Gemeenteblad van Nieuwegein
| Datum publicatie | Organisatie | Jaargang en nummer | Rubriek |
|---|---|---|---|
| Nieuwegein | Gemeenteblad 2025, 257788 | delegatie- of mandaatbesluit |
Zoals vergunningen, bouwplannen en lokale regelgeving.
Adressen en contactpersonen van overheidsorganisaties.
U bent hier:
| Datum publicatie | Organisatie | Jaargang en nummer | Rubriek |
|---|---|---|---|
| Nieuwegein | Gemeenteblad 2025, 257788 | delegatie- of mandaatbesluit |
Mandaatregeling gemeente Nieuwegein 2025
Deze regeling is van toepassing op de mandaten, de volmachten en de machtigingen, die zijn opgenomen in het MVM-register.
Artikel 5 Algemene regels en uitzonderingen bij mandaat
Het eerste lid is van overeenkomstige toepassing voor het toepassen van een verleende volmacht, met dien verstande dat de aanhef van volzin als volgt gelezen wordt: ‘Alvorens een volmacht wordt toegepast is de gevolmachtigde gemachtigd om alle voorbereidings- en uitvoeringshandelingen te verrichten die bij de uitoefening van het behoren, zoals:’. Het onderdeel 4° is niet van toepassing.
Artikel 6 Mandaat bij beslissing op bezwaar
Het bevoegd bestuursorgaan kan de bevoegdheid tot het nemen van een beslissing op bezwaar ook mandateren als de bestuursrechter het bestuursorgaan in de gelegenheid heeft gesteld om een gebrek in het bestreden besluit te herstellen of te laten herstellen als bedoeld artikel 8:51a van de Algemene wet bestuursrecht.
Artikel 8 Ondertekening volmacht
Een volmacht wordt als volgt ondertekend:
Artikel 9 Preambule overeenkomst
Indien een gemandateerde mandaat heeft om te besluiten om een overeenkomst aan te gaan dan wel dat een functionaris gemandateerd en gevolmachtigd is om in de precontractuele fase over het aangaan van een overeenkomst te onderhandelen wordt in de conceptovereenkomst de volgende preambule opgenomen:
Uitsluitend bestemd voor discussiedoeleinden
Nadat er op operationeel niveau overeenstemming is bereikt over de inhoud van onderhavige overeenkomst tussen de ambtenaren en/of vertegenwoordigers van de gemeente en [naam contractspartij], dient de overeenkomst alsdan nog aan het college te worden voorgelegd, waarbij het college zich het recht voorbehoudt om, alvorens een besluit te nemen over het aangaan van deze overeenkomst, toepassing te geven aan artikel 169 lid 4 van de Gemeentewet. Het college kan de overeenkomst afwijzen. In dat geval is er geen schadevergoeding hoe ook genaamd verschuldigd.
Deze regeling is van overeenkomstige toepassing op een mandaat, een volmacht of een machtiging die door bestuursorgaan wordt verleend aan een niet-ondergeschikte.
Artikel 12 Intrekking oude mandaatregeling
De Mandaatregeling gemeente Nieuwegein 2019, zoals vastgesteld op 1 oktober 2019 en laatstelijk gewijzigd op 6 mei 2025, wordt ingetrokken.
De Mandaatregeling gemeente Nieuwegein 2019 blijft van toepassing voor een mandaat of een ondermandaat, dat voor de inwerkingtreding van deze regeling, is verleend en is toegepast op grond van die regeling, tenzij het mandaat of ondermandaat van rechtswege is vervallen dan wel dat het intrekken of het wijzigen van het mandaat of ondermandaat nodig is op grond van gewijzigde wet- of regelgeving. Voor het wijzigen van het mandaat of het ondermandaat, dat is vastgesteld op grond van de Mandaatregeling gemeente Nieuwegein 2019, is deze regeling van toepassing.
Artikel 14 Rechtmatigheid en doelmatigheid
De uitvoering van deze regeling wordt periodiek door middel van een steekproef getoetst op rechtmatigheid en doelmatigheid.
Aldus vastgesteld in de vergadering van 3 juni 2025.
