Gemeenteblad van Bronckhorst
| Datum publicatie | Organisatie | Jaargang en nummer | Rubriek |
|---|---|---|---|
| Bronckhorst | Gemeenteblad 2025, 251533 | beleidsregel |
Zoals vergunningen, bouwplannen en lokale regelgeving.
Adressen en contactpersonen van overheidsorganisaties.
U bent hier:
| Datum publicatie | Organisatie | Jaargang en nummer | Rubriek |
|---|---|---|---|
| Bronckhorst | Gemeenteblad 2025, 251533 | beleidsregel |
Uitvoeringsprogramma vergunningen, toezicht en handhaving 2025
Dit is het Uitvoeringsprogramma VTH (vergunningen, toezicht en handhaving) 2025 van de gemeente Bronckhorst. Het uitvoeringsprogramma geeft inzicht in de werkwijze en de prioritering van de VTH-taken waarvoor de gemeente het bevoegd gezag is. In dit programma is aangegeven welke doelen we stellen en welke activiteiten daartoe zullen worden uitgevoerd.
Met dit uitvoeringsprogramma anticiperen we op nieuw te ontwikkelen VTH-beleid, zodanig dat we gaan voldoen aan de vereisten uit het Omgevingsbesluit (voorheen de Wet VTH). Door betere afstemming en een integrale benadering zijn we beter in staat om te zorgen voor een mooie, prettige en leefbare leefomgeving. Wij zijn daarmee ook in staat om opgemerkte trends en ontwikkelingen in kaart te brengen, dit is belangrijke input bij beleidsontwikkeling. Onze werkzaamheden zijn gericht op het bevorderen van het naleefgedrag; anderzijds denken wij mee. Wij hebben namelijk een brede blik in een eventueel handhavingstraject, en kijken daarbij naar welke (on)mogelijke aanpak het meest passend is.
Dit uitvoeringsprogramma geeft op basis van onder andere de omgevingsvisie en de Landelijke Handhavingsstrategie Omgevingswet (LHSO) concreet weer welke acties we uit gaan voeren en wat daarmee de beoogde resultaten zijn. Dit vooruitlopend op nieuw VTH-beleid. Dit mede omdat er vanuit het bureau IBT VTH van de provincie Gelderland is aangegeven dat ons beleid (2022-2027) en het daaruit gedestilleerde uitvoeringsprogramma (2023-2024) nog niet volledig voldoet aan de eisen van het Omgevingsbesluit.
Onze werkwijze kenmerkt zich door integrale benadering, uitgangspunt hierbij is ‘ja, mits’, maar ‘nee’ is ook een antwoord. Wij denken mee, en pakken door waar nodig.
Met dit uitvoeringsprogramma wordt voldaan aan de wettelijke verplichtingen die opgenomen zijn in het Omgevingsbesluit (Ob) en de Omgevingsregeling (Or). Het uitvoeringsprogramma wordt na vaststelling ter kennisname voorgelegd aan de gemeenteraad en toegestuurd aan de provincie Gelderland.
1.1 Waarom een uitvoeringsprogramma
Dit is het uitvoeringsprogramma voor 2025 van de clusters Omgeving en Openbare Veiligheid, Toezicht & Handhaving (OVTH) van de gemeente Bronckhorst. Het programma geeft inzicht in onze doelstellingen, de prioritering hierin en de beschikbare middelen voor de uitvoering van VTH-taken waarvoor de gemeente het bevoegde orgaan is.
De gemeente Bronckhorst heeft een hoog ambitieniveau op verschillende onderdelen. Deze ambities zijn terug te zien in de omgevingsvisie: Bronckhorst twee keer zo mooi. Vergunningverlening, toezicht en handhaving hebben hierin een belangrijke rol. Onderwerpen met de grootste impact verdienen hierin ook de meeste aandacht en daarop passen wij onze inzet aan. Wij houden daarnaast rekening met vastgesteld beleid en bestuurlijke opgaves die voortvloeien uit de ambities in het coalitieakkoord: Samen verder voor Bronckhorst.
In het Beleidsplan Toezicht en Handhaving 2023-2027 (hierna: het beleidsplan) is op onderwerpen reeds prioritering aangebracht. Echter, dit beleidsplan ziet vooral op toezicht en handhaving en daarnaast voor een deel op Openbare orde en veiligheid. Vergunningverlening ontbreekt in dit beleidsplan, omdat in het verleden de keuze is gemaakt deze teams en clusters te splitsen.
