(Deel)subsidieplafonds EFRO Programma West-Nederland 2021-2027MKB Innovatievouchers energietransitie (Utrecht)

 

Artikel 1  

Het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Rotterdam, handelend in hoedanigheid van Beheerautoriteit van het Programma EFRO West-Nederland 2021-2027,

 

Gelet op de artikelen 4:25 en 4:26 van de Algemene wet bestuursrecht (Awb) en artikel 4.2.2 van de Regeling Europese EZK- en LNV-subsidies (REES 2021), maakt binnen de totaal voor de uitvoering van het Programma EFRO West-Nederland 2021-2027 voor projecten beschikbare EFRO-bijdrage van € 200.333.745,00 het volgende (deel)subsidieplafond bekend:

 

(Deel)plafond Kansen voor West III per 19 mei 2025[1]:

 

Prioritaire as 1 van het programma Kansen voor West III 2021-2027: Een slimmer Europa door de bevordering van een innovatieve en slimme economische transformatie:

  • 1.

    Voor prioritaire as 1 van het programma Kansen voor West III 2021-2027: Een slimmer Europa door de bevordering van een innovatieve en slimme economische transformatie een bedrag van 250.000 euro bedoeld voor projecten passend binnen specifieke doelstelling 1.1 Versterking van de onderzoeks- en innovatiecapaciteit en invoering van geavanceerde technologieën, actielijn 1: Het vergroten van het aandeel innovatieve en vermarktbare producten, processen en diensten (valorisatie) en actielijn 3: Het versnellen van de implementatie van innovaties.

     

Dit deelplafond is een afgeleide van het komen tot een economisch evenwichtig programma. Voor aanvragen die worden ingediend onder het plafond, als bedoeld onder 1, gelden de volgende voorwaarden:

 

  • a.

    Aanvragen kunnen worden ingediend met ingang van 19 mei 2025 vanaf 10.00 uur.

  • b.

    De beschikbaar gestelde middelen zijn uitsluitend bedoeld voor aanvragen die gericht zijn op activiteiten voor het versnellen van de ontwikkeling en/of toepassing van innovaties in het kader van de energietransitie passend binnen het beleid van de regionale economische agenda van Utrecht (REA).

  • c.

    Subsidies kunnen slechts worden aangevraagd door in provincie Utrecht gevestigde MKB-bedrijven.

  • d.

    De middelen kunnen uitsluitend worden ingezet voor vouchers als bedoeld in Annex 1.

  • e.

    Subsidies worden verdeeld op volgorde van ontvangst van complete aanvragen en op basis van beoordeling van de aanvraag, met inachtneming van de Regeling Europese EZK- en LNV-subsidies, de Beleidsregel Programma EFRO 2021-2027 West Nederland, en in afwijking daarvan de navolgende bepalingen omtrent de wijze van verdeling:

     

  • i.

    Eerst wordt beoordeeld of de binnengekomen aanvragen compleet zijn. Indien de aanvraag niet compleet is, dan wordt de aanvrager daarvan in kennis gesteld en wordt hem/haar een termijn geboden om dit gebrek te herstellen. Met betrekking tot de verdeling geldt als datum van ontvangst van de aanvraag, de datum waarop de complete aanvraag binnenkomt. De onderlinge rangschikking van complete aanvragen die op één dag door de Beheerautoriteit zijn ontvangen, wordt vastgesteld door middel van loting. Op volgorde van deze aldus vastgestelde rangschikking worden de aanvragen vervolgens beoordeeld.

  • ii.

    In afwijking van artikel 2 lid 1, van Beleidsregel Programma EFRO 2021-2027 West Nederland, wordt geen advies bij de deskundigencommissie ingewonnen, maar worden aanvragen door een apart samengestelde beoordelingsgroep op inhoud beoordeeld.

  • iii.

    In afwijking van artikel 2 lid 1, van Beleidsregel Programma EFRO 2021-2027 West Nederland, vindt beoordeling niet plaats op basis van de in dit artikel beschreven criteria, maar op basis van de criteria genoemd in Annex 1.

  • iv.

    Indien de beoordeling van een aanvraag leidt tot een subsidieafwijzing, wordt de eerstvolgende subsidieaanvraag in behandeling genomen.

  • v.