Ellie Liebregts
secretaris
Marijke van Beukering-Huijbregts
burgemeester
Toelichting bij de Mandaatregeling gemeente Nieuwegein 2025
Bij mandaatverlening worden bevoegdheden die een bestuursorgaan bezit, opgedragen aan functionarissen die werkzaam zijn in de ambtelijke organisatie. Mandaatverlening is de rechtsfiguur om besluiten met een uitvoerend karakter op te dragen aan de uitvoerende organisatie. In het algemeen kan gesteld worden dat de navolgende besluiten voor mandatering in aanmerking komen:
Voorop staat dat mandatering voor een groot deel een kwestie van vertrouwen is. De bestuurder moet erop kunnen vertrouwen dat een functionaris een correct besluit namens hem doet uitgaan. De functionaris neemt eenzelfde besluit als het bestuur zou nemen en dient terug te koppelen naar het bestuur als er met een zaak iets “aan de hand” is dat voor het bestuur van betekenis is of kan worden. Een dergelijke houding past bij mandatering, omdat het bestuur eindverantwoordelijk is en blijft voor de genomen beslissing. Hetzelfde geldt voor het toepassen van een verleende volmacht of een uitvoeren van een machtiging.
De wettelijke regels over het gebruik van mandaat zijn te vinden in hoofdstuk 10 van de Algemene wet bestuursrecht (Awb). In deze regeling zijn aanvullende spelregels en randvoorwaarden opgenomen waaronder mandaatverlening in de gemeente Nieuwegein toegepast wordt. Deze spelregels en randvoorwaarden bieden duidelijkheid en uniformiteit bij de uitoefening van gemandateerde (gevolmachtigde en gemachtigde) bevoegdheden. Een juiste naleving ervan vormt de waarborg dat de gemeente Nieuwegein ook bij mandaatverlening bevoegd besluiten neemt.
De regeling is toegespitst op de cultuur van de gemeentelijke organisatie en het bestuur. Daarmee wordt bedoeld dat de dynamiek en going concern van het management, de medewerkers en het bestuur leidend zijn voor de opzet van de regeling en het register. Hierbij geldt dat de organisatieregeling de leidraad voor de inrichting van de gemeentelijke organisatie is. Het uitgangspunt is dat mandaten, volmachten en machtigingen van specifieke wettelijke taken en bevoegdheden bij leidinggevenden (afdelingshoofden en teamleiders) wordt belegd. In een aantal gevallen wordt hier een uitzondering opgemaakt. Dit is bijvoorbeeld zo wanneer het wenselijk is om een mandaat, een volmacht of een machtiging bij een specifieke functionaris of een externe (niet-ondergeschikte) te beleggen.
Voor personele aangelegenheden hanteert het gemeentebestuur als uitgangspunt dat bevoegdheden zo laag mogelijk in de organisatie. Verwezen wordt naar de toelichting bij artikel 5.
Er is een aantal nieuwe aspecten in de regeling en het mandaatregister doorgevoerd. De mandaatregeling bevat regels over de reikwijdte van de regeling.
Er zijn algemene regels en uitzonderingen geformuleerd om zo duidelijk aan te geven in welke gevallen het toepassen van mandaten, volmachten en machtigingen mag.
De methodiek van verantwoording is aangepast (verwezen wordt naar de artikelsgewijze toelichting bij artikel 10).
Het register is verdeeld in aparte hoofdstukken. Het eerste hoofdstuk bevat mandaten, volmachten en machtigingen die voor de gehele gemeentelijke organisatie gelden. Het kan zijn dat aan een specifieke afdeling een wettelijke bevoegdheid is gemandateerd (volmacht of machtiging is verleend) om taken namens het gemeentebestuur (college of burgemeester) voor alle of specifieke afdelingen uit te voeren/toe te passen. Deze algemene mandaten, volmachten en machtigingen worden zijn meestal toebedeeld aan het hoofd van de afdeling Communicatie, Juridische Zaken en Dienstverlening, omdat het om afdelingsoverstijgende bevoegdheden gaat of omdat het bevoegdheden betreft waarbij CJD een coördinerende rol heeft.
