Gemeenteblad van Moerdijk
| Datum publicatie | Organisatie | Jaargang en nummer | Rubriek |
|---|---|---|---|
| Moerdijk | Gemeenteblad 2025, 167374 | beleidsregel |
Zoals vergunningen, bouwplannen en lokale regelgeving.
Adressen en contactpersonen van overheidsorganisaties.
U bent hier:
| Datum publicatie | Organisatie | Jaargang en nummer | Rubriek |
|---|---|---|---|
| Moerdijk | Gemeenteblad 2025, 167374 | beleidsregel |
Welstand-gebiedscriteria ‘Heijningen’
[Deze regeling is oorspronkelijk vastgesteld door het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Moerdijk en is op 13 maart 2025 bekrachtigd door de gemeenteraad. Dit besluit is bekendgemaakt op 17 april 2025 in Gemeenteblad 2025, 166934.]
Heijningen ligt aan de A29, vlak onder het verkeersknooppunt Sabina. De Oude Heijningsedijk verbindt Heijningen via een viaduct over de A29 met Fijnaart. De Oude Heijningsedijk loopt in het westen door in de Kraaienweg, die toegang geeft via een viaduct naar Helwijk. De Slobbegorsdijk is door de A29 van Heijningen afgesneden en een nieuwe weg, de Verkorting verbindt Heijningen met Dintelmond.
Het grondgebied van de gemeente Moerdijk, waartoe Heijningen behoort, bestaat uit een rivierkleilandschap. Het landschap rondom Heijningen is open met veel weide- en akkerlanden
De occupatiegeschiedenis begint met de oude veenontginningen uit de 12e eeuw. Door het enorme landverlies tijdens de Elisabethsvloed in 1421 zijn in het westen van de gemeente Moerdijk van deze ontginning vrijwel geen sporen meer terug te vinden. Na deze vloed is het gebied opnieuw in gebruik genomen.
De vele kreken in dit landschap werden aan banden gelegd door ze te omgeven met dijken. Zo ontstonden velen polders. De kreken en dijken liggen thans nog duidelijk herkenbaar in het landschap. Langs de oude polders werden kleinere polders toegevoegd; aanwaspolders. De oorspronkelijke structuren met oude polderwegen, verkavelingen en dijken zijn nu nog herkenbaar in het landschap. Daarmee is de poldergeschiedenis beleefbaar gebleven.
Langs vele dijken zijn bebouwingslinten ontstaan. Aan de Oude Heijningsedijk en de Hoge Heijningsedijk staan nog oudere dijkhuizen. De dijken beschermden tegen hoog water, dat via de Vleij naderbij kwam. Deze dijken zijn de dragers van dit landschap waarin, op de hoek tussen deze twee, in 1953 de Scandinavische woningen gebouwd zijn. Na de bouw van deze houten woningen is Heijningen verder uitgegroeid tot een dorp.
1.4. Ruimtelijke karakteristiek Heijningen
Heijningen bestaat uit een T-splitsing van dijken, waarvan de poot van de T in een bocht naar het oosten loopt en onderbroken wordt door de A29. Het dakje van de T gaat via een viaduct over de A29 heen. Tussen de poot van de T en de A29 liggen de Scandinavische huizen en ten westen hiervan ligt een uitbreiding en een sportveld.
2. Gebiedsindeling, gebiedsgerichte criteria en welstandsniveaus Heijningen
De gebiedsgerichte welstandscriteria vormen een beoordelingskader voor bouwinitiatieven. Er wordt een vijftal gebieden benoemd met een specifiek eigen gebiedskarakteristiek. Deze gebieden worden in de volgende paragrafen beschreven, gewaardeerd en tenslotte worden de welstandsniveaus toegekend en de welstandscriteria beschreven. De gebieden zijn:
De beschrijving en de criteria geschieden aan de hand van de aspecten:
In deze categorie gaat het om stedenbouwkundige beeldaspecten. Daarbij gaat het vooral om de situering van een gebouw ofwel de positie van het gebouw in relatie tot de omringende gebouwen en de publieke ruimte.
