Gemeenteblad van Steenbergen
| Datum publicatie | Organisatie | Jaargang en nummer | Rubriek |
|---|---|---|---|
| Steenbergen | Gemeenteblad 2025, 182342 | overige overheidsinformatie |
Zoals vergunningen, bouwplannen en lokale regelgeving.
Adressen en contactpersonen van overheidsorganisaties.
U bent hier:
| Datum publicatie | Organisatie | Jaargang en nummer | Rubriek |
|---|---|---|---|
| Steenbergen | Gemeenteblad 2025, 182342 | overige overheidsinformatie |
JAARVERSLAG 2024 Vergunningverlening, toezicht en handhaving
Voor u ligt het jaarverslag Vergunningverlening, Toezicht en Handhaving (VTH) van de gemeente Steenbergen. Dit jaarverslag geeft inzicht in hoeverre de geformuleerde taken uit het Uitvoeringsplan VTH 2024 zijn uitgevoerd en in hoeverre deze activiteiten hebben bijgedragen aan het bereiken van onze doelstellingen. Artikel 13.11 van het Omgevingsbesluit stelt het verplicht om de uitvoering van de VTH-taken jaarlijks te evalueren.
Onze doelstellingen zijn opgenomen in het VTH-beleidsplan 2022-2025.
In dit jaarverslag komen de volgende taakvelden aan de orde, die uitsluitend betrekking hebben op het omgevingsrecht:
VTH-taken vinden primair plaats op basis van een jaarlijkse planning, opgenomen in het Uitvoeringsplan VTH 2024. Dit plan is op 23 januari 2024 vastgesteld door het college.
Binnen het taakveld is in voorkomende gevallen in overeenstemming met de vastgestelde landelijke handhavingsstrategie (LHSO) bestuurlijk, dan wel strafrechtelijk gehandhaafd.
De VTH-taken die door de Omgevingsdienst Midden- en West-Brabant (OMWB) zijn uitgevoerd, zijn opgenomen in bijgevoegde termijnrapportage 3 2024 van de OMWB. Het jaarverslag VTH met bijlage wordt aangeboden aan het college, de gemeenteraad en daarna aan Gedeputeerde Staten van de provincie Noord-Brabant.
Interbestuurlijk Toezicht (IBT)
Jaarlijks beoordeelt het IBT van de provincie Noord-Brabant de VTH-documenten, te weten het beleidsplan, het uitvoeringsprogramma en het jaarverslag. Het IBT geeft een oordeel over de tijdige bestuurlijke vaststelling en actualiteit van de VTH-documenten op basis van de Omgevingswet. Ook beoordelen zij de naleving van een selectie uit de procescriteria VTH op basis van de Omgevingswet met bijbehorende uitvoeringsbesluiten.
Het samenvattend eindoordeel omgevingsrecht over het jaar 2024 was dat de gemeente Steenbergen “voldoet”. Het eindoordeel op basis van punten was 91,18 (van de 100).
Ten aanzien van de jaarrapportage is als verbeterpunt aangegeven om de naleving van de kwaliteitscriteria VTH 2.3 voor de eigen organisatie en de omgevingsdienst te evalueren en daarover mededeling te doen aan de gemeenteraad. De evaluatie diende uitgevoerd te worden voor 1 september 2024, ter voorkoming dat onze gemeente onder actief toezicht (fase 3a) wordt geplaatst. De gevraagde evaluaties zijn op 28 augustus 2024 naar het IBT gezonden.
Middels dit jaarverslag wordt geëvalueerd in hoeverre de activiteiten hebben bijgedragen aan het bereiken van de gestelde doelen. In 2022 is een nieuw VTH beleidsplan opgesteld voor de jaren 2024-2025, waarbij de doelstellingen en de activiteiten om deze doelen te bereiken opnieuw zijn bepaald en SMART zijn geformuleerd. In dit jaarverslag over 2024 zal hiervan verslag worden gedaan.
Welke ontwikkelingen zijn er in het vakgebied? Hieronder staan de belangrijkste ontwikkelingen beschreven die een rol spelen in het VTH-vakgebied en van invloed zijn op de uitvoering van de VTH-taken. Dit zijn landelijke en lokale ontwikkelingen en zaken die doorlopen vanuit voorgaande jaren.
De komst van de Omgevingswet op 1 januari 2024 is de grootste ontwikkeling voor het VTH-werkgebied. De Omgevingswet bundelt 26 wetten in één wet voor het benutten en het beschermen van de fysieke leefomgeving. De wet beoogt regels te vereenvoudigen en meer in samenhang met elkaar te brengen, het versnellen en verbeteren van de besluitvorming rondom vergunningen en stimulering van een geïntegreerde benadering van de fysieke leefomgeving met ruimte voor lokaal maatwerk. De Omgevingswet heeft impact op alle lagen van de overheid. Zo zijn taken gedecentraliseerd van Rijk naar provincie en van provincie naar gemeente. Hierbij ontstaat ruimte voor het afwegen van lokale belangen in de regelgeving. Ambities voor de lange termijn legt de gemeente vast in de omgevingsvisie. Op basis hiervan worden regels opgesteld die vervolgens vastgelegd worden in het omgevingsplan.
Een andere ontwikkeling is de ingebruikname van het Digitaal Stelsel Omgevingswet (DSO). Hier worden alle relevante gegevens over de fysieke leefomgeving bij elkaar gebracht en inzichtelijk gemaakt voor bedrijf, burger en overheid. Vergunningen worden voortaan aangevraagd via het DSO. Ook meldingen worden daar ingediend. Kortere procedures en de nadruk op bestuurlijke samenwerking moeten het makkelijker en sneller maken om nieuwe initiatieven te starten.
Wet kwaliteitsborging voor het bouwen
Gelijktijdig met de Omgevingswet is ook de Wet kwaliteitsborging voor het bouwen (Wkb) in werking getreden. Met deze wet heeft het Rijk ingezet op een terugtredende overheid waarbij er meer verantwoordelijkheid komt te liggen bij private partijen. De bouwtechnische toets en het toezicht voor nieuwe bouwwerken in de laagste risicoklasse, zogeheten gevolgklasse 1, worden uitgevoerd door een private kwaliteitsborger en niet meer door de gemeente. De gemeente behoudt haar taken op het gebied van:
Bouwwerken in hogere risicoklassen - gevolgklasse 2 en 3 – vallen niet eerder dan 2028 onder de Wkb. Voor zowel deze bouwwerken als voor monumenten blijft de gemeente verantwoordelijk voor de ruimtelijke en bouwtechnische toetsing en het toezicht. Net als bestaande bouw en voor het verbouwen van bouwwerken. De Wkb geldt (vooralsnog) niet voor verbouwactiviteiten van bouwwerken in gevolgklasse 1.
Nieuwe criteria voor uniforme kwaliteit in VTH
De landelijke kwaliteitscriteria voor VTH zijn vernieuwd. De nieuwe criteria (versie 3.0) worden ingevoerd op 1 januari 2025. De kwaliteitscriteria hebben zowel betrekking op de kwaliteit van de organisatie (robuustheid van de taakuitvoering) als de kwaliteit van de medewerkers (kennis en ervaring). Voor de organisatie betekent dit dat er een sluitende beleidscyclus is, een inhoudelijke ondergrens en dat de taken belegd worden bij organisaties die continuïteit in de uitvoering kunnen garanderen. Op medewerkersniveau betekent dit o.a. dat voldoende deskundigheid en ‘vlieguren’ (frequente uitvoering) gevraagd worden om de taken adequaat uit te kunnen voeren.
