Gemeenteblad van Barneveld
| Datum publicatie | Organisatie | Jaargang en nummer | Rubriek |
|---|---|---|---|
| Barneveld | Gemeenteblad 2025, 251955 | algemeen verbindend voorschrift (verordening) |
Zoals vergunningen, bouwplannen en lokale regelgeving.
Adressen en contactpersonen van overheidsorganisaties.
U bent hier:
| Datum publicatie | Organisatie | Jaargang en nummer | Rubriek |
|---|---|---|---|
| Barneveld | Gemeenteblad 2025, 251955 | algemeen verbindend voorschrift (verordening) |
Verordening maatschappelijke ondersteuning gemeente Barneveld 2025
De raad van de gemeente Barneveld;
gelezen het voorstel van burgemeester en wethouders, nummer 4025;
gelet op de artikelen: 2.1.3, 2.1.4, eerste tot en met vierde lid, en zesde lid, 2.1.4a, eerste, tweede, vijfde en zesde lid, 2.1.4b, tweede lid en vierde lid, 2.1.5, eerste lid, 2.1.6, 2.3.6, derde lid, en 2.6.6, eerste lid, van de Wet maatschappelijke ondersteuning 2015 en de artikelen 3.8, tweede lid, en 5.4 van het Uitvoeringsbesluit Wmo 2015;
vast te stellen de Verordening maatschappelijke ondersteuning gemeente Barneveld 2025
Hoofdstuk 1. Algemene bepalingen
In deze verordening en de daarop berustende bepalingen wordt verstaan onder:
algemeen gebruikelijke voorziening; een voorziening die niet specifiek bedoeld is voor mensen met een beperking, die daadwerkelijk beschikbaar is, die een passende bijdrage levert aan het realiseren van een situatie waarin de cliënt tot zelfredzaamheid of participatie in staat is en die financieel gedragen kan worden met een inkomen op minimumniveau;
beschermd thuis: een voorziening voor personen met complexe psychische of psychosociale problematiek die doorgaans hun hulpvraag kunnen uitstellen tot geplande momenten van begeleiding, maar wel moet kunnen terugvallen op 24/7 bereikbaarheid en/of beschikbaarheid van een hulpverlener. Beschermd Thuis kan geleverd worden in een geclusterde woonvorm of in een situatie waarin de cliënt zelfstandig woont.
fraude: handelen dat opzettelijk in strijd is met de regels, gericht op eigen of andermans (financieel) gewin, waaronder valsheid in geschrifte, bedrog, benadeling van rechthebbenden of verduistering plegen of trachten te plegen ten nadele van de gemeente en/of haar inwoners, met het doel een betaling of ander voordeel te verkrijgen waarop men geen recht heeft of kan hebben.
sociale basis: Het geheel van informele sociale verbanden (buurten, groepen, verenigingen, netwerken, gezinnen) aangevuld en ondersteund vanuit de lokale overheid, organisaties, diensten en voorzieningen, die het mogelijk maakt dat inwoners de mogelijkheden hebben om te participeren in sociale relaties op een manier die hun welzijn, capaciteiten en individueel potentieel verbetert;
Hoofdstuk 2. Toegang tot voorzieningen
Het college stelt de cliënt in de gelegenheid om binnen zeven dagen na de melding een persoonlijk plan te overhandigen, waarin hij de omstandigheden, bedoeld in artikel 2.3.2 lid 4 onder a tot en met d van de wet, beschrijft en aangeeft welke maatschappelijke ondersteuning naar zijn mening het meest is aangewezen.
Voor het gesprek verstrekt de cliënt het college alle overige gegevens en documenten die naar het oordeel van het college voor het onderzoek nodig zijn en waarover hij redelijkerwijs de beschikking kan krijgen. De cliënt verstrekt in ieder geval een identificatiedocument als bedoeld in artikel 1 van de Wet op de identificatieplicht ter inzage.
Artikel 6 Onderzoek naar de ondersteuningsbehoefte (het gesprek)
Het college onderzoekt in een gesprek tussen de gespreksvoerder en met degene door of namens wie de melding is gedaan, dan wel diens vertegenwoordiger en waar mogelijk met de mantelzorger of cliëntondersteuner en desgewenst familie, zo spoedig mogelijk en voor zover nodig:
Stap 2: welke problemen ondervonden worden bij de zelfredzaamheid en maatschappelijke participatie dan wel het zich kunnen handhaven in de samenleving.
