Verkeersbesluit instellen diverse verkeersmaatregelen Linnaeusstraat e.o. in Zandvoort

Nr. 2025/460111

 

 

Burgemeester en wethouders van de gemeente Zandvoort,

gelet op de Wegenwet, de Wegenverkeerswet 1994 (hierna: WVW 1994), het Reglement Verkeersregels en Verkeerstekens 1990 (hierna: RVV 1990), het Besluit Administratieve Bepalingen inzake het Wegverkeer (hierna: BABW) en de Uitvoeringsvoorschriften van het Besluit Administratieve Bepalingen inzake het Wegverkeer (hierna: Uitvoeringsvoorschriften BABW).

 

Overwegende:

dat de Linnaeusstraat gelegen is binnen de bebouwde kom van Zandvoort;

dat de Linnaeusstraat in beheer is bij de gemeente Zandvoort;

dat de Linnaeusstraat een weg is als bedoeld in artikel 18, lid 1 onder d van de WVW 1994;

dat gelet op bovengenoemd artikel het college van burgemeester en wethouders van Zandvoort bevoegd is verkeersbesluiten te nemen voor deze wegen;

dat de bevoegdheid voor het nemen van verkeersbesluiten door het college van burgemeester en wethouders van Zandvoort is gemandateerd aan het afdelingshoofd Beheer en Beleid Openbare Ruimte, waarbij ondermandaat is verleend aan de Teammanager bereikbaarheid;

dat de gemeentelijke wegencategorisering van Zandvoort is opgenomen in de Structuurvisie Openbare Ruimte (hierna: SOR);

dat deze categorisering aansluit op de categorisering, zoals bedoeld in het landelijke beleid Duurzaam Veilig;

dat de Linnaeusstraat voor het overgrote deel gecategoriseerd is als gebiedsontsluitingsweg binnen de bebouwde kom waarop een maximumsnelheid van 50 km/u geldt;

dat de verkeersfunctie op een gebiedsontsluitingsweg prevaleert boven de verblijfsfunctie;

dat de Kamerlingh Onnesstraat gecategoriseerd is als erftoegangsweg binnen de bebouwde kom waarop een maximumsnelheid van 30 km/u geldt;

dat de verblijfsfunctie op een erftoegangsweg prevaleert boven de verkeersfunctie;

dat de 30 km/u zone ingaat op de Linnaeusstraat op 20 meter vóór de bocht naar de Kamerlingh Onnesstraat;

dat de Linnaeusstraat tussen de Kamerlingh Onnesstraat en de Van Lennepweg een voorrangsweg betreft en voorzien is van de borden B1 van bijlage 1 van het RVV 1990;

dat een aantal B1 borden in het verleden gedeeltelijk verwijderd is;

dat de nog aanwezige B1 borden op de kruising Linnaeusstraat-Celsiusstraat, kruising Linnaeusstraat-Noorderduinweg en kruising Linnaeusstraat-Kamerlingh Onnesstraat eveneens verwijderd dienen te worden omdat deze niet langer van toepassing zijn in de huidige situatie;

dat gelet op bovengenoemde de voorrangsregeling, die refereert aan de oude situatie, over de Linnaeusstraat met de kruisende wegen volledig wordt opgeheven;

dat het gewenst is om het doorstromende karakter van de Linnaeusstraat te behouden;

dat op de betreffende kruisingen daarom wel een voorrangsregeling van kracht blijft door middel van de plaatsing van de borden B4 en B5 ‘voorrangskruispunt’ van bijlage 1 van het RVV 1990;

dat in de huidige situatie onduidelijkheid bestaat ten aanzien van de functie van het aanwezige verplichte fietspad op de Kamerlingh Onnesstraat langs de brandweerkazerne;

dat de brandweer in het verleden een extra uitrit op het verplichte fietspad verder ten zuiden van de aansluiting op de Kamerlingh Onnesstraat heeft gecreëerd;

dat het verplichte fietspad om die reden zijn huidige breedte dient te behouden;

dat door de breedte van het verplichte fietspad momenteel ook motorvoertuigen vanaf de Kamerlingh Onnesstraat dit fietspad oprijden terwijl dit een verplicht fietspad betreft;

dat daarom ter hoogte van de kruising met de Kamerlingh Onnesstraat een overrijdbaar middeneiland fysieke afscheiding wordt gerealiseerd om de verkeerssituatie voor alle weggebruikers duidelijker en veiliger te maken;

dat er gekozen wordt voor een overrijdbaar middeneiland zodat de uitrit van de brandweerkazerne bereikbaar blijft en de veiligheid voor fietsers gewaarborgd blijft door het voorkomen van obstakels op de fietsroute;

dat de brandweerkazerne voor fietsers vanaf de Kamerlingh Onnesstraat in de huidige situatie niet te bereiken is vanaf het fietspad aan de noordzijde van de weg;

dat om deze ongewenste situatie te voorkomen het fietspad langs de hoofdtoerit van de brandweerkazerne wordt ingericht als een tweerichtingsfietspad met bord G11 (verplicht fietspad) van bijlage 1 van het RVV 1990 met een onderbord OB505 (pijl in twee richtingen);

dat het overige deel van het fietspad langs de Linnaeusstraat/Kamerlingh Onnesstraat een eenrichtingsfietspad blijft, aangegeven met bord C2 (Eenrichtingsweg, in deze richting gesloten voor voertuigen, ruiters en geleiders van rij- of trekdieren of vee);

