Wijziging van de Subsidieregeling gemeente Delft 2024

Het college van burgemeester en wethouders van gemeente Delft;

 

Gelet op de Algemene subsidieverordening gemeente Delft 2024 (hierna ASV);

 

Overwegende dat het wenselijk is het hoofdstuk Duurzaamheid Delft te vervangen door:

 

Besluit:

Hoofdstuk 15 aan te vervangen door onderstaand hoofdstuk:

 

Artikel 15:1 Definities

In dit hoofdstuk wordt verstaan onder:

  • -

    Arbeidskosten: kosten van het verrichten van arbeid voor het aanbrengen van het isolatiemateriaal en de benodigde constructie door een installatiebedrijf;

  • -

    Collectieve inkoopactie: inkoopactie waarbij het Regionaal Energieloket afspraken maakt met erkende isolatiebedrijven en bewoners een aanbod van isolatiemaatregelen met een goede prijs-kwaliteitverhouding aanbiedt;

  • -

    Energielabel: een energielabel als benoemd in artikel 1.1, eerste lid, van het Besluit energieprestatie gebouwen;

  • -

    Materiaalkosten: kosten van nieuw isolatiemateriaal, bijvoorbeeld minerale wol, gespoten isolatieschuim, dubbel glas, en de benodigde constructie, bijvoorbeeld een nieuw raamwerk om het isolatiemateriaal tussen te klemmen;

  • -

    Rd-waarde: warmteweerstand van het isolatiemateriaal, uitgedrukt in m2K/W;

  • -

    Slecht geïsoleerde woning: slecht geïsoleerde woning als bedoeld in artikel 1, eerste lid van de Regeling houdende regels verstrekking specifieke uitkering aan gemeenten verduurzaming vereniging van eigenaars, woonverenigingen en wooncoöperaties;

  • -

    SMP: soortenmanagementplan waarin maatregelen, gedragsregels en afspraken zijn opgesteld voor een gebied om onder andere isolatiemaatregelen en soortenbescherming mogelijk te maken;

  • -

    U-waarde: warmtegeleiding van glas, uitgedrukt in W/m2K;

  • -

    VvE: Vereniging van Eigenaren als bedoeld in artikel 112, eerste lid, onderdeel e, van Boek 5 van het Burgerlijk Wetboek.

Artikel 15:2 Doel

Het doel dat met deze subsidie wordt beoogd is het laten uitvoeren van energiebesparende isolatiemaatregelen bij bestaande slecht geïsoleerde woningen in Delft.

 

Artikel 15:3 Doelgroep

Het college kan subsidie verstrekken aan:

  • a.

    woningeigenaren. Onder woningeigenaar wordt verstaan: de natuurlijk persoon die de woning, welke niet valt onder een Vereniging van Eigenaren, ten behoeve waarvan de subsidie wordt aangevraagd in eigendom heeft of krijgt en die daarin zelf hoofdverblijf heeft;

  • b.

    het bestuur van de VvE; het gaat hier om het bestuur van de VvE van woningen in een appartementencomplex, waarvan de VvE tenminste één eigenaar-bewoner bevat, ten behoeve waarvan de subsidie wordt aangevraagd;

  • c.

    woningeigenaren in een VvE waarvan in de Splitsingsakte en het modelregelement vermelden dat de woningeigenaar zelf mag verduurzamen, zonder goedkeuring van de VvE.

Artikel 15:4 Activiteiten en kosten die (niet) voor subsidie in aanmerking komen

  • 1.

    Het college kan uitsluitend subsidie verstrekken voor de energiebesparende isolatiemaatregelen en ventilatiemaatregelen die voldoen aan de minimale isolatiewaarden en minimale oppervlakte eisen zoals omschreven in titel 4.5 Investeringssubsidie duurzame energie en energiebesparing van de Regeling nationale EZK- en LNV-subsidies.

  • 2.

    Voor de VvE gelden voor het aanbrengen van de isolatie- en ventilatiemaatregelen de minimale isolatiewaarden en minimale oppervlakte eisen zoals omschreven in Subsidieregeling verduurzaming voor Vereniging van Eigenaars. Materiaal- en arbeidskosten komen voor subsidie in aanmerking.

  • 3.

