Verkeersbesluit – gemeente Haarlemmermeer – Hoofddorp, De Hoek – parallelle Kruisweg

Onderwerp: instellen stopverplichting oversteek doorfietsroute

Nummer: XS-24121209.755

Gelet op het volgende:

  • Op grond van artikel 15, eerste lid, van de Wegenverkeerswet 1994 moet een verkeersbesluit worden genomen voor de plaatsing of verwijdering van de in artikel 12 van het Besluit administratieve bepalingen inzake het wegverkeer genoemde verkeerstekens, alsmede voor onderborden voor zover daardoor een gebod of verbod ontstaat of wordt gewijzigd.

  • Op grond van artikel 15, tweede lid, van de Wegenverkeerswet 1994 moet een verkeersbesluit worden genomen indien de maatregelen leiden tot een beperking of uitbreiding van het aantal categorieën weggebruikers dat van een weg of weggedeelte gebruik kan maken.

  • De Algemene wet bestuursrecht (AWB) vereist zorgvuldigheid en belangenafweging bij de totstandkoming van besluiten, waaronder verkeersbesluiten. Artikel 3:2 van de AWB schrijft voor dat het bestuursorgaan de nodige kennis omtrent de relevante feiten en de af te wegen belangen vergaart. Naast de belangenafweging bepaalt artikel 3:4 van de AWB dat de voor een of meer belanghebbenden nadelige gevolgen niet onevenredig mogen zijn in verhouding tot de met het besluit te dienen doelen.

  • Artikel 21 van het BABW bevat voorschriften omtrent de motivering van verkeersbesluiten. Het verkeersbesluit moet in ieder geval weergeven welke doelstelling of doelstellingen met het verkeersbesluit worden beoogd. Daarbij moet worden aangegeven welke van de in artikel 2, eerste en tweede lid van de Wegenverkeerswet 1994 genoemde belangen ten grondslag liggen aan het besluit. Indien tevens andere van die belangen in het geding zijn, wordt voorts aangegeven op welke wijze de belangen tegen elkaar zijn afgewogen.

Artikel 2 van de Wegenverkeerswet noemt de volgende doelen:

  • 1.

    In eerste instantie:

  • a.

    het verzekeren van de veiligheid op de weg;

  • b.

    het beschermen van weggebruikers en passagiers;

  • c.

    het in stand houden van de weg en het waarborgen van de bruikbaarheid daarvan;

  • d.

    het zoveel mogelijk waarborgen van de vrijheid van het verkeer.

  • 2.

    In tweede instantie ook voor:

  • a.

    het voorkomen of beperken van door het verkeer veroorzaakte overlast, hinder of schade alsmede de gevolgen voor het milieu, bedoeld in de Wet milieubeheer;

  • b.

    het voorkomen of beperken van door het verkeer veroorzaakte aantasting van het karakter of van de functie van objecten of gebieden.

  • Overeenkomstig artikel 24 van het Besluit administratieve bepalingen inzake het wegverkeer (BABW) dient overleg te worden gevoerd met de korpschef van de Nationale Politie.

  • De vermelde wegen zijn in eigendom, beheer en onderhoud van de gemeente Haarlemmermeer.

  • Krachtens artikel 18, lid 1 onder d, van de Wegenverkeerswet 1994 worden verkeersbesluiten genomen door het college van B&W. In het Mandaat-, machtiging en volmachtbesluit Haarlemmermeer 2024 is de bevoegdheid tot het nemen en intrekken van verkeersbesluiten een ondermandaat verleend aan de cluster- en teammanagers van de cluster B&O (Beheer & Onderhoud). De maatregelen vallen onder dit ondermandaat.

 

Overwegingen en motivatie

Op 02-12-2024 is een verkeersbesluit genomen (kenmerk XS-24112611.713) voor de maatregelen ten behoeve van het realiseren van een doorfietsroute in De Hoek, Hoofddorp. Een doorfietsroute heeft als doel om reizigers die naar hun werk gaan te verleiden de fiets als vervoersmiddel te gebruiken in plaats van de auto. De parallelle Kruisweg, tussen de Van Heuven Goedhartlaan en de Rijkerstreek, ter hoogte van het bedrijventerrein De Hoek in Hoofddorp is aangepast. Er is ruimte gemaakt voor een doorfietspad in asfalt van 4,00 meter breed in 2 richtingen aan de zijde van de provinciale weg. Fietsers en automobilisten hoeven elkaar niet meer te kruisen op de in- en uitritten van de bedrijven. Met deze maatregelen is de bereikbaarheid voor langzaam verkeer verbetert en de verkeersveiligheid in zijn totaliteit te gegarandeerd.