Landelijke Handhavingsstrategie Omgevingswet
Met de komst van de Omgevingswet is ook de Landelijke Handhavingsstrategie (LHS) vernieuwd. Het is nu de Landelijke Handhavingsstrategie Omgevingswet (LHSO). In de kern is de strategie inhoudelijk hetzelfde en sluit het aan bij de Omgevingswet. De terminologie is geactualiseerd en de bestuurlijke boete toegevoegd. Verder is de relatie tussen bestuursrecht en strafrecht (nog) beter beschreven en geborgd.
Vanaf 1 juli 2023 is de Wet goed verhuurderschap (Wgv) van kracht. Deze wet geeft duidelijkheid aan verhuurders en verhuurbemiddelaars en biedt huurders bescherming: wat mag en wat mag niet? Sinds de invoering van de wet heeft de gemeente bevoegdheden gekregen om verhuurders aan te spreken als zij zich niet houden aan de algemene regels zoals gesteld in deze wet. Ongewenst verhuurgedrag is bijvoorbeeld te hoge servicekosten vragen, intimidatie en discriminatie en een huurovereenkomst niet schriftelijk vastleggen. De gemeente heeft daarom een meldpunt ingericht waar belanghebbenden zich kunnen melden voor klachten over ongewenst verhuurgedrag. Daarbij heeft de gemeente de taak gekregen om te handhaven bij verhuurders die zich niet houden aan de normen voor goed verhuurderschap.
In aanvulling op de landelijke regels kan de gemeente lokaal een verhuurvergunning voor reguliere woonruimte of voor huisvesting van arbeidsmigranten invoeren.
De Wet betaalbare huur (Wbh) is op 1 juli 2024 ingegaan. Het doel van deze wet is dat huurwoningen beter betaalbaar blijven. De verhoging van de liberalisatiegrens geeft huurders in het middensegment meer zekerheid en voorkomt dat woningen die qua kwaliteit thuishoren in het middensegment toch duur worden verhuurd. De Wet betaalbare huur vergroot de reikwijdte van de Wet goed verhuurderschap. Er zijn algemene regels opgesteld die toezien op de huurprijsbescherming. Het woningwaarderingsstelsel wordt daarmee dwingend. De Wbh regelt dat de gemeente vanaf 1 januari 2025 kan handhaven als verhuurders zich niet houden aan deze regels. Een huurder heeft vanaf die datum de mogelijkheid om een handhavingsverzoek in te dienen bij zijn gemeente. Bijvoorbeeld wanneer de huurder er met de verhuurder niet uitkomt of er redenen zijn om de Huurcommissie niet in te schakelen. Ook kan de gemeente zelf proactief optreden. Situaties waar het dan om gaat, zijn gericht toezicht in kwetsbare wijken of het ondersteunen van kwetsbare huurders die zich niet snel melden, zoals arbeidsmigranten. De gemeente kan handhavend optreden in samenloop met andere overtredingen van de Wet goed verhuurderschap. Bovenstaande zijn nieuwe taken voor de gemeente. In 2024 zijn er nog onvoldoende meldingen over misstanden of verzoeken ontvangen om inzicht te krijgen welke impact deze taken op de capaciteit hebben.
In 2020 is de gemeente Steenbergen voor de ICT huishouding overgegaan naar Equalit. Met de aangesloten Equalit-gemeenten is samengewerkt om te komen tot een VTH-applicatie, namelijk Centric Leefomgeving (CLO). De verwachting was dat deze applicatie in 2023 in gebruik zou worden genomen, maar dat is niet gelukt. Doelstelling was om de applicatie draaiend te hebben op het moment dat de Omgevingswet in werking treedt, op 1 januari 2024. Dit is gelukt. Werken binnen de Omgevingswet vraagt om een moderne aanpak en een heldere inrichting van vergunningverlening, toezicht en handhaving (VTH). Centric Leefomgeving ondersteunt ons bij het efficiënt en compliant uitvoeren van onze VTH-processen en sluit aan op het Digitaal Stelsel Omgevingswet (DSO).
In het beleidsplan VTH 2022-2025 zijn de doelstellingen voor de beleidsperiode 2022-2025 opgenomen, naast de primaire doelstelling, het bevorderen van naleving van wet- en regelgeving om een veilige, gezonde en schone fysieke leefomgeving te bereiken. In onderstaande tabel zijn deze doelstellingen opgenomen, met daarachter aangegeven wat wij daarvoor gaan doen en hebben gedaan.
In het beleidsplan VTH 2022-2025 zijn tevens de vijf activiteiten met de hoogste prioriteit weergegeven. In onderstaande tabel zijn deze activiteiten weergegeven, met daarachter een omschrijving van de activiteiten en wat wij hiermee hebben gedaan.
De milieutaken zijn ondergebracht bij de OMWB. Hiervoor wordt verwezen naar de bijlage: T3 rapportage OMWB januari tot en met december 2024 Gemeente Steenbergen.
Op 24 februari 2022 heeft de gemeenteraad van Steenbergen de 'Verordening uitvoering en handhaving omgevingsrecht' vastgesteld. Hierin is opgenomen dat de actuele kwaliteitscriteria van toepassing zijn op de uitvoering en handhaving van de betrokken wetten door of in opdracht van burgemeester en wethouders. Over de naleving van de kwaliteitscriteria wordt jaarlijks mededeling gedaan aan de gemeenteraad. Voor zover de kwaliteitscriteria niet zijn of konden worden nageleefd, doen burgemeester en wethouders daarvan gemotiveerd opgave. De actuele kwaliteitscriteria zijn in 2024 de Kwaliteitscriteria 2.3 voor vergunningverlening, toezicht en handhaving.
In 2024 heeft een evaluatie van de kwaliteitscriteria 2.3 plaatsgevonden. De conclusies van de evaluatie staan hieronder vermeld.
Conclusies evaluatie kwaliteitscriteria 2.3
2 deskundigheidsgebieden zijn uitbesteed aan een marktpartij (constructief en stedenbouwkundig bureau), 1 aan de Veiligheidsregio Midden- en West-Brabant (VRMWB (brandweer)), 1 aan een private/publieke partij (Monumentenhuis Brabant en stadsarcheoloog van gemeente Bergen op Zoom) en 1 deskundigheidsgebied is vervallen (Bouwakoestiek);
Omdat per 1 januari 2025 nieuwe kwaliteitscriteria 3.0 in werking treden, is in 2024 opdracht gegeven aan MasterMeester om een kwaliteitsmeting uit te voeren aan de hand van deze nieuwe kwaliteitscriteria. Doel hiervan is te weten of onze organisatie voldoet aan het kwaliteitsniveau dat is vastgesteld in de ‘verordening uitvoering en handhaving omgevingsrecht’, van 24 februari 2022. In de loop van 2025 worden de uitkomsten van deze kwaliteitsmeting verwacht.