Stap 3: welke ondersteuning nodig is naar aard en omvang om een passende bijdrage te leveren aan de zelfredzaamheid en maatschappelijke participatie, dan wel het zich kunnen handhaven in de samenleving.
Stap 4: In hoeverre eigen mogelijkheden, gebruikelijke hulp, mantelzorg, ondersteuning door andere mensen uit het sociale netwerk en voorliggende en algemene voorzieningen de nodige hulp en ondersteuning kunnen bieden.
Stap 5: Slechts voor zover die mogelijkheden ontoereikend zijn dient het college een vangnetvoorziening te verlenen.
Stap 6: Voor zover het onderzoek naar de nodige ondersteuning specifieke deskundigheid vereist zal een specifiek deskundig oordeel en advies niet kunnen ontbreken.
Het college informeert de cliënt over de gang van zaken bij het gesprek, diens rechten en plichten en de vervolgprocedure. Tevens informeert het college de cliënt over de rechten en plichten die zijn verbonden aan het ontvangen van een gemeentelijke vangnetvoorziening of pgb en over de mogelijke gevolgen van misbruik en/of oneigenlijk gebruik van de wet.
Het college informeert de cliënt over welke bijdragen in de kosten de cliënt met toepassing van het bepaalde bij of krachtens artikel 2.1.4 van de wet verschuldigd zal zijn, en de mogelijkheden om te kiezen voor de verstrekking van een pgb, waarbij de cliënt in begrijpelijke bewoordingen wordt ingelicht over de gevolgen van die keuze.
Het college kan een door hem daartoe aangewezen adviesinstantie (medisch adviseur) om advies vragen indien het dit van belang acht voor de beoordeling van de aanvraag om een gemeentelijke vangnetvoorziening. Het college betrekt de cliënt en zijn eventuele gemachtigde of mantelzorger bij de adviesaanvraag en informeert hem over de uitkomsten daarvan.
Hoofdstuk 3. Vangnetvoorzieningen
Artikel 11 Algemene criteria voor een gemeentelijke vangnetvoorziening
Een cliënt komt voor een gemeentelijke vangnetvoorziening in aanmerking ter compensatie van de beperkingen in de zelfredzaamheid of participatie die de cliënt ondervindt, voor zover de cliënt deze beperkingen naar het oordeel van het college niet kunnen worden verminderd of weggenomen:
Artikel 12 Beoordeling eigen kracht
Onder eigen kracht wordt verstaan de mogelijkheid binnen het vermogen van de cliënt om zelf een oplossing te vinden voor het verbeteren van zijn situatie. Hieronder valt het beroep doen op familie en vrienden voordat de cliënt bij de gemeente een aanvraag indient voor ondersteuning. De cliënt zal zich in hoge mate moeten inspannen om oplossingen te vinden om zelf in zijn ondersteuningsbehoefte te voorzien.
Wat iemand op eigen kracht kan is voor iedereen verschillend en is afhankelijk van de situatie van de cliënt. De beperkingen en leerbaarheid van de persoon zijn bepalend voor de mate waarin een cliënt zelf in zijn ondersteuningsvraag kan (gaan) voorzien, net als de grootte van het sociale netwerk van de cliënt en de draagkracht van het sociaal netwerk.
Artikel 13 Beoordeling gebruikelijke hulp
Onder gebruikelijke hulp wordt verstaan de normale dagelijkse hulp die de partner en andere huisgenoten (waaronder kinderen) geacht worden elkaar te bieden, omdat ze een gezamenlijke verantwoordelijkheid hebben voor het functioneren van het huishouden. Wanneer gebruikelijke hulp voorhanden is, hoeft het college geen voorziening te treffen.