In sommige gevallen is het wenselijk om een mandaat, een volmacht of een machtiging aan een functionaris te verlenen die niet bij de gemeente werkzaam zijn. Hetzelfde geldt voor het verlenen van een mandaat, een volmacht of een machtiging aan een ander bestuursorgaan. Denk bijvoorbeeld aan een college van burgemeester en wethouders van een andere gemeente of een (overheids)instelling. Het gaat hier in feite om uitzonderingsgevallen. Daarom worden die externe mandaten, volmachten en machtigingen telkens in aparte hoofdstukken benoemd. Deze externe mandaten, volmachten en machtigingen worden telkens gekoppeld aan de afdeling waar deze mandaten, volmachten en machtigingen oorspronkelijk horen.
De methodiek van het nummeren van de mandaten, volmachten en machtigingen is aangepast. Dit is gedaan om het toevoegen van nieuwe mandaten, volmacht en machtigingen overzichtelijker en makkelijker te maken. Daarom is ervoor gekozen om decimale nummers te gebruiken per hoofdstuk, zodat nieuwe mandaten, volmachten en machtigingen makkelijk aansluitend toegevoegd kunnen worden.
Mandaatregeling en budgethouderschap
De gemeenteraad stelt budgetten beschikbaar door de begroting vast te stellen (budgetrecht artikel 191 Gemeentewet). Het college voert de begroting uit (taak van college op grond van artikel 160 Gemeentewet). In de Regeling budgethouderschap Nieuwegein 2022 is geregeld welke functionaris op welke wijze over bepaalde budgetten kan beschikken. Om budgetten te kunnen aanwenden is het nodig dat bepaalde bestuursrechtelijke, privaatrechtelijke of feitelijke handelingen worden verricht. Er moet bijvoorbeeld een overeenkomst met een leverancier worden gesloten. Het is belangrijk om te beseffen dat de budgethouder niet automatisch op grond van zijn budgethouderschap de nodige bijbehorende handelingen mag verrichten, maar hiervoor aparte mandaten, volmachten en machtigingen nodig heeft van het ter zake bevoegd bestuursorgaan. Deze zijn te vinden in het register.
De begrippen, die gedefinieerd zijn volgens de Algemene wet bestuursrecht en daarbij is een concrete invulling gemaakt zoals zij in de regeling bedoeld zijn (bijvoorbeeld de definities van mandaat, volmacht en machtiging).
De mandaatregeling bevat regels over de reikwijdte van de regeling. Er is nu opgenomen dat de regels in de mandaatregeling van toepassing zijn op de mandaten, volmachten en machtigingen die in het register bij de regeling zijn opgenomen.
In dit artikel wordt de plaatsvervanging geregeld. Het uitgangspunt is horizontale vervanging. Als dat niet mogelijk is wordt de gemandateerde vervangen door de direct leidinggevende van de gemandateerde (verticale vervanging).
Artikel 4 Ondermandaat, ondervolmacht en ondermachtiging
Voor de uitvoering van mandaten (volmachten en machtigingen) kan het wenselijk zijn dat ondermandaat door een gemandateerde wordt verleend aan een functionaris waar de gemandateerde de leidinggevende van is. Het uitgangspunt is bevoegdheid tot het verlenen ondermandaat nadrukkelijk wordt besloten door het bevoegde bestuursorgaan. Het ondermandaat wordt vervolgens vermeldt in het MVM-register in de kolom ‘bijzondere voorwaarden/toelichting.
Artikel 5 Algemene regels en uitzonderingen bij mandaat
Het proces van het toepassen van een mandaat, een volmacht en machtiging wordt nader geduid in dit artikel. Hierbij wordt een verband gelegd met de vereisten voor zorgvuldige besluitvorming volgens de Algemene wet bestuursrecht.
Er kunnen situaties zijn dat het toepassen van een verleend mandaat, een verleende volmacht of een verleende machtiging bestuurlijk niet wenselijk is. Het derde lid bevat een aantal specifieke situaties wanneer die bevoegdheden niet worden toegepast. Het bevoegde bestuursorgaan besluit in die gevallen zelf. In onderdeel c wordt bepaald dat een mandaat niet wordt toegepast als een budget of krediet wordt overschreden. Deze bepaling ligt in het verlengde van de bepalingen in de Regeling budgethouderschap Nieuwegein 2022 (hierna: Regeling). In artikel 3 lid 9 van de Regeling is bepaald hoe gehandeld dient te worden door de bevoegde budgethouder in het geval een budget wordt overschreden. Een budgethouder is bevoegd om een verplichting tot het doen van uitgaven te doen als daarvoor mandaat is verleend (artikel 10 lid 1 Regeling).
