Tweede wijziging van de Beleidsregels bijzondere bijstand Rotterdam 2024

De directeur Maatschappelijke Ondersteuning van het cluster Maatschappelijke Ontwikkeling,

 

gelet op artikel 4:81, eerste lid, van de Algemene wet bestuursrecht en artikel 35, eerste lid, van de Participatiewet;

 

overwegende, dat het wenselijk is om de Beleidsregels bijzondere bijstand Rotterdam 2024 te wijzigen vanwege het vervallen van de verplichting om witgoedartikelen nieuw aan te schaffen;

 

besluit:

Artikel I  

De Beleidsregels bijzondere bijstand Rotterdam 2024 worden als volgt gewijzigd:

 

A.

 

Artikel 4.8 wordt als volgt gewijzigd:

  • 1.

    In het derde lid wordt ‘verplicht’ vervangen door ‘stimuleert’.

  • 2.

    Het vierde lid vervalt.

B.

 

Aan artikel 9.1, tweede lid, wordt toegevoegd: ‘Indien sprake is van witgoedartikelen, wordt bij de eigen verklaring tevens een aankoopbewijs overgelegd.’

 

C.

 

Artikel 9.2, vijfde lid, vervalt.

 

D.

 

In Bijlage 1 wordt het onderdeel ‘Witgoed’ in de tabel met het opschrift ‘Witgoed- en keukenproducten’ onder het kopje ‘Prijslijst inrichting – losse artikelen’ als volgt gewijzigd:

 

1.

De rij

 

 

Wasmachine (exl. aansluitkosten)

€ 450

 

wordt vervangen door:

 

 

Wasmachine

€ 450

2.

De volgende rij wordt toegevoegd:

 

 

Aansluitkosten witgoed

€ 60

Artikel II  

De toelichting op artikel 4.8, derde en vierde lid, in de Toelichting van de Beleidsregels bijzondere bijstand Rotterdam 2024, komt te luiden:

 

Het college hecht er aan goede voorlichting te geven. Aan belanghebbenden wordt voorlichting gegeven over de wijze waarop de tweedehands goederen gekocht kunnen worden.

 

Voor witgoedartikelen geldt dat advies wordt gegeven over de aanschaf van nieuwe en energiezuinige apparaten. Het college stimuleert de belanghebbende om bij verstrekking van bijzondere bijstand voor losse witgoedartikelen, dan wel bij verstrekking van bijzondere bijstand voor volledige (her)inrichting, nieuwe witgoedartikelen aan te schaffen.

 

Indien een aanvraag tussen de periode 1 mei 2024 en 6 januari 2025 is ingediend voor losse witgoedartikelen, of voor een volledig inrichtingspakket, dan is belanghebbende bij de aanvraag verplicht om middels een offerte of pro forma factuur aan te tonen welke witgoedartikelen aangeschaft zullen worden. Per ingang van 6 januari 2025 is belanghebbende verplicht om ten tijde van de bestedingscontrole een aankoopbewijs van de desbetreffende witgoedartikelen, inclusief de eigen verklaring te overleggen.

 

Indien in de periode 1 mei 2024 tot 6 januari 2025 het voor belanghebbende niet mogelijk was een offerte dan wel pro forma factuur te overleggen bij de aanvraag, dan kan de besteding van de bijzondere bijstand aan witgoedartikelen worden gecontroleerd aan de hand van het aankoopbewijs en de eigen verklaring.

Artikel III  

Dit besluit treedt in werking met ingang van de dag na de datum van uitgifte van het gemeenteblad waarin het wordt geplaatst en werkt terug tot en met 1 mei 2024.

Aldus vastgesteld op 8 mei 2025.

Het college van burgemeester en wethouders,

namens deze:

R.C. van As

Directeur Maatschappelijke Ondersteuning van het cluster Maatschappelijke Ontwikkeling

Toelichting  

In dit wijzigingsbesluit is een aantal artikelen aangepast. Zo is de werkwijze rondom het aanleveren van offertes en pro forma facturen bij de aanvraag van witgoedproducten aangepast. Voorheen werd aan een belanghebbende de verplichting gesteld om bij de aanvraag een offerte of pro forma factuur in te dienen. Dit bleek in de praktijk niet bij alle leveranciers mogelijk. Daarom is de werkwijze aangepast na een controle die achteraf plaats vindt. Vanaf 6 januari 2025 dient de belanghebbende bij een bestedingscontrole een aankoopbewijs en de eigen verklaring te overleggen. Deze werkwijze sluit beter aan op de huidige uitvoeringspraktijk. Verder zijn ook de aansluitkosten voor witgoed geëxpliciteerd.

 

Dit besluit behoeft geen overgangsrecht voor de situatie dat een belanghebbende in de periode van 1 mei 2024 tot 6 januari 2025 geen offerte of pro forma nota heeft ingediend, omdat het college in die gevallen altijd de vaste gedragslijn hanteerde dat achteraf het aankoopbewijs met een eigen verklaring kon worden aangeleverd. Ten slotte kan het besluit met terugwerkende kracht worden ingevoerd, omdat het nieuwe beleid gunstiger is dan het oude beleid.

 

Dit gemeenteblad ligt ook ter inzage bij het Concern Informatiecentrum Rotterdam (CIC): 010-267 2514 of bir@rotterdam.nl

Naar boven