Mandaatbesluit opleggen 24-uurs verwijderingsbevelen

 

De Burgemeester van Zwolle

Overwegende

Gelet op titel 10.1 van de Algemene wet bestuursrecht en artikel 2:76 a Algemene Plaatselijke Verordening Zwolle 2024

 

Overwegende

 

- dat uit politiecijfers blijkt dat er in 2020 en 2021 sprake is van een toename van de geregistreerde overlast ten opzichte van 2019;

- dat de huidige inzet bij overlastgevende situaties niet in alle gevallen toereikend is om de overlast te doen stoppen;

- dat artikel 2:76 a van de Algemene Plaatselijke Verordening Zwolle 2024 mij de mogelijkheid biedt om in het belang van de openbare orde aan een of meerdere personen bevelen te geven om zich te verwijderen en verwijderd te houden uit een bepaald gebied en voor een aangegeven periode;

- dat de politie belast is met de handhaving van de openbare orde in de overlastgebieden en de handhaving van onder andere de APV;

- dat het gelet op de aanwezige problematiek gewenst is dat slagvaardig kan worden opgetreden en ter plaatse een bevel kan worden gegeven om zich uit het overlastgebied te verwijderen;

Gelezen het aanvullende advies van de politie, teamchef basisteam Zwolle van 12 mei 2025;

Besluit

1. mandaat te verlenen tot het op grond van artikel 2:76 a Algemene Plaatselijke Verordening Zwolle 2024 opleggen van verwijderingsbevelen voor een tijdvak van 24 uur aan ambtenaren van de politie, Eenheid Oost, voor zover deze dienst doen in gebieden die door het college zijn aangewezen op grond van artikel 2:48 Algemene Plaatselijke Verordening Zwolle 2024;

 

2. dat de bevelen uitsluitend kunnen worden gegeven bij overtreding van de volgende artikelen:

 

- Verboden drankgebruik (artikel 2:48 APV)

- Hinderlijk gedrag op openbare plaatsen (artikel 2:47 APV)

- Natuurlijke behoefte doen (artikel 4:8 APV)

- Verboden gedrag bij of in gebouwen (artikel 2:49 APV)

- Samenscholing en ongeregeldheden (artikel 2:1 APV)

- Hinderlijk gedrag in voor publiek toegankelijke ruimten (artikel 2:50 APV)

- Drugshandel (artikel 2:74 APV)

- Openlijk drugsgebruik (artikel 2:74a APV)

3. Dat de uitoefening van het mandaat plaats vindt overeenkomstig de bijgevoegde instructie;

4. Dat dit besluit op de dag na bekendmaking in het gemeenteblad in werking treedt.

 

Zwolle, 2 juni 2025

De burgemeester van Zwolle

P.H. Snijders

 

Instructie inzake oplegging 24-uurs verwijderingsbevel

 

NB: Waar in deze instructie wordt gesproken van gebied, wordt bedoeld het door de burgemeester aangewezen gebied, zoals dat staat omschreven in het bij de APV gevoegde besluit.

 

1. De volgende gedragingen in het gebied merk ik aan als ordeverstorende gedragingen, die kunnen worden beëindigd en voorkomen door oplegging van een bevel tot verwijdering uit het gebied voor de duur van 24 uur:

- Verboden drankgebruik (artikel 2:48 APV)

- Hinderlijk gedrag op openbare plaatsen (artikel 2:47 APV)

- Natuurlijke behoefte doen (artikel 4:8 APV)

- Verboden gedrag bij of in gebouwen (artikel 2:49 APV)

- Samenscholing en ongeregeldheden (artikel 2:1 APV)

- Hinderlijk gedrag in voor publiek toegankelijke ruimten (artikel 2:50 APV)

- Drugshandel (artikel 2:74 APV)

- Openlijk drugsgebruik (artikel 2:74a APV)

 

2. Het bevel wordt slechts gegeven indien het geven van waarschuwingen of verbaliserend optreden niet tot het gewenste resultaat heeft geleid

3. Het bevel wordt aan de betrokkene gegeven, onder mededeling van reden waarom het bevel is opgelegd en met uitreiking van een kaart van het betreffende gebied, evenals een overzicht waarop de gedragingen staan op grond waarvan een verwijderingsbevel kan worden gegeven.

4. Indien het woon/verblijfsadres of de plaats van legale werkzaamheden van betrokkene is gevestigd in het betreffende gebied, dient de tot het geven van dit bevel gemandateerde politieambtenaar op de uit te reiken kaart aan te geven van welke route betrokkene, in dit verband, door het gebied gebruik mag maken.

5. De teamchef van de politie houdt een registratie bij van de opgelegde verwijderingsbevelen, informeert mij wekelijks over de opgelegde verwijderingsbevelen en verstrekt tevens, in de situatie zoals bedoeld onder punt 3, een kopie van de kaart met daarop de door de gemandateerde politieambtenaar aangegeven route.

6. Ten aanzien van de ordeverstorende gedraging(en) wordt een rapportage opgemaakt waarin onder meer wordt opgenomen de plaats van de gedraging(en) en een omschrijving van de gedraging(en), zoveel mogelijk onder vermelding van relevante omstandigheden.

Naar boven