Voor de personele mandaten hanteert het college als uitgangspunt dat bevoegdheden zo laag mogelijk in de organisatie worden belegd, dat wil zeggen: door de direct leidinggevende. Hierbij geldt dat bij besluiten over:
In deze gevallen geldt de hoofdregel van het eerste lid. Deze gevallen zijn expliciet opgenomen om zodoende zorgvuldige besluitvorming te waarborgen.
De functionarissen maken van het aan hun verleende mandaat, de volmacht of de machtiging slechts gebruik ten aanzien van aangelegenheden die behoren tot hun portefeuille c.q. afdeling.
Voor sommige bevoegdheden van het college, zoals het verlenen van strafontslag, wordt géén mandaat verleend, omdat de aard van de bevoegdheid zich tegen mandatering verzet (artikel 10:3 lid 1 Awb).
Artikel 6 Mandaat bij beslissing op bezwaar
Hoofdregel is dat het bevoegd bestuursorgaan (college of burgemeester) een beslissing op bezwaar neemt. De bestuurspraktijk is er mee gebaat dat in een aantal gevallen het nemen van beslissingen op bezwaar kan worden gemandateerd.
Immers indien de bevoegdheid om te beslissen op bezwaarschriften wordt gemandateerd, worden beslistermijnen voor burgers aanzienlijk verkort en scheelt dat de organisatie en bestuursorganen bovendien extra werk.
In de volgende gevallen is het mandateren van beslissingen op bezwaar mogelijk:
wanneer de commissie bezwaarschriften een advies heeft uitgebracht over een bezwaarschrift en het advies luidt:
Het mandateren van een beslissing op bezwaar is van toepassing voor zo ver niet contrair wordt gegaan. Indien de commissie bezwaarschriften bijvoorbeeld geadviseerd heeft om het bezwaar niet-ontvankelijk, ongegrond of gegrond verklaren en de gemandateerde mening is dat contrair gegaan dient te worden, dan dient de beslissing op bezwaar door het bevoegd bestuursorgaan te worden genomen. Met ‘contrair gaan’ wordt bedoeld dat aan het bestuursorgaan wordt voorgelegd om (gedeeltelijk) anders te besluiten dan de commissie Bezwaarschriften heeft geadviseerd.
In het derde lid is expliciet bepaald dat het bestuursorgaan bij toepassing van bestuurlijke lus als bedoeld in artikel 8:51 a van de Algemene wet de bevoegdheid tot het nemen van een beslissing op bezwaar kan mandateren. Deze bevoegdheid is opgenomen om verder onnodig oponthoud in de besluitvorming te voorkomen. De bestuurlijke lus houdt in dat de rechtbank het bestuursorgaan in gelegenheid stelt een gebrek in het bestreden besluit te herstellen door een nieuwe beslissing op bezwaar te nemen (art 8:51a Awb).
In het vijfde lid zijn 3 specifieke gevallen opgenomen wanneer de bevoegdheid tot het mandateren van een beslissing op bezwaar niet van toepassing is. Namelijk wanneer het besluiten betreft
Ad a :Die primair niet in mandaat zijn genomen: artikel 10:3 derde lid van de Awb bepaalt dat de mandataris niet ook op het bezwaar mag beslissen.
Ad c: ’Dat primair in mandaat is genomen door hoofd CJD’; op besluiten in het kader van de Wet open overheid en Wet hergebruik overheidsinformatie beslist het afdelingshoofd CJD. In deze gevallen mag er gezien het bepaalde in art 10:3 derde lid Awb niet ook door dit hoofd de beslissingen op bezwaar worden besloten.
Artikel 7 Ondertekening mandaat
Mandaten, volmachten en machtigingen zijn pas rechtsgeldig als zij ondertekend worden. Dit is volgens de vereisten van de Awb. Als mandaten, volmachten of machtiging in een applicatie worden genereerd is het vereist dat zij met een digitale authentieke handtekening wordt ondertekend om te waarborgen dat sprake is van rechtsgeldig besluit.
Artikel 8 Ondertekening volmacht
De toelichting bij artikel 7 is van overeenkomstige toepassing.