Integraal beleid, dat ook aansluit bij de doelstellingen en eisen van de Omgevingswet, vergt dat wij ons beleidsplan gaan herijken om vergunningverlening, toezicht en handhaving te harmoniseren. Het voorliggende uitvoeringsprogramma neemt een eerste aanzet hiertoe. Er komt geen volledig nieuw beleidsplan, maar wel wordt opnieuw gekeken naar de invulling van onze doelstellingen en hoe wij deze gaan behalen door vergunningverlening nauwer te betrekken in de huidige uitvoering en tevens voor te sorteren op een integraal VTH-beleidsplan. Hierin worden ook de clusters Buiten en Wonen & werken betrokken, om beleid op strategisch, tactisch en operationeel niveau in evenwicht te brengen.
Het uitvoeringsprogramma is ook afgestemd met:
Bij de uitvoering van onze taken stemmen we af met externe partijen:
Dit uitvoeringsprogramma VTH 2025 heeft betrekking op vergunningen, toezicht en handhaving op het gebied van:
Taken die zijn overgedragen aan externe partijen zoals de Omgevingsdienst Achterhoek (ODA) en de Veiligheidsregio Noord- en Oost Gelderland (VNOG) zijn niet in dit programma opgenomen. Deze partijen dragen zelf zorg voor het opstellen, uitvoeren, monitoren en evalueren van beleid en de daarbij behorende programma’s over de taken die aan hen zijn overgedragen.
De clusters Openbare Veiligheid, Toezicht & Handhaving en Omgeving werken samen met verschillende ketenpartners. Deze samenwerkingsverbanden worden in 2025 voortgezet en waar nodig versterkt wanneer dit bijdraagt aan de ambities en doelstellingen van de gemeente.
Om ondermijnende criminaliteit tegen te gaan wordt er samengewerkt met de politie, de ODA, de VNOG en het Regionaal Informatie en Expertise Centrum Oost Nederland (RIEC ON). Grotere casussen worden in brede samenwerking opgepakt om de beschikbare expertise optimaal te benutten. Door informatie met elkaar te delen ontstaat een compleet beeld over de situatie en maakt dat effectiever kan worden doorgepakt bij het optreden tegen verschillende vormen van criminaliteit. Voor de samenwerking tussen boa’s en politie hanteren wij als leidraad het handhavingsarrangement uit 2021 dat door de politie basisteam Achterhoek-Oost, het OM en de gemeente is vastgesteld.
De gemeente neemt ook deel aan Datalab Gelderland Oost (Datalab GO). Het doel van dit samenwerkingsverband tussen de gemeenten Aalten, Berkelland, Bronckhorst, Doetinchem, Lochem, Oost Gelre, Oude IJsselstreek en Winterswijk is om effectiever, data gedreven, te kunnen werken. De inzichten die hieruit worden gewonnen gebruiken wij om beleid op te stellen of bestaande programma’s bij te sturen.
Om onze ambities waar te maken en aan onze wettelijke taken te voldoen maken wij gebruik van het “infinity-model,” ook wel de ‘Big-8’ genoemd. Het model ondersteunt in het voorbereiden, uitvoeren, monitoren van VTH-taken en bestaat eigenlijk uit twee cycli die samen één geheel (een ꝏ of 8) vormen. De eerste cyclus is gericht op de beleidsvorming (strategisch) en de tweede cyclus gaat over het uitvoeren (operationeel).
1 Verbeelding beleidsmodel 'Big-8.' Gemeente Bronckhorst
De strategische cyclus formuleert de beleidskaders en geeft de prioriteiten aan. De taken worden inzichtelijk gemaakt samen met de beschikbare capaciteit. Op basis hiervan wordt een risicoanalyse gemaakt en worden doelstellingen vastgelegd. De operationele cyclus vertaald de doelstellingen verder richting thema’s en activiteiten om de doelen te behalen. Het maken van concrete en meetbare activiteiten is noodzakelijk om te monitoren en te kunnen evalueren of aan de taakstelling wordt voldaan en de doelen worden behaald. Met deze informatie kan zo nodig het beleid en de prioritering worden bijgestuurd, waarmee de planning en control cyclus continu wordt doorlopen.
