Gemeenteblad van Zevenaar
| Datum publicatie | Organisatie | Jaargang en nummer | Rubriek |
|---|---|---|---|
| Zevenaar | Gemeenteblad 2025, 248945 | algemeen verbindend voorschrift (verordening) |
Zoals vergunningen, bouwplannen en lokale regelgeving.
Adressen en contactpersonen van overheidsorganisaties.
U bent hier:
| Datum publicatie | Organisatie | Jaargang en nummer | Rubriek |
|---|---|---|---|
| Zevenaar | Gemeenteblad 2025, 248945 | algemeen verbindend voorschrift (verordening) |
Verordening Jeugdhulp gemeente Zevenaar 2025
In deze verordening en de daarop rustende bepalingen wordt verstaan onder:
draagkracht: de normale, dagelijkse hulp die ouder(s) en/of andere huisgenoten vanuit eigen kracht elkaar onderling kunnen bieden. Ouder(s)/verzorger(s) moeten de tot hun gezin behorende minderjarige kinderen verzorgen, opvoeden en toezicht op hen houden. Ook al is er sprake van een jeugdige met een ziekte, aandoening of beperking. Het betreft hulp op het gebied van persoonlijke verzorging, begeleiding en verblijf;
draaglast: wanneer de draaglast groter wordt dan de draagkracht ontstaan problemen. De weegschaal slaat door naar één kant. Dit kan gebeuren doordat er bijvoorbeeld veel in korte tijd gebeurt of het heel druk is, waardoor de draaglast groter wordt (zwaarder). Maar het kan ook zijn dat iemand moe of ziek is, waardoor zijn draagkracht vermindert. Resultaat is dat de eisen die gesteld worden groter zijn dan wat de persoon aan kan of denkt aan te kunnen;
Voor het gesprek verschaffen de jeugdige en/of zijn ouders aan het college alle overige gegevens en bescheiden die naar het oordeel van het college voor het onderzoek nodig zijn en waarover zij redelijkerwijs de beschikking kunnen krijgen. De jeugdige en/of zijn ouders geven in ieder geval een identificatiedocument als bedoeld in artikel 1 van de Wet op de identificatieplicht ter inzage.
Indien het college van oordeel is dat met het inzetten van een overige voorziening of een andere voorziening de noodzaak tot het verlenen van een individuele voorziening wordt weggenomen, en die overige of andere voorziening voor de jeugdige open staat, ziet het college af van het verlenen van een individuele voorziening.
Artikel 5 Deskundig oordeel, advies en voorbereiding van de besluitvorming
Het college treft voorzieningen waarmee is gewaarborgd dat het onderzoek en de voorbereiding van de besluitvorming via de gemeente op zorgvuldige wijze plaatsvindt, in het bijzonder door te voorkomen dat (medewerkers van) de organisatie die de jeugdhulp biedt of mogelijk gaat bieden, ook het advies geeft over het al dan niet toekennen van jeugdhulp of het daarop betrekking hebbende besluit neemt.
Indien naar het oordeel van het college het niet mogelijk is voor de jeugdige, het vervoer zoals bedoeld in het eerste lid te organiseren, dan kan het college jeugdwetvervoer verstrekken in het geval dat de jeugdige onvoldoende zelfredzaam is om zelfstandig te reizen of er een medische noodzaak voor (aangepast) vervoer is.
Artikel 7 Draagkracht en draaglast
Een individuele voorziening wordt niet verstrekt als naar het oordeel van het college uit het onderzoek blijkt dat de eigen mogelijkheden en het probleemoplossend vermogen van de jeugdige of zijn ouder(s) toereikend zijn om binnen de eigen mogelijkheden, zo nodig met inzet van het sociale netwerk of met ondersteuning van andere (hulpverlenende) instellingen, de hulp te bieden die passend is bij de hulpvraag van de jeugdige of zijn ouder(s).
Bij de beoordeling van de eigen mogelijkheden en het probleemoplossend vermogen, bedoeld in het eerste lid, neemt het college, gelet op het bepaalde in de artikelen 82 en 247, van Boek 1 van het Burgerlijk Wetboek, tot uitgangspunt dat de verantwoordelijkheid voor het gezond en veilig opgroeien van jeugdigen, ook als sprake is van psychische problemen of stoornissen, psychosociale problemen, gedragsproblemen of beperkingen, allereerst bij de ouder(s) zelf ligt en dat de hulp die daarvoor nodig is in beginsel ook door hen geleverd kan worden. Uit het onderzoek kan evenwel blijken dat de eigen mogelijkheden en het probleemoplossend vermogen van de ouder(s) tekortschiet, omdat sprake is van:
Bij de beoordeling van het vierde lid, onder c, wordt ook vastgesteld welke mogelijkheden de ouder(s) hebben om de overbelasting of dreigende overbelasting op te heffen, waarbij redelijkerwijs verwacht mag worden dat de ouder(s) maatschappelijke activiteiten beperken en betaalde arbeid verminderen of anders organiseren om overbelasting of dreigende overbelasting op te heffen. Hierbij houdt het college ook rekening met:
Het college verleent met inachtneming van het bepaalde in artikel 8.1.6 van de wet op verzoek van de jeugdige en/of ouders een pgb indien:
de jeugdige of zijn ouders/verzorgers zelf dan wel met hulp uit het sociale netwerk dan wel van een curator, bewindvoerder, mentor of gemachtigde in staat is tot een redelijke waardering van de belangen, en in staat kan worden geacht om de aan een pgb verbonden taken op verantwoorde wijze uit te voeren;
Als een jeugdige of zijn ouders in aanmerking komt voor een individuele voorziening en de ondersteuning zelf wenst in te kopen met een pgb, dan toetst het college door middel van het pgb plan als genoemd in artikel 4, elfde lid, of voldaan wordt aan de in de wet opgenomen voorwaarden. In dit plan wordt daarnaast opgenomen wie de voorgenomen uitvoerder van de individuele voorziening is, de wijze waarop de jeugdhulp uitgevoerd wordt en de kosten van de uitvoering, uitgedrukt in aantal eenheden en tarief.
