Gemeenteblad van Dinkelland
| Datum publicatie | Organisatie | Jaargang en nummer | Rubriek |
|---|---|---|---|
| Dinkelland | Gemeenteblad 2025, 202448 | algemeen verbindend voorschrift (verordening) |
Zoals vergunningen, bouwplannen en lokale regelgeving.
Adressen en contactpersonen van overheidsorganisaties.
U bent hier:
| Datum publicatie | Organisatie | Jaargang en nummer | Rubriek |
|---|---|---|---|
| Dinkelland | Gemeenteblad 2025, 202448 | algemeen verbindend voorschrift (verordening) |
Financieel besluit maatschappelijke ondersteuning en jeugdhulp gemeente Dinkelland 2025
Burgemeester en wethouders van Dinkelland;
Gelet op de artikelen 4.9 derde lid, 4.11 tweede en achtste lid, 5.6 zesde lid, 5.7 zesde lid, 6.3 tweede lid en 7.2 eerste lid van de Verordening maatschappelijke ondersteuning gemeente Dinkelland 2025;
gelet op artikel 5.5 vijfde lid van de Verordening jeugdhulp gemeente Dinkelland 2025;
overwegende dat het gewenst is de bedragen die gelden en nadere regels vast te stellen ter uitvoering van deze verordeningen;
Financieel besluit maatschappelijke ondersteuning en jeugdhulp gemeente Dinkelland 2025
HOOFDSTUK 1 ALGEMENE BEPALINGEN
Artikel 1.1 Begripsomschrijvingen
Alle begrippen die in dit Financieel besluit worden gebruikt en niet nader worden omschreven, hebben dezelfde betekenis als in de Jeugdwet, de Wet maatschappelijke ondersteuning 2015 en de daarop gebaseerde lagere regelgeving, de Verordeningen Wmo 2015 en Jeugdhulp, de Nadere regels en de Algemene wet bestuursrecht (Awb).
HOOFSTUK 2 MAATSCHAPPELIJKE ONDERSTEUNING
Artikel 2.2 Huishoudelijke ondersteuning
Het persoonsgebonden budget dat wordt besteed aan een ondersteuner anders dan genoemd in het eerste lid, wordt vastgesteld op basis van het uurloon van de hoogste periodiek behorend bij hulp bij het huishouden van de geldende cao VVT te vermeerderen met vakantietoeslag en de tegenwaarde van de verlofuren. Vanaf 1 januari 2025 bedraagt dit € 20,99 per uur en vanaf 1 juli 2025 € 21,83 per uur.
Artikel 2.3 Begeleiding individueel
Het persoonsgebonden budget dat wordt besteed aan een niet-professional wordt vastgesteld op basis van het uurloon van de hoogste periodiek bij FWG30, volgens de geldende cao VVT te vermeerderen met vakantietoeslag en de tegenwaarde van de verlofuren. Vanaf 1 januari 2025 bedraagt dit € 24,40 en per 1 juli 2025 € 25,38 per uur.
Artikel 2.4 Groepsgerichte ondersteuning en vervoer
Het persoonsgebonden budget dat wordt besteed aan een professional of niet-professional die groepsgerichte ondersteuning individueel biedt, bedraagt niet meer dan het bedrag genoemd in het eerste of tweede lid. In de pgb-overeenkomst staat een tijdsindicatie op grond waarvan een uurloon wordt betaald maar niet meer dan het bedoelde bedrag per (geïndiceerd) dagdeel.
Artikel 2.5 Kortdurend verblijf
Het persoonsgebonden budget dat wordt besteed aan een professional of niet-professional die het kortdurend verblijf individueel biedt, bedraagt niet meer dan het bedrag genoemd in het eerste lid onder a of b. In de pgb-overeenkomst staat een tijdsindicatie op grond waarvan een uurloon wordt betaald maar niet meer dan het bedoelde bedrag per (geïndiceerd) etmaal.
Artikel 2.6 Financiële tegemoetkoming
De hoogte van de tegemoetkoming in de kosten bedraagt:
per 1 januari 2025 maximaal € 7.428 en per 28 februari 2025 maximaal € 7.673 gebaseerd op het bedrag van de Regeling minimumbijdrage verhuis- en inrichtingskosten bij renovatie. Het betreft de kosten in verband met het primaat van verhuizen als bedoeld in artikel 3.4, tweede lid, van de Verordening maatschappelijke ondersteuning gemeente Dinkelland 2025.