Wat concreet valt onder “gebruikelijke hulp” wordt bepaald door wat naar algemeen aanvaarde opvattingen in redelijkheid mag worden verwacht van de ouder of het inwonend kind of de andere huisgenoot. Van gebruikelijke hulp is sprake indien er een huisgenoot aanwezig is, die in staat kan worden geacht om bijvoorbeeld (niet limitatief):
Het college onderzoekt welke hulp in een specifieke situatie van de partner en/of huisgenoot in redelijkheid gevraagd kan worden. Hierbij wordt rekening gehouden met de behoeften en persoonskenmerken van de cliënt, maar ook met de belastbaarheid en eventuele aantoonbare beperkingen van de partner en/of huisgenoot. Er wordt onderzocht of:
Ouders hebben de zorgplicht voor hun kinderen. Dit houdt in het zorgen voor hun geestelijke en lichamelijke welzijn en het bevorderen van de ontwikkeling van hun persoonlijkheid (en naar draagkracht voorzien in de kosten). Bij uitval van één van de ouders neemt de andere ouder de gebruikelijke hulp voor de kinderen over.
Artikel 17 Beoordeling voorliggende voorzieningen
De Wet langdurige zorg (Wlz) geeft recht op zorg aan verzekerden die blijvend zijn aangewezen op 24 uur per dag zorg in de nabijheid of op permanent toezicht vanwege hun aandoening(en) of beperkingen(en). Dat betekent dat iemand niet alleen kan worden gelaten. Daarnaast staat vast dat dit voor de rest van zijn leven zo is.
Gemeenten moeten op grond van de Jeugdwet ouders en jeugdigen ondersteunen bij opvoed-, opgroei- en psychische problemen. Wanneer een jeugdige 18 jaar wordt, valt hij onder de Wmo of de Zvw (in het kader van behandeling). In sommige gevallen is het mogelijk om verlengde jeugdhulp in te zetten, dit kan alleen als de jeugdige aan de voorwaarden van verlengde jeugdhulp voldoet.
Artikel 18 Soorten gemeentelijke vangnetvoorzieningen
De gemeente Barneveld kan verschillende Wmo vangnetvoorzieningen verstrekken ten aanzien van:
Artikel 19 Aanvullende criteria coaching en Wmo dagactiviteiten
Artikel 20 Aanvullende criteria vangnetvoorziening beschermd wonen, beschermd thuis, safehouse en time-outbed
Met in achtneming van artikel 11 verleent het college de vangnetvoorziening safehouse of time-outbed als de cliënt door een (dreigende) terugval in het ziekteproces, waar verslavingsproblematiek en/of psychiatrische en/of gedragsproblematiek onderdeel van uitmaakt, (tijdelijk) is aangewezen op ondersteuning in een beschermde setting.
Artikel 22 Aanvullende criteria woonvoorzieningen
Met inachtneming van artikel 11 verleent het college vangnetvoorzieningen om het normale gebruik van de woning mogelijk te maken, indien dit voor de persoon met een beperking niet mogelijk is. De medische noodzaak kan blijken uit een medisch advies dat wordt opgevraagd bij onduidelijke medische situaties.
Bij het verstrekken van een vangnetvoorziening ter compensatie van de beperkingen bij normaal gebruik van de woning en het zich verplaatsen in de woning kan het college primaat van verhuizen overwegen. Het primaat van verhuizen houdt in dat de gemeente een verhuisindicatie geeft, indien dit een goedkopere en passende oplossing is.
Een cliënt kan in aanmerking komen voor een vangnetvoorziening voor een woning in de gemeente Barneveld indien:
het bezoekbaar maken van een woning waarin de cliënt die in een instelling verblijft, regelmatig komt, in de zin dat de woonkamer en het toilet door hem bereikt en gebruikt kunnen worden en er, tenzij er sprake is van een bijzondere situatie, niet eerder in de gemeente Barneveld of een andere gemeente een woning voor de cliënt bezoekbaar is gemaakt.
Artikel 25 Financiële tegemoetkoming in de kosten voor verhuizing
Onverminderd het eerste lid komt de cliënt in aanmerking voor een tegemoetkoming in de kosten van verhuizing als naar aanleiding van een melding als genoemd in artikel 2.3.2 Wmo 2015 het college van oordeel is dat de huidige woning niet geschikt te maken is en/of dat het primaat van verhuizen van toepassing is.
