Verkeersbesluit – Instellen verplicht (brom)fietspad, Plein, Schijndel, gemeente Meierijstad.

Instellen van een verplicht (brom)fietspad, Plein te Schijndel en realisatie van een fiets-bromfietssluis.

 

 

 

 

Burgemeester en Wethouders van de gemeente Meierijstad:

 

Nummer besluit: 2827042

Gelet op:

  • de bepalingen van artikelen 2, 15 en 18 van de Wegenverkeerswet 1994 (hierna te noemen: Wvw 1994);

  • de bepalingen van artikelen 12 en 24 van het Besluit administratieve bepalingen inzake het wegverkeer (hierna te noemen: BABW);

  • de mandaatregeling van burgemeester en wethouders van Meierijstad dat de bevoegdheid voor het nemen van dit verkeersbesluit op grond van de geldende mandaatregeling is gemandateerd aan de medewerker verkeer van het atelier Openbaar Gebied;

  •  

Overwegende dat:

  • Plein te Schijndel binnen de bebouwde kom van Schijndel ligt en in eigendom, beheer en onderhoud is bij de gemeente Meierijstad;

  • aangrenzend aan Plein woningbouwlocatie, de Grote Braeck in voorbereiding is;

  • de verwachting is dat na realisatie van deze ruimtelijk ontwikkeling een grote hoeveelheid gemotoriseerd verkeer gebruik gaat maken van Plein te Schijndel;

  • dit onwenselijk is omdat deze weg een belangrijke schoolfietsroute is waar veel kwetsbare verkeersdeelnemers gebruik van maken;

  • daarom deze weg in het verleden al is ingericht als fietsstraat waar auto’s te gast zijn;

  • ter voorkoming van verkeersgevaarlijke situaties het gemotoriseerd verkeer in Plein zo veel mogelijk beperkt dient te worden;

  • dit gerealiseerd kan worden door instellen van een verplicht (brom)fietspad en realisatie van een fiets-bromfietsluis zoals afgebeeld op bijgevoegde situatieschets;

  • bovenstaande maatregel kan beteken dat automobilisten om moeten rijden;

  • deze nadelige gevolgen echter als ondergeschikt worden beschouwd ten opzichte van doelstellingen als het voorkomen of beperken van door het verkeer veroorzaakte overlast, het waarborgen van de verkeersveiligheid en de bruikbaarheid van de weg. Het college heeft daarom besloten dat bovengenoemde belangen op grond van artikel 2 van de WVW 1994 zwaarder wegen dan het belang van een mogelijke korte route voor automobilisten;

  • het treffen van een verkeersmaatregel bovendien een normale maatschappelijke ontwikkeling is waarmee een ieder kan worden geconfronteerd en waarvan eventuele nadelige gevolgen in beginsel voor rekening van betrokkenen behoren te blijven. Voor zover belanghebbenden nadelige gevolgen ondervinden van het verkeersbesluit zijn deze niet onevenredig in verhouding tot de met dit besluit te dienen doelen (artikel 3:4, lid 2, van de Algemene wet bestuursrecht;

  • bovengenoemde maatregelen worden genomen op basis van artikel 2 van de WVW 1994

    • lid 1: a. het verzekeren van de veiligheid op de weg;

    • lid 1: b. het beschermen van de weggebruikers en passagiers

    • lid 1: c. het in stand houden van de weg en het waarborgen van de bruikbaarheid daarvan;

  • het college van burgemeester en wethouders, overeenkomst artikel 18, lid 1 onder d van de WVW 1994, het bevoegd gezag is voor het nemen van dit verkeersbesluit en dat deze bevoegdheid op grond van de geldende mandaatregeling is gemandateerd aan de medewerker verkeer van het atelier Openbaar Gebied;

  • overeenkomstig artikel 24 van het BABW overleg is gevoerd met de gemachtigde van de korpschef van de Politie;

  •  

  • nemen, gelet op het voorgaande, de volgende

B E S L U I T E N:

  • 1.

    Instellen van een verplicht (brom)fietspad.

  • 2.

    Dit kenbaar te maken door plaatsing van borden G12a en G12b uit bijlage l van het RVV 1990 en realisatie van fiets-bromfietssluis, zoals aangegeven op de bijgevoegde situatieschets

  •  

Bijlagen:

  • Situatieschets

  •  

Veghel, 28 april 2025

Namens burgemeester en wethouders,

W. van de Schans

Medewerker verkeer

 

Bezwaar en voorlopige voorziening

Tegen dit besluit kunt u en kunnen andere belanghebbenden op grond van de Algemene wet bestuursrecht binnen zes weken na bekendmaking van dit besluit bezwaar aantekenen bij het college van burgemeester en wethouders , Postbus 10.001, 5460 DA te Veghel.

Het bezwaarschrift moet zijn gemotiveerd en ondertekend.

Als u het besluit wilt laten schorsen kunt u een voorlopige voorziening (schorsing) aanvragen bij de Voorzieningenrechter van de Rechtbank Oost-Brabant, sector bestuursrecht, Postbus 90125, 5200 MA ‘s-Hertogenbosch. Bij dit verzoek dient een afschrift van het ingediende bezwaarschrift te worden overgelegd. Voor het instellen van genoemd verzoek is een griffierecht verschuldigd.

U kunt ook digitaal een verzoek indienen bij genoemde rechtbank via www.loket.rechtspraak.nl/bestuursrecht

Naar boven