Terinzagelegging concept Notitie Reikwijdte en Detailniveau (NRD) warmteprogramma

 

Het college van burgemeester en wethouders van Den Haag,

 

overwegende dat:

 

  • -

    het warmteprogramma beschrijft hoe de gemeente Den Haag de komende tien jaar de gebouwde omgeving aardgasvrij wil maken;

  • -

    de gemeente Den Haag de ambitie heeft om een aardgasvrije gemeente te zijn en hiervoor een warmteprogramma als opvolger van de transitievisie warmte (TVW, RIS313867) moet opstellen;

  • -

    het warmteprogramma een verplicht programma onder de Omgevingswet is;

  • -

    een programma onder de Omgevingswet mer-plichtig is wanneer het programma een kader vormt voor besluiten voor mer-(beoordelings)plichtige projecten (zie ook Omgevingswet artikel 16.36). Dit is het geval voor het warmteprogramma;

  • -

    de Notitie Reikwijdte en Detailniveau (NRD) de reikwijdte en het detailniveau van het milieueffectrapport (mer) voor het warmteprogramma beschrijft;

  • -

    met de daaropvolgende milieueffectrapportage (MER) de milieueffecten van een plan of project in beeld worden gebracht, voordat de overheid daar een besluit over neemt, om te verzekeren dat de milieubelangen een volwaardige plaats krijgen in de besluitvorming;

  • -

    de NRD een cruciale stap is om tot het verplichte milieueffectrapport (mer) te komen en de juiste afwegingen te maken op basis van milieueffecten. Het document is gebaseerd op bestaand beleid, zoals de transitievisie warmte (TVW) en de EFG-labelaanpak, en houdt rekening met de eisen van de Omgevingswet;

  • -

    de NRD ter inzage wordt gelegd en eenieder mag reageren op deze concept NRD van het warmteprogramma. Ook zal de commissie voor de milieueffectrapportage om haar visie worden gevraagd. In een nota van beantwoording zal de gemeente reageren op deze reacties en hierna deze NRD definitief vaststellen;

 

besluit:

in te stemmen met de concept Notitie Reikwijdte en Detailniveau warmteprogramma en deze ter inzage te leggen gedurende een periode van zes weken.

 

Den Haag, 3 juni 2025

Het college van burgemeester en wethouders,

 

de secretaris,

Ilma Merx

 

de burgemeester,

Jan van Zanen

 

 

Toelichting

 

Mer -procedure warmteprogramma

De Transitievisie warmte (TVW, RIS313867) uit 2023 stelt dat Den Haag de gebouwde omgeving aardgasvrij wil maken. Het warmteprogramma bouwt hierop voort en beschrijft welke wijken en buurten de komende tien jaar aardgasvrij worden gemaakt en hoe dit gebeurt, met een blik op duurzame warmteoplossingen voor de rest van de stad. Een programma onder de Omgevingswet is mer-plichtig wanneer het programma een kader vormt voor besluiten voor mer-(beoordelings) plichtige projecten (zie ook Omgevingswet artikel 16.36). Dit is het geval voor het warmteprogramma.

Het doel van de mer-verplichting is om milieubelangen een volwaardige plaats te geven in de besluitvorming rond het warmteprogramma. De Notitie Reikwijdte en Detailniveau (NRD) is de eerste stap in de mer-procedure voor het warmteprogramma. Het document, gebaseerd op bestaand beleid zoals de TVW en de EFG-labelaanpak (RIS316094), en houdt rekening met de eisen van de Omgevingswet. De NRD beschrijft de reikwijdte en het detailniveau van het milieueffectrapport (mer) voor het warmteprogramma. Het PlanMER biedt informatie over de milieueffecten van de warmtetransitie.

Het PlanMER van het warmteprogramma onderzoekt drie technieken: individuele oplossingen zoals warmtepompen, warmtenet met midden- en hoge temperatuur-bronnen, en Combinatie (Z)LT-warmtenet met individuele (of klein collectieve) elektrische warmtepompen. Deze technieken worden beoordeeld op milieueffecten, kosten en haalbaarheid.

De milieueffecten van gemeente brede alternatieven worden kwalitatief beoordeeld, ondersteund door indicatieve berekeningen. Vervolgens worden de milieueffecten per thema per gebiedstype onderzocht, met een voornamelijk kwalitatieve beoordeling, aangevuld met eenvoudige berekeningen, schattingen of kengetallen. De volgende milieuthema's komen aan bod in het PlanMER: geluid en trillingen, bodem, water, luchtkwaliteit, natuur en biodiversiteit, circulariteit, ruimtelijke kwaliteit, klimaatadaptatie, verkeer, archeologie en cultuurhistorie, en omgevingsveiligheid.

 

Landelijke PlanMER

Elke gemeente moet vanuit de Wgiw een warmteprogramma maken en hierdoor is (bijna) elke gemeente PlanMER-plichtig. Er wordt daarom gewerkt aan een nationale oplossingsrichting. Er komt naar alle waarschijnlijkheid een landelijke versie van een PlanMER die gemeenten kunnen verrijken met lokale informatie. Er is in dit geval nog steeds lokaal onderzoek nodig. De eerste stap in deze landelijke versie is een verkenning. Deze is rond de zomer afgerond. We hebben nauw contact met het National Programma Lokale Warmtetransitie en er is ons geadviseerd om nog steeds een eigen traject te volgen.

 

Inspraak

De inspraakperiode omvat een formele inspraaktermijn van 6 weken, van 9 juni tot en met 20 juli 2025. De kennisgeving van de inspraaktermijn wordt gepubliceerd in het Gemeenteblad.

 

De concept ‘Notitie Reikwijdte en Detailniveau Warmteprogramma’ is gedurende deze periode online ter inzage beschikbaar op www.denhaag.nl/bestuurlijkestukken via het RIS (RaadsInformatieSysteem) en op het Den Haag Informatiecentrum (in het atrium van het stadhuis), Spui 70 te Den Haag.

 

Eenieder kan zijn/hun reactie (zienswijze) tijdens de inspraakprocedure schriftelijk kenbaar maken bij de gemeente Den Haag door een e-mail te sturen naar het e-mailadres, dat in de concept ‘Notitie Reikwijdte en Detailniveau Warmteprogramma’ (6.1) wordt vermeld. Ook kunnen zienswijzen per brief of via een gesprek kenbaar worden gemaakt.

Na de inspraakprocedure zullen de ontvangen zienswijzen van een reactie worden voorzien in een afzonderlijke Nota van Beantwoording.

 

Naar boven