Kwaliteitscriteria 2.3 Omgevingsdienst Midden- en West-Brabant (OMWB)
In de Jaarstukken 2024 heeft de OMWB in bijlage 1 aangegeven in hoeverre wordt voldaan aan de kwaliteitscriteria 2.3. De conclusies zijn hieronder opgenomen.
Conclusies evaluatie kwaliteitscriteria 2.3
Bij de actualisatie op de Kwaliteitscriteria in 2024 laat de OMWB zien voldoende robuust te zijn ten opzichte van de Kwaliteitscriteria.
Bij de actualisatie op de Kwaliteitscriteria in 2024 laat de OMWB zien, ten opzichte van de Kwaliteitscriteria 2.3, er goed voor staat. De organisatie is binnen 21 deskundigheidsgebieden erg robuust als het gaat om kennis en kunde ten opzichte van de Kwaliteitscriteria. Voor één deskundigheidsgebied dient de organisatie verbeteracties toe te passen. Op basis van de analyse op de kenniselementen wordt samen met de afdeling HRM een uitvraag gedaan naar de opleidingsmarkt. Omdat er nauwkeurig in beeld is gebracht wie wat nog moet doen, wordt hierop een efficiencyslag verwacht. Ook wordt er gekeken naar een mogelijke samenwerking met de partners. Daarnaast levert de OMWB voor het beoordelen van de frequentie een uitdraai: “Kritieke massa Frequentie geschreven uren OMWB” Dit geeft een goed en waarheidsgetrouw overzicht van de continuïteit ( frequentie).
Het e-portfolio Ditkanik.nu wordt door de medewerkers bijgehouden; (nieuwe) bewijsstukken en certificaten worden geüpload en gedeeld met de teammanager. Het vormt de basis voor ontwikkeling. Ook de medewerkers die niet onder een deskundigheidsgebied van de Kwaliteitscriteria vallen kunnen hun e-portfolio bijhouden en aanvullen. Verder zal de VTH-monitor onderhouden worden en mutaties doorgevoerd, zodat de OMWB blijvend kan aantonen te voldoen aan de Kwaliteitscriteria.
Het verlenen van omgevingsvergunningen en het toezicht hierop maakt deel uit van het cluster VTH. De functiescheiding tussen vergunningverleners en toezichthouders is daarbij strikt in acht genomen. Met andere woorden: in de planning en registratie is vastgelegd dat een verleende vergunning niet door dezelfde medewerker wordt gecontroleerd.
De ureninzet is gebaseerd op 1450 uur per fte (exclusief overleg, opleidingen en trainingen). In totaal is 10.275 uur aan VTH in 2024 besteed.
1.2 Samenwerking, overleg en bereikbaarheid buiten werktijd
Niet alle situaties die worden aangetroffen of worden opgespoord houden op bij de gemeentegrens of bij de bevoegdheid van de ambtenaar. Samenwerking met andere instanties is noodzakelijk en kan leiden tot een andere aanpak en kan er voor zorgen dat meerdere problemen in één keer worden aangepakt en/of worden opgelost.
De gemeente Steenbergen hanteert een 24-uurs bereikbaarheidssysteem. Deze bereikbaarheid werd in 2024 door het cluster VTH samen met de buitendienst gedragen. De calamiteitendienst wordt uitgevoerd door buitendienstmedewerkers van de afdeling BRA en de toezichthouder Leefomgeving, zodat adequaat op calamiteiten kan worden gereageerd.
In het beleidsplan VTH 2022-2025 staan de beleidsdoelstellingen beschreven en de daarbij horende activiteiten. Primaire doelstelling is het bevorderen van naleving van wet- en regelgeving om een veilige, gezonde en schone fysieke leefomgeving te bereiken. In onderstaande tabel zijn de activiteiten opgesomd die hebben bijgedragen aan het realiseren van de beleidsdoelstellingen.
Handhaving onrechtmatige bewoning (minder)
Hierbij ontvangt u de derde Termijnrapportage (T3) over 2024. Deze rapportage heeft betrekking op de inspanningen en inhoudelijke resultaten van het gehele jaar. De financiële afrekening van het jaar 2024 heeft reeds in februari 2025 plaatsgehad.
Jaarlijks leggen wij via de Termijnrapportage verantwoording af over onze inspanningen. Doordat de cijfers die via Power BI beschikbaar worden gesteld steeds vollediger worden, hebben onze opdrachtgevers meer en beter inzicht in de realisatie van hun werkprogramma. De eerste twee Termijnrapportages zullen daarom, in overleg met u, steeds meer gericht zijn op de afwijking. De T3 zal echter een uitgebreide rapportage blijven, zoals u van ons gewend bent.
De invoering van de Omgevingswet heeft extra inzet gevraagd. Dit komt niet altijd door een aanpassing in de afhandeling van procedures. Vaak is er ook tijd besteed aan het herinrichten van systemen en documenten. De extra tijd die besteed is aan de invoering van de omgevingswet, is per taakveld verschillend. Om deze reden is besloten om dit niet per taakveld uit te splitsen.
Wij hopen en vertrouwen erop dat u deze verantwoording op prijs stelt.
Richard Diependaal, afdelingshoofd Uitvoering
Omgevingsdienst Midden- en West-Brabant
In januari zijn de werkprocessen aangepast en producten gewijzigd. In de laatste weken van 2023 is een bovengemiddeld aantal vergunningen aangevraagd die nog onder de Wabo vallen. Dit heeft geleid tot extra inzet op vergunningen. Vanwege de inwerkingtreding van de Omgevingswet (Ow) zijn vaak meerdere meldingen nodig, inclusief het voldoen aan de informatieplicht, voor één initiatief. Door gebrek aan data, is het nog onduidelijk of er veel meer meldingen, informatieplichten of aanvragen van vergunningen gedaan moeten worden.
Het aantal aanvragen voor een omgevingsvergunning onder de Ow blijft in de eerste maanden na de inwerkingtreding achter. Dit komt mogelijk doordat meer milieubelastende activiteiten (MBA’s) meldingsplichtig zijn geworden, veel aanvragen voor de inwerkingtreding van de Ow zijn ingediend onder het oude recht en wellicht ook doordat voor aanvragen onder de Ow leges worden geheven en bedrijven daardoor wat terughoudender zijn met het indienen van aanvragen. Voorts hebben we moeten constateren dat bij meldingen en procedures, gegevens en bescheiden regelmatig onvolledig, onjuist of onterecht ingediend zijn. De afhandeling kost meer tijd vanwege het raadplegen van wetteksten en toelichtingen daarop en de benodigde collegiale afstemmingen. Uit contacten met externe adviseurs blijkt dat het doen van een melding als ingewikkeld en omslachtig wordt ervaren.
Er lopen nog drie aanvragen van voor 2023 en vier aanvragen uit 2023. Deze zullen nog onder het oude recht worden afgehandeld. Hierbij zal al wel rekening worden gehouden met de Ow. De aanvragen die in behandeling zijn hebben hoofdzakelijk betrekking op agrarische bedrijven. Een deel hiervan ligt (gedeeltelijk) stil in verband met natuur-/emissiefactoren. Het is niet duidelijk wanneer hier verandering in gaat komen. Verder lopen er meerdere omvangrijke procedures. Met name de bedrijven aan Houtzagerij, Slaakdam en Mariaweg zijn procedures die veel tijd hebben gekost.