Artikel 9 Preambule overeenkomst
Voor het aangaan van overeenkomsten of andere privaatrechtelijke rechtshandelingen kan het nodig zijn om te onderhandelen namens het bevoegde bestuursorgaan. Dit wordt ook wel de precontractuele onderhandelingsfase genoemd. Conceptversies van contracten of andere privaatrechtelijke documenten gaan over en weer tussen de functionarissen van de gemeente en de externe (contracts)partij. De tekst van de preambule is bedoeld om aan die andere partij duidelijk te maken dat de onderwerpen waarover onderhandeld is met de functionaris van de gemeente dat uiteindelijk het bestuursorgaan bevoegd is om een besluit te nemen om de privaatrechtelijke rechtshandeling aan te gaan.
De preambule heeft vooral een toegevoegde waarde voor situaties waar artikel 5 lid 3 van toepassing is.
Ook is het aan het college om te bepalen of het afleggen van verantwoording aan de raad nodig is over het aangaan van de privaatrechtelijke rechtshandeling (artikel 169 lid 4 Gemeentewet).
Artikel 10 Informatieverstrekking, verantwoording, verslaglegging en registratie
Het MVM-register bevat verschillende bevoegdheden van het gemeentebestuur die belegd zijn bij leidinggevenden en in sommige gevallen bij specifieke functionarissen of externen. Om het gemeentebestuur zicht op en grip te laten houden op de uitoefening van deze bevoegdheden is een verantwoordingsmethodiek geregeld. Verder is verantwoording geborgd doordat gemandateerde gehouden is om de portefeuillehouder te informeren over de manier waarop en in welke gevallen mandaten zijn toegepast volgens de geldige wet- en regelgeving én de bestendige bestuurspraktijk. Deze informatie- en verantwoordingsplicht geldt vooral bij situaties die gelet op een bepaalde actualiteit van belang zijn dan wel going concern onderwerpen met een gematigd risicoprofiel. De verantwoording vindt daarom plaats volgens een bepaalde methodiek en volgorde. Als eerste dient er teruggekoppeld aan de portefeuillehouder/college wanneer een bepaalde mate van bestuurlijke gevoeligheid bij een mandaat (volmacht of machtiging) aan de orde kan zijn. Vervolgens wanneer er sprake is van bestuurlijk relevante onderwerpen waar mandaten voor zijn toegepast dienen altijd aan de portefeuillehouder. In beide situaties geldt dat de terugkoppeling bestaat uit het schetsen van de context van de lastigheden bij het verlenen van het mandaat in relatie tot de bestuurlijke keuzes/beleidslijn.
Voor mandaten (volmachten en machtigingen) die structureel in bulk worden verleend (denk bijvoorbeeld aan omgevingsvergunningen, producten van burgerzaken) is het logisch dat de portefeuillehouder periodiek en per thema op de hoogte wordt gehouden van de verleende mandaten (volmachten en machtigingen), zodat de bestuurder op de hoogte is van de uitvoering van de wettelijke taken en werkzaamheden namens het gemeentebestuur.
Een gemandateerde is gehouden om een deugdelijke verslaglegging van de door hem of haar toegepaste mandaten bij te houden. De registratie van ondermandaten volgens de bepaling in artikel 4 maakt daar ook onderdeel van uit.
Deze bepaling is volgens artikel 10.12 van de Algemene wet bestuursrecht.
Artikel 12 Intrekking oude mandaatregeling
Volgens het overgangsrecht van deze regeling geldt de oude mandaatregeling in specifieke gevallen. Dit is gedaan om de rechtsgeldigheid en de continuïteit van de verleende mandaten, volmachten en machtigingen te borgen.
Artikel 14 Rechtmatigheid en doelmatigheid
Het periodiek toetsen of bestuursbevoegdheden rechtmatig en doelmatig zijn toegepast draagt bij het zijn van een betrouwbare overheid.