Tevens wordt de massa en vorm van de gevelopbouw, de kapvorm en het aantal bouwlagen en het materiaal en de kleur van de hoofdvlakken belicht.
Het gaat hier om de compositie van de massa en de verschillende onderdelen. Met name wordt aandacht besteed aan de gevelindeling en de vormgeving van de verschillende gevelelementen. Daarnaast komen onder dit kopje ook de aan- en bijgebouwen aan de orde. Het gaat met name om de karakteristiek van het gebouw als object.
In deze paragraaf gaat het over het materiaalgebruik, de gebruikte kleur en de mate van detaillering, op onderdelen. Er wordt aandacht besteed aan de mate van oorspronkelijkheid / toevoegingen en decoraties.
Na de inventarisatie van de ruimtelijk samenhangende gebieden is voor alle gebieden een ruimtelijk ambitieniveau vastgesteld. Dit ambitieniveau bepaalt de aard en de intensiteit waarmee de bouwplannen aan de diverse criteria zullen worden getoetst.
Afhankelijk van de waarde en gevoeligheid van het gebied is voor elk gebied een niveau vastgesteld: bijzonder (niveau 1), regulier (niveau 2), soepel (niveau 3). In het algemeen geldt: hoe waardevoller de gebiedskarakteristiek, hoe hoger het welstandsniveau. Deze waarde wordt per kern beoordeeld. Op deze manier worden de gebiedseigen waarden met betrekking tot beeldkwaliteit doeltreffend beschermd.
Welstandsniveau 1 is van toepassing op gebieden waar een strikte hantering van criteria noodzakelijk is om de aanwezige cultuurhistorische waarden en beeldbepalende objecten te beschermen. Monumenten vallen altijd onder welstandsniveau 1.
Welstandsniveau 2 is van toepassing op gebieden waar reguliere hantering van de criteria de aanwezige cultuur- historische waarden en beeldbepalende objecten voldoende beschermt.
Welstandsniveau 3 is van toepassing op gebieden waar een soepele hantering van de criteria de aanwezige cultuur- historische waarden en beeldbepalende objecten voldoende beschermt.
2.1. Historische dijklinten (H5)
(de Oude Heijningsedijk en de Hoge Heijningsedijk)
Aan deze ruggengraat van Heijningen liggen de oudste panden. Ruimtelijk loopt de Oude Heijningsedijk door, terwijl een bypass gemaakt is over de A29 (146). Aan deze bypass liggen geen panden.
Hoofdaspecten (plaatsing, massa/vorm, gevelopbouw, materialen/kleuren hoofdvlakken)
Typisch aan de dijkbebouwing is dat de dijken asymmetrisch bebouwd zijn (144). Aan de zijde van de vroegere dreiging van het water staan de dijkhuizen op de kruin van de dijk (10), terwijl aan de veilige kant de boerderijen en andere panden op maaiveld staan (127).
Deze historisch gegroeide dijkbebouwingen zijn opgebouwd uit individuele woonhuizen van één laag (gezien vanaf de dijk) met een kap (151). Elke woning is individueel ontwikkeld en heeft een eigen karakter. Hierdoor is het beeld langs de dijk divers. De panden staan kort op de weg en er is nauwelijks plaats voor een voortuin (17) Wel komen enkele privé stoepjes aan de voorzijden van de panden voor.
Nagenoeg alle panden hebben een zadeldak evenwijdig aan de weg met een schoorsteen (37) De daken bestaan voor het merendeel uit keramische pannen in rode (143) en grijze tinten. De hoofdvlakken zijn uitgevoerd in baksteen.
Sommige panden zijn wit of lichtgeel gekalkt/gestuukt (5, 132).
Door de open lintbebouwing en het gebogen verloop van de dijk is er regelmatig zicht op de zijgevels van de bebouwing vanaf de openbare ruimte c.q. vanaf de straat. Ook is er regelmatig zicht op de achterliggende landerijen. Vaak staan op het achtererf onder aan de dijk bijgebouwen. Een enkele schuur of garage staat aan de weg (31, 50, 141, 142).