Onverminderd het bepaalde in het eerste lid kan de jeugdige aan wie een pgb wordt verstrekt de jeugdhulp betrekken van een persoon die behoort tot het sociale netwerk, op voorwaarde dat door de jeugdige voldoende gemotiveerd is dat dit tot betere en efficiëntere ondersteuning leidt en doelmatiger is dan het betrekken van de jeugdhulp van een persoon buiten het sociale netwerk, gelet op:
Voor een pgb voor professionele hulp geldt dat de professional die de professionele hulp verleent voldoet aan de door Inkoop Sociaal Domein Centraal Gelderland gestelde eisen voor zorgaanbieders en de product specifieke eisen die aan de individuele voorziening gesteld worden. Deze eisen zijn te raadplegen op de website van Sociaal Domein Centraal Gelderland.
Artikel 9 De hoogte van een pgb
wordt bepaald op 90% van het laagst toepasselijke tarief voor een in de betreffende situatie goedkoopste, adequate en beschikbare individuele voorziening in natura die gecontracteerd is, tenzij op basis van het door de jeugdige en/ of zijn ouders ingediende pgb plan passende en toereikende jeugdhulp voor een lager tarief kan worden ingekocht;
Het college kan een pgb weigeren voor zover de kosten van de met het pgb in te kopen individuele voorziening hoger zijn dan 90% van de kosten van dezelfde goedkoopste gecontracteerde voorziening in natura. Het verschil tussen deze kosten wordt geacht te worden betaald door jeugdige en/of ouders/verzorgers.
Artikel 11 Nieuwe feiten en omstandigheden, herziening, intrekking en terugvordering
Onverminderd artikel 8.1.2 van de wet doet een jeugdige op verzoek of onverwijld uit eigen beweging aan het college mededeling van alle feiten en omstandigheden, waarvan hem redelijkerwijs duidelijk moet zijn dat deze aanleiding kunnen zijn tot heroverweging van een beslissing aangaande een individuele voorziening.
Als het college een beslissing op grond van het tweede lid, onder a, heeft herzien of ingetrokken en de verstrekking van de onjuiste of onvolledige gegevens opzettelijk heeft plaatsgevonden, kan het college van degene die opzettelijk onjuiste of onvolledige gegevens heeft verschaft geheel of gedeeltelijk het ten onrechte genoten pgb terugvorderen.
Artikel 12 Opschorting betaling uit het pgb
Het college kan de Sociale Verzekeringsbank gemotiveerd verzoeken te beslissen tot een gehele of gedeeltelijke opschorting van betalingen uit het pgb voor ten hoogste dertien weken als er ten aanzien van een jeugdige een ernstig vermoeden is gerezen dat er sprake is van een omstandigheid als bedoeld in artikel 8.1.4, eerste lid, onder a, d of e, van de wet.
Artikel 13 Maatregelen ter voorkoming en bestrijding van misbruik of oneigenlijk gebruik
Het college kan nadere regels vaststellen over de (reikwijdte van) taken en bevoegdheden van de gemeentelijke toezichthouder Jeugd (zie ook artikel 5:14 Awb). De toezichthouder is bij de uitoefening van zijn taak gebonden aan de regels zoals vastgelegd in de artikelen 5:11 tot en met 5:20 van de Awb.
Artikel 14 Kwaliteitseisen jeugdhulp
Artikel 15 Verhouding prijs en kwaliteit
Het college kan in bijzondere gevallen ten gunste van de jeugdige gemotiveerd afwijken van de bepalingen in deze verordening indien onverkorte toepassing daarvan leidt tot disproportionele onredelijkheid of onbillijkheid voor die jeugdige.
Artikel 17 Inspraak en medezeggenschap
Het college betrekt de ingezetenen van de gemeente, waaronder in ieder geval jeugdigen of hun vertegenwoordigers, onder andere via de Participatieraad Zevenaar, bij de voorbereiding van het beleid betreffende jeugdhulp overeenkomstig de krachtens artikel 150 van de Gemeentewet gestelde regels met betrekking tot de wijze waarop inspraak wordt verleend.
Het college stelt ingezetenen van de gemeente, waaronder in ieder geval jeugdigen of hun vertegenwoordigers, onder andere via de Participatieraad Zevenaar, vroegtijdig in de gelegenheid voorstellen voor het beleid betreffende jeugdhulp te doen, advies uit te brengen bij de besluitvorming over verordeningen en beleidsvoorstellen betreffende jeugdhulp, en voorziet hen van ondersteuning om hun rol effectief te kunnen vervullen.
Kopieer de link naar uw clipboard
https://zoek.officielebekendmakingen.nl/gmb-2025-248945.html
De hier aangeboden pdf-bestanden van het Staatsblad, Staatscourant, Tractatenblad, provinciaal blad, gemeenteblad, waterschapsblad en blad gemeenschappelijke regeling vormen de formele bekendmakingen in de zin van de Bekendmakingswet en de Rijkswet goedkeuring en bekendmaking verdragen voor zover ze na 1 juli 2009 zijn uitgegeven. Voor pdf-publicaties van vóór deze datum geldt dat alleen de in papieren vorm uitgegeven bladen formele status hebben; de hier aangeboden elektronische versies daarvan worden bij wijze van service aangeboden.