Verordening tot wijziging van de Verordening Rechtspositie Raads- en commissieleden 2019

De raad van de gemeente Noordoostpolder,

 

gelezen het voorstel van burgemeester en raadsgriffier van 21 maart 2025,

 

gelet op artikel 149 van de gemeentewet en het rechtspositiebesluit decentrale politieke ambtsdragers;

 

B E S L U I T:

 

vast te stellen de volgende verordening:

 

Verordening tot wijziging van de Verordening Rechtspositie Raads- en commissieleden 2019

Artikel I  

De Verordening Rechtspositie Raads- en commissieleden 2019 wordt als volgt gewijzigd:

 

  • A

    Artikel 3 wordt als volgt gewijzigd:

Bestaande tekst

Nieuwe tekst

artikel 3. Reis- en verblijfkosten raads- en commissieleden voor reizen buiten de gemeente

artikel 3. Reiskostenvergoeding

  • 1.

    Voor reizen als bedoeld in artikel 3.1 van de Regeling rechtspositie decentrale politieke ambtsdragers en artikel 3.1.7 van het Rechtspositiebesluit decentrale politieke ambtsdragers worden aan een raads- of commissielid vergoed:

    • a.

      de kosten voor het gebruik van openbaar vervoer;

    • b.

      bij gebruik van een eigen vervoersmiddel het maximumbedrag dat door een werkgever aan een werknemer per afgelegde kilometer onbelast kan worden verstrekt alsmede de parkeer- of stallingskosten, veerkosten en tolkosten;

  • 2.

    Boetes en naheffingsaanslagen voor parkeren worden niet vergoed.

  • 3.

    Als een raadslid of commissielid een functionele beperking heeft, kan incidenteel een voor de beperking geschikte vervoersvoorziening worden vergoed of ter beschikking worden gesteld.

  • 4.

    De noodzakelijke en redelijkerwijs gemaakte werkelijke verblijfkosten die een raadslid of commissielid maakt in verband met reizen, gemaakt voor de uitoefening van de functie, worden ten laste van de gemeente vergoed.

  • 1.

    Een raadslid heeft ten laste van de gemeente aanspraak op vergoeding van:

    • a.

      reiskosten en, als daar redelijkerwijs aanleiding voor is, verblijfkosten voor het bijwonen van vergaderingen van de gemeenteraad en commissies, en

    • b.

      reis- en verblijfkosten voor reizen binnen en buiten de gemeente gemaakt voor de uitoefening van de functie

 

  • B.

    Er wordt een nieuw artikel 7a aan de verordening toegevoegd:

Bestaande tekst

Nieuwe tekst

 

Artikel 7a. Toelage vaste voorzitter commissie als bedoeld in artikel 82 Gemeentewet

 

  • 1.

    De voorzitter van een commissie als bedoeld in artikel 82 van de Gemeentewet de gemeenteraad komt in aanmerking voor een toelage van € 153,33 per maand voor de duur van de activiteiten van de commissie.

  • 2.

    Voor toepassing van het eerste lid stelt de burgemeester de duur van de activiteiten vast.

 

  • C.

    Artikel 9 wordt gewijzigd als volgt:

Bestaande tekst

Nieuwe tekst

Artikel 9. Verzekering raadsleden voor arbeidsongeschiktheid, ouderdom en overlijden

Artikel 9 Verzekering raadsleden voor arbeidsongeschiktheid, ouderdom en overlijden

Artikel 9. Verzekering raadsleden voor arbeidsongeschiktheid, ouderdom en overlijden

  • 1.

    Een raadslid wordt eenmaal per jaar een bedrag toegekend ter hoogte van het bedrag van de vergoeding voor de werkzaamheden voor één maand, bedoeld in artikel 3.1.1, eerste lid, Rechtspositiebesluit decentrale politieke ambtsdragers, waarmee het raadslid voorzieningen kan treffen ter zake van arbeidsongeschiktheid, ouderdom en overlijden.

  • 2.

    Het eerste lid is niet van toepassing op een raadslid dat is benoemd in een plaats die is opengevallen als gevolg van tijdelijk ontslag van een raadslid wegens zwangerschap en bevalling of ziekte, op grond van artikel X12 van de Kieswet.

  • 1.

    Het raadslid dat nog niet de pensioengerechtigde leeftijd als bedoeld in artikel 7a van de Algemene Ouderdomswet heeft bereikt, ontvangt per jaar ten laste van de gemeente een bedrag ter hoogte van het bedrag van de vergoeding van de werkzaamheden voor één maand, waarmee hij voorzieningen kan treffen ter zake van arbeidsongeschiktheid, ouderdom en overlijden.

  • 2.

    Het eerste lid is niet van toepassing op een raadslid dat is benoemd in een plaats die is opengevallen als gevolg van tijdelijk ontslag van een raadslid wegens zwangerschap en bevalling of ziekte, op grond van artikel X12 van de Kieswet.

Artikel II Inwerkingtreding

Deze verordening treedt in werking op de dag na bekendmaking, uitgezonderd artikel 7a dat met terugwerkende kracht per 1 januari 2025 in werking treedt.

Aldus besloten in de openbare vergadering van 31 maart 2025.