Sommige schuren zijn niet van gebakken stenen gebouwd maar van karakteristieke donker bruine houten, brede planken (142). Op de hoek van de twee dijken staat een cafetaria met een plat dak (153). Dit gebouw is niet karakteristiek voor historische dijklinten maar wel een herkenningspunt binnen de kern Heijningen.
Deelaspecten (geledingen, gevelindeling, vormgeving gevelelementen)
Historisch gegroeide panden hebben vaak verticaal gerichte ramen en deuren en dat is hier goed te herkennen. Er zijn meer hoge dan brede ramen met duidelijke gemetselde tussenruimten tussen de afzonderlijke gevelopeningen (38). Hier en daar is er een dakkapel met hellend of vlak dak toegevoegd. De panden hebben geen erkers. Een enkele dakopbouw is zo uitgevoerd dat het lijkt alsof de woning uit twee bouwlagen bestaat (21). Deze woningen zijn niet karakteristiek voor de dijk.
Detailaspecten (materialen, kleuren, detaillering van onderdelen)
Er is overwegend gebruik gemaakt van traditionele materialen, zoals baksteen, keramische pannen en houten details (137, 143). Incidenteel zijn versieringen aan de gevel aangebracht. De meeste panden hebben traditionele kenmerken (zoals glas in loodramen, trasramen en diepe heggen) en gevelindeling. Alle raamkozijnen zijn van hout.
Hoofdaspecten (plaatsing, massa/vorm, gevelopbouw, materialen/kleuren hoofdvlakken)
Deelaspecten (geledingen, gevelindeling, vormgeving gevelelementen)
Bij uitbreidingen aan de voor- en zijkant van het gebouw moet worden gekozen voor materialen en kleuren die reeds gebruikt zijn binnen de architectonische eenheid. Indien materialen niet meer voorhanden zijn, moet worden gezocht naar een materiaal dat in kleur, textuur en maat sterk lijkt op bestaande materialen;
Detailaspecten (materialen, kleuren, detaillering van onderdelen)
2.2. W4 traditionele woonstraten
(Onder aan de Oude Heijningsedijk (26), De Polderstraat (59) De Deventerstraat (117, 118) en de Friesestraat (104-106)
Vlak onder de dijken liggen seriematige uitbreidingen van woningen van na de tweede wereldoorlog. Aan de westzijde liggen nieuwere wijken dan aan de oostzijde van de Hoge Heijningsedijk.
Hoofdaspecten (plaatsing, massa/vorm, gevelopbouw, materialen/kleuren hoofdvlakken)
Deze deelgebieden kennen een eenvoudig patroon van rechte straten met een symmetrisch straatprofiel. Langs deze straten zijn woningen gebouwd, veelal in rijtjes van drie of meer, afgewisseld met dubbele woningen. De rijen staan strak in de rooilijn en hebben in de achtertuinen bijgebouwen en schuren. Het ritme van de woningen binnen een rij wordt in de Deventerstraat, Friesestraat en Veluwestraat aangegeven door de gemetselde schoorstenen, die aan het uiteinde van elk dak en op de scheiding van elke woning binnen een rij gebouwd zijn (117, 118). Alle woningen, met uitzondering van de 1-laags woningen aan de Friesestraat (98, 99), hebben twee bouwlagen met daarop een zadeldak.
De woningen hebben allen een langskap (zadeldak) en zijn opgebouwd uit traditionele materialen (106). Zo hebben ze rode tot zandkleurige bakstenen, grijze of rode pannen en houten kozijnen en deuren in de kleuren beige/wit en donker groen. Alle woningen hebben een voortuin maar geen garage (117). Het parkeren vindt voornamelijk plaats in de openbare ruimte, op straat. Ook de lagere school (70) aan de Polderstraat past ,met haar één bouwlaag hoge gebouw uit baksteen met een zadeldak met grijze dakpannen, binnen dit deelgebied.
Deelaspecten (geledingen, gevelindeling, vormgeving gevelelementen)
De panden hebben geen erkers en andere aanbouwen.
