BESLUIT VERKEERSMAATREGEL Zalmstraat (ROTTERDAM)

De manager Parkeervoorzieningen Stadsbeheer,

 

Overwegende dat,

 

aan de Zalmstraat een GGD is gevestigd;

 

deze GGD veelvuldig wordt bezocht door gehandicapten;

 

het van belang is dat deze gehandicapten de auto zo dicht mogelijk bij de GGD te kunnen parkeren;

 

het ter voorkoming van langparkeerders wenselijk is om een maximale tijdsduur in te stellen;

 

in deze behoefte voorzien kan worden voorzien door de inrichting van twee gehandicaptenparkeerplaatsen met een maximale tijdsduur van 2 uur.

 

Deze maatregel;

 

gelet op artikel 2 van de Wegenverkeerswet, strekt tot:

• het verzekeren van de veiligheid op de weg;

• het beschermen van weggebruikers en passagiers;

• het zoveel mogelijk waarborgen van de vrijheid van het verkeer;

 

de weg is gelegen binnen de bebouwde kom en in beheer van de gemeente Rotterdam;

 

gelet op artikel 18, eerste lid sub d van de Wegenverkeerswet 1994 (WVW 1994), het bepaalde in het Reglement verkeersregels en verkeerstekens 1990 (RVV 1990) en het Besluit Administratieve Bepalingen inzake het Wegverkeer en daartoe bevoegd krachtens door het college van burgemeester en wethouders verleend mandaat;

 

 

overleg heeft plaatsgevonden met de Politie Eenheid Rotterdam, waarbij te kennen is gegeven dat met de voorgestelde verkeersmaatregel wordt ingestemd;

BESLUIT:

• tot het aan de Zalmstraat ter hoogte van pand nummer 3-9, inrichten van twee gehandicaptenparkeerplaatsen , door plaatsing van bord E6 RVV 1990 met een onderbord met de vermelding van een maximale tijdsduur van 2 uur en aangevuld met kruismarkeringen in de parkeervakken.

 

 

 

 

 

Vervolg verkeersbesluit Zalmstraat

 

J. van Maaren

 

 

Belanghebbenden kunnen binnen zes weken na de datum van publicatie tegen dit besluit bezwaar maken. Het bezwaarschrift dient gemotiveerd te zijn en moet worden gericht aan het college van burgemeester en wethouders van Rotterdam, maar te worden ingediend bij de:

Rotterdam, 21 februari 2024

Namens het college van burgemeester en wethouders,

De manager Parkeervoorzieningen Stadsbeheer,

Algemene Bezwaarschriftencommissie

Postbus 1011

3000 BA Rotterdam

Het bezwaarschrift moet ondertekend zijn en bevat tenminste de gronden van het bezwaar, de naam en het adres van de indiener, de dagtekening en een omschrijving van het besluit waartegen het bezwaar zich richt. Het is wenselijk tevens een kopie van dit besluit mee te zenden.

Indien een bezwaar, als hiervoor bedoeld, is ingediend kan tegen betaling van de griffierechten een verzoek om een voorlopige voorziening ingediend worden bij de Arrondissementsrechtbank Rotterdam, sector bestuursrecht, Postbus 50951, 3007 BM Rotterda m.

Naar boven