Wijziging Algemene subsidieverordening Den Haag 2020

 

de raad van de gemeente Den Haag,

 

gezien het voorstel van het college van 4 maart 2025,

 

gelet op artikel 149 van de Gemeentewet,

 

besluit vast te stellen de volgende Verordening tot wijziging van de Algemene subsidieverordening Den Haag 2020:

 

Artikel I

De Algemene subsidieverordening Den Haag 2020 wordt gewijzigd als volgt:

 

A In artikel 1 wordt de begripsomschrijving van ‘subsidieregeling’ vervangen door:

- subsidieregeling:

nadere regels als bedoeld in artikel 5 die zien op het verstrekken van subsidie;

 

B Artikel 3, tweede lid, komt te luiden:

 

  • 2.

    Per besluit verstrekt het college een subsidie voor een periode van maximaal vier achtereenvolgende jaren.

 

C Artikel 5 komt te luiden:

 

Artikel 5 Subsidieregelingen

Het college kan ter invulling of uitvoering van deze verordening nadere regels vaststellen.

 

D Artikel 7 wordt als volgt gewijzigd:

1 In artikel 7 vervalt het tweede lid onder vernummering van het derde en vierde lid tot het tweede en derde lid.

2 In het tweede lid wordt achter “subsidieplafond” en achter “verlaagd” een komma ingevoegd.

 

E Artikel 8 komt te luiden:

 

Artikel 8 De aanvraag subsidie

  • 1.

    De aanvrager dient de aanvraag voor een subsidie schriftelijk in bij het college. Als het college hiervoor een aanvraagformulier heeft vastgesteld, gebruikt de aanvrager dat formulier.

  • 2.

    De aanvraag om subsidie bevat de volgende gegevens:

    • a.

      een beschrijving van de activiteiten waar subsidie voor wordt aangevraagd;

    • b.

      zo concreet mogelijk de doelen en de resultaten die met de te subsidiëren activiteiten worden nagestreefd en hoe de activiteiten aan die doelen bijdragen;

    • c.

      de mate waarin de activiteiten gericht zijn op de gemeente of haar ingezetenen en op door de gemeente vastgestelde doelen of beleidsterreinen;

    • d.

      een begroting inclusief een dekkingsplan van de kosten van de activiteiten waar de subsidie voor wordt aangevraagd. Het dekkingsplan bevat een opgave van alle bij bestuursorganen, private organisaties of personen aangevraagde subsidies of vergoedingen ten behoeve van dezelfde activiteiten, onder vermelding van de stand van zaken daarvan;

    • e.

      als de aanvrager een onderneming is tevens een verklaring over ontvangen de-minimissteun (de-minimisverklaring);

    • f.

      het IBAN-nummer waarnaar de subsidie kan worden overgemaakt; en

    • g.

      een bewijs waaruit blijkt dat het IBAN-nummer op naam van de aanvrager staat.

  • 3.

    Een rechtspersoon die voor de eerste keer een subsidie aanvraagt die per boekjaar of boekjaren of voor meerdere kalenderjaren wordt verstrekt, voegt aan de aanvraag tevens toe: een kopie van de meest actuele statuten en het meest actuele uittreksel van de Kamer van Koophandel, alsmede het jaarverslag, de jaarrekening en de balans van het voorgaande jaar.

  • 4.

    De aanvraag om een subsidie van meer dan € 125.000,- per jaar, die per boekjaar of boekjaren of voor meerdere kalenderjaren wordt verstrekt, bevat tevens het meest recente jaarverslag, de meest recente jaarrekening, de meest recente balans die niet ouder is dan twee jaar, de liquiditeitsratio, de solvabiliteitsratio en een analyse op organisatie- en activiteitenniveau van de risico’s die zijn verbonden aan de uitvoering van de activiteiten voor de duur van de subsidieperiode.

  • 5.

    Bij subsidieregeling kan het college van de voorgaande leden afwijken.

     

F In artikel 9, eerste lid en artikel 12, tweede en derde lid wordt na “per boekjaar” ingevoegd: of voor meerdere kalenderjaren.

 

G In artikel 9, eerste lid, wordt “het jaar of de jaren” vervangen door: het kalenderjaar of de kalenderjaren.

 

H In artikel 10, eerste lid, wordt na “het kalenderjaar” ingevoegd: of de kalenderjaren.

 

I *In artikel 11, vierde lid, onderdeel b, wordt na “de openbare orde” ingevoegd: waarvan in ieder geval sprake is in geval van het aanzetten tot haat of discrimineren.