    Niet voor subsidie in aanmerking komen:

    • a.

      isolatiemaatregelen die voor 1 januari 2024 zijn uitgevoerd;

    • b.

      isolatiemaatregelen bij een nieuwe op- of aanbouw van de bestaande woning;

    • c.

      maatregelen die verplicht zijn vanuit wet- of regelgeving, doordat ze bijvoorbeeld geëist worden in de bouwvoorschriften van het Bouwbesluit of regelgeving van de gemeente;

    • d.

      materiaalkosten of arbeidskosten enkel voor de afwerking, zoals onder meer gipsplaten en behang;

    • e.

      isolatie van de spouwmuur, tenzij er een vergunning is op grond van de Wet Natuurbescherming, bijvoorbeeld door een gebiedsvergunning met een SMP;

    • f.

      isolatie van het dak vanaf de buitenzijde, tenzij er vergunning is op grond van de de Wet Natuurbescherming, bijvoorbeeld door een gebiedsvergunning met een SMP.

Artikel 15:5 Aanvraag en aanvraagperiode

  • 1.

    Een aanvraag om subsidie via de Collectieve inkoopactie wordt ingediend bij het Regionaal Energieloket met gebruikmaking van het digitale aanvraagformulier ‘Subsidie voor isolatie via de collectieve actie’.

  • 2.

    Een aanvraag om subsidie buiten de Collectieve inkoopactie om wordt met behulp van een door het college vastgesteld aanvraagformulier digitaal ingediend bij het college.

  • 3.

    Indien de maatregelen als bedoeld in artikel 15:4 reeds zijn uitgevoerd, wordt in afwijking van artikel 9 van de ASV bij de aanvraag uitsluitend ingediend:

    • a.

      een beschrijving van de isolatiemaatregelen waarvoor de subsidie wordt aangevraagd;

    • b.

      een factuur inclusief bijbehorend betaalbewijs, waaruit blijkt dat het isolatiebedrijf is erkend conform artikel 15:7, tweede lid, onder b, indien de aanvraag buiten de collectieve inkoopactie om is gedaan; en

    • c.

      een bewijs van het energielabel van de woning of woningen waar de aanvraag betrekking op heeft of een overzicht van de slecht geïsoleerde schildelen;

    • d.

      een de-minimis verklaring, indien de aanvraag is gedaan door een VvE als bedoeld in artikel 15:3 onder b en er sprake is van ten minste één huurwoning in de VvE;

    • e.

      een splitsingsakte en modelreglement, indien de aanvraag is gedaan door een woningeigenaar als bedoeld in artikel 15:3 onder c.

  • 4.

    Indien de maatregelen als bedoeld in artikel 15:4 nog niet zijn uitgevoerd, wordt in afwijking van artikel 9 van de ASV bij de aanvraag uitsluitend ingediend:

    • a.

      een beschrijving van de isolatiemaatregelen waarvoor de subsidie wordt aangevraagd;

    • b.

      een bewijs van het energielabel van de woning of woningen waar de aanvraag betrekking op heeft of een overzicht van de slecht geïsoleerde schildelen;

    • c.

      een de-minimis verklaring, indien de aanvraag is gedaan door een VvE als bedoeld in artikel 15:3 onder b en er sprake is van ten minste één huurwoning in de VvE;

    • d.

      een splitsingsakte en modelreglement, indien de aanvraag is gedaan door een woningeigenaar als bedoeld in artikel 15:3 onder c.

  • 5.

    De aanvraag dient uiterlijk op 1 april 2028 ontvangen te zijn.

Artikel 15:6 Wijze van verlenen en vaststelling

  • 1.

    In afwijking van artikel 21, eerste en tweede lid, van de ASV, wordt de subsidie die op basis van artikel 15:5, eerste, tweede en derde lid wordt verleend, bij de verlening ambtshalve vastgesteld. Het college kan bij een subsidie die op basis van artikel 15:5, tweede en derde lid wordt verleend controleren of de gesubsidieerde activiteiten volgens de ingediende aanvraag zijn uitgevoerd, onder meer door het uitvoeren van een huisbezoek of het opvragen van bewijsstukken bij de aanvrager.

  • 2.

    Indien de subsidie op basis van artikel 15:5, tweede en vierde lid, wordt verleend, wordt bij de aanvraag tot vaststelling in afwijking van artikel 21 van de ASV bij het college ingediend:

    • a.

      de factuur voor de uitgevoerde maatregelen waaruit tevens blijkt dat het isolatiebedrijf erkend is conform artikel 15:7, tweede lid onder c;

    • b.

      een bijbehorend betaalbewijs.

  • 3.

    Het vastgestelde subsidiebedrag wordt betaalbaar gesteld aan het isolatiebedrijf indien sprake is van een aanvraag via de Collectieve inkoopactie als bedoeld in artikel 15:5, eerste lid.