De financiële tegemoetkoming voor huurderving als bedoeld in artikel 4.11 tweede lid van de Verordening maatschappelijke ondersteuning gemeente Dinkelland 2025 bedraagt niet meer dan de werkelijke kosten tot een maximum van het huurbedrag waarvoor huurtoeslag kan worden toegekend. Daarbij geldt dat:
In de pilot met Mijande Wonen met betrekking tot het aanhouden van woningen voor inwoners met ernstige medische beperkingen geldt de volgende financiële tegemoetkoming voor Mijande Wonen voor huurderving als bedoeld in artikel 4.11 tweede lid van de Verordening maatschappelijke ondersteuning gemeente Dinkelland 2025 (enkel voor de looptijd van de pilot):
Artikel 2.7 Bezoekbaar maken van de woning
De maximale tegemoetkoming voor het bezoekbaar maken van de woning bedraagt € 1.500,00.
Artikel 3.2 Groepsgerichte jeugdhulp en vervoer
Het persoonsgebonden budget dat wordt besteed aan een professional of niet-professional die groepsgerichte jeugdhulp individueel biedt, bedraagt niet meer dan het bedrag genoemd in de bijlage bij dit besluit of het bedrag bedoeld in het vorige lid. In de pgb-overeenkomst staat een tijdsindicatie op grond waarvan een uurloon wordt betaald maar niet meer dan het bedoelde bedrag per (geïndiceerd) dagdeel.
Het persoonsgebonden budget dat wordt besteed aan een professional of niet professional die het wonen en verblijf individueel biedt, bedraagt niet meer dan het bedrag genoemd in de bijlage bij dit besluit of het bedrag bedoeld in het vorige lid. In de pgb-overeenkomst staat een tijdsindicatie op grond waarvan een uurloon wordt betaald maar niet meer dan het bedoelde bedrag per (geïndiceerd) etmaal.
Artikel 3.4 Vervoer groepsgerichte jeugdhulp en wonen en verblijf door ouders
Indien naar oordeel van het college het vervoer van de jeugdige niet binnen de eigen mogelijkheden en het probleem oplossend vermogen van de ouders valt en er sprake is van een noodzaak tot vervoer als bedoeld in artikel 2.3, tweede lid, van de Jeugdwet, dan kan het college aan de ouders een tegemoetkoming verstrekken voor het gebruik van:
Vastgesteld in het college van burgemeester en wethouders van Dinkelland van 6 mei 2025.
De secretaris,
Drs. C.H.A.A. Luttikhuis
de burgemeester,
J.G.J. Joosten
Bijlage tarieven ZIN en persoonsgebonden budget (jeugdhulp)
Toelichting Financieel besluit maatschappelijke ondersteuning en jeugdhulp
Dit besluit geeft invulling aan de delegatiebepalingen zoals opgenomen in de Verordening maatschappelijke ondersteuning gemeente Dinkelland 2025 en de Verordening jeugdhulp gemeente Dinkelland 2025. Het gaat voornamelijk om de bedragen die gelden in het geval de cliënt, ouders/jeugdige de geïndiceerde ondersteuning in de vorm van een persoonsgebonden budget (pgb) ontvangen. Bij diensten (Jeugdwet en Wmo 2015) gelden gedifferentieerde tarieven. Die zijn afhankelijk aan wie het pgb wordt besteed; een professional of niet-professional. Dit besluit bepaalt tevens in welke gevallen de hoogte van het pgb in het toekenningsbesluit bekend wordt gemaakt.
Hoofdstuk 1 Algemene bepalingen
Hoofdstuk 2 Maatschappelijke ondersteuning
In hoofdstuk 2 zijn de bepalingen neergelegd die betrekking hebben op besluiten die in het kader van de Wmo 2015 zijn genomen.
Artikel 2.1 Rolstoel, vervoersvoorziening en woonvoorziening
In dit artikel staan de regels over de hoogte van het pgb bij de genoemde hulpmiddelen. De hoogte van het pgb wordt in het toekenningsbesluit bekend gemaakt. Vaak gaat het om maandbedragen, namelijk wanneer de genoemde hulpmiddelen bij gecontracteerde aanbieders worden betrokken. Dit artikel regelt ook hoe het (maandelijkse) pgb afwijkend wordt vastgesteld in situaties waarin de cliënt het hulpmiddel aan wil schaffen of binnen de grenzen van de bestedingsvrijheid een ánder hulpmiddel wil aanschaffen. Bij aanschaf zal een maandelijks bedrag vaak niet toereikend zijn. Daarom kan worden voorzien in een éénmalig bedrag.
