Gemeenteblad van Asten
| Datum publicatie | Organisatie | Jaargang en nummer | Rubriek |
|---|---|---|---|
| Asten | Gemeenteblad 2025, 189037 | overige overheidsinformatie |
Zoals vergunningen, bouwplannen en lokale regelgeving.
Adressen en contactpersonen van overheidsorganisaties.
U bent hier:
| Datum publicatie | Organisatie | Jaargang en nummer | Rubriek |
|---|---|---|---|
| Asten | Gemeenteblad 2025, 189037 | overige overheidsinformatie |
Evaluatieverslag vergunningverlening, toezicht en handhavingstaken in de fysieke leefomgeving 2024
Op 30 januari 2024 is het Uitvoeringsprogramma Vergunningen Toezicht en Handhaving (VTH) 2024 vastgesteld (hierna: het uitvoeringsprogramma). In het uitvoeringsprogramma staan de beleidsuitgangspunten en doelen die we voor het lopende jaar op het gebied van vergunningverlening en toezicht en handhaving hanteren en welke prioritering we daarin hebben voorzien. In dit document wordt er verslag gedaan van de wijze waarop er in 2024 in de gemeente Asten uitvoering is gegeven aan de beschreven taken. Indien uit de evaluatie blijkt dat aanpassingen van het beleid noodzakelijk zijn dan wordt dat in dit document beschreven.
Het VTH-beleid 2024, het Uitvoeringsprogramma VTH 2024 en dit evaluatieverslag zijn verplichte documenten op grond van de inmiddels inwerking getreden Omgevingswet. De doelstelling van deze wet is als volgt beschreven:
|
Deze wet is, met het oog op duurzame ontwikkeling, de bewoonbaarheid van het land en de bescherming en verbetering van het leefmilieu, gericht op het in onderlinge samenhang:
|
Naast de doelstellingen uit de Omgevingswet zijn er ook doelstellingen geformuleerd in de Toekomstagenda Asten 2030 die betrekking hebben op de volgende maatschappelijke opgaven:
Op het moment dat taken omtrent vergunningen, toezicht en handhaving niet correct worden uitgevoerd dan kan dat grote gevolgen hebben voor het bereiken en in stand houden van bovenstaande doelstelling.
Het aantal vergunningen is afhankelijk van het aantal aanvragen waardoor het proces dan ook vraaggestuurd is. Daarnaast speelt de complexiteit van de aanvraag een belangrijke rol. Het uitvoeringsprogramma is dan ook met name gebaseerd op de cijfers uit het verleden én de verwachte ontwikkelingen. Op 1 januari 2024 is de Omgevingswet in werking getreden wat van invloed is geweest op de werkzaamheden.
De inzet van de capaciteit op het gebied van toezicht wordt gebaseerd op de risicoanalyse en de prioritering. Hoe hoger de prioritering hoe meer tijd er verhoudingsgewijs naar die taken gaan. Naast het toezicht op basis van de risicoanalyse en de prioritering vindt er ook toezicht plaats op basis van externe signalen zoals klachten, meldingen en handhavingsverzoeken. Ingekomen klachten en meldingen worden op basis van de vastgestelde prioritering opgepakt.
Als er een overtreding wordt geconstateerd dan wordt er een vervolgactie bepaald. De vervolgactie wordt bepaald aan de hand van de interventiematrix uit de landelijke handhavingsstrategie. Zwaarder gekwalificeerde overtredingen worden eerder en anders opgepakt dan minder zwaar gekwalificeerde overtredingen. Vervolgacties variëren van waarschuwen tot het toepassen van bestuursdwang of het opleggen van een last onder dwangsom.