De informatieplichten stonden dit jaar nog niet allemaal goed in de productencatalogus waardoor zaken onterecht onder dit taakveld zijn komen te vallen. Denk hierbij aan informatieplichten behorende bij graven en saneren van de bodem, het lozen van grondwater en sloop- en asbestmeldingen. Voor het project Zeer Zorgwekkende Stoffen (ZZS) verwijzen wij naar de bijlagen.
Er zijn voor dit taakveld 59 controles geprogrammeerd. Gedurende het jaar zijn er extra ingebrachte opdrachten uitgevoerd waaronder de beoordeling van zeven verplichte rapportages en de behandeling van één ongewoon voorval.
Het toezichtprogramma is uiteindelijk (geheel) afgerond binnen het geraamde budget.
In 2024 is het opleidingsprogramma ‘SLIM in uitvoering’ gestart. In dit programma worden jaarlijks, in januari, nieuwe toezichthouders geworven en opgeleid, met als resultaat toezichthouders die na een half jaar zelfstandig toezicht uitvoeren. Dit heeft ervoor gezorgd dat in 2024 de capaciteit op orde was en het toezichtprogramma is gehaald.
Er wordt aangestuurd op uitvoering van hercontroles binnen twee weken na het verstrijken van de hersteltermijn. De hercontroles die op dit moment nog open staan betreffen hercontroles waarvan de hersteltermijn nog niet is verstreken.
De uitvoering van de hercontroles is uiteindelijk afgerond binnen het geraamde budget.
Het gemiddelde, spontane, naleefgedrag van zowel de basis- als de niet-basistaakbedrijven binnen de gehele regio van de OMWB betreft 57%. Het spontane naleefgedrag van de bedrijven binnen uw gemeente is 67% en ligt daarmee boven dit OMWB-gemiddelde. Het werkelijke spontane naleefgedrag kan naar beneden afwijken. Dit komt doordat in de berekening de lichtere overtredingen* niet zijn meegenomen.
*Overtredingen type A1/2 en B1, Conform de Landelijke handhavingsstrategie
Voor repressieve handhaving zijn we afhankelijk van het naleefgedrag van de bedrijven. Als er veel overtredingen worden geconstateerd en overgedragen naar repressieve handhaving dan zijn er veel zaken. Repressieve handhaving is daardoor niet planbaar.
Gedurende het jaar is het repressieve budget omhoog bijgesteld. Dit aangepaste budget is voldoende gebleken. Er zijn evenveel zaken opgepakt dan vorig jaar.
Aan het bedrijf aan de Rijksweg is een voornemen last onder dwangsom kenbaar gemaakt. De overtredingen die het betrof waren de opslag van vaste mest zonder melding/vergunning, de manier van opslaan van de vaste mest en door de verkeerde wijze van opslag van vaste mest is de bodem vermoedelijk verontreinigd. Hiertoe diende een bodemonderzoek te worden uitgevoerd. Inmiddels zijn deze overtredingen beëindigd.
Aan het bedrijf aan de Havenweg is een last onder dwangsom opgelegd ivm trillingshinder. Er werd niet voldaan aan de normen. De trillingshinder wordt veroorzaakt door de aardappelsorteermachine. Deze zaak loopt nog.
Voor bezwaar en beroep zijn we afhankelijk van de ingediende bezwaar- en/of beroepsschriften. Als die veel worden ingediend dan zijn er veel zaken. Bezwaar en beroep is daardoor niet planbaar.
Er is sprake van een onderschrijding. Desondanks zijn er meer zaken behandeld dan vorig jaar.
Er is bezwaar gemaakt tegen de last onder dwangsom die is opgelegd aan Lab-10. Dit is een bedrijf dat onderzoekt of op een perceel na sanering nog asbestdeeltjes aanwezig zijn. Vervolgens bepalen zij of het perceel mag worden vrijgegeven. De bezwaarcommissie heeft geadviseerd om het bezwaar gegrond te verklaren. Geadviseerd is om contrair te gaan. Er wordt momenteel overlegd over de inhoud van de op te stellen beslissing op bezwaar.
Ondanks dat er in 2024 63 klachten meer zijn ontvangen dan in 2023, is de financiële uitputting afgenomen. Dit komt doordat er minder inzet ter plaatse is geweest dan voorgaande jaar.
Er is eind 2024 een klantenportaal uitgerold waardoor de ontvangen klachten en meldingen bij onze MilieuKlachtenCentrale direct zichtbaar zijn voor u. Hier kunt u b.v. zien hoeveel meldingen zijn doorgezet naar een andere instantie/ organisatie. Indien u dit globaal wenst te weten, dient u de meldingen te bekijken met afhandelingscode MDAI (Melding wordt doorgestuurd naar andere instantie/ organisatie) en/of MVAI (Melder is doorverwezen naar andere instantie/ organisatie). In ca. 85-90% van de gevallen is dit de gemeente. In de overige gevallen dient u o.a. te denken aan instanties als de NVWA, GGD, Politie, Waterschap, Rijkswaterstaat.
Het Besluit mobiel breken stelt regels voor het bewerken van bouw- en sloopafval met een mobiele puinbreker. De ingediende meldingen worden risicogericht beoordeeld en waar nodig voeren we veld- en/of administratief toezicht uit.
Maar liefst 92% van de ingediende sloopmeldingen werd akkoord bevonden.
Er zijn 32% van de bedrijfsmatige startmeldingen op locatie gecontroleerd. In 27% van de gevallen is een administratieve controle uitgevoerd. Het naleefpercentage was 82%.
Uitvoering asbestsloopgerelateerde activiteiten
Er zijn enkele ad-hoc inspecties uitgevoerd, waaronder de Noordlangeweg in Dinteloord. Van deze locatie ontvingen wij een melding dat een schuurtje was ingestort. Tijdens de inspectie op locatie is er een monsterafname van een golfplaat van het dak gedaan waaruit bleek dat het dak asbesthoudend is. Bij navraag op de locatie bleek dat er arbeidsmigranten in de woning wonen. Omdat er mensen rondlopen is er kans op emissie. De eigenaar heeft een voornemen tot last onder dwangsom ontvangen om de ingestorte schuur en het daarvan afkomstige asbesthoudende materiaal te saneren. De casus loopt nog.
Op diverse locaties blijken geen sloopmeldingen en/of asbestinventarisatierapport te zijn ingediend. Vaak zijn de eigenaren en/of uitvoerders niet op de hoogte van de geldende wet- en regelgeving.
Er zijn zes binnengekomen vragen beantwoord.
De Omgevingswet stelt regels voor het toepassen en opslaan van grond- en bouwstoffen en het graven in de grond. De ingediende meldingen en het toezicht worden risicogericht, overeenkomstig “Level playingfield 2” (LPF 2), uitgevoerd.
Het afgelopen jaar heeft voor toezicht vooral in het teken gestaan van het intern inregelen van de processen en producten. Dit proces is nog lopend.
Er zijn twaalf meldingen afgewezen. De reden hiervoor is met name dat meldingen onvolledig worden ingediend. Verder voldoen een aantal meldingen niet aan de eisen conform het Besluit activiteiten leefomgeving (BAL).