    De subsidieaanvraag, waarvoor geldt dat integrale inwilliging daarvan zou leiden tot overschrijding van het desbetreffende plafond (inclusief het plafond voor de verschillende type vouchers), zoals weergegeven onder Annex 1, kan gedeeltelijk worden ingewilligd en wel tot het bedrag dat onder het desbetreffende subsidieplafond nog maximaal beschikbaar is, tenzij van de Beheerautoriteit in redelijkheid niet gevergd kan worden dat daartoe wordt overgegaan. Dat kan bijvoorbeeld aan de orde zijn als het resterende bedrag zo beperkt is dat niet verwacht kan worden dat de aanvrager zijn project met die middelen kan uitvoeren. De Beheerautoriteit treedt daarover in overleg met de subsidieaanvrager. Indien de aanvraag wordt ingewilligd, wordt de subsidie verleend onder opschortende voorwaarde dat de desbetreffende subsidieaanvrager genoegzaam aantoont dat de activiteit ook met de lager verleende subsidie kan worden verricht. Daartoe zal de Beheerautoriteit pas overgaan op het moment dat in redelijkheid kan worden verwacht dat de subsidieaanvrager daartoe in staat zal zijn.

  • vi.

    Aanvullende bepalingen verbonden voor het betreffende deelplafond zijn opgenomen in Annex 1.

     

Annex 1: Aanvullende bepalingen openstelling Kansen voor West MKB innovatievouchers Energietransitie

 

De regio Utrecht is een economisch sterke regio die investeert in een duurzame toekomst voor haar inwoners. Utrecht heeft als Heart of Health een sterk profiel op het gebied van innovatie in gezondheid, duurzaamheid en digitalisering. In de regionale economische agenda van Utrecht (REA) is het uitgangspunt dat de regio Utrecht economisch sterk blijft, juist door aandacht te hebben voor maatschappelijke waarde en duurzaam en gezond stedelijk leven voor iedereen.

De grote maatschappelijke opgaven waar Utrecht voor staat, zoals de energietransitie, woningbouw, onderwijs en zorg, vereisen een toekomstbestendig energiesysteem. De energietransitie brengt grote kansen met zich mee, maar ook uitdagingen zoals netcongestie. De groei van duurzame energieopwekking en elektrificatie zorgen voor een steeds zwaardere belasting van het elektriciteitsnet. Hierdoor worden bedrijven, instellingen en huishoudens beperkt in hun verduurzamingsplannen. Vernieuwende concepten en technologische oplossingen die verduurzaming mogelijk maken ondanks netcongestie, of die bijdragen aan het verminderen van netcongestie, zijn daarom essentieel voor een veerkrachtig en efficiënt energiesysteem.

Innovatie is een essentieel onderdeel van de energietransitie. Door nieuwe technologieën en slimme oplossingen te ontwikkelen, kunnen bedrijven en instellingen bijdragen aan een flexibeler en duurzamer energiesysteem. De regio Utrecht heeft een sterke positie in de ontwikkeling van slimme energieoplossingen die digitalisering, automatisering en connectiviteit benutten om energie efficiënter te beheren, verbruiken en opwekken. Wat deze technologieën "slim" maakt, is hun vermogen om te communiceren, gegevens te verzamelen en energiestromen te optimaliseren. Denk aan slimme netwerken die vraag en aanbod van energie beter op elkaar afstemmen, opslagtechnologieën die helpen piekbelasting op individueel of collectief niveau te verminderen, en innovatieve softwareoplossingen die gebruikers efficiënt inzicht geven in hun energieverbruik en -besparingspotentieel.

De doelstelling van deze openstelling is het versnellen van de ontwikkeling en/of toepassing van schaalbare innovaties die bijdragen aan de energietransitie. De doelgroep van de subsidieregeling zijn MKB-bedrijven in de Provincie Utrecht.

 

  • 1.

    Definities en afkortingen

  • 1.1

    Energietransitie: De energietransitie is de overgang van een energiesysteem dat afhankelijk is van fossiele brandstoffen (zoals olie, gas en steenkool) naar een duurzaam, hernieuwbaar en koolstofarm energiesysteem. Dit omvat de grootschalige inzet van hernieuwbare energiebronnen (zoals zonne- en windenergie), energiebesparing, elektrificatie en innovatieve technologieën om de energievoorziening efficiënter en milieuvriendelijker te maken.

     

  • 1.2

    Netcongestie: De situatie waarin de maximale capaciteit van het elektriciteitsnet wordt bereikt, waardoor transportbeperkingen optreden en er spanning- of stroombeperkingen ontstaan. Netcongestie is een grote uitdaging in de energietransitie. Het verminderen van netcongestie draagt daarom bij aan de energietransitie.

  • 1.3

    Duurzame energieopwekking: energieopwekking uit hernieuwbare bronnen waaronder duurzame hernieuwbare grondstoffen, zon, wind, bodem en water.

  • 1.4

    Schaalbare innovatie: Vernieuwingen met potentie om op grotere schaal te kunnen worden toegepast.

  • 1.5

    MKB-bedrijf (vouchernemer): Een onderneming die voldoet aan de definitie van midden- of kleinbedrijf (MKB), zoals opgenomen in aanbeveling van de Europese Commissie 2003/361/EG.