Mandaten, volmachten en machtigingenregister
Hoofdstuk 2 Afdeling Communicatie, Juridische Zaken en Dienstverlening
|
eenmaal per jaar wordt aan het college een overzicht verstrekt van in de mandaat genomen beslissingen op bezwaar. Met uitzondering van beslissingen op bezwaar van personele besluiten. |
|||||||
|
Het nemen van een beslissing op bezwaar inzake personele besluiten |
|||||||
|
ondertekening van de door de commissie bezwaarschriften geaccordeerde adviezen en verslagen |
|||||||
|
2:1, 6:6, 6:17, 7:3 7:4 en 7:6 Awb en 7 t/m 10 en 15 Verordening commissie bezwaarschriften |
secretarissen commissie bezwaarschriften en plv. secretarissen commissie bezwaarschriften |
Beslissen op inwinnen van inlichtingen, uitnodigen van deskundigen, afzien van horen, beslissing op verzoek wijziging tijdstip hoorzitting en op verzoek nieuwe hoorzitting na nader onderzoek, in overleg met voorzitter |
|||||
|
Bevestigen ontvangst bezwaar-schriften en het nemen van verdagingsbesluiten |
secretaris-sen commissie bezwaar-schriften en juridisch adviseurs CJD |
||||||
|
Het benoemen van een door het college aangewezen ambtenaar als secretaris van de commissie bezwaarschriften |
|||||||
|
Het nemen van besluiten inzake aansprakelijkstellingen namens en jegens de gemeente |
Alleen ingeval van lager dan € 2.500 (eigen risico gemeente). Daarboven is de aansprakelijkheids-verzekeraar bevoegd. |
||||||
|
Ondermachtiging NODR, conform samenwerkings-overeenkomst betreffende werkzaamheden tot schadeverhaal 2019 |
|||||||
|
Het publiceren van regelingen en het doen van zakelijke mededelingen in het elektronisch gemeenteblad en het actueel houden van alle lokale regelingen op overheid.nl |
Art. 3:42, lid 2, Awb en Verordening elektronische publicatie Nieuwegein |
||||||
|
Sturen van een ontvangstbevestiging op klachtbrieven, het verdagen van de termijn en het registreren van de klachten |
|||||||
|
Art. 9:11 Awb, art.7 Klachtenregeling gemeente Nieuwegein 2019 |
|||||||
|
Beslissen op aanvragen voor, of het intrekken van, een standplaatsvergunning. |
|||||||
|
Beslissen op aanvragen voor, of het intrekken van, een snuffelmarkt. |
|||||||
|
Beslissen op aanvragen voor, of het intrekken van, een vergunning voor inzameling van geld of goederen. |
|||||||
|
Beslissen op aanvragen ontheffing zon- en feestdagenregeling voor bijzondere situaties. |
|||||||
|
Beslissen op aanvragen voor, of het intrekken van, een aanwezigheidsvergunning voor speelautomaten. |
30 b en c Wet op de kansspelen en de Verordening Speelautomaten-hallen Nieuwegein 2019 |
||||||
|
Beslissen op aanvragen voor, of het intrekken van, vergunningen voor het houden van een kansspel (loterij en dergelijke). |
|||||||
|
Beslissen op aanvragen voor, of het intrekken van, een evenementenvergunning. |
|||||||
|
Het verlenen van ontheffingen voor het betreden van het voetgangersgebied met een motorvoertuig, na afgifte van een evenementvergunning. |
Na advies van afdeling OD, geldt ten aanzien van de locaties Stadsplein, Raadstede, Markt en Passage. |
||||||
|
Het verlenen of intrekken van een eenmalige gebruiksvergunning voor een inrichting of bouwwerk indien sprake is van een evenement. |
2:25 APV en Besluit Bouwwerken Leefomgeving/ Besluit brandveilig gebruik en basishulpverlening overige plaatsen |
||||||
|
Conform de vereisten van de Regeling verkeersregelaars 2009, met name paragraaf 4 van deze regeling. |
|||||||
|
Artikelen 2.1 en 2.4 Besluit brandveilig gebruik en basishulp-verlening overige plaatsen. |
Ondermandaat vergunningverleners APV/bijzondere wetten. Indien de melding wordt afgehandeld zonder het opleggen van voorwaarden, dan betreft het een machtiging. Indien er wel nadere voorwaarden worden opgelegd (ingevolge artikel 2.4 van de Amvb), betreft het een mandaat. |
