Besluit van het college tot vaststelling van de Regeling tot wijziging van het Reglement adviescommissie Haags klimaatberaad Den Haag 2024

Toelichting

 

Het college heeft met het Reglement adviescommissie Haag klimaatberaad Den Haag 2024 (RIS319356) onder andere de werkwijze en de taken van de adviescommissie vastgelegd. De motie van de gemeenteraad 'Laat klimaatadviezen niet in de la liggen' (RIS320560) maakt aanpassing van het reglement noodzakelijk. Het betreft dan concreet de behandeling van gevraagde en ongevraagde adviezen van de adviescommissie. Daarnaast zijn een aantal andere aanpassingen noodzakelijk gebleken in de dagelijkse praktijk. Zo vergadert de adviescommissie vaker dan voorzien, er blijkt meer tijd nodig te zijn voor het opstellen van de adviezen. Daarnaast wordt aan de voorzitter een aanvullende vergoeding verstrekt, voor onder andere het opbouwen van een netwerk.

 

Besluitvorming

 

Het college van burgemeester en wethouders van Den Haag,

 

gelet op artikel 84 van de Gemeentewet,

 

besluit vast te stellen de Regeling tot wijziging van het Reglement adviescommissie Haags klimaatberaad Den Haag 2024:

 

Artikel I

Het Reglement adviescommissie Haags klimaatberaad Den Haag 2024 wordt gewijzigd als volgt:

  • A

    Artikel 2 komt te luiden:

    1. De adviescommissie heeft tot taak het college gevraagd en ongevraagd te adviseren over bestaand en nieuw te ontwikkelen beleid op het gebied van klimaat, de evaluatie van dit beleid en over de effecten van klimaatverandering op Den Haag en de inwoners van de stad.

    2. De adviescommissie heeft tot taak om te monitoren op de voortgang van de klimaatdeals uit het Haags klimaatakkoord (RIS318580) uit 2024, en kansen te herkennen voor thema’s en samenwerkingspartners die nog niet zijn aangesloten op het Haags klimaatakkoord in relatie tot verdere uitbreiding van het Haags Klimaatakkoord.

    3. De adviezen zijn openbaar en niet bindend, maar wanneer het college afwijkt van het advies stelt het college de adviescommissie en de Gemeenteraad daar gemotiveerd van op de hoogte.

    4. De invulling en frequentie van de adviezen zal in gezamenlijkheid worden bepaald door de leden en de voorzitter na de instelling van de adviescommissie.

 

  • B

    Artikel 5 komt te luiden:

    Artikel 5. Voorzitter en ambtelijk secretaris

    1. Het college wijst een voorzitter aan.

    2. De leden van de adviescommissie wijzen uit hun midden een plaatsvervangend voorzitter aan.

    3. De ambtelijk secretaris wordt aangesteld vanuit de ambtelijke organisatie van de gemeente Den Haag.

    4. De ambtelijk secretaris is geen lid van de adviescommissie en heeft geen stemrecht, maar neemt wel deel aan de vergaderingen.

 

  • C

    Artikel 8 komt te luiden:

    Artikel 8. Vergoedingen

    1. Elk lid van de adviescommissie ontvangt een vergoeding voor het bijwonen van vergaderingen als benoemd in artikel 10, vierde lid van dit reglement, overeenkomstig de Verordening geldelijke vergoedingen commissieleden niet zijnde raadsleden, conform hoogste tarief C.

    2. De aanwezigheid van een lid blijkt uit de voor de aanvang van de vergadering getekende presentielijst.

    3. De leden declareren deze vergoeding bij de ambtelijk secretaris.

    4. De voorzitter ontvangt maandelijks een aanvullende vergoeding ter hoogte van één keer het bedrag overeenkomstig de Verordening geldelijke vergoedingen commissieleden niet zijnde raadsleden, conform hoogste tarief C.

 

  • D

    Artikel 10 komt te luiden:

    Artikel 10. Vergaderorde en advies

    1. Ieder lid heeft het recht schriftelijke voorstellen te doen, welke bij de voorzitter of ambtelijk secretaris worden ingediend. De voorstellen worden door de voorzitter geagendeerd en meegezonden met de stukken voor de eerstvolgende vergadering, waarin over de voorstellen wordt besloten.

    2. Ieder lid heeft het recht een voorstel betreffende de orde van de vergadering te doen, dat vervolgens door de voorzitter in stemming wordt gebracht.

    3. De adviescommissie kan in overleg met de ambtelijk secretaris derden uitnodigen de vergadering (deels) bij te wonen voor het geven van een deskundige voordracht, toelichting of advies.

    4, De adviescommissie komt per jaar minimaal drie keer en maximaal tien keer bijeen tegen een vergoeding.

    5. De adviescommissie kan op eigen initiatief en naar eigen inzicht, in verschillende hoedanigheden, vaker samenkomen zonder hiervoor een vergoeding te ontvangen.

    6. De vergaderingen van de adviescommissie zijn in beginsel besloten, maar kunnen op besluit van de adviescommissie worden bijgewoond door collegeleden, ambtenaren of andere derden.

    7. Een advies van de adviescommissie is openbaar. Hiervan wordt afgeweken, wanneer in een adviesaanvraag door het college nadrukkelijk om een niet openbaar advies is gevraagd.

 

Artikel II

Deze regeling treedt in werking op de dag na uitgifte in het Gemeenteblad.

 

Den Haag, 8 april 2025

Het college van burgemeester en wethouders,

 

de secretaris,

Ilma Merx

 

de burgemeester,

Jan van Zanen

 

Naar boven