  • 1.6

    Expert: Een expert is (een professional afkomstig van) een organisatie, adviesbureau, kennisinstelling of (MKB-)bedrijf, die relevante kennis en ervaring heeft in een bepaald vakgebied.

  • 1.7

    Economische haalbaarheid: De mate waarin het plan of project financieel levensvatbaar is. Dit houdt in dat de verwachte kosten, inkomsten, investeringen, en opbrengsten zodanig in balans zijn dat het project op een rendabele en duurzame manier kan worden uitgevoerd.

  • 1.8
    • Technische haalbaarheid: De mate waarin het technisch mogelijk is om het plan of project succesvol uit te voeren. Dit houdt in dat de benodigde technologieën, middelen, kennis, en vaardigheden beschikbaar zijn om het project te realiseren zoals gepland.

      1.9 Beoordelingsgroep: onafhankelijke commissie die de Beheerautoriteit advies geeft bij het inhoudelijk beoordelen van de ingediende subsidieaanvragen.

       

       

  • 2. Doelgroep en doel

2.1  Een voucher wordt slechts verstrekt indien de aanvrager aan de volgende voorwaarden voldoet:

  • a.

    de aanvrager is een MKB-bedrijf dat gevestigd is in de provincie Utrecht;

  • b.

    de projectactiviteiten van de aanvrager versnellen de ontwikkeling en/of toepassing van een schaalbare innovatie die bijdraagt aan de energietransitie.

     

2.2 Een adviesvoucher: wordt door de vouchernemer ingezet als financiële ondersteuning voor de inhuur van een expert voor het uitvoeren van (onderzoeks)activiteiten die bijdragen aan versnelde ontwikkeling en/of implementatie van een innovatie.

2.3 Een pilotvoucher: wordt door de vouchernemer ingezet als financiële ondersteuning voor een pilotproject dat bijdraagt aan de ontwikkeling en/of implementatie van een innovatie. Deze moet worden ingezet voor:

(1) De realisatie van een pilotproject om de technische en/of economische haalbaarheid van een innovatie in een experimentele omgeving te testen. Bij voorkeur wordt dit in samenwerking met een lokale expert en/of afnemer gedaan.

 

danwel

 

(2) De realisatie van een pilotproject om de technische en/of economische haalbaarheid van een innovatie in een praktijkomgeving te testen. Bij voorkeur wordt dit in samenwerking met een lokale expert en/of afnemer gedaan.

2.4 Vouchers kunnen slechts gebruikt worden door MKB-bedrijven die voldoen aan de voorwaarden van de de-minimisverordening.

2.5 Een MKB-bedrijf kan maximaal in aanmerking komen voor één adviesvoucher en één pilotvoucher.

 

 

3. Procedure

3.1 Aanvragen kunnen met ingang van 19 mei 2025, digitaal worden ingediend via www.efro-webportal.nl.

3.2 Voor de vouchers geldt een getrapte aanvraagprocedure, waarbij eerst een intakegesprek plaatsvindt met ROM Utrecht Region om te toetsen of het projectidee past bij de MKB innovatievouchers energietransitie. Bij positief advies en akkoordverklaring kan de aanvrager vervolgens de formele aanvraag indienen in het webportaal.

 

3.3 Bij elke aanvraag worden de volgende bescheiden ingediend:

  • a.

    indien adviesvoucher: een recente (< 3 maanden) door een expert uitgebrachte offerte en een beknopt projectplan;

  • b.

    indien pilotvoucher: een projectplan en een projectbegroting;

  • c.

    een door het MKB-bedrijf getekende verklaring de-minimis. Deze is te vinden op https://kvw3.kansenvoorwest.nl/documenten/;

  • d.

    een ondertekende MKB-verklaring( bedrijfsgrootte verklaring). Deze is te vinden op https://kvw3.kansenvoorwest.nl/documenten/;

  • e.

    akkoordverklaring van de ROM Utrecht Region.

3.4 Aanvragen mogen worden ingediend door een intermediair mits deze door de vouchernemer is gemachtigd. Bij de aanvraag dient in dat geval een machtigingsformulier te worden bijgevoegd.

 

  • 4.

    Steunbedrag

4.1 Dit deelplafond bedraagt in totaal 250.000 euro (EFRO) dat in de vorm van subsidies, aan de in dit deelplafond beschreven doelgroep, kan worden verstrekt in overeenstemming met voorwaarden in deze openstelling. Van het totale beschikbare subsidieplafond van 250.000 euro is maximaal 60.000 euro voor adviesvouchers en maximaal 190.000 euro voor de pilotvouchers beschikbaar.

4.2 Een adviesvoucher bedraagt ten hoogste 40% van de goedgekeurde offerte; tot een maximum van 6.000 euro subsidie (de goedgekeurde projectbegroting is dan ten minste 15.000 euro). Het minimumbedrag van de adviesvoucher betreft 3.000 euro subsidie (de goedgekeurde projectbegroting is dan 7.500 euro).