||||||
|
Verlenen van een ontheffing voor recreatief nachtverblijf buiten kampeerterreinen. |
|||||||
|
Beslissen op een aanvraag voor, of het intrekken van, een horeca-exploitatievergunning of exploitatievergunning openbare inrichting. |
|||||||
|
Het beslissen op een aanvraag voor, of het intrekken van, een Alcoholwetvergunning. Dit omvat ook voorschriften en beperkingen in de vergunning, en het doorhalen en het vermelden van leidinggevenden. |
|||||||
|
Beslissen op een aanvraag voor, of het intrekken van, een tijdelijke ontheffing tot het verstrekken van zwak-alcoholhoudende dranken. |
|||||||
|
Het opvragen van strafregistergegevens en inlichtingen uit de algemene documentatieregisters bij de Centrale Justitiële Documentatie. |
|||||||
|
Het in ontvangstnemen van een schriftelijke verklaring, het beoordelen ervan en het (al dan niet) bevestigen van de verkrijging van het Nederlanderschap. |
|||||||
|
Het opvragen van strafregistergegevens en inlichtingen uit de algemene documentatieregisters bij de Centrale Justitiële Documentatie in het kader van Rijkswet Nederlanderschap. |
|||||||
|
Het opvragen van strafregistergegevens en inlichtingen uit de algemene documentatieregisters bij de Centrale Justitiële Documentatie voor aanvragen Koninklijke Onderscheidingen. |
|||||||
|
Verantwoording afleggen aan Ministerie van Binnenlandse zaken over de financiële afwikkeling van reisdocumenten. |
|||||||
|
Afgifte van, weigeren, intrekken en ongeldig verklaren rijbewijzen |
|||||||
|
Bevoegdheid tot aanwijzing van een locatie als tijdelijk ‘huis der gemeente’ voor voltrekking van een huwelijk of bevestiging van een partnerschap. |
Verzoeken worden getoetst aan de openbare orde, de goede smaak, (brand) veiligheid, toegankelijkheid, het bestemmingsplan en Apv. De locaties worden voor onbepaalde tijd aangewezen. |
||||||
|
Benoeming, schorsing en ontslag (buitengewoon) ambtenaar van de burgerlijke stand. |
Na aflegging eed of belofte bij de rechtbank zoals bepaald in art 16 BW |
||||||
|
Het benoemen van voorzitters, leden en plaatsvervangende leden van stembureaus |
|||||||
|
Het instellen van (gemeentelijke) stembureaus en het benoemen van voorzitters, leden en plaatsvervangende leden van de (gemeentelijke) stembureaus |
|||||||
|
Aanwijzen van ondersteuners van het gemeentelijke stembureau |
|||||||
Hoofdstuk 3 Communicatie, Juridische Zaken en Dienstverlening extern
|
Het publiceren van regelingen in het elektronisch gemeenteblad en het actueel houden van alle lokale regelingen op overheid.nl |
Art. 3:42, lid 2, Awb en Verordening elektronische publicatie Nieuwegein |
|||||||
Hoofdstuk 5 Afdeling Maatschappelijke Ontwikkeling
Hoofdstuk 6 Sociaal domein extern
Hoofdstuk 7 Afdeling Openbaar Domein
Hoofdstuk 8 Openbaar Domein extern
Hoofdstuk 9 Afdeling Organisatie, Personeel en Financiën
Hoofdstuk 10 Organisatie, Personeel en Financiën extern
Hoofdstuk 11 Afdeling Ruimtelijk Domein
Hoofdstuk 12 Ruimtelijk Domein extern
Hoofdstuk 15 Afdeling Toezicht, Veiligheid en Leefbaarheid
Hoofdstuk 16 Toezicht, Veiligheid en Leefbaarheid extern
Kopieer de link naar uw clipboard
https://zoek.officielebekendmakingen.nl/gmb-2025-257788.html
De hier aangeboden pdf-bestanden van het Staatsblad, Staatscourant, Tractatenblad, provinciaal blad, gemeenteblad, waterschapsblad en blad gemeenschappelijke regeling vormen de formele bekendmakingen in de zin van de Bekendmakingswet en de Rijkswet goedkeuring en bekendmaking verdragen voor zover ze na 1 juli 2009 zijn uitgegeven. Voor pdf-publicaties van vóór deze datum geldt dat alleen de in papieren vorm uitgegeven bladen formele status hebben; de hier aangeboden elektronische versies daarvan worden bij wijze van service aangeboden.