De Omgevingsdienst Zuidoost-Brabant (ODZOB) en de Veiligheidsregio Brabant-Zuidoost (VRBZO) stellen jaarlijks een evaluatieverslag op waarin staat opgenomen welke taken er omtrent milieu (ODZOB) en brandveiligheid (VRBZO) zijn uitgevoerd. De uitvoering van deze taken staan niet beschreven in dit verslag. De jaarrapportage VTH-werkzaamheden 2024 van de ODZOB is als losse bijlage bij dit evaluatieverslag gevoegd. De verwachting is dat de VRBZO de jaarrekening pas in juli 2025 vaststelt waardoor deze niet als losse bijlage bij dit evaluatieverslag is toegevoegd.
Hoofdstuk 2 beschrijft enkele ontwikkelingen die in 2024 van invloed zijn geweest op de VTH-taken. Vervolgens staan in hoofdstuk 3 de resultaten en bevindingen omtrent vergunningen en toezicht en handhaving. Daarnaast wordt er ingegaan op de verschillen ten opzichte van het uitvoeringsprogramma en of de activiteiten hebben bijgedragen aan de beleidsdoelstellingen. Tot slot wordt er in hoofdstuk 4 ingegaan op de Uitvoerings- en Handhavingsstrategie.
In dit hoofdstuk wordt er ingegaan op verschillende ontwikkelingen van het afgelopen jaar die van invloed zijn geweest op de uitvoering van de verschillende VTH-taken.
Op 1 januari 2024 is de Omgevingswet in werking getreden. Dit heeft geleid tot een piek aan aanvragen eind 2023 omdat aanvragen ingediend vóór 1 januari 2024 onder het recht van de Wet algemene bepalingen omgevingswet (Wabo) afgehandeld worden. Deze aanvragen zijn in 2024 in behandeling genomen.
In 2024 is ervaring opgedaan met het werken volgens de Omgevingswet. Ook hebben wij onze VTH-processen waar nodig bijgesteld. Zo hebben wij onze processen in de loop van 2024 aangepast naar aanleiding van doorgevoerde wijzigingen in het DSO (informatieplichten stikstof en bouw- en sloopveiligheid worden los ingediend). Daarnaast zijn nieuwe omgevingswet-sjablonen opgesteld, welke in de loop van 2024 bijgesteld zijn als dat nodig was.
Ook is in 2024 het in 2022 vastgestelde ‘Adviesrecht gemeenteraad, de verplichte participatie en delegatie onder de Omgevingswet’ geëvalueerd. Gevolg van deze evaluatie is dat ons college eind 2024 het ‘Adviesrecht gemeenteraad, verplichte participatie en delegatie onder de Omgevingswet gemeente Asten 2025’ aan de gemeenteraad voorgelegd heeft. Besluitvorming door de gemeenteraad hierover heeft in 2025 plaatsgevonden.
In 2024 is besloten om het omgevingsplan gebiedsgericht aan te passen. Besloten is om woongebieden Asten als eerste op te pakken en af te ronden om vervolgens in 2025 een start te kunnen gaan maken met de andere gebieden. De werkzaamheden hiervoor zijn in 2024 gestart.
2.2 Wet kwaliteitsborging voor het bouwen (Wkb)
Per 1 januari 2024 is de Wkb in werking getreden. De Wkb wordt gefaseerd ingevoerd. In eerste instantie geldt de Wkb alleen voor nieuwbouw van eenvoudige bouwwerken (gevolgklasse 1). Met de invoering van de Wkb vindt er een verschuiving plaats van taken. Vanwege deze verschuiving zijn er in 2024 voorbereidingen getroffen zodat het werkproces bij aanvang van de wet juist is ingeregeld.
In de loop van 2024 zag je meer meldingen Wkb komen omdat er in 2024 nieuwe woningen binnen de gemeente Asten zijn gerealiseerd. Deze woningen vallen onder gevolgklasse 1 en zijn meldingsplichtig bij de gemeente. In 2024 werden veel bouwmeldingen ingediend, waarvan het merendeel compleet was, inclusief een borgings- en risicoplan. De werkprocessen waren vanaf het begin goed ingericht en zijn gedurende het jaar verder verfijnd. Er is regelmatig geëvalueerd welke aspecten van de werkprocessen nog verder geoptimaliseerd konden worden, met als doel de efficiëntie voor de casemanagers te verhogen.