Na artikel 11, vierde lid, worden, onder verlettering van de onderdelen d tot en met i tot f tot en met k, nieuwe onderdelen ingevoegd, luidende:

  • d.

    als naar het oordeel van het college de kwaliteit van de beoogde activiteiten van de aanvrager niet of onvoldoende bijdragen aan de beleidsdoelstellingen;

  • e.

    als naar het oordeel van het college de aanvrager niet of onvoldoende in staat is om de activiteiten naar behoren uit te voeren.

 

J In artikel 13, tweede lid, vervalt “rekening en”.

 

K Na artikel 15 wordt een nieuw artikel 15a ingevoegd, dat luidt:

 

Artikel 15a Indexering

  • 1.

    Het college indexeert de subsidies die voor meerdere kalenderjaren worden verstrekt, met ingang van het tweede kalenderjaar waarop de subsidie betrekking heeft, jaarlijks op basis van de accressen van de Rijksoverheid, waarbij het loon- en prijscompensatiegedeelte wordt gebaseerd op het gewogen gemiddelde van de volgende indices van het Centraal Planbureau:

    • a.

      70% loonvoet sector overheid;

    • b.

      15% prijs bruto overheidsinvesteringen; en

    • c.

      15% prijs materiële overheidsconsumptie.

  • 2.

    Het college kan de wijze van indexering aanpassen indien de accressen die de Rijksoverheid toekent over het Gemeentefonds afwijken van het eerste lid.

  • 3.

    Bij subsidieregeling of de verleningsbeschikking kan het college afwijken van het eerste lid.

 

L Hoofdstuk 5 komt te luiden:

Hoofdstuk 5 Verantwoording en vaststelling na verlening

 

M Na artikel 16 wordt in hoofdstuk 5 een nieuw artikel 16a ingevoegd, dat luidt:

 

Artikel 16a Tussentijdse verantwoording bij subsidies voor meerdere kalenderjaren

  • 1.

    Onverminderd artikel 13, tweede lid, is de ontvanger van een subsidie die voor meerdere kalenderjaren is verstrekt verplicht per kalenderjaar tussentijds verantwoording af te leggen. De verantwoording over het laatste kalenderjaar wordt samen met de aanvraag tot vaststelling ingediend.

  • 2.

    De subsidieontvanger dient de tussentijdse verantwoording in uiterlijk op 30 april volgend op het kalenderjaar waarop de tussentijdse verantwoording ziet. Artikel 17, tweede lid, is van overeenkomstige toepassing.

  • 3.

    Bij de tussentijdse verantwoording wordt een inhoudelijk verslag en financieel verslag, als bedoeld in artikel 17, vierde en vijfde lid, ingediend. Bij verleende subsidies van meer dan € 125.000,- per kalenderjaar wordt aanvullend een controleverklaring als bedoeld in artikel 18, eerste lid, onder b, ingediend.

  • 4.

    Het college kan in de subsidieregeling of de verleningsbeschikking van de voorgaande leden afwijken.

 

N In artikel 17, eerste lid, wordt “dat volgt op het kalenderjaar” vervangen door: dat volgt op het kalenderjaar of het laatste kalenderjaar.

 

O In artikel 17, vierde lid, komt de aanhef te luiden:

 

  • 4.

    De aanvraag tot vaststelling bevat een inhoudelijk verslag dat ziet op de hele periode waarvoor de subsidie is verleend met:

 

P In artikel 17, vijfde lid, komt de aanhef te luiden:

 

  • 5.

    Indien de subsidieregeling of verleningsbeschikking dit voorschrijft bevat de aanvraag tot vaststelling tevens een financieel verslag dat ziet op de hele periode waarvoor de subsidie is verleend. Het financieel verslag is op dezelfde wijze ingericht als de bij de aanvraag om subsidie overgelegde begroting en bevat:

 

Q In artikel 18 aanhef en eerste lid wordt “€ 100.000,- ” vervangen door: € 125.000,-

 

R Artikel 21 komt te luiden:

 

Artikel 21 Vorming reserve of voorziening

  • 1.

    Bij een per boekjaar verstrekte subsidie kan het college, op aanvraag van de subsidieontvanger, bij het besluit tot vaststelling bepalen dat de subsidieontvanger het overschot geheel of gedeeltelijk aan een reserve of voorziening mag toevoegen.

  • 2.

    Bij subsidieregeling en bij een besluit als bedoeld in het eerste lid kan het college nadere eisen stellen aan het toevoegen van subsidie aan een reserve of voorziening.

     

S In artikel 27 vervalt het tweede lid alsmede de aanduiding “1.” voor het eerste lid.

 

Artikel II

Deze regeling treedt in werking met ingang van de dag na de datum van uitgifte van het Gemeenteblad waarin zij wordt geplaatst.

 

*Aldus geamendeerd vastgesteld in de openbare raadsvergadering van 22 mei 2025.

De griffier, Lilianne Blankwaard-Rombouts en de voorzitter, Jan van Zanen.

Naar boven