Raadsbesluit
De raad van de gemeente Hilversum,
gelezen het voorstel van burgemeester en wethouders betreffende de wijziging van artikel 2.4.10a APV inzake de korte verblijfsontzegging d.d. 14 januari 2025 met kenmerk 1539403,
besluit:
1. Artikel 2.4.10a van de Algemene Plaatselijke Verordening als volgt te wijzigen waardoor ten behoeve van de handhaving van de openbare orde in het uitgaansgebied aan overlastgevers een korte verblijfsontzegging van 24 uur kan worden opgelegd:
Artikel 2.4.10a Verblijfsontzeggingen in verband met overlast veroorzakend gedrag.
1. De burgemeester kan in het belang van de openbare orde, het voorkomen of beperken van overlast, het voorkomen of beperken van aantastingen van het woon- of leefklimaat, de veiligheid van personen of goederen, de gezondheid of de zedelijkheid aan een persoon die in een door de burgemeester aangewezen gebied strafbare feiten of openbare orde verstorende handelingen verricht een tijdelijk verbod opleggen om gedurende ten hoogste 24 uren in op een openbare plaats in dat gebied aanwezig te zijn.
2. De burgemeester beperkt het verbod, als hij dat in verband met de persoonlijke omstandigheden van betrokkene noodzakelijk oordeelt.
Aldus vastgesteld in de openbare raadsvergadering van 5 maart 2025.
de griffier, de burgemeester,
A.J. van Meerveld-Hop CMC dr. ir. G.M. van den Top
Toelichting
Algemeen
De gemeente Hilversum wil de veiligheid tijdens uitgaansavonden verbeteren. Het doel is om via een wijziging van de APV een verblijfsontzegging van 24 uur in te voeren, zodat de politie effectiever kan optreden tegen terugkerende overlastgevers. Het huidige artikel 2.4.10a van de APV geeft de burgemeester de bevoegdheid om in geval van ernstige overlast door gebruik van en handel in harddrugs in het uitgaansgebied een verblijfsontzegging op te leggen. Met de voorgestelde aanpassing van artikel 2.4.10a wordt die bevoegdheid verruimd. Met het voorgestelde artikel 2.4.10a kan ook aan andere overlastgevers een verblijfsverbod voor ten hoogste 24 uur worden opgelegd waardoor zij voor die periode terstond uit het uitgaansgebied kunnen worden geweerd.
Reikwijdte
De huidige verblijfsontzegging onder artikel 2.4.10a APV beperkt zich tot overlast door gebruik van en handel in harddrugs. Het voorgestelde artikel 2.4.10a APV heeft een ruimere reikwijdte omdat de verblijfsontzegging ook voor alle overlast gevende feiten kan worden opgelegd, waaronder gebruik van en handel in harddrugs. De voorgestelde wijziging omvat ook gedragingen waarvoor op grond van het huidige artikel 2.4.10a APV een verblijfsverbod kan worden opgelegd. Deze wijziging vergt ook een afzonderlijk aanwijzingsbesluit van de burgemeester waarin het uitgaansgebied waarvoor artikel 2.4.10a zal gelden wordt geconcretiseerd. Dit gebied omvat de in het Integrale Horecabeleid genoemde horeca- concentratiegebieden en de restaurantzone, alsmede het Station Hilversum en het aangrenzende gebied rond het Oosterspoorplein.
Wettelijke grondslag
De burgemeester is al op grond van artikel 172 lid 3 van de Gemeentewet bevoegd om bij verstoring van de openbare orde of bij ernstige vrees voor het ontstaan daarvan, de bevelen te geven die noodzakelijk te achten zijn voor de handhaving van de openbare orde. Dat biedt ook een grond om een verblijfsontzegging te geven. Daarnaast is er onder het huidige artikel 2.4.10a APV een verblijfsontzegging mogelijk voor het gebruik van en handel in harddrugs. Het voorliggende voorstel verruimd dit naar overlast gevend gedrag, de gedragingen worden vastgesteld in een nog volgend uitvoeringsbesluit.