Zowel 2023 als 2024 kenmerkte zich als een jaar met uitdagingen op het gebied van personeel. Gedurende het jaar is gebleken dat het lastig is om openstaande vacatures in te vullen met personeel in loondienst. Mede hierdoor is ervoor gekozen om personeel tijdelijk in te huren om zowel de capaciteit als de kwaliteit te waarborgen.
Voor het onderdeel ‘omgevingsvergunningen’ is de formatie volledig ingevuld (casemanagers en administratief). Eén van de casemanagers is in 2024 vanwege zwangerschaps- en ouderschapsverlof langdurig afwezig geweest. Een andere casemanager was in 2023 uitgevallen en hierdoor begin 2024 voor een beperkt aantal uren inzetbaar. In de loop van 2024 nam de inzetbaarheid toe.
Om deze afwezigheid op te vangen is tijdelijk gebruik gemaakt van een inhuurkracht. Daarnaast is gebruik gemaakt van een extern bureau welke aanvragen om omgevingsvergunning in behandeling nam.
Voor het onderdeel ‘APV/bijzondere wetten’ is ondersteuning ingehuurd voor de in 2023 gestarte nieuwe casemanager.
2.3.2 Leefbaarheid, Handhaving en Veiligheid
Binnen team LHV, meer specifiek toezicht en handhaving zijn er gedurende 2024 verschillende uitdagingen geweest wat betreft personeel. De teamleider LHV is in september 2024 vertrokken. Om dit op te vangen is er een teamleider ingehuurd. Daarnaast zijn er twee toezichthouders langdurig uitgevallen. Dit is deels opgevangen door de overige collega’s en er is gebruik gemaakt van een inhuurkracht. Bij juridische handhaving hebben er verschillende personele wijzigingen plaatsgevonden. Er is een jurist LHV langdurig afwezig waardoor er personeel is ingehuurd.
2.4 Kwaliteitscriteria vergunningverlening, toezicht en handhaving
De kwaliteitscriteria stellen eisen aan de kritieke massa die nodig is om de taken te kunnen uitvoeren. Het gaat daarbij onder andere over het aantal medewerkers, de deskundigheid en de ervaring. Jaarlijks dient er een evaluatie plaats te vinden over de naleving van de geldende kwaliteitscriteria. In 2024 heeft een extern bureau de evaluatie van de kwaliteitscriteria voor ons uitgevoerd. Uit de evaluatie blijkt dat aan de meeste deskundigheidsgebieden is voldaan. Dit komt omdat veel deskundigheidsgebieden zijn uitbesteed. Wat betreft deskundigheidsgebied Vergunningverlening Bouwen en RO (2) voldeden we in 2024 niet aan het opleidingsniveau voor complexe situaties. In 2024 zijn verschillende medewerkers gestart met AWB I en is de verwachting dat deze in 2025 wordt afgerond waarna gestart kan worden met AWB II. Voor deskundigheidsgebied Toezicht en Handhaving Bouwen en RO (4) gold eveneens dat we in 2024 niet voldeden vanwege de frequentie-eis. De gemeente Asten heeft te weinig werkaanbod voor de activiteiten bij dit deskundigheidsgebied om te kunnen voldoen aan de frequentie-eis. Dit komt ook deels door de inwerkingtreding van de Wkb. Het bouwtechnische toezicht is voor de nieuwbouw bouwwerken die vallen onder de gevolgklasse 1 geen taak meer van de gemeente. Dit betekent dat de gemeente Asten nog minder werkaanbod krijgt waardoor het lastig is de frequentie-eis te halen. De nadruk komt meer te liggen op het ruimtelijk deel. Voor het ruimtelijk deel heeft de gemeente Asten meerdere mensen die deze taak uitvoeren. Tot slot voldeden we in 2024 niet volledig aan deskundigheidsgebied Behandelen juridische aspecten handhaving (9) vanwege het ontbreken van ervaringsjaren. In 2024 vond er inhuur plaats van een ervaren jurist om de kwaliteit te waarborgen. In bijlage 1 zijn de resultaten per deskundigheidsgebied, schematisch weergegeven.