Met de inwerkingtreding van de Omgevingswet is het bevoegd gezag voor de bodem voor een groot deel verschoven van provincie naar gemeenten. Gemeenten zijn nu primair beheerder van de bodemkwaliteit voor hun grondgebied. Door deze overdracht zijn alle basistaken voor de bodem(sanering) onder het bevoegd gezag van de gemeente komen te vallen. In een aantal gevallen geldt het overgangsrecht en blijft de Wet bodembescherming van toepassing.
Het afgelopen jaar heeft voor toezicht vooral in het teken gestaan van het intern inregelen van de processen en producten. Dit proces is nog lopend.
Vanwege het vertrek van een toezichthouder en het nog niet hebben ingevuld van deze vacature was er in 2024 minder capaciteit voor dit taakveld beschikbaar.
In 2024 is landelijk het DSO inwerking getreden. Het intern en extern implementeren van dit systeem heeft als gevolg gehad dat het toezicht niet optimaal is geweest.
Er zijn geen overtredingen geconstateerd.
NIG: Ketengericht milieutoezicht
De ketenaanpak is een belangrijke aanvulling op de risicogerichte inrichtinggebonden benadering. Afvalstoffen, de asbest- en bodemketen beslaan zeer grote en diffuse ketens waar diverse aspecten en actoren bij betrokken zijn. Er is sprake van ketens met vergelijkbare activiteiten: verwijderen, inzamelen, vervoeren, opslaan, verwerken en hergebruiken/verbranden. Sommige bedrijven beheersen meerdere onderdelen in de keten, ook wel ketenintegratie genoemd. Hierdoor bestaat de gelegenheid tot milieucriminaliteit door (afval)stoffen te vermengen, de samenstelling te verhullen en het bevoegd gezag het zicht op de (afval)stromen te ontnemen.
Centrale activiteiten binnen de ketenaanpak zijn het samen met de ketenpartners delen, analyseren, duiden en interpreteren van data en informatie. Dit zorgt voor het gericht kunnen opwerpen van barrières met als doel om malafide bedrijven dan wel bedrijven met een slecht naleefgedrag een halt toe te roepen. Denk hierbij aan het inzetten van handhavingsinstrumenten, het verstrekken van informatie en of het aanpassen van beleid om de sleutelfiguren die actief zijn in een keten aan te pakken. Het delen, analyseren, duiden en interpreteren van data en informatie zorgt ook voor het gericht kunnen opwerpen van barrières om fenomenen aan te pakken.
Door middel van een projectmatige aanpak is hier in 2024 vorm aan gegeven. Niet elk beoogd en begroot project is (volledig) volgens het werkplan gerealiseerd. Dit heeft te maken met een onderbezetting binnen het programma ketenaanpak, mede het gevolg van ziekteverzuim. De aanpak heeft een aantal successen opgeleverd. Bijvoorbeeld is met betrekking tot het thema afval een onderzoek uitgevoerd naar de milieuhygiënische kwaliteit van digestaat bij (co-) vergistingsinstallaties. Dit is in samenspraak met de Nederlandse Voedsel- en Warenautoriteit uitgevoerd. Het onderzoek heeft waardevolle inzichten opgeleverd met betrekking tot de milieurisico’s bij het gebruik van digestaat als meststof op de bodem.
Een ander voorbeeld is een uitgevoerde tactische ketenanalyse met betrekking op het thema bodem, die in samenspraak met de ODZHZ is uitgevoerd. Dit onderzoek heeft de bruikbaarheid van het Gelders model aangetoond en hiermee heeft de OMWB zich verder bekwaamd in het doen van ketenanalyses. Dit is een manier van onderzoeken met betrekking tot waar in de keten risicovolle actoren en risicovolle momenten aanwezig zijn. Dit heeft geleid tot de ontwikkeling van een dashboard waarin de grootste risico’s in de grondstromenketen snel inzichtelijk worden. Deze inzichten zijn goed bruikbaar voor het informatiegestuurd en risicogericht uitvoeren van de bodemtaken.
Een derde voorbeeld is dat binnen het thema asbest is onderzocht of bij vergunde acceptanten asbest afkomstig vanuit illegaliteit wordt aangeboden. Dit heeft een goed beeld gegeven over de aard en omvang. Op basis van herkomst (bedrijf of particulier) en de hoeveelheid zijn een aantal van de meest risicovolle afgiftes nader onderzocht en hierin zijn diverse illegale saneringen geconstateerd. Hiertegen is zowel bestuurs-als strafrechtelijk opgetreden.
Voor een inhoudelijke toelichting per ketenproject en de resultaten daarvan is en themawebsite ingericht. https://omwb.foleon.com/ketenaanpak/ketenaanpak/
De start voor het aanleggen van een nieuw bodemenergiesysteem moet gemeld worden. De startmeldingen die wij ontvangen, worden door ons risicogericht beoordeeld en waar nodig voeren we veld- en/of administratief toezicht uit. Het afgelopen jaar heeft voor toezicht vooral in het teken gestaan van het intern inregelen van de processen en producten. Dit proces is nog lopend.
Vanwege het vertrek van een toezichthouder en het nog niet hebben ingevuld van deze vacature was er in 2024 minder capaciteit beschikbaar. De enige tijd die geschreven is voor het afhandelen van een terugmelding.
Er is indicatief bepaald welke energiebesparing en CO2- reductie met het uitvoeren van energietoezicht in uw gemeente gerealiseerd is.
Besparing elektriciteit: 550.000 kWh per jaar
Besparing aardgas: 51.700 m³ per jaar
CO2-reductie: 300 ton per jaar
Ter illustratie: deze CO2-reductie komt overeen met de jaaropbrengst van 3.000 zonnepanelen.
Naast de uitgevoerde energiecontroles zijn waarschuwingsbrieven verstuurd naar bedrijven die nog niet aan de informatieplicht en/of onderzoeksplicht. Tevens zijn energieonderzoeksrapporten beoordeeld, de ingediende informatieplichtrapportages steekproefsgewijs beoordeeld en zijn er energiegebruiksgegevens opgevraagd bij bedrijven.
Een klein deel van het budget was vooraf gereserveerd voor en besteed aan de voorbereiding op het toezicht op de regeling CO2-reductie werkgebonden personenmobiliteit (basistaak vanaf 2025). Er is gemiddeld circa één uur per gemeente besteed aan onder andere het bestuderen van de leidraad en het inrichten van het zaaksysteem.
Sinds eind 2022 beschikt de OMWB over aanvullend rijksbudget voor extra energietoezicht. Dit jaar zijn de met dit budget uitgevoerde energiecontroles voor het eerst in deze rapportage opgenomen.
In 2024 moesten voor het eerst ook vergunningplichtige bedrijven, glastuinbouwbedrijven en de deelnemers aan het Europese emissiehandelssysteem (ETS-bedrijven) aan de energiebesparingsplicht voldoen. Aan deze doelgroepen is extra aandacht besteed. Daarbij bleek onder meer dat de glastuinbouw relatief vaak aan de verplichtingen voldoet. Een mogelijke verklaring hiervoor is dat deze bedrijven vanuit bedrijfseconomische motieven al veel energiebesparende maatregelen hebben getroffen.
