Het college van burgemeester en wethouders van Krimpen aan den IJssel;
gelet op het bepaalde in artikel 4:81, eerste lid, van de Algemene wet bestuursrecht en het bepaalde in artikel 5:6, tweede lid, van de Algemene Plaatselijke Verordening Krimpen aan den IJssel 2024;
besluit tot het vaststellen van de Beleidsregels ontheffing parkeren kampeermiddelen, aanhangers e.a.
Inleiding
Op grond van artikel 5:6 van de Algemene Plaatselijke Verordening Krimpen aan den IJssel 2024 (verder te noemen: APV) is het verboden een woonwagen, kampeerwagen, camper, caravan, magazijnwagen, aanhangwagen, keetwagen of een ander dergelijk voertuig dat uitsluitend of mede voor andere dan verkeersdoeleinden wordt gebruikt langer dan drie achtereenvolgende dagen te plaatsen of te hebben, op door het college aangewezen weg of weggedeelten.
Het college heeft in een aanwijzingsbesluit dat op 25 augustus 2022 is bekendgemaakt bepaald dat dit verbod van toepassing is op alle wegen binnen de bebouwde kom zoals bedoeld in artikel 1:1 van de APV.
Ontheffing van het verbod
In het tweede lid van artikel 5:6 van de APV is aan het college de bevoegdheid toegekend om ontheffing te verlenen van het verbod.
In het derde lid van artikel 5:6 van de APV is vastgelegd dat de ontheffing in elk geval wordt geweigerd indien het parkeren naar het oordeel van het college buitensporig is met het oog op de verdeling van beschikbare parkeerruimte of schadelijk voor het uiterlijk aanzien van de gemeente.
Het college acht het wenselijk om de volgende regels vast te stellen ter verduidelijking van de wijze waarop van deze bevoegdheid gebruik wordt gemaakt.