De griffier,

de voorzitter,

TOELICHTING  

Op 16 december 2024 is het rechtspositiebesluit decentrale politieke ambtsdragers (verder te noemen het rechtspositiebesluit) gewijzigd gepubliceerd in het Staatsblad. Als gevolg van de wijzigingen dient de Verordening Rechtspositie Raads- en Commissieleden 2019 op een drietal onderdelen aangepast te worden. Het wijzigingsvoorstel is besproken in het Fractievoorzitters Overleg.

 

  • A.

    Vergoeding incidentele verblijfkosten (artikel 3.1.7 rechtspositiebesluit).

Het betreffende artikel luidt als volgt:

 

Artikel 3.1.7. Reiskostenvergoeding

  • 1.

    Een raadslid heeft ten laste van de gemeente aanspraak op vergoeding van:

    • a.

      reiskosten en, als daar redelijkerwijs aanleiding voor is, verblijfkosten voor het bijwonen van vergaderingen van de gemeenteraad en commissies, en

    • b.

      reis- en verblijfkosten voor reizen binnen en buiten de gemeente gemaakt voor de uitoefening van de functie

Raadsleden kunnen in uitzonderlijke gevallen aanspraak maken op vergoeding van verblijfkosten in het geval ze vanwege hun volksvertegenwoordigende functie ergens moeten zijn en naar huis terugkeren niet mogelijk is. Raadsleden kunnen dan op basis van eigen verantwoordelijkheid een vergoeding krijgen voor een overnachting.

 

Het raadsvoorstel is in lijn met dit artikel. Tegelijkertijd wordt ingeschat dat deze situatie zich niet of nauwelijks zal voordoen. Wanneer hier gedoeld wordt op meerdaagse bijeenkomsten voor bijv. de vertrouwenscommissie of bij een tweedaagse, dan is dit al ondervangen.

 

  • B.

    Mogelijkheid tot extra vergoeding voor commissievoorzitters (artikel 3.1.4a rechtspositiebesluit).

Toelage vaste voorzitter commissie als bedoeld in artikel 82 Gemeentewet

  • 1.

    Indien de gemeenteraad van oordeel is dat de belasting en het tijdsbeslag van het vaste voorzitterschap van een commissie als bedoeld in artikel 82 van de Gemeentewet niet redelijkerwijs tot het reguliere werk van een raadslid geacht kunnen worden te behoren, kan de gemeenteraad bij verordening besluiten aan die voorzitter ten laste van de gemeente een toelage toe te kennen van maximaal het bedrag , genoemd in artikel 3.1.4, eerste lid, per maand voor de duur van de activiteiten van de commissie.

  • 2.

    Voor toepassing van het eerste lid stelt de burgemeester de duur van de activiteiten vast.

Toelichtende tekst van de Nederlandse Vereniging voor Raadsleden:

Commissies vergaderen maandelijks, voorgezeten door een raadslid. Deze vergaderingen horen bij het raadslidmaatschap, echter het voorbereiden hiervan kost vaak meerdere dagdelen. Daarnaast maken de vaste voorzitters deel uit van de agendacommissie, die eveneens maandelijks vergadert. Om het commissievoorzitterschap aantrekkelijk te houden voor alle raadsleden en de extra inspanning te belonen, heeft het Ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties het mogelijk gemaakt om als gemeenteraad een extra toelage voor commissievoorzitters te kunnen regelen. Dat staat in het nieuwe rechtspositiebesluit decentrale ambtsdragers.

 

De fractievoorzitters stellen voor om voor de drie vaste commissievoorzitters deze extra vergoeding met ingang van 1 januari 2025 maandelijks toe te kennen.

 

  • C.

    Toelage voorzieningen voor arbeidsongeschiktheid, ouderdom en overlijden (artikel 3.1.9 rechtspositiebesluit).

Artikel 3.1.9, eerste lid van het rechtspositiebesluit decentrale politieke ambtsdragers komt te luiden:

  • 1.

    Het raadslid dat nog niet de pensioengerechtigde leeftijd als bedoeld in artikel 7a van de Algemene Ouderdomswet heeft bereikt, ontvangt per jaar ten laste van de gemeente een bedrag ter hoogte van het bedrag van de vergoeding van de werkzaamheden voor één maand, waarmee hij voorzieningen kan treffen ter zake van arbeidsongeschiktheid, ouderdom en overlijden.

     

    Het rechtspositiebesluit gaat ook in op een voorziening voor arbeidsongeschiktheid, ouderdom en overlijden. Gemeenteraden kunnen al bij verordening bepalen dat volksvertegenwoordigers eenmaal per jaar een bedrag ontvangen ter vergoeding van hun werkzaamheden waarmee er voorzieningen voor pensioen of arbeidsongeschiktheid kunnen worden getroffen.

     

    Deze keuze is in het verleden in Noordoostpolder gemaakt en al een aantal jaren ook zo geregeld (de vergoeding wordt jaarlijks in december uitgekeerd. De regeling is ingesteld om de mogelijk minder gewerkte uren te compenseren, maar wordt echter als omstreden beoordeeld omdat mensen die al met pensioen waren deze ook ontvingen. Deze regeling is tegen die achtergrond gewijzigd, zodat mensen die de AOW-leeftijd bereikt hebben deze niet meer ontvangen.

Naar boven