Door de integrale benadering van onze VTH-taken in een nieuw uitvoeringsprogramma en de herijking van ons beleid worden de voorkant (vergunningverlening) en de achterkant (toezicht & handhaving) van onze dienstverlening beter op elkaar aangesloten. Met deze werkwijze bevorderen we het naleefgedrag en motiveren wij inwoners om actief met ons het gesprek aan te gaan.
Een initiatief wordt beoordeeld aan de geldende wet- en regelgeving, ons beleid en de speerpunten van de gemeente. Dit is het vertrekpunt voor onze dienstverlening. Mochten er zich onverwachte zaken of problemen voordoen, waar wij onder normale omstandigheden welwillend tegenover zouden staan, dan stellen wij ons actief op door mee te denken of door (betere) alternatieven voor te stellen. Worden wij niet betrokken bij het initiatief of komen wij voor ongewenste feiten te staan wanneer er bijvoorbeeld sprake van een niet vergunde, maar wel vergunningplichtige situatie, dan voeren we slechts een globale legalisatie toets uit op basis van de vigerende wet- en regelgeving. Blijkt dat legalisatie niet mogelijk is, dan treden we handhavend op.
In het geval van handhaving is het aan de initiatiefnemer om alle inzet te leveren om zicht op legalisatie te verkrijgen door een verzoek met bijbehorende documentatie bij ons in te dienen. Procedures om achteraf iets te repareren vragen onevenredig veel tijd en de extra kosten zijn uiteindelijk voor de hele gemeenschap. Dat is niet eerlijk en niet gewenst.
Wij zien initiatiefnemers als serieuze partners en daarbij hoort een passende verantwoordelijkheid voor de zorg voor de totstandkoming van het initiatief evenredig aan het algemeen belang. Samen maken we Bronckhorst, daar zetten wij ons voor in.
2.1. Wettelijke ontwikkelingen
Wet- en regelgeving is aan verandering onderhevig. Er worden nieuwe wetten gemaakt en bestaande wetten worden gewijzigd of ingetrokken. De belangrijkste veranderingen worden in dit hoofdstuk weergegeven. Wij benoemen daarbij wat de gevolgen voor ons zijn.
Sinds 1 januari 2024 is de Omgevingswet van kracht. Deze harmoniseert de verschillende regels over de (openbare) ruimte, wonen, infrastructuur, milieu, natuur en water en voegt deze samen tot één geheel. Het doel hiervan is om meer inzicht te hebben in de regelgeving en dat het voor inwoners eenvoudiger wordt om met de geldende regelgeving te werken en dat processen beter en sneller doorlopen kan worden. Daarbij moet het mogelijk worden om meer lokaal maatwerk te kunnen bieden voor de beoogde doelen in de fysieke leefomgeving.
De grote verandering van het (wet)systeem vraagt van ons en initiatiefnemers meer flexibiliteit, want of de praktijk werkt zoals de beoogde theorie het voorstelt moet nog blijken. Op dit moment lijkt de doelstelling van de nieuwe Omgevingswet niet te worden behaald, maar de toekomst zal dit verder uitwijzen.
We zijn nu bijna één jaar onderweg met de Omgevingswet. De eerste periode stond vooral in het teken van het afhandelen van initiatieven die nog waren ingediend onder de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht (Wabo). In het derde kwartaal van 2024 was te merken dat er minder aanvragen werden ontvangen, met name voor de activiteit bouwen. Initiatiefnemers moeten wennen aan het omgevingsloket en ook de complexiteit dat het combineren van verschillende regels tot één Omgevingswet met zich meebrengt.
2.1.2. Wet kwaliteitsborging voor het bouwen (Wkb)
Per 1 januari 2024 is de Wet kwaliteitsborging voor het bouwen (Wkb) actief. De Wkb moet ervoor zorgen dat de bouwkwaliteit wordt verbeterd. De Wkb maakt dat de gemeente niet langer verantwoordelijk is voor het toetsen van de bouwtechnische eisen van een bouwwerk. De toets op de bouwplannen door de gemeente verandert naar een toets tijdens het bouwproces door de onafhankelijke kwaliteitsborger. De kwaliteitsborger wordt hiermee verantwoordelijk voor het proces. Om deze wijziging goed door te voeren heeft de wetgever gekozen om de verantwoordelijkheid gefaseerd te verschuiven.
