- 1.
In de bestrating van de Dorpsstraat herkent men in het midden de rijbaan en aan weers-zijden van de rijbaan een voetgangersgedeelte. Op het voetgangersgedeelte dient vanaf de gevel van de winkels te allen tijden een ruimte van ten minste 1.20 meter te worden vrijge-houden voor voetgangers.
|
- 1.
Vanaf de gevel van de bedrijven dient een ruimte van ten minste 1,20 meter te worden vrijgehouden voor voetgangers.
|
- 2.
Uitstallingen dienen, indien mogelijk op grond van sub 1, geplaatst te worden binnen de overgebleven ruimte tussen het voetgangersgedeelte en de rijbaan en hebben een afmeting van 1 meter in de lengte van de weg en een breedte van 0,80 meter.
|
- 2.
De uitstalling
heeft een afmeting van maximaal 1,00 meter in de lengte, maximaal 0,80 meter in de breedte en maximaal 2,00 meter in de hoogte.
|
- 3.
De uitstallingen moeten zich bevinden in een rechte lijn die direct tegen de rand van de rijbaan aan ligt.
|
- 3.
De uitstalling mag uitsluitend vóór en in lijn met de gevel van het bedrijf worden geplaatst.
|
- 4.
De uitstalling bevindt zich:
- -
niet op de afwateringen, zoals lijngoot of molgoot;
- -
- -
niet voor de entree/deur van een winkel;
- -
niet binnen 1 meter van het straatmeubilair;
- -
niet voor poorten en doorgangen;
- -
niet voor de ingang van een woning.
|
- 4.
De uitstalling bevindt zich:
- -
niet op de afwateringen, zoals lijngoot of molgoot;
- -
- -
niet voor de entree/deur van een bedrijf;
- -
niet binnen 1 meter van het straatmeubilair;
- -
niet voor poorten en doorgangen;
- -
niet voor de ingang van een woning.
|
- 5.
In het midden van de straat dient onder alle omstandigheden een strook van 4 meter vrij te blijven bestemd voor het autoverkeer, inclusief de hulpverleningsdiensten. Wanneer dit ertoe leidt dat een uitstalling niet op 1.20 meter uit de gevel kan worden geplaatst dan moet de uitstalling tegen de gevel aan worden geplaatst.
|
- 5.
In het midden van de straat dient onder alle omstandigheden een strook van 4 meter breed vrij te blijven bestemd voor het autoverkeer en de hulpverleningsdiensten. Wanneer dit ertoe leidt dat de uitstalling niet op 1,20 meter uit de gevel kan worden geplaatst, moet, in afwijking van regel 1, de uitstalling tegen de gevel aan worden geplaatst.
|
- 6.
De maximale hoogte van uitstallingen bedraagt 2 meter met uitzondering van reclameborden waarbij de totale constructie niet hoger mag zijn dan 1,50 meter.
|
|
- 7.
Verkoop vanaf de uitstalling is niet toegestaan.
|
- 6.
Verkoop vanaf de uitstalling is niet toegestaan.
|
- 8.
Uitstallingen mogen slechts gedurende de tijden waarop de winkel is geopend, op straat staan.
|
- 7.
De uitstalling mag slechts gedurende de tijden waarop het bedrijf is geopend, op straat staan.
|
- 9.
De aard van de uitstalling moet een relatie hebben met de in de winkel aangeboden waren of diensten.
|
- 8.
De aard van de uitstalling moet een relatie hebben met de in het bedrijf aangeboden waren of diensten.
|
- 10.
Uitstallingen mogen geen scherpe delen of gevaarlijke elementen bevatten.
|
- 9.
De uitstalling mag:
- -
geen scherpe delen of gevaarlijke elementen bevatten;
- -
niet worden verankerd in de weg;
- -
geen hinderlijk licht verspreiden of geluidsoverlast veroorzaken.
|
- 11.
Uitstallingen mogen niet worden verankerd in de weg.
|
|
- 12.
Uitstallingen moeten zodanig zwaar of verzwaard zijn dat ze niet kunnen omwaaien.
|
- 10.
De uitstalling moet zodanig zwaar of verzwaard zijn dat deze niet omwaait.
|
- 13.
Uitstallingen mogen geen hinderlijk licht verspreiden of geluidsoverlast veroorzaken.
|
|
- 14.
Kabels of leidingen van de winkels naar de uitstallingen zijn niet toegestaan.
|
- 11.
Kabels en/of leidingen van het bedrijf naar de uitstalling zijn niet toegestaan.
|
- 15.
De bereikbaarheid van de brandkranen in het winkelgebied Dorpsstraat dient gegarandeerd te zijn.
|
- 12.
De bereikbaarheid van de brandkranen dient gegarandeerd te zijn.
|
|
- 13.
Een bedrijf mag maximaal twee uitstallingen plaatsen.
|
|
- 14.
De openbare orde mag door het gebruik van de uitstalling niet worden verstoord en het publiek mag niet worden lastiggevallen.
|
|
- 15.
De eigenaar/gebruiker van de uitstalling is verplicht alle redelijkerwijs mogelijke maatregelen te treffen ten einde te voorkomen dat de gemeente Zoetermeer dan wel derden als gevolg van het gebruik van de uitstalling schade lijden.
|
|
- 16.
Alle aanwijzingen en bevelen van of vanwege de teamchef van politie, de commandant van de brandweer en/of van de handhavers van de gemeente Zoetermeer, gegeven in het belang van de leefbaarheid, de openbare orde en/of veiligheid, dienen stipt en onmiddellijk te worden opgevolgd.
|
|
Bovenstaande geldt niet voor daghandel zoals de bloemist of de groentehandel. Zij ontvangen een tekening waarbinnen de waren dienen te worden geplaatst.
|
Deze beleidsregel geldt niet voor daghandel zoals de bloemist of de groentehandel. Zij ontvangen een tekening waarbinnen de waren dienen te worden geplaatst.
|
|
Bij deze regels hoort een tekening waarop staat aangegeven voor welk gebied deze regels gelden en waar de uitstallingen zich moeten bevinden.
|
Bij deze beleidsregel hoort een tekening waarop staat aangegeven voor welk gebied deze regels gelden. Deze tekening is aangegeven in de met deze beleidsregel onverbrekelijk verbonden bijlage ‘Dorpsstraat’.
|