De gevelindeling kent tussen sommige woningen een verticaal element in de vorm van een penant (121) in dezelfde baksteen als het hoofdvlak. De voordeuren zitten aan de straatzijde en zijn van hout met een raam. Er zijn geen dakkapellen aanwezig aan de voorzijde van de panden. Op de begane grond bevindt zich 1 voordeur en een groot raam, dat al dan niet verticaal geleed is (104). Op de eerste verdieping bevindt zich eveneens 1 groot, geleed raam en een klein of groter badkamerraam. De kopse kanten van de woning hebben een blinde gevel. De woningen aan de Polderstraat zijn voorzien van houten gevelvlakken aan de voorzijde in een strak ritme (59, 75, 77). De school met haar speelplaats kenmerkt zich door grote klaslokaalramen. Voorts heeft de school een luifel boven de entree, waarover het hoofddak doorloopt (70).
Detailaspecten (materialen, kleuren, detaillering van onderdelen)
De woningen zijn overwegend sober van karakter en er zijn weinig accenten aangebracht in de gevel. Het kleurgebruik van details is overwegend wit of een natuurlijke tint (63, 120).
Hoofdaspecten (plaatsing, massa/vorm, gevelopbouw, materialen/kleuren hoofdvlakken)
Deelaspecten (geledingen, gevelindeling, vormgeving gevelelementen)
Detailaspecten (materialen, kleuren, detaillering van onderdelen)
Aan de Veluwestraat en de Grote Bernadottestraat staan twee-onder-één-kap en vrijstaande Scandinavische woningen.
Hoofdaspecten (plaatsing, massa/vorm, gevelopbouw, materialen/kleuren hoofdvlakken)
Al deze woningen zijn in 1953 gebouwd met gelden vanuit Scandinavië. De gevels zijn oorspronkelijk van hout gemaakt en de zadeldaken zijn bedekt met rode keramische pannen. Naast vrijstaande woningen zijn er ook twee onder één kappers gebouwd. Ook deze zijn nog steeds uit hout gemaakt en per architectonische eenheid in blauw dan wel groen geschilderd (108). Deze woningen zijn 2 verdiepingen hoog en hebben voortuinen en geen garage (93). De vrijstaande woningen zijn voor een groot deel opnieuw opgebouwd uit steen met behoud van de oorspronkelijke vormen en hoogten (112). Slechts één pand staat er nog in traditioneel hout (114). Deze panden bestaan namelijk uit een standaard vorm van een woonhuis van 1 bouwlaag met een zadeldak. Bijzonder is dat aan de achterste helft van één zijkant, het dak doorgetrokken is over de daar aanwezige aanbouw, waarin zich de deur bevindt (110, 113).
Deelaspecten (geledingen, gevelindeling, vormgeving gevelelementen)
Er komen geen aanbouwen, dakkapellen, dakopbouwen, erkers of andere veranderingen aan de panden voor die het silhouet van de woning zouden kunnen veranderen. Wel bevinden zich in de achtertuinen enkele schuurtjes. De gevelindeling van de vrijstaande panden is door heel de gemeente Moerdijk identiek en ziet er als volgt uit (110, 115). Het vooraanzicht wordt bepaald door één enkele raam midden in het vlak van de benedenverdieping met daarboven twee kleinere ramen op de bovenverdieping, onder de schuine helling van het zadeldak. De voordeur, die zich in de geïntegreerde aanbouw bevindt, wordt bereikt d.m.v. een trapje (115). De zijgevel aan deze zijde heeft wederom één raam op de opgetilde begane grond en een vierkant klein WC raampje in de aanbouw.
De twee-onder-één-kappers hebben per woning 2 vierkante ramen op de bovenverdieping en 1 vierkant raam naast de voordeur en 1 op de zijgevel (96). De voordeur is voorzien van een ranke luifel, die op twee eveneens ranke pilaren in de voortuin rust (92).
Detailaspecten (materialen, kleuren, detaillering van onderdelen)
De vierkante ramen zijn soms wel, soms niet geleed in twee rechtopstaande vlakken. De kozijnen zijn allemaal van hout (97).