In de jaarrapportage gaat de ODZOB in op de kwaliteitscriteria. Hieruit blijkt het volgende: In 2024 is de ODZOB door een extern bureau getoetst op de Kwaliteitscriteria. De ODZOB is robuust als het gaat om expertise binnen de kwaliteitscriteria. Binnen 20 van de 27 deskundigheidsgebieden is genoeg kennis en kunde. De ODZOB geeft aan dat dit bovengemiddeld veel is ten opzichte van andere omgevingsdiensten in Nederland.
Binnen bepaalde deskundigheidsgebieden zijn samenwerkingsafspraken gemaakt met andere omgevingsdiensten. Voor 7 van 27 deskundigheidsgebieden wordt daarom voldaan. De deeltaken gericht op afval, binnen Vergunningverlening en toezicht milieu zijn nog onvoldoende in beeld gebracht. Dit is een verbeteractie.
2.5 Herzien uitvoerings- en handhavingsbeleid
In 2024 is, samen met een extern bureau, het VTH-beleid 2024 geëvalueerd. Deze evaluatie heeft ertoe geleid dat we, in afwijking van voorgaande jaren, geen VTH-jaarplan meer maken maar ervoor kiezen om een meerjarige Uitvoerings- en handhavingsstrategie op te stellen. Op 10 december 2024 heeft het college de Uitvoerings- en handhavingsstrategie VTH 2025-2028 en het Uitvoerings- en Handhavingsprogramma Fysieke Leefomgeving Gemeente Asten 2025 vastgesteld.
3. Evaluatie uitvoeringsprogramma
In dit hoofdstuk wordt er ingegaan op de cijfers van 2024, of de taken uit het uitvoeringsprogramma ook daadwerkelijk zijn uitgevoerd en in hoeverre deze taken hebben bijgedragen aan de beleidsdoelstellingen uit het Uitvoeringsprogramma VTH 2024.
3.2 Cijfers Toezicht en handhaving
De belangrijkste verschillen worden toegelicht in paragraaf 3.4.2.
|
Toezicht (n.a.v. klacht/melding, eigen constatering of handhavingsverzoek) |
||
|
||
|
||
|
||
|
||
|
||
|
Behandelen bezwaar, (hoger) beroep, voorlopige voorzieningen |
Bibob stond wel in het uitvoeringsprogramma maar komt niet terug in dit evaluatieverslag omdat dit onder het veiligheidsdomein valt. Verder staan in het uitvoeringsprogramma 2024 de hercontroles apart opgenomen. De hercontroles worden niet geregistreerd als zodanig waardoor deze zijn verwerkt in bovenstaande gerealiseerde aantallen en dus niet apart zijn benoemd. Mede gelet daarop komt het aantal over het algemeen iets hoger uit.
De Omgevingswet bepaalt in artikel 1.2 specifiek dat de fysieke leefomgeving onder andere het cultureel erfgoed omvat. Om het risico op beschadiging of zelfs sloop zo klein mogelijk te houden wordt er toezicht gehouden. Uit bovenstaande cijfers blijkt dat er 3 aanvragen/meldingen m.b.t. erfgoed zijn geweest. Na vergunningverlening vindt er regulier toezicht plaats op datgene wat vergund is. Daarnaast treden we ambtshalve op, op basis van signaleringen, meldingen, klachten. Indien de vrees bestaat dat een pand met culturele waarden in strijd met wet- en regelgeving wordt beschadigd dan wel gesloopt, treden wij hiertegen op middels een (preventieve) last. Op basis van deze evaluatie blijkt dat de registratie voor wat betreft toezicht verbeterd kan worden. Eind 2024 zijn we gestart met het in kaart brengen van de verbetermogelijkheden.