De laagste risicoklasse is gevolgklasse 1, dit zijn bijvoorbeeld eengezinswoningen en kleinere bedrijfspanden, maar voor verbouwactiviteiten geldt de Wkb vooralsnog niet. Er volgt nog een landelijke evaluatie na drie jaar en op basis van deze uitkomsten wordt bepaald hoe er wordt om gegaan met de hogere risicoklassen, zoals bibliotheken of onderwijsgebouwen (gevolgklasse 2) en voetbalstadions of ziekenhuizen (gevolgklasse 3).
2.1.3. Wet goed verhuurderschap en Wet betaalbare huur
Op 1 juli 2023 is de Wet goed verhuurderschap in werking getreden. Deze wet maakt meer mogelijk om onwenselijke gedragingen van verhuurders tegen te gaan. Denk hierbij aan het tegengaan van woondiscriminatie, intimidatie, onredelijke servicekosten of het vragen van een onredelijke hoge borg. Er zijn daarnaast specifieke regels in de wet opgenomen om de huisvesting van arbeidsmigranten te kunnen verbeteren.
Gemeenten zijn verantwoordelijk voor het toezicht en de handhaving van de algemene regels en verhuurvergunningen bij private verhuurders en verhuurbemiddelaars. Voor woningcorporaties ligt deze verantwoordelijkheid bij de Autoriteit Woningcorporaties. We zoeken niet proactief naar overtredingen, maar hebben een meldpunt opgezet en zullen hier in 2025 actief mee aan de slag gaan. We hanteren een piepsysteem en gebruiken informatie die we verkrijgen uit onze BRP-controles. Dit wordt steviger verankerd in het nieuwe beleid.
2.2. Maatschappelijke ontwikkelingen
2.2.1. Samenwerking bij taken zorg en veiligheid
Goede samenwerking tussen alle betrokken instanties is belangrijk voor een effectieve aanpak van zorg- en veiligheidskwesties. De gemeente neemt, in samenwerking met de politie en zorgverleners, regelmatig bestuurlijke maatregelen om onveilige situaties te beëindigen of te voorkomen. Een voorbeeld hiervan is een tijdelijk huisverbod (Wet tijdelijk huisverbod).
2.2.2. Participatieve samenleving
Wij vinden het belangrijk dat ideeën en plannen voor de leefomgeving zorgvuldig worden ontwikkeld. Het betrekken van belanghebbenden, waaronder omwonenden, is daar een belangrijk onderdeel van. Een goed participatieproces, een traject waaraan belanghebbenden deelnemen, ondersteunt bij het komen tot een beter plan. Dat komt doordat vragen en eventuele zorgen van belanghebbenden kunnen worden weggenomen of omgezet in creatieve oplossingen. En misschien is zelfs samenwerking mogelijk of kunnen ook andere problemen gelijktijdig worden aangepakt.
Vaak krijgen initiatieven breder steun als belanghebbenden vroeg zijn betrokken. Een initiatief met draagvlak, dat trouwens niet hoeft te betekenen dat iedereen het er mee eens is, draagt bij aan minder bezwaren achteraf.
Door de gemeente Bronckhorst wordt participatie gestimuleerd met het programma Samen maken we Bronckhorst. Dit is een stappenplan dat initiatiefnemers kunnen gebruiken om een goed participatietraject op te zetten. In gesprekken met initiatiefnemers wijzen we hen op dit kader en wat het voor hen betekent.
2.2.3. Complexere vraagstukken fysiek domein vragen om goede samenwerking
Maatschappelijke opgaven op gebied van woningbouw, duurzaamheid, netcongestie en stikstofdoelstellingen zijn steeds meer decentraal belegd. Deze opgaven worden integraal aangevlogen. Een goede samenwerking met de Omgevingsdienst Achterhoek (milieu), de VNOG (Veiligheidsregio Noord- en Oost-Gelderland), GGD/GHOR, de Provincie en het Waterschap is daarom enorm belangrijk. In voorkomende casuïstiek weten we elkaar goed te vinden, zowel bij vergunningverlening als bij toezicht en handhaving.
3. Vergunningen, Toezicht & Handhaving
Hieronder staat een overzicht van de beschikbare formatie binnen de clusters Omgeving en Openbare Veiligheid, Toezicht en Handhaving.