Artikel 2.2 Huishoudelijke ondersteuning
In dit artikel staan de pgb-bedragen genoemd voor huishoudelijke ondersteuning. Welk bedrag voor de vaststelling van de hoogte van het pgb van toepassing is, is afhankelijk van de derde aan wie het pgb wordt besteed. Het eerste lid gaat over professionals die in dienst zijn van een instelling. Het opgenomen bedrag is berekend volgens het percentage in de verordening. Het tweede lid regelt waar het pgb, dat wordt besteed aan anderen dan bedoeld in het eerste lid, op wordt gebaseerd. Dit conform de verordening.
Artikel 2.3 Begeleiding individueel
In dit artikel staan de gedifferentieerde bedragen genoemd voor begeleiding individueel. Welk bedrag voor de vaststelling van de hoogte van het pgb van toepassing is, is afhankelijk van de derde aan wie het pgb wordt besteed. In de begripsomschrijvingen staat wat onder een professional wordt verstaan. Personen uit het sociaal netwerk worden niet als professional aangemerkt.
Artikel 2.4 Groepsgerichte ondersteuning en vervoer
In dit artikel staan de gedifferentieerde pgb-bedragen genoemd voor groepsgerichte ondersteuning. Welk bedrag voor de vaststelling van de hoogte van het pgb van toepassing is, is afhankelijk van de derde aan wie het pgb wordt besteed. In de begripsomschrijvingen staat wat onder een professional wordt verstaan. Personen uit het sociaal netwerk worden niet als professional aangemerkt.
Het kan voorkomen dat de cliënt het pgb voor een groepsgerichte indicatie gaat besteden aan een professional of niet-professional) die de groepsgerichte ondersteuning individueel biedt. De SVB beoordeelt de overeenkomst tussen de cliënt en de derde op de geldende arbeidsrechtelijke aspecten staat de omvang van de uren genoemd én het uurloon. Dat zou betekenen dat de hoogte van het pgb in die gevallen per uur moet worden vastgesteld. Dat is niet in overeenstemming met de hoofdregel dat het college niet meer verstrekt dan de goedkoopst passende bijdrage als genoemd in de verordening; de hoogte van het pgb is daar een afgeleide van. Voor groepsgerichte indicaties in natura ontvangt het college een factuur voor die specifieke dienst en niet op basis van een tijdsindicatie per cliënt zoals dat bij individuele begeleiding en huishoudelijke ondersteuning het geval is. In de praktijk zou dat betekenen dat de cliënt tegen het afkeuren van de hiervoor bedoelde overeenkomst door de SVB in bezwaar moet gaan. Immers, het afkeuren van overeenkomst is een besluit (RBROT:2018:5866). Het college wil de cliënt echter niet opzadelen met het voeren van dergelijke juridische procedures. Daarom is in dit lid bepaald dat ook het college (actief) goedkeuring moet geven aan de pgb-overeenkomst die de cliënt aangaat met de derde. Daarin moet -eenvoudig gezegd- een tijdsindicatie en een uurtarief zijn opgenomen welke overeenstemt met maximaal het toepasselijke bedrag in dit lid.
Stelt het college de noodzaak van het vervoer vast, dan wordt de hoogte van het pgb bekend gemaakt in het toekenningsbesluit.
Artikel 2.5 Kortdurend verblijf
In het eerste lid onder a staat dat de hoogte van het pgb dat wordt besteed aan een professional wordt gebaseerd op de door het college goedgekeurde offerte. Het eerste lid onder b bepaalt het bedrag voor (kort gezegd) de niet-professionals. In het tweede lid bepaalt de dat als het kortdurend verblijf individueel wordt geboden, het pgb niet meer bedraagt dat wat is bepaald in het eerste lid. Het derde lid stelt daarom eisen aan de pgb-overeenkomst. Zie verder de toelichting bij artikel 2.4 derde lid van dit Besluit.
Artikel 2.6 Financiële tegemoetkoming
Spreekt voor zich, behoeft geen toelichting.
Artikel 2.7 Bezoekbaar maken van de woning
Het betreft een bijdrage in de kosten die vanuit de Wmo niet verplicht is, maar waartoe het college heeft besloten die toch mogelijk te maken.
Artikel 2.8 Ritbijdrage en Reserveringstoeslag
De genoemde ritbijdragen zijn afgeleid van de reguliere kosten die eenieder maakt voor het gebruik van Openbaar Vervoer. Ook staat in dit artikel de hoogte van de reserveringstoeslag.
Artikel 2.9 Tegemoetkoming meerkosten sportvoorziening
Het betreft een bijdrage in de kosten die vanuit de Wmo niet verplicht is, maar waartoe het college heeft besloten die toch mogelijk te maken.
In hoofdstuk 3 zijn de bepalingen neergelegd die betrekking hebben op besluiten die in het kader van de Jeugdwet zijn genomen.
