • 19. Wrakkenwet, voor zover het gaat om feiten die de leefbaarheid aantasten;

      • 20. Zondagswet;

      • 21. Andere strafbare feiten, indien hij daarmee in een concreet opsporingsonderzoek of voor een concreet project door een officier van Justitie wordt belast voor de duur van dat onderzoek of project.

      • 22.De volgende artikelen van de Omgevingswet: Artikel 2.38 en artikel 4.3 lid 1 aanhef en onder g juncto artikel 1a aanhef en onder 3° van de Wet op de economische delicten.

        Artikel 4.3 lid 1 aanhef en onder a en artikel 5.1 lid 1 aanhef en onder a juncto artikel 1a aanhef en onder 2° van de Wet op de economische delicten, met uitzondering van de volgende situaties:

        het feit is begaan in samenhang met andere economische delicten, of;

        het feit heeft betrekking op het verrichten van een omgevingsplanactiviteit bestaande uit een milieubelastende activiteit.

        Artikel 4.3 lid 1 aanhef en onder b en c en artikel 5.1 lid 1 aanhef en onder a, lid 2 aanhef en onder c en artikel 5.3 en artikel 10.1 lid 1 van de Wet milieubeheer juncto artikel 1a aanhef en onder 1° van de Wet op de economische delicten, voor zover:

        • 1.

          het gaat om feiten die een nadelige invloed hebben of kunnen hebben op de leefbaarheid in de publieke ruimte, of;

        • 2.

          het lozingsactiviteiten betreft op of in de bodem, of;

        • 3.

          het lozingsactiviteiten betreft op een oppervlaktewaterlichaam of op een zuivering-technisch werk.

      • Artikel 5.1 lid 1 aanhef en onder a en artikel 5.4 juncto artikel 1a aanhef en onder 2° en 3° van de Wet op de economische delicten, voor zover een vergunning is vereist om het geheel of gedeeltelijk vellen van een houtopstand of het aanbrengen van handelsreclame;

    • B.

      De Algemene Plaatselijke Verordening gemeente Noordoostpolder en de Verordening fysieke leefomgeving.

  • 22.

    a. Als ambtenaren als bedoeld in titel 5.2 van de Algemene wet bestuursrecht voor onbepaalde tijd voor het houden van toezicht op de naleving van het bepaalde bij of krachtens enig wettelijk voorschrift met betrekking tot de navolgende wetgeving en alle daarop gebaseerde wet- en regelgeving, te weten:

    • de Omgevingswet;

    • de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht (in geval van overgangsrecht);

    • de Woningwet;

    • de Wet goed verhuurderschap;

    • de Wet basisregistratie personen;

    • de Wet milieubeheer;

    • de Wet veiligheidsregio's (Besluit brandveilig gebruik en basishulpverlening overige plaatsen);

    • de Waterwet;

    • de Alcoholwet;

    • de Wet op de kansspelen;

    • de Leegstandwet;

    • de Huisvestingswet 2014;

    • de Wet kwaliteitsborging voor het bouwen (kortweg:Wkb);

    • de Wet kinderopvang;

    • de gemeentelijke en provinciale verordeningen voor het grondgebied van gemeente Noordoostpolder;

  • de onderstaande medewerker(s) van het cluster Leefomgeving voor zover van toepassing voor de uitoefening van de functie:

    • medewerker beleidsuitvoering I;

    • medewerker beleidsuitvoering II;

    • medewerker beleidsuitvoering III;

    • medewerker handhaving I;

    • medewerker handhaving II;

    • medewerker handhaving III;

    • medewerker ontwerp & voorbereiding III;

    • medewerker ontwikkeling III;

    • Strategisch manager I;

    • Tactisch leidinggevende II.

    • b.

      De medewerkers van het cluster Leefomgeving die werkzaam zijn op basis van inhuur, of op een andere basis, en die belast zijn met de toezichthoudende taken behorende bij de functies zoals weergegeven onder a, aan te wijzen als toezichthouder. Deze medewerkers worden, zolang ze aangewezen zijn als toezichthouder, aangesteld als tijdelijk onbezoldigd ambtenaar, dit uitsluitend ten behoeve van het uitoefenen van de functie.

    • c.

      De onderstaande medewerker(s) van het cluster Wijkbeheer, voor zover van toepassing van voor de uitoefening van de functie:

      • tactisch leidinggevenden III, die de functie Teamleider Wijkbeheer uitoefenen;

      • medewerker bedrijfsvoering II, die de functie Projectmedewerker uitoefent;

      • medewerker locatie I, die de functie Assetbeheerder uitoefent;

      • medewerker locatie I, die de functie Coördinator Milieustraat en Afval uitoefent;

      • medewerker locatie III, die de functie Beheerder Milieustraat uitoefent;

      • medewerkers toezicht III, die respectievelijk de functies Directievoerder- Toezichthouder Groen, Directievoerder-Toezichthouder Civiel, Toezichthouder Kabels en Leidingen uitoefenen;

      • medewerkers toezicht IV, die respectievelijk de functies Toezichthouder Gebouwen, Toezichthouder Groen, Toezichthouder Civiel en Toezichthouder Technische Installaties uitoefenen;

      • medewerkers toezicht V, die de functie Kantonnier uitoefenen;

  • voor het houden van toezicht op de naleving van het bepaalde bij of krachtens enig wettelijk voorschrift met betrekking tot de gemeentelijke en provinciale verordeningen voor het grondgebied van gemeente Noordoostpolder en alle daarop gebaseerde wet- en regelgeving.