Gemiddeld worden bij 85% van de eerste controles overtredingen aangetroffen. Het gemiddelde aantal overtredingen bedraagt 4,7 per controle. Relatief vaak gaat het daarbij om niet geïsoleerde leidingen, ontbrekende Led-verlichting en het ontbreken van een automatisch energieregistratie en -bewakingssysteem. Bij hercontrole zijn de overtredingen meestal opgeheven.
Er zijn geen zaken overgedragen naar repressieve handhaving.
Vergunningverlening bodem en grondwater
Bodemtaken onder de Omgevingswet (Ow) We hebben duidelijk gemerkt dat iedereen binnen het werkveld bodem moest wennen aan de nieuwe Ow en het melden via het Omgevingsloket (DSO). In zijn algemeenheid zagen we het eerste half jaar via het DSO weinig tot geen meldingen binnenkomen. Hierna nam het aantal meldingen toe en zeker in het laatste kwartaal is bij de meeste gemeenten een duidelijke stijging waar te nemen. Voor uw gemeente zien we ook pas sinds de tweede helft van het jaar meldingen binnenkomen. De vier meldingen saneren van de bodem gaan over twee locaties. Voor initiatiefnemers en adviesbureaus is het vaak nog onduidelijk hoe en wat precies gemeld moet worden, waardoor soms meerdere meldingen voor hetzelfde initiatief behandeld moeten worden.
Gesloten Bodemenergiesystemen (gBes) Ook voor de aanleg van gBes is dit jaar veel veranderd. Deze komen nu ook via het DSO binnen. De Provincie Noord-Brabant heeft in haar Omgevingsverordening een maximale boringsdiepte opgenomen voor gBes. Deze maximale boringsdiepte varieert per gemeente. Voor een aantal gemeenten in onze regio is het daardoor technisch en financieel niet haalbaar om nog gBes aan te leggen. Door de Provinciale regels zien wij gemiddeld een daling van ca. 60% van het aantal meldingen. Voor uw gemeente zien we geen daling in het aantal gBesmeldingen.
Vergunningverlening totaalsloop
Er zijn een soortgelijk aantal totaalsloopmeldingen ontvangen ten opzichte van vorig jaar.
Van de ontvangen totaalsloopmelding was één melding buiten behandeling gelaten doordat er al sloopwerkzaamheden waren verricht voordat er een sloopmelding was ingediend.
In het vooraf vastgestelde toezichtprogramma zijn 39 controles bij de niet-basistaak bedrijven geprogrammeerd. Gedurende het jaar zijn er extra ingebrachte opdrachten uitgevoerd.
Het toezichtprogramma is afgerond binnen het geraamde budget.
Hercontrole grijs (niet-basis)
De OMWB stuurt aan op uitvoering van hercontroles binnen twee weken na het verstrijken van de hersteltermijn. Er zijn 10 hercontroles afgehandeld en 1 hercontrole moeten nog worden uitgevoerd.
De uitvoering van de hercontroles in 2024 is uiteindelijk afgerond binnen het geraamde budget.
Er deden zich enkele bijzondere situaties voor: Op de locatie Blauwstraat te Steenbergen is een gezamenlijke controle met uw gemeente uitgevoerd. Hierbij is geconstateerd dat er sloopwerkzaamheden zijn uitgevoerd zonder geaccepteerde sloopmelding. De sloopwerkzaamheden zijn stilgelegd en een stappenplan aangezegd. De eigenaar en de bouwadviseur hebben beiden een waarschuwing ontvangen.
Op de locaties Langeweg te Kruisland en Zeelandweg te Steenbergen zijn sloopwerkzaamheden uitgevoerd zonder sloopmelding. De eigenaar en betrokken bouwbedrijf hebben een waarschuwing ontvangen.
De bestede tijd aan voornoemde overtredingen heeft ertoe geleid dat er sprake is van een verhoogde uitputting van het ingebrachte budget.
Wij hebben voor dit taakveld geen opdrachten ontvangen.
Hierdoor heeft ook geen uitputting plaatsgevonden.
Particuliere asbestsloopmeldingen
64% van de particuliere sloopmeldingen voldoet.
Het naleefpercentage van de particulieren was dit jaar 67%.
Er zijn minder particuliere asbestsloopmeldingen ontvangen ten opzichte van vorig jaar. Dit heeft als gevolg dat ook de uitputting lager is uitgevallen ten opzichte van het ingebrachte budget.
Er zijn minder werkzaamheden uitgevoerd dan begroot waren. Er is advies voor één ruimtelijk plan gegeven.
Gedurende het jaar zijn er minder werkzaamheden uitgevoerd dan vooraf begroot waren. Een groot gedeelte van uitgevoerde werkzaamheden hingen samen met een in 2023 gegeven opdracht. Er zijn met name integrale ruimtelijke ordeningsadviezen voor ruimtelijke plannen en omgevingvergunningaanvragen gegeven. Er zijn in het kader daarvan stikstofonderzoeken, ecologische onderzoeken en andere milieuonderzoeken getoetst.
Er is ondersteund bij de advisering op bodemzaken. In totaal zijn vijf zaken in behandeling geweest. Dit zijn zaken die bestaan uit het beoordelen van bodemonderzoeken in het kader van omgevingsvergunningen onderdeel bouwen en het uitvoeren van een bodemonderzoek in Dinteloord in het kader van (her)ontwikkeling.
In vergelijking met het werkprogramma zijn er minder verzoekaanvragen ontvangen en dus opdrachten uitgevoerd dan was verwacht. Dit verklaart de onderuitputting t.o.v. het werkprogramma.
Er zijn werkzaamheden uitgevoerd die bestonden uit het uitvoeren van geluidmetingen bij diverse evenementen. Daarnaast is trillingsonderzoek uitgevoerd bij een bedrijf en zijn adviezen verstrekt in het kader van het evenementenbeleid.
Er is een aantal beoordelingen uitgevoerd van stikstofdepositieberekeningen.
Op 1 januari 2024 is de Omgevingswet van kracht geworden en daarmee ook de Modernisering van het Omgevingsveiligheidsbeleid (MOV). Op 1 oktober 2024 is een Themasessie Externe Veiligheid en Register Externe Veiligheid (REV) gehouden waarbij wij onze werkzaamheden hebben toegelicht. Voor de invoering van de Kwetsbare gebouwen (KGL) in het REV is gezamenlijk besproken dat gemeenten dit zelf uit gaan voeren. Het initiëren van gezamenlijke overleggen voor dit KGL en het beantwoorden van vragen hierover heeft de OMWB wel op zich genomen. Ook intern heeft het cluster Externe Veiligheid diverse trainingen gegeven om zo de vergunningverleners en toezichthouders op de hoogte te stellen van de wijzigingen, zoals de nieuwe aandachtsgebieden. Het REV heeft is verder gevuld gekregen. Zo zijn de Seveso-inrichtingen ingevoerd en veel kleine propaantanks. Tevens is begonnen aan de door I&W geprioriteerde activiteiten van gasdrukmeet- en regelstations en windturbines. Er zijn standaard documenten opgesteld en de omvorming van de standaard verantwoording van het groepsrisico zijn verder doorontwikkeld om deze bij de beleidskeuzes te kunnen onderbouwen. Hiervoor is samengewerkt met de Veiligheidsregio. Er is één losse opdrachten gegeven namelijk het opstellen van nieuw EV beleid.