Bij aanvragen omgevingsvergunningen voor het onderdeel cultureel erfgoed is advies gevraagd aan de commissie ruimtelijke kwaliteit als het gaat om gebouwd erfgoed. De bemensing van deze commissie voert de ODZOB voor ons uit. Voor het onderdeel archeologie is bij aanvragen omgevingsvergunning advies gevraagd aan een onafhankelijke externe adviseur. Bij het uitvoeren van archeologisch onderzoek is voor het beoordelen van de eindresultaten inclusief het bezichtigen van de veldonderzoeken de onafhankelijk adviseur ingeschakeld.
3.4 Zijn de activiteiten uit het uitvoeringsprogramma uitgevoerd?
Uit de cijfers in paragraaf 3.1 en 3.2 blijkt dat de meeste activiteiten uit het uitvoeringprogramma zijn uitgevoerd. Hieronder worden de belangrijkste verschillen nader toegelicht.
Een aantal benamingen in het overzicht is aangepast ten opzichte van het Uitvoeringsprogramma 2024. De benamingen in bovengenoemd sluiten aan bij de huidige inrichting van ons zaaksysteem PowerBrowser. In de loop van 2024 constateerden we dit al. Vandaar dat we in het Uitvoerings- en Handhavingsprogramma Fysieke Leefomgeving Gemeente Asten 2025 andere benamingen gebruikt hebben.
In 2024 hebben we geen vooroverleg tot wijzigen van een omgevingsplan gevoerd met initiatiefnemers. De reden hiervan is dat we een planning gemaakt hebben om het Omgevingsplan gemeente Asten gebiedsgericht aan te passen. Dit heeft als gevolg dat wijzigingen van het omgevingsplan met een buitenplanse omgevingsvergunning (Bopa) plaatsvindt. Ook deze aantallen vallen lager uit als vooraf geraamd. De reden hiervoor is dat in 2023 ingediende principeverzoeken ingediend zijn, welke in 2024 afgerond zijn.
In het eerste en tweede kwartaal van 2024 zijn met name nog omgevingsvergunningen afgehandeld die nog onder de oude wetgeving zijn ingediend. In het tweede kwartaal van 2024 zagen we meer omgevingsvergunningen binnenkomen die onder de nieuwe wetgeving vielen. Dit vereiste extra tijd van de casemanagers, aangezien de wetgeving nieuw was en de relevante artikelen op een andere plaats waren geclassificeerd.
In 2024 zijn er minder omgevingsvergunningen voor de omgevingsplanactiviteit voor de bouwactiviteit (ruimtelijke deel) binnen gekomen dan verwacht. Dit kan komen omdat er in eind december van 2023 veel meel bouwaanvragen zijn ingediend om onder de oude wetgeving te vallen. Hierdoor zijn er in begin van 2024 minder omgevingsvergunningen binnen gekomen die betrekking hebben op de omgevingsplanactiviteit voor de bouwactiviteit.
De aantallen voor een omgevingsvergunning voor de technische bouwactiviteit zijn gebaseerd op voorgaande jaren. Onder de omgevingswet is meer vergunningsvrij gemaakt voor de bouwactiviteit. Daarnaast is het wijzigen van de brandcompartimentering een jaar lang vergunningsvrij geweest (dit is sinds 2025 weer vergunningplichtig). Vandaar dat het aantal omgevingsvergunningen voor een technische bouwactiviteit lager uit is gevallen.
In het uitvoeringsprogramma is opgenomen welke doelstellingen nagestreefd worden. Hieronder gaan we in op het behalen van de deze doelstellingen.
Een minimum percentage gegronde bezwaar-/ beroepschriften op een vergunning.
Van de 6 bezwaarschriften zijn er 5 ongegrond verklaard en 1 niet ontvankelijk. Aan de gestelde doelstelling van 20% van de bezwaar-/beroepschriften mag gegrond verklaard worden, wordt voldaan.