Op het moment van opstellen van het uitvoeringsprogramma is niet de volledige capaciteit gevuld met vaste medewerkers. Dit hangt samen met de organisatieontwikkeling “Vasthouden en Versterken” en het herijken van het beleidsplan. De vorderingen op deze onderwerpen maakt dat de daadwerkelijke capaciteit nog kan wijzigen.
3.2 Inzet capaciteit: prioriteit bepaalt volgorde en intensiteit
De beschikbare capaciteit zetten wij in op alle activiteiten, echter de prioritering bepaalt de volgorde en intensiviteit van onze inzet bij de uitvoering van onze taken. Het vastgestelde risicoprofiel uit ons beleidsplan is hiervoor het uitgangspunt, daarbij houden wij ook rekening met bestuurlijke aandachtsgebieden en nieuwe ontwikkelingen.
Er worden controles uitgevoerd bij het vermoeden van illegale situaties waar een melding van een inwoner aan ten grondslag ligt. Wanneer een overtreding wordt geconstateerd, treden wij handhavend op. Anonieme klachten en meldingen nemen we niet in behandeling, tenzij de inhoud van de melding hiertoe een aanleiding geeft. Hierbij moet gedacht worden aan brandveiligheid, asbest of mensenhandel en uitbuiting. Vaak komen dergelijke signalen binnen via de politie van het kanaal Meld Misdaad Anoniem (MMA-meldingen). We trekken in veel van deze gevallen op met ketenpartners.
Met de komst van de Omgevingswet zijn onze werkzaamheden veranderd. Er ligt nu meer verantwoordelijkheid bij de inwoner. Burgerparticipatie is nu nog belangrijker; het in gesprek gaan met elkaar. Wij kunnen ook voortvarender optreden, het is niet meer verplicht om na te gaan of een overtreding te legaliseren is. Deze verantwoordelijkheid ligt bij de overtreder en niet enkel bij het bevoegd gezag. Daar gaan we onze werkwijze op aanpassen.
We hebben een nieuw workflow managementsysteem (Rx.Mission) dat ons helpt om te standaardiseren en te uniformeren. Ook lukt het steeds beter om casuïstiek integraal te benaderen. De samenwerking met vergunningverlening is belangrijk, alleen zo kunnen we dezelfde boodschap vanaf het begin brengen en het beleid uniform tot het einde uitdragen.
De capaciteit die beschikbaar is voor de uitvoering van de hierboven genoemde projecten en acties is geborgd in de begroting.
Voor de VTH-taken is financiële dekking georganiseerd middels de programma begroting van 2025-2028. In dit uitvoeringsprogramma gaan wij uit van de personele capaciteit en overige middelen die daarin zijn vastgelegd.
De externe inzet van bijvoorbeeld de Omgevingsdienst Achterhoek (ODA), de GGD Noord- en Oost-Gelderland en de Veiligheidsregio Noord en Oost Gelderland (VNOG) afdeling Risicobeheersing, laten wij in het financiële gedeelte buiten beschouwing. Bij de uitvoering van het werk wordt intensief met de eerdergenoemde partijen samen gewerkt.
Wij voeren onze VTH-taken uit om onze speerpunten te waarborgen. Initiatieven worden beoordeeld aan geldende wet- en regelgeving en worden waar nodig integraal afgestemd. Wij werken risico gestuurd en hebben oog voor bestuurlijke aandachtsgebieden en nieuwe ontwikkelingen. In dit hoofdstuk leest u een uitwerking van de activiteiten die wij komend jaar uitvoeren.
4.5 Openbare Orde en Veiligheid
Kopieer de link naar uw clipboard
https://zoek.officielebekendmakingen.nl/gmb-2025-251533.html
De hier aangeboden pdf-bestanden van het Staatsblad, Staatscourant, Tractatenblad, provinciaal blad, gemeenteblad, waterschapsblad en blad gemeenschappelijke regeling vormen de formele bekendmakingen in de zin van de Bekendmakingswet en de Rijkswet goedkeuring en bekendmaking verdragen voor zover ze na 1 juli 2009 zijn uitgegeven. Voor pdf-publicaties van vóór deze datum geldt dat alleen de in papieren vorm uitgegeven bladen formele status hebben; de hier aangeboden elektronische versies daarvan worden bij wijze van service aangeboden.