De gerealiseerde doorfietsroute betreft het gedeelte van de parallelle Kruisweg tussen de tunnel vanuit de Van Heuven Goedhartlaan tot aan de Rijkerstreek. In het verkeersbesluit d.d. 02-12-2024 is de oversteek van de doorfietsroute over de parallelle Kruisweg ter hoogte van Kruisweg 759 buiten het verkeersbesluit gehouden omdat er nader onderzoek nodig was naar de verkeersveiligheid van dit kruispunt tussen (brom)fietsers en gemotoriseerd verkeer. De doorfietsroute steekt namelijk schuin de parallelle Kruisweg over.

Het ontwerp van de oversteek van de doorfietsroute over de parallelle Kruisweg is al enige tijd geleden vastgelegd. Op een doorfietsroute is het uitgangspunt om (brom)fietsers in de voorrang over een kruispunt over te laten steken en dat de route vloeiend verloopt; dus zonder scherpe bochten. In principe wordt een weg altijd haaks overgestoken, maar vanwege grondeigendommen en de constructie van de bestaande fietstunnel onder de Van Heuven Goedhartlaan is de oversteek schuin ontworpen.

Het gaat hier om een stukje verbindingsweg van de parallelle Kruisweg waarbij er alleen verkeer vanuit de Van Heuven Goedhartlaan kan komen. Vanaf de N201 kan de parallelle Kruisweg dus niet bereikt worden. En vanuit de parallelle Kruisweg kan het verkeer uitsluitend rechtsaf de N201 op, dus niet rechtsaf de N201 op of rechtdoor de Van Heuven Goedhartlaan op. Al met al rijdt hier zeer weinig verkeer. Dit stukje verbindingsweg van de parallelle Kruisweg is bovendien zodanig ontworpen dat de snelheid van het gemotoriseerde verkeer laag zijn. In het ontwerp zit namelijk een slinger en sluit aan op het kruispunt t.h.v. huisnummer 757 waar een voorrangsregeling op zit.

In het aanvankelijke ontwerp was de voorrang van de oversteek van de doorfietsroute over de parallelle Kruisweg geregeld met voorrangsborden B6 in combinatie met haaientanden. Echter wordt uit verkeersveiligheidsoogpunt nu voorgesteld om een stopverplichting in te stellen. Er komen daarom borden B7 te staan in combinatie met stopstrepen. Als men vóór de stopstreep stilstaat is het maar een paar graden meer dan 90 graden omkijken om te zien of er (brom)fietsers aankomen. Bovendien is er minimaal 50 meter zicht waarmee het kruispunt, ondanks dat deze schuin ligt, toch verkeersveilig is.

Met de maatregelen wordt beoogd de bereikbaarheid voor langzaam verkeer te verbeteren en de verkeersveiligheid in zijn totaliteit te garanderen.

Maatregelen (bebording en belijning)

In het verkeersbesluit d.d. 02-12-2024 zijn de meeste maatregelen m.b.t. de doorfietsroute genomen, waardoor het nu alleen nog gaat om de maatregelen rondom de oversteek van de doorfietsroute over de parallelle Kruisweg ter hoogte van de Kruisweg 759. Hier worden de volgende maatregelen getroffen:

  • 1.

    Het aanduiden van de doorfietsroute als fiets/bromfietspad (plaatsen borden G12a RVV 1990) op de doorfietsroute aan weerszijden van de oversteek over de parallelle Kruisweg;

 

  • 2.

    Het instellen van een stopverplichting (plaatsen borden B7 RVV 1990 en stopstreep artikel 79 RVV 1990) op het kruispunt nabij Kruisweg 759, zodanig dat het verkeer op de parallelle Kruisweg stopt voor de fietsers en bromfietsers op de doorfietsroute. Borden B7 RVV 1990 aan weerszijden van de oversteek worden voorzien van onderborden OB503OB04;

 

  • 3.