  • 23.

    Als ambtenaren bevoegd tot het opmaken van processen-verbaal van constatering, zoals bedoeld in artikel 10, eerste lid, onder b van de Wet Basisregistraties adressen en gebouwen (kortweg: Wet Bag) de medewerker ontwerp & voorbereiding III en de medewerker ontwerp & voorbereiding II van het cluster IB die de functie van Specialist Geo-informatie of Coördinator Geo-informatie uitoefenen, de medewerker beleidsuitvoering I, medewerker handhaving I, medewerker handhaving II, medewerker handhaving III van het cluster Leefomgeving, die respectievelijk de functie van BOA (senior), Boa Coördinator Allround toezichthouder/Toezichthouder bouw, Toezichthouder bouw uitoefenen.

  • 24.

    Als ambtenaren bevoegd tot het opmaken van schriftelijke gegevens en niet voortvloeien uit een krachtens de wet Bag aangewezen brondocument verklaringen, strekkende tot het signaleren van een wijziging in de feitelijke situatie die van invloed is op één of meer in de basisregistratie adressen en gebouwen opgenomen brondocumenten, de medewerker ontwerp & voorbereiding II en de medewerker ontwerp & voorbereiding III van het cluster IB die de functie van Specialist Geo-informatie, of Coördinator Geo-informatie uitoefenen, de medewerker beleidsuitvoering I, medewerker handhaving I, medewerker handhaving II, medewerker handhaving III van het cluster Leefomgeving, die respectievelijk de functie van BOA Coördinator, BOA (senior), Allround toezichthouder/Toezichthouder bouw, Toezichthouder bouw uitoefenen.

  • 25.

    Als toezichthouder op grond van artikel 1.61 Wet kinderopvang (toezichthouder kinderopvang): de directeur Publieke Gezondheid van de gemeenschappelijke regeling GGD Flevoland.

  • 26.

    26. Als beheerder van de begraafplaats als bedoeld in artikel 6.1.1 van de Verordening fysieke leefomgeving de medewerker Technische Uitvoering II van het cluster Wijkbeheer die de functie Medewerker Service (begraven) uitoefent.

  • 27.

    Als marktmeester als bedoeld in artikel 5.1.1 van de Verordening fysieke leefomgeving de medewerkers van het cluster Wijkbeheer die de rol van marktmeester uitoefenen.

Artikel 3 Aanstelling onbezoldigd ambtenaar

Medewerkers die ingehuurd zijn om de in dit aanwijzingsbesluit besluit genoemde functies uit te oefenen, zijn, zolang ze deze functies uitoefenen, aangesteld als onbezoldigd gemeenteambtenaar.

Artikel 4 Einde van rechtswege van een aanwijzing

Een aanwijzing eindigt van rechtswege met ingang van de datum dat de uitoefening van de betreffende functie geen onderdeel meer uitmaakt van de werkzaamheden van de betreffende ambtenaar.

Artikel 5 Intrekking aanwijzingsbesluiten en overgangsrecht

  • 1.

    Alle op het moment van inwerkingtreding van dit besluit bestaande aanwijzingsbesluiten betreffende gemeentelijke functionarissen worden ingetrokken voorzover deze betrekking hebben op de in dit besluit genoemde functionarissen.

  • 2.

    De onder de werking van de op grond van het eerste lid ingetrokken aanwijzingsbesluiten genomen besluiten en verrichte feitelijke handelingen en rechtshandelingen blijven van kracht en behouden hun werking.

Artikel 6 Legitimatiebewijs toezichthoudende medewerkers.

De aangewezen toezichthoudende medewerkers wordt een legitimatiebewijs toezichthouders conform regeling model legitimatiebewijs toezichthouders Algemene wet bestuursrecht verstrekt.

Artikel 7 Bekendmaking besluit

Het aanwijzingsbesluit wordt bekend gemaakt ingevolge het bepaalde in artikel 3:41 Algemene wet bestuursrecht.

Artikel 8 Inwerkingtreding

Dit besluit treedt in werking op de dag na bekendmaking.

Artikel 9 Citeertitel

Dit besluit wordt aangehaald als: Aanwijzingsbesluit gemeentelijke functionarissen gemeente Noordoostpolder.

Aldus vastgesteld in de vergadering van het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Noordoostpolder van 13 mei 2025.

de secretaris,

de burgemeester,

De burgemeester,

Naar boven