Artikel 28 Verhouding prijs en kwaliteit levering voorziening door derden
Hoofdstuk 5. Persoonsgebonden budget (pgb)
Artikel 31 Onderscheid professionele aanbieder en informele aanbieder
Onder een professionele aanbieder wordt verstaan een zorginstelling of een persoon die werkzaam is bij een zorginstelling. Deze zorginstelling staat ten aanzien van de voor het pgb uit te voeren werkzaamheden ingeschreven in het Handelsregister (KVK). De (hulpverlener van de) professionele aanbieder dient in het bezit te zijn van een:
Indien de ondersteuning geboden wordt door een bloed- of aanverwant in de 1e of 2e graad van de budgethouder, is er altijd sprake van een informele aanbieder (ongeacht aanwezige diploma’s of inschrijving in de KVK). Onder bloed- of aanverwant in de 1e of 2e graad wordt verstaan: kinderen, kleinkinderen, ouders, grootouders, broers, zussen, schoonouders, schoonzussen en zwagers.
De hoogte van het pgb wordt als volgt vastgesteld:
wordt berekend op basis van een prijs of tarief waarmee redelijkerwijs is verzekerd dat het pgb toereikend is om veilige, doeltreffende en kwalitatief goede diensten, hulpmiddelen, woningaanpassingen en andere maatregelen die tot de vangnetvoorziening behoren, van derden te betrekken, en wordt indien nodig aangevuld met een vergoeding voor onderhoud en verzekering;
Het is mogelijk om een symbolische tegemoetkoming per kalendermaand te verstrekken voor schoonmaakmiddelen, levensmiddelen, kleding of reiskosten zoals bedoeld in artikel 2ab van de Uitvoeringsregeling Wmo 2015. De tegemoetkoming wordt berekend aan de hand van de door het college vastgestelde vergoedingenlijst die, waar mogelijk gebaseerd is op richtbedragen van het Nibud.
Artikel 33 Bijdrage in de kosten van algemene voorzieningen
Een cliënt kan een bijdrage in de kosten verschuldigd zijn voor het gebruik van een algemene voorziening, niet zijnde cliëntondersteuning. De kosten voor de activiteiten worden zoveel mogelijk gedekt door de eigen bijdragen van de deelnemers, zonder dat dit ten koste gaat van de laagdrempeligheid van de activiteiten.
Artikel 34 Eigen bijdrage vangnetvoorzieningen
Voor een vangnetvoorziening, met uitzondering van beschermd wonen, maatschappelijke opvang en vervoersvoorzieningen, is de cliënt de maximale bijdrage in de kosten, zoals bepaald in artikel 2.1.4a, vierde en zesde lid, van de wet en hoofdstuk 3 van het Uitvoeringsbesluit Wmo 2015, verschuldigd en deze wordt geïnd door het CAK.
Voor een gemeentelijke vangnetvoorziening, dan wel pgb, is geen eigen bijdrage verschuldigd, indien deze voorziening noodzakelijk is door (lichamelijk) letsel en een derde de aansprakelijkheid van de letselschade erkent. Er is wel een eigen bijdrage verschuldigd als het (lichamelijk) letsel is ontstaan door een ongeval na 1 januari 2018 (regresrecht).
Artikel 35 Bijdrage in de kosten voor de regiotaxi
In afwijking van artikel 2.1.4a, vierde lid, van de wet, is voor het reizen met de regiotaxi met een kortingspas een tarief per rit verschuldigd. Het college stelt bij nadere regel de hoogte van dit tarief vast. Dit tarief bedraagt maximaal het tarief dat verschuldigd is voor het reizen met het openbaar busvervoer.
De cliënt kan per kalenderjaar maximaal 2.500 km met het collectief aangepaste vervoer reizen tegen het tarief als vastgesteld in de nadere regel. Uitbreiding van het aantal kilometers is mogelijk als er naar het oordeel van het college sprake is van zwaarwegende omstandigheden waardoor 2.500 km in het specifieke geval onvoldoende blijkt te zijn. De cliënt moet aan de hand van concrete en verifieerbare gegevens aantonen dat er sprake is van zwaarwegende omstandigheden.
Hoofdstuk 7. Mantelzorgers, klachten en medezeggenschap
Artikel 37 Jaarlijkse waardering mantelzorgers
De jaarlijkse blijk van waardering voor mantelzorgers van cliënten in de gemeente bestaat uit een, door het college nader in te vullen, waardering in natura.
Artikel 39 Medezeggenschap bij aanbieders van maatschappelijke ondersteuning
Aanbieders met wie de gemeente een contract heeft gesloten of aan wie subsidie is verleend, stellen een effectieve en laagdrempelige regeling vast voor de medezeggenschap van cliënten over voorgenomen besluiten van de aanbieder welke voor de gebruikers van belang zijn en voor zover het diensten in het kader van voorzieningen betreft.