Het aantal in te voeren natte koeltorens is afgenomen omdat er minder meldingen zijn binnen gekomen. Er zijn geen natte koeltorens ingevoerd.
Er zijn werkzaamheden verricht voor ambtelijke ondersteuning. Dit bestaat uit het beantwoorden van algemene vragen die relevant zijn voor de onderlinge samenwerking tussen de OMWB en uw gemeente. Ook gaat het om periodiek overleg over de voortgang van procedures.
Er is bodeminformatie verstrekt. Hierover zijn geen bijzonderheden te vermelden. Daarnaast is er informatie verstrekt over een verzoek dat was ingediend op grond van de Wet Open Overheid.
Register Externe Veiligheid (REV)
De wijzigingen vanuit ons reguliere werk en de herberekende aandachtsgebieden zijn doorgevoerd, tevens zijn diverse losse onderdelen toegevoegd. De reden dat u geen uitputting ziet is omdat er een subsidieaanvraag bij het Rijk ligt.
Integrated Pollution Prevention and Control
In de landelijke database hebben wij gegevens gewijzigd na constatering tijdens uitvoering van ons regulier werk.
Milieu Belastende Activiteiten (MBA)
Vanwege de Omgevingswet moeten inrichtingen omgezet worden naar MBA. De omzettingen zijn door een robot en op natuurlijke momenten uitgevoerd. Door de kleine tijdsbesteding is er niet apart geschreven.
Abonnement BIS en invoer bodemrapporten De kosten voor beide onderdelen vallen lager uit doordat minder uren aan functioneel beheer en invoer zijn besteed. Vanwege het stoppen van de externe invoerpartij zijn we bezig met het herinrichten van het proces. We houden rekening met de Basisregistratie Ondergrond.
Branche Agrarisch Veehouderijen
Het gemiddelde percentage overtreders van de veehouderijen binnen de gehele regio van de OMWB betreft 55%. Het percentage overtreders van de bedrijven binnen uw gemeente is 43% en ligt daarmee onder dit OMWB-gemiddelde. In één geval is een sanctie opgelegd. De overtredingen betroffen onder andere: lozing huishoudelijk afvalwater op de mestkelder, niet gemelde activiteiten binnen het bedrijf, bedrijf in afwijking van diens vergunning, niet voldoen aan informatieplicht energiebesparing en geen maandelijkse controle lekdetectie dieseltank. Er is in totaal een latente ruimte bij de gecontroleerde bedrijven geconstateerd van 3.640 kg ammoniak/jaar, dit is gemiddeld per bedrijf 607 kg ammoniak/jaar. Verder kan gesteld worden dat 60% van de bezochte bedrijven permanent minder dieren houdt over de laatste drie jaar.
De oorzaken hiervan zijn deels:
De grote onzekerheden binnen de agrarische sector maken dat er veel vrije ruimte binnen vergunningen ontstaat. Het investeren in een emissiearm stalsysteem komt niet zonder risico, deze worden vaak betwist en blijken achteraf steeds vaker niet te doen wat beloofd. Daarnaast zorgen gerechtelijke uitspraken voor een stillegging in de natuur vergunningverlening waardoor men de beoogde uitbreiding niet kan realiseren, met leegstand tot gevolg.
De focus lag op de continuering van het verzamelen en analyseren van de opgehaalde data. De data geeft inzicht in de milieurisico’s per bedrijf, het aantal overtredingen en de aard van de overtredingen. De verkregen inzichten dragen bij aan een meer risicogericht uitvoeren van de VTH- taken en de mogelijkheid om gericht interventies in te zetten.
Er zijn 7 glastuinbouwbedrijven gecontroleerd. De meest voorkomende overtredingen (ruim 30%) betreffen het niet tijdig gekeurd zijn van stookinstallaties waaronder warmtekrachtkoppelingen. Het niet tijdig keuren en onderhouden van stookinstallaties kan leiden tot onveilige situaties en ongewenst hoge rookgasemissies. De overige meest voorkomende overtredingen hebben betrekking op de opslag van gevaarlijke stoffen, waaronder vloeibare meststoffen en reinigingsmiddelen, het niet in werking zijn conform de meldingen of vergunning en het niet juist of illegaal lozen van drainagewater.
Ook in 2024 is de samenwerking met het Waterschap voor het aspect lozingen van drainwater verder gecontinueerd. De Nederlandse glastuinbouw heeft het grootste energieverbruik van alle land- en tuinbouwsectoren. Vanaf 2024 is ook de energiebesparingsplicht op glastuinbouwbedrijven van toepassing. Vanaf 2024 worden glastuinbouwbedrijven gecontroleerd door het team Energie van de OMWB. Ook hier is ingestoken op het verzamelen en vastleggen van data.
Er zijn geen afvalbedrijven aanwezig in uw gemeente.
Bij de verkooppunten binnen uw gemeente is toezicht gehouden op de voorschriften uit het Besluit activiteiten leefomgeving (Bal) en het Vuurwerkbesluit. In uw gemeente waren er dit jaar 3 locaties waar vuurwerk verkocht werd. De controles zijn in 2 delen uitgevoerd. In oktober/november hebben de voorcontroles op keuringen en certificaten administratief plaatsgevonden en tijdens de 3 verkoopdagen op 28, 30 en 31 december hebben de verkoopcontroles fysiek plaatsgevonden. De aandachtspunten tijdens deze controle zijn gericht op voorschriften waarbij houding en gedrag een oorzaak in de naleving van het Bal en het Vuurwerkbesluit zijn. Tijdens de verkoopdagen zijn er geen tekortkomingen geconstateerd.
De algemene trend binnen het werkgebied van de OMWB is dat er steeds meer verkooppunten stoppen met de verkoop en opslag van consumentenvuurwerk. Zo zijn de verkooppunten van de Boerenbond/Pets Place al in 2023 collectief gestopt en hebben een aantal ondernemers aangegeven te zullen kijken wat de politieke besluiten omtrent vuurwerk zullen zijn om mogelijk in de toekomst te gaan stoppen. Dit heeft geleid tot meer drukte bij de nog bestaande verkooppunten.
Branche risico relevante bedrijven
Risicorelevante bedrijven (RRB) zijn complexe, vergunningplichtige bedrijven die niet onder de Seveso-richtlijn vallen, maar wel een veiligheidsrisico vormen voor de leefomgeving. In Brabant werken drie omgevingsdiensten, drie veiligheidsregio’s en drie waterschappen samen om toezicht te houden op ongeveer 125 RRB. Gezamenlijk hanteren deze diensten een interventiestrategie waarbij drie pijlers centraal staan: risicogericht toezicht, proactieve bedrijfscultuur en risicobeheersing door bedrijven zelf. Deze strategie richt zich op preventie en maakt gebruik van actuele kennis over effectief toezicht. Toezichthouders gebruiken concrete instrumenten zoals vragenlijsten en normenkaders om bedrijven te beoordelen. Het Brabants Platform RRB coördineert deze aanpak. Bij alle overige gemeentelijke RRB is op basis van een risicogerichte benadering invulling gegeven aan het toezicht. Dit kan betekenen dat een bedrijf regulier aangekondigd, onaangekondigd of op basis van een bepaald aspect controle is bezocht.