Artikel 15:7 Subsidievoorwaarden en verplichtingen

  • 1.

    Subsidie voor activiteiten als bedoeld in artikel 15:4 kan uitsluitend worden verstrekken indien:

    • a.

      de woning in Delft is gelegen;

    • b.

      de woning een woonbestemming heeft op grond van het geldende bestemmingsplan;

    • c.

      de woning gebouwd is vóór 1992;

    • d.

      de woning een WOZ-waarde heeft van maximaal € 477.000 in het jaar 20 24. Indien sprake is van een aanvraag door het bestuur van een VvE in de zin van artikel 15:3, onder b, geldt dat deze maximale WOZ-waarde van toepassing is op ten minste 80% van de woningen waarop de aanvraag betrekking heeft;

    • e.

      sprake is van een slecht geïsoleerde woning.

  • 2.

    De subsidieontvanger is verplicht:

    • a.

      de activiteiten uiterlijk negen maanden na dagtekening van de verleningsbeschikking in zijn geheel te hebben laten uitvoeren;

    • b.

      de activiteiten uit te laten voeren door een erkend isolatiebedrijf. Een erkend isolatiebedrijf is een installatiebedrijf dat werkt volgens de voorschriften van en is aangesloten bij Natuurvriendelijk isoleren, alsmede dat tenminste één van de onderstaande keurmerken bevat:

      • -

        KOMO-keurmerk;

      • -

        SKG-IKOB certificering;

      • -

        Insula certificering;

      • -

        VENIN.

Artikel 15:8 Hoogte van de subsidie

  • 1.

    De hoogte van het subsidiebedrag voor de doelgroep als bedoeld in artikel 15:3 onder a en c is als volgt gerelateerd aan de WOZ-waarde in het jaar 2024:

     

    WOZ-waarde woning

    1 isolatiemaatregel

    2 of meer isolatiemaatregelen

    Bedrag

    Bedrag

    Bedrag

    t/m € 300.000,-

    € 1.250,-

    € 2.500,-

    t/m € 350.000,-

    € 800,-

    € 1.600,-

    t/m € 477.000,-

    € 600,-

    € 1.200,-

  • 2.

    De hoogte van het subsidiebedrag aan het bestuur van de VvE als bedoeld in artikel 15:3 onder b is:

    • a.

      Voor 1 isolatiemaatregel € 750,- per woning met een maximum van € 10.000,- per Vereniging van Eigenaren;

    • b.

      Voor 2 of meer isolatiemaatregelen € 2.000,- per woning met een maximum van € 100.000,- per Vereniging van Eigenaren.

  • 3.

    Bij het gebruiken van natuurvriendelijke isolatiematerialen, zoals beschreven in de Meldcodelijst Bio-based van de Rijksdienst voor Ondernemend Nederland bij de ‘Investeringssubsidie duurzame energie en energiebesparing’, komt er een bonus van € 170,- per maatregel bovenop de hoogte van de subsidie als bedoeld in het eerste en tweede lid, met een maximum bonus van € 340,- per woning en een maximum bonus van € 17.000,- per VvE.

Artikel 15:9 Subsidieplafond en verdeelsleutel

  • 1.

    Het subsidieplafond voor activiteiten als bedoeld in artikel 15:4 bedraagt € 150.000,- voor de aanvragen die zijn ontvangen in het kalenderjaar 2024 en € 865.000,- voor de aanvragen die zijn ontvangen in de kalenderjaren 2025 tot en met 2028 tezamen.

  • 2.

    Het college beslist op volgorde van ontvangst van de aanvragen. Als datum van ontvangst, geldt de datum waarop de aanvraag volledig is.

  • 3.

    Subsidie kan slechts worden verstrekt voor zover een budget beschikbaar is gesteld en voor zover dit budget toereikend is.

  • 4.

    In het geval een subsidie niet volledig kan worden verleend als gevolg van het overschrijden van het subsidieplafond, vindt verlening, in overleg met de subsidieontvanger, alleen plaats wanneer de activiteit met het nog beschikbare bedrag kan worden uitgevoerd.

Artikel 15:10 Aanvullende weigeringsgronden

In aanvulling op de weigeringsgronden genoemd in artikel 12 van de ASV en artikel 1.7 van deze regeling weigert het college de aanvraag indien de aanvrager direct of indirect middelen ontvangt uit het Volkshuisvestingsfonds.

Artikel II  

Dit besluit treedt in werking op de dag na bekendmaking in het elektronische gemeenteblad.

Aldus vastgesteld door het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Delft in de vergadering van 15 april 2025

Naar boven