Hoofdstuk 8. Toezicht en handhaving
Artikel 41 Bestrijding misbruik of oneigenlijk gebruik van de wet
Het college treft de nodige maatregelen om misbruik of het oneigenlijk gebruik van vangnetvoorzieningen tegen te gaan. Tot deze maatregelen behoren in ieder geval:
het college maakt afspraken met aanbieders van voorzieningen over de facturatie, resultaatsturingen, accountantscontrole en productieverantwoordingen zodat declaraties en uitbetalingen in overeenstemming zijn met de contractuele afspraken, de leveringsopdracht, de prestatieafspraken en de feitelijk geleverde prestaties;
Als uit onderzoek blijkt dat de aanbieder of de cliënt niet voldoet aan de verplichtingen zoals opgenomen in de wet, de contracten of deze verordening dan kan het college maatregelen treffen zoals opgenomen in het toezicht- en handhavingskader Wmo gemeente Barneveld, te raadplegen via overheid.nl.
Vastgesteld in de openbare vergadering van 28 mei 2025.
De raad voornoemd,
de griffier,
de voorzitter,
Bijlage 1: Kwaliteitseisen vangnetvoorzieningen coaching en dagactiviteiten
Bijlage 2: Passende opleidingen
Deze lijst is ter informatie voor welke opleidingen in ieder geval goedgekeurd worden. Dit is nadrukkelijk geen uitputtende lijst, voor overige opleidingen kan het gesprek met de gemeente Barneveld aangegaan worden.
Wanneer de Opdrachtnemer niet over een relevant mbo- en/of hbo-diploma beschikt kan via een EVC-traject (Erkenning van eerder Verworven Competenties) bij een erkende EVC-aanbieder aangetoond worden dat de zorgverlener door middel van bijvoorbeeld werkervaring wel vakbekwaam is.
Het Nationaal Kenniscentrum EVC beheert en onderhoudt het register inzake de EVC-procedures van erkende EVC-aanbieders. Voorbeelden van erkende EVC-aanbieders voor de sector Zorg en Welzijn zijn: EVC Centrum Vigor, Libereaux B.V., QRM B.V., en Trigon Training & ontwikkeling.
Via een procedure voor het Erkennen van uw Verworven Competenties (EVC) wordt aan de hand van een erkende EVC standaard precies in kaart gebracht wat de zorgverlener aan kennis en vaardigheden in huis moet hebben. Er wordt gekeken naar wat de zorgverlener in de praktijk heeft (bij)geleerd en dit alles wordt vastgelegd in een uitgewerkt persoonlijk ervaringscertificaat. Met een Ervaringscertificaat kan de zorgverlener vervolgens de Examenkamer vragen om een vakbekwaamheidsbewijs af te geven.
Website Nationaal Kenniscentrum EVC: https://www.ervaringscertificaat.nl/ Website Examenkamer: https://www.examenkamer.nl/
Buitenlandse diploma’s of andere vorm van validering van formeel onderwijs worden slechts geaccepteerd onder overleggen van een door namens de Nederlandse overheid door SBB of Nuffic afgegeven diplomavergelijking of waardering.
Buitenlandse bewijzen van vakbekwaamheid en andere vormen van validering van informeel en non formeel leren en vakvolwassenheid worden slechts geaccepteerd onder overleggen van een door namens de EVC convenant partners door het Nationaal Kenniscentrum EVC afgegeven verklaring inzake vakvolwassenheid en/of vakbekwaamheid.
Kopieer de link naar uw clipboard
https://zoek.officielebekendmakingen.nl/gmb-2025-251955.html
De hier aangeboden pdf-bestanden van het Staatsblad, Staatscourant, Tractatenblad, provinciaal blad, gemeenteblad, waterschapsblad en blad gemeenschappelijke regeling vormen de formele bekendmakingen in de zin van de Bekendmakingswet en de Rijkswet goedkeuring en bekendmaking verdragen voor zover ze na 1 juli 2009 zijn uitgegeven. Voor pdf-publicaties van vóór deze datum geldt dat alleen de in papieren vorm uitgegeven bladen formele status hebben; de hier aangeboden elektronische versies daarvan worden bij wijze van service aangeboden.