    Het instellen van een geslotenverklaring voor fietsen, bromfietsen en gehandicaptenvoertuigen (plaatsen bord C15 RVV 1990) op de parallelle Kruisweg ten westen van de oversteek van de doorfietsroute.

 

Het plaatsen van bord C15 RVV 1990 op de parallelle Kruisweg ten westen van de oversteek van de doorfietsroute is weliswaar niet noodzakelijk in verband met de aanduiding fiets/bromfietspad. Echter om nadrukkelijk te voorkomen dat fietsers, bromfietsers en gehandicaptenvoertuigen richting de N201 rijden wordt dit bord geplaatst.

 

De aan te brengen maatregelen staan aangegeven op de bij dit besluit behorende tekening met het nummer 2024-012-017.

 

Motivering Wegenverkeerswet 1994 (Wvw 1994):

Motivatie van de maatregel geschiedt uit het oogpunt van:

  • artikel 2, lid 1a van de Wegenverkeerswet (Wvw) 1994, het verzekeren van de veiligheid op de weg;

  • artikel 2, lid 1b van de Wegenverkeerswet (Wvw) 1994, het beschermen van weggebruikers en passagiers;

  • artikel 2, lid 1c van de Wegenverkeerswet (Wvw) 1994, het in stand houden van de weg en het waarborgen van de bruikbaarheid daarvan;

  • artikel 2, lid 2a van de Wegenverkeerswet (Wvw) 1994, het voorkomen of beperken van door het verkeer veroorzaakte overlast, hinder of schade alsmede de gevolgen voor het milieu, bedoeld in de Wet milieubeheer;

  • artikel 2, lid 2b van de Wegenverkeerswet (Wvw) 1994, het voorkomen of beperken van door het verkeer veroorzaakte aantasting van het karakter of van de functie van objecten of gebieden.

 

Door de maatregelen wordt van de belangen genoemd in artikel 2 van de Wegenverkeerswet 1994 er een geschaad, namelijk het zoveel mogelijk waarborgen van de vrijheid van het verkeer (lid 1d). Omdat de gevolgen hiervan gering zijn, wegen de met het besluit gediende belangen zwaarder.

 

Belangenafweging

Bewoners

De maatregelen zijn in het belang van bewoners. Er wordt een breed doorfietspad aangelegd aan de zijde van de provinciale weg waardoor fietsers en automobilisten elkaar niet meer hoeven te kruisen op de in- en uitritten van de bedrijven. Dit komt ten goede aan de verkeersveiligheid en de bereikbaarheid.

Bedrijven

De maatregelen hebben geen gevolgen voor bedrijven.

(Doorgaand) gemotoriseerd verkeer

De maatregelen hebben geen gevolgen voor gemotoriseerd verkeer.

Langzaam verkeer

De maatregelen zijn in het belang van langzaam verkeer. Er wordt een breed doorfietspad aangelegd aan de zijde van de provinciale weg waardoor fietsers en automobilisten elkaar niet meer hoeven te kruisen op de in- en uitritten van de bedrijven. Dit komt ten goede aan de verkeersveiligheid en de bereikbaarheid. Doordat de fietsroute in asfalt wordt uitgevoerd wordt dit bovendien een comfortabele fietsroute.

Openbaar vervoer

De maatregelen hebben geen gevolgen voor openbaar vervoer.

Nood- en hulpdiensten

De maatregelen hebben geen gevolgen voor nood- en hulpdiensten.

Parkeerders

De maatregelen hebben geen gevolgen voor parkeerders.

Landbouwverkeer

De maatregelen hebben geen gevolgen voor landbouwverkeer.

Algemeen belang

Met de maatregelen wordt het gebruik van de fietsinfrastructuur gestimuleerd. En omdat fietsers en automobilisten elkaar niet meer hoeven te kruisen op de in- en uitritten van de bedrijven komt dit ten goede aan de verkeersveiligheid en de bereikbaarheid. Dit is in het algemeen belang.

Afweging

Alles afwegende zijn burgemeester en wethouders van mening dat de maatregelen in het algemeen belang zijn en in bijzonder in het belang van langzaam verkeer, maar ook van bewoners. Er worden geen belangen onevenredig geschaad met de voorgestelde maatregelen.

