Gezamenlijk Aanwijzingsbesluit overige heffingen Regeling onderlinge samenwerking Drechtstedengemeenten

Het COLLEGE van BURGEMEESTER en WETHOUDERS van de gemeente Sliedrecht;

 

gezien het collegevoorstel inzake (Nieuwe) aanwijsbesluiten gemeentelijke heffingen in verband met de organisatiewijziging bij de gemeente Dordrecht per 1-1-2025;

 

gelet op

  • artikel 1 lid 1 Ambtenarenwet 2017 en artikel 1 lid 2 jo artikel 2, sub b en c van het Uitvoeringsbesluit Ambtenarenwet 2017;

  • de artikelen 232, tweede lid en 246a van de Gemeentewet;

  • artikel 56 van de Algemene wet inzake rijksbelastingen;

  • artikel 63a van de Invorderingswet 1990;

  • artikel 2 lid 1 van het Algemeen mandaatbesluit Dordrecht;

  • de Regeling onderlinge samenwerking Drechtstedengemeenten;

  • het contract tussen de gemeente en UWV alsmede het aansluitprotocol GeVS (Suwinet-lnkijk)

 

B E S L U I T:

vast te stellen het navolgende Gezamenlijk Aanwijzingsbesluit overige heffingen Regeling onderlinge samenwerking Drechtstedengemeenten.

 

 

 

Artikel 1 Aanwijzingen

  • 1.

    De Teamleider Debiteuren (invorderingsambtenaar) van het cluster HR en Financiën van de gemeente Dordrecht is ambtenaar, bedoeld in artikel 232, tweede lid, onderdeel b, van de Gemeentewet.

  • 2.

    De volgende gemeenteambtenaren van het cluster HR en Financiën van de gemeente Dordrecht zijn ambtenaren, bedoeld in artikel 232, tweede lid, onderdeel c, van de Gemeentewet:

    • a.

      Medior medewerker debiteuren

    • b.

      Senior medewerker debiteuren.

  • 3.

    De belastingdeurwaarder van gemeente Dordrecht is ambtenaar, bedoeld in artikel 232, tweede lid, onderdeel d, van de Gemeentewet.

  • 4.

    De volgende functionarissen van het cluster HR en Financiën van de gemeente Dordrecht zijn functionarissen, jegens wie mede gelden de bevoegdheden bedoeld in de artikelen 47, 49 en 50 van de Algemene wet inzake rijksbelastingen en de artikelen 58 en 60 van de Invorderingswet 1990, dan wel bedoeld of van toepassing verklaard in de algemene maatregel van bestuur krachtens artikel 246a van de Gemeentewet, die bestaan jegens de gemeenteambtenaren bedoeld in artikel 232, tweede lid, onder a en b, van de Gemeentewet:

    • a.

      Medior medewerker debiteuren;

    • b.

      Senior medewerker debiteuren.

 

Artikel 2 Verwijzing naar bijlage voor gemeentelijke heffingen

De aanwijzingen als bedoeld in artikel 1 gelden voor de in bijlage 1 genoemde gemeentelijke heffingen.

 

Artikel 3 Intrekking

"Gezamenlijk Aanwijzingsbesluit overige heffingen Regeling onderlinge samenwerking Drechtstedengemeenten" van 1 februari 2022 wordt ingetrokken met ingang van de in artikel 4 genoemde datum van inwerkingtreding, met dien verstande dat het blijft gelden in de jaren waarin het heeft gegolden.

 

Artikel 4 Inwerkingtreding

Dit besluit treedt in werking op de dag na de bekendmaking ervan en werkt terug tot en met 1 januari 2025.

 

Artikel 5 Citeertitel

Dit besluit wordt aangehaald als "Gezamenlijk Aanwijzingsbesluit overige heffingen Regeling onderlinge samenwerking Drechtstedengemeenten".

 

 

 

Aldus vastgesteld door het college van burgemeester en wethouders

van de gemeente Sliedrecht in de vergadering van 18 maart 2025.

de secretaris, de burgemeester,

N.H. Kuiper mca mcm, mr. drs. J.M. de Vries

Bijlage 1 behorende bij Gezamenlijk Aanwijzingsbesluit overige heffingen Regeling onderlinge samenwerking Drechtstedengemeenten

Gemeentelijke heffingen als bedoeld in artikel 2

 

Bezwaarmogelijkheid

Tegen dit besluit kan een belanghebbende binnen zes weken na de dag van bekendmaking van dit besluit een gemotiveerd bezwaarschrift indienen bij het college van burgemeester en wethouders van gemeente Sliedrecht, Postbus 16, 3360 AA Sliedrecht.

 

Naar boven