Hoofdaspecten (plaatsing, massa/vorm, gevelopbouw, materialen/kleuren hoofdvlakken)
Deelaspecten (geledingen, gevelindeling, vormgeving gevelelementen)
Detailaspecten (materialen, kleuren, detaillering van onderdelen)
2.4. Individuele woningbouw (W9)
Zowel aan de Polderstraat als aan de Friesestraat staan individueel ontwikkelde woningen. (64, 67, 69, 72, 73, 78-88, 100-103)
Hoofdaspecten (plaatsing, massa/vorm, gevelopbouw, materialen/kleuren hoofdvlakken)
Alle woningen staan aan doorlopende straten tussen rijtjes woningen en twee-ónder-één-kappers in. De meeste woningen hebben 1 bouwlaag met daarop een kap (64, 86, 100). Vele vormen daken, zoals zadeldaken met wolfseinden, samengestelde daken maar ook platte daken, komen voor in Heijningen (64, 85, 103). Alle woningen hebben garages (67, 79). Sommige inpandig, andere los of aan de hoofdmassa gebouwd, met of zonder een kap. Als er een kap op de garage zit, dan is deze met hetzelfde materiaal bedekt als de hoofdkap. Het gaat hier veelal om keramische dakpannen of sneldekkers in rode en grijze tinten. De meeste gevels zijn gemetselde en een enkele van hout of met houten gevelstukken (69, 72, 85, 100).
Deelaspecten (geledingen, gevelindeling, vormgeving gevelelementen)
Erg veel aan- en uitbouwen komen niet voor op deze panden. De meeste voorkomende is de dakkapel, die in vele vormen te vinden is. Geen enkele gevel is blind.
Detailaspecten (materialen, kleuren, detaillering van onderdelen)
De panden zijn overwegend sober gedetailleerd en voorzien van bijvoorbeeld trasramen, dakoverstekken en luiken (64, 68, 80, 86). Veel panden zijn bovendien voorzien van zonweringen.
Hoofdaspecten (plaatsing, massa/vorm, gevelopbouw, materialen/kleuren hoofdvlakken)
Deelaspecten (geledingen, gevelindeling, vormgeving gevelelementen)
Detailaspecten (materialen, kleuren, detaillering van onderdelen)
Aan de Polderstraat liggen sportvelden met de daarbij behorende gebouwen van Voetbal Vereniging Chrislandia (55-58).
Hoofdaspecten (plaatsing, massa/vorm, gevelopbouw, materialen/kleuren hoofdvlakken)
De velden zijn gelegen aan de rand van de kern tegen het landelijk gebied. Hierdoor lopen de velden direct over in het open gebied. Het geheel oogt rustig en groen.
Het 1 bouwlaag hoge gebouw is opgetrokken uit zandkleurige baksteen en heeft een plat dak (57).
Deelaspecten (geledingen, gevelindeling, vormgeving gevelelementen)
De dakrand is voorzien van een wit boeiboord (57). In de gevels zitten enkele grote ramen, deuren en hoge ramen over de gehele breedte van de omkleedruimten (56).
Detailaspecten (materialen, kleuren, detaillering van onderdelen)
De kleuraccenten op deuren, naamgeving en de voor het pand liggende paaltjes zijn blauw (55, 57).
Hoofdaspecten (plaatsing, massa/vorm, gevelopbouw, materialen/kleuren hoofdvlakken)
Deelaspecten (geledingen, gevelindeling, vormgeving gevelelementen)
Detailaspecten (materialen, kleuren, detaillering van onderdelen)
Kopieer de link naar uw clipboard
https://zoek.officielebekendmakingen.nl/gmb-2025-167374.html
De hier aangeboden pdf-bestanden van het Staatsblad, Staatscourant, Tractatenblad, provinciaal blad, gemeenteblad, waterschapsblad en blad gemeenschappelijke regeling vormen de formele bekendmakingen in de zin van de Bekendmakingswet en de Rijkswet goedkeuring en bekendmaking verdragen voor zover ze na 1 juli 2009 zijn uitgegeven. Voor pdf-publicaties van vóór deze datum geldt dat alleen de in papieren vorm uitgegeven bladen formele status hebben; de hier aangeboden elektronische versies daarvan worden bij wijze van service aangeboden.