 

Voorbereiding en overleg

Het hele plan is uitgebreid geparticipeerd met de omgeving. Daarnaast is informatie te vinden op diverse websites, waaronder die van de gemeente Haarlemmermeer. Om de rechtstreeks bij het verkeersbesluit betrokken belangen goed af te kunnen wegen verdient het de aanbeveling om, vooral bij complexe en omstreden maatregelen, een voorbereidingsprocedure te volgen. Hier is van afgezien omdat de maatregelen geen complexe maatregelen betreffen en de belangen voldoende in beeld zijn.

Overleg met de Nationale Politie heeft plaatsgevonden in de Werkgroep Verkeer, waarin de door de korpschef gemachtigde medewerker verkeersadvisering, alsmede de Brandweer en Connexxion, vertegenwoordigd zijn. Op 30-04-2024, op 15-10-2024 en op 26-11-2024 is het volledige besluit met betrekking tot de doorfietsroute behandeld in de werkgroep, waarna op 17-12-2024 ook dit laatste aspect is voorgelegd. De leden van de Werkgroep gaan akkoord met de voorgestelde maatregelen.

 

Publicatie

Het besluit wordt gepubliceerd in het digitale Gemeenteblad van Haarlemmermeer.

 

Besluiten

In overeenstemming met de tekening met het nummer 2024-012-017, die een onderdeel is van dit besluit, wordt besloten tot de volgende verkeersmaatregelen:

  • 1.

    Het aanduiden van de doorfietsroute als fiets/bromfietspad door het plaatsen van borden conform model G12a uit bijlage I van het Reglement Verkeersregels en Verkeerstekens (RVV) 1990 op de doorfietsroute aan weerszijden van de oversteek over de parallelle Kruisweg;

 

  • 2.

    Het instellen van een stopverplichting door het plaatsen van borden conform model B7 uit bijlage I van het RVV 1990 en stopstreep conform artikel 79 RVV 1990 op het kruispunt nabij Kruisweg 759, zodanig dat het verkeer op de parallelle Kruisweg stopt voor de fietsers en bromfietsers op de doorfietsroute. Borden conform model B7 RVV 1990 aan weerszijden van de oversteek worden voorzien van onderborden OB503OB04;

 

  • 3.

    Het instellen van een geslotenverklaring voor fietsen, bromfietsen en gehandicaptenvoertuigen door het plaatsen van bord conform model C15 uit bijlage I van het RVV 1990 op de parallelle Kruisweg ten westen van de oversteek van de doorfietsroute;

 

  • 4.

    Dit besluit ter openbare kennis te brengen op 15-1-2024.

 

Burgemeester en Wethouders van Haarlemmermeer

namens dezen,

de gemeentesecretaris,

voor deze,

de teammanager Contract en Uitvoering,

 

B. Wendelgelst

 

 

Terinzagelegging

Het besluit wordt gepubliceerd in het digitale Gemeenteblad van Haarlemmermeer (overheid.nl). Het besluit en de tekening waarop de maatregelen staan aangegeven, liggen gedurende zes weken vanaf de publicatiedatum voor een ieder na een telefonische afspraak ter inzage op werkdagen van 9.00 tot 17.00 uur in het Informatiecentrum van het raadhuis, Taurusavenue 100 in Hoofddorp.

 

Bezwaar

Op grond van de Algemene wet bestuursrecht kan iedereen wiens belang rechtstreeks bij een besluit is betrokken, binnen zes weken na publicatie van dit besluit een met redenen omkleed bezwaarschrift indienen bij het college van Burgemeester en Wethouders van Haarlemmermeer, het cluster Juridische Zaken van het team Ondersteuning, Postbus 250, 2130 AG Hoofddorp. Het indienen van een bezwaarschrift schorst de werking van dit besluit niet. Gelijktijdig met of na het indienen van een bezwaarschrift kan een verzoek om een voorlopige voorziening worden gericht aan de voorzieningenrechter van de Rechtbank Noord-Holland, p/a Arrondissementsrechtbank Haarlem, sector Bestuursrecht Postbus 1621, 2003 BR Haarlem. Een dergelijk verzoek kan pas worden gedaan als het bezwaarschrift is ingediend en onverwijlde spoed, gelet op het betrokken belang, dat vereist. Voor de behandeling van het verzoek wordt een bedrag aan griffierecht geheven.

Naar boven