Team Vergunningen neemt bij een terugbelverzoek binnen 2 werkdagen contact op met betreffende klant.
Ons Klant Contact Centrum controleert de terugbelnotities. Vanwege ziekte/afwezigheid is het voorgekomen dat later als 2 werkdagen teruggebeld is. Dit is en blijft een aandachtpunt bij ziekte/langdurige afwezigheid.
Zoveel mogelijk vergunningen te verlenen binnen de wettelijke termijn.
Vanwege de komst van de Omgevingswet is de wettelijke beslistermijn van veel aanvragen 8 weken geworden, terwijl deze voorheen 26 weken was. Op 40 aanvragen is buiten de wettelijke beslistermijn beslist. Aan de doelstelling ‘maximaal 20 % van de aanvragen vindt het besluit plaats buiten de wettelijke beslistermijn’ is niet voldoen. Opvallend is dat veel procedures die in behandeling waren bij het ingehuurde externe bureau buiten de wettelijke beslistermijn verleend zijn. Eind 2024 is de samenwerking met dit bureau gestopt.
We maken inzichtelijk welke aanvragen we ontvangen.
In het werkproces is opgenomen dat de ontvangst van een aanvraag gepubliceerd wordt. Dit is een vast onderdeel van de werkverdeling.
We bevorderen de dialoog tussen de aanvrager en zijn omgeving.
De gemeenteraad heeft participatiebeleid vastgesteld voor de dialoog tussen de aanvrager en de omgeving. Het is helaas niet mogelijk gebleken om te monitoren of we in de door de gemeenteraad vastgestelde gevallen ook daadwerkelijk participatie heeft plaatsgevonden. Bij het opstellen van het uitvoeringsprogramma 2025 is hiermee rekening gehouden.
In 2024 is er meer toezicht gehouden op bewoning van recreatieterreinen. Ondanks dat er in het uitvoeringsprogramma 2024 rekening is gehouden met 100 controles is dit aantal ruimschoots overschreden. Voornamelijk is de overschrijding te verklaren vanwege de hercontroles die nodig waren om situaties inzichtelijk te maken. Als gevolg hiervan is er minder toezicht gehouden in de categorie “Toezicht omgevingsplan en/of bouwen – overig”. Vanwege de grootschalige omvang van een handhavingstraject zijn er ook minder PIT controles uitgevoerd.
Daarnaast is er een groot verschil waarneembaar bij het verwachte en gerealiseerde aantal toezicht ‘bouw’. Dit heeft te maken met de doorgemaakte verbeterslag rondom de wijze van registreren in het systeem. In het Uitvoerings- en handhavingsprogramma 2025 is deze wijziging reeds verwerkt.
Tot slot is er een verschil waarneembaar in de categorie “Toezicht en handhaving APV/Bijzonder wetten. In tegenstelling tot het uitvoeringsprogramma 2024 waarin een globale weergave staat van de uit te voeren werkzaamheden, is er uiteindelijk specifiek per thema geregistreerd.
Op dit moment zijn de voormalige bestemmingsplannen en de bruidsschat onderdeel van het omgevingsplan. Er wordt toegezien op de regels uit het omgevingsplan. Dit gebeurt ambtshalve, op basis van signalen en naar aanleiding van handhavingsverzoeken. Op het moment dat er in strijd wordt gehandeld met het omgevingsplan wordt hier in beginsel handhavend tegen opgetreden. Welke sanctie er wordt opgelegd is afhankelijk van de aard en ernst van de overtreding. Om de sanctie te bepalen wordt er gekeken naar de Landelijke Handhavingsstrategie Omgevingsrecht (LHSO). Uit de cijfers blijkt dat er verhoudingsgewijs veel toezicht wordt gehouden op regels uit het omgevingsplan. Hoewel cijfers van de juridische handhaving niet nader toegespitst zijn op het omgevingsplan, zijn de meeste besluiten gericht op het beëindigen en beëindigd houden van een overtreding uit het omgevingsplan.