Artikel 3.1 Individuele jeugdhulp
In dit artikel staan de gedifferentieerde bedragen genoemd voor individuele jeugdhulp. Welk bedrag voor de vaststelling van de hoogte van het pgb van toepassing is, is wel afhankelijk van de derde aan wie het pgb wordt besteed. In de begripsomschrijvingen staat wat onder een professional wordt verstaan. De bedragen die voor hen gelden staan in de bijlage bij dit besluit. Personen uit het sociaal netwerk, waaronder de ouders, worden niet als professional aangemerkt.
Artikel 3.2 Groepsgerichte jeugdhulp en vervoer
In deze leden staan de gedifferentieerde bedragen genoemd voor groepsgerichte jeugdhulp. Welk bedrag voor de vaststelling van de hoogte van het pgb van toepassing is, is afhankelijk van de derde aan wie het pgb wordt besteed. In de begripsomschrijvingen staat wat onder een professional wordt verstaan. De bedragen die voor hen gelden staan in de bijlage bij dit besluit. Personen uit het sociaal netwerk, waaronder de ouders, worden niet als professional aangemerkt.
Ook hier kan het voor komen dat de jeugdige/ouder(s) het pgb voor een groepsgerichte indicatie gaat besteden aan een professional of niet-professional die de ondersteuning individueel biedt. De hoogte van het pgb bedraagt niet meer dan het bedrag genoemd in het eerste en tweede lid. Het derde lid stelt regels aan de pgb-overeenkomst tussen de jeugdige/ouder(s) en de derde. Vergelijk verder uitgebreide toelichting bij artikel 2.4 derde lid van dit besluit.
Stelt het college de noodzaak van het vervoer vast, dan wordt de hoogte van het pgb bekend gemaakt in het toekenningsbesluit.
In deze leden staan de gedifferentieerde pgb-bedragen genoemd voor wonen en verblijf. Welk bedrag voor de vaststelling van de hoogte van het pgb van toepassing is, is afhankelijk van de derde aan wie het pgb wordt besteed. In de begripsomschrijvingen staat wat onder een professional wordt verstaan. De bedragen die voor hen gelden staan in de bijlage bij dit besluit. Personen uit het sociaal netwerk, waaronder de ouders, worden niet als professional aangemerkt.
Ook bij deze indicatie kan het voorkomen dat de jeugdige/ouder(s) het pgb gaat besteden aan een professional of niet-professional die het wonen en verblijf (logeren) individueel biedt. Het derde bepaalt dat het pgb ook dan niet meer bedraagt dan is bepaald in het eerste of tweede lid. Verder stelt het regels aan de pgb-overeenkomst tussen de jeugdige/ouder(s) en de derde. Vergelijk verder de uitgebreide toelichting bij artikel 2.4 derde lid van dit besluit.
Stelt het college de noodzaak van het vervoer vast, dan wordt de hoogte van het pgb bekend gemaakt in het toekenningsbesluit. De hoogte wordt vastgesteld op basis van ten minste één offerte bij de gecontracteerde vervoerders voor maatwerkvervoer.
Artikel 3.4 Vervoer groepsgerichte ondersteuning en wonen en verblijf door ouders
Afhankelijk van de individuele situatie kan het college zich op het standpunt stellen dat het vervoer van de jeugdige van en naar de locatie waar de jeugdhulp wordt geboden onder de eigen mogelijkheden en probleemoplossend vermogen valt als bedoeld in de wet en de verordening. Dat wil zeggen de ouders kunnen hun kind zelf brengen en halen. Is daar geen sprake van én stelt het college vast dat er een noodzaak is tot vervoer, dan kan aan ouders een tegemoetkoming in de kosten worden toegekend. De tegemoetkoming voor het gebruik van een (eigen) auto wordt daarbij gebaseerd op het belastingvrije tarief dat de Belastingdienst hanteert voor de vergoeding van reiskosten (woon-werkverkeer).
Kopieer de link naar uw clipboard
https://zoek.officielebekendmakingen.nl/gmb-2025-202448.html
De hier aangeboden pdf-bestanden van het Staatsblad, Staatscourant, Tractatenblad, provinciaal blad, gemeenteblad, waterschapsblad en blad gemeenschappelijke regeling vormen de formele bekendmakingen in de zin van de Bekendmakingswet en de Rijkswet goedkeuring en bekendmaking verdragen voor zover ze na 1 juli 2009 zijn uitgegeven. Voor pdf-publicaties van vóór deze datum geldt dat alleen de in papieren vorm uitgegeven bladen formele status hebben; de hier aangeboden elektronische versies daarvan worden bij wijze van service aangeboden.