Daarnaast vindt er toezicht plaats op industriële IPPC -bedrijven. Toezicht bij deze bedrijven wordt dan ook uitgevoerd door toezichthouders met dezelfde kennis, competenties en vaardigheden zoals uitgevoerd bij RRB en Seveso milieu.
Binnen uw gemeente vallen drie bedrijven onder de categorie risicorelevant. In 2024 zijn er bij deze bedrijven in totaal drie controles gepland. Hiervan zijn twee bezoeken aangekondigd en een één bezoek onaangekondigd uitgevoerd. De controles zijn volgens het afgesproken uitvoeringsprogramma uitgevoerd. De onaangekondigde controle had als speerpunten opslag van gevaarlijke stoffen en netheid binnen de inrichting. Naar aanleiding van de uitgevoerde controles zijn er geen overtredingen geconstateerd. Er is een jaarlijkse rapportage voor de RWZI voor grondwater beoordeeld.
De Nederlandse overheid pakt Zeer Zorgwekkende Stoffen met voorrang aan. Zeer zorgwekkende stoffen (ZZS) zijn stoffen die gevaarlijk zijn voor mens en milieu omdat ze bijvoorbeeld de voortplanting belemmeren, kankerverwekkend zijn of zich in de voedselketen ophopen. Ook voor uw gemeente hebben wij het afgelopen jaar ZZS inventarisaties uitgevoerd bij bedrijven. Graag brengen wij tussentijdse de voortgang van dit project bij u in beeld. Inmiddels hebben wij voor uw gemeente een eerste inschatting gemaakt welke bedrijven vergunningplichtige zijn en welke bedrijven relevant kunnen zijn om nader te bezien. Met het uitvoeren van de daadwerkelijke inventarisaties zijn wij nu druk doende voor alle gemeenten en de provincie Noord-Brabant. We hebben de onderstaande tabel in deze bijlage opgenomen. Daarin ziet u welke inventarisaties wij de afgelopen jaren uitgevoerd hebben en wat de stand van zaken is. Tevens ziet u welke bedrijven er nog op de planning staan voor 2025.
Zoals aangegeven in het werkprogramma zullen wij na afronding van dit project u voorzien van een rapportage. Daarin kunt u het verloop van het project zien en vindt u een algemeen advies over de constateringen. Ook voorzien wij u dan van lijsten met de aanwezige ZZS en (p)ZZS per vergunningplichtigbedrijf binnen uw gemeente.
De klachten en meldingen hebben een directe relatie met uw gemeente. Ze worden ervaren in uw gemeente of de (vermoedelijke) veroorzaker is binnen uw gemeente gevestigd.
Buiten het totaal aantal klachten, wordt ook het aantal unieke klachten benoemd. Dit zijn de klachten waarbij meerdere zintuiglijke waarnemingen (categorieën) zijn genoemd door de klager (bijvoorbeeld: het stinkt en ik krijg er hoofdpijn van). Het totaal aantal (unieke) klachten wijkt af van de optelling van de genoemde klachtcategorieën;
* Indien een gehinderde aangeeft gezondheidsklachten te ondervinden (veelal hoofdpijn, misselijk, slapeloosheid), dan wordt dat geregistreerd en wordt de gehinderde er doorgaans door de klachtenintake op geattendeerd dat hij/zij met de gezondheidsklachten terecht kan bij huisarts of GGD. Bij ernstige gezondheidsklachten zal de klachtenmedewerker de situatie opschalen.
Vanaf november 2023 ontvangt de OMWB opnieuw meldingen over trillingsoverlast bij deze locatie. In 2019 bleek uit onderzoek dat het bedrijf normen overschreed, het bedrijf is hierop aangeschreven, heeft maatregelen moeten nemen waarna incidenteel klachten binnenkwamen. Sinds 2023 is het aantal meldingen echter sterk toegenomen. Eind 2023 en in maart 2024 zijn door Team Metingen en Onderzoek trillingsmetingen uitgevoerd, waarbij normoverschrijdingen zijn vastgesteld. Het bedrijf is aangeschreven en kreeg een begunstigingstermijn tot begin januari 2025. Begin januari 2025 bevestigden nieuwe metingen opnieuw objectiveerbare trillingshinder, met gegronde klachten als gevolg. De casus ligt nu bij de jurist en gemeente voor verdere handhaving.
Bij deze meldingen van overlast is door de melder geen vermoedelijke veroorzaker genoemd. Een groot deel van deze meldingen is niet onderzocht. Dit komt doordat deze bijvoorbeeld buiten kantoortijd zijn ingediend, er geen drempel overschreden is qua hoeveelheid klachten per uur/ dag en/of de overlast vaak kortstondig is. Als de meldingen wel onderzocht zijn, is er geen veroorzaker van de overlast gevonden of de overlast niet meer waargenomen. Hierdoor is er geen (vermoedelijke) veroorzaker aan de overlast gekoppeld en blijft deze in het klachtensysteem op ‘onbekend’ staan.
Café La Corona (Dansschool De Paraplu)
Begin 2024 ontving de OMWB vijf anonieme klachten waarin Café La Corona als veroorzaker van overlast werd aangewezen. Uit de analyse van deze klachten blijkt dat de melders hinder ervaren van verstoring van de openbare orde. De overlast betreft bezoekers van het café die bij aankomst of vertrek hard schreeuwen en/of autorijden met harde muziek. Na maart 2024 zijn geen verdere meldingen meer ontvangen.
Totaal aantal meldingen en klachten: 30
Aantal unieke meldingen en klachten: 26
Ondanks dat er in 2024 63 klachten meer zijn ontvangen dan in 2023, is de financiële uitputting afgenomen. Dit komt mede doordat er minder inzet ter plaatse is geweest dan voorgaande jaar. Er is eind 2024 een klantenportaal uitgerold waardoor de ontvangen klachten en meldingen bij onze MilieuKlachtenCentrale direct zichtbaar zijn voor u. Hier kunt u b.v. zien hoeveel meldingen zijn doorgezet naar een andere instantie/ organisatie. Indien u dit globaal wenst te weten, dient u de meldingen te bekijken met afhandelingscode MDAI (Melding wordt doorgestuurd naar andere instantie/ organisatie) en/of MVAI (Melder is doorverwezen naar andere instantie/ organisatie). In ca. 85-90% van de gevallen is dit de gemeente. In de overige gevallen dient u o.a. te denken aan instanties als de NVWA, GGD, Politie, Waterschap, Rijkswaterstaat.
Kopieer de link naar uw clipboard
https://zoek.officielebekendmakingen.nl/gmb-2025-182342.html
De hier aangeboden pdf-bestanden van het Staatsblad, Staatscourant, Tractatenblad, provinciaal blad, gemeenteblad, waterschapsblad en blad gemeenschappelijke regeling vormen de formele bekendmakingen in de zin van de Bekendmakingswet en de Rijkswet goedkeuring en bekendmaking verdragen voor zover ze na 1 juli 2009 zijn uitgegeven. Voor pdf-publicaties van vóór deze datum geldt dat alleen de in papieren vorm uitgegeven bladen formele status hebben; de hier aangeboden elektronische versies daarvan worden bij wijze van service aangeboden.