3.4.4 Doelstellingen toezicht en handhaving
De volgende doelstellingen uit het uitvoeringsprogramma 2024 zijn het afgelopen jaar nagestreefd:
Toezicht en handhaving wordt zoveel mogelijk risicogericht en informatie gestuurd uitgevoerd:
Eerlijkheidshalve dient vermeld te worden dat het bovenstaande geen concreet doel is. In de recent vastgestelde Uitvoerings- en Handhavingsstrategie 2025 – 2028 zijn kwaliteitsdoelstellingen opgenomen, afkomstig uit de Verordening Uitvoering en Handhaving omgevingsrecht gemeente Asten 2024. Desalniettemin is in 2024 een aanzet gemaakt om de processen te optimaliseren en vast te leggen. Dit is een doorlopend proces waarbij er steeds gekeken wordt waar er verbeteringen mogelijk zijn.
Handhavingsverzoeken worden binnen de termijn behandeld.
In 2024 zijn er 7 handhavingsverzoeken binnengekomen. Eén verzoek is verdaagd, de rest is binnen de termijn afgehandeld.
Handhavingsbeschikkingen blijven in stand na bezwaar en (hoger) beroep.
In 2024 is slechts een handhavingsbesluit niet in stand gebleven na beroep. De overige besluiten zijn in stand gebleven of daarvan lopen de procedures nog.
3.5 Bijdrage aan beleidsdoelstellingen
Binnen de teams vindt er periodiek overleg plaats waarin onder andere gereflecteerd wordt op het proces en de werkwijze. Zaken die goed gaan worden benoemd en blijven hetzelfde. Eventuele verbeterpunten worden aangepakt en indien nodig worden er aanpassingen gedaan. Uitgangspunt daarbij blijft de doelstellingen uit het beleid. Op deze manier blijft de kwaliteit gewaarborgd en indien nodig wordt deze zelfs verbeterd. De conclusie is dan ook dat de activiteiten en het voortdurend verbeteren van de kwaliteit bijdragen aan de gestelde doelen uit het beleid.
Minstens eenmaal per jaar bezien we of het VTH-beleid dient te worden aangepast. Wat dat betreft kenmerkt 2024 zich als een jaar waarin we het VTH-beleid geheel hebben aangepast met als resultaat de U&HS 2025 – 2028. De U&HS sluit beter aan bij de opgaven uit de omgevingsvisie van de gemeente Asten doordat er in staat beschreven welke bijdrage het VTH-taakveld levert aan het bereiken van de gestelde opgaven. In tegenstelling tot het VTH-beleid 2024 staan in de U&HS meetbare kwaliteitsdoelstellingen. Daarnaast zijn de verbeterpunten vanuit het Interbestuurlijk toezicht van de provincie Noord-Brabant doorgevoerd in zowel de U&HS, de U&HP als in dit evaluatieverslag.
Onderstaand overzicht brengt in beeld aan welke deskundigheidsgebieden we voldoen en op welke gebieden we nog acties moeten uitvoeren.
Geel zijn deskundigheidsgebieden die zijn uitbesteed.
Groen zijn deskundigheidsgebieden waaraan we als gemeente voldoen.
Oranje/rood zijn deskundigheidsgebieden die aandacht behoeven.
Kopieer de link naar uw clipboard
https://zoek.officielebekendmakingen.nl/gmb-2025-189037.html
De hier aangeboden pdf-bestanden van het Staatsblad, Staatscourant, Tractatenblad, provinciaal blad, gemeenteblad, waterschapsblad en blad gemeenschappelijke regeling vormen de formele bekendmakingen in de zin van de Bekendmakingswet en de Rijkswet goedkeuring en bekendmaking verdragen voor zover ze na 1 juli 2009 zijn uitgegeven. Voor pdf-publicaties van vóór deze datum geldt dat alleen de in papieren vorm uitgegeven bladen formele status hebben; de hier aangeboden elektronische versies daarvan worden bij wijze van service aangeboden.