dat het verplicht fietspad langs de zuidzijde van de Linnaeusstraat vanaf de uitrit van de brandweerkazerne richting rotonde Van Lennepweg-Linnaeusstraat-Doctor Jacobus P. Thijsseweg een eenrichtingsfietspad blijft;

dat in huidige situatie, de kruising tussen het fietspad en de Kamerlingh Onnesstraat, een gelijkwaardige kruising betreft;

dat het wenselijk is om een voorrangsregeling in te stellen waarbij bestuurders op het verplichte fietspad voorrang moeten verlenen aan bestuurders op de Kamerlingh Onnesstraat;

dat hiermee de verkeersveiligheid en de doorstroming voor de verkeersdeelnemers en de hulpdiensten wordt gewaarborgd;

dat gelet op artikel 12 van het BABW voor het plaatsen van borden B4, B5, B6 en G11 van bijlage 1 van het RVV 1990 en het aanbrengen van haaientanden zoals bedoeld in artikel 80 van RVV 1990 een verkeersbesluit is vereist;

dat gelet op artikel 2 van de WVW 1994 de hiervoor benoemde verkeersmaatregelen strekken tot het verzekeren van de veiligheid op de weg en het in stand houden van de weg en het waarborgen van de bruikbaarheid daarvan;

dat gelet op artikel 2 van de WVW 1994 het zoveel mogelijk waarborgen van de vrijheid van het verkeer in het geding komt met uitvoeren van de hiervoor benoemde verkeersmaatregelen;

dat gelet op alle voorgaande overwegingen het zoveel mogelijk waarborgen van de vrijheid van het verkeer ondergeschikt is aan het verzekeren van de veiligheid op de weg en het in stand houden van de weg en het waarborgen van de bruikbaarheid daarvan;

dat gelet op artikel 24 van het BABW overleg is gevoerd met de gemandateerde van de politie;

dat de politie heeft ingestemd met de hierna genoemde verkeersmaatregelen.

 

Het besluit:

Het college van burgemeester en wethouders van Zandvoort besluit:

 

  • -

    door middel van het verwijderen van de verkeersborden B1 van bijlage 1 van het RVV 1990, de voorrangsweg op te heffen ter hoogte van de kruising Linnaeusstraat-Celsiusstraat, kruising Linnaeusstraat-Noorderduinweg en kruising Linnaeusstraat-Kamerlingh Onnesstraat;

  • -

    door middel van het verplaatsen van verkeersbord G11 van bijlage 1 van het RVV 1990 en het plaatsen van onderbord OB505, het fietspad langs de Linnaeusstraat/Kamerlingh Onnesstraat te verplaatsen ter hoogte van de kruising van de Kamerlingh Onnesstraat met de aldaar gelegen brandweerkazerne;

  • -

    door middel van het plaatsen van verkeersborden B4 en B5 van bijlage 1 van het RVV 1990 worden voorrangskruispunten ingesteld op de kruisingen Linnaeusstraat-Celsiusstraat, Linnaeusstraat-Noorderduinweg en Linnaeusstraat-Kamerlingh Onnesstraat;

  • -

    door middel van het plaatsen van verkeersbord B6 van bijlage 1 van het RVV 1990 en het aanbrengen van haaientanden als bedoeld in artikel 80 van het RVV 1990, een voorrangsregeling in te stellen op de kruising van de Kamerlingh Onnesstraat met het verplichte fietspad ter hoogte van de aldaar gelegen brandweerkazerne;

  • -

    door middel van het plaatsen van verkeersborden G11 van bijlage 1 van het RVV 1990, voorzien van onderbord OB505, een verplicht fietspad in te stellen ter hoogte van de kruising van de Kamerlingh Onnesstraat met de aldaar gelegen brandweerkazerne;

  • -

    door middel van het plaatsen van verkeersbord C2 van bijlage 1 van het RVV 1990, het fietspad langs de Linnaeusstraat/Kamerlingh Onnesstraat in te stellen als eenrichtingsfietspad ter hoogte van de kruising van de Kamerlingh Onnesstraat met de aldaar gelegen brandweerkazerne;

  • -

    een en ander overeenkomstig in de situatieschets.

     

 

Aldus vastgesteld op 6 mei 2025 te Zandvoort

Namens het college van burgemeester en wethouders van Zandvoort,

Melvin Werkhoven

Teammanager bereikbaarheid

 

Dit besluit treedt in werking na bekendmaking in het Gemeenteblad. Belanghebbenden kunnen binnen zes weken na publicatie van dit besluit in het Gemeenteblad bezwaar maken bij burgemeester en wethouders van Zandvoort, Postbus 2, 2040 AA te Zandvoort. Het bezwaarschrift moet de naam en het adres vermelden van degene die bezwaar maakt, zijn ondertekend en de datum vermelden waarop het is opgesteld. In het bezwaarschrift moet ook worden aangegeven tegen welk besluit bezwaar wordt gemaakt en waarom het bezwaar wordt gemaakt. Door het indienen van het bezwaarschrift wordt dit besluit niet opgeschort. Bij een spoedeisend belang kan degene die een bezwaarschrift heeft ingediend een voorlopige voorziening vragen aan de voorzieningenrechter van de rechtbank, sector bestuursrecht, postbus 1621, 2003 BR te Zandvoort. Bij het indienen van een verzoek om voorlopige voorziening moeten griffierechten worden betaald.

 

Naar boven