Gemeenteblad van Roosendaal
| Datum publicatie | Organisatie | Jaargang en nummer | Rubriek |
|---|---|---|---|
| Roosendaal | Gemeenteblad 2025, 227049 | beleidsregel |
Zoals vergunningen, bouwplannen en lokale regelgeving.
Adressen en contactpersonen van overheidsorganisaties.
U bent hier:
| Datum publicatie | Organisatie | Jaargang en nummer | Rubriek |
|---|---|---|---|
| Roosendaal | Gemeenteblad 2025, 227049 | beleidsregel |
Beleidsregels Bijzondere bijstand gemeente Roosendaal 2025
Burgemeester en wethouders van de gemeente Roosendaal;
gelet op de artikelen 4:81 van de Algemene wet bestuursrecht en 35 van de Participatiewet;
- het wenselijk is om kaders vast te stellen waarbinnen bijzondere bijstand kan worden verleend;
vast te stellen de beleidsregels Bijzondere bijstand gemeente Roosendaal 2025
HOOFDSTUK 1 Algemene bepalingen
In deze beleidsregels wordt verstaan onder:
De bijstandsnorm: de norm zoals bedoeld in artikel 5 onder c van de wet exclusief vakantietoeslag en met dien verstande dat de zogenaamde kostendelersnorm als bedoeld in artikel 22a van de wet bij de beoordeling van aanvragen bijzondere bijstand buiten toepassing blijft. In dat geval wordt aangesloten bij de bijstandsnorm zoals die van toepassing zou zijn wanneer er geen sprake zou zijn geweest van de kostendelersnorm;
HOOFDSTUK 2 Draagkracht- en toekenningsperiode
Artikel 3. Draagkracht uit vermogen
Het volgens artikel 34 van de wet in aanmerking te nemen vermogen wordt geheel in beschouwing genomen voor de draagkracht uit vermogen. De ‘Beleidsregels vermogensvrijlating Participatiewet voor motorvoertuigen en overige bezittingen gemeente Roosendaal zijn ook van toepassing op de vermogensvaststelling bijzondere bijstand.
Artikel 4. Draagkracht uit inkomen
Als het netto-inkomen van de belanghebbende hoger is dan 120% van de toepasselijke bijstandsnorm, wordt 35% van het overschrijdingsbedrag voor de berekening van de draagkracht uit inkomen in aanmerking genomen tenzij het een aanvraag voor bijzondere bijstand betreft voor de onder lid 3 genoemde kostensoorten.
Als de belanghebbende, niet zijnde een zelfstandige, een vast periodiek inkomen heeft, wordt bij de vaststelling van het inkomen uitgegaan van het inkomen van de maand voorafgaand aan de maand waarin de kosten zich voordoen. Als de belanghebbende wisselende inkomsten heeft, wordt uitgegaan van het gemiddelde inkomen over de drie maanden voorafgaand aan de maand waarin de kosten zich voordoen.
Ondanks dat de Wet op de Inkomstenbelasting de mogelijkheid biedt om bepaalde medische kosten als aftrekpost op te kunnen voeren, wat een lagere definitieve aanslag inkomstenbelasting tot gevolg kan hebben, wordt dit mogelijk recht op belastingvermindering -of teruggave buiten beschouwing gelaten bij de beoordeling van het recht op bijzondere bijstand.
Artikel 5 Draagkracht uit inkomen en vermogen van een zelfstandige
Als toepassing van lid 3 en 4 leidt tot een lager inkomen dan op basis van de door de Belastingdienst opgelegde Voorlopige Aanslag over het jaar waarin de aanvraag wordt gedaan, wordt het bruto-inkomen bedoeld in lid 3 en de overige bruto-inkomsten als bedoeld in lid 4 niet verminderd met het netteringspercentage, maar met het bedrag van de opgelegde Voorlopige Aanslag.
Van het bepaalde in lid 2 wordt afgeweken indien vooraf duidelijk is dat de noodzaak van de kosten zich korter voordoet dan de vastgestelde draagkrachtperiode. In dat geval wordt aansluiting gezocht bij de periode dat de kosten noodzakelijk zijn. Als het onduidelijk is hoe lang de kosten noodzakelijk zijn, wordt de bijzondere bijstand toegekend voor een periode van twaalf maanden.