4.3 Een pilotvoucher bedraagt ten hoogste 40% van de goedgekeurde projectbegroting; tot een maximum van 40.000 euro subsidie (de goedgekeurde projectbegroting is dan ten minste 100.000 euro). Het minimumbedrag van de pilotvoucher betreft 20.000 euro subsidie (de goedgekeurde projectbegroting is dan 50.000 euro).

 

 

  • 5.

    Subsidiabele kosten en betaling

5.1 De subsidie wordt uitbetaald op basis van prestatieverantwoording als omschreven in 5.3. Dit betekent dat bij indiening van de aanvraag een offerte of begroting een belangrijk onderdeel is waarin de kosten worden vastgelegd. Kosten die door de beoordelingsgroep zijn goedgekeurd zijn subsidiabel. Voor de adviesvouchers betreft dit de marktconforme kosten van de inhuur van een expert. Voor de pilotvouchers betreft dit marktconforme kosten derden, projectgebonden materiaalkosten en interne projectgebonden personeelskosten.

5.2 Ingeval interne personeelskosten van vouchernemer onderdeel uitmaken van de kosten als bedoeld in 5.1, worden deze kosten berekend op basis van een vast uurloon van 60 euro.

5.3 Bij de verantwoording wordt in een eindrapportage toegelicht welke activiteiten met de voucher zijn gefinancierd, wanneer en wat de resultaten zijn. Deze eindrapportage wordt door de vouchernemer conform een door de Beheerautoriteit beschikbaar gesteld verplicht format aangeleverd en ondertekend door de vouchernemer. Indien het een adviesvoucher betreft moet deze ook ondertekend worden door de expert. Indien het een pilotvoucher betreft moet deze, als het project met meerdere organisaties is uitgevoerd, ook ondertekend worden door organisaties met wie is samengewerkt in het project.

5.4. Kosten die worden gemaakt ten behoeve van het indienen van de aanvraag en het indienen van het verzoek tot vaststelling/ de eindafrekening zijn niet subsidiabel.

 

 

  • 6.

    Beoordelingsprocedure en toewijzing

6.1 De Beheerautoriteit beoordeelt elke ingediende aanvraag op compleetheid. Complete aanvragen worden ter advisering aan de beoordelingsgroep voorgelegd. Deze beoordeelt of de aanvragen passen binnen de inhoudelijke kaders van deze openstelling op basis van de volgende beoordelingscriteria:

  • -

    Voor adviesvoucher:

    • Bijdrage aan het versnellen van de ontwikkeling en/of toepassing van een innovatie die bijdraagt aan de energietransitie;

    • Geschiktheid expert;

    • Kwaliteit van de aanvraag;

    • Onderbouwing van de offerte.

  • -

    Voor pilotvoucher:

    • Bijdrage aan het versnellen van de ontwikkeling en/of toepassing van een innovatie die bijdraagt aan de energietransitie;

    • Schaalbaarheid en potentiële impact van de innovatie;

    • Kwaliteit van de aanvraag;

    • Haalbaarheid van het pilotproject in tijd, personen en middelen;

    • Onderbouwing van de gedetailleerde begroting

       

  • 7.

    Aanvang- en realisatietermijn

7.1 Het project, waarvoor de subsidie is verstrekt, dient binnen 18 maanden na ontvangst van de verleningsbeschikking te worden afgerond, uiterlijk voor 30 juni 2028.

7.2 Verzoek tot vaststelling wordt ontvangen uiterlijk 3 maanden na de opgegeven einddatum van het project, uiterlijk 30 september 2028.

 

 

8.Overige bepalingen

8.1 Deze openstelling vervalt op 31 december 2026 of zoveel eerder als het (deel) subsidieplafond is bereikt met dien verstande dat vanaf die datum geen aanvragen meer kunnen worden ingediend.

 

 

 

Rotterdam, 4 april 2025

 

Burgemeester en Wethouders van de gemeente Rotterdam, in de hoedanigheid van Beheerautoriteit van het Programma Kansen voor West III,

 

Namens deze,

 

 

R.A.C.J. Simons

Wethouder Haven, Economie, Horeca en Bestuur (wijken en kleine kernen)

 

 

Voernoot;

[1] Voor alle hier opgenomen (deel)plafonds geldt dat aanvragen getoetst worden aan het van toepassing verklaarde deel van het Programma EFRO West-Nederland 2021 – 2027. Indien er sprake is van extra vigerend beleid voor een (deel)plafond dan wordt dit voor het betreffende (deel)plafond kenbaar gemaakt op de website www.kansenvoorwest.nl.

 

 

 

 

 

 

 

Naar boven