Van het bepaalde in lid 2 wordt ook afgeweken als er sprake is van bijzondere kosten voor bewindvoering, curatele of mentorschap. In dat geval wordt de bijzondere bijstand toegekend zonder einddatum. Tenzij in de beschikking van de kantonrechter anders is bepaald. De draagkracht wordt na afloop van de draagkrachtperiode door middel van een hercontrole opnieuw vastgesteld.
Artikel 10. Draagkrachtverrekening
HOOFDSTUK 3 Overige bepalingen
Artikel 14. Hoogte van de bijstand
Voor zover niet anders is bepaald in de "Bijlage kostensoorten bijzondere bijstand", wordt de hoogte van de noodzakelijke kosten vastgesteld op maximaal de basis van de prijzengids van het Nationaal Instituut voor Budgetvoorlichting (Nibud). Voor zover de gevraagde kosten niet staan vermeld in deze gids, wordt de hoogte op individuele basis vastgesteld.
Artikel 16. Relatie collectieve zorgverzekering minima en bijzondere bijstand
In afwijking van het bepaalde in lid 1 wordt, in het kader van buiten wettelijk begunstigend beleid, bijzondere bijstand verstrekt voor de noodzakelijke bijzondere medische kosten als:
de belanghebbende deelneemt aan de collectieve zorgverzekering voor minima en naar het oordeel van het Werkplein Hart van West-Brabant de noodzakelijke bijzondere kosten hoger zijn dan de maximale vergoeding die op basis van de collectieve zorgverzekering voor minima kan worden verstrekt tenzij in de "Bijlage kostensoorten bijzondere bijstand" is bepaald dat voor de betreffende kosten geen bijzondere bijstand wordt verstrekt. De hoogte van de dan te verstrekken bijzondere bijstand wordt vastgesteld op het verschil tussen die noodzakelijke kosten en de maximale vergoeding op grond van de daadwerkelijke collectieve zorgverzekering voor minima;
De aanvrager vanwege redenen die buiten zijn beïnvloedingssfeer liggen en waarvan hem redelijkerwijs geen verwijt kan worden gemaakt nog geen gebruik kan maken van de collectieve zorgverzekering voor minima. De hoogte van de te verstrekken bijzondere bijstand wordt in dit geval vastgesteld op het bedrag van de noodzakelijke bijzondere kosten met als maximumbedrag het bedrag zoals genoemd in de vergoedingsoverzichten van de collectieve zorgverzekering met de laagste premie;
Deze beleidsregels kan worden aangehaald als 'Beleidsregels bijzondere bijstand gemeente Roosendaal 2025'.
De rechtsgevolgen van beschikkingen bijzondere bijstand welke zijn toegekend in de periode voorafgaand aan het tijdstip van inwerkingtreding van deze beleidsregels, blijven van kracht met dien verstande dat wanneer de nieuwe beleidsregels gunstigere bepalingen voor de belanghebbende bevat, de belanghebbende dan een nieuwe beschikking ontvangt, waarin vermeld wordt dat dan het nieuwe beleid prevaleert.
Als een aanvraag bijzondere bijstand is ingediend in de periode voorafgaand aan het tijdstip van inwerkingtreding van deze beleidsregels en er op die aanvraag nog geen besluit is genomen op het moment van inwerkingtreding van deze beleidsregels, geldt het voor de belanghebbende meest gunstige beleid.
Kopieer de link naar uw clipboard
https://zoek.officielebekendmakingen.nl/gmb-2025-227049.html
De hier aangeboden pdf-bestanden van het Staatsblad, Staatscourant, Tractatenblad, provinciaal blad, gemeenteblad, waterschapsblad en blad gemeenschappelijke regeling vormen de formele bekendmakingen in de zin van de Bekendmakingswet en de Rijkswet goedkeuring en bekendmaking verdragen voor zover ze na 1 juli 2009 zijn uitgegeven. Voor pdf-publicaties van vóór deze datum geldt dat alleen de in papieren vorm uitgegeven bladen formele status hebben; de hier aangeboden elektronische versies daarvan worden bij wijze van service aangeboden.